Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 474 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Contracteren x
Praktijk

Consumentenbescherming en uitleg

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2011
Trefwoorden algemene voorwaarden, zwarte lijst, grijze lijst, beëindiging duurovereenkomst, ambtshalve toetsing, Richtlijn 93/13, consumentenbescherming
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse consumentenrecht is uitgebreid met de Wet Van Dam. Deze wet brengt een wijziging aan in de zwarte en grijze lijsten van de artikelen 6:236 en 6:237 BW en beoogt de opzegging van duurrelaties voor de consument te vergemakkelijken. Aan de Wet Van Dam kleven de nodige haken en ogen. Voorts wordt het arrest Pénzügyi Lízing/Schneider van het HvJ EU over de ambtshalve toetsing van oneerlijke bedingen besproken. In dit arrest oordeelde het HvJ EU dat de rechter ambtshalve instructiemaatregelen moet treffen om na te gaan of het litigieuze beding binnen de werkingssfeer van de Richtlijn oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten valt.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Discussie

Europees contractenrecht: an expensive and time-consuming solution looking for a problem

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Groenboek, Europees contractenrecht, consumenten, bedrijven
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes en Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze ‘Impressie’ bespreken Tjittes en Meijer kort het nut en de noodzaak van een Europees contractenrecht. Zij gaan daartoe eerst in op de doelstellingen van een Europees contractenrecht. Immers, bij de beoordeling van nut en noodzaak moet worden bezien of de doelstellingen worden bereikt. Daarna bespreken zij kort de opties die de Europese Commissie voor ogen staan bij de invulling van een Europees contractenrecht. Vervolgens bespreken zij de behoefte van consumenten en bedrijven aan een Europees contractenrecht als optioneel rechtssysteem naast het nationale recht, om ten slotte in de laatste paragraaf tot een paar slotopmerkingen te komen.


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP, hoogleraar Privaatrecht aan de VU en raadsheer-plv. bij het Gerechtshof Arnhem.

Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.

Artikel

Earn-outs: smeerolie voor overname deals?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden earn-out, bedrijfsovername, koper, verkoper
Auteurs Mr. A.M. van Hekesen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het juridische instrument van de earn-out centraal. Allereerst wordt ingegaan op de redenen voor partijen om een earn-out overeen te komen, vervolgens worden verschillende aspecten van de vorm en inhoud van earn-outs besproken. En ten slotte wordt een aantal juridische aandachtspunten van earn-outs behandeld, waaronder de vraag of op de koper een bepaalde inspanningsverplichting kan rusten om te zorgen dat de earn-out targets worden behaald.


Mr. A.M. van Hekesen
Mr. A.M. van Hekesen is bedrijfsjurist bij Philips.
Diversen

Boilerplate-clausules: Ketelbinkie in Contractenland?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden boilerplate, standaard, bepaling, clausule, entire agreement
Auteurs Mr. M. Uijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage legt Martijn Uijen uit wat boilerplate-clausules zijn, waar ze vandaan komen en hoe ze in de Nederlandse contractspraktijk kunnen worden gebruikt. Van twaalf veel voorkomende boilerplate-clausules wordt een voorbeeldtekst gegeven; de voorbeelden worden vervolgens stuk voor stuk geanalyseerd en afgezet tegen de bepalingen van het BW. Bij een contract naar Nederlands recht blijken boilerplate-clausules soms overbodig te zijn en soms onverwachte effecten te hebben. In heel wat gevallen moeten ze bovendien nog gericht worden toegesneden op de Nederlandse verbintenisrechtelijke context. Uijen schetst op welke manier dat het beste kan worden gedaan.


Mr. M. Uijen
Mr. M. Uijen is advocaat bij Höcker.
Praktijk

Bevoegdheid, vertegenwoordiging en informatieplicht: bakens worden verzet

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden EEX-Verordening, schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid, terhandstelling van algemene voorwaarden, dienstverlening
Auteurs Mr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het HvJEU heeft in recente jurisprudentie duiding gegeven aan artikel 5 lid 1 sub b EEX-Vo over de plaats van levering bij koop en de plaats van dienstverlening. De Hoge Raad heeft een landmarkarrest gewezen over de schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Daarnaast is per 1 juli 2010 een nieuw artikel 6:234 BW van kracht geworden. De schrijvers bespreken deze arresten en nieuwe wetgeving en constateren dat de arresten en wetgeving niet alleen vragen beantwoorden, maar ook tot nieuwe vragen leiden.


