Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 298 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Access_open Het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Hoe verder?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Modernisering Wetboek van Strafvordering, Politiek en strafrecht, Beleid, Wetgeving, Tweede Kamerverkiezingen
Auteurs Prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
SamenvattingAuteursinformatie

    Het nieuwe Wetboek van Strafvordering bevindt zich in een kritische tussenfase. Er is geld nodig om een volgende stap te kunnen zetten. Het volgende kabinet zal hierover moeten beslissen. Deze bijdrage kijkt naar nut en noodzaak van het nieuwe Wetboek van Strafvordering. Als daar positief over wordt geoordeeld, is een minstens even belangrijke vraag voor het komende kabinet hoe het traject op een kansrijke wijze zou kunnen worden voortgezet.


Prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
Pieter Verrest is hoogleraar straf(proces)recht, in het bijzonder Europees en internationaal strafrecht, Erasmus School of Law. Van 2018 tot medio 2020 was hij programmadirecteur modernisering Wetboek van Strafvordering bij de Directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Hij is tevens redacteur van Boom Strafblad.
Artikel

De black box van de WETS

Gebrek aan transparantie en rechtsbescherming in de procedure van strafoverdracht

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden WETS, strafoverdracht, rechtshulp, wederzijdse erkenning, Handvest
Auteurs Mr. F.T.C. (Frederieke) Dölle en Mr. T. (Tom) de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage bespreekt de erkenning en tenuitvoerlegging van in andere EU-lidstaten opgelegde vrijheidsbenemende sancties in Nederland. De EU-lidstaten wilden door middel van kaderbesluiten de stroperige traditionele rechtshulp efficiënter maken. Nederland heeft aan deze wens gehoor gegeven bij de totstandkoming van de WETS. De WETS kent een belangrijke rol toe aan het hof Arnhem-Leeuwarden, dat de minister adviseert over de toelaatbaarheid van de strafoverdracht. De veroordeelde is niet bij deze procedure betrokken. De auteurs concluderen dat deze procedure op gespannen voet staat met het Unierecht en aanpassing verdient.


Mr. F.T.C. (Frederieke) Dölle
Mr. F.T.C. Dölle is advocaat bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers.

Mr. T. (Tom) de Boer
Mr. T. de Boer is advocaat bij Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers.
Artikel

Access_open ILO-Conventie 190: een ‘geïntegreerde aanpak’ van geweld en intimidatie?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2021
Trefwoorden ILO-Conventie 190, Geweld en (seksuele) intimidatie, Gelijke behandeling, Arbeidsomstandigheden
Auteurs Mr. dr. Bas Rombouts
SamenvattingAuteursinformatie

    De twee meest recent aangenomen ILO-instrumenten – Conventie 190 en Aanbeveling 206 – reguleren de aanpak van geweld en intimidatie in de context van werk. Het fundament van deze instrumenten is een ‘inclusive, integrated and gender-reponsive approach’ die middels de routes van preventie en bescherming, handhaving en genoegdoening en advies en scholing dient te worden geïmplementeerd. Conventie 190 hanteert een brede definitie van ‘geweld en intimidatie’ en is van toepassing op formele werknemers, maar ook op andere groepen ‘werkenden’. Maar wat is de inhoud en het belang van deze geïntegreerde aanpak, bezien in nationaal en internationaal perspectief? Hoe verhoudt de bescherming tegen geweld en intimidatie onder gelijkebehandelingswetgeving en arbeidsomstandighedenrecht zich tot elkaar en voldoet het Nederlands juridisch raamwerk aan de voorgestelde ‘integrated approach’? Alhoewel de Conventie als normatieve basis gelijke behandeling en non-discriminatie neemt, geeft zij uitdrukkelijk de opdracht aan ratificerende lidstaten om een geïntegreerde aanpak toe te passen, waarbij geweld en intimidatie niet slechts onder gelijkebehandelingswetgeving, maar tevens onder arbeidsomstandighedenrecht en strafrecht worden ondergebracht om zo lacunes in de juridische bescherming voor slachtoffers te voorkomen. Alhoewel de juridische infrastructuur voor deze ‘integrated approach’ in Nederland aanwezig lijkt, is er nog een aantal aandachtspunten aangaande een effectieve implementatie hiervan, met name in relatie tot criteria voor zorgvuldige klachtbehandeling, risicoanalyse en aanpak en de rol van de vertrouwenspersoon.


