Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 277 artikelen

x
Case Reports

2019/20 How to interpret the Posting of Workers Directive in the cross-border road transport sector? Dutch Supreme Court asks the ECJ for guidance (NL)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Private International Law, Posting of Workers and Expatriates, Applicable Law
Auteurs Zef Even en Amber Zwanenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    In this transnational road transport case, the Dutch Supreme Court had to elaborate on the ECJ Koelzsch and Schlecker cases and asks for guidance from the ECJ on the applicability and interpretation of the Posting of Workers Directive.


Zef Even
Zef Even is a lawyer with SteensmaEven, www.steensmaeven.com, and professor at the Erasmus University Rotterdam.

Amber Zwanenburg
Amber Zwanenburg is a lecturer and PhD Candidate at the Erasmus University Rotterdam.
Pending Cases

Case C-37/19, Paid Leave

CV – v – Iccrea Banca SpA Istituto Centrale del Credito Cooperativo, reference lodged by the Corte suprema di cassazione (Italy) on 21 January 2019

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2019

    Following an appeal by Uber against the Employment Appeal Tribunal’s (EAT) finding last year, which was featured in EELC 2018/9, that drivers engaged by Uber are ‘workers’ rather than independent contractors (reported in EELC 2018-1), the Court of Appeal (CA) has now upheld the EAT’s decision. The CA also upheld the finding of the Employment Tribunal (ET), which was featured in EELC 2017/10, that drivers are working when they are signed into the Uber app and ready to work (reported in EECL 2017-1). Uber has approximately 40,000 drivers (and about 3.5 million users of its mobile phone application in London alone) and so this decision has potentially significant financial consequences for the company.


Jemma Thomas
Jemma Thomas is a Senior Associate Solicitor at Lewis Silkin LLP.

    A recent decision by the Irish Workplace Relations Commission (WRC) found that a third level college lecturer had not been discriminated against on the grounds of gender in relation to her pay.


Orla O’Leary
Orla O’Leary is a Senior Associate with Mason Hayes & Curran, www.mhc.ie

    In 2016 the Dutch Government Commission of Reassessment of Parenthood (GCRP) proposed a wide array of legal changes to Family Law, e.g. with regard to legal multi-parenthood and legal multiple parental responsibility. Although the commission researched these matters thoroughly in its quest towards proposing new directions in the field of Family Law, multi-parents themselves were not interviewed by the commission. Therefore, this article aims to explore a possible gap between the social experiences of parents and the recommendations of the GCRP. Data was drawn from in depth-interviews with a sample of 25 parents in plus-two-parent constellations living in Belgium and the Netherlands. For the most part the social experiences of parents aligned with the ways in which the GCRP plans to legally accommodate the former. However, my data tentatively suggests that other (legal) recommendations of the GCRP need to be explored more in depth.
    ---
    In 2016 stelde de Nederlandse Staatscommissie Herijking ouderschap voor om een wettelijk kader te creëren voor meerouderschap en meeroudergezag. Ondanks de grondigheid van het gevoerde onderzoek ontbraken er gegevens omtrent de ervaringen van de meerouders zelf. Dit artikel levert een bijdrage in het vullen van deze leemte door inzage te geven in de (juridische) ervaringen van 25 ouders in meerouderschapsconstellaties in België en Nederland.


Nola Cammu MA
Nola Cammu is PhD Candidate at the Law Faculty of the University of Antwerp.
Artikel

Access_open De achterkant van het openbaar bod

Over de opkomst, ontwikkeling en normering van de pre-wired back-end

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden openbaar bod, pre-wired back-end, minderheidsaandeelhouders, activa/passiva-transactie, fusie
Auteurs Mr. J. Barneveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Pre-wired back-end structuren zijn in de overnamepraktijk ontwikkeld om na een openbaar bod tot 100% controle te komen. In dit artikel staan de opkomst en normering van die structuren centraal. Daarbij wordt bijzondere aandacht besteed aan de market practice om back-end-transacties aan additionele voorwaarden te onderwerpen.


Mr. J. Barneveld
Mr. dr. J. Barneveld is advocaat bij De Brauw in Amsterdam en dit jaar werkzaam bij Wachtell, Lipton, Rosen & Katz in New York.
Artikel

Advisering door het EHRM in civiele zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden 16e Protocol, EHRM, Hoge Raad, advies, prejudiciële vragen
Auteurs Johan Valk
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanaf 1 juni 2019 kan de Hoge Raad het EHRM in concrete zaken vragen om een (prejudicieel) advies uit te brengen. Wat betekent dit voor civiele zaken? Dit artikel biedt een overzicht. Aan de orde komen onder meer het adviesverzoek door de Hoge Raad, de procedure bij het EHRM en de procedure na advisering door het EHRM.


Johan Valk
Mr. J.J. Valk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Access_open Veel potentie voor zakelijke mediation

Wat zijn de ervaringen van de afnemers van zakelijke mediation en welke ontwikkelingen in het vakgebied zien zij graag?

