DOI: 10.5553/TvJr/259035002022004002012

Tijdschrift voor JeugdrechtAccess_open

General Comment

General Comment No. 6: bescherming van alleenstaande minderjarige migranten

Trefwoorden Kinderrechten, Migratie, Alleenstaande minderjarigen, Asiel, Gezinshereniging
Auteurs
DOI
Toon PDF Toon volledige grootte
Auteursinformatie Statistiek Citeerwijze
Dit artikel is keer geraadpleegd.
Dit artikel is 0 keer gedownload.
Aanbevolen citeerwijze bij dit artikel
Dr. mr. N. Ismaili, 'General Comment No. 6: bescherming van alleenstaande minderjarige migranten', Tijdschrift voor Jeugdrecht 2022-2, p. 65-69

Dit artikel wordt geciteerd in

      Het VN-Kinderrechtencomité heeft als taak de naleving van kinderrechten, zoals vastgelegd in het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind, te controleren. Landen die partij zijn bij het Verdrag zijn verplicht iedere vijf jaar te rapporteren aan het VN-Kinderrechtencomité over de kinderrechtensituatie in hun land. Daarnaast vaardigt het Kinderrechtencomité General Comments uit, waarin het duiding geeft aan bepaalde kinderrechten(thema’s). Op dit moment zijn 25 General Comments gepubliceerd die betrekking hebben op onder andere kinderrechten in de vroege kinderjaren (No. 7) of de adolescentie (No. 20), het jeugdstrafrecht (No. 10), het belang van het kind (No. 14) en kinderrechten en internationale migratie (Nos. 22 en 23). In deze rubriek wordt steeds één General Comment uitgelicht.

      In september 2005 werd General Comment No. 6 (GC6) – over de omgang met alleenstaande of ‘gescheiden’ kinderen1x Alleenstaande minderjarigen zijn minderjarigen die van beide ouders en andere naasten gescheiden zijn en die dus in het geheel niet begeleid worden door een volwassene; ‘gescheiden’ kinderen daarentegen zijn minderjarigen die gescheiden zijn van beide ouders of van hun vroegere wettelijke of gebruikelijke hoofdverzorger, maar niet noodzakelijkerwijs van andere familieleden. Hierbij kan het dus gaan om kinderen die door andere volwassen familieleden worden begeleid. in een migratiecontext – aangenomen door het VN-Kinderrechtencomité (het Comité).2x In deze bijdrage wordt wanneer er over een alleenstaande minderjarige wordt geschreven, ook op een gescheiden minderjarige gedoeld. Waar het onderscheid van belang is, wordt dat expliciet vermeld. Hoewel ook grote zorgen bestaan om alleenstaande minderjarigen die in eigen land ontheemd zijn, ziet GC6 alleen op alleenstaande minderjarigen die zich buiten het land van herkomst bevinden. Reden voor het aannemen van GC6 was enerzijds gelegen in de toename van het aantal kinderen in deze situatie en anderzijds in de constatering van het Comité dat er lacunes bestaan in de bescherming van deze groep kinderen. Zo lopen deze kinderen een groter risico op seksuele uitbuiting, kinderarbeid, discriminatie en detentie.3x General Comment No. 6, para. 3.
      GC6 stamt al uit 2005, maar het Comité heeft bij het aannemen van GC6 opgemerkt dat de normen zoals vastgelegd zich verder kunnen ontwikkelen en dat de Verdragsstaten verdergaande rechten en voordelen op basis van internationale of regionale mensenrechtenverdragen, vluchtelingenrecht of humanitair recht kunnen vaststellen.4x General Comment No. 6, para. 4. Daarmee legt GC6 slechts minimumnormen op aan de Verdragsstaten en worden zij door het Comité van harte aangemoedigd verdergaande maatregelen te treffen. Overigens heeft GC6 geenzins aan relevantie ingeboet. Het aantal kinderen in deze situatie loopt nog altijd op, zo waren er in 2021 in de Europese Unie 23.255 asielaanvragen van alleenstaande minderjarigen, een stijging van 72% ten opzichte van 2020, met name door een groot aantal aanvragen van Afghaanse kinderen.5x Zie https://ec.europa.eu/eurostat/web/products-eurostat-news/-/ddn-20220504-1 en voor Nederland zie www.cbs.nl/nl-nl/cijfers/detail/82045NED. In Nederland zijn er momenteel grote capaciteitsproblemen wat betreft opvang en huisvesting voor asielzoekers. In AZC Ter Apel, het landelijke aanmeldcentrum voor alle vluchtelingen die Nederland binnenkomen, zijn momenteel onvoldoende plekken beschikbaar. Recent is door de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd opgemerkt dat de zorg aan alleenstaande minderjarigen in de opvang als gevolg van het tekort aan plekken problematisch is.6x https://nos.nl/collectie/13898/artikel/2433318-inspecties-jonge-asielzoekers-worden-slecht-behandeld-in-azc-s en zie de brief ‘Kinderen in de asielopvang’ van 20 juni 2022 van de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
      GC6 beoogt de normen die het Comité heeft ontwikkeld, te bundelen en te consolideren om zo heldere richtlijnen te kunnen bieden wat betreft de verplichtingen die op staten rusten op grond van het IVRK ten opzichte van deze groep uiterst kwetsbare alleenstaande kinderen. GC6 ziet op een groot aantal verschillende thema’s zoals het recht op bescherming, zorg en huisvesting, onderwijs, de asielprocedure en gezinshereniging. Deze bijdrage zal een samenvattend overzicht van de kernpunten van GC6 bieden.

