Zoekresultaat: 94 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Markt & Mededinging x Rubriek Jurisprudentie x
Jurisprudentie

Menzis – Apotheek Van Dalen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2011
Trefwoorden aanmerkelijke marktmacht, artikel 48 WMG, apotheek, proportionaliteit, samenloop bevoegdheden NMa en NZa
Auteurs Mr. M.Ph.M. Wiggers en Mr. dr. J.J.M. Sluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    Zorgverzekeraar Menzis heeft een klacht ingediend bij de NMa en de NZa, omdat Apotheek J.D. Van Dalen geen contract met Menzis wil sluiten als het preferentiebeleid van Menzis daar onderdeel vanuit maakt. Hierdoor wordt Menzis, die een zorgplicht heeft, geconfronteerd met prijzen die niet marktconform zijn. Apotheek Van Dalen kan, volgens Menzis, weigeren om een contract te sluiten omdat zij aanmerkelijke marktmacht heeft. De NZa neemt – in overleg met de NMa – op grond van de voorrangsregel uit artikel 18 Wet marktordening gezondheidszorg en het Samenwerkingsprotocol de klacht van Menzis in behandeling.


Mr. M.Ph.M. Wiggers
Mr. M.Ph.M. Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en is verbonden als buitenpromovendus aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. dr. J.J.M. Sluijs
Mr. dr. J.J.M. Sluijs is advocaat bij Legaltree te Den Haag.
Jurisprudentie

Mededingingsanalyse verticale concentratie ambulancezorg: uitspraak Rechtbank Rotterdam te kort door de bocht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2011
Trefwoorden LJN BP5712, concentratiecontrole zorgsector, marktafbakening, zorgbelangen, zienswijze NZa
Auteurs Mr. dr. E.M.H. Loozen en Dr. M. Varkevisser
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze uitspraak heeft de Rechtbank Rotterdam het besluit bevestigd waarin de NMa had geconcludeerd dat geen vergunning was vereist voor de overname van de VZA Groep BV door het Academisch Medisch Centrum. De beroepen van Stichting Onze Lieve Vrouwe Gasthuis en Sint Lucas Andreas Ziekenhuis worden ongegrond verklaard, omdat de NMa volgens de rechtbank aannemelijk heeft gemaakt dat de concentratie niet tot gevolg zal hebben dat de daadwerkelijke mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan op significante wijze wordt belemmerd. In deze annotatie ligt de nadruk op de wijze waarop de markt is afgebakend en de daarop gebaseerde mededingingsanalyse.


Mr. dr. E.M.H. Loozen
Mr. dr. E.M.H. Loozen is verbonden aan het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. M. Varkevisser
Dr. M. Varkevisser is verbonden aan het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

De ene beslissing is de andere niet: de beperkingen voor nationale autoriteiten

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2011
Trefwoorden negatieve beslissingen, bevoegdheden nationale autoriteiten, procedurele autonomie, rechtstreekse werking Verordening (EG) nr. 1/2003
Auteurs Dr. L. Parret
SamenvattingAuteursinformatie

    De prejudiciële vragen stellen de bevoegdheidsverdeling tussen de Commissie en de nationale autoriteiten aan de orde. Door te bepalen dat nationale autoriteiten geen negatieve beslissingen mogen nemen (namelijk vaststellen dat er geen inbreuk is op de artikelen 101 of 102 VWEU) worden de krachtverhoudingen binnen het netwerk van handhavers op scherp gesteld. Verrassend is dat niet: dat het ECN-netwerk een samenwerking tussen gelijken zou zijn, is een illusie die nog door weinigen wordt verdedigd.


Dr. L. Parret
Dr. L. Parret is lid van de Belgische Raad voor de Mededinging, ere-advocaat aan de balie van Brussel, docent aan de Tilburg University en lid van TILEC (Tilburg Law and Economics Center).
Jurisprudentie

US Supreme Court: American Needle

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Sherman Act, afgestemd gedrag, ondernemingsbegrip
Auteurs Mr. M.J. Plomp
SamenvattingAuteursinformatie

    Supreme Court of the United States 24 mei 2010, American Needle Inc./National Football league e.a. De Supreme Court heeft beoordeeld of afspraken tussen de 32 football clubs in de NFL over gezamenlijke exploitatie van IE-rechten en exclusieve licentieverlening onder Section 1 Sherman Act vallen. De Supreme Court oordeelt dat de football clubs geen economische eenheid vormen en op grond van het Amerikaanse kartelverbod hun gedrag onderling hebben afgestemd. De afspraken kunnen gerechtvaardigd zijn op grond van de ‘rule of reason’. Waar in het Europese mededingingsrecht het ondernemingsbegrip centraal staat draait het in het Amerikaanse mededingingsrecht om afgestemd gedrag. Ook onder het Amerikaanse kartelverbod wordt, evenals onder het Europese, aan het ondernemingsbegrip een functionele invulling gegeven.


