Zoekresultaat: 205 artikelen

x
Jaar 2010 x
Artikel

Bewijsvermoedens bij bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 12 2010
Trefwoorden aansprakelijkheid, bestuurder, faillissement, bewijsvermoeden, Voorontwerp Insolventiewet
Auteurs Mr. H.M. Rovers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag welke rol bewijsvermoedens spelen in geval van bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement (art. 2:248 lid 2 BW) en of toepasselijkheid van deze bewijsvermoedens niet een te grote (bewijs)last meebrengt voor de bestuurders.


Mr. H.M. Rovers
Mr. H.M. Rovers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Artikel

De uitstoting van een aandeelhouder op grond van artikel 2:336 BW; nieuwe jurisprudentie

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 12 2010
Trefwoorden uitstoting aandeelhouder, nieuwe jurisprudentie, artikel 2:336 BW, prijsbepaling, toetsingscriterium
Auteurs Mr. M.J. Ubbens
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur twee uitspraken waarin een vordering tot uitstoting van een aandeelhouder op de voet artikel 2:336 BW is toegewezen. Aan de hand van de jurisprudentie, de literatuur en de in de bijdrage behandelde uitspraken wordt de invulling van de uitstotingsregeling van artikel 2:336 BW besproken.


Mr. M.J. Ubbens
Mr. M.J. Ubbens is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Artikel

Multilaterale handelsfaciliteiten en dark pools

Is MiFID na drie jaar al aan herziening toe?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden MiFID, MTF, multilaterale handelsfaciliteit, multilateraal handelsplatform
Auteurs Mw. Mr. S. Rosmalen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de multilaterale handelsfaciliteit centraal. De bijdrage beoogt een globaal overzicht te geven van de regelgeving die van toepassing is op dit handelsplatform dat beter bekend is als MTF. Er wordt aansluiting gezocht bij de herziening van MiFID en bekeken wordt of MiFID na drie jaar de door haar beoogde concurrentieverhoging ten aanzien van handelsplatformen heeft weten te volbrengen. Besproken wordt de definitie van het begrip MTF en de belangrijkste elementen van het op een MTF van toepassing zijnde regelgevend kader. Tevens wordt stilgestaan bij de verschillen die er zijn tussen een gereglementeerde markt en een MTF. Ook wordt nader ingegaan op het begrip dark pool (het onderdeel van de handel dat buiten het orderboek van de handelsplatformen plaatsvindt) en komen de bevindingen van CESR en IOSCO aan bod voor zover die momenteel relevant zijn voor MTF’s en dark pools.


Mw. Mr. S. Rosmalen
Mw. mr. S. Rosmalen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Zorgplichten in het concern

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Concern, zorgplichten, moedermaatschappij, concernholding, maatschappelijk verantwoord ondernemen, MVO
Auteurs Prof. J.B. Huizink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre het begrip zorgplicht een rol speelt of zou kunnen spelen in concernverhoudingen, binnen groepen van vennootschappen. Daarbij wordt er in het bijzonder ingegaan op de moedermaatschappij of concernholding. In dit kader komen onder meer de volgende vragen aan bod: welk belang wordt er met zorgplicht gediend? Op welke wijze dient de moedermaatschappij de zorgplichten te vervullen? Wat zijn de gevolgen van schending van de zorgplicht? En hoe dient het fenomeen zorgplicht tegen de achtergrond van de daarmee beoogde doelen, als deze al expliciet gemaakt kunnen worden, te worden beoordeeld?


Prof. J.B. Huizink
Prof. J.B. Huizink is hoogleraar ondernemingsrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Resultaten uit het verleden…Nog enige kritische kanttekeningen bij de recente wijzigingen in de Successiewet 1956

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Successiewet, bedrijfsopvolging, schenkbelasting, erfrechtelijke verkrijging, bedrijfsopvolging, fictiebepaling
Auteurs Mr. N.J. Schutte
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel tot wijziging van de Successiewet heeft de Successiewet op een aantal ingrijpende maatregelen gewijzigd. In deze bijdrage wordt ingegaan op de na 15 september 2009 doorgevoerde wijzigingen in de bedrijfsopvolgingsfaciliteit in de Successiewet. Tevens bespreekt de auteur een aantal ‘klassieke’ fictiebepalingen en de specifieke gevolgen per wetsbepaling. Dit alles gebaseerd op de wettekst zoals die op 17 december 2009 door de Eerste Kamer is aanvaard, en op 1 januari 2010 in werking is getreden. Uit de analyse van de auteur blijkt dat de wetswijzigingen in een aantal gevallen verstrekkende gevolgen hebben die, als zij al gerechtvaardigd kunnen worden vanuit het systeem van de wet, toch een aanzienlijke en onverwachte fiscale last kunnen leggen op de schouders van fictieve verkrijgers.