    • Beschermingsbehoeften van alleenstaande minderjarigen

      Het allereerste dat staten moeten doen om tegemoet te kunnen komen aan de beschermingsbehoeften van alleenstaande minderjarigen, is een zorgvuldige identificatie en vervolgens registratie van het kind. Hierbij moeten zij niet alleen rekening houden met fysieke kenmerken, maar ook psychische rijpheid moet worden meegenomen. Daarbij moeten kinderen het voordeel van de twijfel krijgen omdat zij, in het geval dat zij ­onterecht als volwassene worden aangemerkt, de bijzondere bescherming vanwege hun kwetsbaarheid mislopen.7x Zie ook General Comment No. 23 over de verplichtingen van de Staten betreffende mensenrechten van kinderen in de context van internationale migratie in de landen van herkomst, doorreis, bestemming en terugkeer, para. 3 en 4. In internationale en Europese context zijn richtlijnen opgesteld voor leeftijdsonderzoek.8x Zie bijv. https://rm.coe.int/ageassessmentchildrenmigration/168099529f en zie UNHCR, Guidelines on Policies and Procedures in Dealing with Unaccompanied Children Seeking Asylum via www.unhcr.org/publications/legal/3d4f91cf4/guidelines-policies-procedures-dealing-unaccompanied-children-seeking-asylum.html. Desalniettemin blijft hier veel om te doen, zo loopt nu een zaak voor het EHRM, waarbij de verzoekster door België als meerderjarig is aangemerkt op basis van röntgenfoto’s van haar sleutelbenen, tanden en pols. Door de vreemdeling is gesteld dat bij deze beslissing te zeer is geleund op alleen medische gegevens, waarvan de betrouwbaarheid punt van discussie is.9x EHRM gecommuniceerd op 11 november 2021, zaak. nr. 47836/21 (Fatoumata Diaraye Barry t. België). Het EHRM zal zich hierover moeten buigen.
      Zodra het kind als minderjarige is geïdentificeerd, dient, totdat het kind meerderjarig is geworden, aan het kind een voogd en/of wettelijk vertegenwoordiger toegewezen te worden. De voogd moet zowel geraadpleegd als geïnformeerd worden over alle maatregelen en beslissingen die ten aanzien van het kind worden genomen. Het is daarom noodzakelijk dat de voogd aanwezig kan zijn bij de besluitvormingsprocedures.10x General Comment No. 6, para. 33. De beslissingen die worden genomen, moeten zich richten op een duurzame oplossing voor het kind. Waar het gaat om gescheiden kinderen moet volgens GC6 gekeken worden of het meerderjarige begeleidende familielid eventueel de voogdij op zich kan nemen. De geschiktheid van deze persoon moet wel worden onderzocht en kan in geen geval worden toegewezen als dit niet in het belang van de minderjarige is. Ook moet er toezicht zijn op de kwaliteit van de uitvoering van voogdijmaatregelen. In Nederland is Stichting Nidos op grond van het Burgerlijk Wetboek aangewezen om als onafhankelijke voogdijinstelling de voogdij van alleenstaande minderjarigen vreemdelingen uit te voeren.11x Art. 1:253r BW. Stichting Nidos stelt zichzelf tot doel om de belangen van de minderjarigen te behartigen, waarbij zij streven naar het realiseren van zelfredzaamheid op het moment dat deze minderjarigen de 18-jarige leeftijd bereiken en het begeleiden van de minderjarigen richting perspectief (wat zowel integratie als terugkeer kan zijn).12x Zie www.nidos.nl/home/missie-en-visie-van-nidos/visie-nidos/. In 2020 werden 1286 nieuwe voogdijen uitgesproken en stonden er in totaal 2737 kinderen onder voogdij, zie Jaarverslag Nidos 2020.
      GC6 geeft aan dat er een breed scala aan alternatieven is waar staten uit kunnen kiezen daar waar het de zorg en accommodatie van deze kinderen betreft. Zo kan worden gedacht aan plaatsing in een pleeggezin, plaatsing in een daartoe geschikte instelling of eventueel adoptie.13x General Comment No. 6, para 40. Bij het maken van een keuze moeten staten zo veel mogelijk de continuïteit in de opvoeding waarborgen. In dit licht moeten staten streven naar het zo min mogelijk aanbrengen van wijzigingen in de verblijfplaats. Ook moet rekening worden gehouden met de culturele, religieuze en taalkundige achtergrond van de minderjarige. Broers en zussen moeten vanwege de eenheid van het gezin bij elkaar worden gehouden. In Nederland wordt de opvang voor alleenstaande minderjarigen verzorgd door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (het COA) en door Stichting Nidos. Alleenstaande minderjarigen tot 15 jaar worden doorgaans geplaatst in een opvanggezin. Alleenstaande minderjarigen van 15 jaar en ouder worden tijdens de asielprocedure opgevangen in een zogenaamde procesopvanglocatie onder verantwoordelijkheid van het COA. Op het moment dat alleenstaande minderjarigen een verblijfsvergunning hebben, worden zij doorgeplaatst naar de opvang van Nidos. Wordt hun aanvraag voor een verblijfsvergunning afgewezen, dan worden ze geplaatst in een kleinschalige woonvoorziening onder verantwoordelijkheid van het COA om te werken aan terugkeer.
