Zoekresultaat: 36 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift RegelMaat x Jaar 2018 x
Diversen

De Holocaustwet en alternatieve feiten in Polen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2018
Trefwoorden vrijheid van meningsuiting, wetgeving, rechtsvergelijking, Polen, populisme
Auteurs Prof. mr. dr. S.H. Ranchordás
SamenvattingAuteursinformatie

    In februari 2018 heeft de Poolse senaat een nieuwe wet aangenomen die het illegaal maakt om Polen te beschuldigen van medeplichtigheid bij de vervolging van Joodse burgers tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Poolse regering wil met name een einde maken aan de verwijzingen naar ‘Poolse concentratiekampen’ en de Poolse rol in de ondersteuning van Duits beleid tijdens de Tweede Wereldoorlog.


Prof. mr. dr. S.H. Ranchordás
Prof. mr. dr. S.H. (Sofia) Ranchordás is adjunct-hoogleraar Europees en vergelijkend publiekrecht en Rosalind Franklin Fellow aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Redactioneel

De empathische wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2018
Auteurs Mr. dr. G.J.M. Evers
Auteursinformatie

Mr. dr. G.J.M. Evers
Mr. dr. G.J.M. (Guido) Evers is als jurist werkzaam bij de directie advisering van de Raad van State en momenteel gedetacheerd bij hoofdddirectie bestuurlijke en juridische zaken van het ministerie van infrastructuur en waterstaat. Hij is tevens lid van de redactie van RegelMaat.

Mr. T.C. Borman
Artikel

Empathie in het sociaal domein

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2018
Trefwoorden mensbeeld, beleidstheorie, implementatie, sociale zekerheid
Auteurs Mr. dr. A. Tollenaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan wetgeving ligt altijd een mensbeeld ten grondslag. Het mensbeeld bestaat uit het geheel aan eigenschappen (voorkeuren, vaardigheden, motieven) van degene die door de wet wordt geraakt of beschermd. De mensbeelden kunnen worden onderscheiden in een drietal dimensies: zelfredzaam, bureaucratische vaardigheden en calculerend gedrag. De analyse van de totstandkoming van de wetgeving in de sociale zekerheid leert dat de mensbeelden van verschillende recente wetten verschillend scoren op deze dimensies. Onduidelijk is waar de wetgever zijn mensbeeld op baseert. Bij wetgeving lijken mensbeelden vooral te worden gebruikt om wettelijke voorschriften te legitimeren. Bij de uitvoering van de wetten blijken weer andere mensbeelden te domineren. Dit is ingegeven door enerzijds meer specifieke kennis van de normadressaat (voorschriften worden niet zo streng gehandhaafd als de wetgever zou willen, omdat de handhaving ongewenste effecten heeft) en anderzijds bezuinigingsdrift (waardoor procedurele barrières worden opgeworpen die de wetgever niet voor ogen stonden). Dit geconstateerde verschil tussen uitvoering en wetgeving leidt tot de aanbeveling om bij wetgeving meer kennis over de mensbeelden in de uitvoeringspraktijk te betrekken.


Mr. dr. A. Tollenaar
Mr. dr. A. (Albertjan) Tollenaar is universitair hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De empathische Belastingdienst

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2018
Trefwoorden vertrouwen, adequate klantinteractie, redzaamheid, inclusiviteit
Auteurs Drs. E.M. Nijenhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Om regels na te kunnen leven hebben mensen het nodig vertrouwen te stellen in de overheid: de wetgever en de uitvoeringsinstantie. Basis voor het zich houden aan afspraken is wederzijds vertrouwen. Empathie voedt dit vertrouwen. Zonder begrip voor situaties en emoties die ontstaan bij het (niet-)nakomen van regels of het verkrijgen van rechten keldert het vertrouwen en daarmee de grond voor vrijwillige naleving. Een empathische Belastingdienst leert van belastingplichtigen wat ze nodig hebben bij het zakendoen met de Belastingdienst én trekt zich daar wat van aan. Zo hoopt de Belastingdienst de fiscale redzaamheid te versterken. Uit onderzoek blijkt hoe door die kennis processen verbeteren, waardoor mensen met meer zekerheid hun aangifte doen en toeslagen aanvragen. Ook blijkt wat er lastig is aan het toepassen van die kennis en waar grenzen aan het empathisch vermogen zitten vaak door wet- en regelgeving.