Mr. N.J. Schutte
Mr. N.J. Schutte is (hoofd)docent belastingrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en tevens verbonden aan Deloitte Belastingadviseurs.
Artikel

Herwaardering van certificering als beschermingsconstructie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Administratiekantoor, beschermingsconstructies, certificering, certificering van aandelen, Dutch discount, market for corporate control
Auteurs Mr. J. de Koning Gans en Prof. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    De praktijk wijst uit dat aandeelhoudersactivisme het vennootschappelijk belang kan bedreigen. In deze bijdrage wordt onderzocht wat de meest adequate vorm van bescherming van een beursvennootschap tegen een vijandige overname is. Allereerst worden de in Nederland meest voorkomende beschermingsconstructies besproken en geëvalueerd. De auteurs constateren vervolgens dat aan elke beschermingsmaatregel voor- en nadelen kleven. Deze voor- en nadelen hebben betrekking op de toereikendheid van de bescherming of de aanvaardbaarheid van de inperking van de zeggenschap van kapitaalverschaffers. Vergeleken met de andere behandelde beschermingsconstructies lijkt certificering echter volgens de auteurs het best aan beide criteria te voldoen. De auteurs sluiten deze bijdrage af met enkele aanbevelingen ten aanzien van het bestuur van het Administratiekantoor (AK) die de certificaten uitgeeft teneinde de onafhankelijkheid van het AK te kunnen waarborgen en certificering in het algemeen als meest aanvaardbare beschermingsconstructie te kunnen aanmerken.


Mr. J. de Koning Gans
Mr. J. De Koning Gans is recentelijk afgestudeerd aan de Universiteit Utrecht in de master Recht en Onderneming.

Prof. W.J. Oostwouder
Prof. W.J. Oostwouder is hoogleraar bedrijfsfinancieel recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Earn-outs: smeerolie voor overname deals?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden earn-out, bedrijfsovername, koper, verkoper
Auteurs Mr. A.M. van Hekesen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het juridische instrument van de earn-out centraal. Allereerst wordt ingegaan op de redenen voor partijen om een earn-out overeen te komen, vervolgens worden verschillende aspecten van de vorm en inhoud van earn-outs besproken. En ten slotte wordt een aantal juridische aandachtspunten van earn-outs behandeld, waaronder de vraag of op de koper een bepaalde inspanningsverplichting kan rusten om te zorgen dat de earn-out targets worden behaald.


Mr. A.M. van Hekesen
Mr. A.M. van Hekesen is bedrijfsjurist bij Philips.
Praktijk

Bevoegdheid, vertegenwoordiging en informatieplicht: bakens worden verzet

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2010
Trefwoorden EEX-Verordening, schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid, terhandstelling van algemene voorwaarden, dienstverlening
Auteurs Mr. T.H.M. van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het HvJEU heeft in recente jurisprudentie duiding gegeven aan artikel 5 lid 1 sub b EEX-Vo over de plaats van levering bij koop en de plaats van dienstverlening. De Hoge Raad heeft een landmarkarrest gewezen over de schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Daarnaast is per 1 juli 2010 een nieuw artikel 6:234 BW van kracht geworden. De schrijvers bespreken deze arresten en nieuwe wetgeving en constateren dat de arresten en wetgeving niet alleen vragen beantwoorden, maar ook tot nieuwe vragen leiden.


Mr. T.H.M. van Wechem
Mr. T.H.M. van Wechem is wetenschappelijk adviseur bij Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.

Mr. E.R. Helder
Artikel

Erfrechtelijke bedrijfsopvolging

Enkele wijsheden uit het Oosten

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 38 2010
Trefwoorden testament
Auteurs


