Zoekresultaat: 266 artikelen

x
Artikel

Europese ontwikkelingen in het insolventierecht

Een civielrechtelijk perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden harmonisatie, faillissementsrecht, faillissementspauliana, bestuurdersaansprakelijkheid, rangorde van schuldeisers
Auteurs Mr. Y. Diamant
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanuit ‘Europa’ wordt aangestuurd op verdere eenvormigheid van het insolventierecht van de EU-lidstaten. De Europese ontwikkelingen in het insolventierecht worden in dit artikel besproken, waarbij wordt ingezoomd op vier civielrechtelijke onderwerpen: bestuurdersaansprakelijkheid, faillissementspauliana, de positie van zekerheidsgerechtigden en de rangorde van schuldeisers.


Mr. Y. Diamant
Mr. Y. Diamant werkt als jurist bij de divisie Juridische Zaken van De Nederlandsche Bank N.V.
Artikel

Aansprakelijkheids- en verhaalsproblemen rondom een FGR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden beleggingsinstelling, juridisch eigenaar, beheerder, afgescheiden vermogen, beleggingsrestricties
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de vraag hoe men dient te contracteren met een fonds voor gemene rekening (FGR) om zeker te stellen dat het fonds aansprakelijk is voor de uit een dergelijke overeenkomst voortvloeiende verbintenissen en dat verhaal op de activa van het fonds tot de mogelijkheden behoort.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden, Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De afkoelingsperiode in de WHOA

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden wezenlijke schade, herstructureringsdeskundige, art. 376 Fw, voorwaarden, noodzaak
Auteurs Mr. M.R. Schreurs
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de afkoelingsperiode in de WHOA. Aan de hand van de jurisprudentie, het doel van de wetgever en de creditors’ bargain-theorie wordt ingegaan op de vraag wie om de afkoelingsperiode kan verzoeken, in welk stadium dat kan, en aan welke criteria moet worden voldaan voordat een rechtbank tot afkondiging kan overgaan.


Mr. M.R. Schreurs
Mr. M.R. Schreurs is advocaat bij RESOR te Amsterdam.
Wetenschap

De lange arm van art. 54 Fw

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2021
Trefwoorden verrekening, verhaal, faillissement, te goeder trouw, omslagmoment
Auteurs L.F.A. Welling-Steffens
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel geeft de auteur een uiteenzetting van het toepassingsbereik van art. 54 Fw aan de hand van de rechtspraak van de Hoge Raad. Hierbij bespreekt zij kritisch het laatste arrest in die reeks (Eurocommerce) over de toepassing van art. 54 Fw op de uitwinning van een pandrecht gevestigd op een vordering op de pandhouder zelf en geeft zij een analyse van de mogelijke gevolgen van deze uitspraak voor de praktijk.


L.F.A. Welling-Steffens
Dr. mr. L.F.A. (Lilian) Welling-Steffens is Of Council/advocaat bij Greenberg Traurig te Amsterdam. Daarnaast is zij verbonden als gastdocent aan de afdeling Privaatrecht van de Rechtenfaculteit aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Kroniek Pensioenrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2021
Auteurs Bastian Bodewes, Annemiek Cramer, Jan Aart van de Hoef e.a.
Auteursinformatie

Bastian Bodewes
Bastian Bodewes is advocaat bij Van Heest Bodewes Pensioenrechtadvocatuur te Assen.

Annemiek Cramer
Annemiek Cramer is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Amsterdam.

Jan Aart van de Hoef
Jan Aart van de Hoef is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Woerden.

Pascal van Schaik
Pascal van Schaik is advocaat bij AKD N.V. te Amsterdam.

Wim Thijssen
Wim Thijssen is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Amstelveen en tevens verbonden aan het VU Expertisecentrum Pensioenrecht te Amsterdam.
Artikel

De homologatie van een akkoord onder de WHOA

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden insolventierecht, Faillissementswet, herstructurering, WHOA, homologatie
Auteurs Mr. dr. O. Salah
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de homologatie van een akkoord onder de Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). De WHOA trad op 1 januari 2021 in werking. In het eerste kwartaal van 2021 zijn er drie homologatiebeslissingen geweest. De auteur bespreekt deze eerste drie homologatiebeslissingen en schetst daarmee de contouren van de homologatie van een WHOA-akkoord in de praktijk.