Mr. T.H.M. van Wechem
Mr. T.H.M. van Wechem is wetenschappelijk adviseur bij Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.

    In Agenda worden lezingen, conferenties en andere evenementen aangekondigd.

    In Agenda worden lezingen, conferenties en andere evenementen aangekondigd.

Artikel

Het richtlijnvoorstel consumentenrechten: quo vadis?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden consumentenrecht, maximumharmonisatie, DCFR, Groenboek Europees contractenrecht
Auteurs Mr. dr. C.A.N.M.Y. Cauffman, Prof. mr. M.G. Faure LL.M. en Prof. mr. T. Hartlief
SamenvattingAuteursinformatie

    Het richtlijnvoorstel consumentenrechten oogstte veel kritiek vooral omdat het gericht was op maximumharmonisatie en omdat onvoldoende rekening werd gehouden met het DCFR. Over de vraag hoe het nu verder moet met het richtlijnvoorstel consumentenkoop lopen de meningen uiteen. Een viertal hoofdstromingen valt aan te wijzen. Zij worden hierna toegelicht. Tevens wordt ingegaan op het probleem van de rechtsgrond voor een instrument van gerichte maximumharmonisatie.


Mr. dr. C.A.N.M.Y. Cauffman
Mr. dr. C.A.N.M.Y. Cauffman is universitair docent Privaatrecht aan de Universiteit Maastricht.

Prof. mr. M.G. Faure LL.M.
Prof mr. M.G. Faure LL.M. is hoogleraar Vergelijkend en Internationaal Milieurecht aan de Universiteit Maastricht.

Prof. mr. T. Hartlief
Prof. mr. T. Hartlief is hoogleraar Privaatrecht aan de Universiteit Maastricht.
Casus

De nieuwe groepsvrijstelling verticale overeenkomsten: de contractspraktijk op de schop?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden mededinging, distributie, groepsvrijstelling, overeenkomst
Auteurs Mr. M.J. van Joolingen en Mr. D.T.A. Noordeloos
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juni jongstleden heeft de Europese Commissie de regelgeving voor verticale overeenkomsten, zoals distributie, franchise en agentuur gewijzigd. In dit artikel zal een toelichting worden gegeven op de voor de praktijk meest belangrijke veranderingen die de komst van de deze nieuwe groepsvrijstelling met zich meebrengt. De nieuwe groepsvrijstelling neemt de contractspraktijk niet op de schop. Er zijn wel een aantal voor de contractspraktijk belangrijke praktische veranderingen doorgevoerd. Ook bestaande overeenkomsten dienen in lijn te worden gebracht met deze nieuwe regelgeving.


Mr. M.J. van Joolingen
Mr. M.J. van Joolingen is advocaat bij Banning te Den Bosch.

Mr. D.T.A. Noordeloos
Mr. D.T.A. Noordeloos is advocaat bij Banning te Den Bosch.

    Bij de uitleg van het Weens Koopverdrag zijn rechters verplicht, op grond van art. 7 lid 1 CISG, om rekening te houden met uitspraken van buitenlandse rechters. Het verdrag moet immers uniform geïnterpreteerd worden. Dit houdt onder meer in dat uitspraken waaraan persuasive authority toekomt door andere rechters gevolgd moeten worden. In de Machinery case uit 2001 overweegt het Duitse Bundesgerichtshof dat algemene voorwaarden in beginsel slechts onderdeel van een overeenkomst kunnen uitmaken indien deze voorwaarden voorafgaand aan of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand zijn gesteld. Mijns inziens komt aan deze uitspraak persuasive authority toe. Het is daarom volkomen terecht dat Nederlandse rechters deze uitspraak volgen. Dit laat onverlet dat de toepasselijkheid van algemene voorwaarden op grond van het Weens Koopverdrag ook kan voortvloeien uit onderhandelingen of uit tussen partijen ontstane gebruiken.


