Zoekresultaat: 125 artikelen

x
Artikel

De Nederlandse Staat als aandeelhouder in Air France/KLM: een nieuwe deelneming, een nieuw deelnemingenbeleid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden deelnemingenbeleid, overheidsdeelnemingen, publieke belangen, minderheidsaandeelhouder, Air France-KLM S.A.
Auteurs Mr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aankoop van aandelen in Air France-KLM hoopt de Nederlandse Staat de internationale bereikbaarheid van Nederland beter te borgen. Deze bijdrage bespreekt in hoeverre deze aankoop de positie van de Staat versterkt en hoe het huidige deelnemingenbeleid aldus verruimd lijkt te worden met ruimte voor nieuwe overheidsdeelnemingen.


Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Annotatie

Het Hof van Justitie oordeelt over de reikwijdte van de Europese standstillverplichting

HvJ EU 31 mei 2018, zaak C-633/16, ECLI:EU:C:2018:371 (Ernst & Young P/S)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2018
Trefwoorden standstill, concentratiecontrole, concentratie, gun-jumping, Hof van Justitie
Auteurs Stijn de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie oordeelt in de zaak Ernst & Young P/S over de reikwijdte van de Europese standstillverplichting. Stijn de Jong annoteert dit arrest en geeft enkele praktische handvatten.


Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Annotatie

Goldman Sachs/Europese Commissie. Private equity in het vizier van mededingingsautoriteiten

Gerecht 12 juli 2018, zaak T-419/14, ECLI:EU:T:2018:445

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden private equity, investeerder, toerekening, aansprakelijkheid, bewijsvermoeden
Auteurs Robin Struijlaart en Mark Brabers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 juli 2018 heeft het Gerecht een beroep van Goldman Sachs tegen een boetebesluit van de Commissie verworpen. Dit arrest maakt (nogmaals) duidelijk dat private equity-investeerders een reële kans lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor kartelgedrag van hun portfolio-ondernemingen. De toets die de Commissie en het Gerecht uitvoeren, komt er in essentie op neer dat volstaat dat de moederonderneming zeggenschap heeft in de zin van het concentratietoezicht en dat er bewijs is dat zij die zeggenschap aantoonbaar heeft uitgeoefend. Veel investeerders zullen aan die beide criteria voldoen en bevinden zich dus in de gevarenzone.


Robin Struijlaart
Mr. R.A Struijlaart is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Artikel

Toegang tot enquête voor kapitaalverschaffers – de evaluatie geëvalueerd

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2018
Trefwoorden ontvankelijkheid, enquêterecht, aandeelhouder, ondernemingsrecht, beursvennootschap
Auteurs Mr. drs. Q.L.C.M. Bongaerts
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bekritiseerde in 2016 de koppeling van geplaatst kapitaal en (beurs)waarde (art. 2:346 lid 1 aanhef en sub c BW). Deze bijdrage bevat enkele ontwikkelingen die aanpassing van de wettekst rechtvaardigen. De auteur behandelt het effectenonderzoek van Tilburg University, de literatuur en de discussie tijdens een expertbijeenkomst op het ministerie van Justitie en Veiligheid.


Mr. drs. Q.L.C.M. Bongaerts
Mr. drs. Q.L.C.M. Bongaerts is advocaat bij Bynkershoek in Amsterdam.
Artikel

Het gifpilletje van Gemalto

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2018
Trefwoorden poison pill, deal protection, beschermingsmaatregel, openbaar bod, beschermingsaandelen
Auteurs Mr. P.L. Hezer en Mr. B. Kemp
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij het openbaar bod van Thales en Gemalto is een poison pill geïmplementeerd om concurrerende biedingen te ontmoedigen. Deze vorm van deal protection, die lijkt te zijn gebaseerd op de Franse ‘bons Bretons’, is in Nederland een noviteit. In deze bijdrage wordt gekeken naar de implementatie, toelaatbaarheid en toetsing van die ‘Franse gifpil’.


Mr. P.L. Hezer
Mr. P.L. Hezer is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en als universitair docent verbonden aan Maastricht University en de Erasmus School of Law.
Artikel

Stakebuilding in het kader van een openbaar bod

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden stakebuilding, openbaar bod, overname, belang
Auteurs Mr. E.C. van der Touw
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele aspecten van stakebuilding tijdens een openbaar bod. Daarbij zal in het bijzonder aandacht worden besteed aan de stelling dat stakebuilding door een potentiële bieder met enkel een eigen voornemen tot het uitbrengen van een openbaar bod ook na de inwerkingtreding van de MAR is toegestaan. Tot slot worden twee voorstellen tot een stakebuilding-verbod behandeld.