Mr. dr. Bas Rombouts
Mr. dr. B. Rombouts is werkzaam als universitair hoofddocent aan het departement Private, Business and Labour Law van Tilburg Law School, Tilburg University. Hij is gespecialiseerd in internationaal arbeidsrecht, fundamentele arbeidsnormen, mensenrechten en duurzame ontwikkeling.
Artikel

Aansluiting bij een terroristische organisatie en verlies van Nederlanderschap. Hoe werkt het in de praktijk?

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Nederlanderschap, Terroristische organisatie, Rijkswet op het Nederlanderschap, Ongewenstverklaring
Auteurs Viola Bex-Reimert, Bert Marseille, Marc Wever e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Article 14 (4) of the Netherlands Nationality Act (RwN) gives the minister of Justice and Security the authority to revoke the Dutch citizenship if that person has voluntarily joined a terrorist organisation that is a threat to national security. In this article, which is based on an evaluation study of article 14 (4) commissioned by the Research and Documentation Center of the Ministry of Justice and Security, the authors discuss the decision-making process of revocation of the Dutch nationality based on article 14 (4) in practice. This article also provides empirical data on this decision-making process, such as on the number of times the Dutch nationality was revoked and the outcomes of court proceedings about article 14 (4) cases.


Viola Bex-Reimert
Mr. dr. V.M. Bex-Reimert is universitair docent migratierecht, verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.

Bert Marseille
Prof. mr. dr. A.T. Marseille is hoogleraar Bestuurskunde, in het bijzonder de Empirische studie bestuursrecht, verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.

Marc Wever
Mr. dr. M. Wever is universitair docent empirisch onderzoek geschilbeslechting, verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.

Paulien de Winter
Dr. P. de Winter is universitair docent empirisch juridisch onderzoek, verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.

Heinrich Winter
Prof. dr. H.B. Winter is hoogleraar Bestuurskunde, verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

The Crimmigration Trend in the Netherlands: Some Critical Reflections

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden crimmigration, immigration control, irregular migrants, the Netherlands, crimmigration critique
Auteurs Richard Staring en Ruben Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the past decade, the concept of crimmigration has dominated legal and criminological understanding of contemporary immigration control. Drawing on the Netherlands as case study, this article provides a critical reflection on ‘crimmigration’ as both a policy trend and a scholarly trend. We argue that much of the existing scholarship has presented a one-dimensional understanding of crimmigration as a unilateral process singularly trending towards increasing punitiveness, securitization and exclusion. We examine a number of concrete examples illustrating the need for a more complex understanding that incorporates an analysis of the full range of actors and (counter)processes within the field of crimmigration.


Richard Staring
Prof. dr. R.H.J.M. Staring, sectie Criminologie, Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Ruben Timmerman
R.I. Timmerman LLM, MA, PhD candidate, sectie Criminologie, Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Expert Judgement geeft crisisteam continu ­inzicht in effectiviteit van maatregelen

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Continu inzicht, Expert Judgement, Impact inschatting, Flood risk management, Besluitvorming
Auteurs Hanneke Vreugdenhil, Bas Kolen, Martin Nieuwenhuis e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Crisis teams from waterauthorities want to have insight into the current risks for the area. The ‘Continuous insight’-method is used by them to monitor the risks of drought and high water and to draw up what-if scenarios for training and exercise. Various cases have now shown that Expert Judgement can be used to gain a clearer picture of the effectiveness of measures and to take a more balanced decision. The Expert Judgement method has been tested and applied by a group of international experts as part of the EU project DRIVER +. During an extreme situation, the crisis team may encounter dilemmas. The engaged group of experts follows a fixed procedure to provide advice to reduce flood risk evacuate to prevent loss of life.
    Each expert makes his own assessment of the effect and impact of the measure envisaged. Each expert provides an explanation of the individual assessment. Then, under the guidance of a process supervisor, the experts discuss individual assessments and exchange arguments. This can lead to new insights. Each expert makes his own assessment again. The result is a probability distribution of estimates and an expected value. This expert assessment of the measure is taken to the crisis team, so that the chance of success and the assessment of the consequences of the proposed measure can be adjusted. The crisis team can take the decision immediately afterwards.
    By following this procedure risk information is made visible. By linking expert knowledge with observations, a better substantiated expectation can be drawn up. According to the participants in the international meetings, the Expert Judgement method in combination with ‘Continuous insight’ helps to make better informed and faster choices. The method fits within the existing crisis management structure. The next step is to implement this method in the day-to-day affairs of crisis management.


