Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 231 artikelen

x
Artikel

De deskundige in het gemoderniseerde Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden deskundige, technisch opsporingsambtenaar, modernisering Strafvordering, benoeming, schriftelijke stukken
Auteurs Mr. dr. R.A. Hoving
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering biedt de mogelijkheid om aan de slag te gaan met de vragen en problemen inzake de inschakeling van deskundigen in het strafproces en het toezicht op het functioneren van deze deskundigen. In dit artikel wordt aandacht besteed aan de vraag in hoeverre enkele problemen die in de literatuur zijn benoemd, worden opgelost door de voorgestelde veranderingen van de regels over (1) de afbakening van het begrip deskundige, (2) de inschakeling van deskundigen en (3) het gebruik van deskundigenbewijs.


Mr. dr. R.A. Hoving
Mr. dr. R.A. (Rolf) Hoving is universitair docent straf- en strafprocesrecht Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Een inhoudelijk kompas voor een uit koers geraakte voorlopigehechtenispraktijk

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden voorlopige hechtenis, onschuldpresumptie, ultimum remedium, theoretische grondslagen
Auteurs Mr. N. Hajjari
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel zal een inhoudelijk en operationeel normatief kader worden geformuleerd voor de toepassing van voorlopige hechtenis, waarbij de focus ligt op het zo veel mogelijk reduceren van het percentage onschuldigen dat aan het vrijheidsbenemende dwangmiddel wordt blootgesteld. Doel van de bijdrage is het inspireren van de wetgever om het moderniseringsproject te baat te nemen om de voorlopigehechtenisregeling grondig(er) te hervormen.


Mr. N. Hajjari
Mr. N. (Nordin) Hajjari is recent afgestudeerd in het strafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Actualiteiten rechtspraak

Access_open NTS 2020/30

HR 11 februari 2020, 18/02505, ECLI:NL:HR:2020:223

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2020
Essay

Autonoom toezicht op autonoom toezicht?

Enkele bestuursrechtelijke beschouwingen mede naar aanleiding van SyRI

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden geautomatiseerde besluitvorming, handhavingstoezicht, algemene beginselen van behoorlijk bestuur, machine learning, SyRI
Auteurs Johan Wolswinkel
SamenvattingAuteursinformatie

    Het bestuursrecht is niet alleen van belang voor de vraag aan welke normen overheidstoezicht met behulp van autonome (zelflerende) systemen is onderworpen, maar ook voor de vraag wie deze normen stelt en effectueert. Niettemin lijkt de dominante opvatting momenteel dat het bestuursrecht onvoldoende in staat zou zijn om het gebruik van zelflerende systemen adequaat te reguleren. Dit essay schetst hoe de rechtsontwikkeling ten aanzien van autonoom overheidstoezicht vorm kan krijgen als een (zelflerend) proces van laveren tussen analoog en digitaal bestuursrecht, waarbij de bestuursrechtelijke verworvenheden van het analoge toezicht worden geconfronteerd met de uitdagingen van het digitale toezicht.


Johan Wolswinkel
Prof. mr. dr. C.J. Wolswinkel is hoogleraar Bestuursrecht, markt en data.

Marco de Vries
Artikel

Access_open Mensenhandel, uitbuiting en de Hoge Raad: een overzicht en waardering

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden mensenhandel, uitbuiting, rechtsvorming, machtenscheiding, rechtszekerheid
Auteurs Mr. dr. L.B. (Luuk) Esser
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad drukt de laatste vier jaar een belangrijk stempel op de reikwijdte van de strafbaarstelling van mensenhandel, die is opgenomen in artikel 273f Sr. Zo heeft hij het wetsartikel in belangrijke mate afgebakend door in een deel van de delictsomschrijvingen het bestanddeel ‘uitbuiting’ in te lezen. Wat zijn de implicaties van de door de Hoge Raad gekozen oplossingsrichting en hoe kunnen de door hem gemaakte keuzes worden gewaardeerd?


