Zoekresultaat: 61 artikelen

x

J. Kien
J. Kien was tot december 2015 avocat au Barreau de Paris en advocaat te Rotterdam. Voorheen was hij juridisch directeur bij Alstom Transport Azië en Grote Projecten bij EDF. Hij treedt geregeld op als arbiter in internationale geschillen.

    zorgverzekeraar, aanbestedende dienst

Casus

Onrechtmatige verkoop van bv-aandelen door schending onderzoeksplicht: bestuurlijke tekortkoming of aandeelhoudersgedraging?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, aandeelhoudersaansprakelijkheid, onderzoeksplicht, verkoop bv, onrechtmatige daad
Auteurs Mr. V. van Vegchel
SamenvattingAuteursinformatie

    De verkoper van een bv riskeert onder omstandigheden persoonlijke aansprakelijkheid jegens crediteuren van die bv indien hij de verkoop doorzet zonder onderzoek te doen naar de koper en deze koper achteraf malafide blijkt te zijn. Verscheidene rechtbanken zien in het schenden van deze onderzoeksplicht een grondslag voor bestuurdersaansprakelijkheid van een verkopend dga. In dit artikel wordt geconstateerd dat deze grondslag onjuist is. Een aandelenoverdracht behelst immers een aandeelhoudersgedraging. Bovendien had de dga ook via de weg van aandeelhoudersaansprakelijkheid kunnen worden aangesproken. Verder komt aan bod wat de kenmerken zijn van de onderzoeksplicht en wanneer dit aansprakelijkheidsrisico zich kan verwezenlijken.


Mr. V. van Vegchel
Mr. V. van Vegchel is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Artikel

De onwenselijkheid van de toepassing van de klachtplicht uit art. 6:89 BW op vorderingen ex art. 2:9 BW: een dogmatisch en praktisch perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Klachtplicht, bestuurdersaansprakelijkheidsvordering, art. 6:89 BW, art. 2:9 BW, art. 2:8 BW
Auteurs Mr. A.J. Rijsterborgh en Mr. Z.D. Veldhoen
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs betogen dat de klachtplicht van art. 6:89 BW niet dient te worden toegepast op vorderingen ex art. 2:9 BW. Zij menen dat dogmatische én praktische bezwaren hieraan in de weg staan. De rechter dient zich bij interne bestuurdersaansprakelijkheidsvorderingen te beperken tot de toepassing van art. 2:8 BW.


Mr. A.J. Rijsterborgh
Mr. A.J. Rijsterborgh is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. Z.D. Veldhoen
Mr. Z.D. Veldhoen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Codificatie of zelfregulering in de franchisesector?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden franchiseovereenkomst, codificatie, zelfregulering, precontractuele informatieplicht
Auteurs Mr. I.S.J. Houben, Mr. J. Sterk en Mr. J.A.J. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    Over de vraag of de franchiseovereenkomst in Nederland alsnog een benoemde status dient te krijgen, wordt aanhoudend gediscussieerd in politiek, media en literatuur. Tot nu toe heeft de focus volgens de auteurs te eenzijdig gelegen op codificatie. In deze bijdrage bepleiten zij dat naast codificatie, mede naar aanleiding van kort rechtsvergelijkend onderzoek, ook zelfregulering een serieus te overwegen optie is.


Mr. I.S.J. Houben
Mr. I.S.J. Houben is universitair hoofddocent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Sterk
Mr. J. Sterk is advocaat-partner bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.

Mr. J.A.J. Devilee
Mr. J.A.J. Devilee is student-stagiaire bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.
Praktijk

Voor niets gaat de zon op!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Koop op afbetaling, Consumentenkrediet, Wet op het financieel toezicht, Consumentenrecht
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 13 juni 2014 betreffende de prejudiciële vraag over de aanschaf van een mobiele telefoon heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de ‘gratis’ verstrekking van een mobiele telefoon bij een telefoonabonnement kwalificeert als koop op afbetaling en consumentenkrediet. Dit kan ook toepasselijkheid van de wetgeving over consumentenkrediet en financieel toezicht met zich meebrengen. In deze bijdrage wordt het arrest besproken en worden de gevolgen van het arrest belicht.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

De relatieve zwaarte van wederzijdse verantwoordelijkheid voor teleurstellende effectenleaseresultaten

