Zoekresultaat: 83 artikelen

x
Jaar 2018 x
Jurisprudentie

De Hoge Raad over het recht op inzage van de patiënt in de medische analyse van een adviseur van de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis

HR 16 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:365

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden artikel 843a Rv, artikel 35 Wbp, inzagerecht, medisch advies
Auteurs Mr. ir. J.P.M. Simons
SamenvattingAuteursinformatie

    Na door een patiënt aansprakelijk te zijn gesteld, heeft de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis, zonder medeweten van de patiënt, een radioloog geraadpleegd. Op grond van artikel 843a Rv vordert de patiënt bij het Hof Amsterdam inzage in de medische analyse van de radioloog, daarbij nadrukkelijk refererend aan het inzagerecht op grond van de Wbp. Het hof wijst de vordering af. De Hoge Raad bekrachtigt dit oordeel. De medische analyse van de radioloog betreft geen persoonsgegevens in de zin van Richtlijn 95/46/EG. Op grond van de Wbp komt de patiënt daarom geen recht toe op inzage in de medische analyse.


Mr. ir. J.P.M. Simons
Mr. ir. J.P.M. Simons is advocaat bij Leijnse Artz te Rotterdam.
Artikel

Access_open Kanttekeningen bij Boskalis/Fugro

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2018
Trefwoorden agenderingsrecht (art. 2:114a BW), bevoegdheidsverdeling bestuur/algemene vergadering, beleid, strategie en vennootschappelijk belang, inrichtingsvrijheid, ontslag
Auteurs Prof. mr. B.F. Assink
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kanttekeningen bij Boskalis/Fugro omvatten de reikwijdte van artikel 2:114a BW (art. 2:224a BW), de doorwerking van Europees recht in dat verband, verdeling van bevoegdheden tussen bestuur en algemene vergadering ook aangaande beleid en strategie, en de relevantie van artikel 2:129 BW en artikel 2:107 BW ter zake.


Prof. mr. B.F. Assink
Prof. mr. B.F. Assink is advocaat bij NautaDutilh, hoogleraar Ondernemingsrecht aan Erasmus School of Law (EUR), en redacteur van WPNR.
Artikel

Het gifpilletje van Gemalto

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2018
Trefwoorden poison pill, deal protection, beschermingsmaatregel, openbaar bod, beschermingsaandelen
Auteurs Mr. P.L. Hezer en Mr. B. Kemp
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij het openbaar bod van Thales en Gemalto is een poison pill geïmplementeerd om concurrerende biedingen te ontmoedigen. Deze vorm van deal protection, die lijkt te zijn gebaseerd op de Franse ‘bons Bretons’, is in Nederland een noviteit. In deze bijdrage wordt gekeken naar de implementatie, toelaatbaarheid en toetsing van die ‘Franse gifpil’.


Mr. P.L. Hezer
Mr. P.L. Hezer is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en als universitair docent verbonden aan Maastricht University en de Erasmus School of Law.
Kroniek

Kroniek wetgeving gezondheidsrecht 2016-2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden patiëntenrechten, derdenbelangen, kwaliteit van zorg, geneesmiddelen, medische hulpmiddelen
Auteurs Mr. drs. J.J. Rijken en mr. W.F. van der Wel
SamenvattingAuteursinformatie

    De Kroniek wetgeving gezondheidsrecht geeft de lezer een overzicht van de ontwikkelingen op het gebied van Nederlandse wetgeving in het gezondheidsrecht. De selectie van wetgeving is gemaakt met behulp van de zoekmachine op de website van de Eerste Kamer, en behelst aanhangige en aangenomen wetsvoorstellen van 1 januari 2016 t/m 1 juni 2018 van de ministeries van VWS en VenJ, en consultaties van beide ministeries.


Mr. drs. J.J. Rijken
Joris Rijken is advocaat bij AKD en redacteur van dit tijdschrift.

mr. W.F. van der Wel
Willemijn van der Wel is advocaat bij AKD.

