Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1493 artikelen

x
Jaar 2017 x

Arnaud de Graaf
Professor of International Policy and Fiscal Autonomy. The author is on the staff of the Erasmus School of Law (Erasmus University Rotterdam) and the Netherlands Ministry of Finance. His contribution, as guest editor, to this special issue of Erasmus Law Review was undertaken as part of the ESL research program on ‘Fiscal autonomy and its boundaries’.
Article

Access_open The Questionable Legitimacy of the OECD/G20 BEPS Project

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2017
Trefwoorden base erosion and profit shifting, OECD, G20, legitimacy, international tax reform
Auteurs Sissie Fung
SamenvattingAuteursinformatie

    The global financial crisis of 2008 and the following public uproar over offshore tax evasion and corporate aggressive tax planning scandals gave rise to unprecedented international cooperation on tax information exchange and coordination on corporate tax reforms. At the behest of the G20, the OECD developed a comprehensive package of ‘consensus-based’ policy reform measures aimed to curb base erosion and profit shifting (BEPS) by multinationals and to restore fairness and coherence to the international tax system. The legitimacy of the OECD/G20 BEPS Project, however, has been widely challenged. This paper explores the validity of the legitimacy concerns raised by the various stakeholders regarding the OECD/G20 BEPS Project.


Sissie Fung
Ph.D. Candidate at the Erasmus University Rotterdam and independent tax policy consultant to international organisations, including the Asian Development Bank.
Article

Access_open The Peer Review Process of the Global Forum on Transparency and Exchange of Information for Tax Purposes

A Critical Assessment on Authority and Legitimacy

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Global Forum on Transparency and Exchange of Information, exercise of regulatory authority, due process requirements, peer review reports, legitimacy
Auteurs Leo E.C. Neve
SamenvattingAuteursinformatie

    The Global Forum on transparency and exchange of information for tax purposes has undertaken peer reviews on the implementation of the global standard of exchange of information on request, both from the perspective of formalities available and from the perspective of actual implementation. In the review reports Global Forum advises jurisdictions on required amendments of regulations and practices. With these advices, the Global Forum exercises regulatory authority. The article assesses the legitimacy of the exercise of such authority by the Global Forum and concludes that the exercise of such authority is not legitimate for the reason that the rule of law is abused by preventing jurisdictions to adhere to due process rules.


Leo E.C. Neve
Leo Neve is a doctoral student at the Erasmus School of Law, Rotterdam.
Article

Access_open Legality of the World Bank’s Informal Decisions to Expand into the Tax Field, and Implications of These Decisions for Its Legitimacy

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2017
Trefwoorden World Bank, legality, legitimacy, global tax governance, tax policy and tax administration reforms
Auteurs Uyanga Berkel-Dorlig
SamenvattingAuteursinformatie

    The emergence of global tax governance was triggered by common tax problems, which are now still being faced by international society of nation-states. In the creation of this framework, international institutions have been playing a major role. One of these institutions is the World Bank (Bank). However, those who write about the virtues and vices of the main creators of the framework usually disregard the Bank. This article, therefore, argues that this disregard is not justified because the Bank has also been playing a prominent role. Since two informal decisions taken in the past have contributed to this position of the Bank, the article gives in addition to it answers to the following two related questions: whether these informal decisions of the Bank were legal and if so, what implications, if any, they have for the Bank’s legitimacy.


Uyanga Berkel-Dorlig
Ph.D. candidate in the Department of Tax Law, Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam, The Netherlands.
Jurisprudentie

Blue Taxi-arrest: de beperkte zekerheid van de vaststellingsovereenkomst bij vorderingen van derden

HR 6 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:19 (Blue Taxi/SFT)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Vaststellingsovereenkomst, Blue Taxi/SFT, Derden, dwingend recht, openbare orde/goede zeden
Auteurs Mr. dr. A.F. Bungener en Mr. dr. A. Van Zanten-Baris
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken auteurs het arrest Blue Taxi/SFT. Dit arrest biedt verduidelijking met betrekking tot hoe het recht omtrent vaststellingsovereenkomsten dient te worden toegepast. Auteurs gaan in op de wijze waarop en de mate waarin de belangen van derden daarbij dienen te worden gerespecteerd. Auteurs geven antwoord op de vraag wanneer met een vaststellingsovereenkomst dwingend recht opzij kan worden gezet en wanneer dit binnen de contouren van de Hoge Raad niet is toegestaan. Juist dit laatste wordt in de praktijk nog wel eens over het hoofd gezien.


