Zoekresultaat: 62 artikelen

x
Jaar 2012 x
Jurisprudentie

Cassatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Cassatie, Cassatieprocesrecht, Cassatierechtspraak
Auteurs Mr. K. Teuben
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. K. Teuben
Mr. K. Teuben is advocaat bij Pel Rijcken in Den Haag.
Artikel

De voorlopige voorziening hangende de bodemprocedure. De reikwijdte van art. 223 Rv

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Voorlopige voorziening, art. 223 Rv, Exhibitievordering art. 843a Rv, Opheffing beslag, Voorschot
Auteurs Mr. J.H. van Dam-Lely
SamenvattingAuteursinformatie

    In de jurisprudentie voorkomende 223 Rv vorderingen worden beoordeeld op hun geschiktheid voor een voorlopige voorziening die samenhangt met de hoofdzaak en geldt voor de duur van de procedure. Een voorschot op de hoofdvordering leent zich voor een voorlopige voorziening voor zover de vordering voldoet aan de randvoorwaarden van art. 223 Rv. De vorderingen die geen voorschot inhouden blijken veelal ongeschikt zijn voor een voorlopige voorziening ex art. 223 Rv. Beargumenteerd wordt waarom de exhibitievordering van art. 843a Rv en de vordering tot opheffing van beslag (die geen ‘voorschot’ is) ongeschikt zijn voor de voorlopige voorziening ex art. 223 Rv.


Mr. J.H. van Dam-Lely
Mr. J.H. van Dam-Lely is wetenschappelijk docent privaatrecht Erasmus School of Law.

Mr. M.F. Murray
Mr. M.F. Murray is advocaat/vennoot bij SMS Attorneys at Law te Curaçao en redactielid van het Caribisch Juristenblad.

    This publication discusses all aspects of causal connection between damages and unlawful governmental decisions.


Laura Di Bella
: Laura Di Bella is als PhD. fellow verbonden aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden. Zij doet onderzoek naar de bijzondere positie van de overheid in het onrechtmatigedaadsrecht.
Praktijk

Zakelijk geschil? Zakelijke mediation!

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2012
Trefwoorden mediation, geschiloplossing, zakelijk conflict, business mediation
Auteurs Mr. A.G. Wennekes
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur mediation als geschiloplossing bij zakelijke conflicten. Allereerst wordt ingegaan op het begrip zakelijke mediation. Voorts worden er enkele praktijkvoorbeelden van conflicten in het bedrijfsleven besproken waarbij mediation als oplossing van het conflict de meest wenselijke route is gebleken. Deze voorbeelden zijn in beginsel fictief, waarbij een deel gebaseerd is op jurisprudentie en een deel geïnspireerd op de mediationpraktijk. Vervolgens wordt de wettelijke context van zakelijke mediation besproken. In dit verband wordt ingegaan op de Europese Mediationrichtlijn, de initiatiefnota van de VVD om mediation wettelijk te verankeren in de Nederlandse wetgeving en de aangekondigde verhoging van het griffierecht. Betoogd wordt dat mediation als conflictoplossing voor bedrijven een volwaardig en dikwijls beter alternatief is dan de traditionele rechtspraak.


Mr. A.G. Wennekes
Mr. A.G. Wennekes is senior knowhow adviseur en NMI geregistreerd mediator bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Column

Erfrecht en arbitrage

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden testamentair erfrecht, uiterste wilsbeschikking, gesloten stelsel van uiterste wilsbeschikkingen, arbitrage, instelling van een scheidsgerecht
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de modernisering van het arbitragerecht bepleit de auteur om het mogelijk te maken dat de erflater bij uiterste wilsbeschikking een scheidsgerecht kan instellen.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is bijzonder hoogleraar Bijzondere Onderwerpen Notarieel Recht aan de Universiteit van Amsterdam en senior raadsheer in het gerechtshof te Leeuwarden.
Jurisprudentie