Hanneke Vreugdenhil
Hanneke Vreugdenhil is werkzaam bij HKV. h.vreugdenhil@hkv.nl

Bas Kolen
Bas Kolen is directeur van HKV, de kennisondernemer voor water en veiligheid. secretariaat@hkv.nl

Martin Nieuwenhuis
Martin Nieuwenhuis is werkzaam bij Waterschap Rijn en IJssel. m.nieuwenhuis@wrij.nl

Marcel van der Doef
Marcel van der Doef is werkzaam bij Waterschap Brabantse Delta. m.van.der.doef@brabantsedelta.nl

Jan van der Lingen
Jan van der Lingen is werkzaam bij Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. j.vanderlingen@hhnk.nl

André de Rond
André de Rond is werkzaam bij Veiligheidsregio Haaglanden. andre.de.rond@vrh.nl

Marit Zethof
Marit Zethof is werkzaam bij HKV. m.zethof@hkv.nl

Mattijn van Hoek
Mattijn van Hoek is werkzaam bij HKV. m.vanhoek@hkv.nl
Artikel

Kerken in wetgeving en rechtspraak

Recente ontwikkelingen geduid

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden kerkelijke autonomie, inrichtingsvrijheid, godsdienstvrijheid, islam, christendom
Auteurs Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
SamenvattingAuteursinformatie

    This article deals with recent developments in legislation and court rulings concerning churches. These developments are divergent in terms of the issues they concern and the outcome they show. The article sketches the background of each of these developments and analyses and explains them in the perspective of the principle of church autonomy. It concludes with recommendations to the legislature and the courts as well as churches themselves.


Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
Prof. dr. Sophie van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit en redacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Artikel

Indringender rechterlijke toetsing van AVV

Over de processuele consequenties

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2021
Trefwoorden evenredigheidsbeginsel, exceptieve toetsing, bestuursprocesrecht, toetsingsintensiteit, evidence base-toetsing
Auteurs Mr. L.A. van Heusden
SamenvattingAuteursinformatie

    Als de bestuursrechter algemeen verbindende voorschriften voortaan indringender toetst door de zogenoemde ‘evidence base’ ervan te toetsen, waar loopt hij dan tegenaan in de praktijk? De processuele consequenties van een dergelijke toetsing worden in dit artikel beschreven. Specifiek wordt ingezoomd op het bestuursrechtelijke uitgangspunt van ex-tunctoetsing, het ambtshalve aanvullen van de rechtsgronden en de partijstelling. De auteur concludeert dat ondanks de primaire focus van het bestuursprocesrecht op individuele geschilbeslechting, de Awb evidence base-toetsing mogelijk maakt. Om die toetsing in de praktijk aan effect te doen winnen, is echter ook de wetgever nodig.


Mr. L.A. van Heusden
Mr. L.A. (Louise) van Heusden is promovenda bij Tilburg University en werkzaam bij de kennisunit van de directie Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Artikel

Access_open Rechterlijke toetsing van regelgeving

Wat is de betekenis van recente ontwikkelingen in de rechtspraak voor de wetgevingspraktijk van de bestuurswetgever?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2021
Trefwoorden functie van wetgeving, exceptieve toetsing, wetgevingskwaliteit, indringende toetsing, algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Auteurs Mr. dr. G.J.M. Evers en Prof. mr. dr. J.C.A. de Poorter
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel handelt over de gewijzigde jurisprudentie inzake de exceptieve toetsing van algemeen verbindende voorschriften aan rechtsbeginselen. De rechter kan algemeen verbindende voorschriften nu zonder willekeursluis toetsen aan algemene rechtsbeginselen. In principe zou dit ertoe kunnen leiden dat de rechtmatigheid van wetgeving nauwgezetter wordt beoordeeld en de onrechtmatigheid daarvan vaker zou kunnen worden uitgesproken. De auteurs gaan daarbij in op de vraag of bestuurswetgeving deze indringendere wijze van toetsing kan doorstaan. Zij bepleiten het vastleggen van heldere wettelijke eisen betreffende de kwaliteit van wetgeving. Het ontwikkelen van algemene normen voor bestuurswetgeving kan niet aan de rechter alleen worden overgelaten


Mr. dr. G.J.M. Evers
Mr. dr. G.J.M. (Guido) Evers is coördinerend beleidsmedewerker bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en redacteur van RegelMaat.