Drs. E.M. Nijenhuis
Drs. E.M. (Edith) Nijenhuis is psycholoog en statisticus en als senior onderzoeker werkzaam bij de afdeling Onderzoek van de Belastingdienst. Zij houdt zich voornamelijk bezig met fiscale redzaamheid. Ze onderzoekt verschillen tussen zelfredzamen, hulpvragend redzamen en onredzamen en hoe de Belastingdienst adequaat op bestaande behoeften en mogelijkheden kan aansluiten. Ze is betrokken bij divers onderzoek onder belastingplichtigen naar meningen over, ervaringen met en motieven bij hun interactie met de Belastingdienst.
Artikel

Access_open Wetgeving in de responsieve rechtsstaat

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2018
Trefwoorden responsieve rechtsstaat, procedurele rechtvaardigheid, gelijkheidsbeginsel, schulden
Auteurs Prof. dr. M. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    De burger is niet een altijd rationeel handelende persoon, zoals de wetgever veronderstelt. Zijn doenvermogen, zoals de WRR het noemt, verschilt soms sterk van dat beeld. Doordat de wetgever van het verkeerde beeld uitgaat, bouwt hij een rechtsstaat op die op papier klopt (bureaucratische rechtsstaat) maar voor de echte burger geen werkelijkheid wordt (geen responsieve rechtsstaat is). Zoals economen inmiddels afstand hebben genomen van het rationele-actormodel, zullen juristen dat ook moeten doen. Wanneer rechtsstaat, recht en overheidsbeleid worden gebaseerd op een beeld van de burger zoals die echt is, wordt de rechtsstaat responsief, en worden wet en beleid doeltreffender.
    In dit artikel wordt geschetst hoe de wetgever invulling kan geven aan de responsieve rechtsstaat. De inzichten uit het recente WRR-rapport en het denken over procedurele rechtvaardigheid leiden daarbij tot een benadering die – in drie lagen verdeeld – aangeeft hoe dat zou kunnen.


Prof. dr. M. Scheltema
Prof. M. (Michiel) Scheltema is regeringscommissaris algemene regels van bestuursrecht. Hij was eerder hoogleraar bestuursrecht en voorzitter van de WRR.
Praktijk

‘De sterke arm’: historische achtergronden van een metafoor

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Aanwijzingen voor de regelgeving, sterke arm, Politiewet, Algemene wet op het binnentreden
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘De sterke arm’ is een vorm van beeldspraak die in diverse wetten voorkomt. Aanwijzing 5.39 van de Aanwijzingen voor de regelgeving geeft een standaardformulering voor gevallen waarin geregeld moet worden dat een bepaalde bevoegdheid ‘zo nodig met behulp van de sterke arm’ wordt uitgeoefend. In deze bijdrage wordt aan de hand van de parlementaire geschiedenis ingegaan op de betekenis van deze uitdrukking. In de jaren negentig zijn veel sterke-armbevoegdheden geschrapt, omdat deze algemeen zijn geregeld in de Algemene wet bestuursrecht, de Algemene wet op het binnentreden en het Wetboek van Strafvordering. Niet altijd wordt onderkend dat die algemene wetten al in sterke-armbevoegdheden voorzien, zodat er op dit punt soms overbodige bepalingen in specifieke wetten terecht zijn gekomen. Onder de ‘sterke arm’ moeten worden verstaan die onderdelen van het staatsapparaat die bevoegd zijn tot geweldgebruik: normaliter de politie, soms onderdelen van de krijgsmacht. Een aardig terminologisch punt is nog dat in vroeger tijden ook wel werd gesproken over ‘de sterke hand’ in plaats van ‘de sterke arm’. Aan het slot van deze bijdrage worden beschouwingen daarover uit de parlementaire geschiedenis aan de vergetelheid ontrukt.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Toegankelijk wetgeven onder de Omgevingswet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden Aanwijzingen, harmonisatie, wetgevingskwaliteit, stelselherziening, Omgevingswet
Auteurs Mr. dr. H.A. Oldenziel en Mr. H.W. de Vos
SamenvattingAuteursinformatie