    Iedereen wil betere kwaliteit van wetgeving, maar het daadwerkelijk realiseren hiervan is gemakkelijker gezegd dan gedaan. De rijksbrede wetgevingstoetsing, onder verantwoordelijkheid van het ministerie van Justitie en Veiligheid, levert hieraan op verschillende manieren een bijdrage. De auteur gaat in op de organisatie en meerwaarde van de rijksbrede wetgevingstoetsing en de dilemma’s die hierbij spelen. Ook komen de effecten van de toetsing aan de orde, de relatie met de Raad van State en de parlementaire aandacht voor wetgevingskwaliteit. Aan de hand van internationale ontwikkelingen worden verder te onderzoeken opties geschetst voor de toekomstige ontwikkeling van de rijksbrede wetgevingstoetsing.


Drs. S.A.P.J. van Melis
Drs. S.A.P.J. (Suzanne) van Melis is strategisch raadadviseur en coördinator rijksbrede wetgevingstoetsing bij de sector Juridische Zaken en Wetgevingsbeleid, directie Wetgeving en Juridische Zaken, ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Wetgeving en de toets der kritiek

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2018
Trefwoorden regeldruk, tegenspraak, procedurele toets, koppeling ex-ante- en ex-postevaluatie
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    De ex-antewetgevingstoetsing heeft sinds 1990 onder invloed van met name het streven naar vermindering en vereenvoudiging van regelgeving een hoge vlucht genomen. Het lijkt er echter op dat juist op het punt van deregulering en alternatieven voor wetgeving de meerwaarde ervan de afgelopen decennia beperkt is gebleven, mede omdat het toetsingsproces te veel gericht is op het vinden van consensus in plaats van het organiseren van kritiek en tegenspraak. Deze bijdrage stelt voor om een andere weg in te slaan, waarin meer nadruk ligt op procedurevoorschriften, afstandelijker toetsing en een meer systematische koppeling van ex-ante- en ex-postevaluatie.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.

    Het recent verschenen boek Outsourcing the Law van Pauline Westerman (hierna: PW) is een kritische beschouwing van doelregelgeving. Vanuit een filosofische invalshoek analyseert zij de voordelen die de wetgever aan dit type regelgeving verbonden acht, zoals het bieden van ruimte en (democratische) invloed op de (nadere) normering aan de normadressaat. PW concludeert dat die veronderstelde ruimte en invloed in hun tegendeel verkeren, omdat doelregelgeving juist het opleggen van verplichtingen (tot implementatie en rapportage) impliceert. Doelregelgeving past, volgens PW, meer in een beheersbaarheidsmentaliteit (Foucault) dan in het concept van een liberale rechtsstaat. Als voorzet voor een tweede boek wijst Van Lochem op de praktijk van doelregelgeving in het kader van de Water Framework Directive.


Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).

    In het arrest Amersfoort en Visser spreekt het Hof van Justitie zich uit over vier kwesties: de verhouding tussen de Dienstenrichtlijn en het kader van de telecomrichtlijnen, de toepasselijkheid van de Dienstenrichtlijn in zuiver interne situaties, de kwalificatie van detailhandel in goederen als ‘dienst’ in de zin van de Dienstenrichtlijn, en de status van (in elk geval één) bestemmingsplan binnen het kader van de Dienstenrichtlijn. Het Hof van Justitie schept in drie van de vier gevallen duidelijkheid over de afbakening van de werkingssfeer van de richtlijn. In het vierde geval, namelijk de kwalificatie van detailhandel in goederen, levert de uitspraak geen echte verduidelijking op, maar voorziet zij wel in een aantal complicaties.
    HvJ 30 januari 2018, gevoegde zaken C-360/15 en C-321/15, College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Amersfoort/X BV en Visser Vastgoed Beleggingen BV/Raad van de gemeente Appingedam, ECLI:EU:C:2018:44.


Prof. mr. E. Steyger
Prof. mr. E. (Elies) Steyger is hoogleraar Europees bestuursrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en advocaat te ’s-Hertogenbosch.
Rechtsbescherming

Uitleg van het begrip overheidsorgaan van een lidstaat: enkele bespiegelingen van het arrest Farrell/Whitty

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden rechtstreekse werking van richtlijnbepalingen, begrip overheidsorgaan van een lidstaat
Auteurs Mr. dr. M. Gijzen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de onderhavige prejudiciële zaak heeft de Ierse rechter het Hof van Justitie verzocht om een precisering van het begrip overheidsorgaan van een lidstaat waaraan een nauwkeurig geformuleerde en onvoorwaardelijke bepaling van een richtlijn kan worden tegengeworpen. Met dit arrest borduurt het Hof van Justitie voort op zijn eerdere arrest in de zaak Foster.
    HvJ 10 oktober 2017, zaak C-413/15, Farrell/Whitty e.a., ECLI:EU:C:2017:745.


