Boom Strafblad

Article

De beperkte toepasbaarheid van artikel 173a en 173b Sr in de praktijk

Trefwoorden Milieustrafrecht, Gemeengevaarlijke milieudelicten, Vervolging milieudelicten, Bijzondere opsporingsinstanties
Auteurs Mr. M. (Marleen) Velthuis
Auteursinformatie

375416 Mr. M. (Marleen) Velthuis
Marleen Velthuis is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam
  • Samenvatting

      In milieuzaken wordt met enige regelmaat door (bijzondere) opsporingsinstanties een verdenking geuit van overtreding van artikel 173a of 173b Sr. Kort gezegd wordt een (rechts)persoon er dan van verdacht dat hij opzettelijk, of door zijn schuld, een stof in de bodem, lucht of het oppervlaktewater heeft gebracht, waardoor gevaar voor de openbare gezondheid te duchten was. Tot een vervolging voor deze gemeengevaarlijke milieudelicten komt het minder vaak. Bovendien blijkt dat in de zaken waar het Openbaar Ministerie (OM) wel besluit tot vervolging, dit niet zelden tot een vrijspraak leidt. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre de artikelen 173a en 173b Sr in de praktijk met succes worden toegepast en of een uitbreiding of aanpassing van de wetgeving noodzakelijk is in dat licht.

Om de rest van dit artikel te lezen moet u inloggen



Heeft u een registratiecode ontvangen maar nog geen toegang? Activeer dan hier uw code.

Weet u uw wachtwoord niet meer? Nieuw wachtwoord aanvragen.