Zoekresultaat: 53 artikelen

x
Jaar 2011 x
Praktijk

Informatieverlies en de tikkende tijdbom ‘WikiLeaks’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2011
Trefwoorden WikiLeaks, uitlekken, vertrouwelijke informatie, gedragsregels, risico’s
Auteurs A.G. Wennekes
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de risico’s en de gevaren die het uitlekken van vertrouwelijke informatie met zich mee kunnen brengen voor bedrijven. Aanleiding is de klokkenluiderssite ‘WikiLeaks’, waarop eind 2010 een grote hoeveelheid geheime informatie over onder andere de oorlog in Irak, politici en ambassadeurs van diverse landen werd geplaatst. Maar niet alleen overheden kunnen te maken krijgen met het lekken van gevoelige informatie. Veel bedrijven zijn zich onvoldoende bewust van het feit dat vertrouwelijke informatie gemakkelijk kan uitlekken en terecht kan komen bij iemand die het bedrijf zou kunnen schaden met de informatie. Met behulp van diverse praktijkvoorbeelden wordt in deze bijdrage in het kort uiteengezet op welke wijze er informatie van bedrijven wordt gelekt. Hiernaast worden de belangrijkste juridische aspecten van het uitlekken van informatie besproken. Daarbij wordt gekeken wat de juridische status is van een elektronisch bericht, een elektronische overeenkomst of een elektronische brief als informatievormen. Ten slotte worden kort enkele technische hulpmiddelen besproken die bedrijven kunnen helpen om informatieverlies te voorkomen of te beperken.


A.G. Wennekes
Mr. A.G. Wennekes is senior knowhow adviseur bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Artikel

Effect deelgeschilprocedure veel groter dan zichtbaar aan alleen het aantal uitspraken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2011
Trefwoorden deelgeschilprocedure, onderhandelingen, schikking, BGK, ASP-staffel
Auteurs Mr. A.J. Van en Mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Veel deelgeschillen eindigen in een minnelijke regeling of worden om andere redenen ingetrokken voordat het tot een uitspraak komt. Daarnaast is de enkele mededeling dat een deelgeschil wordt overwogen vaak al voldoende om beweging in het standpunt van de wederpartij te krijgen. In deze bijdrage worden de uitkomsten van een enquête besproken die bevestigen dat de betekenis van de deelgeschilprocedure voor de buitengerechtelijke praktijk veel groter is dan alleen de uitspraken zouden kunnen doen vermoeden. Reeds door de loutere mogelijkheid om een deelgeschilprocedure te starten lijken partijen in een gelijkwaardiger positie ten opzichte van elkaar zijn komen te staan.


Mr. A.J. Van
Mr. A.J. Van is advocaat te Amsterdam en senior onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam en is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum.

Mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum.
Artikel

Verandering van cassatierechtspraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2011
Trefwoorden cassatie, selectiestelsel in cassatie, rechtsbescherming, rechtsontwikkeling, Rechtseenheid
Auteurs Prof. mr. H.J. Snijders
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 15 december 2010 werd het Wetsvoorstel ‘versterking cassatierechtspraak’ ingediend, dat voorziet in een kwalitatief bewaakte selectie van cassatie-advocaten over de volle breedte van het land resp. in verkorte afdoening van klaarblijkelijk kansloze cassatiezaken door niet-ontvankelijkverklaring in een vroeg stadium van de cassatieprocedure. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre dat laatste inderdaad tot ‘versterking’ van de cassatierechtspraak kan leiden.
    De analyse is gericht op de civiele cassatie en uitsluitend op het voorgenomen selectiestelsel. Hoe wordt de selectie vormgegeven? Wat zijn de selectiecriteria? Wat is de procedure? Hoe wordt de uitspraak ingekleed? Welke effecten zal het systeem (kunnen) hebben?
    Al met al moet de beoogde regeling, na een enkel amendement en mits goed waaronder transparant uitgevoerd, de cassatierechtspraak inderdaad kunnen versterken in die zin dat de Hoge Raad zich op zijn kerntaken – bevordering van rechtseenheid, rechtsontwikkeling en rechtsbescherming – kan en zal concentreren.


