Tvp_omslag_large
Rss

Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade

Meer op het gebied van Burgerlijk (proces)recht

Over dit tijdschrift  
Aflevering 2, 2014 Alle samenvattingen uitklappen
Artikel

Voordeelverrekening na het Verhaeg/Jenniskens-arrest

Trefwoorden Verhaeg/Jenniskens, vergoeding, letselschade, sommenverzekering, Hoge Raad
Auteurs Mr. E.W. Bosch
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 28 november 1969 heeft de Hoge Raad als algemeen uitgangspunt bepaald dat uitkeringen uit hoofde van sommenverzekeringen niet verrekend mogen worden bij de vergoeding van letselschades. De Hoge Raad achtte het bestaan van een sommenverzekering een aangelegenheid die de laedens niet aangaat. De praktijk was echter weerbarstiger.
    Met zijn arrest van 1 oktober 2010 inzake Verhaeg/Jenniskens heeft de Hoge Raad genoemd uitgangspunt genuanceerd. Sinds dit arrest zijn er inmiddels drie jaar verstreken en is er een aantal vonnissen en arresten gewezen. In deze bijdrage wordt onderzocht hoe deze uitspraken zich verhouden tot het arrest uit 2010 en welke invulling de lagere rechter geeft aan de gezichtspunten die door de Hoge Raad zijn geformuleerd.


Mr. E.W. Bosch
Mr. E.W. Bosch is advocaat bij Vogelaar Bosch Spijer Advocaten te Honselersdijk.
Artikel

De schadeclaim van het slachtoffer van strafbare feiten; bruggenbouwer tussen twee rechtsgebieden?

Trefwoorden Slachtoffer, voeging in het strafproces, civiele vordering, financiële afwikkeling, immateriële genoegdoening
Auteurs Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart en Mr. A.J.J.G. Schijns
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel in het strafrecht als in het civiele letselschaderecht is (toenemende) aandacht voor de behoeften van slachtoffers. Bij beide categorieën slachtoffers leven zowel materiële als immateriële behoeften. Toch geven de beide disciplines op eigen wijze invulling aan deze behoeften. In deze bijdrage signaleren de auteurs overeenkomsten en verschillen in de benadering van het slachtoffer in het strafrecht en het civiele letselschaderecht en verkennen zij de mogelijkheden voor kruisbestuiving tussen de beide disciplines. Zij gaan onder andere in op de mogelijkheid om de civiele vordering van de benadeelde partij in het strafproces onder te brengen in een parallel civiel traject.


Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart is advocaat bij de sectie Cassatie van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn en medewerker van dit tijdschrift.

Mr. A.J.J.G. Schijns
Mr. A.J.J.G. Schijns is advocaat bij de sectie Verzekeringen en Aansprakelijkheid van Kennedy Van der Laan en onderzoeker bij het Amsterdam Centre for Comprehensive Law van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Bewijsvoering in de deelgeschilprocedure

Trefwoorden deelgeschil, deelgeschilprocedure, bewijsvoering, deskundigenbericht
Auteurs L.C. Hogeling
SamenvattingAuteursinformatie

    De deelgeschilprocedure bestaat sinds juli 2010. De sindsdien verschenen jurisprudentie geeft een wisselend beeld van het toepassingsbereik. Regelmatig wordt een verzoek afgewezen omdat het zich volgens de rechter niet leent voor behandeling in een deelgeschilprocedure. In een deel van die gevallen ligt de oorzaak voor de afwijzing in het feit dat tijdens de behandeling van het deelgeschil is gebleken dat nadere bewijsvoering nodig is om daarover te kunnen beslissen. De deelgeschilprocedure biedt daartoe slechts beperkt ruimte. In deze bijdrage zal, op basis van de jurisprudentie, worden getracht aan te geven waar de grenzen liggen van de mogelijkheden tot bewijsvoering in een deelgeschilprocedure.


L.C. Hogeling
L.C. Hogeling is student-onderzoeker bij het Amsterdam Centre for Comprehensive Law van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Naar standaardisering van de kosten van de deelgeschilprocedure?

Trefwoorden deelgeschilprocedure, buitengerechtelijke kosten, begroting, proceskosten, redelijkheidstoets, redelijke kosten, BGK, uurtarief, standaardisering, indicatietarieven
Auteurs I.D. Kerekes
SamenvattingAuteursinformatie

    De rechter dient per deelgeschil te beoordelen of en in hoeverre de kosten die een partij stelt te hebben gemaakt in het kader van de procedure als redelijk kunnen worden aangemerkt. In de praktijk blijkt het lastig te ontdekken wat onder ‘redelijke kosten’ dient te worden verstaan. Belangenbehartigers, verzekeraars en rechters hebben de behoefte geuit aan een handvat om de redelijkheid van de kosten te kunnen beoordelen en/of een betere inschatting te kunnen maken van het mogelijke kostenrisico. In de literatuur is betoogd dat standaardisering van de kosten in de deelgeschilprocedure tot meer transparantie en rechtszekerheid zal leiden. Met de evaluatie van de Wet deelgeschillen op komst lijkt dit een geschikt moment om het kostenprobleem en een aantal oplossingen die zijn aangedragen op een rij te zetten.


I.D. Kerekes
I.D. Kerekes is student-onderzoeker aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. De auteur dankt mr. A.J. Van en prof. mr. A.J. Akkermans voor de commentaren op eerdere versies. Voor het onderzoek is tevens dankbaar gebruik gemaakt van een door L.C. Hogeling samengesteld overzicht van uitspraken in deelgeschilprocedures.

    Annotatie bij de uitspraken van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 januari 2014 ( ECLI:NL:GHARL:2014:181, 183 en 185) over de einddatum van toekomstige schade en verhoging van het smartengeld vanwege in de literatuur bestaande discussie.


Mr. L.L. Veendrick
Mr. L.L. Veendrick is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.