      Het Comité vereist ook dat staten zorgen dat het recht op toegang tot onderwijs voor deze kinderen te allen tijde wordt gehandhaafd. Dus ook op het moment dat ze nog geen verblijfsstatus hebben. Daarbij moeten staten in het bijzonder oog hebben voor een gelijke toegang tot onderwijs van meisjes en kinderen met een handicap. In Nederland hebben alle minderjarigen, ook alleenstaande minderjarigen, recht op onderwijs totdat zij de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.
      Het recht op toegang tot de gezondheidszorg moet voor alleenstaande minderjarigen gelijk zijn aan het recht dat minderjarige onderdanen van staten zelf hebben.14x General Comment No. 6, para. 46. Daarbij moet in het bijzonder rekening worden gehouden met de omstandigheid dat veel van deze kinderen al trauma’s, verlies en geweld hebben meegemaakt. Zeker de kinderen die uit een oorlogssituatie komen. Ook hierbij geldt volgens het Comité dat met name meisjes vatbaar zijn voor marginalisatie en gendergerelateerd geweld. Staten moeten daarom in het bijzonder aandacht hebben voor hun herstel.
      Staten moeten daarnaast de noodzakelijke maatregelen nemen om te voorkomen dat alleenstaande minderjarigen (opnieuw) worden uitgebuit of misbruikt. Dat kan onder andere door regelmatig te informeren naar hun verblijfplaats en door het initiëren van voorlichtingscampagnes.15x General Comment No. 6, para. 52. Het verdwijnen van alleenstaande minderjarigen is een probleem dat in heel Europa speelt.16x Europol 2021, Situation Report on Criminal Networks Involved in the Trafficking and Exploitation of Underage Victims in the European Union, zie www.europol.europa.eu/cms/sites/default/files/documents/23-11_report_child_trafficking.pdf. Er is daarom een Europese strategie ontwikkeld om kinderhandel tegen te gaan en ook zijn door de Fundamental Rights Agency van de EU aanbevelingen gedaan.17x Zie https://home-affairs.ec.europa.eu/policies/internal-security/organised-crime-and-human-trafficking/together-against-trafficking-human-beings_en en zie https://fra.europa.eu/en/news/2017/strengthen-child-protection-guard-against-trafficking. In Nederland kunnen alleenstaande minderjarige vreemdelingen waarbij op voorhand een reëel vermoeden van voortijdig vertrek is of waar sprake is van een verdachte situatie, in de beschermde opvang worden geplaatst.18x Kamerstuk 28638, nr. 159, brief van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 29 juni 2017. Dat is echter geen vorm van detentie en ook hieruit kunnen dus toch minderjarigen verdwijnen.19x Kamerbrief van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 23 maart 2020, zie: www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/asielbeleid/documenten/kamer stukken/2020/03/23/tk-conclusies-van-twee-onderzoeken-naar-het-vertrek-met-onbekende-bestemming-van-vietnamese-amv-s.
      Een laatste punt dat in GC6 wordt geadresseerd wat betreft algemene beschermbehoeften van alleenstaande minderjarigen is dat zij in beginsel niet in bewaring mogen worden gehouden.20x General Comment No. 6, para. 61. Het feit dat het kind alleen is of dat een verblijfsstatus ontbreekt, rechtvaardigt niet dat het kind wordt vastgezet. Detentie is alleen mogelijk als het in overeenstemming is met de vereisten van artikel 37 van het IVRK: slechts als laatste redmiddel en voor de kortst mogelijke passende duur. In het uiterste geval dat detentie noodzakelijk is, bijvoorbeeld als het gaat om een ex-kindsoldaat die een bedreiging voor de veiligheid van een staat vormt, moeten de detentieomstandigheden worden aangepast aan de belangen van het kind. De plek waar zij verblijven, moet geschikt zijn voor kinderen, zij moeten gedurende de detentie gescheiden worden gehouden van volwassenen en de aangeboden programma’s moeten zijn gericht op zorg en rehabilitatie en niet op detentie. Ze hebben in dat kader recht op zorg, onderwijs, recreatie en bezoek van familie en vrienden.

