Zoekresultaat: 92 artikelen

x

    In haar proefschrift heeft Melissa van den Broek een juridisch onderzoek gedaan naar de effectiviteit van het antiwitwastoezicht in Nederland, Zweden, Spanje en het Verenigd Koninkrijk. Daar waar Van den Broek Spanje als minst effectieve toezichtsysteem van deze vier landen beoordeelt, heeft de Financial Action Task Force (FATF) de effectiviteit van het toezicht door Spanje als goed (‘substantial’) beoordeeld. Het verschil lijkt er met name in te liggen dat de FATF de kennis van de Spaanse toezichthouder over de witwasrisico’s bij de onder toezicht staande instellingen en in de sectoren als belangrijk positief punt heeft meegewogen, terwijl Van den Broek meer in algemene zin naar kennis over instellingen kijkt.


Maud Bökkerink
Mr. drs. M. Bökkerink is toezichthouder specialist bij DNB en werkzaam bij het expertisecentrum integriteit en strategie.
Artikel

Consequenties van beslag bij complexgewijze overdracht van vastgoed

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden beslag, vastgoedtransactie, zorgplicht notaris, notary letter
Auteurs Mr. M.M.G.B. van Drunen
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij vastgoedtransacties wordt regelmatig een groot aantal registergoederen overgedragen. Wat zijn de consequenties van een beslag op een deel van de registergoederen? De auteur betoogt dat de zorgplicht van de notaris vereist dat deze aandacht besteedt aan de mogelijkheid dat op een deel van de registergoederen beslag wordt gelegd.


Mr. M.M.G.B. van Drunen
Mr. M.M.G.B. van Drunen is kandidaat-notaris bij De Brauw Blackstone Westbroek en als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht, Universiteit Utrecht.
Artikel

Wetgeving, empirisch-juridisch onderzoek en Legal Big Data

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2015
Trefwoorden legislation, big data, empirical legal research, nudging
Auteurs Frans L. Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    A second empirical revolution in law is in full swing: legal big data have made their entrance and will play an increasingly important role in the legal field. Legal big data, for example, increase the accessibility and transparency of files. They make it easier for legislators to find out how society views proposed legislation. Using big data, all jurisprudence can be processed very easily and judicial decisions can be predicted with a high degree of certainty. The contribution concludes with a number of legal and ethical issues and methodological challenges in relation to legal big data, such as ownership, privacy and representativeness.


Frans L. Leeuw
Frans L. Leeuw is directeur van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) bij het ministerie van Veiligheid en Justitie. Tevens is hij hoogleraar Recht, openbaar bestuur en sociaalwetenschappelijk onderzoek aan de universiteit van Maastricht. Eerder was hij onder meer directeur Doelmatigheidsonderzoek bij de Algemene Rekenkamer. Hij publiceerde vele artikelen en boeken, vooral op het terrein van evaluatie.
Casus

De inclusieve wetgever als groeiend ideaal

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2015
Trefwoorden inclusieve wetgeving, inclusiviteit, modificatie, codificatie, instrumentele wetgeving, wetgevingsbeleid
Auteurs Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    De ontwikkeling van ons wetgevingsbeleid, in het bijzonder het Integrale afwegingskader en de internetconsultatie, bevordert in toenemende mate het ideaal van de inclusieve wetgever. Dit ideaal is leidend in de fase van de ambtelijke voorbereiding, niet in de politieke fase van wetgeving. De Kamer sluit wel aan bij de resultaten van de inclusieve voorbereiding, is soms zelfs bereid daarvoor plaats te maken. Dat is in strijd met het (formele) systeem van onze democratie, maar juist door de inclusieve benadering in de ambtelijke voorbereiding lijken we ons geen grote democratische zorgen te hoeven maken. Toenemende inclusiviteit van wetgeving, waarbij de normadressaten (onder ambtelijke regie) soms grote invloed op de uiteindelijke normering wordt gelaten, roept wel de vraag op of de begrippen modificatie en instrumentele wetgeving nog wel van toepassing zijn op de huidige wetgeving.


Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem is werkzaam bij het Fellow Meijers Instituut (Universiteit Leiden) en is voormalig rector van de Academie voor Wetgeving en de Academie voor Overheidsjuristen.
Artikel

De reikwijdte van art. 39 Fw

Een analyse van HR 9 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:42, NJ 2015/43 (Doka/Kalmijn q.q.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden art. 39 Fw, faillissement huurder, huur van roerende zaken, huur van vermogensrechten, leegstandschade
Auteurs Mr. H.V. Schulte en Mr. D.J.M. Kulk
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Doka/Kalmijn q.q. heeft de Hoge Raad de vraag of art. 39 lid 1 Fw ook van toepassing is op de huur van roerende zaken bevestigend beantwoord. In hun bijdrage onderzoeken de auteurs de praktische consequenties van het arrest voor de verhuur van roerende zaken in geval van faillissement van de huurder.