Prof. mr. H.J. Snijders
Prof. mr. H.J. Snijders is hoogleraar burgerlijk recht en burgerlijk procesrecht te Leiden.
Jurisprudentie

2011/24 Rechtbank Rotterdam 29 september 2010

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden NAW-gegevens, ongevalslachtoffers, geheimhoudingsplicht, art. 7:457 BW
Samenvatting

    Vordering op ziekenhuis tot verstrekking van NAW-gegevens van ongevalslachtoffers; strijd met geheimhoudingsplicht ex art. 7:457 BW; strijd met Wbp.


Mr. P.E. de Kort
Mr. P.E. de Kort is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel

Internationale estate planning: ook regels van internationaal huwelijksvermogensrecht binnen EU geharmoniseerd

Hoofdlijnen van het voorstel voor een Europese Huwelijksvermogensrechtverordening

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Europees internationaal privaatrecht (IPR), internationaal huwelijksvermogensrecht, Europese Huwelijksvermogensrechtverordening, Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978, estate planning
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    In navolging van het internationaal erfrecht wordt nu voorgesteld ook het internationaal huwelijksvermogensrecht op Europees niveau te harmoniseren. Vragen van bevoegdheid, toepasselijk recht en erkenning en tenuitvoerlegging in kwesties van huwelijksvermogensrecht met internationale elementen worden in de toekomst aan de hand van regels uit een Europese verordening beantwoord.Voor de advisering op het terrein van de internationale civielrechtelijke estate planning is dit een belangrijke ontwikkeling. Daarom worden de hoofdlijnen van het Europese voorstel uitvoerig geanalyseerd. Daarnaast wordt onderzocht of, en zo ja, in hoeverre dit voorstel is afgestemd op en in lijn is met het eerdere erfrechtelijke voorstel.De conclusie luidt dat de voorgestelde regeling vooralsnog de nodige onduidelijkheden in zich bergt, die in het kader van de, mede voor de estate planning gewenste, rechtszekerheid en voorspelbaarheid nadere opheldering en toelichting behoeven.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen.
Artikel

Mogelijkheden van bewijsvergaring; recente ontwikkelingen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2011
Trefwoorden art. 21 Rv, art. 22 Rv, art. 162 Rv, art. 843a Rv, art. 3:15j BW
Auteurs Mr. G.J.R. Kalsbeek en Mr. P.N. Malanczuk
SamenvattingAuteursinformatie

    Gelijk hebben en gelijk krijgen zijn twee verschillende dingen. Bewijs is in dat verband van groot belang. Om een goede inschatting te kunnen maken van een rechtspositie en eventuele proceskansen is het belangrijk het beschikbare bewijs in kaart te brengen. In de praktijk is een ontwikkeling waar te nemen waarbij de mogelijkheden om bewijs te vergaren steeds ruimer worden toegepast. In deze bijdrage behandelen de auteurs de verschillende mogelijkheden om bewijs te vergaren die van belang zijn voor de ondernemingsrechtspraktijk, zowel tijdens als voorafgaand aan een procedure. In dit kader wordt aandacht besteed aan de eigen bevoegdheid van de rechter om informatie te verzoeken (art. 22 Rv), het voorlopig getuigenverhoor, de openlegging van boeken en bescheiden (art. 162 Rv), de vordering tot openlegging van de administratie (art. 3:15j BW) en de vordering tot inzage of afgifte van bescheiden (art. 843a Rv) alsmede het conceptwetsvoorstel op dat punt.


Mr. G.J.R. Kalsbeek
Mr. G.J.R. Kalsbeek is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.