Kan er een einde aan het bewind komen?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden (testamentair) bewind, verzoekschrift opheffing bewind, overgangsrecht, opheffen bewind, competentie rechtbank
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Anders dan onder het vroegere recht kan er thans een einde worden gemaakt aan een bewind dat bij uiterste wil is ingesteld, ook indien de testateur heeft bepaald dat het voor het leven van de rechthebbende zou duren (art. 4:178 lid 2 BW). De uitspraak die wij kozen voor deze rubriek betreft een onder het vroegere recht aangevangen testamentair bewind in het belang van de rechthebbende, terwijl deze zich op het standpunt stelt dat hij de onder bewind staande goederen thans zelf op verantwoorde wijze kan besturen. Hij verzoekt derhalve het bewind op te heffen.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Mw. prof. mr. W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Artikel

Het vergeten testament

Rb. Roermond 9 november 2011, LJN BU3506, Notamail 2011, 279

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden internationaal erfrecht, rechtskeuze, geldigheid testament, vergeten testament, Wet conflictenrecht erfopvolging, Haags Erfrechtverdrag 1989, Europese Erfrechtverordening
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    Aanleiding voor dit artikel vormt een vonnis van de Rechtbank Roermond over een vergeten testament en de dwaling in het objectieve recht die daarvan het gevolg zou zijn. Aan de hand van de overwegingen van de rechtbank wordt nader ingegaan op de vraag hoe volgens Nederlands internationaal erfrecht in internationale situaties moet worden geoordeeld over het bestaan en de geldigheid van een testament, waarin de erflater een rechtskeuze heeft uitgebracht. Aan de orde komt onder meer de geldigheid wat betreft vorm en inhoud van zowel de rechtskeuze als het testament. Bovendien wordt besproken hoe het toepasselijke erfrecht moet worden bepaald indien het testament met de daarin opgenomen rechtskeuze ongeldig wordt geacht. Ten slotte is ook de stand van zaken rondom de totstandkoming van een Europese Erfrechtverordening kort onderwerp van bespreking.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen.
Artikel

Een nieuwe procesvorm: het stellen van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad (art. 392-394 nieuw Rv)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Prejudiciële vraag, Hoge Raad, Rechtsvraag, Prejudiciële procedure, Nieuwe procesvorm
Auteurs Mr. M.M. Stolp en Mr. J.F. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 juli a.s. wordt het voor de rechter mogelijk een rechtsvraag, die ook in vele andere vergelijkbare zaken speelt, aan de Hoge Raad voor te leggen onder aanhouding van de zaak. In deze bijdrage wordt de nieuwe prejudiciële procedure in vogelvlucht besproken.


Mr. M.M. Stolp
Mr. M.M. Stolp is advocaat in Amsterdam en maakt deel uit van het Team Cassatie van Houthoff Buruma.

Mr. J.F. de Groot
Mr. J.F. de Groot is advocaat in Amsterdam en maakt deel uit van het Team Cassatie van Houthoff Buruma.
Artikel

Stil pandrecht op toekomstige creditsaldi

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2012
Trefwoorden pandrecht, beslag, rekening-courant, Rabobank/Kézér, toekomstig
Auteurs Mr. N.A.M. Offergelt
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de (on)mogelijkheid van het vestigen van een stil pandrecht op een toekomstig saldo op een bankrekening aan de hand van het arrest van de Hoge Raad in de zaak Rabobank/Kézér q.q. Tevens plaatst de auteur dit arrest in een praktische context.


Mr. N.A.M. Offergelt
Mr. N.A.M. Offergelt is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

    Exhibitieplicht; 843aRv: vrijheid intern vormen van gedachten

Jurisprudentie

Rb. Almelo 21 december 2011, LJN BV0428

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2012
Trefwoorden googelende verzekeraar, internetonderzoek, privacy, bescherming persoonsgegevens, proportionaliteit
Auteurs Mr. H.H. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Een ‘googelende verzekeraar’ betrapt een slachtoffer van schade op het geven van een te negatief beeld van zijn arbeidsvermogen. De rechtbank oordeelt op basis van uitdraaien van websites dat het slachtoffer een aanzienlijk bedrag als onverschuldigd betaald aan de verzekeraar moet terugbetalen. Het bewijsmateriaal wordt niet ontkend. De vraag is of het slachtoffer de rechtmatigheid van het verzamelen van bewijs door middel van internetonderzoek kan betwisten. De verzekeraar is immers gehouden tot naleving van regels ter bescherming van persoonsgegevens, op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens en voor verzekeraars geldende gedragscodes.