Mr. E.C. van der Touw
Mr. E.C. van der Touw is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Casus

Na AkzoNobel: meer bescherming vereist voor beursvennootschappen?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden activistische aandeelhouder, overnamedreiging, beschermingsconstructies, enquêterecht, bescherming tegen overnames
Auteurs Dr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de uitspraak van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 29 mei 2017 inzake Elliott International L.P. c.s./AkzoNobel NV bespreekt de auteur in dit artikel de stand van zaken met betrekking tot de reikwijdte van de bevoegdheden en taken van de organen van een beursvennootschap in het kader van het perspectief van een mogelijke overname en soortgelijke situaties. Daarbij wordt ook ingegaan op de recente discussie of Nederlandse beursvennootschappen meer bescherming behoeven.


Dr. H. Koster
Dr. H. (Harold) Koster is universitair hoofddocent aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Fortuna: een ‘commissaris’ zonder raad van commissarissen maar met bevoegdheid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden enquêterecht, onmiddellijke voorzieningen, informatieverschaffing, minderheidsaandeelhouder, commissaris
Auteurs Mr. A. Spaargaren en Mr. A.S. van der Heide
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de Fortuna-beschikking van de Ondernemingskamer. In deze beschikking wordt als onmiddellijke voorziening een commissaris benoemd, die geen deel uitmaakt van de raad van commissarissen en exclusief bevoegd is te beslissen over de informatievoorziening aan de aandeelhouders. De auteurs onderzoeken hoe dit zich verhoudt tot de heersende leer.


Mr. A. Spaargaren
Mr. A. Spaargaren is advocaat bij Lexence te Amsterdam.

Mr. A.S. van der Heide
Mr. A.S. van der Heide is advocaat bij Lexence te Amsterdam.
Artikel

Contractuele informatierechten in overnamecontracten en aandeelhoudersovereenkomsten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Artikel 843a Rv, exhibitieplicht, informatierechten, overnamecontracten, aandeelhoudersovereenkomsten
Auteurs Mr. L.J.E. Timmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse rechtssysteem biedt partijen in het economisch verkeer handvatten om benodigde informatie boven tafel te krijgen, ook als deze zich bij een derde bevindt. Bij overnamecontracten kan worden gedacht aan artikel 843a Rv, dat een partij een grondslag biedt om in en buiten rechte kennis te nemen van een (schriftelijk bewijsmiddel) dat haar in beginsel wel bekend is, maar niet in haar bezit is. In vennootschapsrechtelijke verhoudingen is van belang het recht van de algemene vergadering op inlichtingen op grond van artikel 2:107/217 lid 2 BW.
    De wettelijke instrumenten bieden echter in veel gevallen onvoldoende houvast en rechtszekerheid. Om die reden is het bij een overnamecontract of aandeelhoudersovereenkomst in het belang van partijen om te voorzien in een heldere contractuele regeling die recht doet aan de feitelijke omstandigheden en de belangen van de betrokken partijen. Bij het opstellen van een dergelijke regeling dienen de betrokken juristen een balans te vinden tussen het belang van partijen op informatie, die zij op grond van de wet wellicht niet zouden kunnen verkrijgen, en het belang van de partij die de informatie zou moeten afstaan.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Artikel

De speciale overnamecommissie in nationaal en rechtsvergelijkend perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden overnamecommissie, raad van commissarissen, RvC, stuurgroep, overname
Auteurs Mr. drs. C. Groen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren is de aandacht voor de rol en de positie van de raad van commissarissen (RvC) van een doelvennootschap bij een overname toegenomen. Het komt in de praktijk regelmatig voor dat de RvC (mede) uit zijn midden een speciale overnamecommissie of stuurgroep vormt die specifiek belast is met een juiste afwikkeling van het overnameproces. In dit artikel gaan de auteurs in op de rol en vormgeving van deze speciale overnamecommissie.