Mr. dr. O. Salah
Mr. dr. O. Salah is als advocaat werkzaam bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Het vermogen van een beëindigde rechtspersoon

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden ontbinding, vereffening, rechthebbende, baten, toebehoren
Auteurs Mr. B. van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    Een rechtspersoon kan ophouden te bestaan ondanks de aanwezigheid van baten. Vervolgens is het onduidelijk of het vermogen van de beëindigde rechtspersoon kan blijven bestaan, of dat het met de rechtspersoon eindigt. De auteur komt in dit artikel tot de conclusie dat het vermogen van de beëindigde rechtspersoon kan blijven bestaan.


Mr. B. van der Wal
Mr. B. van der Wal is docent burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Wetenschap en praktijk

Het belang van de klassenindeling onder de WHOA

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2021
Trefwoorden homologatie, dwangakkoord, klassen, rangregeling, priority rule
Auteurs Mr. M.R. van der Zee en Mr. B. Gideonse
SamenvattingAuteursinformatie

    De WHOA biedt de mogelijkheid om een dwangakkoord buiten surseance van betaling of faillissement op te leggen. De schuldenaar of herstructureringsdeskundige legt het akkoord ter stemming voor aan de schuldeisers en aandeelhouders en indien ten minste één klasse van schuldeisers of aandeelhouders vóór het akkoord stemt, kan de rechter het akkoord homologeren. Een juiste klassenindeling is cruciaal voor het al dan niet slagen van een WHOA-traject. In dit artikel wordt ingegaan op de vrijheid die de schuldenaar of herstructureringsdeskundige heeft bij het vormen van de klassenindeling, de rechterlijke toetsing daarvan en de mogelijke consequenties van die toets.


Mr. M.R. van der Zee
Mr. M.R. (Maaike) van der Zee is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag.

Mr. B. Gideonse
Mr. B. (Benjamin) Gideonse is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag.
Artikel

Consultatievoorstel wettelijke kwaliteitsrekening financiële ondernemingen: naar een praktisch alternatief voor een stichting derdengelden?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden betaalinstelling, vermogensscheiding, afgescheiden vermogen, beleggingsonderneming, verhaal
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de achtergrond, opzet en inhoud van het consultatievoorstel voor een wettelijke kwaliteitsrekening voor bepaalde financiële ondernemingen. De auteur signaleert verschillende verbeterpunten en concludeert dat de toegevoegde waarde van het voorstel vooral hierin ligt dat het een praktisch alternatief biedt voor het gebruik van een stichting derdengelden.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar Financieel Recht aan de Universiteit Leiden, Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.

Evelyne Groot
Mr. E.F. Groot is universitair docent Burgerlijk procesrecht & Insolventieprocesrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    Sinds inwerkingtreding van de WAMCA kent de collectieve actie een procedurele tweedeling in een ontvankelijkheidsfase en een inhoudelijke fase. Inhoudelijke behandeling van de vordering vindt ingevolge art. 1018c lid 5 Rv pas plaats indien en nadat de rechter over de ontvankelijkheid heeft beslist. De vraag is in hoeverre de twee fasen los van elkaar kunnen worden gezien, nu elementen van de ontvankelijkheidstoets nauw zijn verweven met de inhoudelijke beoordeling. De auteur maakt een vergelijking met de Amerikaanse federale class action, die een soortgelijke problematiek kent, en betoogt dat een genuanceerde toepassing van art. 1018c lid 5 Rv aangewezen is.


Pim Wissink
Mr. P.G.J. Wissink is promovendus en docent burgerlijk recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Nikola Tesla en de coltrui-CEO: de gevaren van informatiemanipulatie

Vertrouwen van het beleggend of het algemeen publiek?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden marktmisbruik, marktmanipulatie, marktintegriteit, investor confidence, public confidence
Auteurs Mr. M.J. Giltjes
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur betoogt dat met de doelstellingen achter het informatiemanipulatieverbod van de Marktmisbruikverordening wordt beoogd het vertrouwen van het algemeen publiek, in tegenstelling tot slechts het vertrouwen van het beleggend publiek, te waarborgen. Een helder begrip van deze doelstellingen is noodzakelijk voor de effectieve handhaving van het informatiemanipulatieverbod.