Mr. P.N. Malanczuk
Mr. P.N. Malanczuk is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.
Artikel

Terugkomen van een eindbeslissing na gewijzigd rechterlijk inzicht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden bindend, eindbeslissing, heroverweging, terugkomen, tussenvonnis(uitspraak)
Auteurs Mr. C.S. Avendaño Canto
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat een bespreking van het arrest van de Hoge Raad van 26 november 2010 (Kojen/ABB), waarin de rechterlijke bevoegdheid om terug te komen van een bindende eindbeslissing in een tussenuitspraak is verruimd. Aan de orde komen de dogmatische implicaties voor de leer van de bindende eindbeslissing en de praktische gevolgen voor de procespartijen die met een heroverweging (dreigen te) worden geconfronteerd. Daarbij doe ik enkele suggesties die zien op de aanvaardbaarheid voor partijen van de heroverweging van een eindbeslissing.


Mr. C.S. Avendaño Canto
Mr. C.S. Avendaño Canto is werkzaam bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Art. 3:310 BW, subjectieve bekendheidseis en niet-stuiting verjaring zijdens minderjarige

HR 3 december 2010, LJN BN6241, RvdW 2010, 1449 (X/Bemoti c.s.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden verjaring, subjectieve bekendheid, minderjarige, vertegenwoordiging
Auteurs Mr. J.H.M. van Swaaij en Mr. I.M. Walrecht
SamenvattingAuteursinformatie

    HR 3 december 2010, LJN BN6241, RvdW 2010, 1449 (X/Bemoti c.s.). Korte verjaringstermijn van art. 3:310 BW. Subjectieve bekendheidseis ook als eenvoudig identiteitsonderzoek waarmee aansprakelijke persoon bekend was geworden, nagelaten is? Toerekening aan destijds 9-jarig letselschadeslachtoffer van ontoereikende wettelijke vertegenwoordiging door moeder in meelijwekkende omstandigheden? Derogerende werking van redelijkheid en billijkheid?


Mr. J.H.M. van Swaaij
Mr. J.H.M. van Swaaij is Lawyer’s lawyer en advocaat bij Van Swaaij Cassatie & Consultancy te Nijmegen.

Mr. I.M. Walrecht
Mr. I.M. Walrecht is advocaat bij De Kempenaer Advocaten te Arnhem.
Artikel

De onderzoeker in de enquêteprocedure

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2011
Trefwoorden aanbevelingen, richtlijnen, enquêteonderzoek, onderzoeker
Auteurs Mr. J. Beurskens
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de door de Ondernemingskamer gepubliceerde aandachtspunten, aanbevelingen en suggesties voor onderzoekers wordt in deze bijdrage ingegaan op enkele praktische beschouwingen ten aanzien van de persoon, de taak en de werkwijze van de onderzoeker in de enquêteprocedure.


Mr. J. Beurskens
Mr. J. Beurskens is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Casus

Garanties of vrijwaringen; that’s the question

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2011
Trefwoorden vrijwaring, overname, overnameovereenkomst, garantie
Auteurs Mr. M.J.E. van den Bergh en Mr. P.P.J. Jongen
SamenvattingAuteursinformatie

    Vrijwaringen en garanties zijn wel “het hart van de overnameovereenkomst” genoemd. In dit tijdschrift wordt dan ook met enige regelmaat aandacht besteed aan garanties. Vrijwaringen zijn echter minder vaak het onderwerp van beschouwing. In het onderhavige artikel gaan auteurs dieper in op enkele aspecten van vrijwaringsbepalingen in overnamecontracten, waaronder de onderscheiding tussen vrijwaringen en garanties.


Mr. M.J.E. van den Bergh
Mr. M.J.E. van den Bergh is medewerker op de sectie ondernemingsrecht bij Höcker Advocaten te Amsterdam.