    Er wordt op dit moment gewerkt aan een nieuw stelsel voor het omgevingsrecht. Een belangrijk verbeterdoel van deze grote wetgevingsoperatie is de vereenvoudiging en harmonisatie van regels. Om daarvoor te zorgen is een leidraad wetgevingskwaliteit opgesteld. Daarin zijn, in aanvulling op de Aanwijzingen voor de regelgeving, vuistregels opgenomen over de structuur en vormgeving van wetgeving en over modern taalgebruik. Enkele van deze vuistregels lenen zich voor bredere toepassing. Deze zouden een plek in de Aanwijzingen kunnen krijgen. Dit zou het harmoniserende effect van de Aanwijzingen kunnen vergroten. Belangrijker is nog dat het bevorderen van de eenheid en toegankelijkheid in de dagelijkse wetgevingspraktijk gestalte krijgt. Alleen dan kunnen concrete resultaten worden geboekt.


Mr. dr. H.A. Oldenziel
Mr. dr. H.A. (Harald) Oldenziel is als juridisch projectleider – thans bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en daarvoor bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu – betrokken bij de totstandkoming van het nieuwe stelsel van het omgevingsrecht.

Mr. H.W. de Vos
Mr. H.W. (Wilco) de Vos is als juridisch projectleider – thans bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en daarvoor bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu – betrokken bij de totstandkoming van het nieuwe stelsel van het omgevingsrecht.
Casus

Onpartijdige rechtswetenschap?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden onpartijdigheid, onafhankelijkheid, wetenschappelijke objectiviteit, belangenconflicten
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    Recentelijk is in de media veel aandacht geschonken aan gevallen van beïnvloeding door opdrachtgevers van (rechts)wetenschappelijk onderzoek. Veel nadruk ligt daarbij al snel op pogingen van bestuurders en beleidsmakers om de inhoud van dergelijk onderzoek – vaak op subtiele wijze – een wenselijk geachte richting op te sturen. Veel minder aandacht is er echter voor de andere kant van de zaak, namelijk: wat is de verantwoordelijkheid van die wetenschappers en hoe zijn hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid gewaarborgd? In deze bijdrage zal worden beweerd dat ook daar werk aan de winkel is.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.
Artikel

Gidsen voor het wetgeven in de Benelux en Latijns Europa – een poging tot een rechtsculturele benadering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden Aanwijzingen voor de regelgeving, wetgevingsgids België, wetgevingsgids Luxemburg, wetgevingsgids Frankrijk, wetgevingsgids Italië, wetgevingsgids Spanje
Auteurs Prof. mr. W. Konijnenbelt
SamenvattingAuteursinformatie

