Zoekresultaat: 130 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht x Rubriek Artikel x
Artikel

Rechtsgevolgen van stille cessie

Proefschrift van mr. drs. J.W.A. Biemans

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2013
Auteurs Mr. M.G. van ’t Westeinde
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het proefschrift van mr. drs. J.W.A. Biemans


Mr. M.G. van ’t Westeinde
Mr. M.G. van ’t Westeinde is advocaat bij Loyens en Loeff NV te Amsterdam.

    Bespreking van het proefschrift van mr. K.J.O. Jansen


Mr. W.L. Valk
Mr. W.L. Valk is vicepresident van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

Contractsvrijheid in noodgevallen

HR 12 oktober 2012, LJN BW7505 (Gemeente Moerdijk/Wilchem B.V.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2012
Trefwoorden overheid, onrechtmatige daad, contractsvrijheid, bestuursdwang, kostenverhaal
Auteurs Mr. R.D. Lubach
SamenvattingAuteursinformatie

    Het te bespreken arrest, naar aanleiding van de opruimingswerkzaamheden als gevolg van de brand bij Chemie-Pack in Moerdijk, geeft aanleiding tot enkele opmerkingen over de betekenis van contractsvrijheid in noodgevallen en de vraag of de overheid zou moeten opkomen voor daarbij genomen risico’s.


Mr. R.D. Lubach
Mr. R.D. Lubach is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Een dilemma uit de bankpraktijk: verrekenen of uitwinnen?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2012
Trefwoorden verrekening, openbaar pandrecht, actio Pauliana, faillissement
Auteurs Mr. A.C.L. Zwalve
SamenvattingAuteursinformatie

    Als de bank een ruime verrekeningsbevoegdheid heeft en een pandrecht op de vorderingen van de rekeninghouder op haarzelf heeft zij een keuze. Buiten en ten tijde van faillissement heeft een beroep op verrekening praktische voordelen, maar in het zicht van faillissement biedt de uitwinning van het pandrecht meer verhaal.


Mr. A.C.L. Zwalve
Mr. A.C.L. Zwalve is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Belastingplan 2013: de beoogde versterking van het bodemvoorrecht van de fiscus

Juridische en economische implicaties

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2012
Trefwoorden bodemvoorrecht fiscus, stil pandrecht, eigendomsvoorbehoud, bodemverhuur, Pauliana, Invorderingswet 1990
Auteurs Mr. R. van den Bosch
SamenvattingAuteursinformatie

    Als gevolg van een voorgenomen aanpassing van de Invorderingswet 1990 in het kader van het Belastingplan 2013 worden de rechten van financiers met een stil pandrecht en eigendomsvoorbehoud ondergeschikt gemaakt aan het bodemvoorrecht van de fiscus. Met het oog op de te verwachten juridische en economische implicaties pleit de auteur voor opschorting en heroverweging van de voorgestelde aanpassing.


Mr. R. van den Bosch
Mr. R. van den Bosch is als bedrijfsjurist werkzaam voor ING Bank.
Artikel

Banesto/Caldéron Camino – Unierechtelijke geboden en verboden bij toetsing aan Europees consumentenrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden ambtshalve toetsing, consumentenrecht, Unierecht, partiële nietigheid, conversie, betalingsbevelprocedure
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt aan de hand van het arrest Banesto van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 14 juni 2012 nader ingegaan op de verplichtingen die vanuit het EU-recht rusten op nationale rechters bij toetsing aan Europees consumentenrecht.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Kwalificatie effectenleaseproducten als koop op afbetaling; mogelijke gevolgen voor aandelengerelateerde beloningen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2012
Trefwoorden effectenlease, koop op afbetaling, toestemmingsvereiste, aandelengerelateerde beloningen
Auteurs Mr. I.D.J. Willemars
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van 23 december 2011 heeft de Hoge Raad bepaald dat effectenleaseproducten, bestaande uit een lening- en een koopelement, met verschillende rentetermijnen en aflossing ineens, als koop op afbetaling kunnen kwalificeren. Onderzocht wordt of dit gevolgen heeft voor de toekenning van aandelengerelateerde beloningen.


Mr. I.D.J. Willemars
Mr. I.D.J. Willemars is advocate bij Holland Van Gijzen Advocaten en Notarissen te Rotterdam.
Artikel

Wanneer is fout ook goed fout? Beroepsaansprakelijkheid van advocaten onder de loep

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2012
Trefwoorden beroepsfout, advocaat, maatstaf beroepsaansprakelijkheid, praktijkvoering
Auteurs Mr. J.M.L. van Duin, Mr. T. Novakovski en Mr. C.B. Vreede
SamenvattingAuteursinformatie

    Advocaten worden regelmatig geconfronteerd met beroepsaansprakelijkheidsclaims. De maatstaf van een redelijk bekwaam en redelijk handelend advocaat wordt ingevuld in de (lagere) rechtspraak. In deze bijdrage wordt de rechtspraak over 2010, 2011 en 2012 in kaart gebracht en geanalyseerd. Deze rechtspraak biedt een aantal handvatten voor de praktijkvoering van advocaten.