Over schadedeling wegens eigen schuld in effectenleasezaken

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Effectenlease, eigen schuld, artikel 6:101 BW, Verdelingsmaatstaf, Veroorzakingswaarschijnlijkheid, (pre)contractuele zorgplicht, Onderzoeksplicht
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. A. Van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Avonturen in de effectenlease liepen slecht af als gevolg van een samenloop van omstandigheden, waaronder een te gretig winstoogmerk aan de zijde van de financiële aanbieder en een te grote lichtvaardigheid aan de zijde van de afnemende consument. In deze bijdrage wordt de (inmiddels gestandaardiseerde) schadedeling onder de loep genomen die in de rechtspraak is gevolgd op de erkenning van de wederzijdse verantwoordelijkheid in dezen.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en in dit verband verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law, alsook aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe. Zij is tevens parttime raadsheer bij het Gerechtshof te Amsterdam. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. A. Van Onna
Mr. A. van Onna is advocaat bij Holland van Gijzen Advocaten en Notarissen te Utrecht. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Codificatie of zelfregulering in de franchisesector?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden franchiseovereenkomst, codificatie, zelfregulering, precontractuele informatieplicht
Auteurs Mr. I.S.J. Houben, Mr. J. Sterk en Mr. J.A.J. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    Over de vraag of de franchiseovereenkomst in Nederland alsnog een benoemde status dient te krijgen, wordt aanhoudend gediscussieerd in politiek, media en literatuur. Tot nu toe heeft de focus volgens de auteurs te eenzijdig gelegen op codificatie. In deze bijdrage bepleiten zij dat naast codificatie, mede naar aanleiding van kort rechtsvergelijkend onderzoek, ook zelfregulering een serieus te overwegen optie is.


Mr. I.S.J. Houben
Mr. I.S.J. Houben is universitair hoofddocent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Sterk
Mr. J. Sterk is advocaat-partner bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.

Mr. J.A.J. Devilee
Mr. J.A.J. Devilee is student-stagiaire bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.
Artikel

Hypothecair krediet: de klant centraal of soms toch niet?

De invloed op de civielrechtelijke verhouding tussen particulier en hypothecair financier van overheidsregulering voor de precontractuele fase

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden Wft, (hypothecair) krediet, zorgplicht, AFM, overkreditering
Auteurs Mr. drs. M. van Eersel
SamenvattingAuteursinformatie

    Publiekrechtelijke regels hebben een significante invloed gekregen op de civielrechtelijke verhouding tussen partijen in de financiële sector. Dit geldt ook voor de relatie tussen banken en consumenten die de aankoop van een eigen woning willen financieren. In deze bijdrage wordt ingegaan op de betekenis hiervan in de precontractuele fase.


Mr. drs. M. van Eersel
Mr. drs. M. van Eersel is advocaat bij Holland Van Gijzen te Amsterdam.
Artikel

Overkreditering bij consumentenkrediet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden consumentenkrediet, overkreditering, doorwerking publiekrecht, (bijzondere) zorgplicht, omvang schade
Auteurs Mr. M.H.P. Claassen en Mr. J.L. Snijders
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij overkreditering zal een consument veelal genoegdoening proberen te krijgen via de ‘(bijzondere) zorgplicht’. Daarnaast levert schending van een publiekrechtelijke norm (art. 4:34 Wft) ook rechtstreeks een onrechtmatige daad op. In beide gevallen spelen lastige kwesties ten aanzien van causaal verband, de omvang van de schade en eventuele eigen schuld.


Mr. M.H.P. Claassen
Mr. M.H.P. Claassen is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam.

Mr. J.L. Snijders
Mr. J.L. Snijders is advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.
Artikel

Verboden rechtshandelingen in het financiële bestuursrecht in civielrechtelijk perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden Wet op het financieel toezicht, verboden rechtshandeling, weigeringsplicht, overkreditering, advies- en bemiddelingsvergoeding
Auteurs Prof. dr. O.O. Cherednychenko
SamenvattingAuteursinformatie

    Het bestuursrecht beheerst in toenemende mate private verhoudingen in de financiële sector. Deze bijdrage biedt een verkennende analyse van de civielrechtelijke gevolgen van schending van de drie Wft-verbodsbepalingen: het contracteerverbod in geval van een dekkingstekort bij effectenhandel, het verbod op overkreditering en het verbod op kennelijk onredelijke advies- en bemiddelingsvergoedingen.


