Zoekresultaat: 70 artikelen

x
Jaar 2017 x

    Recent oordeelde de Rechtbank Overijssel dat het ontslag van een werknemer als statutair bestuurder van een moedermaatschappij een redelijke grond opleverde voor diens arbeidsrechtelijke ontslag bij de dochtermaatschappij. In deze bijdrage wordt geanalyseerd of deze redenering zich verdraagt met het arbeidsrecht.


Mr. S.J. Sterk
Mr. S.J. Sterk is werkzaam als advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Praktijk

Kroniek Rechtspraak Tuchtrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2017
Trefwoorden ouderlijk gezag, tuchtrecht, voorbehouden handelingen, tuchtmaatregelen
Auteurs Mr. C.A. Bol, prof. mr. J.C.J. Dute en mr. W.R. Kastelein
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze achtste kroniek Rechtspraak Tuchtrecht die in het TvGR wordt gepubliceerd, worden in grote lijnen dezelfde onderwerpen behandeld als in de vorige kroniek. Het gaat dan om uitspraken over ontvankelijkheid en aanverwante procesrechtelijke onderwerpen, vraagstukken rond ouderlijk gezag, samenwerkingsproblemen, voorbehouden handelingen, dossiervoering en rapporten en verklaringen, alsmede de (zwaarte van) de door tuchtcolleges opgelegde tuchtmaatregelen.


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is docent en promovenda Gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit te Nijmegen.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar Gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit te Nijmegen, lid van het College voor de Rechten van de Mens en redacteur van dit tijdschrift.

mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein is advocaat/compagnon Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle/Utrecht, en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Franchiseprognoses volgens de zaak Street-One: aansprakelijkheid halverwege Paalman/Lampenier en de Nederlandse Franchise Code?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden franchise, prognose, Nederlandse Franchise Code, Paalman/Lampenier, zorgplicht
Auteurs Mr. M. Raas en mr. R.B. Musters
Auteursinformatie

Mr. M. Raas
Mr. M. Raas en

mr. R.B. Musters
mr. R.B. Musters zijn advocaten in Amsterdam.
Artikel

Derdenwerking van exoneratiebedingen: een inkadering van het redelijkheidsoordeel

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Derdenwerking, Exoneratiebedingen, Rechtszekerheid, Engels contractenrecht
Auteurs Mr. P.F. Salome
SamenvattingAuteursinformatie

    Derdenwerking van exoneratiebedingen dient te worden gerechtvaardigd door de ‘aard van het desbetreffende geval’. Gezichtspunten spelen daarbij een rol. De literatuur is kritisch op de rechtspraak van de Hoge Raad en de door hem geformuleerde gezichtspunten: het zou resulteren in een gebrek aan houvast. In deze bijdrage wordt ingegaan op de toepassing van de gezichtspunten in de rechtspraak. Hieruit volgt een ‘diffuus beeld’. Na een uitstap naar het Engelse contractenrecht wordt een aanbeveling gedaan om het leerstuk van (meer) rechtszekerheid te voorzien.


Mr. P.F. Salome
Mr. P.F. Salome is advocaat bij Van Traa Advocaten N.V. te Rotterdam. De auteur bedankt prof. mr. H.N. Schelhaas, prof. mr. M.H. Claringbould, mr. dr. J.A. Kruit en mr. O. Böhmer voor hun commentaar op een eerdere versie.
Diversen: Boilerplates etc.

Overleeft de survival clause?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Survival clause, Boilerplate, Uitleg, Ontbinding, vernietiging
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De survival clause wordt in veel contracten aangetroffen en heeft tot doel te bewerkstelligen dat de daarin genoemde artikelen het einde van de overeenkomst overleven. In dit artikel onderzoeken de schrijvers of de survival clause nodig is, dan wel dat de wettelijke regelingen over ontbinding en vernietiging het onderwerp al afdoende regelen. De schrijvers concluderen dat de survival clause nut heeft.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Professional Legal Counseling aan de Open Universiteit.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Schijn van vertegenwoordiging: naar een nadere invulling van het risicobeginsel

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2017
Trefwoorden vertegenwoordiging, risicobeginsel, opgewekte schijn, toedoen, art. 3:61 BW
Auteurs Mr. drs. P.A. Fruytier
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds het arrest ING/Bera kan gerechtvaardigde schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid ook worden gebaseerd op omstandigheden die voor risico van de pseudovertegenwoordigde komen. In dit artikel tracht de auteur mede aan de hand van een drietal recente arresten en de algemene grondslagen voor risicotoerekening een aanzet te geven voor een verdere invulling van dit risicobeginsel.