Mr. H.H. de Vries
Mr. H.H. de Vries is advocaat bij Kennedy Van der Laan en medewerker van de afdeling Transnational Legal Studies aan de Vrije Universiteit.
Artikel

Strafrecht voor civilisten deel II: over de gewijzigde Wet schadefonds geweldsmisdrijven en nog enkele opmerkingen over schadeverhaal via het strafproces

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Schadefonds geweldsmisdrijven, affectieschade, voeging in het strafproces, shockschade, voorschotregeling
Auteurs Mr. A.H. Sas
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2012 is de gewijzigde Wet schadefonds geweldsmisdrijven in werking getreden. Hierdoor is met name de mogelijkheid voor nabestaanden om een uitkering te krijgen uitgebreid. Meest in het oog springend is dat zij een uitkering voor affectieschade van het fonds kunnen krijgen. Daarnaast bespreekt de auteur enkele ontwikkelingen omtrent de vordering benadeelde partij in het strafproces (de zogenoemde voeging). Dit mede in het licht van de Wet ter versterking van de positie van het slachtoffer in het strafproces, die per 1 januari 2011 in werking is getreden. In dit verband wordt behandeld: het verruimde ontvankelijkheidscriterium, strafrechtelijke jurisprudentie omtrent shockschade en samenloop van de voeging met een civiele procedure.


Mr. A.H. Sas
Mr. A.H. Sas is beleidsmedewerker juridische zaken bij Slachtofferhulp Nederland.
Artikel

Arbitrage in de Nederlandse bouwsector

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2012
Trefwoorden arbitration law, arbitration act, Arbitration Board for the Building Industry, arbitration clause
Auteurs Monika Chao-Duivis
SamenvattingAuteursinformatie

    This article contains a sketch of the use and organisation of arbitration in the Dutch construction industry. In Holland contractual issues in construction contracts are dealt with by arbitration in the vast majority of issues. There are several arbitration institutes of which the Arbitration Board for the Building Industry is the most important. This institute published (anonymously) over a 1000 judgments in 2011. The main issues of the Dutch arbitration act and of the new act are discussed in this article. The following important new developments are being described: the arbitration clause in general conditions in contracts with a consumer (the effectiveness of these clause will be severely limited in the new act); getting an arbitrational award annulled by the state judge (very difficult as it is) is limited since this will only be asked for in front of the appeal court and not (like the present situation) first in the district court and than in the appeal court; judgments do not have to contain a motivation any more if parties say they can do without (a dangerous development).


Monika Chao-Duivis
Prof. mr. dr. M.A.B. Chao-Duivis is directeur van het Instituut voor Bouwrecht, hoogleraar bouwrecht aan de TU Delft, arbiter bij de Raad van Arbitrage en raadsheer-plaatsvervanger bij het Hof Den Haag.

    Een bekende uitzondering op het uitgangspunt van toezicht in twee feitelijke instanties is het appelverbod bij de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Krachtens art. 7:685 lid 11 BW kan tegen een ontbindingsbeschikking hoger beroep noch cassatie worden ingesteld. Dit roept vragen op met betrekking tot de rechtsbescherming van werknemers en werkgevers, mede gegeven de eisen die daaraan vanuit art. 6 EVRM gesteld kunnen worden. De auteur onderzoekt of het appelverbod in overeenstemming is met de voornoemde hogere norm en of eventuele misslagen in de ontbindingsbeschikking, ondanks het wettelijk appelverbod, hersteld kunnen worden. Aandacht wordt besteed aan de mogelijkheden van doorbreking van het appelverbod, herstel, herroeping en het leerstuk van de onrechtmatige rechtspraak. Onderzocht wordt of, en zo ja, voor welke gebreken in de ontbindingsbeschikking en de ontbindingsprocedure deze acties uitkomst kunnen bieden.


