Zoekresultaat: 68 artikelen

x
Wetenschap en praktijk

Wet bescherming bedrijfsgeheimen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2018
Trefwoorden bedrijfsgeheim, IE-recht, onrechtmatige daad, innovatie, vertrouwelijkheid
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder, Mr. L.A.E. Thonen en Mr. M. Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 8 juni 2016 werd de Richtlijn (EU) 2016/943 vastgesteld ‘betreffende de bescherming van niet-openbaar gemaakte knowhow en bedrijfsinformatie (bedrijfsgeheimen) tegen het onrechtmatig verkrijgen, gebruiken en openbaar maken daarvan’. Het wetsvoorstel tot implementatie van deze Richtlijn werd door de Eerste Kamer op 16 oktober 2018 als hamerstuk afgedaan.
    In dit artikel wordt de Wet bescherming bedrijfsgeheimen besproken en antwoord gegeven op (onder meer) de volgende vragen: Wat is een bedrijfsgeheim? Waarom moeten bedrijfsgeheimen worden beschermd? Waartegen worden bedrijfsgeheimen beschermd? Op welke wijze worden bedrijfsgeheimen beschermd? Hoe en waar is de verjaring van een rechtsvordering tot bescherming van een bedrijfsgeheim geregeld?


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. (Wilco) Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor, en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

Mr. L.A.E. Thonen
Mr. L.A.E. (Linda) Thonen is kandidaat-notaris bij Loyens en Loeff te Amsterdam.

Mr. M. Kool
Mr. M. (Mariska) Kool is advocaat bij Loyens en Loeff te Amsterdam.
Sociaal beleid

Werkzaamheden in meerdere lidstaten voor de Europese socialezekerheidscoördinatie: nadere verduidelijkingen door het Hof van Justitie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden Meerdere werkstaten, Toepasselijke socialezekerheidswetgeving, Plegen uit te oefenen, Onbetaald verlof, Geringe thuiswerkzaamheden
Auteurs Dr. H. Niesten
SamenvattingAuteursinformatie

    De geannoteerde twee arresten X/Nederlandse Staatssecretaris van Financiën 1xHvJ 13 september 2017, zaak C-569/15, X/ Staatssecretaris van Financiën, ECLI:EU:C:2017:673 en HvJ 13 september 2017, zaak C-570/15, X/Staatssecretaris van Financiën, ECLI:EU:C:2017:674. van 13 september 2017 illustreren de toenemende diversiteit binnen het grensoverschrijdend werkverkeer. Aan het Hof van Justitie werden prejudiciële vragen gesteld over de betekenis van ‘onbetaald verlof’ en ‘beperkte (thuis)werkzaamheden’ voor de uitleg van de bijzondere regel inzake het verrichten van werkzaamheden in twee of meer lidstaten (dat wil zeggen: samenloop) ter vaststelling van de toepasselijke socialezekerheidswetgeving. Beide arresten nopen tot de vraagstelling of de huidige Europese socialezekerheidscoördinatie voldoende is toegesneden op hedendaagse flexibele arbeidsvormen waar mobilisering en digitalisering de overhand nemen.
    Verordening (EEG) nr. 1408/71
    Verordening (EG) nr. 883/2004

Noten

  • 1 HvJ 13 september 2017, zaak C-569/15, X/ Staatssecretaris van Financiën, ECLI:EU:C:2017:673 en HvJ 13 september 2017, zaak C-570/15, X/Staatssecretaris van Financiën, ECLI:EU:C:2017:674.


Dr. H. Niesten
Dr. H. (Hannelore) Niesten is assistent aan de Maastricht University (ITEM) en Hasselt University (Tax, law and Business Unit).
Case Reports

2018/32 When is travelling time working time? (NO)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Working time
Auteurs Marianne Jenum Hotvedt en Anne-Beth Engan
SamenvattingAuteursinformatie

    The Norwegian Supreme Court concludes that time spent on a journey ordered by the employer, to and from a place other than the employee’s fixed or habitual place of work, should be considered working time within the meaning of the statutory provisions implementing the Working Time Directive (2003/88/EC). This ruling takes into account the Advisory Opinion of the EFTA Court.


Marianne Jenum Hotvedt
Marianne Jenum Hotvedt is an associate professor at the Department of Private law, University in Oslo. She got her PhD on the thesis ‘The Employer Concept’.