Mr. dr. L.B. (Luuk) Esser
Mr. dr. L.B. Esser is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden en rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Rotterdam.
Artikel

Access_open Herziening ten voordele van de gewezen verdachte als buitengewoon rechtsmiddel

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden herziening ten voordele, novumcriterium, ACAS, nader onderzoek, rechtsvergelijking, Strafrecht
Auteurs Mr. dr. J.S. (Joost) Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Herziening ten voordele van de gewezen verdachte is een bijzonder rechtsmiddel in het gesloten stelsel van rechtsmiddelen. Onder meer op grond van een novum kan, bij hoge uitzondering, een onherroepelijke veroordeling alsnog ongedaan worden gemaakt. De regeling heeft in 2012 diverse wijzigingen ondergaan. Daarbij is het novumcriterium verruimd en is de mogelijkheid ingevoerd dat de procureur-generaal een nader onderzoek verricht naar het mogelijke bestaan van een novum. De Adviescommissie afgesloten strafzaken (ACAS) adviseert hem veelal over de wenselijkheid van dergelijk onderzoek. Het wettelijke novumcriterium en de taakopvatting van de ACAS zijn echter geen rustig bezit gebleken. Er wordt doorlopend voorgesteld om het novumcriterium verder te verruimen en om de ACAS breder naar afgesloten zaken te laten kijken. Het is de vraag of de wetgever aan die oproep gehoor moet geven.


Mr. dr. J.S. (Joost) Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en (cassatie)advocaat bij Wladimiroff Advocaten te Den Haag.
Artikel

Access_open De uitzondering bevestigd: het ne bis in idem-beginsel in recente rechtspraak van de Hoge Raad in het licht van de ratio van het ne bis in idem-beginsel en vanuit Europees perspectief

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden bis, alcoholslotprogramma, criminal charge, onevenredige bestraffing, cumulatie van procedures
Auteurs Mr. W. (Willemijn) Albers en Mr. T.M. (Tessa) de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt recente rechtspraak van de Hoge Raad inzake het ne bis in idem-beginsel na het Alcoholslotprogramma-arrest. Hieruit blijkt dat dat een vergelijking met dit arrest niet opgaat en dat het arrest een uitzonderingspositie in blijft nemen. Ook wordt de rechtspraak beschouwd en gewaardeerd in het licht van de ratio van het ne bis in idem-beginsel en vanuit Europees perspectief. Geconcludeerd wordt dat de nadruk, zowel in nationale als in Europese context, (steeds meer) lijkt te liggen op evenredige bestraffing bij cumulatie van procedures, zodat recht wordt gedaan aan de materiële grondslag van het ne bis in idem-beginsel.


Mr. W. (Willemijn) Albers
Mr. W. Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.

Mr. T.M. (Tessa) de Groot
Mr. T.M. de Groot is wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad der Nederlanden. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Redactioneel

Corrupte politici

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Sint Maarten, corruptie, politieke ambtsdragers, ambtsmisdrijven, strafrechtelijke ministeriële verantwoordelijkheid
Auteurs Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    De strafrechtelijke vervolging van parlementariërs en andere politieke ambtsdragers brengt bijzondere vragen en problemen mee. Hoe kan worden voorkomen dat politieke ambtsdragers op grond van hun hoge positie een strafvervolging kunnen tegenhouden, bijvoorbeeld door druk uit te oefenen op het Openbaar Ministerie? En hoe kunnen politici worden beschermd tegen lichtvaardige en politiek gemotiveerde vervolgingsbeslissingen? Aan de hand van twee recente corruptiezaken, die speelden in verschillende landen binnen het koninkrijk, wordt in deze bijdrage ingegaan op deze problematiek.


Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Aan tafel met de cliënt

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2020
Auteurs Stijn Dunk

Stijn Dunk
Artikel

Bestuurdersaansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Civielrechtelijke en strafrechtelijke normen voor bestuurders van noodlijdende ondernemingen

Bespreking van het proefschrift van mr. A. Karapetian

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, taak bestuurder, oplichting
Auteurs Prof. mr. L. Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Mevrouw mr. A. Karapetian heeft een waardevol proefschrift geschreven over bestuurdersaansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Daarbij komen ook strafrechtelijke aspecten aan de orde. De auteur maakt ook uitstapjes naar het Engelse recht. Eenieder die in bestuurdersaansprakelijkheid is geïnteresseerd, dient van deze studie kennis te nemen.


Prof. mr. L. Timmerman
Prof. mr. L. Timmerman is advocaat-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad der Nederlanden.

Bettie Keulen
Haag Wonen

Henk van der Klooster
Extreme Tackle
Artikel

Access_open De vordering van de benadeelde partij in het strafproces: de Hoge Raad geeft college

Bijdrage naar aanleiding van het overzichtsarrest van de Hoge Raad van 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2019
Trefwoorden benadeelde partij, schadevergoeding, strafprocedure, shockschade, rechtstreekse schade
Auteurs Mr. A.J.J.G. Schijns
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel bespreekt naar aanleiding van het overzichtsarrest van de Hoge Raad de belangrijkste aandachtspunten die bij de beoordeling van de vordering van de benadeelde partij een rol kunnen spelen, en gaat in op het belang van de uitspraak. Het arrest draagt bij aan de rechtseenheid tussen strafrechters en hun civiele collega’s, maar biedt ook aanknopingspunten voor creatieve vorderingen en procestactiek. De relevantie van het arrest zit verder in de onderstreping door de Hoge Raad dat een inhoudelijke beoordeling van de vordering in het strafproces voor de benadeelde partij van groot belang is.


Mr. A.J.J.G. Schijns
Mr. A.J.J.G. Schijns is advocaat bij Beer advocaten te Amsterdam en onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij doet promotieonderzoek naar de compensatie van misdrijfschade.
Annotatie

Het discriminatieverbod als katalysator van de negatieve vrijheid van religie in identiteitsgebonden organisaties

HvJ EU 17 april 2018, C-414/16 (Vera Egenberger/Evangelisches Werk für Diakonie und Entwicklung eV) en HvJ EU 11 september 2018, C-68/17 (IR/JQ)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Kaderrichtlijn 2000/78, Discriminatie op basis van godsdienst of overtuiging, Identiteitsgebonden organisaties, Toegang tot de rechter, Proportionaliteit
Auteurs Prof. dr. F. Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    In de hier besproken arresten buigt het Europese Hof van Justitie zich voor de tweede maal sedert de arresten Achbita en Bougnaoui (2017) over de draagwijdte van discriminatie op basis van godsdienst of overtuiging. Stond in de hiervoor genoemde arresten de vraag centraal of de indirecte discriminatie die een hoofddoekverbod in een neutrale organisatie impliceert kon worden gerechtvaardigd, dan botsen in de hier besproken arresten een sollicitant en een werknemer in identiteitsgebonden organisaties op het ethos van die organisatie. De vraag staat centraal in welke mate een identiteitsgebonden organisatie zich op dat ethos kan beroepen om een kandidaat te weigeren die géén lid is van een protestants kerkgenootschap, en om een arts te ontslaan die na het aangaan van een kerkelijk huwelijk dat noch werd nietig verklaard, noch door de dood van zijn voormalige echtgenote werd ontbonden een tweede civiel huwelijk aanging. In deze bijdrage wordt de wijze waarop het Europese Hof van Justitie met dergelijke loyaliteitsconflicten omgaat vergeleken met de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De verruimde mogelijkheid die identiteitsgebonden organisaties hebben om directe discriminatie op basis van geloof of overtuiging te rechtvaardigen wordt vergeleken met de gemene rechtvaardiging van directe discriminatie. Een ander punt van aandacht is de vergelijking tussen deze verruimde rechtvaardiging van directe discriminatie én de rechtvaardiging van beperkingen van de vrijheid van godsdienst. De oordelen van het Nederlandse College voor de Rechten van de Mens worden beschouwd in het licht van deze Luxemburgse jurisprudentie.