Prof. mr. dr. J.C.A. de Poorter
Prof. mr. dr. J.C.A. (Jurgen) de Poorter is hoogleraar bestuursrecht aan Tilburg University
Artikel

De burgemeester als ‘sheriff’ in de aanpak van ondermijnende misdaad: op weg naar een wettelijke grondslag?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2020
Trefwoorden burgemeester, ondermijning, openbare orde, georganiseerde criminaliteit
Auteurs Benny van der Vorm en Petrus C. van Duyne
SamenvattingAuteursinformatie

    Traditionally, the mayor has an important role as a citizen’s father and as a maintainer of public order. In the context of the so-called ‘undermining’ criminality, the mayor has been increasingly empowered with new legal instruments to combat undermining criminality. Some mayors see themselves as a sheriff. However, in the Dutch Municipal Act, the mayor only has a task of maintaining the public order. How does this task relate to combating undermining criminality? What is the role of the mayor in the combat of undermining criminality? Nowadays, there is no legal basis in the Dutch Municipal Act to equip the mayor with crime-fighting duties. This article proposes to equip the mayor with a legal duty as a crime fighter.


Benny van der Vorm
Benny van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging en het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Petrus C. van Duyne
Petrus C. van Duyne is emeritus hoogleraar Empirische aspecten van de strafrechtspleging aan de Universiteit van Tilburg.
Rechtsbescherming

De toepasselijkheid van Uniegrondrechten op nationale verdergaande beschermingsmaatregelen

Nadere afbakening van het toepassingsgebied van Uniegrondrechten in het arrest TSN en AKT

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, Uniegrondrechten, algemene beginselen van Unierecht, werkingssfeer van Unierecht, uitvoering van Unierecht
Auteurs Mr. dr. M. de Mol
SamenvattingAuteursinformatie

    De Uniegrondrechten zijn in beginsel van toepassing op nationale maatregelen die vallen binnen een Unierechtelijke bepaling die aan lidstaten een discretionaire bevoegdheid toekent. Het feit dat de lidstaten niet verplicht zijn om gebruik te maken van de bevoegdheid doet hier niet aan af. Hoe zit het echter met Unierechtelijke bepalingen die de lidstaten de ruimte geven om verdergaande bescherming te geven dan het EU-minimum? Als een lidstaat deze mogelijkheid benut door verdergaande bescherming te bieden, zijn de Uniegrondrechten dan ook van toepassing? Het arrest TSN en AKT geeft hierover duidelijkheid.
    HvJ 19 november 2019, gevoegde zaken C-609/17 en C-610/17, ECLI:EU:C:2019:981 (TSN en AKT)


Mr. dr. M. de Mol
Mr. dr. M. (Mirjam) de Mol is raadsheer-plaatsvervanger bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven, onderzoeker aan de Universiteit Maastricht en docent SSR.
Artikel

Opvang in de Wmo? Alleen als je het echt niet zelf kan!

Wet, recht en de gemeentelijke spagaat

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden opvang, dakloos, thuisloos, zelfredzaam, Wmo 2015
Auteurs Mr. E. Klein Egelink, Mr. L. Veenman en Mr. dr. M.F. Vermaat
SamenvattingAuteursinformatie

    Burgers kunnen dak- of thuisloos raken. Velen lossen dat probleem voor kortere of langere termijn zelf op. Sommigen lukt dat niet. Zij kloppen bij de gemeente aan voor opvang. Dat kan op grond van de Wmo 2015. Maar niet iedereen wordt opgevangen en deel van hen die wel opvang krijgt, wordt na verloop van tijd weer uit de opvang gezet. Zonder huis, thuis of dak boven hun hoofd. Toch vinden gemeenten dat deze mensen ‘zelfredzaam’ zijn. In dit artikel gaan wij in op de vraag wat gemeenten op grond van de Wmo 2015 moet doen en hoe de rechtspraak luidt. Of gemeenten buiten de Wmo ook ingevolge internationale verdragen tot een vorm van opvang zijn verplicht, valt buiten het bestek van dit artikel.


Mr. E. Klein Egelink
Mr. E. (Erik) Klein Egelink is senior bestuursrechter bij de rechtbank Gelderland.