Mr. drs. C. Groen
Mr. drs. C. Groen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. H. Koster
Mr. H. Koster is verbonden aan het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Onmiddellijke voorzieningen voorafgaand aan een beslissing op het enquêteverzoek – ‘only use in case of emergency’

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2017
Trefwoorden Ondernemingskamer, onmiddellijke voorzieningen, enquêteverzoek, DSM, terughoudendheid
Auteurs Mr. R. Analbers
SamenvattingAuteursinformatie

    De OK heeft de bevoegdheid om onmiddellijke voorzieningen te treffen voorafgaand aan een beslissing op het enquêteverzoek. Van deze bevoegdheid dient de OK terughoudend gebruik te maken. In dit artikel wordt aan de hand van de jurisprudentie van de OK in de afgelopen twee jaar bekeken of de OK zich daar in de praktijk aan houdt.


Mr. R. Analbers
Mr. R. Analbers is advocaat bij Rutgers & Posch te Amsterdam.
Artikel

Verhaal van onderzoekskosten: vreemde eend in de bijt van het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden art. 2:354 BW, onderzoekskosten, enquête, bestuurdersaansprakelijkheid, fishing expedition
Auteurs Mr. C.J-A. Seinen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Meavita-beschikking bevestigt dat de toewijzing van een verzoek ex art. 2:354 BW aan hoge motiveringseisen moet voldoen. Maar past een uitgebreid onderzoek naar de aan individuele bestuurders en commissarissen te maken verwijten wel in de enquêteprocedure, en hoe verhoudt de maatstaf voor kostenverhaal zich tot maatstaven voor bestuurdersaansprakelijkheid?


Mr. C.J-A. Seinen
C.J-A. Seinen is cassatieadvocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten in Den Haag en gastonderzoeker bij het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (Vrije Universiteit Amsterdam).

Dr. G.C.C. Lewin
Dr. G.C.C. Lewin is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel

De mogelijkheden voor vergoeding van afgeleide schade verruimd

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden afgeleide schade, herziene geschillenregeling, art. 2:343 lid 4 BW, billijke verhoging
Auteurs Mr. A.E. Goossens
SamenvattingAuteursinformatie

    Afgeleide schade komt in beginsel niet voor vergoeding in aanmerking. De herziene geschillenregeling (art. 2:343 lid 4 BW) biedt de aandeelhouder de mogelijkheid compensatie te krijgen voor afgeleide schade. Dit artikel bespreekt hoe art. 2:343 lid 4 BW uitpakt in de praktijk. Daarbij komt ook de wenselijkheid van het verruimen van de mogelijkheden tot het vergoeden van afgeleide schade aan de orde.


Mr. A.E. Goossens
Mr. A.E. Goossens is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Artikel

Loyaliteitsdividend, bijzondere stemrechtaandelen en de positie van minderheidsaandeelhouders

Midstream or IPO introduction, that’s the question

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden bijzondere stemrechtaandelen, loyaliteitsaandelen, corporate governance, enquêterecht, minderheidsaandeelhouders
Auteurs Mr. drs. A.A. Bootsma
SamenvattingAuteursinformatie

    De recentelijke invoering van bijzondere stemrechtaandelen wordt vergeleken met het bij DSM voorgestelde loyaliteitsdividend. Het loyaliteitsdividend werd midstream – door statutenwijziging bij een bestaande beurs-NV met zittende publieke aandeelhouders – voorgesteld. De bijzondere stemrechtaandelen zijn voorafgaand aan een beursgang (IPO) van een nieuwe (holding)vennootschap ingevoerd. Dit verschil werkt door in de positie van minderheidsaandeelhouders. Tegen deze achtergrond wordt ingegaan op de Eumedion-voorstellen voor regulering van bijzondere stemrechtaandelen.


Mr. drs. A.A. Bootsma
Mr. drs. A.A. Bootsma is werkzaam als promovendus bij Erasmus School of Law en verbonden aan het Instituut voor Ondernemingsrecht (IvO) en het IvO Center for Financial Law & Governance (ICFG).
Artikel

De doorslaggevende of beslissende stem van de OK-bestuurder

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden doorslaggevende stem, beslissende stem, enquêterecht, tijdelijk bestuurder, onmiddellijke voorziening
Auteurs Mr. T. Salemink
SamenvattingAuteursinformatie

    In enquêteprocedures benoemt de Ondernemingskamer bij wijze van onmiddellijke voorziening met enige regelmaat een tijdelijk bestuurder met een doorslaggevende of beslissende stem. Uit de rechtspraak is echter niet zonder meer duidelijk wat deze begrippen inhouden. Voor de rechtspraktijk is een duidelijk(er) onderscheid van belang.