Mr. H.V. Schulte
Mr. H.V. Schulte is advocaat bij DVDW Advocaten te Rotterdam.

Mr. D.J.M. Kulk
Mr. D.J.M. Kulk is advocaat bij DVDW Advocaten te Rotterdam.
Artikel

De postinitiële masteropleiding tot wetgevingsjurist: opzet, resultaten en toekomst

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2015
Trefwoorden opleiding, wetgevingskwaliteit, wetgevingsbeleid, wetgevingsjuristen
Auteurs N.A. Florijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De opleiding tot wetgevingsjurist van de Academie voor Wetgeving was ingericht om te voldoen aan een indertijd gevoelde behoefte. De inmiddels behaalde resultaten zijn goed, maar is de opleiding nog steeds nuttig? Er kunnen namelijk vragen worden gesteld over de inhoud van het wetgevingsonderwijs, terwijl ook de rol en functie van wetgevingsjuristen veranderen. Het verdient daarom aanbeveling om opnieuw na te gaan hoe tegenwoordig wetgevingsjuristen feitelijk hun werk doen en resultaten bereiken. Daarna moet worden bepaald in welke opzichten wetgevingsjuristen opleiding behoeven om ervoor te zorgen dat zij hun werk kritisch en constructief kunnen doen. De opleiding kan zich dan tegelijk met de wetgevingsfunctie en de wetenschappelijke studie van wetgeving ontwikkelen en daarmee haar nut voor de toekomst bewijzen.


N.A. Florijn
Dr. N.A. Florijn is programmamanager bij de Academie voor Wetgeving.

Janny Dierx
Janny Dierx is mediator en zelfstandig onderzoeker. Zij coördineert de Stichting Mediation in Strafzaken en is redacteur van dit tijdschrift.
Redactioneel

Bestendigheid van wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2014
Auteurs Mr. M.M. den Boer en Prof. mr. F.J. van Ommeren
Auteursinformatie

Mr. M.M. den Boer
Mr. M.M. den Boer is directeur van de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en redacteur van RegelMaat.

Prof. mr. F.J. van Ommeren
Prof. mr. F.J. van Ommeren is hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en redacteur van RegelMaat.
Artikel

Wetgevingsbeleid springlevend!

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2014
Trefwoorden wetgevingskwaliteitsbeleid, nota Vertrouwen in wetgeving, kwaliteit van wetgeving, wetgever, wetgevingsbeleid
Auteurs Drs. S.A.P.J. van Melis
SamenvattingAuteursinformatie

    De nota ‘Vertrouwen in wetgeving’ heeft gezorgd voor een koerswijziging in het wetgevingskwaliteitsbeleid. In de afgelopen tien jaren heeft dit veel concrete resultaten opgeleverd om de kwaliteit van wetgeving te verbeteren. Dit is in tegenspraak met de eerste stelling bij het proefschrift van M. Bokhorst, Bronnen van legitimiteit. Over de zoektocht van de wetgever naar zeggenschap en gezag, die stelt dat het wetgevingsbeleid anno 2014 op sterven na dood lijkt. Een terecht gebruik van het woord ‘lijkt’, want het wetgevingsbeleid is springlevend. Dit artikel beschrijft de koerswijziging in het wetgevingskwaliteitsbeleid en de bereikte resultaten. Met het oog op de toekomst worden enkele perspectieven voor het wetgevingsbeleid geschetst.


Drs. S.A.P.J. van Melis
Drs. S.A.P.J. van Melis is coördinerend raadadviseur bij de sector Wetgevingskwaliteitsbeleid, directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Artikel

Ex-antestudies op de kaart

Onderzoek naar beleidsvoornemens (2005-2011): aard, aantallen en wat ex-postevaluaties erover zeggen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2014
Trefwoorden ex-ante-evaluatie, beleidsvoorbereiding, metastudie, ex-postevaluatie, feedback-onderzoek
Auteurs Dr. C.M. Klein Haarhuis en Dr. M. Smit
SamenvattingAuteursinformatie