Mr. dr. S.A. Kruisinga
Mr. dr. S.A. Kruisinga is als universitair hoofddocent handelsrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Onevenwichtige contractvoorwaarden bij overheidsaanbestedingen en het beroep op artikel 6:248 lid 2 BW

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden aanbesteding, overheidscontracten, onevenwichtige contractvoorwaarden, beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. S. Mutluer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het door overheidsaanbesteders opleggen van onevenwichtige contractvoorwaarden die een afwijking vormen van breed geaccepteerde standaardvoorwaarden, leidt in de aanbestedingspraktijk geregeld tot ongenoegen van inschrijvers. Aangezien het in de regel gaat om professionele verhoudingen en de jurisprudentie voor dergelijke verhoudingen een sterk belang toekent aan de contractvrijheid en de rechtszekerheid, rijst de vraag of inschrijvers hier contractenrechtelijk iets tegen kunnen ondernemen. In deze bijdrage wordt onderzocht of inschrijvers via een beroep op art. 6:248 lid 2 BW vermeend onevenwichtige contractvoorwaarden na sluiting van het contract door de rechter terzijde kunnen laten schuiven. Tevens wordt de vraag opgeworpen in hoeverre het aanbestedingsrecht grenzen stelt aan die bevoegdheid van de rechter.


Mr. S. Mutluer
Songül Mutluer is als promovenda verbonden aan de afdeling privaatrecht van de Vrije Universiteit Amsterdam en verricht haar promotieonderzoek binnen het onderzoeksprogramma van het VU University Amsterdam, Centre for Law and Governance.
Praktijk

Naschrift

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Weens Koopverdrag, algemene voorwaarden, toepasselijkheid, terhandstelling
Auteurs Mr. dr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In ons artikel in Contracteren 2010/1 signaleerden wij dat de Nederlandse lagere rechtspraak in 2009 en masse een uitspraak van het Duitse Bundesgerichtshof (“BGH”) van 31 oktober 2001 over de toepasselijkheid van algemene voorwaarden onder het Weens Koopverdrag (‘WKV’) omarmde en één-op-één toepaste. Wij zijn van mening dat de uitspraak van het BGH onwenselijk is en van een onjuiste benadering uitgaat. Kruisinga heeft in haar reactie naar aanleiding van ons artikel verdedigd dat het BGH wel van een juiste benadering is uitgegaan en persuasive authority toekomt. Anders dan Kruisinga menen wij dat het arrest van het Bundesrichtshof in de Machinery case uit 2001 persuasive authority mist. De door het BGH gehanteerde argumenten overtuigen ons geenszins. Ook menen wij dat het BGH teveel van de Duitse juridische literatuur is uitgegaan. De rechtspraak over het onderwerp blijft overigens verdeeld. Het wordt daarom tijd dat ons hoogste rechtscollege zich over deze vraag gaat uitlaten. Een punt dat aan het voorgaande logisch voorafgaat voorafgaat betreft de status van de advisory opinions van UNCITRAL in het kader van de uitleg van het WKV. Niettegenstaande dat wij het gebruik van de advisory opinions toejuichen, constateren wij dat de praktijk nog grotendeels hiermee onbekend is. Hun praktische nut is dan ook niet zeer groot.


Mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is wetenschappelijk adviseur bij Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Boekbespreking

R.P.J.L. Tjittes, Uitleg van schriftelijke contracten, Nijmegen: Ars Aequi Libri 2009

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden uitleg van overeenkomsten, redelijke uitleg, positie van derden, contractuele vormgeving van uitleg
Auteurs Prof. mr. A.F. Verdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Verdam bespreekt in zijn bijdrage Tjittes’ monografie Uitleg van schriftelijke contracten. Concluderend meent Verdam dat de monografie een verrijking is voor zowel de praktijkjurist als de meer theoretisch geïnteresseerde jurist. Het biedt een praktisch en mooi gestructureerd overzicht van vele aspecten en uitspraken inzake de uitleg van contractsbedingen, voorzien van interessante beschouwingen en nuanceringen waar velen hun voordeel mee kunnen doen.