Prof. dr. O.O. Cherednychenko
Prof. dr. O.O. Cherednychenko is adjunct hoogleraar Europees privaatrecht en rechtsvergelijking aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Cultuurspecifieke en civielrechtelijke invulling van de publiekrechtelijke zorgplicht van financiële dienstverleners

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden cultuur, zorgplicht financiële dienstverleners, uniformering publiek- en privaatrecht, Europese zorgplicht, client’s best interest rule
Auteurs Mr. dr. M.F.M. van den Berg
SamenvattingAuteursinformatie

    Europese ontwikkelingen hebben hun weerslag op het Nederlandse rechtsbestel. Enerzijds door een steeds duidelijkere samenloop van het civiele en publiekrechtelijke normenkader in het financiële recht. Anderzijds door meer sturing op cultuur. In dit kader worden in deze bijdrage onder meer de introductie van een Europese zorgplicht door middel van de Insurance Mediation Directive II en de conclusie van de A-G van het HvJ EU in de Nationale Nederlanden-zaak behandeld.


Mr. dr. M.F.M. van den Berg
Mr. dr. M.F.M. van den Berg is jurist bij Achmea en Research Fellow van Tilburg University.
Artikel

De Richtlijn woningkredietovereenkomsten: een Europese oplossing voor de crisis op de woningmarkt?

Oriënteren moet je leren

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden hypotheken, woningkredietovereenkomsten, ESIS, consumentenrecht
Auteurs Mr. drs. N.M. Giphart
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 februari 2014 is de Richtlijn woningkredietovereenkomsten vastgesteld. Deze richtlijn geeft een nieuw kader voor verschillende aspecten rondom het adviseren en het verstrekken van hypotheken en andere woningkredietovereenkomsten. Hoewel de hypotheekmarkt in Nederland al vrij gereguleerd is, zal de richtlijn op bepaalde onderdelen tot wijziging van de regels leiden. Een en ander hangt ook af van de keuzes die de wetgever op tal van onderwerpen zal moeten maken.In deze bijdrage zullen eerst enkele algemene onderwerpen uit de richtlijn aan de orde komen, zoals achtergrond, doelstelling en reikwijdte. Daarna komen inhoudelijke onderwerpen aan bod, waarbij wat langer zal worden stilgestaan bij onderwerpen die voor de praktijk de meeste gevolgen zullen hebben. Hierna volgt een korte conclusie waarbij gekeken wordt in hoeverre deze richtlijn bijdraagt aan het oplossen van de crisis op de woningmarkt in Nederland.Richtlijn 2014/17/EU van het Europees Parlement en de Raad van 4 februari 2014 inzake kredietovereenkomsten voor consumenten met betrekking tot voor bewoning bestemde onroerende goederen en tot wijziging van de Richtlijnen 2008/48/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010, Pb. EU 2014, L 60.


Mr. drs. N.M. Giphart
Mr. drs. N.M. (Ninette) Giphart is bedrijfsjurist bij ABN AMRO Bank N.V. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Wetenschap

De (bijzondere) zorgplicht van banken jegens ondernemers bij renteswaptransacties

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Bijzondere zorgplicht, renteswaptransacties, renteswaps, verhouding publiekrechtelijke zorgplichten en privaatrechtelijke zorgplichten, reikwijdte bijzondere zorgplicht
Auteurs Mw. mr. V.Y.E. Caria
SamenvattingAuteursinformatie

    In twee recente uitspraken van de Rechtbank Oost-Brabant en het Hof Den Bosch stond de vraag centraal wat de reikwijdte van de zorgplicht van de banken is jegens ‘professionele’ cliënten met wie zij een renteswaptransactie zijn aangegaan. Zij hebben vastgesteld dat banken de bijzondere zorgplicht niet alleen jegens particulieren, maar ook jegens ondernemingen in acht dienen te nemen. In deze bijdrage wordt besproken hoe de bijzondere zorgplicht in deze uitspraken wordt toegepast. Ook het belang van de uitspraken voor de verhouding tussen publiekrechtelijke gedragsnormen en de civielrechtelijke bijzondere zorgplicht komt aan de orde. Het is volgens de auteur te betwijfelen of de bescherming van ondernemers wel past binnen de reikwijdte van de civielrechtelijke bijzondere zorgplicht.