    • De asielprocedure

      Staten zijn verplicht een goed functionerend asielstelsel op te zetten waarbij de wetgeving specifiek gericht moet zijn op de behandeling van alleenstaande minderjarigen.21x General Comment No. 6, para. 64 e.v. Kinderen moeten ongeacht hun leeftijd toegang hebben tot nationale asielprocedures of andere manieren die tot internationale bescherming kunnen leiden. Zij hebben recht op bijstand om hun belangen te behartigen. Naast de toewijzing van een voogd en/of wettelijk vertegenwoordiger betekent dit dat zij in juridische procedures ook recht hebben op kosteloze bijstand door een advocaat. Asielverzoeken van kinderen moeten met voorrang worden behandeld en staten moeten alles in het werk stellen om snel een beslissing te kunnen nemen. Deze beslissingen mogen alleen worden genomen door instanties met kennis van asielzaken. Afhankelijk van de leeftijd en rijpheid van het kind dienen zij te worden gehoord, waar nodig met behulp van een tolk. Bij deze gesprekken moet de voogd aanwezig zijn. Bij een eventuele afwijzing van de aanvraag moeten zij het recht hebben om in beroep te gaan. Ook op basis van EU-recht, in het bijzonder de Procedurerichtlijn (2013/32/EU), worden aan staten verplichtingen opgelegd wat betreft de behandeling van asielaanvragen van alleenstaande minderjarigen. Het gaat onder andere om toegang tot een asielprocedure, de aanwijzing van een voogd en het horen in een kindvriendelijke setting.22x Zie Artikel 7(4), Artikel 15(3)e en Artikel 25 van Richtlijn 2013/32/EU. Tot nu toe ontbreekt in Nederland wet- of regelgeving die waarborgt of regelt dat een asielaanvraag van een alleenstaande minderjarige met voorrang wordt behandeld. Hun aanvragen komen in principe in hetzelfde traject als dat van een volwassene. Het is vaak afhankelijk van de desbetreffende IND-locatie of de assertiviteit van de voogd of een aanvraag voortvarend wordt behandeld. Wel geregeld is dat de medewerkers van de IND die minderjarigen horen, een training hebben gevolgd. Daarnaast worden minderjarigen tussen de 6 en 12 jaar gehoord in een speciale kinderhoorruimte.23x Zie ook: https://ind.nl/nl/over-ons/achtergrondartikelen/alleenstaande-minderjarige-vreemdelingen.
      Bij de beoordelingen van asielverzoeken van alleenstaande minderjarigen moeten staten een kindgerichte invulling geven aan de defintie van vluchteling zoals vastgelegd in het Vluchtelingenverdrag van 1951. Bij kindspecifieke vormen van vervolging kan worden gedacht aan rekrutering van minderjarigen voor de gewapende strijd, kinderhandel met als doel kinderen in te zetten voor prostitutie of het risico dat meisjes in sommige regio’s lopen op genitale verminking.24x UNHCR 2013, Female Genital Mutilation & Asylum in the European Union. A Statistical Overview, zie: www.unhcr.org/protection/operations/512c8da99/female-genital-mutilation-asylum-european-union-statistical-overview.html. Hiertoe is het vereist dat in de procedure wordt gekeken naar de geschiedenis, cultuur en achtergrond van het kind. Staten moeten inspanningen verrichten om informatie over het land van herkomst te verzamelen. In Nederland publiceert de IND landeninformatie. Deze rapporten, die van groot belang zijn bij asielaanvragen, zijn sinds februari 2021 openbaar.25x Te vinden via de website van de IND.