Mr. dr. A.F. Bungener
Mr. dr. A. Bungener is advocaat bij Pact Advocaten te Amsterdam.

Mr. dr. A. Van Zanten-Baris
Mr. dr. A. van Zanten-Baris is eigenaar van Arbeidsrecht Simpel.
Discussie

Smallsteps en de grote stappen die nu gezet moeten worden

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Smallsteps, Faillissementsdoorstart, Pre-pack, Overgang van onderneming, Herstructurering
Auteurs Ph.W. Schreurs
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Smallsteps-uitspraak heeft het Europese Hof van Justitie een halt toegeroepen aan pre-packed doorstarts indien daarbij in feite een personele reorganisatie plaatsvindt. Gelet op de argumentatie van het Hof, is het niet ondenkbeeldig dat ook de klassieke faillissementsdoorstart, anders dan tot nu toe verondersteld, zal leiden tot overgang van onderneming, omdat wat insolventierechtjuristen beschouwen als liquidatie in de ogen van het Hof aangemerkt moet worden als voortzetting. De auteur roept arbeids- en insolventierecht-beoefenaars op om ter zake van herstructurering van bedrijven in moeilijkheden een meer gezamenlijk jargon te ontwikkelen. Dat kan bijdragen aan het behoud van levensvatbare ondernemingen.


Ph.W. Schreurs
Mr. Ph.W. Schreurs is advocaat corporate litigation bij Boels Zanders te Eindhoven. Hij is tevens als buitenpromovendus verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht, Radboud Universiteit, en voorzitter van de Vereniging van Insolventierecht Advocaten INSOLAD. Deze opinie is geschreven op persoonlijke titel.

    Bij de uitleg van cao-bepalingen leek de Hoge Raad in 1993, met de introductie van de cao-norm, afstand te hebben genomen van de Haviltex-norm. De ‘grammaticale uitleg’ van cao-bepalingen raakte in zwang. Dit was niet de bedoeling. De Hoge Raad greep diverse keren in om de cao-norm te verduidelijken. In 2002, met het DSM/Fox-arrest, leek de cao-norm uitgekristalliseerd. Met het Condor-arrest heeft de Hoge Raad geoordeeld dat bij de uitleg van een cao-bepaling de toepassing van de cao-norm niet in alle gevallen gerechtvaardigd is. In deze bijdrage wordt de ontwikkeling van de cao-norm toegelicht. De nieuwe grenzen zullen nog vastgesteld moeten worden. Mijn verwachting is dat het Condor-arrest als basis zal dienen voor een ontwikkeling waarbij cao-bepalingen uit bedrijfstak-cao’s en ondernemings-cao’s niet altijd volgens dezelfde methode zullen worden uitgelegd.


mr. dr. A. Stege
Mr. dr. A. Stege is advocaat bij Zilver Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Verdeling tijdens vereffening

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden beneficiair aanvaarde nalatenschap, (partiële) verdeling, vereffening
Auteurs Mr. J.Th.M. Diks en Mr. dr. N. Lavrijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Het uitgangspunt bij een beneficiair aanvaarde nalatenschap is dat er pas kan worden verdeeld nadat de vereffening van de nalatenschap is voltooid. Op 19 mei 2017 heeft de Hoge Raad een arrest gewezen waarin hij een opening biedt voor een (partiële) verdeling van de nalatenschap alvorens de vereffening is afgerond. De Rechtbank Gelderland heeft bij uitspraak van 2 augustus 2017 gebruik gemaakt van deze door de Hoge Raad geboden opening. In dit artikel wordt deze ontwikkeling in de rechtspraak beschreven en wordt op dit punt een vergelijking gemaakt met de executele.