Mr. P.P.J. Jongen
Mr. P.P.J. Jongen is partner en advocaat ondernemingsrecht bij Höcker Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Versnelde rechtspleging in België

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2011
Trefwoorden rechtszoekende, bespoediging gewoon geding, kort geding, urgentie, maatregel bij voorraad
Auteurs Prof. dr. P. Van Orshoven
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt een overzicht gegeven van de technieken die in België worden gehanteerd om een rechtszoekende, indien daartoe aanleiding bestaat, sneller aan zijn recht te helpen dan met een gewoon geding mogelijk is. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de bespoediging van het gewoon geding zelf (provisioneel vonnis, ‘korte debatten’ en schriftelijke behandeling), het kort geding (waarbij aandacht wordt besteed aan het begrip, de taakverdeling tussen de voorzitters en tussen de voorzitters en andere gerechten, de vereisten van ‘urgentie’ en ‘maatregel bij voorraad’ en de rechtspleging) en ‘procedures zoals in kort geding’.


Prof. dr. P. Van Orshoven
Prof. dr. P. Van Orshoven is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven.
Artikel

De verstekaanzegging in kort geding naar aanleiding van de Wet Griffierechten Burgerlijke Zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Wgbz, dagvaarding, aanzegging, griffierechten, verstekverlening
Auteurs Mr. W.A. Westenbroek en Mr. M.T. de Boorder
SamenvattingAuteursinformatie

    Op basis van de Wgbz wordt verstek verleend tegen een gedaagde die niet tijdig griffierecht betaalt. Deze regel geldt niet in kort geding. Toch vereist art. 111 Rv dat daartoe een aanzegging wordt gedaan. In afwachting van reparatiewetgeving wordt de bedoelde aanzegging in de praktijk achterwege gelaten. Gelet op art. 78, 120 en 121 Rv is dit onjuist. Tot invoering van reparatiewetgeving moet de aanzegging worden gedaan, maar moet gedaagde ook worden geïnformeerd dat daaraan in beginsel geen gevolg wordt gegeven.


Mr. W.A. Westenbroek
Mr. W.A. Westenbroek is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mr. M.T. de Boorder
Mr. M.T. de Boorder is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Artikel

Access_open Een gesloten systeem van originaire verkrijging?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2011
Trefwoorden originaire verkrijging, gesloten stelsel, rechtsverkrijging
Auteurs Mw. mr. J.B. Spath
SamenvattingAuteursinformatie

    Originaire verkrijgingen kennen veel verschillende verschijningsvormen. Desondanks blijkt niet elke (feitelijke) verandering van zaken van een passende juridische oplossing te kunnen worden voorzien door toepassing van de erkende vormen. Dit roept de vraag op of sprake is van een gesloten stelsel van originaire verkrijgingen of dat een meer open wettelijk stelsel kan worden onderscheiden dat zich leent voor aanvulling. Door middel van een rechtsvergelijkende benadering wordt in de bijdrage naar een antwoord op de vraag gezocht.


Mw. mr. J.B. Spath
Mw. mr. J.B. Spath is universitair docent aan de Radboud Universiteit Nijmegen en onderzoeker bij het Onderzoekscentrum Onderneming & Recht.
Artikel

Access_open Waarom vergeven wij onze schuldenaren?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2011
Trefwoorden insolventierecht, verbintenissenrecht, natuurlijke verbintenis, bescherming economisch zwakkeren, schuldsanering natuurlijke personen
Auteurs Prof. mr. B. Wessels
SamenvattingAuteursinformatie

    Na het succesvol doorlopen van de wettelijke regeling van de schuldsanering worden opeisbare schulden in niet-afdwingbare verbintenissen omgezet. Een korte speurtocht naar het daarachter schuilgaande (rechts)beginsel.


Prof. mr. B. Wessels
Prof. mr. B. Wessels is hoogleraar internationaal insolventierecht aan de Universiteit Leiden en redacteur van VrA. bwessels@bobwessels.nl
Praktijk

Het strenge Hof

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2011
Auteurs Mr. Mirto F. Murray
Auteursinformatie

Mr. Mirto F. Murray
Mr. Mirto F. Murray is advocaat/vennoot bij SMS Attorneys at Law en lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.