Mr. drs. P.A. Fruytier
Mr. drs. P.A. Fruytier is (cassatie)advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Praktijk

Kroniek rechtspraak civiel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Jurisprudentie, Civiel recht, Causaal verband, kansschade, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. drs. M.J.J. de Ridder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden in het kort de belangrijkste ontwikkelingen in de jurisprudentie besproken in de periode van 1 juni 2015 tot en met 15 juni 2017. Daarbij wordt eerst ingegaan op de diverse gronden waarop de aansprakelijkheid kan worden gebaseerd. Voorts wordt ingegaan op het causaal verband en komen de ontwikkelingen op het gebied van de kansschade en proportionele aansprakelijkheid aan bod. Andere uitspraken die in de kroniek worden besproken hebben betrekking op: verjaring, bewijslastverdeling, (voorlopige) deskundigenberichten, inzage in stukken en afgifte van materialen en schadevergoeding.


Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht.
Artikel

De afwikkeling van medische schade onder de Wkkgz

De beloften van het klachtrecht voor patiënten, de eerste stappen naar verwezenlijking door de ziekenhuizen en de eerste verrichtingen van de Wkkgz-geschilleninstanties

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2017
Trefwoorden schadeafwikkeling, medisch, klacht, claim, Wkkgz
Auteurs Mr. B.S. Laarman en Prof. mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Wkkgz vindt de buitengerechtelijke afwikkeling van medische schadeclaims plaats in het klachtrecht in plaats van het aansprakelijkheidsrecht. Zorgaanbieders moeten zelf proactief en oplossingsgericht schadeclaims onderzoeken en beoordelen. De rol van de patiëntencontactpersoon in het ziekenhuis, van de zorgverlener en de samenwerking tussen ziekenhuis en verzekeraar zijn daarmee ingrijpend veranderd. Dit overzichtsartikel bespreekt de eerste stappen naar implementatie van de Wkkgz, de aard van het klachtrecht, de noodzaak van triage, de werkwijzen van zelfregelende ziekenhuizen, de noodzaak van informed consent, BGK , de zeswekentermijn, de eerste resultaten van de Wkkgz-geschilleninstanties, en het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet BIG.


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en geeft leiding aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).
Jurisprudentie

Vrijheid van religie op de werkplaats en het Hof van Justitie: terug naar cuius regio, illius religio?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Discriminatie, Vrijheid van religie, Hoofddoek, Richtlijn 2000/78/EU, Religie of overtuiging
Auteurs Prof. dr. Filip Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden twee mijlpaalarresten de dato 14 maart 2017 van het Hof van Justitie die betrekking hebben op discriminatie op basis van religie kritisch geanalyseerd. In beide gevallen gaf het dragen van een hoofddoek aanleiding tot het ontslag van een werkneemster. De auteur stelt dat het ontslag van een werkneemster wegens het dragen van een hoofddoek op basis van een algemene regel die uitingen van religieuze, politieke en filosofische overtuigingen verbiedt wel degelijk een directe vorm van discriminatie betreft. Hij betwist dat een beleid van neutraliteit in de onderneming een afdoende legitieme doelstelling vormt die indirecte discriminatie zou rechtvaardigen. De grondslag voor een dergelijke benadering, de in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie opgenomen vrijheid van ondernemerschap, is niet dienstig om een richtlijn die het burgerschap binnen de Europese Unie beschermt, beperkend te interpreteren. Hij bepleit dat rechtvaardigingsgronden voor discriminatie op basis van religie voorzienbaar en kenbaar moeten zijn. Tot slot wordt het gebruik van de redelijke aanpassingen door het Hof van Justitie beschouwd. De auteur meent dat de analyse van het Hof op gespannen voet staat met de rechtspraak van het Hof voor de Rechten van de Mens en een risico in zich draagt van ‘harassment’ van werknemers die naar een plek in ‘backoffice’ worden verbannen.