Anne-Beth Engan
Anne-Beth Engan is a senior associate with the law firm Selmer AS in Oslo.
Case Reports

2018/9 Uber’s work status appeal rejected (UK)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Miscellaneous, Employment status
Auteurs Laetitia Cooke
SamenvattingAuteursinformatie

    Following an appeal by Uber against an employment tribunal (ET) finding last year, which was featured in EELC 2017/10, that its drivers are ‘workers’ and not self-employed contractors (reported in EELC 2017-1), the Employment Appeal Tribunal (EAT) has now upheld the ET’s original decision. The EAT rejected Uber’s arguments that it was merely a technology platform, as well as its statement that it did not provide transportation services. This decision is important as it means that Uber drivers are entitled to certain rights under UK law, such as the right to holiday pay, to the national minimum wage (NMW) and protection against detrimental treatment for ‘blowing the whistle’ against malpractice. Uber has approximately 40,000 drivers (and about 3.5 million users of its mobile phone application in London alone) and so this decision has potentially significant financial consequences for the company.


Laetitia Cooke
Laetitia Cooke is an Associate at Lewis Silkin LLP.
Artikel

Alfa’s in een bèta-wereld

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2018
Auteurs Lex van Almelo

Lex van Almelo
Artikel

Freud en de criminaliteit; criminele uitstapjes in Wenen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2017
Trefwoorden Sigmund Freud, criminality, forensic psychiatry, psychoanalysis, Kriminalmuseum
Auteurs Dr. Jaap van Vliet
SamenvattingAuteursinformatie

    The article describes a visit to the Freudmuseum and the Museum of Crime in Vienna.
    In addition, the author’s memories are collected about his work in forensic psychiatry from 1979 to 1983.


Dr. Jaap van Vliet
Dr. Jaap A. van Vliet is zelfstandig gevestigd onderzoeker en adviseur. Hij is lid van de redactie van PROCES.
ECJ Court Watch

ECJ 26 July 2017, case C-175/16 (Hälvä), Working time

Hannele Hälvä and Others – v – SOS-Lapsikylä ry, Finish case

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Working time
Samenvatting

    Relief workers who look after children in a family environment for SOS-Lapsikyläry, so relieving the children’s foster carers, do not fall within the scope of the exception provided for in Article 17(1) of the Working Time Directive.

Artikel

‘Troostmeisjes’: Over de structurele ontkenning van seksuele slavernij en voortschrijdende victimisatie

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2017
Trefwoorden comfort women, denial, sexual slavery, discourse analysis
Auteurs dr. mr. Roland Moerland
Samenvatting

    In 2015, South-Korea and Japan came to a ‘final’ agreement concerning the ‘comfort women’ issue. This contribution reveals that this deal signals the next stage in a process of denial through which Japanese authorities have structurally denied the women’s’ victimhood. Taking a discourse analytical approach, the contribution investigates this historical process of denial and its implications. The analysis shows that denial takes several forms and performs different functions throughout the process. It demonstrates that denial is an interactional phenomenon, has different psychologies underlying it, and that it operates on different levels. Denial ultimately contributes to a state of continued victimization.


dr. mr. Roland Moerland
Case Reports

2017/10 Uber drivers found to be workers (UK)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Employment Tribunal
Auteurs Bethan Carney
SamenvattingAuteursinformatie

    In a much publicised case, Uber drivers have won a first instance employment tribunal finding that they are ‘workers’ and not self-employed contractors. This decision means that they are entitled to basic protections, such as the national minimum wage, paid holiday (under the Working Time Directive) and protection against detriment for ‘blowing the whistle’ on wrong doing. The decision could have substantial financial consequences for Uber, which has around 40,000 drivers in the UK but Uber has already confirmed that it will appeal the decision, so we are unlikely to have a final determination on this question for some time.


Bethan Carney
Bethan Carney is a lawyer at Lewis Silkin LLP: www.lewissilkin.com.

Dr. Marre Lammers
Dr. M. Lammers is postdoc onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam.
Artikel

Schets van het internationaal gezondheidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden internationaal gezondheidsrecht, WHO-standaarden, gezondheid en mensenrechten
Auteurs Prof. mr. B.C.A. Toebes
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt de aard en reikwijdte van het internationaal gezondheidsrecht, een tak van het internationaal publiekrecht die nauw verweven is met het nationale gezondheidsrecht. De standaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie komen aan bod, evenals de relevante mensenrechtenbepalingen. De conclusie luidt dat het internationaal gezondheidsrecht een dynamisch veld is dat voor grote uitdagingen staat, waaronder het ontwikkelen van nieuwe standaarden in antwoord op de mondiale stijging van chronische ziektes en het ter verantwoording roepen van invloedrijke niet-statelijke actoren zoals de farmaceutische industrie en de tabaksindustrie.