Artikel

Steunmaatregelen voor ziekenhuizen en diensten van algemeen economisch belang: doelmatigheid niet vereist?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2010
Trefwoorden Diensten van algemeen economisch belang, Altmark-criteria, Altmark-pakket, (Brussels) ziekenhuizen
Auteurs Prof. dr. L. Hancher en Prof. mr. W. Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese regels over staatssteun kunnen in het geding komen bij de financiering van openbaredienstverplichtingen zoals die bijvoorbeeld bestaan in de ziekenhuiszorg. Daarbij staat de ruimte die hiertoe aan de lidstaten wordt gelaten nog volop ter discussie, bijvoorbeeld ten aanzien van Protocol 26 van het Werkingsverdrag (Wv) betreffende de diensten van algemeen (economisch) belang. Het staatssteunregime van de EU voorziet sinds 2003 in een toets voor openbaredienstverplichtingen op basis van de voorwaarden gesteld in het Altmark-arrest.1x Beide auteurs zijn verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC). Leigh Hancher is daarnaast werkzaam bij Allen & Overy en Wolf Sauter bij de Zorgautoriteit (NZa).
    HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH (Altmark Trans), Jur. 2003, p. I-7747.
    Indien hieraan wordt voldaan, is geen sprake van steun maar van compensatie. Wordt aan deze toets niet voldaan dan kan vervolgens eventueel op basis van artikel 106 lid 2 Wv worden bepaald of sprake is van een dienst van algemeen economisch belang (DAEB) die verenigbaar is met de interne markt. Het kader dat hierbij wordt gehanteerd is het zogenoemde DAEB-pakket (ook wel: ‘Monti-pakket’) uit november 2005.2x Beschikking 2005/842/EG van de Commissie van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EG 2005, L 312/0067; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C 297/4. De beschikking trad op 19 december 2005 in werking, de kaderregeling op de datum van publicatie (29 november 2005). Het belangrijkste verschil tussen de twee toetsen zit in de wijze waarop wordt omgegaan met het doelmatigheidsvereiste. De hier te bespreken beschikking van de Europese Commissie illustreert bovenstaand punt.

Noten

  • 1 Beide auteurs zijn verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC). Leigh Hancher is daarnaast werkzaam bij Allen & Overy en Wolf Sauter bij de Zorgautoriteit (NZa).
    HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH (Altmark Trans), Jur. 2003, p. I-7747.

  • 2 Beschikking 2005/842/EG van de Commissie van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EG 2005, L 312/0067; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C 297/4. De beschikking trad op 19 december 2005 in werking, de kaderregeling op de datum van publicatie (29 november 2005).


Prof. dr. L. Hancher
Prof. dr. L. Hancher is verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC) en is daarnaast werkzaam bij Allen & Overy.

Prof. mr. W. Sauter
Prof. mr. W. Sauter is verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC) en is daarnaast werkzaam bij de Zorgautoriteit (NZa).
Jurisprudentie

Het Nederlandse hoofdstuk in de Europese goksaga

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2010
Trefwoorden kansspelen, gokken op internet, Wet op de kansspelen, Ladbrokes, Betfair.
Auteurs Mr. J.C.M. van der Beek
SamenvattingAuteursinformatie

    In twee recente arresten heeft het Hof van Justitie vragen beantwoord die betrekking hebben op het Nederlandse éénvergunningenstelsel voor kansspelen en op de wijze waarop de vergunningen worden gegeven en verlengd in overeenstemming is met het Europese recht, met name het vrij verrichten van diensten. Het Hof van Justitie meent dat de Nederlandse regelgeving die zowel tot doel heeft om gokverslaving te beteugelen als om fraude tegen te gaan consistent kan zijn, ook al heeft de vergunninghouder het recht om reclame te maken en de activiteiten uit te breiden. Het Hof van Justitie bevestigt dat het beginsel van wederzijdse erkenning van vergunningen binnen de EU niet geldt voor kansspelen.


Mr. J.C.M. van der Beek
Mr. J.C.M. van der Beek is advocaat en partner bij Kennedy Van der Laan.
Artikel

Kroniek aanbestedingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2010
Trefwoorden EG-handhavingsrichtlijnen, aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling, gebiedsontwikkeling, dienstenconcessies
Auteurs Mr. J.W.A. Bergevoet, Mr. L.M. Hiemstra en Mr. S.R.A. Lucas
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek belichten de auteurs de recente ontwikkelingen op het gebied van het Europese aanbestedingsrecht over de periode van januari 2009 tot juli 2010. Op wetgevingsgebied is een belangrijke recente ontwikkeling de implementatie van de herziene EG-handhavingsrichtlijnen in de Nederlandse rechtsorde door inwerkingtreding van de Wet implementatie rechtsbeschermingsrichtlijnen aanbesteden (Wira). Daarnaast heeft het Hof van Justitie in het afgelopen anderhalf jaar veel (meer dan twintig) arresten gewezen op het gebied van Europees aanbestedingsrecht. Terugkerende onderwerpen in deze arresten die wij in deze kroniek zullen behandelen, zijn de subjectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (het begrip aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling), de objectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (gebiedsontwikkeling en dienstenconcessies) en de uitzonderingen op de werkingssfeer (vanwege dwingende redenen van algemeen belang), alsmede uitsluiting van ondernemingen en werkelijke mededinging.