Mr. M.J. Plomp
Mr. M.J. Plomp is werkzaam als advocaat bij BarentsKrans te Den Haag.
Jurisprudentie

Veolia/CDC-Transdev – heeft de NMa de bus gemist?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2011
Trefwoorden NMa, vergunning, openbaar vervoer, aanbesteding, biedmarkten
Auteurs Drs. M. Visser en Drs. J. Algera
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2010 heeft de NMa voor de fusie van de Nederlandse activiteiten van Veolia en CDC-Transdev, eigenaar van Connexxion, na diepgaand twee fase onderzoek een vergunning verleend zonder voorwaarden op te leggen. Door de fusie ontstaat een onderneming met een hoog aandeel op de markt voor openbaar (bus)vervoer in Nederland, en daalt het aantal grotere spelers op de markt (bieders op concessies) van vier naar drie. De auteurs bespreken het besluit van de NMa, vergelijken deze met het besluit van de Franse mededingingautoriteit in dezelfde zaak, en maken op grond hiervan kritische kanttekeningen bij de economische analyse van de effecten van de fusie op de concurrentie.


Drs. M. Visser
Drs. M. Visser is partner bij RBB Economics.

Drs. J. Algera
Drs. J. Algera is Senior Associate bij RBB Economics.
Jurisprudentie

Van Europese en Nederlandse prioriteiten

(GvEA 15 december 2010, zaak T-427/08, Confédération europeénne des associations d’horlogers-réparateurs, n.n.g.; CBb 20 augustus 2010, Vereniging van Reizigers/NMa II, LJN BN4700)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2011
Trefwoorden beleidsruimte bij afdoen van klachten zonder onderzoek, primaire en secundaire productmarkten, beginselplicht tot handhaving in het mededingingsrecht
Auteurs Mr. P.J. Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    In kort bestek heeft zowel het Gerecht van Eerste Aanleg van de Europese Unie als het College van Beroep voor het bedrijfsleven zich kritisch uitgelaten over besluiten van respectievelijk de Commissie en de NMa om een klacht niet (verder) in behandeling te nemen wegens gebrek aan prioriteit. Het CBb trekt de teugels aan met de introductie in het mededingingsrecht van de beginselplicht tot handhaving, terwijl het Gerecht, kritisch en tamelijk diep toetsend, de eigen rechtspraak op het punt van het (gebrek aan) ‘communautair belang’ als prioriteringscriterium aanscherpt.


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat bij Linklaters LLP te Amsterdam.
Jurisprudentie

CBb oordeelt dat NMa onderzoek in zaak mobiele operators deels overnieuw moet doen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2011
Trefwoorden oafg, informatie-uitwisseling, anic-bewijsvermoeden
Auteurs Mr. L.E.J. Korsten
SamenvattingAuteursinformatie

    In de langslepende zaak van de mobiele operators heeft het CBb, na de prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak T-Mobile Netherlands (zaak C-08/8), geoordeeld dat de NMa haar onderzoek deels overnieuw moet doen. De rechtbank was reeds in beroep tot deze conclusie gekomen. Dit oordeel is nu in hoger beroep door het CBb bevestigd. De NMa zal derhalve alsnog het door de mobiele operators gevoerde verweer moeten beoordelen dat het causaal verband tussen de door het CBb vastgestelde onderlinge afstemming en het daarop volgende marktgedrag van de mobiele operators ontbreekt.


Mr. L.E.J. Korsten
Mr. L.E.J. Korsten is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.
Jurisprudentie

Het recht op informatie van toezichthouders

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden inzagerecht NZa, medisch beroepsgeheim, artikel 8 EVRM
Auteurs Prof. mr. A.T. Ottow
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de orde is het inzagerecht van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) op grond van artikel 66 Wet marktordening gezondheidszorg. De NZa stelde een controleonderzoek in bij een ziekenhuis en verlangde daartoe inzage in medische persoonsgegevens. Het ziekenhuis weigerde deze patiëntgegevens te verstrekken met een beroep op het medisch beroepsgeheim. Het CBb oordeelt dat het verschoningsrecht van de medische beroepsgroep niet zonder meer van toepassing is. Een wettelijke grondslag is aanwezig voor een beperking van het recht van patiënten op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer ingevolge artikel 8, lid 2 EVRM en daarmee eveneens voor een inbreuk op het daarmee samenhangende medische beroepsgeheim.