Prof. mr. B.C.A. Toebes
Brigit Toebes is adjunct hoogleraar en Rosalind Franklin Fellow, Afdeling Internationaal Recht, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen. Email b.c.a.toebes@rug.nl.

    In een aantal recente zaken spreken het Hof van Justitie en een aantal advocaten-generaal zich wederom uit over de doorwerking van het recht van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in de Europese rechtsorde. Hoewel de deur voor ‘rechtstreeks effect’ gesloten blijft, is iedere Europese rechter onder het principe van de ‘verdragsconforme interpretatie’ verplicht om het Europees recht voor zover mogelijk uit te leggen in lijn met relevante regels van WTO-recht. Aldus bestaat er wel degelijk een mogelijkheid voor particuliere partijen om zich op het WTO-recht te beroepen en de rechter, althans de Europese, geeft daaraan steeds vaker (expliciet of impliciet) gehoor.
    HvJ 14 april 2011, gevoegde zaken C-288/09 en C-289/09, BskyB and Pace/The Commissioners for Her Majesty’s Revenue & Customs, ECLI:EU:C:2011:248
    HvJ 22 november 2012, gevoegde zaken C-320/11, C-330/11, C-382/11, en C-383/11, Digitalnet OOD, ECLI:EU:C:2012:745
    HvJ 27 september 2007, zaak C-351/04, Ikea Wholesale Ltd./Commissioners of Customs & Excise, ECLI:EU:C:2007:547;
    HvJ 27 juni 2013, gevoegde zaken C-457/11 tot en met C-460/11, VG Wort/Kyocera e.a., C-457/11 tot en met C-460/11, ECLI:EU:C:2013:426
    HvJ 10 april 2014, zaak C-435/12, ACI Adam e.a., ECLI:EU:C:2014:254
    HvJ 3 juni 2008, zaak C-308/06, Intertanko e.a./Secretary of State for Transport, ECLI:EU:C:2008:312
    HvJ 13 januari 2015, gevoegde zaken C-404/12 P en C-405/12 P, Raad en Commissie/Stichting Natuur en Milieu en Pesticide Action Network Europe, ECLI:EU:C:2015:5
    HvJ 13 januari 2015, gevoegde zaken C-401/12 P tot C-403/12 P, Raad e.a./Vereniging Milieudefensie en Stichting Stop Luchtverontreiniging Utrecht, ECLI:EU:C:2015:4
    HvJ 9 september 2008, gevoegde zaken C-120/06 en C-121/06, Fabbrica italiana accumulatori motocarri Montecchio SpA (FIAMM) e.a./Raad en Commissie, ECLI:EU:C:2008:476
    HvJ 14 juni 2012, zaak C-533/10, Compagnie international pour la vente à distance (CIVAD) SA/Receveur des douanes de Roubaix e.a., ECLI:EU:C:2012:347


Mr. N. van den Broek
Mr. N. (Naboth) van den Broek is partner bij WilmerHale, Washington DC/Brussel en Adjunct Professor aan de Georgetown University Law Center.
Artikel

Doorvoer counterfeit strafbaar; koerswijziging van het strafrecht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2015
Trefwoorden counterfeit, Wetboek van Strafrecht, Vrije Zone, Curaçao, Aruba
Auteurs Mr. A.C. Alberto
SamenvattingAuteursinformatie

    Curaçao en Aruba spelen een belangrijke rol als spil voor doorvoer van goederen tussen Europa, Azië en de Verenigde Staten. Derhalve is het van belang dat er goede handhaving plaatsvindt op de havens van Curaçao en Aruba. De vele voorvallen van doorvoer van counterfeit heeft geresulteerd in een intensief onderzoek welke geleid heeft tot de ontdekking van de wijziging van het Wetboek van Strafrecht. Deze zorgt ervoor dat de merkhouders meer bescherming toekomt op Curaçao en Aruba dan voorheen. Met alleen de wijziging alleen zijn we er nog niet maar het opent wel mogelijkheden.