    De 25 jaar oude Aanwijzingen voor de regelgeving (Ar) gaan terug op een VAR-rapport uit 1948. Ze zijn grotendeels overgenomen in Suriname, Aruba, Curaçao en Sint Maarten. De Belgische ‘Beginselen van de wetgevingstechniek’, opgesteld door de Raad van State, zijn doorgaans veel gedetailleerder dan de Ar en bevatten vaak uitleggende beschouwingen. Ze betreffen uitsluitend de wetgevingstechniek en de keus tussen de vele typen wettelijke regelingen die het land kent. Luxemburg heeft geen officiële gids voor het regelgeven, maar wel een ‘traité’ van de hand van de secretaris-generaal van de Raad van State met praktische en overzichtelijke regelgevingstechnische aanwijzingen, geïnspireerd door de Belgische ‘Beginselen’ en de Franse wetgevingspraktijk. Frankrijk heeft een gids voor de legistiek in de vorm van een omvangrijke digitale ‘kaartenbak’, samengesteld door de Raad van State en het secretariaat-generaal van de regering. Het gaat over zaken als verstandig regelgeven, de keus voor een bepaald type regeling en wetgevingstechniek. Veel zaken zijn hier, evenals in België, een stuk ingewikkelder dan in Nederland. Italië heeft een heel beknopte set van 37 wetgevingstechnische regels, vastgesteld door de kanselarij en overgenomen door beide Kamers, die een heel andere wetgevingscultuur verraden dan wij gewend zijn. Spanje ten slotte kent ongeveer honderd richtlijnen voor de wetgevingstechniek, vastgesteld door de regering, aangenaam duidelijk en beknopt. Een Spaanse wettelijke regeling is in beginsel strak gestructureerd, maar kent vaak diverse ‘loshangende’ slotbepalingen. Er is veel aandacht voor eenvoudige en duidelijke taal. Afgesloten wordt met enkele rechtsculturele indrukken en enige aan de besproken buitenlandse gidsen ontleende suggesties voor verdere verbetering van de Ar.


Prof. mr. W. Konijnenbelt
Prof. mr. W. (Willem) Konijnenbelt is wetgevingsadviseur bij Konijnenbeltwetgeving.nl. Hij is emeritus hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam, oud-staatsraad en oud-lid van de redactie van RegelMaat.
Diversen

Le troisième sexe: het Duitse Grondwettelijk Hof en genderneutraliteit

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden derde geslacht, interseksualiteit, geslachtsregistratie, discriminatie op geslacht
Auteurs Prof. mr. dr. S.H. Ranchordás
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een recent arrest van het Duitse Grondwettelijk Hof over de erkenning van het zogenaamde ‘derde geslacht’. Dit arrest roept wezenlijke vragen op over geslachtsregistratiesystemen. Deze zijn ook voor Nederland van belang. Het Grondwettelijk Hof heeft in het betreffende arrest geoordeeld dat het recht om voor wat betreft geslacht niet op een binaire wijze gekwalificeerd te worden onder het algemene persoonlijkheidsrecht valt, en dus wordt beschermd door de Duitse Grondwet. Het Duitse Personenstandsgesetz geeft een onjuiste vertaling van dit recht, door alleen de mogelijkheid te bieden voor een blanco geslachtsregistratie. Dit arrest is een belangrijke stap in de richting van een brede erkenning van het derde geslacht voor individuen met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtskenmerken (interseksualiteit; hier draaide de Duitse casus om). Hoewel andere landen al stappen hebben genomen in de officiële erkenning van het derde geslacht, is het de vraag of, en zo ja hoe snel, dit in Nederland zal gebeuren.


Prof. mr. dr. S.H. Ranchordás
Prof. mr. dr. S.H. (Sofia) Ranchordás is adjunct-hoogleraar Europees en Vergelijkend Publiekrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open De tiende wijziging van de Aanwijzingen voor de regelgeving – van: a naar ‘b’

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden wetgevingstechniek, Aanwijzingen voor de regelgeving, wetgeving
Auteurs mr. L.J. Vester
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt naar aanleiding van de tiende wijziging daarvan de betekenis van de Aanwijzingen voor de regelgeving voor de wetgevingspraktijk beschreven, alsmede de wijze van totstandkoming daarvan. Verder worden de belangrijkste wetgevingstechnische veranderingen beschreven die het gevolg zijn van deze wijziging. Afsluitend wordt vooruitgekeken naar mogelijke of reeds voorgenomen toekomstige wijzigingen van de Aanwijzingen.


mr. L.J. Vester
Mr. L.J. (Leo) Vester is strategisch raadadviseur bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken, sector Juridische Zaken en Wetgevingsbeleid van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, en voorzitter van de werkgroep Aanwijzingen voor de regelgeving.
Artikel