Mr. dr. M. Gijzen
Mr. dr. M. (Marianne) Gijzen is werkzaam bij de directie Juridische Zaken, afdeling Europees Recht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.

    In dit artikel wordt ingegaan op het voorstel van de Europese Commissie voor een betere handhaving van de Europese regels voor consumentenbescherming en de modernisering van deze regels en de samenhang met de Mededeling van de Commissie ‘Een “new deal” voor consumenten’. In het tweede deel van deze bijdrage, dat in het volgende nummer van dit blad verschijnt, zal worden nagegaan of met de gedane voorstellen recht wordt gedaan aan de resultaten van de in 2017 uitgevoerde fitness check, welke bedoeld was om te onderzoeken in hoeverre het consumenten-acquis nog voldoende is toegerust voor de bescherming van consumenten en handelaren in staat stelt om gebruik te maken van de interne markt.

    • Voorstel van 11 april 2018 voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993, Richtlijn 98/6/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft betere handhaving en modernisering van de regels voor consumentenbescherming in de EU, COM(2018)185 final

    • Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité: ‘Een “new deal” voor consumenten’, Mededeling van 11 april 2018, COM(2018)183 final


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Online Dispute Resolution: een veelbelovend initiatief voor toegang tot het recht?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden toegang tot het recht, e-Court, digitalisering, Online Dispute Resolution, ODR
Auteurs Mr. E.M. van Gelder
SamenvattingAuteursinformatie

    Tegen de achtergrond van de huidige problematiek in de civiele rechtspraak is er een toenemende interesse in de unieke mogelijkheden die ICT biedt om geschiloplossing meer toegankelijk te maken. Recent stuit Online Dispute Resolution echter op steeds meer weerstand om een onvoldoende rechtsbescherming binnen ODR-procedures. Dit artikel focust op de potentie van ODR voor de toegankelijkheid van het recht, met e-Court als casestudy.


Mr. E.M. van Gelder
Mr. E.M. van Gelder is promovenda aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Op afstand bestuurbaar eigendom

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden overdraagbaarheid, Internet of Things, eigendom, technoregulering, IoT
Auteurs Mr. A. Berlee
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat is de positie van de eigenaar wanneer zijn apparaat op afstand kan worden bestuurd, onbruikbaar kan worden gemaakt, of zodanig beveiligd dat men het niet mag repareren als het stuk gaat. Wie heeft er dan eigenlijk de controle: de eigenaar of een ander?


Mr. A. Berlee
Mr. A. Berlee is universitair docent goederenrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.

    Onderzocht wordt of het elektronisch verrichten van rechtshandelingen rechtsgeldig is en dezelfde bewijskracht heeft als wanneer dat schriftelijk zou geschieden.


Mr. T.J. de Graaf
Mr. T.J. de Graaf is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Het innoverende karakter van PSD2 wat betreft zorgplichten van betaaldienstverleners jegens betaaldienstgebruikers

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden betaaldienstverleners, zorgplichten, innovatie, PSD2, Implementatiewet herziene richtlijn betaaldiensten
Auteurs Mr. R.E. van Esch
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel beantwoordt de auteur de vraag welke nieuwe zorgplichten jegens betaaldienstgebruikers voor betaaldienstverleners voortvloeien uit de herziene Richtlijn betaaldiensten (PSD2).


Mr. R.E. van Esch
Mr. R.E. van Esch is legal counsel bij Banning Advocaten te ’s-Hertogenbosch
Artikel

De modernisering van het getuigenverhoor

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Burgerlijk procesrecht, Bewijsrecht, Getuigenbewijs, Getuigenverhoor
Auteurs Mr. dr. R.R. Verkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage ziet op het verhoor van getuigen in het civiele proces. Het bespreekt een recent wetsvoorstel om het getuigenbewijs te moderniseren


Mr. dr. R.R. Verkerk
Mr. dr. R.R. Verkerk is cassatieadvocaat bij Houthoff te Rotterdam en tevens verbonden aan het Molengraaf Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