Mr. J.M.L. van Duin
Mr. J.M.L. van Duin, mr. T. Novakovski en mr. C.B. Vreede zijn advocaten bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

Mr. T. Novakovski

Mr. C.B. Vreede

Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Charlotte Pavillon is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Groningen Centre for Law and Governance (RUG). Mijn dank gaat uit naar Jesse Meindertsma voor zijn waardevolle bijdrage aan de totstandkoming van dit artikel.

mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie advocaten in Amsterdam, directeur van Law@Work B.V en raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Prof. dr. A. De Boeck
Prof. dr. A. De Boeck is hoofddocent privaatrecht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel, docent aan de Universiteit Antwerpen en geaffilieerd onderzoeker aan de KU Leuven.
Artikel

De zelfstandige betekenis van lid 4 van art. 7:658 BW

HR 23 maart 2012, RvdW 2012, 447 (Davelaar/Allspan)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden werkgeversaansprakelijkheid, art. 7:658 lid 4 BW, zzp’er, zorgplicht
Auteurs Mr. A. Kolder en Mr. R.K.R. Zwols
SamenvattingAuteursinformatie

    Kan een zelfstandige arbeidskracht ook de bescherming inroepen van lid 4 van art. 7:658 BW? Op 23 maart 2012 heeft de Hoge Raad zich hierover moeten uitspreken. In deze bijdrage wordt in het licht van het oordeel van de Hoge Raad stilgestaan bij de toepassingsvoorwaarden van het artikellid. Ook wordt aandacht besteed aan de (vervolg)vraag naar de – op een zorgplichtschending gebaseerde – aansprakelijkheid van de inlener/opdrachtgever conform lid 1-3 van art. 7:658 BW.


Mr. A. Kolder
Mr. A. Kolder is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen en duaal promovendus en docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. R.K.R. Zwols
Mr. R.K.R. Zwols is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen.
Artikel

Informatieplichten bij bemiddeling verkoop melkquota

HR 24 februari 2012, LJN BU9855, NJ 2012, 144 (Mooijman c.s./WLTO)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden informatieplichten, overeenkomst van opdracht, mededelingsplicht, onderzoeksplicht
Auteurs Mr. K.J.O. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    De hier geannoteerde uitspraak ziet op de wederzijdse informatieplichten uit hoofde van een overeenkomst van opdracht (art. 7:400 e.v. BW), meer in het bijzonder de opdracht tot bemiddeling bij de verkoop van melkquota. Aan de orde komen onder meer het rechtskarakter van zulke informatieplichten en de verhouding tussen de mededelingsplicht van de opdrachtgever en de onderzoeksplicht van de opdrachtnemer.


Mr. K.J.O. Jansen
Mr. K.J.O. Jansen is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

Samenhangende overeenkomsten en de gevolgen voor de mogelijkheden van ontbinding en opschorting

HR 20 januari 2012, LJN BU3162 (AgfaPhoto Finance/Foto Noort c.s.) en HR 3 februari 2012, LJN BU4907 (Euretco/Naeije)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden samenhangende overeenkomsten, opschorting, ontbinding, opeisbaarheid vordering, rechtsgevolg
Auteurs Mr. E.-J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad maakt in AgfaPhoto Finance/Foto Noort c.s. duidelijk dat het bereik van het argument van de nauwe samenhang tussen de overeenkomsten begrensd is voor wat betreft het rechtsgevolg dat aan de samenhang wordt verbonden. De Hoge Raad heeft zich twee weken na AgfaPhoto Finance/Foto Noort c.s. in Euretco/Naeije opnieuw uitgelaten over samenhangende overeenkomsten en de gevolgen voor de mogelijkheden van ontbinding en opschorting. Een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis uit de ene overeenkomst kan de opschorting rechtvaardigen van een verplichting die voortvloeit uit een daarmee samenhangende overeenkomst. Eventuele onzekerheid omtrent het bestaan en de omvang van een mogelijke vordering uit wanprestatie doet niet af aan de opeisbaarheid van die vordering. Een en ander staat ook niet in de weg aan de aanvaarding van een beroep op een opschortingsrecht.


Mr. E.-J. Zippro
Mr. E.-J. Zippro is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek.
Artikel

Tegenstrijdige Europese regelgeving? De verhouding tussen de EEX-verordening en de Richtlijn oneerlijke bedingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden forumkeuze, EEX-verordening, Richtlijn oneerlijke bedingen, coherentie Europees recht, ambtshalve toetsing
Auteurs Mr. M.W. Knigge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de verhouding tussen de EEX-verordening en de Richtlijn oneerlijke bedingen. Kan een forumkeuzebeding dat voldoet aan alle vereisten die in de EEX-verordening worden gesteld, toch onverbindend zijn op grond van de Richtlijn oneerlijke bedingen? En is art. 24 EEX-Vo wel verenigbaar met deze richtlijn?