Mr. J.Th.M. Diks
Mr. J.Th.M. Diks is advocaat bij Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht en docent bij diverse opleidingsinstellingen.

Mr. dr. N. Lavrijssen
Mr. dr. N. Lavrijssen is docent bij de Juridische Hogeschool Avans-Fontys en medewerker bij het wetenschappelijk bureau van Advocaten Familie- & Erfrecht.
Artikel

NSW-faciliteit erfbelasting, testamentvormen en het finaal verrekenbeding bij overlijden

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden vererving NSW-landgoed, finaal verrekenbeding bij overlijden, testamentvormen, instandhoudingseis en bezitseis, NSW-faciliteit
Auteurs Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
SamenvattingAuteursinformatie

    De voorwaardelijke invorderingsvrijstelling van artikel 7 NSW wordt verleend aan de verkrijger van de eigendom van een NSW-landgoed. Met het oog hierop is het voor een NSW-landgoedeigenaar belangrijk dat hij een testament opstelt dat met de NSW-status rekening houdt. Daarnaast dient ook kritisch te worden gekeken, indien en voor zover van toepassing, naar de huwelijkse voorwaarden. Met name een in de huwelijkse voorwaarden opgenomen finaal verrekenbeding bij overlijden kan voor het benutten van de NSW-faciliteit ongunstig uitpakken.


Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Mw. mr. dr. N.V.C.E. Bauduin is kandidaat-notaris bij Vrijthofnotarissen te Maastricht en als fellow verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Jurisprudentie

De raadselachtige wetsgeschiedenis van artikel 129 lid 2, eerste zin, OnBW

Rb. Den Haag 5 oktober 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:12968 en Hof Den Haag 12 september 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2684

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden overgangsrecht, artikel 129 OnBW, uiterste wilsbeschikking, gesloten stelsel van uiterste wilsbeschikkingen, uitlegging
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Gepoogd wordt de raadselachtige wetsgeschiedenis van artikel 129 lid 2, eerste zin, van de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek (OnBW) te ontrafelen en vast te stellen voor welke situatie deze bepaling een voorziening geeft. Geconcludeerd wordt dat de bepaling binnen het gesloten stelsel van uiterste wilsbeschikkingen de wettelijke grondslag biedt voor het maken van een uiterste wilsbeschikking onder het huidige recht, waarbij de erflater afwijkt van het bepaalde in artikel 129 lid 1 OnBW omtrent de niet-opeisbaarheid van de legitieme portie, indien de erflater onder het oude erfrecht een making ten behoeve van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of levensgezel heeft gemaakt en deze in stand houdt.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en emeritus bijzonder hoogleraar Bijzondere onderwerpen Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2017
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Artikel

Het kind, zijn meerouder(s) en het 21ste-eeuwse erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden juridisch meerouderschap, kind, familierechtelijke betrekking, ouder
Auteurs Mr. C. Smit
SamenvattingAuteursinformatie

    De Staatscommissie Herijking ouderschap heeft een wettelijke facilitering van het juridisch meerouderschap geadviseerd. Het betreft een regeling waarbij paren vóór de geboorte kunnen bewerkstelligen dat het kind meer dan twee juridische ouders zal hebben. In deze bijdrage wordt de inpasbaarheid van het kind en zijn meerouder(s) in het huidige erfrecht onderzocht. Tevens wordt, aan de hand van de ratio van het meerouderschapsadvies en de ratio van relevante erfrechtelijke bepalingen, de wenselijkheid van de erfrechtelijke gevolgen getoetst. De auteur doet een aanbeveling ten aanzien van het ouderlijk erfdeel in een meerouderschapssituatie.