Prof. mr. A.F. Verdam
Prof. mr. A.F. Verdam is hoogleraar ondernemingsrecht Vrije Universiteit te Amsterdam en legal advisor bij Philips.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.

Artikel

Grenzen aan de contracteervrijheid van private aanbesteders?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2010
Trefwoorden private aanbesteding, gelijke behandeling, pre-contractuele redelijkheid en billijkheid, aanbestedingsovereenkomst, beperkende werking van redelijkheid en billijkheid
Auteurs Prof. mr. C.E.C. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Het komt in de private contractpraktijk regelmatig voor dat overeenkomsten geheel onverplicht worden aanbesteed. Hoewel private aanbesteders niet gehouden zijn tot naleving van het gereguleerde overheidsaanbestedingsrecht zijn ook zij – in beginsel althans – verplicht de deelnemers aan een aanbestedingsprocedure dezelfde gelijke kans te bieden op het verwerven van de aanbestede opdracht. De grondslag voor die verplichting kan in het verbintenissenrecht worden gevonden. In deze bijdrage wordt die grondslag nader verkend en komt ook de ratio van die verplichting aan de orde. Vervolgens wordt nagegaan of en in hoeverre het verbintenissenrecht zich verzet tegen het uitsluiten door private aanbesteders van die verplichting.


Prof. mr. C.E.C. Jansen
Prof. mr. C.E.C. Jansen is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof Den Bosch. Hij verricht onderzoek binnen het onderzoeksprogramma van het VU University Amsterdam, Centre for Law and Governance.
Praktijk

Oneerlijkheid aan banden: Luxemburg spreekt zich uit vóór consumenten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2010
Trefwoorden consumentenrecht, ambtshalve toetsing, richtlijn oneerlijke bedingen, rapport LOVCK
Auteurs Mr. dr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Krachtens recente rechtspraak van het HvJEU moet de nationale rechter ambtshalve bedingen toetsen op hun eerlijkheid aan hand van de Richtlijn oneerlijke bedingen. Het HvJEU breidt de verplichting ambtshalve te toetsen uit naar andere consumentenbeschermingsrichtlijnen. Om de toetsing nadere sturing te geven heeft een werkgroep van rechters een rapport met aanbevelingen geschreven over de ambtshalve toetsing van Europees consumentenrecht. Schrijvers bespreken de rechtspraak van het HvJEU, het rapport en plaatsen kritische kanttekeningen bij een recent arrest van de Hoge Raad waarin de Hoge Raad niet ambtshalve toetste.


Mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs, redacteur van dit blad en directeur van Law@Work B.V.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is als advocaat werkzaam bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.

    In Agenda worden lezingen, conferenties en andere evenementen aangekondigd.

Column

Het EU-richtlijnvoorstel Gelijke behandeling buiten arbeid: contractsvrijheid en gelijkheidsbeginsel in balans?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2010
Trefwoorden gelijke behandeling buiten arbeid, contractsvrijheid, gelijkheidsbeginsel, discriminatieverbod, aanbieden van goederen en diensten
Auteurs Mr. dr. O.O. Cherednychenko
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 2 juli 2008 publiceerde de Europese Commissie het voorstel voor een richtlijn Gelijke behandeling buiten arbeid. Met dit richtlijnvoorstel wordt beoogd een minimum harmonisatiekader te scheppen voor het verbod van discriminatie op grond van godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd en seksuele gerichtheid buiten de arbeidsmarkt. Het discriminatieverbod is onder andere van toepassing op bedrijven en privépersonen bij het aanbieden van goederen en diensten. Heeft het richtlijnvoorstel echter een balans getroffen tussen contractsvrijheid en gelijkheidsbeginsel? Wat zou het aannemen van het huidige richtlijnvoorstel betekenen voor de Nederlandse contractspraktijk? In deze bijdrage wordt getracht een antwoord op deze vragen te geven.


Mr. dr. O.O. Cherednychenko
Mevrouw mr. dr. O.O. Cherednychenko is universitair docent privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Toont 221 - 240 van 474 gevonden teksten
1 2 8 9 10 12 14 15 16 23 24
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.