Mr. J.W.A. Bergevoet
Mr. J.W.A. Bergevoet is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. L.M. Hiemstra
Mr. L.M. Hiemstra is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. S.R.A. Lucas
Mr. S.R.A. Lucas is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De bijzondere zorgplicht bij de opzegging van kredietovereenkomsten – zijn de zeven vette jaren van Rabobank/Aarding voorbij?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2010
Trefwoorden kredietopzegging, redelijkheid en billijkheid, zorgplicht, proportionaliteit en subsidiariteit
Auteurs Mr. P.S. Bakker en Mr. dr. D. Haas
SamenvattingAuteursinformatie

    Ruim zeven jaar geleden wees het Hof Arnhem het arrest Rabobank/Aarding (JOR 2003, 267). In dit arrest oordeelde het hof onder meer dat de bijzondere zorgplicht van banken met zich brengt dat een kredietopzegging ten minste moet voldoen aan eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. In dit artikel wordt geconstateerd dat het hof daarmee een onjuiste maatstaf heeft gehanteerd ter beoordeling van kredietopzegging. Tevens wordt de invloed van art. 2 van de algemene bankvoorwaarden op de invulling van de wel te hanteren maatstaf besproken en wordt stilgestaan bij het fenomeen van de bijzondere zorgplicht.


Mr. P.S. Bakker
Mr. P.S. Bakker is als advocaat/PSL werkzaam bij Houthoff Buruma te Amsterdam en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. D. Haas
Mr. dr. D. Haas is jurist bij de AFM en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Bestuurders en commissarissen zijn gewaarschuwd! Kartelwaakhond bijt vanaf nu ook natuurlijke personen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2010
Trefwoorden Wegener, feitelijk leidinggevende, artikel 75a Mw, artikel 51 Sr, persoonlijke boete
Auteurs Mr. K.M. Baltus en Mr. M.Ph.M. Wiggers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de Wegener-besluiten, waarin de NMa voor het eerst boetes heeft opgelegd aan feitelijk leidinggevenden.


Mr. K.M. Baltus
Mr. K.M. Baltus is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

Mr. M.Ph.M. Wiggers
Mr. M.Ph.M. Wiggers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.
Artikel

Fiscale aspecten bij het wetsvoorstel invoeringswet flexibilisering BV-recht

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2010
Trefwoorden flexibilisering, vennootschap, BV, vennootschapsbelasting, belasting
Auteurs Mr. P. Borsjé
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de belangrijkste fiscale aspecten bij het wetsvoorstel invoeringswet flexibilisering BV-recht aan de hand van de memorie van toelichting.


Mr. P. Borsjé
Mr. P. Borsjé is werkzaam als advocaat en belastingadviseur bij Clifford Chance.
Artikel

Successierechtelijke bedrijfsopvolgingsfaciliteiten

Moltmaker revisited!?

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 37 2010
Trefwoorden testament
Auteurs


Artikel

Huwelijksvermogensrecht en erfrecht bij aanmerkelijk belang

De gelijke behandeling is passé

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 36 2010
Trefwoorden huwelijkse voorwaarden
Auteurs


Article

Access_open 'Dispensatie onder de loep'

Tijdschrift ARBAC, oktober 2010
Auteurs Dr. M.F.P. Rojer en mr. C.M.T. van der Veldt
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds januari 2007 past de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) gewijzigd dispensatiebeleid toe. Aanleiding daarvoor was de constatering dat in de voorafgaande jaren in een aantal gevallen op oneigenlijke wijze gebruik was gemaakt van de mogelijkheid tot dispensatie van algemeen verbindend verklaarde cao-bepalingen. Tegenwoordig zijn aan het verkrijgen van dispensatie verschillende condities verbonden. Behalve het hebben van een rechtsgeldige cao, dienen betrokken partijen onafhankelijk van elkaar te zijn én de dispensatieverzoekende partijen dienen met hun eigen cao zwaarwegende argumenten te hebben waarom het besluit tot algemeenverbindendverklaring op hen niet van toepassing zou moeten zijn. Vooral met de voorwaarde van een beargumenteerde motivatie van het dispensatieverzoek is een draai gemaakt in het dispensatiebeleid van 180 graden: van welhaast automatische dispensatie naar dispensatie onder strikte voorwaarden.


Dr. M.F.P. Rojer
dr. M.F.P. Rojer is werkzaam bij Werkgeversvereniging AWVN en participeert daar in het Expertisecentrum cao en AVV.

mr. C.M.T. van der Veldt
mr. C.M.T. van der Veldt is promovenda aan de Universiteit van Tilburg, Vakgroep Sociaal Recht en Sociale Politiek.
Toont 21 - 40 van 205 gevonden teksten
« 1 2 4 5 6 7 8 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.