Prof. mr. A.T. Ottow
Prof. mr. A.T. Ottow is hoogleraar economisch publiekrecht, Europa Instituut, Universiteit Utrecht en geassocieerd lid van het college van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA). Tevens is zij redactielid van M&M.

    Het hier te bespreken arrest markeerde het eindpunt van de eerste procedure in Luxemburg naar aanleiding van een beschikking van de Commissie op grond van artikel 9 Verordening (EG) 1/2003, waarin toezeggingen van De Beers, marktleider in de diamanthandel in Europa, om niet langer zaken te doen met Alrosa, verbindend werden verklaard. Om meerdere redenen een belangrijke zaak: het gaat om een steeds belangrijker handhavingsinstrument, ook in artikel 102-zaken, het Hof van Justitie komt tot een diametraal ander oordeel dan het Gerecht van Eerste Aanleg en bevestigt andermaal de (uiterst) terughoudende toetsing van mededingingsrechtelijke beschikkingen van de Commissie. De effect based-toepassing van artikel 102 VWEU lijkt onverminderd ver weg.


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Jurisprudentie

Menzis – Apotheek J.D. van Dalen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden misbruik van machtspositie, Menzis, preferentie, NZa
Auteurs Mr. M.Ph.M. Wiggers en Mr. dr. J.J.M. Sluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    O.M.W. Menzis Zorgverzekeraar U.A. en O.M.W. Anderzorg U.A. (hierna gezamenlijk: Menzis) zijn zorgverzekeraar in de zin van artikel 1 onder d Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). Menzis hanteert sinds 2005 een preferentiebeleid inhoudende dat Menzis voor een aantal werkzame stoffen één of meer geneesmiddelen aanwijst die voor verstrekking dan wel vergoeding in aanmerking komen en waarmee andere geneesmiddelen die dezelfde werkzame stoffen bevatten worden uitgesloten van verstrekking of vergoeding op basis van de polis. Als zorgverzekeraar berust op Menzis de plicht zijn verzekerden toegang te geven tot de zorg waar zij wettelijk aanspraak op en behoefte aan hebben. Op grond van deze zorgplicht wil Menzis Apotheek J.D. van Dalen (hierna: Van Dalen) contracteren. Van Dalen weigert echter een contract met Menzis te sluiten zolang Menzis haar preferentiebeleid in het contract handhaaft. Op 31 juli 2009 heeft Menzis hierover een klacht ingediend bij (1) de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) op grond van misbruik van economische machtspositie (art. 24 Mw), en (2) aan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) verzocht haar bevoegdheden ten aanzien van aanmerkelijke marktmacht (AMM) toe te passen (art. 48 Wmg en 49 Wmg). Op basis van artikel 18 Wmg (voorrangsbeginsel NZa) en het samenwerkingsprotocol gesloten tussen de NMa en de NZa is deze zaak (uitsluitend) in behandeling genomen door de NZa.


Mr. M.Ph.M. Wiggers
Mr. M.Ph.M. (Marc) Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen als buitenpromovendus.

Mr. dr. J.J.M. Sluijs
Mr. dr. J.J.M. (Jan-Koen) Sluijs is advocaat bij Legaltree Sluijs te Den Haag.
Jurisprudentie

Europese Commissie/Tetra Laval

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4/5 2005
Trefwoorden concentratie, bewijslast, mededinging, potentiële concurrentie, verbintenis, beschikking, toezicht, machine, concentratietoezicht, Nederlandse mededingingsautoriteit
Auteurs T.R. Ottervanger en I. Veldhuis

T.R. Ottervanger

I. Veldhuis
Jurisprudentie

STICHTING WIT- EN BRUINGOED, ZAAKNR. 1153

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 7 2001
Trefwoorden Nederlandse mededingingsautoriteit, verwijderingsbijdrage, stichting, mededinging, producent, voorwaarde, ontheffing, consument, mededeling, voorraad
Auteurs H.H.B. Vedder