    • Duurzame oplossingen

      Het ultieme doel bij de omgang met alleenstaande minderjarigen buiten land van herkomst is dat voor hen een duurzame oplossing wordt gevonden die recht doet aan hun specifieke beschermingsbehoeften.
      Het uitgangspunt is dat het zoeken naar een duurzame oplossing begint bij het verkennen van de mogelijkheid tot gezinshereniging.26x General Comment No. 6, para. 79. Daarvoor is het van groot belang dat staten inzetten op het verrichten van opsporingshandelingen. De enige uitzonderingen op die verplichting zijn de situatie dat opsporing niet in het belang van het kind is of van degene die opgespoord wordt. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als de dreiging juist van familieleden uitgaat. Op het moment dat het kind bij terugkeer een reëel risico loopt dat zijn of haar mensenrechten worden geschonden, is gezinshereniging in het land van herkomst niet in het belang van het kind. Dit risico wordt in ieder geval aangenomen als het kind een vluchtelingenstatus krijgt toegekend. Andere omstandigheden die moeten worden meegenomen, zijn veiligheids- en sociaal-economische omstandigheden in het land van herkomst, beschikbaarheid van zorg in het land van herkomst, opvattingen van het kind over terugkeer en mate van integratie in het gastland. Staat vast dat terugkeer naar het land van herkomst niet mogelijk is, dan moet worden onderzocht of gezinsherenging in het gastland tot de mogelijkheid behoort. Als zorg van ouders of andere familieleden bij terugkeer ontbreekt, moeten er vooraf opvang en zorg- en gezagsverantwoordelijkheden zijn geregeld. Ook op basis van EU-recht moet voor de terugkeer van alleenstaande minderjarigen, ook na afwijzing van het asielverzoek, vast komen te staan dat adequate opvang in het land van herkomst beschikbaar is.27x Artikel 10 lid 2 Terugkeerrichtlijn (Richtlijn 2008/115/EG) en HvJ EU 14 januari 2021, zaak nr. C-441/19 (T.Q.). Het Nederlandse beleid m.b.t. alleenstaande minderjarigen lijkt nu niet aan deze vereisten te voldoen, zie Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken, ‘Amv-beleid is (nog steeds) in strijd met EU-Terugkeerrichtlijn’ van 15 april 2022.
      Op het moment dat vast is komen te staan dat terugkeer niet mogelijk is, ofwel op grond van juridische ofwel op grond van praktische redenen, is de volgende optie waar staten naar zouden moeten kijken, de integratie van de alleenstaande minderjarige in het gastland.28x General Comment No. 6, para. 89. In overleg met het kind en de voogd moeten staten dan kijken naar welke regelingen en maatregelen moeten worden getroffen om de integratie makkelijker te maken. Plaatsing bij een gezin heeft de voorkeur boven institutionele zorg. Toegang tot onderwijs, opleiding, werk en zorg moet worden verschaft op gelijke voet als aan onderdanen van eigen land. Waar nodig moet extra begeleiding worden geregeld om dit te kunnen effectueren. Hierbij valt te denken aan taalcursussen. Adoptie behoort ook tot de mogelijkheden.29x General Comment No. 6, para. 91. Maar adoptie kan alleen in beeld komen als met grote zekerheid is vastgesteld dat het kind ook echt geadopteerd kan worden. Oftewel, dat gezinshereniging heeft gefaald.
      Een laatste mogelijkheid is hervestiging van de alleenstaande minderjarige in een derde land.30x General Comment No. 6, para. 92 e.v. Deze mogelijkheid komt echter alleen in beeld als de andere ­alternatieven niet mogelijk zijn. Staten moeten bij beslissingen in dit kader zorgvuldig het belang van het kind hebben beoordeeld. GC6 noemt verschillende factoren waar staten naar moeten kijken, zoals de waarschijnlijke duur van de belemmering die bestaat voor terugkeer naar land van herkomst, recht van het kind om zijn of haar identiteit te behouden, de leeftijd, het geslacht, de emotionele toestand en familiesituatie van het kind, continuïteit van zorg in het gastland en continuïteit in de opvoeding, ook wat betreft etnische, religieuze, culturele of taalkundige achtergrond. Ook in internationale context zijn richtlijnen gemaakt over de hervestiging van alleenstaande minderjarigen, waaruit voortvloeit dat dit een laatste optie is wat betreft de duurzame oplossingen.31x Zie UNHCR, Guidelines on Policies and Procedures in Dealing with Unaccompanied Children Seeking Asylum, zie vt. nt. 9. Hervestiging komt volgens GC6 met name in beeld als methode om een kind te beschermen tegen refoulement (uitzetten naar een gebied waar het kind een risico loopt op een onmenselijke of vernederende behandeling), tegen vervolging of tegen een andere mogelijke schending van zijn of haar mensenrechten.