Mr. T. Salemink
Mr. T. Salemink is advocaat bij Lemstra Van der Korst te Amsterdam en onderzoeker bij het Van der Heijden Instituut, Onderzoekscentrum Onderneming & Recht, van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De OK kiest voor een historische peildatum bij uitkoopprocedures

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden uitkoopprocedure, peildatum, betaalbaarstelling, openbaar bod, Ondernemingskamer
Auteurs Mr. O.J.W. Schotel
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 2000 nam de Ondernemingskamer in uitkoopprocedures haar eindarrest als peildatum voor de bepaling van de uitkoopprijs. In het arrest inzake Unit4 (7 juli 2015) komt de OK terug van dit uitgangspunt. Vanaf heden wordt een peildatum in het verleden gebruikt. Na een openbaar bod is de dag van betaalbaarstelling de peildatum.


Mr. O.J.W. Schotel
Mr. O.J.W. Schotel is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

De vaststelling van een redelijk dividend(beleid)

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2015
Trefwoorden vaststelling dividendbeleid, dividend, minderheidscertificaathouders, kort geding
Auteurs Mr. B. Stevens
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het vonnis dat op 17 maart 2015 door de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Holland is gewezen, waarin wordt geoordeeld over de vraag of de onderneming (in kort geding) verplicht kan worden een redelijk dividendbeleid vast te stellen.


Mr. B. Stevens
Mr. B. Stevens is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Casus

Gerechtelijke toetsing bij herroeping van een ontbindingsbesluit van een rechtspersoon

Hoe de Hoge Raad zijn doel voorbijstreeft met onnodig complicerende voorwaarden

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2015
Trefwoorden herroeping ontbindingsbesluit rechtspersoon, gerechtelijke toetsing, Rifgat
Auteurs I. Groenland
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Rifgat-beschikking van 19 december 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3677) heeft de Hoge Raad niet alleen bevestigd dat herroeping van een ontbindingsbesluit mogelijk is, maar ook de daarvoor geldende voorwaarden bepaald. De Hoge Raad geeft daarbij aan dat hij daarmee een leemte vult in de wetgeving en dat het eigenlijk aan de wetgever is om te voorzien in een afgewogen regeling. De door de Hoge Raad geformuleerde voorwaarden lijken echter niet aan te sluiten bij het beoogde doel. Daarnaast blijken deze bij toetsing aan het feitencomplex in de Rifgat-casus niet te leiden tot een redelijke uitkomst. Het verbinden van bijzondere voorwaarden aan herroeping van een ontbindingsbesluit is, gezien de ontwikkelingen in wetgeving, rechtspraak en literatuur, ook niet langer nodig. Een eenvoudige wettelijke regeling voor herroeping van besluiten is daarom, juist na deze Hoge Raad-beschikking, dringend gewenst.


I. Groenland
Mr. I. Groenland is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff.

    In de Amerikaanse Foreign Corrupt Practices Act 1977 (‘FCPA’) is een verbod opgenomen om betalingen te doen aan buitenlandse ambtenaren (‘foreign officials’) teneinde zakelijke transacties te verkrijgen of te behouden. Rechtspraak over de (reikwijdte van de) FCPA is schaars. U.S. v. Esquenazi is de eerste zaak waarin een Amerikaanse rechter een definitie van en enkele beoordelingsfactoren voor het begrip instrumentality heeft gegeven. Deze uitspraak heeft mogelijk (ook) gevolgen voor een groot aantal Nederlandse bedrijven. In de onderhavige bijdrage zullen wij dit nader toelichten. Alvorens we ingaan op de zaak U.S. v. Esquenazi, wordt aandacht besteed aan de (extraterritoriale) reikwijdte van de FCPA. In de daaropvolgende paragraaf volgt een uiteenzetting van de achtergrond van het begrip instrumentality onder de FCPA. Daarna worden de feiten en het juridisch kader van U.S. v. Esquenazi behandeld. We sluiten af met een analyse van de uitspraak en de (mogelijke) implicaties voor Nederlandse bedrijven.


mr. A. Verbruggen

mr. T. van Roomen
Toont 21 - 40 van 125 gevonden teksten
« 1 2 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.