H.H.B. Vedder
Jurisprudentie

KNVB/STICHTING FEYENOORD

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 7 2001
Trefwoorden uitzendrecht, verkoop, overeenkomst, beschikking, kartelverbod, mededinging, mededingingsrecht, verdrag, exploitatie, radio
Auteurs L.Y.J.M. Parret

L.Y.J.M. Parret
Jurisprudentie

GlaxoSmithKline/Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden beperking van parallelhandel in geneesmiddelen, ontheffing, restrictie met mededingingsbeperkende strekking, bewijslast
Auteurs A.E. Beumer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 6 oktober 2009 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (‘Hof’) arrest gewezen in de langlopende strijd tussen farmaceutische producenten die de parallelhandel in geneesmiddelen beperken en de Europese Commissie (‘Commissie’). In dit arrest bevestigt het Hof dat het systeem van dubbele prijsstelling voor geneesmiddelen van GlaxoSmithKline Services Unlimited (‘GSK’) in strijd is met artikel 81 EG-Verdrag (nieuw: artikel 101 VWEU). Het Hof volgt echter niet de vaststelling van het Gerecht dat de dubbele prijsstelling van GSK geen mededingingsbeperkende strekking heeft. Volgens het Hof heeft in principe elke overeenkomst die de parallelhandel beperkt een mededingingsbeperkende strekking. Hetzelfde geldt voor een overeenkomst die de parallelhandel van geneesmiddelen beperkt. Verder onderschrijft het Hof de conclusie van het Gerecht dat de Commissie onvoldoende aandacht heeft besteed aan de mogelijke efficiëntiewinsten bij haar beoordeling van een mogelijke ontheffing op grond van artikel 81 lid 3 EG-Verdrag.


A.E. Beumer LLM
A.E. Beumer LLM is werkzaam bij het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Jurisprudentie

NMa-besluit kinderopvang Amsterdam

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Toezeggingsbesluit, formele convergentie EU en Nederlandse mededingingsrecht, clementiebeleid, marktverdelingsafspraak
Auteurs Mr. P.V.F. Bos
SamenvattingAuteursinformatie

    De vijf betrokken ondernemingen, alle actief in de kinderopvang, vormen vanaf juli 2005 een samenwerkingsverband. Het bezwaar van de NMa tegen dit samenwerkingsverband is dat de ondernemingen hadden afgesproken geen activiteiten te ontplooien in het werkgebied van een ander zonder instemming.De ondernemingen zeggen toe dat zij zich in de toekomst zullen onthouden van het aan elkaar verschaffen van inzicht in elkaars marktgedrag. De NMa verklaart vervolgens op 30 juni 2008 de toezegging bindend. Dit is tot heden het enige toezeggingsbesluit van de NMa ex artikel 49A Mw.Het instrument van het toezeggingsbesluit lijkt een aanzet tot verdere bestuursrechtelijke convergentie tussen Nederland en de EU.


Mr. P.V.F. Bos
Mr. P.V.F. Bos is advocaat te ’s-Gravenhage, BarentsKrans N.V.
Jurisprudentie

T-Mobile e.a./NMa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden onderling afgestemde feitelijke gedraging, mededingingsbeperkende strekking, informatie-uitwisseling tussen concurrenten, bewijsvermoeden causaal verband
Auteurs Mr. L.E.J. Korsten
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juni 2009 beantwoordde het Hof van Justitie prejudiciële vragen in de zaak van de mobiele operators (zaak C-8/08, T-Mobile e.a./NMa). De eerste vraag van het CBb had betrekking op de uitleg van het begrip onderling afgestemde feitelijke gedraging (oafg) met mededingingsbeperkende strekking. Volgens het Hof heeft een oafg een mededingingsbeperkende strekking wanneer zij concreet de mededinging binnen de gemeenschappelijke markt concreet kan beperken. Uitwisseling van informatie tussen concurrenten heeft een mededingingsbeperkende strekking wanneer zij onzekerheden over voorgenomen gedrag kan wegnemen. De tweede en derde vraag van het CBb betroffen de toepassing van het zogenoemde Anic-bewijsvermoeden met betrekking tot het causaal verband tussen afstemming en daaropvolgend marktgedrag. Volgens het Hof is dit bewijsvermoeden een regel van materieel recht. Het bewijsvermoeden mag bij elke oafg worden toegepast.