Mr. A.C. Alberto
Mw. mr. A.C. Alberto is oprichter en eigenaar van ACA Legal Advice te ’s-Hertogenbosch in Nederland.
Casus

Bewogen dagen in Belfast

Impressies van het achtste congres van het European Forum for Restorative Justice

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2014
Auteurs Annemieke Wolthuis
Auteursinformatie

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is werkzaam bij het Verwey-Jonker Instituut in Utrecht en is bestuurslid van het European Forum for Restorative Justice.
Artikel

Herziening Tabaksrichtlijn

Over de nieuwe Tabaksrichtlijn en de implicaties voor de Nederlandse rechtsorde

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2014
Trefwoorden interne markt, volksgezondheid, harmonisatie, Richtlijn 2014/40/EU, intellectueel eigendom
Auteurs Mr. R.A. Fröger en Mr. K. de Weers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 14 maart 2014 is de nieuwe Tabaksrichtlijn 2014/40/EU (hierna: de Richtlijn) vastgesteld. De nieuwe Tabaksrichtlijn brengt een ingrijpende wijziging op het gebied van de productie en distributie van tabaksproducten met zich mee. Op 20 mei 2016 moet de Richtlijn in de Nederlandse wetgeving zijn geïmplementeerd. In deze bijdrage worden de belangrijkste kenmerken van de Richtlijn besproken en wordt kort ingegaan op de gevolgen voor de Nederlandse rechtsorde.
    Richtlijn 2014/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten en tot intrekking van Richtlijn 2001/37/EG, Pb. EU 2014, L 127/1.


Mr. R.A. Fröger
Mr. R.A. (Robert) Fröger is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.

Mr. K. de Weers
Mr. K. (Koen) de Weers is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.
Artikel

Kanttekeningen bij het voorstel voor de Richtlijn bescherming bedrijfsgeheimen: wat brengt het ons (en wat niet)?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden bedrijfsgeheimen, knowhow, ongeoorloofde mededinging, TRIPS, handhavingsrichtlijn
Auteurs Mr. J.J. Allen en Mr. E.A. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van niet-openbaar gemaakte knowhow en bedrijfsinformatie (bedrijfsgeheimen) tegen het onrechtmatig verkrijgen, gebruiken en openbaar maken daarvan. Een kritische beschouwing vanuit de Nederlandse praktijk.Richtlijn 2004/48EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de handhaving van intellectuele eigendomsrechten, Pb. EG 2004, L 195/16.


Mr. J.J. Allen
Mr. J.J. (John) Allen is advocaat te Amsterdam (NautaDutilh N.V.).

Mr. E.A. de Groot
Mr. E.A. (Emma) de Groot is advocaat te Amsterdam (NautaDutilh N.V.).
Artikel

Bescherming van bedrijfsgeheimen: nieuwe richtlijn op komst

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2014
Trefwoorden bescherming bedrijfsgeheimen, knowhow, Europese richtlijn
Auteurs Mr. F. de Wit
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 28 november 2013 publiceerde de Europese Commissie een voorstel voor een richtlijn voor de bescherming van bedrijfsgeheimen. In deze bijdrage bespreekt de auteur een aantal aandachtspunten uit het voorstel, waarbij hij ingaat op de huidige bescherming van bedrijfsgeheimen naar Nederlands recht en onderzoekt welke invloed het voorstel voor de richtlijn hierop heeft.


Mr. F. de Wit
Mr. F. de Wit is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Access_open The Value of Narratives

The India-USA Nuclear Deal in Terms of Fragmentation, Pluralism, Constitutionalisation and Global Administrative Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2013
Trefwoorden India-US Nuclear Deal, Nuclear Energy Cooperation, Non-Proliferation Treaty, Fragmentation, Constitutionalisation, Pluralism, Global Administrative Law
Auteurs Surabhi Ranganathan
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Fragmentation’, ‘pluralism’, ‘constitutionalisation’ and ‘global administrative law’ are among the most dominant narratives of international legal order at present. Each narrative makes a descriptive claim about the current state of the international legal order, and outlines a normative vision for this order. Yet we must not lose sight of the conflicts between, and the contingency of these, and other narratives. This article seeks to recover both conflicts and contingency by showing how each may be used to explain a given event: the inauguration of a bilateral civil nuclear cooperation between the United State and India, better known as the ‘India-US nuclear deal’. I explain how the four narratives may be, and were, co-opted at different times to justify or critique the ‘deal’. This exercise serve two purposes: the application of four narratives reveal the various facets of the deal, and by its example the deal illuminates the stakes attached to each of the four narratives. In a final section, I reflect on why these four narratives enjoy their influential status in international legal scholarship.