    • Toepassing GC6 onder druk

      Uit het vorenstaande volgt dat Nederland in het algemeen een groot deel van de vereisten, zoals deze voortvloeien uit het verdrag, en zoals deze ook te vinden in internationaal, Europees en EU-recht, in de nationale wetgeving heeft geïmplementeerd. Het gaat dan onder andere om de toegang tot een asielprocedure, rechtsbijstand, de toewijzing van een voogd en toegang tot onderwijs en gezondheidszorg. Het Comité geeft in zijn periodieke observaties over de implementatie van het IVRK in Nederland aan dat het zeer te spreken is over maatregelen die zijn genomen om gezinshereniging voor alleenstaande minderjarigen te vereenvoudigen en over de plaasting van deze kinderen in kleinschalige opvanglocaties of in een gezinssituatie.32x VN-Kinderrechtencomité, ‘Concluding observations on the combined fifth and sixth periodic reports of the Netherlands’, 9 maart 2022, CRC/C/NLD/CO/5-6, p. 12. Wel is het Comité bezorgd over het verdwijnen van kinderen uit deze locaties en spreekt het Comité zijn zorgen uit over de strenge criteria voor goedkeuring van gezinshereniging van kinderen van wie de ouders onvindbaar zijn. Het Comité doet verschillende aanbevelingen. Zo stellen ze een evaluatie van het gezinsherenigingssysteem voor met het oog op verruiming van de criteria voor hereniging op basis van emotionele banden met andere familieleden of wettelijke voogden. Daarnaast wil het Comité maatregelen die gericht zijn op snelle besluitvorming bij aanvragen voor gezinshereniging binnen de wettelijke maximaal toegestane tijd.33x De IND liet in april weten dat de wettelijke termijnen vaak werden overschreden en besloot daarom minder streng te zijn bij deze aanvragen. Ook moet door Nederland opnieuw gekeken worden naar het aanbieden van duurzame oplossingen aan deze kinderen, zoals een verblijfsstatus, pleegzorg en ondersteuning bij hun maatschappelijke integratie. Tot slot moeten meldingen van het verdwijnen van kinderen uit de opvang onderzocht worden en moeten maatregelen worden genomen ter voorkoming hiervan.
      Daarnaast staan de vereisten zoals vastgelegd in GC6 in Nederland momenteel ernstig onder druk door de situatie met betrekking tot de opvang, zoals hiervoor aangestipt. Het COA stelt dat momenteel de kwaliteit van de opvang door de ondergrens van leefbaarheid en veiligheid zakt.34x Brief van COA aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 22 april 2022 betreffende ‘structurele oplossingen nodig’. Ook de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd merken op dat alleenstaande minderjarigen veel langer op de centrale ontvangstlocatie blijven omdat de doorstroom stokt.35x Brief ‘Kinderen in de asielopvang’ van 20 juni 2022 van