Prof. dr. F. Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is gewoon hoogleraar aan de Université Catholique de Louvain en gastdocent aan de Vrije Universiteit Brussel.
Artikel

Afgedwongen informatie van de gefailleerde in strafzaken en de poortwachtersfunctie van de strafrechter

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Faillissementswet, nemo tenetur-beginsel, startinformatie, art. 359a Sv, fraudebestrijdende rol curator
Auteurs Mr. dr. S. Brinkhoff
SamenvattingAuteursinformatie

    De gefailleerde is op grond van de in de Faillissementswet vastgelegde plichten tot inlichting en medewerking gehouden mee te werken aan het onderzoek van de curator. Dit onderzoek kan leiden tot een strafrechtelijke aangifte.
    In de kern ziet deze bijdrage op de vraag of, en zo ja welke rol de hierboven onder dwang verkregen gegevens in de daaropvolgende strafzaak kunnen spelen. Hebben deze gegevens alleen de status van startinformatie en dienen zij dus enkel om het opsporingsonderzoek een aanvang te doen nemen? Of kan deze informatie ook worden gebruikt voor het bewijs in die strafzaak? Dit alles is op het eerste oog niet onproblematisch als wordt bedacht dat een belangrijk strafvorderlijk uitgangspunt is dat een verdachte niet kan worden gedwongen mee te werken aan zijn eigen veroordeling, oftewel het in artikel 6 EVRM geïncorporeerde nemo tenetur-beginsel.


Mr. dr. S. Brinkhoff
Mr. dr. Sven Brinkhoff is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Open Universiteit. Daarnaast fungeert hij als raadsheer-plaatsvervanger bij het Hof Den Bosch.
Redactioneel

De aanpak van verkeersongevallen

De zoektocht naar een middenweg tussen straf- en herstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2019
Auteurs Ivo Aertsen, Jacques Claessen en Mieke Wouters
Auteursinformatie

Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is emeritus hoogleraar herstelrecht en victimologie en verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).

Jacques Claessen
Jacques Claessen is als bijzonder hoogleraar herstelrecht en universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht verbonden aan de vakgroep Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Hij is daarnaast rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg en bestuurslid van Stichting Mens en Strafrecht. Hij is redactielid van dit tijdschrift.

Mieke Wouters
Mieke Wouters is communicatie- en beleidsadviseur bij Perspectief Herstelbemiddeling en redactielid van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Sanctionering van verkeersongevallen

Op het kruispunt van taakstraffen, verkeersdelicten en herstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Verkeersongevallen, Verkeersdelicten, taakstraf, Wegenverkeerswet
Auteurs Jacques Claessen
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution seeks to bring together three themes in a descriptive and exploratory manner: (a) community service orders, (b) traffic offences and (c) restorative justice; the Dutch situation is central. To this end, the Dutch legal regulation regarding community service orders is first explained. Attention is also paid to existing empirical research on the effectiveness of community service orders in terms of reduction of recidivism (section 2). Furthermore, the sanctioning of traffic offences is discussed as well as the consequences for this of the current bill that seeks to sharpen criminal liability for serious traffic offences (section 3). Subsequently, it is examined which restorative justice provisions or modalities are available and how restorative community service orders are and can be designed (section 4). Finally, I describe my ideal when it comes to the sanctioning of traffic offences in the form of a continuum in which a special role is reserved for restorative community service orders (section 5). The contribution ends with a conclusion (section 6).


Jacques Claessen
Jacques Claessen is als bijzonder hoogleraar herstelrecht en universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht verbonden aan de vakgroep Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Hij is daarnaast rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg en bestuurslid van Stichting Mens en Strafrecht. Hij is redactielid van dit tijdschrift.
Toont 41 - 60 van 231 gevonden teksten
1 3 5 6 7 8 9 10 11 12
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.