Prof. dr. Filip Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is hoogleraar Arbeidsrecht aan de Université Catholique de Louvain en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Tien jaar Pensioenwet

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Pensioenovereenkomst, uitvoeringsovereenkomst, pensioenuitvoerder, Wijziging (van pensioenovereenkomst), Pensioenwet
Auteurs prof. Erik Lutjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De Pensioenwet is in 2007 in werking getreden. Deze wet geeft regels betreffende het – aanvullend – pensioen in de werkgever-werknemersverhouding. De Pensioenwet beoogt aan werknemers financiële en uitvoeringszekerheid te geven, opdat hun pensioenverwachtingen ook uitkomen. Kort na inwerkingtredingen ontstonden hierin al teleurstellingen van werknemers: de financiële en kredietcrisis sloeg een bres in het vermogen van pensioenfondsen en voor veel rechthebbenden waren kortingen nodig. Dit leidde tot een nu al jaren durend debat over de inrichting van het pensioenstelsel in de toekomst. Tegen die achtergrond geeft dit artikel een overzicht van de juridische aandachtspunten van tien jaar Pensioenwet.


prof. Erik Lutjens
Prof. E. Lutjens is hoogleraar Pensioenrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Expertisecentrum Pensioenrecht en Of Counsel bij DLA Piper.
Artikel

Persoonlijke aansprakelijkheid van de curator in verband met verpande vorderingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2017
Trefwoorden pro se, aansprakelijkheid, curator, pandhouder, inning
Auteurs Mr. E.A.L. van Emden
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel onderzoekt wanneer de curator persoonlijk aansprakelijk is jegens de schuldeiser aan wie vorderingen zijn verpand. Eerst wordt de toetsingsmaatstaf geanalyseerd. Daarna wordt ingezoomd op de situaties van actieve inning, betwisting van het pandrecht, opvordering van de afgezonderde incasso-opbrengst, weigering van informatie en termijnstelling ex art. 58 Fw.


Mr. E.A.L. van Emden
Mr. E.A.L. van Emden is advocate bij NN Advocaten (Nationale-Nederlanden) te Den Haag
Artikel

De uitdagingen voor gebiedsgebonden politiezorg

Ambigue ontwikkelingen, platgetreden paden en nieuwe wegen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2017
Auteurs T. Meurs MSc en B.J. Kreulen MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the challenges facing Community Oriented Policing (COP) in an increasingly complex society. The authors describe how the Dutch police adresses this context through a new police organisation on a national basis, specified job protocols, intelligence led policing and higher educated specialists. Seeking for alternatives the authors argue that COP should be based on a problem centered approach which profits from the insights of local policemen and operational specialists. Adressing ambiguous problems will fail when only applying system logic. Instead, moral involvement and sensemaking are indispensable.


T. Meurs MSc
Teun Meurs MSc werkt aan een promotieonderzoek over kennisintensivering en de ontwikkeling van onderzoekende politieprofessionaliteit. Het onderzoek is onderdeel van de Strategische Onderzoeksagenda 2015-2019 en wordt gefaciliteerd door de Hogeschool Arnhem Nijmegen, Universiteit Utrecht, de Politieacademie en de Nationale Politie.

B.J. Kreulen MSc
Bert Jan Kreulen MSc is werkzaam binnen de dienst Politieprofessie in de Eenheid Amsterdam en houdt zich bezig met de ontwikkeling van Gebiedsgebonden Politiezorg, met een focus op de rol van de wijkagent. De auteurs bedanken Wouter Landman voor zijn constructieve commentaar op een eerdere versie van dit artikel.
Artikel

Bouwen in een circulaire stad

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden circulair, circulaire economie, hergebruik
Auteurs Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of het huidige en toekomstige omgevingsrechtelijk instrumentarium voldoende mogelijkheden en/of stimulansen biedt om volledig circulaire steden mogelijk te maken. Daarbij komen de volgende onderwerpen aan de orde. Eerst wordt ingegaan op de eisen die aan de circulariteit van bouwwerken kunnen worden gesteld in de ontwerpfase. Besproken wordt in hoeverre de ambities van gemeentelijke ‘koplopers’ kunnen worden vormgegeven door strenge(re) eisen te stellen aan het materiaalgebruik bij nieuwbouw. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag in hoeverre circulariteit bij bestaande bouw kan worden bereikt. Daarbij gaat het zowel om het planologisch instrumentarium om leegstand tegen te gaan, als om de eisen die kunnen worden gesteld aan verantwoord materiaalgebruik bij renovatie. Daarna komen de mogelijkheden in de sloopfase van een bouwwerk aan de orde: in hoeverre kunnen eisen worden gesteld ten aanzien van de scheiding van waardevol bouw- en sloopmateriaal?


Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve
Mr. dr. M.N. Boeve is als universitair docent verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Het verzetrecht van artikel 2:404 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden verzetrecht, 403-verklaring, overblijvende aansprakelijkheid, artikel 2:404 BW, groepsvrijstelling
Auteurs Mr. K. Notenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    In het recente arrest inzake SNS/Propertize kwam het verzetrecht tegen het voornemen van de moedermaatschappij om de overblijvende aansprakelijkheid uit hoofde van een 403-verklaring te beëindigen aan de orde. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele knelpunten ten aanzien van het verzetrecht van artikel 2:404 BW: de verzetgerechtigdheid, de betwiste vorderingen en de omvang van de zekerheid of andere waarborg.


Mr. K. Notenboom
Mr. K. Notenboom is per 1 juli 2017 advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Artikel

Aansprakelijkheidsrisico’s bij het gebruiken van een lege projectvennootschap: aandeelhouders- of bestuurdersaansprakelijkheid?

Beschouwingen bij HR 24 maart 2017, NJ 2017/149 (Hanzevast/G4 II)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, aandeelhoudersaansprakelijkheid, SPV, projectvennootschap, verhaalsrisico
Auteurs Mr. E.C.H.J. Lokin en Mr. O.J.W. Schotel
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs gaan aan de hand van het Hanzevast/G4 II-arrest in op het verhaalsrisico bij het contracteren door middel van lege projectvennootschappen en de vraag in hoeverre een eventuele aansprakelijkheid in een dergelijk geval geënt dient te worden op bestuurdersaansprakelijkheid, een indirecte doorbraak van aansprakelijkheid, of wellicht op beide.


Mr. E.C.H.J. Lokin
Mr. E.C.H.J. Lokin en mr. O.J.W. Schotel zijn advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. O.J.W. Schotel
Artikel

Advocaat + misbruik + fiscaal verschoningsrecht = som van misverstanden

Het verschoningsrecht van advocaten: kanttekeningen bij hardnekkige misverstanden en inzicht in aspecten van het toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden advocaten, verschoningsrecht, misbruik, toezicht, deken
Auteurs Mr. E. van Empel en Mr. P.N. van Regteren Altena
SamenvattingAuteursinformatie

    De beleidsvoornemens vervat in de brief van staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes (17 januari 2017, kenmerk 2017-0000009661) voor zover gericht op het ‘wettelijk fiscale verschoningsrecht’ van advocaten geven toezichthouders op advocaten aanleiding om hardnekkige misverstanden over het verschoningsrecht voor advocaten onder de loep te nemen en het toezicht op advocaten en de rol van de deken bij een beroep op verschoningsrecht te belichten, indien degene die met een beroep op verschoningsrecht wordt geconfronteerd daar om vraagt.


Mr. E. van Empel
Mr. E. van Empel is deken van de orde van advocaten arrondissement Zeeland-West-Brabant, voorzitter dekenberaad tot 1 april 2017 en advocaat bij Blue Legal Advocaten te Breda.