Mr. M.J. Giltjes
Mr. M.J. Giltjes is promovendus bij Erasmus Graduate School of Law en fellow van het International Center for Financial law & Governance (ICFG).
Artikel

De WHOA en het contractenrecht

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2021
Trefwoorden WHOA, Contracten, Insolventie, aandeelhoudersovereenkomsten, onderhands akkoord
Auteurs Mr. J.G.A. Struycken
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA) die per 1 januari 2020 in werking is getreden, kan grote implicaties hebben op gesloten contracten. De WHOA introduceert een uniek fenomeen in het Nederlands vermogensrecht: in een situatie buiten faillissement kunnen contractuele aanspraken worden gewijzigd ook als de wederpartij daar zelf niet mee instemt. Clausules die inroepbaar zijn bij initiatie van een schuldeisersakkoord onder de WHOA worden krachteloos. In dit artikel gaat de auteur per soort contract na wat de betekenis van de WHOA is voor dergelijke contractuele relaties en wat de mogelijkheden en de zin ervan zijn om de initiatie van een schuldeisersakkoord onder de WHOA in contracten op te nemen als grond voor beëindiging of om die aan goedkeuring van aandeelhouders te onderwerpen.


Mr. J.G.A. Struycken
Mr. J.G.A. Struycken is partner bij Certa Advocaten in Amsterdam.
Artikel

Access_open Online tussenhandelaren: transparantie en eerlijkheid als geboden

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Onlinetussenhandelsdiensten, E-commerce, Algemene voorwaarden, Transparantie, Opzegging
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 12 juli 2020 geldt EU-Verordening 2019/1150 over onlinetussenhandelsdiensten. Deze Verordening brengt nogal wat wijzigingen voor het gebruik en de omgang met contracten mee voor onlinetussenhandelsdienstverleners en hun klanten. Deze wijzigingen wijken met name op het gebied van de opzegging van overeenkomsten en de inhoud en omgang met algemene voorwaarden op wezenlijke punten af van het Burgerlijk Wetboek. De verschillen met bestaande regelingen in het BW worden besproken, alsook de gevolgen die dat voor het BW zou mogen hebben.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij facily LAW advocatuur in Aalsmeer en adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Zekerheid voor leverancierskrediet

Bespreking van het proefschrift van mr. K.W.C. Geurts

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden pandrecht, Eigendomsvoorbehoud, recht van reclame, zaaksvorming, vermenging
Auteurs Mr. R.C. Faase
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse verstrekker van leverancierskrediet heeft weliswaar een voorrangspositie ten aanzien van de door hem geleverde zaak, maar in principe niet op het surrogaat. Uit het onderzoek van mr. Geurts blijkt dat Duitse, Amerikaanse en Belgische leveranciers sterkere posities hebben. Kunnen de Nederlandse wetgever en rechter de Nederlandse positie heroverwegen?


Mr. R.C. Faase
Mr. R.C. Faase is advocaat bij Dirkzwager te Nijmegen.
Artikel

EU Bank Resolution Framework. A Comparative Study on the Relation with National Private Law

Bespreking van het proefschrift van mr. L.G.A. Janssen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden resolutiekader, privaatrecht, coherentie, harmonisatie, crediteuren
Auteurs Mr. dr. M.L. Louisse-Read
SamenvattingAuteursinformatie

    De regulering van privaatrechtelijke onderwerpen is grotendeels in handen van de nationale wetgevers van de Europese lidstaten. Als gevolg daarvan moet het Europese resolutiekader worden geïnterpreteerd en toegepast op een wijze die consistent is met het nationale privaatrecht.


Mr. dr. M.L. Louisse-Read
Mr. dr. M.L. Louisse-Read is senior jurist bij De Nederlandsche Bank N.V. te Amsterdam en fellow bij het Instituut voor Financieel Recht van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

Niet-preferent concurrent, ofwel lager in rang maar niet achtergesteld

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2020
Trefwoorden preferent-concurrent, non-preferred senior, senior non-preferred, BRRD, MREL
Auteurs Mr. W.J. Horsten
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van een wijziging van een Europese richtlijn kent ons recht sinds eind 2018 voor banken een bijzondere categorie concurrente schulden, aangeduid als ‘niet-preferente concurrente’ schuld. Dit betreft een (sub)categorie concurrente schulden, die in faillissement na gewone concurrente (dan ‘preferent-concurrente’) schulden wordt betaald zonder als ‘achtergesteld’ te worden aangemerkt.