Mr. L. Veenman
Mr. L. (Lina) Veenman is advocaat bij Van der Woude De Graaf Advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Mr. dr. M.F. (Matthijs) Vermaat is partner bij Van der Woude De Graaf Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Access_open De effecten van de coronamaatregelen voor mensen met een beperking vanuit een juridisch oogpunt

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden VN-verdrag Handicap, COVID-19, coronamaatregelen, lockdown, crisiscommunicatie
Auteurs Mr. M. Swaanenburg-van Roosmalen
SamenvattingAuteursinformatie

    Coronamaatregelen zijn zeer divers (zowel publiek als privaat) en kunnen verschillend uitpakken voor mensen met een beperking, al naar gelang hun omstandigheden, zoals de plaats waar zij wonen, werken en onderwijs volgen. Hoe verschillend individuele situaties van mensen met een beperking ook kunnen zijn, bij alle maatregelen rond corona moeten juridische analyses de rechten van mensen met een beperking betrekken: niet alleen in het licht van de Grondwet en wetgeving met waarborgen ter zake, maar ook van mensenrechtenverdragen en dan vooral het VN-verdrag Handicap. Het VN-verdrag Handicap is in coronatijd onverminderd van kracht. Uit het verdrag volgt dat ook bij de totstandkoming van coronamaatregelen nauw overleg geboden is met mensen met een beperking en hun representatieve organisaties. Deze bijdrage geeft aan welke aspecten bij het beoordelen van verschillende concrete coronamaatregelen in het bijzonder van belang zijn, gezien het VN-verdrag Handicap.


Mr. M. Swaanenburg-van Roosmalen
Mr. M. (Marjolein) Swaanenburg-van Roosmalen is lid van het College voor de Rechten van de Mens. Deze bijdrage geeft de opvattingen van de auteur weer en bindt het College op geen enkele wijze.
Artikel

‘Battenoord’ op losse schroeven: tijd voor prejudiciële vragen

Is het Activiteitenbesluit wel rechtsgeldig?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden SMB, MER, D’Oultremont, Vlarem
Auteurs Prof. mr. dr. H.E. (Herman) Bröring en Prof. dr. A.W. (Albert) Koers
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteurs gaan naar aanleiding van het arrest van het HvJ EU (Vlarem II) in op de vraag of het Activiteitenbesluit geldig is ondanks dat er geen strategische milieubeoordeling is opgesteld.


Prof. mr. dr. H.E. (Herman) Bröring
Prof. mr. dr. H.E. Bröring is hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. dr. A.W. (Albert) Koers
Prof. dr. A.W. Koers is emeritus hoogleraar aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Kwantificering van de voor- en nadelen van duurzaamheidsafspraken onder artikel 6 lid 3 Mededingingswet

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, afspraken, KBA, WZA, capaciteitenbenadering
Auteurs Eva van der Zee
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage richt zich op de mogelijkheden en beperkingen om voor- en nadelen van een duurzaamheidsafspraak te kwantificeren onder artikel 6 lid 3 Mededingingswet gebaseerd op de kosten-batenanalyse, de welzijnsanalyse en de capaciteitenbenadering.


Eva van der Zee
Dr. E. van der Zee LL.M. is universitair docent aan het Instituut Recht en Economie van de Universiteit van Hamburg.
Artikel

Mag het licht uit?

De transitie naar duurzame energie: subsidiëring en capaciteitsmechanismen en de rol van markt en overheid in de groenestroommarkt

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, groene stroom, energie, subsidie
Auteurs Hans Vedder
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft de ontwikkeling naar duurzamere energieopwekking en de technische, economische en juridische impact ervan. Daarbij staat het toezicht op staatssteun centraal en wordt in kaart gebracht hoe de bevoegdheden zijn verdeeld tussen de Europese Unie (EU) en haar lidstaten.


Hans Vedder
Prof. dr. H.H.B. Vedder is hoogleraar Economisch recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    In dit artikel trachten de auteurs de vraag te beantwoorden in hoeverre de groene koers van mededingingsautoriteiten ook de concentratiecontrole zal of zou kunnen/moeten beïnvloeden. Tegen de achtergrond van de groene ambitie van de EU en de ACM lijkt dit waarschijnlijk en zullen marktpartijen bij het beoordelen van de mededingingsrisico’s van een transactie ook rekening moeten gaan houden met de (mogelijke oplossingen voor) effecten van een transactie op duurzaamheid.