Een internationale vergelijking van wetgevingstechnische aanwijzingen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden wetgevingstechniek, Aanwijzingen voor de regelgeving, Interpretation Act, Gemeenschappelijke Praktische Handleiding
Auteurs Mr. M.J.C. Stip
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat een rechtsvergelijkend onderzoek naar wetgevingstechnische aanwijzingen van Nederland, Duitsland, Zwitserland, het Verenigd Koninkrijk, de Europese Unie, Canada en de Canadese provincie Brits-Columbia centraal. Hierbij wordt de vraag gesteld in hoeverre er overeenkomsten en verschillen zijn tussen de Nederlandse Aanwijzingen voor de regelgeving en de equivalenten daarvan van andere rechtsordes. Daartoe wordt allereerst beschreven welke instrumenten in de verschillende rechtsordes worden gebruikt, welke doelen daarmee worden nagestreefd, hoe de instrumenten zijn opgebouwd en de bindende kracht die van het instrument uitgaat. Daarna worden de instrumenten op twee punten met elkaar vergeleken, te weten beknoptheid en het voorkomen van dubbelzinnigheid. In alle besproken instrumenten zijn dit nastrevenswaardige zaken, hoewel de wijze waarop dat gebeurt, verschilt. Ook de doelstellingen van de instrumenten zelf verschillen, hoewel de onderzochte wetgevingstechnische principes veel gelijkenissen vertonen.


Mr. M.J.C. Stip
Mr. M.J.C. (Catharine) Stip is promovenda en docent staats- en bestuursrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

100 Ideeën en 1 suggestie voor de Aanwijzingen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden gemeenten, regelgeving, regelgevingstechniek, aanwijzingen, Konijnenbelt
Auteurs Mr. D. Corver
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor de meeste gemeentejuristen is het schrijven van regelgeving iets dat ze er slechts sporadisch bij doen. Het is dan ook een goede zaak dat hun een helpende hand wordt toegestoken met de 100 Ideeën voor de gemeentelijke regelgever, opgesteld door Willem Konijnenbelt en uitgegeven door de VNG. In deze bijdrage wordt eerst kort nader ingegaan op de 100 Ideeën, alvorens drie verschillen tussen de 100 Ideeën en de Aanwijzingen voor de regelgeving (Ar) te bespreken en twee punten van kritiek ten aanzien van de 100 Ideeën. Tot slot volgt ook nog een suggestie ter verdere verbetering van de Ar.


Mr. D. Corver
Mr. D. (Daan) Corver is senior jurist bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen. In het verleden was hij als wetgevingsjurist werkzaam bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

mr. D.R.P. de Kok
Mr. D.R.P. (Dennis) de Kok is plaatsvervangend afdelingshoofd bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Economische Zaken en redacteur van RegelMaat.
Artikel

De naleving van wetstechnische aanwijzingen bij ministeriële regelingen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden wetgevingstechniek, Aanwijzingen voor de regelgeving, ministeriële regelingen
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage doet de auteur verslag van zijn onderzoek naar de wetstechnische kwaliteit van 28 ministeriële regelingen die in november en december 2017 in de Staatscourant verschenen. Bekeken is in hoeverre deze regelingen afwijkingen bevatten van de wetstechnische aanwijzingen uit de Aanwijzingen voor de regelgeving zoals die vóór 1 januari 2018 golden. Over het geheel genomen lijkt de wetstechnische kwaliteit van ministeriële regelingen te zijn verbeterd ten opzichte van de bevindingen uit eerdere onderzoeken uit 2002 en 2004. Het aantal onvolkomenheden is uiteindelijk immers tamelijk gering en geringer dan bij de eerdere onderzoeken. Nog steeds zijn er echter tamelijk veel onvolkomenheden in het opschrift en het slotformulier. Ook de terminologie ‘bedoeld’ en ‘als bedoeld’ en bijlagen verdienen de aandacht. Opvallend is verder dat de verplichting om in de toelichting melding te maken van het afwijken van de vaste verandermomenten of van de minimuminvoeringstermijn vaak niet wordt nageleefd.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Toont 21 - 36 van 36 gevonden teksten
« 1 2 »
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.