Surabhi Ranganathan
Junior Research Fellow, King’s College/Lauterpacht Centre for International Law, University of Cambridge.
Artikel

Access_open On Fragments and Geometry

The International Legal Order as Metaphor and How It Matters

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2013
Trefwoorden international law, fragmentation, archaeology, Foucault, geometry
Auteurs Nikolas M. Rajkovic
SamenvattingAuteursinformatie

    This article engages the narrative of fragmentation in international law by asserting that legal academics and professionals have failed to probe more deeply into ‘fragmentation’ as a concept and, more specifically, as a spatial metaphor. The contention here is that however central fragmentation has been to analyses of contemporary international law, this notion has been conceptually assumed, ahistorically accepted and philosophically under-examined. The ‘fragment’ metaphor is tied historically to a cartographic rationality – and thus ‘reality’ – of all social space being reducible to a geometric object and, correspondingly, a planimetric map. The purpose of this article is to generate an appreciation among international lawyers that the problem of ‘fragmentation’ is more deeply rooted in epistemology and conceptual history. This requires an explanation of how the conflation of social space with planimetric reduction came to be constructed historically and used politically, and how that model informs representations of legal practices and perceptions of ‘international legal order’ as an inherently absolute and geometric. This implies the need to dig up and expose background assumptions that have been working to precondition a ‘fragmented’ characterization of worldly space. With the metaphor of ‘digging’ in mind, I draw upon Michel Foucault’s ‘archaeology of knowledge’ and, specifically, his assertion that epochal ideas are grounded by layers of ‘obscure knowledge’ that initially seem unrelated to a discourse. In the case of the fragmentation narrative, I argue obscure but key layers can be found in the Cartesian paradigm of space as a geometric object and the modern States’ imperative to assert (geographic) jurisdiction. To support this claim, I attempt to excavate the fragment metaphor by discussing key developments that led to the production and projection of geometric and planimetric reality since the 16th century.


Nikolas M. Rajkovic
Lecturer in International Law at the University of Kent Law School. Contact: n.rajkovic@kent.ac.uk. The research for this article was supported by a Jean Monnet Fellowship from the Global Governance Programme of the Robert Schuman Centre for Advanced Studies, European University Institute. Further support was given for the presentation and discussion of earlier drafts by COST Action IS1003 “International Law between Constitutionalization and Fragmentation”, the Institute for Global Law and Policy of the Harvard Law School, the Kent Law School and the International Studies Association (San Francisco Annual Convention). I am indebted to the helpful feedback of Tanja Aalberts, Katja Freistein, Alexis Galan, Harry Gould, Outi Korhonen, Philipe Liste, Nicholas Onuf, Kerry Rittich, Harm Schepel, Anna Sobczak, Peter Szigeti, Wouter Werner and the two anonymous reviewers.
Artikel

Access_open Exciting Times for Legal Scholarship

Tijdschrift Law and Method, 2012
Trefwoorden legal methodology, law as an academic discipline, ‘law and …’-movements, legal theory, innovative and multiform legal scholarship
Auteurs Jan Vranken
SamenvattingAuteursinformatie

    Until recently, legal-dogmatic research stood at the undisputed pinnacle of legal scientific research. The last few years saw increasing criticism, both nationally and internationally, levelled at this type of research or at its dominant role. Some see this as a crisis in legal scholarship, but a closer look reveals a great need for facts, common sense, and nuance. Critics usually base their calls for innovation on a one-dimensional and flawed image of legal-dogmatic research. In this article, the author subsequently addresses the various critical opinions themselves and provide an overview of the innovations that are proposed. He concludes that there are a lot of efforts to innovate legal scholarship, and that the field is more multiform than ever, which is a wonderful and unprecedented state of affairs. This multiformity should be cherished and given plenty of room to develop and grow, because most innovative movements are still fledgling and need time, sometimes a lot of time, to increase in quality. It would be a shame to nip them in the bud now, merely because they are still finding their way. In turn, none of these innovative movements have cause to disqualify legal-dogmatic research, as sometimes happens (implicitly), by first creating a straw-man version of the field and then dismissing it as uninteresting or worse. That only polarises the discussion and gains us nothing. Progress can only be achieved through cooperation, with an open mind towards different types of legal research and a willingness to accept a critical approach towards their development. In the end, the only criterion that matters is quality. All types of research are principally subject to the same quality standards. The author provides some clarification regarding these standards as well.


Jan Vranken
Jan Vranken is hoogleraar Methodologie van het privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg.
Toont 21 - 40 van 68 gevonden teksten
« 1 2 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.