Mw. mr. V.Y.E. Caria
Mw. mr. V.Y.E. Caria is als promovenda verbonden aan het Hazelhoff Centre for Financial Law, Universiteit Leiden.
Artikel

Over Vano/Foreburghstaete en de samenloop van dwaling en tekortkoming

HR 11 oktober 2013, NJ 2013/492 (Vano/Foreburghstaete)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden dwaling, tekortkoming, garantieverbintenis, schadevergoeding, samenloop
Auteurs Mr. M.R. Hebly
SamenvattingAuteursinformatie

    Is naast een geslaagd beroep op dwaling plaats voor schadevergoeding wegens een tekortkoming in een overeengekomen garantie? De Hoge Raad overweegt ontkennend: de vernietiging wegens dwaling treft in beginsel ook deze garantie, en dus is er geen sprake van een tekortkoming daarin. Een beschouwing over samenloop van dwaling en wanprestatie.


Mr. M.R. Hebly
Mr. M.R. Hebly is als docent privaatrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor privaatrecht, Universiteit Utrecht.
Artikel

De gevolgen van samenhang tussen een leningsovereenkomst en een renteswap

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2013
Trefwoorden samenhangende overeenkomsten, Jans/FCN, swap, lening, lotsverbondenheid
Auteurs Mr. R.J.W. Analbers
SamenvattingAuteursinformatie

    Vonnis van de Rechtbank Noord-Nederland van 20 maart 2013: samenhang tussen een leningsovereenkomst en een renteswap leidt volgens de rechtbank niet tot lotsverbondenheid tussen die overeenkomsten. De auteur bespreekt het vonnis aan de hand van het leerstuk van de samenhangende overeenkomsten, zoals dit voor het eerst door de Hoge Raad is aanvaard in het arrest Jans/FCN.


Mr. R.J.W. Analbers
Mr. R.J.W. Analbers is advocaat bij Rutgers & Posch te Amsterdam en adviseert en procedeert op het gebied van het vermogensrecht en insolventierecht.

Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. J.H. Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten Notarissen te Leiden en gespecialiseerd in franchising.
Artikel

Regels over de werking van de redelijkheid en billijkheid?

Een analyse van de rechtspraak van de Hoge Raad

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2013
Trefwoorden redelijkheid en billijkheid, open norm, subregel, proportionele aansprakelijkheid, arbitragebeding
Auteurs Mr. P.T.J. Wolters
SamenvattingAuteursinformatie

    Soms is de redelijkheid en billijkheid afhankelijk van regels die een vast rechtsgevolg koppelen aan de aanwezigheid van een omstandigheid. Deze bijdrage is gericht op het creëren van duidelijkheid over de rol van deze ‘harde subregels’. Zij besteedt in het bijzonder aandacht aan de rechtspraak van de Hoge Raad.


Mr. P.T.J. Wolters
Mr. P.T.J. Wolters is onderzoeker bij het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Zorginkoop door zorgverzekeraars en zorgkantoren: moet het verifieerbaar, transparant en non-discriminatoir?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden zorginkoop, economische machtspositie, contracteerbeleid, contractsvrijheid, aanbesteding
Auteurs Mr. H.M. den Herder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de inkoop van zorg zijn zorgverzekeraars en zorgkantoren in beginsel vrij om te bepalen met welke zorgaanbieders zij een contract willen sluiten, welke zorg zij bij hen willen inkopen en tegen welke voorwaarden. Uit de rechtspraak volgt dat de begrenzing van de contractsvrijheid wordt bepaald door twee factoren: de wijze van zorginkoop en de vraag of een zorgverzekeraar of een zorgkantoor een economische machtspositie heeft. In dit artikel wordt onderzocht welke eisen aan de zorgverzekeraars en zorgkantoren worden gesteld en of dat gelet op het mededingingsrecht terecht is.


Mr. H.M. den Herder
Hedwig den Herder is advocaat bij Pels Rijcken en Droogleever Fortuijn N.V. te ’s-Gravenhage.
Toont 21 - 40 van 61 gevonden teksten
« 1 2 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.