mr. Vivian Bij de Vaate
Mw. mr. D.M.A. (Vivian) Bij de Vaate is als docent/onderzoeker sociaal recht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    Een procesrechtelijke bijzonderheid in de ontbindingsprocedure van art. 7:685 BW ziet op de niet integrale toepasselijkheid van het wettelijk bewijsrecht van afdeling 9, titel 2 uit het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Volgens de memorie van toelichting bij de Wet tot herziening van het burgerlijk procesrecht kan de spoedeisendheid van de ontbindingsprocedure zich tegen toepassing van het wettelijke bewijsrecht verzetten. In dit artikel wordt allereerst betoogd dat niet iedere ontbindingsprocedure per definitie spoedeisend is en zich tegen de toepasselijkheid van het wettelijk bewijsrecht verzet en tevens dat in een spoedeisende ontbindingsprocedure onderscheid moet worden gemaakt tussen bewijsregels die wel en die niet aan een spoedige beslissing in de ontbindingsprocedure in de weg staan. Vervolgens onderzoekt de auteur of de ontbindingsprocedure wat betreft de bewijsvoering in overeenstemming is met art. 6 EVRM en het recht van de Europese Unie.


mr. Vivian Bij de Vaate
Mw. mr. D.M.A. (Vivian) Bij de Vaate is als docent/onderzoeker sociaal recht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Naar een elektronische registratie van onderhandse pandakten?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden elektronische registratie, stil pandrecht, pandakte, tijdstip
Auteurs Mr. F.J.L. Kaptein
SamenvattingAuteursinformatie

    Recente rechtspraak geeft aanleiding tot het nader onderzoeken van de huidige registratie van pandakten bij de Belastingdienst. Elektronische registratie van onderhandse (verzamel)pandakten leidt niet alleen tot kostenbesparing, maar ook kunnen problemen omtrent de rangorde in geval van meervoudige stille verpanding gedeeltelijk worden ondervangen. Andere praktische problemen zullen geheel tot het verleden behoren.


Mr. F.J.L. Kaptein
Mr. F.J.L. Kaptein is promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen en juridisch medewerker bij NautaDutilh te Amsterdam.


Mr. Denise Ozmis
Mr. D. Ozmis is Claims Manager bij AkzoNobel.

Prof. mr. I.N. Tzankova
Prof. mr. I.N. Tzankova is bijzonder hoogleraar collectieve rechtspleging en rechtsvergelijking aan de Universiteit van Tilburg en advocaat te Amsterdam.
Jurisprudentie

Bewijsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2012
Trefwoorden waarheidsplicht, bewijslastverdeling, bewijsaanbod, deskundigenbericht, partijgetuige
Auteurs Mr. dr. R.H. de Bock
SamenvattingAuteursinformatie

    De kroniek Bewijsrecht bevat een overzicht van literatuur, rechtspraak en wetgeving op het terrein van het bewijsrecht die is verschenen in de periode vanaf medio 2010 tot eind 2011.
    Besproken wordt onder meer rechtspraak van de HR over de waarheidsplicht van art. 21 Rv, de bewijslastverdeling bij arbeidsongevallen en verkeersaansprakelijkheid, het passeren van een bewijsaanbod, het opnieuw horen van een partijgetuige, die in hoger beroep niet meer die hoedanigheid heeft en het vaststellen van feiten buiten partijen om. Verder wordt ingegaan op de rechterlijke motiveringsplicht bij het al dan niet overnemen van de bevindingen van een deskundige en de laatste stand van zaken van het wetsvoorstel tot wijziging van art. 843a Rv (exhibitieplicht).


Mr. dr. R.H. de Bock
Mr. dr. R.H. de Bock is vicepresident in het Gerechtshof Amsterdam.

Prof. mr. G. de Groot
Prof. mr. G. de Groot is raadsheer in de Hoge Raad en bijzonder hoogleraar Rechtspraak en conflictoplossing aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Toont 21 - 40 van 62 gevonden teksten
« 1 2 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.