Mr. P.N. van Regteren Altena
Mr. P.N. van Regteren Altena is deken van de orde van advocaten arrondissement Amsterdam, voorzitter dekenberaad per 1 april 2017 en advocaat bij Van Doorne Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Fair play in het fiscale strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Informeel verschoningsrecht, Fair play, Belastingadviseur
Auteurs Mr. A.M.E. Nuyens en Mr. P.C. Melse
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat het informeel verschoningsrecht centraal. Dit buitenwettelijke verschoningsrecht, door de Hoge Raad gedefinieerd als het fair play-bginsel vindt zijn oorsprong in het fiscale recht. Een korte introductie zal worden gegeven over de verregaande controlebevoegdheden van de Belastingdienst alsook over wettelijk fiscale verplichtingen van een belastingplichtige en de samenwerking ter voldoening daaraan met een belastingadviseur. De (in bepaalde gevallen te opportunistische) keuzemogelijkheid in het fiscaal punitieve stelsel komt aan bod en waarom juist in dit stelsel de belastingadviseur zich zou moeten kunnen verschonen. Daarna wordt beargumenteerd waarom het informeel verschoningsrecht ook doorwerking heeft, althans behoort te hebben in het strafrecht. Tot slot wordt stilgestaan bij de recente ontwikkelingen met betrekking tot het verschoningsrecht.


Mr. A.M.E. Nuyens
Mr. A.M.E. Nuyens is advocaat bij De Bont Advocaten en universitair docent aan Tilburg University.

Mr. P.C. Melse
P.C. Melse is masterstudent Fiscaal Recht aan Tilburg University.
Praktijk

Houd de vertegenwoordiger kort aangelijnd

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Vertegenwoordiging, schijn van volmachtverlening, Toedoen, Toerekening, Bode, Onderhandelen met een voorbehoud
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 3 februari 2017 wees de Hoge Raad twee arresten over de schijn van volmachtverlening. In deze arresten stond de vraag centraal wanneer van toerekening sprake kan zijn. Het antwoord: als feiten en omstandigheden aanwezig zijn die aan de achterman kunnen worden toegerekend. Deze arresten worden besproken tegen hun dogmatische achtergrond en in vergelijking met de aansprakelijkheid voor bodes en met het geval waarin is onderhandeld met een voorbehoud.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Diversen

Yes or no to no oral modification clauses?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Boilerplate, NOM-clausule, No oral modification, Gerechtvaardigd vertrouwen bij totstandkoming, Wil/vertrouwensleer
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Prof. mr. H.N. Schelhaas
SamenvattingAuteursinformatie

    Clausules waarin vooraf afspraken worden gemaakt over vormvereisten waaraan toekomstige wijzingen van de gemaakte afspraken moeten voldoen, zogenoemde NOM-clausules, laten zich lastig juridische plaatsen. Wat gaat vóór: de oude afspraak die aangeeft dat een nieuwe afspraak slechts schriftelijk kan worden gemaakt, of de nieuwe mondelinge afspraak waarbij klaarblijkelijk van de oude is afgeweken? In het artikel wordt min of meer aangegeven dat het hiervoor bedoelde ‘klaarblijkelijk’ het scharnierelement is. Om vast te stellen of partijen een nieuwe afspraak hebben willen maken, dient met precisie naar artikel 3:35 BW te worden gekeken. Volgens de auteurs zal het antwoord op voornoemde vraag afhangen van het ‘gerechtvaardigd’ vertrouwen dat in de nieuwe situatie al dan niet is opgewekt.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. T.H M. van Wechem is hoogleraar Professional Leagal Councelling aan de Open Universiteit.

Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit.
Discussie

De uitleg van een olympische Topsportersovereenkomst: Van Gelder/NOC*NSF onder de loep

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Topsportovereenkomst, Uitleg, Haviltex, Bindende partijbeslissing, Van Gelder/NOC*NSF
Auteurs Mr. M.A. de Vlieger
SamenvattingAuteursinformatie

    In Van Gelder/NOC*NSF heeft de rechter marginaal getoetst of NOC*NSF in redelijkheid tot zijn besluit had kunnen komen om Van Gelder uit te sluiten van verdere deelname aan de Olympische Spelen. De auteur analyseert de juistheid van die normtoepassing. Hij concludeert dat een onjuiste maatstaf is toegepast; tussen partijen gold een Topsportersovereenkomst, en uitleg van die overeenkomst met toepassing van de Haviltex-norm was geboden. Het artikel is relevant voor NOC*NSF en atleten: dient NOC*NSF zijn contracten met olympische atleten te herzien en waar moeten atleten zich van vergewissen?


Mr. M.A. de Vlieger
Mr. M.A. de Vlieger is advocaat bij BASE Advocaten in Rotterdam.
Toont 21 - 40 van 70 gevonden teksten
« 1 2 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.