Mr. W.J. Horsten
Mr. W.J. Horsten is advocaat bij Linklaters in Amsterdam.
Rechtsbescherming

De toepasselijkheid van Uniegrondrechten op nationale verdergaande beschermingsmaatregelen

Nadere afbakening van het toepassingsgebied van Uniegrondrechten in het arrest TSN en AKT

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, Uniegrondrechten, algemene beginselen van Unierecht, werkingssfeer van Unierecht, uitvoering van Unierecht
Auteurs Mr. dr. M. de Mol
SamenvattingAuteursinformatie

    De Uniegrondrechten zijn in beginsel van toepassing op nationale maatregelen die vallen binnen een Unierechtelijke bepaling die aan lidstaten een discretionaire bevoegdheid toekent. Het feit dat de lidstaten niet verplicht zijn om gebruik te maken van de bevoegdheid doet hier niet aan af. Hoe zit het echter met Unierechtelijke bepalingen die de lidstaten de ruimte geven om verdergaande bescherming te geven dan het EU-minimum? Als een lidstaat deze mogelijkheid benut door verdergaande bescherming te bieden, zijn de Uniegrondrechten dan ook van toepassing? Het arrest TSN en AKT geeft hierover duidelijkheid.
    HvJ 19 november 2019, gevoegde zaken C-609/17 en C-610/17, ECLI:EU:C:2019:981 (TSN en AKT)


Mr. dr. M. de Mol
Mr. dr. M. (Mirjam) de Mol is raadsheer-plaatsvervanger bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven, onderzoeker aan de Universiteit Maastricht en docent SSR.
Actualia contractspraktijk

Een nieuwe wet, een nieuw geluid – veranderingen voor de franchiseovereenkomst door de Wet franchise

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden franchise, contractenrecht, kwalificatie, goodwill, zorgplicht
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Waarschijnlijk treedt per 1 januari 2021 de Wet franchise in werking. Deze wet brengt nogal wat wijzigingen mee voor de contractspraktijk. In dit artikel wordt bij enkele wezenlijke wijzigingen in de wet stilgestaan en worden denkrichtingen voor de kwalificatie van de overeenkomst, de informatieplicht, de zorgplicht en goodwill en non-concurrentie gegeven.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat onder de naam facily LAW advocatuur, adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten en honorair universitair docent aan de Universiteit Utrecht.
Wetenschap en praktijk

Selectieve betalingen in het zicht van (mogelijke) insolventie – ruim baan voor de bestuurder?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Ontvanger/Roelofsen, faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid, Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., verhaalsfrustratie
Auteurs Mr. L.M. Linskens en Mr. S.C.M. van Thiel
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurder van een bv of nv wordt in tijden van financiële krapte veel vrijheid gegund om zelf te bepalen welke schuldeisers hij wel en welke hij (nog) niet voldoet. Deze vrijheid wordt slechts begrensd door de wet (pauliana) en door de jurisprudentie omtrent selectieve betalingen. Op grond van die jurisprudentie is een bestuurder die in een situatie waarin er blijvend meer schulden dan middelen zijn gelieerde crediteuren boven andere crediteuren behandelt, in beginsel persoonlijk aansprakelijk jegens die andere crediteuren. In de literatuur is bepleit dat deze ‘in beginsel’-regel zou moeten gelden voor alle betalingen die een bestuurder verricht nadat het faillissement van de vennootschap onvermijdelijk is geworden. Uit het arrest Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., dat eerder dit jaar werd gewezen, volgt dat de Hoge Raad hier echter geen aanleiding voor zag. In deze bijdrage staat de vraag centraal of dit betekent dat de Hoge Raad de bestuurder zelfs in een dergelijke situatie nog ruim baan geeft om zijn eigen keuzes te maken. Aan het einde wordt bezien hoe de lagere jurisprudentie tot nu toe hierop heeft gereageerd.


Mr. L.M. Linskens
Mr. L.M. (Lisa) Linskens is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

Mr. S.C.M. van Thiel
Mr. S.C.M. (Stein) van Thiel is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 266 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 13 14
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.