Mr. C. Smit
Mr. C. Smit is kandidaat-notaris bij Dirkzwager advocaten & notarissen te Arnhem. Deze bijdrage betreft een bewerking van de scriptie die de auteur in het kader van haar master Notarieel recht aan de Universiteit Utrecht heeft geschreven. Zij dankt mr. E.M.J.M.C. van Wijk-Verhagen hartelijk voor haar constructieve commentaar op een eerdere versie van deze bijdrage.
Praktijk

Kroniek rechtspraak strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden jurisprudentie, strafrecht, strafbare feiten, calamiteit
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Mevis en mr. drs. L. Postma
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Kroniek rechtspraak strafrecht staan de belangrijkste ontwikkelingen, in het bijzonder de relevante rechtspraak, vanaf 1 december 2015 tot en met 31 augustus 2017 centraal. Ten eerste wordt ingegaan op strafbare feiten in (en door) het ziekenhuis. Vervolgens komt het medisch beroepsgeheim en vorderen van gegevens aan bod. Voorts wordt ingegaan op fraude in de zorg, artikel 96 Wet BIG en euthanasie en hulp bij zelfdoding, levensbeëindiging van ernstig gehandicapte pasgeborenen en late zwangerschapsonderbreking. Ten slotte worden onder meer zaken besproken die betrekking hebben op een verdachte die als ‘niet-BIG-geregistreerde’ handelingen op het gebied van de individuele gezondheidszorg heeft verricht, een therapeut die tijdens de uitoefening van zijn beroep ontucht heeft gepleegd met een van zijn patiënten en een forensisch arts die schuldig is bevonden aan het plegen van meineed.


Prof. mr. P.A.M. Mevis
Paul Mevis is hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

mr. drs. L. Postma
Liselotte Postma is wetenschappelijk docent strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. R.P. de Roode
Robinetta de Roode is adviseur gezondheidsrecht bij de Artsenfederatie KNMG, en tevens lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – leuker kunnen we het wél maken

Reactie op TvGR-artikel Van der Windt: ‘De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – niet leuker, niet makkelijker’

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden klinisch geneesmiddelenonderzoek, Europese wetgeving
Auteurs Dr. ir. M. Al, mr. I. van Veldhuizen, dr. C. de Heer e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Reactie Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) op artikel Van der Windt: ‘De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – niet leuker, niet makkelijker’, verschenen in in TvGR 2017, nr. 4-5, p. 331-341. De CCMO wil graag enkele misverstanden wegnemen, die zouden kunnen ontstaan na lezing van het artikel van mr. drs. Th. van der Windt. De reikwijdte van de nieuwe Europese verordening voor klinisch geneesmiddelenonderzoek is in essentie niet anders dan van de huidige EU-richtlijn. METC-leden mogen onder de verordening nog steeds bij dezelfde instelling werkzaam zijn als waar het onderzoek plaatsvindt, maar, net als nu, niet aan dezelfde afdeling. Mede door diverse voorbereidende inspanningen zal Nederland ook na 2019 een aantrekkelijk land blijven voor het doen van klinisch geneesmiddelenonderzoek.


Dr. ir. M. Al

mr. I. van Veldhuizen

dr. C. de Heer

prof. dr. J. van Gerven
Monique Al, Isabelle van Veldhuizen, Cees de Heer en Joop van Gerven zijn respectievelijk coördinator Landelijk Bureau CCMO, coördinator Bureau CCMO, algemeen secretaris, en voorzitter van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO).
Artikel

Begrippenkader Wkkgz en incidentenbenadering frustreren kwaliteit van zorg

Reactie op TvGR-artikel Laarman: ‘De professionele standaard; wat is een open en eerlijke reactie na een medisch incident?’

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden Algemene verordening gegevensbescherming, privacy, bijzondere persoonsgegevens, accountability
Auteurs Mr. F.H. de Haan
SamenvattingAuteursinformatie

    Reactie op artikel B.S. Laarman, ‘De professionele standaard; wat is een open en eerlijke reactie na een medisch incident?’, TvGR 2017, nr. 4-5, p. 351-359. Auteur gaat dieper in op de door de IGZ gehanteerde begrippen incident, de calamiteit en de complicatie en concludeert dat het met deze begrippen geschetste toneel rijk gevulde coulissen heeft.


Mr. F.H. de Haan
Frank de Haan is manager Kenniskern Strategie en Bestuur van Amphia.
Toont 21 - 40 van 1493 gevonden teksten
« 1 2 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.