AVG en ontslag

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Privacy, Ontslag, Arbeidsverhouding, Normenkader
Auteurs mr. Karolina Dorenbos
SamenvattingAuteursinformatie

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming bevat voor werkgevers strengere regels voor rechtmatige verwerking van werknemersgegevens; en voor werknemers meer waarborgen omtrent de bescherming van hun persoonsgegevens.
    Leidt de AVG – naast meer verantwoording en transparantie ten aanzien van verwerking van werknemersgegevens in het kader van de arbeidsverhouding – tot nieuwe inzichten voor de bescherming van persoonsgegevens van werknemers bij ontslag?
    De auteur zet de huidige stand van de rechtspraak af tegen de strengere normen uit de AVG. Zij concludeert dat hoewel de materiële uitgangspunten voor de bescherming van persoonsgegevens onder de AVG grotendeels hetzelfde blijven, processuele vereisten uit de AVG nog moeten worden ingekleurd door het arbeidsrechtelijke normenkader van goed werkgever- en werknemerschap, de instructiebevoegdheid van de werkgever en de processuele regels omtrent ontbinding door de kantonrechter.


mr. Karolina Dorenbos
Advocaat en eigenaar van advocatenkantoor Human scale law te Heiloo
Artikel

Access_open Vernietiging van de overeenkomst bij een oneerlijke handelspraktijk; een hanteerbare sanctie?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden oneerlijke handelspraktijk, vernietiging, misleidende omissie, ambtshalve toetsing, causaal verband
Auteurs Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon en Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds juni 2014 kent de afdeling oneerlijke handelspraktijken een bijzondere vernietigingsgrond: art. 6:193j lid 3 BW. Deze bepaling is tot nu toe weinig toegepast, zo blijkt uit de gepubliceerde rechtspraak. In deze bijdrage wordt daarom onderzocht hoe hanteerbaar, in de zin van toegankelijk en gebruiksvriendelijk, de vernietigingsgrond uit art. 6:193j lid 3 BW eigenlijk is. Dit gebeurt door het analyseren van zes uitspraken. Uit het onderzoek blijkt dat de vernietigingsgrond toegankelijk en gebruiksvriendelijk is voor de consument mede dankzij de rol van de rechter. De rechter is namelijk degene die meestal het initiatief neemt tot toepassing van de sanctie.


Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder consumentenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
Mr. dr. L.B.A Tigelaar is universitair docent verbintenissenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Kroniek vermogensrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2018
Auteurs Coen Drion, Anna Zwalve, Bastiaan Kout e.a.

Coen Drion

Anna Zwalve

Bastiaan Kout

Sid Pepels
Artikel

Access_open De aanval is de beste verdediging

Het indammen van witwaspraktijken in de professionele voetballerij

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Witwassen, Voetbal, Risicomanagement, 5e Europese anti-witwasrichtlijn, Georganiseerde misdaad
Auteurs Mr. drs. P. Steenwijk en Prof. dr. mr. H. Nelen
SamenvattingAuteursinformatie

    Complexe geldstromen, irrationele prijsvorming van transfers en het ontbreken van gerichte wetgeving maken het betaald voetbal aantrekkelijk voor het witwassen van crimineel geld. Bij de belangrijkste stakeholders is het besef inmiddels doorgedrongen dat het noodzakelijk is de witwasbestrijding binnen de sector serieus aan te pakken. De preventieve toetsing van grote investeerders in clubs door de KNVB en de aanbevelingen van De Nederlandsche Bank aan banken om alert te zijn op witwasrisico’s bij voetbalklanten zijn stappen in de goede richting.
    Voor een effectieve aanpak wordt gepleit voor de invoering van een periodieke integriteitstoetsing van eigenaren en leidinggevenden van betaaldvoetbalorganisaties, in combinatie met een breder screeningsinstrument, zoals is opgenomen in de Wet Bibob.


Mr. drs. P. Steenwijk
Mr. drs. P. Steenwijk is docent risicomanagement aan de Haagse Hogeschool en externe promovendus aan de Universiteit Maastricht.

Prof. dr. mr. H. Nelen
Prof. dr. mr. H. Nelen is hoogleraar criminologie aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht.
Toont 21 - 40 van 83 gevonden teksten
« 1 2 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.