Mr. M.W. Knigge
Mr. M.W. Knigge is universitair docent aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Dienen showroommodellen tot ‘stoffering’ in de zin van art. 22 lid 3 Invorderingswet 1990?

HR 9 december 2011, LJN BT2700 (ING/Quint q.q.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden bodemrecht, bodemzaken, stoffering, Invorderingswet, showroommodellen
Auteurs Mr. D.D. Nijkamp
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren is door feitenrechters verschillend geoordeeld over de vraag of showroommodellen bodemzaken zijn in de zin van art. 22 lid 3 Invorderingswet. In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan het arrest ING/Quint q.q. van 9 december 2011 (LJN BT2700), waarin de Hoge Raad uitsluitsel geeft.


Mr. D.D. Nijkamp
Mr. D.D. Nijkamp is advocaat bij Stibbe.
Artikel

Redelijkheid en billijkheid en hun overlap met verwante wettelijke bepalingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Open normen, Redelijkheid en billijkheid, Samenloop
Auteurs Mr. V. van den Brink
SamenvattingAuteursinformatie

    De overbekendheid van de redelijkheid en billijkheid leidt ertoe dat daarop vaak een beroep wordt gedaan, ook in gevallen waarin wellicht een andere open norm beschikbaar was. Aan de hand van de wetsgeschiedenis en rechtspraak van de Hoge Raad wordt onderzocht of en in hoeverre die eenzijdige keuze tot problemen kan leiden.


Mr. V. van den Brink
Mr. Van den Brink is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem.
Artikel

Gemengde overeenkomsten

De betekenis van art. 6:215 BW in de praktijk: kwalificatie van overeenkomsten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Gemengde overeenkomsten, Kwalificatie van overeenkomsten, Samenloop, Bijzondere overeenkomsten, Benoemde overeenkomsten
Auteurs Mr. M.E. Hinskens-van Neck en Mr. L.A.R. Siemerink
SamenvattingAuteursinformatie

    In de voorganger van het Maandblad voor Vermogensrecht is geschreven over gemengde overeenkomsten, de samenloop van verschillende door de wet benoemde bijzondere overeenkomsten, waarvoor art. 6:215 BW een grondslag biedt. Deze bijdrage bouwt hierop voort. Daartoe wordt ingegaan op de samenloop van verschillende wetsbepalingen en op de samenloop van overeenkomsten, om daarna in te gaan op de norm van art. 6:215 BW. Vervolgens wordt aan de hand van jurisprudentie de betekenis van art. 6:215 BW in de praktijk besproken.


Mr. M.E. Hinskens-van Neck
Mr. Hinskens-van Neck en mr. Siemering zijn gerechtsauditeurs bij de Hoge Raad der Nederlanden. Deze bijdrage is door hen geschreven op persoonlijke titel.

Mr. L.A.R. Siemerink
Mr. Siemerink is redactielid van MvV.
Artikel

Het akkoord

Proefschrift van mr. A.D.W. Soedira

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden akkoord in faillissement, buitengerechtelijk akkoord, schuldsaneringsinstrument, doorbreking paritas creditorum
Auteurs Mr. A.J.J. van der Heiden
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het proefschrift van mr. A.D.W. Soedira


Mr. A.J.J. van der Heiden
Mr. A.J.J. van der Heiden is advocaat te Den Helder. Hij is gepromoveerd op franchising en is redacteur van De praktijkgids. Vanaf 1989 publiceert hij regelmatig over het buitengerechtelijk dwangakkoord.
Artikel

De onvermoede reikwijdte van de mededingingsrechtelijke nietigheid

HR 16 september 2011, LJN BQ2213, RvdW 2011, 1104 (Batavus/Vriend’s Tweewielercentrum)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2011
Trefwoorden mededingingsrecht, distributierelaties, opzegging, nietigheidssanctie, merkbare beperking van de mededinging
Auteurs Mr. P.J. Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak staat de nietigheidssanctie van art. 6 lid 2 Mw centraal. Op grond daarvan zijn overeenkomsten die in strijd zijn met het kartelverbod nietig. De Hoge Raad heeft deze nietigheid op een afzonderlijke en eenzijdige rechtshandeling toegepast, in dit geval de opzegging door Batavus van een prijsvechtende distributeur. Die opzegging volgde op de druk die op Batavus werd uitgeoefend door haar andere distributeurs, nadat zij over hun prijsvechtende collega hadden geklaagd, en was daarmee volgens alle rechterlijke instanties in deze zaak het ‘sluitstuk’ van concurrentiebeperkend feitelijk onderling afgestemd gedrag van Batavus en haar distributeurs. Hoewel feitelijk gedrag niet voor nietigheid vatbaar lijkt, zag de Hoge Raad kennelijk geen probleem in toepassing van de nietigheidssanctie op een eenzijdige rechtshandeling die volgt uit feitelijk gedrag. De zaak illustreert nog eens het (mededingingsrechtelijk) lastige parket waarin leveranciers door hun distributeurs kunnen worden gebracht.


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat bij Linklaters LLP te Amsterdam.
Toont 21 - 40 van 130 gevonden teksten
« 1 2 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.