    In hoeverre is de toegenomen aandacht voor ex-ante-evaluatie, zowel in beleidskringen als in publicaties, terug te zien in de evaluatiepraktijk? Op basis van de uitkomsten van een recente door het WODC verrichte metastudie gaan we in deze bijdrage in op aard en omvang van 306 in de periode 2005-2011 voor de rijksoverheid verrichte ex-anteanalyses. Daarbij besteden we ook aandacht aan hun voorspellingskracht. We onderscheiden acht typen ex-anteanalyses. Combinaties van studietypen, kosten-batenanalyses en verkennende ( quickscan) studies komen het meest voor. Van de bestudeerde analyses was 15% gevolgd door een latere evaluatie (ex durante of ex post). Redenen waarom latere evaluaties ontbreken, zijn dat het ex ante onderzochte beleid inmiddels van de baan is, of nog in de ontwerpfase verkeert. In sommige gevallen was het waarschijnlijk nog te vroeg voor evaluatie. Lang niet alle latere evaluaties sluiten aan op het ex-anteonderzoek. Wanneer dat wel het geval is, worden voorspellingen soms wel, soms deels en soms niet bevestigd. Aan het belang van zowel ex-ante- als ex-postonderzoek doen deze observaties niet af; bevindingen uit ex-postevaluaties over wat in het verleden of elders gewerkt heeft, zijn een onmisbare bron van kennis voor toekomstig ex-anteonderzoek en daarmee voor beleid en wetgeving.


Dr. C.M. Klein Haarhuis
Dr. C.M. Klein Haarhuis is onderzoeker bij de afdeling Rechtsbestel, Wetgeving en Internationale en vreemdelingenaangelegenheden (RWI) van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Dr. M. Smit
Dr. M. Smit is afdelingshoofd bij de afdeling Rechtsbestel, Wetgeving en Internationale en vreemdelingenaangelegenheden (RWI) van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

    Klacht IGZ tegen huisarts; wettelijk zorgvuldigheidskader bij euthanasie; subsidiariteitsbeginsel; berisping; art. 293 Sr; art. 2 lid 1 sub a tot en met f Wtlvhz

Artikel

Enige opmerkingen over de nietigheid en vernietigbaarheid van een uiterste wil op grond van vormgebreken

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden uiterste wil, uiterste wilsbeschikking, nietigheid en vernietigbaarheid van een uiterste wil, authenticiteit, vormvereisten, artikel 3:39 BW, artikel 4:109 BW, misbruik van bevoegdheid
Auteurs Mr. P.C. van Es
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wna bepaalt dat wanneer aan bepaalde vormvereisten niet is voldaan, een akte authenticiteit mist en zij niet voldoet aan de voorschriften waarin de vorm van een notariële akte wordt geëist. Boek 4 van het BW geeft in artikel 109 een eigen regeling voor (onder meer) een in een notariële akte gegoten uiterste wil die niet aan bepaalde vormvereisten voldoet. Dit artikel moet worden gezien als een bepaling die een afwijking inhoudt van de hoofdregel van artikel 3:39 BW: op grond van lid 4 van artikel 4:109 BW geldt namelijk dat het niet in acht nemen van bepaalde vormvereisten (waar de Wna wel de sanctie van verlies van authenticiteit op stelt) geen nietigheid, maar vernietigbaarheid van de uiterste wil meebrengt.
    In deze bijdrage wordt – mede aan de hand van HR 5 oktober 2001, NJ 2002/410 – op zoek gegaan naar de grenzen van de mogelijkheid een vernietigbare uiterste wil te vernietigen.


Mr. P.C. van Es
Mr. P.C. van Es is universitair hoofddocent notarieel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Alternative Methodologies: Learning Critique as a Skill

Tijdschrift Law and Method, 2013
Trefwoorden governmentality, methodology, method, skill
Auteurs Bal Sokhi-Bulley
SamenvattingAuteursinformatie

    How can we teach critical legal education? The article tackles this key question by focusing on the role of methodology in legal education and research. I argue that critical legal education requires marketing methodology as a ‘skill’, thereby freeing it from what students and researchers in Law often view as the negative connotations of ‘theory’. This skill requires exploring ‘alternative methodologies’ – those critical perspectives that depart from legal positivism and which Law traditionally regards as ‘peripheral’. As an example, the article explores the Foucauldian concept of governmentality as a useful methodological tool. The article also discusses the difference between theory, methodology and method, and reviews current academic contributions on law and method(ology). Ultimately, it suggests a need for a ‘revolt of conduct’ in legal education. Perhaps then we might hope for students that are not docile and disengaged (despite being successful lawyers) but, rather, able to nurture an attitude that allows for ‘thinking’ (law) critically.