Elske Raedts
Mr. E.N.M. Raedts is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP te Amsterdam.

Inès Lulof
Mr. I.I. Lulof is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP te Amsterdam.
Artikel

De wettelijke bedenktijd in het licht van een goede corporate governance

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2020
Trefwoorden bescherming beursvennootschappen, vennootschappelijk belang, checks-and-balances
Auteurs Mr. N.D. Niederer
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt het spanningsveld tussen de wettelijke bedenktijd en het systeem van corporate governance in het Nederlandse vennootschapsrecht. Teneinde beursvennootschappen aanvullende bescherming te bieden bij een rechtstreeks vijandig overnamebod doet de auteur een voorstel om de reikwijdte van de responstijd uit te breiden.


Mr. N.D. Niederer
Mr. N.D. Niederer is masterstudent aan de Universiteit Maastricht. In juni 2020 is zij cum laude afgestudeerd in de master Nederlands Recht, waaronder de specialisatie privaatrecht.
Asiel en migratie

Access_open Het nieuwe migratie- en asielpact: flexibele solidariteit, verplichte grensprocedures en nog meer dataverzameling

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden migratie, asielrecht, Europese Unie, grensprocedures, solidariteit
Auteurs Prof. dr. H. Battjes, Mr. dr. E.R. Brouwer en Mr. dr. M. den Heijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 23 september 2020 presenteerde de Europese Commissie het migratie- en asielpact. Dit pact beslaat 509 pagina’s aanbevelingen en wetgevende voorstellen op het gebied van migratie- en asielrecht, het Schengenacquis en grenscontrole. In deze bijdrage bespreken we onder meer de vraag in hoeverre de voorstellen een basis bieden voor solidaire, menswaardige, maar ook effectievere migratie- en asiel afspraken in de Europese Unie. De bijdrage gaat met name in op de voorgestelde grensprocedures en de hervorming van het Dublinsysteem. Ook bespreken we de plannen ter versterking van Schengen en de maatregelen op het gebied van persoonsgegevens en EU- datasystemen.
    Mededeling van de Commissie over een nieuw migratie- en asielpact COM(2020)609 def., 23 september 2020.


Prof. dr. H. Battjes
Prof. dr. H. (Hemme) Battjes is hoogleraar Europees asielrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. E.R. Brouwer
Mr. dr. E.R. (Evelien) Brouwer is universitair docent migratierecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. M. den Heijer
Mr. dr. M. (Maarten) den Heijer is universitair docent internationaal recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Telecommunicatie

Kroniek Telecommunicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden elektronische communicatie, Telecomcode, connectiviteit, aanleg netwerken, netneutraliteit
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    De beschikbaarheid van vaste en mobiele netwerken met zeer hoge capaciteit, zoals glasvezelnetwerken en 5G-netwerken, is cruciaal in de digitale economie. De Richtlijn van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie (‘de Telecomcode’) heeft als doelstelling om bij te dragen aan de ontwikkeling van hoogwaardige netwerken. Deze connectiviteitsdoelstelling staat naast de reeds bestaande doelstellingen op het gebied van mededinging, interne markt en de bescherming van eindgebruikers. Deze bijdrage beschrijft allereerst de maatregelen, veelal soft law, die ter invulling van de connectiviteitsdoelstelling in de twee jaar na de vaststelling van de Telecomcode op Europees niveau zijn genomen, zoals Berec-richtsnoeren met een verduidelijking van nieuwe begrippen en instrumenten in de Telecomcode en een Aanbeveling van de Commissie voor een toolbox om de kosten van aanleg van nieuwe netwerken te verlagen. Daarna komt de gedeeltelijke implementatie in de Nederlandse Telecommunicatiewet aan de orde. Vervolgens passeert de jurisprudentie de revue, waarin een uitleg van de reikwijdte en de inhoud van het kader voorafgaand aan de Telecomcode, en van de Netneutraliteitsrverordening wordt gegeven. Daarbij wordt, waar relevant, ook benoemd hoe de uitleg zicht verhoudt tot de Telecomcode en de Nederlandse implementatie.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is als bijzonder hoogleraar Telecommunicatierecht verbonden aan eLaw van de Universiteit Leiden en is advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Toont 21 - 40 van 298 gevonden teksten
« 1 2 4 5 6 7 8 9 14 15
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.