J.W.H. van Wijk
J.H.W. van Wijk is cassatieadvocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V. in Den Haag.
Artikel

Access_open Burgerlijk procesrecht en ideologie

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2011
Trefwoorden civil procedure, ideology, principles of procedural law
Auteurs Remme Verkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution offers a partial explanation of the differences between procedural systems. In most jurisdictions, civil procedural regulations constitute a carefully designed system. Generally, a number of underlying principles, guidelines, theories and objectives can be identified that clarify and justify more specific rules of procedure. It will be argued that the main differences between legal systems flow from different political and theoretical views of those who determine and shape the form of the legal process. This contribution identifies the ideological influences on the rules of procedure in a number of influential jurisdictions.


Remme Verkerk
Remme Verkerk was Assistant Professor at the Faculty of Law of Maastricht University. Presently he practices law at Houthoff Buruma.
Artikel

De juridische beoordeling van het postwhiplashsyndroom: stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Letselschade, whiplash, NVN-richtlijnen, medisch beoordelingstraject, moeilijk objectiveerbare klachten
Auteurs Mr. A. Kolder
SamenvattingAuteursinformatie

    Een voornaam deel van de letselschadezaken bestaat uit claims wegens whiplashletsel. In tal van die zaken was de schaderegeling altijd al moeizaam, voornamelijk omdat de claimklachten naar hun aard subjectief zijn, en in die zin ‘medisch onverklaarbaar’, dat medisch beeldvormend materiaal geen onderliggende afwijkingen laat zien. Sinds de terugtrekkende beweging van de neurologen – van oudsher dé beoordelaars van whiplashletsel – door middel van de in november 2007 gewijzigde NVN-richtlijnen is het regelingsproces nóg moeizamer geworden. Aan de hand van een overzicht van recente rechtspraak wordt bezien of daaraan voor de letselschadepraktijk handvatten zijn te ontlenen die de huidige whiplashproblematiek minder weerbarstig maken.


Mr. A. Kolder
Mr. A. Kolder is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen en als docent privaatrecht en promovendus aansprakelijkheidsrecht verbonden aan de RuG.
Jurisprudentie

Pammer en Alpenhof: het richten van een website

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden consumentenovereenkomst, bevoegdheid rechter, website, internationale rechtsmacht, EEX-Verordening
Auteurs Mr. H.W. Wefers Bettink
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Pammer en Alpenhof van 7 december 2010 heeft het Hof van Justitie zich uitgesproken over de vraag wanneer een onderneming bij het gebruik maken van een website zijn activiteiten richt op één of meer bepaalde lidstaten in de zin van artikel 15 lid 1 sub c EEX-Verordening. In deze bepaling is de toepasselijkheid van artikel 16 EEX-Verordening geregeld dat bepaalt dat, ingeval van een geschil over een consumentenovereenkomst, de consument de leverancier mag dagvaarden in de lidstaat waarin hij zijn woonplaats heeft. Die regel geldt als de betrokken onderneming zijn commerciële activiteiten (mede) richt op die lidstaat en de gesloten overeenkomst onder die activiteiten valt. De vraag die in dit arrest centraal stond is aan welke criteria een internetsite moet voldoen opdat de activiteiten van de onderneming kunnen worden geacht te zijn ‘gericht op’ de lidstaat van de consument. Het arrest is ook van belang voor het bepalen van het toepasselijk recht ingevolge Rome I en mogelijk ook voor het vaststellen van jurisdictie ingeval van inbreuk op een intellectueel eigendomsrecht via een website.HvJ EU 7 december 2010, gevoegde zaken C-585/08, Pammer en C-144/09, Alpenhof, (n.n.g.)


Mr. H.W. Wefers Bettink
Mr. H.W. Wefers Bettink is advocaat bij Houthoff Buruma.
Toont 21 - 40 van 53 gevonden teksten
« 1 2
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.