Bal Sokhi-Bulley
Bal Sokhi-Bulley is Lecturer in Law atQueen’s University in Belfast.
Article

Access_open From Legal Pluralism to Public Justification

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3/4 2013
Trefwoorden legal pluralism, diversity and law, law and justification, concept of law
Auteurs Dr. Emmanuel Melissaris
SamenvattingAuteursinformatie

    The paper offers an argument for a conception of legal pluralism, which has some substantive upshots and at least partly alleviates that legal pluralism may regress to rampant relativism. In particular, I will argue that law in its pluralist conception is inextricably linked to the requirement of public justification. This is not by way of appealing to any transcendental normative ideals but as a matter of entailment of the very practice of law. But, perhaps to the disappointment of many, this procedural requirement is the only practical consequence of the concept of law. For thicker, substantive limits to what law can do and for ways in which legal pluralism may be reduced in real contexts one will have to turn to the actual circumstances furnishing the law with content and a different kind of thinking about the law.


Dr. Emmanuel Melissaris
Associate Professor of Law, Law Department, London School of Economics and Political Science. I am grateful to Sanne Taekema and Wibo van Rossum as well as the two anonymous referees for their helpful critical comments. A version of this paper was presented at the School of Law, Queen Mary University of London. I am indebted to all the participants in that seminar and particularly to Roger Cotterrell, Ann Mumford, Maskymilian del Mar, Prakash Shah, Valsamis Mitsilegas, Wayne Morrison, Michael Lobban, Richard Nobles and David Schiff. Many thanks also to Sean Coyle, George Pavlakos, Alexis Galan Avila and Mariano Croce for their valuable comments on earlier drafts of the paper. I am solely responsible for all remaining errors.

Wibo van Rossum

Sanne Taekema

Tom Bertens
Tom Bertens is als gerechtsauditeur verbonden aan het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad der Nederlanden en is buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Feikje Vellinga-Schootstra
Feikje Vellinga-Schootstra is hoogleraar straf(proces)recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en raadsheer-plaatsvervanger in Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Jurisprudentie

Murphy’s Law bij het testeren door een erflater die geen handtekening meer kan zetten

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden ondertekening testament, lichamelijke handicap, nietigheid testament
Auteurs Prof. mr. B.E. Reinhartz
SamenvattingAuteursinformatie

    Een testament dat in tegenwoordigheid van de notaris is ondertekend door middel van een handtekeningstempel door een testateur die vanwege een lichamelijke handicap niet meer met een pen kan ondertekenen, is geldig ondertekend. Men komt dan niet toe aan de nietigheid van artikel 4:109 BW of de surrogaathandtekening van artikel 43 Wna. Dat het testament als plaats van verlijden de plaats van vestiging van het notariskantoor vermeldt en niet de plaats waar het verzorgingstehuis is gevestigd waar de testateur verblijft en het testament daadwerkelijk is gepasseerd, levert in dit geval geen grond op voor vernietiging van het testament.


Prof. mr. B.E. Reinhartz
Prof. mr. B.E. Reinhartz is hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Naar een betere waarborging van de onafhankelijkheid van de faillissementscurator

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2013
Trefwoorden positie faillissementscurator, rechtsvergelijking, Europese Insolventieverordening, benoeming en ontslag curator, juridische beroepen
Auteurs Prof. mr. B. Wessels
SamenvattingAuteursinformatie

    Het thema ‘onafhankelijkheid van de faillissementscurator’ wordt onderzocht, mede vanuit rechtsvergelijkend en internationaal perspectief. Dit leidt tot een beschouwing van de onafhankelijkheid van een curator ten opzichte van de schuldenaar, van de schuldeisers en ten opzichte van de rechter-commissaris. Europese ontwikkelingen nopen er mede toe vaart te maken met het in de wet vastleggen van regels die de onafhankelijkheid van een faillissementscurator waarborgen.


Prof. mr. B. Wessels
Prof. mr. B. Wessels is juridisch adviseur te Dordrecht en hoogleraar internationaal insolventierecht aan de Universiteit Leiden.
Casus

Pitfalls in ICT-contracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2013
Auteurs Mr. dr. T.J. de Graaf
Auteursinformatie

Mr. dr. T.J. de Graaf
Mr. Dr. T.J. de Graaf is advocaat bij NautaDutilh en universitair docent aan de Universiteit Leiden.
Toont 41 - 60 van 92 gevonden teksten
1 3 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.