Mr. L.E.J. Korsten
Mr. L.E.J. Korsten is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.
Jurisprudentie

Marge-uitholling onder de Sherman Act

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden marge-uitholling, Sherman Act, regulering, misbruik
Auteurs mr. A.A.J. Pliego Selie
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hooggerechtshof heeft in deze zaak uitgemaakt dat marge-uitholling geen zelfstandige overtreding vormt van Section 2 van de Sherman Act. Marge-uitholling is alleen onrechtmatig als kan worden aangetoond dat er sprake is van een op de Sherman Act gebaseerde leveringsplicht op groothandelsniveau, dan wel van roofprijzen op eindgebruikersniveau. Indien dat, zoals in linkLine, niet het geval is, is er ook geen plicht om tegen een bepaalde – niet-marge-uithollende – prijs te verkopen. De uitspraak bevestigt de Amerikaanse lijn met betrekking tot misbruik van economische machtsposities en de betekenis in dit verband van sectorregulering. Deze contrasteert met die van met name de Europese Commissie en het Hof van Justitie.


mr. A.A.J. Pliego Selie
Mr. A.A.J. Pliego Selie is senior medewerker bij de Juridische Dienst van de NMa.
Jurisprudentie

CD-Contact Data GmbH/Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden ziekenhuizen, failing firm, IGZ, efficiëntieverweer, publieke belangen
Auteurs Mr. S. Verschuur en Mr. F. Bleker
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest CD-Contact Data staat de vraag centraal wanneer een distributeur mag worden geacht te hebben ingestemd met het beleid van een leverancier tot beperking van parallelhandel. Als een leverancier stelselmatig probeert parallelhandel uit te bannen, moeten distributeurs terughoudend zijn met het uitwisselen van informatie over parallelhandel in hun gebied. Als de distributeur parallelhandel aan de kaak stelt bij de leverancier, loopt hij het risico een inbreuk te plegen op het kartelverbod. Na dit arrest ligt de drempel hier dus niet hoog.


Mr. S. Verschuur
Mr. S. Verschuur is advocaat bij KienhuisHoving te Enschede.

Mr. F. Bleker
Mr. F. Bleker is advocaat bij KienhuisHoving te Enschede.
Jurisprudentie

De fietsenzaak: bewijsregels revisited

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2009
Trefwoorden onderling afgestemde feitelijke gedraging, bewijs, bewijsvermoeden, bewijsregels, doeltreffendheidsbeginsel
Auteurs Mr. Y. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    In de ‘fietsenzaak’ past de rechtbank bewijsregels toe die door het Hof van Justitie (hierna: het Hof) en het Gerecht van Eerste Aanleg (hierna: het Gerecht) worden gehanteerd in zaken waarin de toepassing van artikel 81 EG-Verdrag door de Commissie wordt getoetst. Dat deed de rechtbank al eerder in de mobiele operators-zaak. Vanuit het bestuursprocesrecht bezien is dat niet opzienbarend. De ‘vrije bewijsleer’ laat de rechtbank die ruimte. Net als de mobiele operators-zaak, roept deze zaak echter de vraag op of de (bestuurs)rechter op grond van het gemeenschapsrecht daartoe verplicht kan zijn in zaken waarin de toepassing van artikel 81 EG-Verdrag aan de orde is. Het recente arrest van het Hof in de mobiele operators-zaak is daarom ook van belang voor de fietsenzaak.


Mr. Y. de Vries
Mr. Y. de Vries is werkzaam bij het ministerie van Buitenlandse Zaken.
Jurisprudentie

Slot. Lelos kai Sia EE e.a. tegen GlaxoSmithKline (Syfait II)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden Artikel 82 EG-Verdrag, Misbruik van economische machtspositie, Parallelhandel in geneesmiddelen, Normale bestellingen
Auteurs Mr. Marc Knapen en Mr. Marc Wiggers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest heeft het Hof de prejudiciële vraag beantwoord of de weigering door een farmaceutische onderneming die een machtspositie op de nationale markt voor geneesmiddelen bekleedt, om de door groothandelaren bij haar geplaatste bestellingen uit te voeren omdat deze zich bezighouden met parallelexport van die geneesmiddelen, een door artikel 82 EG verboden misbruik vormt. Het arrest is van groot belang voor de geneesmiddelensector en met name voor de parallelhandel in farmaceutische producten. Verder heeft dit arrest, zij het in mindere mate, een meer algemeen belang voor de toepassing van artikel 82 EG-Verdrag.


Mr. Marc Knapen
Marc Knapen is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.

Mr. Marc Wiggers
Marc Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff.
Toont 21 - 40 van 94 gevonden teksten
« 1 2 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.