de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, p. 3. Zij signaleren dat kinderen daardoor geen of onvoldoende toegang tot onderwijs en zorg hebben. Een ander gevolg van de overbezetting in Ter Apel is dat de belangen van deze minderjarigen niet goed meer kunnen worden behartigd door Stichting Nidos. Tijdens het inspectiebezoek was er bij de centrale ontvangstlocatie voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen een overbezetting van 115 minderjarigen (170 in plaats van 55 minderjarigen). Waar een voogd normaal gesproken ongeveer 27 minderjarigen onder zich heeft, was dat aantal nu 85.
      Door het COA worden de zogenaamde ‘kansrijke’36x Wat wil zeggen dat zij een grote kans hebben op een verblijfsvergunning; bijvoorbeeld Syrische minderjarigen. Zie ook Vluchtelingenwerk, ‘Vluchtelingen in getallen 2021’. alleenstaande minderjarige vreemdelingen versneld doorgeplaatst naar de opvang van Nidos. Maar daardoor ontstaat op de reguliere procesopvanglocaties een vermenging van doelgroepen. Deze vermenging heeft tot gevolg dat de geboden begeleiding niet past bij de fase van het asielproces en daarnaast ontstaat frictie tussen de verschillende groepen. Een andere maatregel is dat het COA noodopvanglocaties heeft opgestart waar ook alleenstaande minderjarige vreemdelingen verblijven. Op deze locaties moeten kinderen soms lang wachten op onderwijs en is ook maar beperkt zorg beschikbaar. De noodopvanglocaties zijn daarnaast van tijdelijke aard, waardoor er continu verplaatsingen zijn.
      Vorenstaande heeft tot gevolg dat deze kinderen te kampen hebben met een hoge mate van stress en soms ook geweld. Er is momenteel geen sprake van continuïteit in de zorg en opvang van deze groep kinderen. Dit levert een extra dreiging voor hun ontwikkeling op. Zowel de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd als de Werkgroep Kind in azc doen aanbevelingen om iets aan de huidige situatie te doen.37x Zie vt.nt. 32 en www.kind-in-azc.nl/wp-content/uploads/2022/06/202206_kindinazc_QuickScan_noodsituatie-op-noodlocatie.pdf. De Werkgroep Kind in azc is een samenwerkingsverband van Defence for Children, Save the Children Nederland, Stichting de Vrolijkheid, UNICEF Nederland en VluchtelingenWerk Nederland. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft aangegeven de kritiek te begrijpen en het kabinet heeft een landelijk crisisorganisatieteam ingesteld om de opvang van asielzoekers te verbeteren.38x Zie www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2022/06/24/kabinet-en-mede overheden-komen-tot-plan-van-aanpak-voor-doorstroming-migratieketen. Hiermee zal hopelijk tegemoet worden gekomen aan de vereisten die, mede op grond van GC6, op Nederland rusten.

    Noten


Print dit artikel