01650076_covr
Rss

PROCES

Meer op het gebied van Criminologie en veiligheid

Over dit tijdschrift  

Meld u zich hier aan voor de attendering op dit tijdschrift zodat u direct een mail ontvangt als er een nieuw digitaal nummer is verschenen en u de artikelen online kunt lezen.

Aflevering 2, 2009 Alle samenvattingen uitklappen
Redactioneel

De eigen verantwoordelijkheid van de rechter

Auteurs Jolande uit Beijerse

Jolande uit Beijerse
Artikel

‘Ketenpartner’ of geketend?

Rechterlijke bemoeienis met de tenuitvoerlegging van sancties

Trefwoorden rechter en deskundigen, reclassering, straftoemeting, tenuitvoerlegging
Auteurs Miranda Boone
SamenvattingAuteursinformatie

    De rechter is slecht op de hoogte van de wijze waarop straffen en maatregelen worden ten uitvoer gelegd en van de wetenschappelijke inzichten omtrent de effectiviteit van sancties, blijkt uit observaties van rechtbank- zittingen en gesprekken met rechters naar aanleiding daarvan. Deze slechte informatiepositie, maar ook de kennisachterstand die de rechter ervaren ten opzichte van de deskundigen in het strafrecht en de praktische organisatie van de strafrechtspleging, leiden ertoe dat de rechter nauwelijks actief invulling geeft aan de bevoegdheden die hij heeft om invloed uit te oefenen op de tenuitvoerlegging van straffen. Om ‘op maat’ te kunnen straffen blijkt de rechter in grote mate afhankelijk van de informatie en voorstellen van reclasseringswerkers en andere gedragsdeskundigen. De vraag dringt zich op hoe die situatie zich verhoudt met de eigen verantwoordelijkheid van de rechter, met name in relatie tot zijn straftoemetingsvrijheid.


Miranda Boone
Miranda Boone is universitair hoofddocent strafrecht en criminologie aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Geruchten, frustraties en verdeeldheid

Belgische strafrechters over de strafuitvoering

Trefwoorden straftoemeting, tenuitvoerlegging, strafuitvoeringsrechtbank, rechters
Auteurs Kristel Beyens en Veerle Scheirs
SamenvattingAuteursinformatie

    Rechters leggen straffen op. Maar in België worden gevangenisstraffen tot zes maanden vaak niet uitgevoerd. In de andere gevallen komt het gros van de veroordeelden voor strafeinde vrij. In welke mate hebben ze kennis van de strafuitvoering? En hoe gaan rechters hier mee om? Beïnvloedt een mogelijke vervroegde invrijheidstelling of niet-uitvoering van de straf hun strafbepaling? Gaan ze met andere woorden langere straffen opleggen om te compenseren voor deze niet – of gedeeltelijke uitvoering van de gevangenisstraf?Om deze vragen te beantwoorden lichten de auteurs eerst het (complexe) Belgische invrijheidsstellingsbeleid toe en wordt er stil gestaan bij de in 2007 opgerichte strafuitvoeringsrechtbanken. Vervolgens wordt op basis van survey-onderzoek, individuele en groepsinterviews met Belgische rechters hun visie op de strafuitvoering in kaart gebracht en de argumentaties met betrekking tot al dan niet compensatorisch gedrag besproken. Het gebruik van verschillende bevragingstechnieken zet de auteurs ook aan tot enkele methodologische reflecties omtrent de onderzoekbaarheid van dit vraagstuk.


Kristel Beyens
Kristel Beyens is hoofddocent bij de vakgroep criminologie, Vrije Universiteit Brussel, Kristel.Beyens@vub.ac.be.

Veerle Scheirs
Veerle Scheirs is wetenschappelijk medewerker bij de vakgroep criminologie, Vrije Universiteit Brussel, Veerle.Scheirs@vub.ac.be.
Praktijk

Onzorgvuldige jeugdzorg?

Auteurs Mariëlle R. Bruning
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze rubriek doen rechters, advocaten, officieren van justitie, reclasseringsmedewerkers en andere beroepsbeoefenaren die werkzaam zijn in de rechtspraktijk, beurtelings verslag van hun ervaringen. Deze keer is dat prof. mr. drs. M.R. Bruning, bijzonder hoogleraar jeugdrecht aan de Universiteit Leiden en programmaleider bij Defence for Children International Nederland. Zij reageert op de brief van de bezorgde jeugdrechtadvocaten.


Mariëlle R. Bruning
Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning is bijzonder hoogleraar Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden en programmaleider bij Defence for Children International Nederland.
Artikel

Van Maatwerk, Standaard, CVOM en de kantonrechter in jeugdstrafzaken

Trefwoorden jeugdstrafrecht, kantonrechter
Auteurs Ad de Beer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de afdoening van jeugdzaken door de kantonrechter beschreven. De auteur, zelf officier van justitie, geeft een aantal voorbeelden van jeugdigen uit zijn praktijk, die geregeld overtredingen plegen. Daaruit blijkt dat bij de afdoening van die zaken verschillende beginselen onder druk staan, zoals het draagkrachtbeginsel en het concentratiebeginsel, terwijl de jeugdige, anders dan bij de berechting van misdrijven, ook het recht op rechtsbijstand ontbeert en geen verschijningsplicht heeft. De kantonrechter wordt niet geïnformeerd over de bekeuringen die via andere wegen bij de jeugdige binnenkomen (bv via de WAHV als hij onverzekerd op een scooter rijdt) en die zich vaak opstapelen. Of hij er bij de straf rekening mee kan houden of niet, berust dan ook vaak louter op toeval.


Ad de Beer
Mr. Ad de Beer is jeugdofficier van justitie te Rotterdam en redacteur van PROCES.

    In deze bijdrage doet de auteur verslag van een door de Vereniging voor Penitentiair Recht en Penologie georganiseerde studiemiddag, waarin zowel aandacht werd besteed aan de juridische als ook aan de menselijke dimensie van buitenlandse detentie en procedure volgens de Wet Overdracht Tenuitvoerlegging Strafvonnissen (WOTS). Een dominee, werkzaam bij de Stichting Epafras, die zich ontfermt over de geestelijke verzorging van Nederlanders in buitenlandse detentie, vertelt iets meer over de achtergrond van deze gedetineerden en het detentieklimaat. De juridische praktijk wordt belicht door een raadsheer bij het Hof Arnhem en door een tweetal advocaten, die veel van deze zaken doen. Hieruit blijkt dat er grote en niet te rechtvaardigen verschillen zijn tussen de rechtbanken onderling in de afdoening van die zaken.


Janine Janssen
Dr. Janine Janssen is bestuurslid van de Vereniging voor Penitentiair Recht en Penologie. Zij is als hoofd onderzoek verbonden aan het Landelijke Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld, dat is ondergebracht bij Politie Haaglanden.

Jolande uit Beijerse