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Zakelijke mediation, Advocaten, Rechters, bedrijven
Auteurs Manon Schonewille en Marc Simon Thomas
SamenvattingAuteursinformatie

    The report ‘ZAM/ACB research on possibilities and impediments for commercial mediation’ of the Utrecht Montaigne Centre represents the most important results for the three target groups (lawyers, firms, and judges), with an accent on how users of commercial mediation in the Netherlands think about the potential of mediation.


Manon Schonewille
Manon Schonewille is onder andere MfN Registermediator en partner in Schonewille & Schonewille Legal Mediation.

Marc Simon Thomas
Marc Simon Thomas is universitair docent aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Een juridische bypass voor innovaties

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2019
Trefwoorden innovatie, fintech, regulatory sandbox, experimenteerwet, zelfrijdende auto
Auteurs Mr. S. Philipsen en Prof. mr. E.F. Stamhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In het voorliggende artikel wordt verslag gedaan van een onderzoek naar de verschillende verschijningsvormen van een tijdelijke bypass van bestaande rechtsnormen die ten behoeve van innovatie gebruikt worden. Vooral die instrumenten zijn beschreven die toegepast worden om innovatieve producten in het echte leven te testen, wanneer dat zonder die bypass niet of niet zonder meer verenigbaar zou zijn met het geldende recht. Een theoretisch model om de praktische verschijningsvormen te ordenen wordt gevolgd door een beschrijving van wettelijke experimenteerbepalingen en regulatory sandboxes. De kritische beoordeling van deze twee vormen in het licht van de geldende normen en beginselen voert tot een set vuistregels, met behulp waarvan een vergunnende overheid een bypass kan aanleggen.


Mr. S. Philipsen
Mr. S. (Stefan) Philipsen is universitair docent Staatsrecht aan de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. E.F. Stamhuis
Prof. mr. E.F. (Evert) Stamhuis is hoogleraar Law & Innovation aan de Erasmus School of Law.

    The Finnish Supreme Court held that a transfer of undertaking had taken place in a situation where no contract of transfer was concluded.


Janne Nurminen
Janne Nurminen is a Senior Associate with Roschier, Attorneys Ltd in Helsinki, www.roschier.com
Case Reports

2019/9 The right to object against a transfer in case of incorrect information is not unlimited (GE)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Transfer of undertaking, Employees who transfer/refuse to transfer
Auteurs Nina Stephan
SamenvattingAuteursinformatie

    According to German law, every employee has the right to object to the transfer of their employment relationship to the transferee in the case of a transfer of business. However, the right to object is not unlimited. The Federal Labour Court (Bundesarbeitsgericht (‘BAG’)) held that an employee who had worked for the transferee for seven years had lost this right if they had been informed about the transfer.


Nina Stephan
Nina Stephan is an attorney-at-law at Luther Rechtsanwaltgesellschaft mbH
Law Review

2019/1 EELC’s review of the year 2018

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 1 2019
Auteurs Ruben Houweling, Catherine Barnard, Filip Dorssemont e.a.
Samenvatting

    For the second time, various of our academic board analysed employment law cases from last year. However, first, we start with some general remarks.


Ruben Houweling

Catherine Barnard

Filip Dorssemont

Jean-Philippe Lhernould

Francesca Maffei

Niklas Bruun

Anthony Kerr

Jan-Pieter Vos

Luca Ratti

Daiva Petrylaite

Andrej Poruban

Stein Evju
Artikel

Empirische kennis als instrument

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2019
Auteurs Petra Jonkers

Petra Jonkers
Strafrecht

Access_open Brexit en strafrechtelijke samenwerking: de gevolgen van het perspectief van vertrek uit de Unie voor de tenuitvoerlegging van een EAB

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden Brexit, strafrechtelijke samenwerking, wederzijds vertrouwen en wederzijdse erkenning, grondrechtenbescherming, Kaderbesluit EAB
Auteurs Mr. dr. M.K. Bulterman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven op grond van artikel 50 lid 2 VEU van het voornemen tot terugtrekking uit de Europese Unie. Welke gevolgen heeft deze kennisgeving voor de beoordeling van een door de autoriteiten van het Verenigd Koninkrijk uitgevaardigd Europees Aanhoudingsbevel op grond van Kaderbesluit 2002/584 betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten? Op deze vraag geeft het Hof van Justitie een antwoord in het arrest RO van 19 september 2018, dat centraal staat in deze bijdrage.
    HvJ 19 september 2018, zaak C-327/18 PPU, RO, ECLI:EU:C:2018:733


Mr. dr. M.K. Bulterman
Mr. dr. M.K. (Mielle) Bulterman is hoofd van de afdeling Europees recht, Directie Juridische Zaken, van het ministerie van Buitenlandse zaken.
Annotatie

Arbeidstijdregulering en oproeparbeid

HvJ EU 21 februari 2018, C-518/15 (Stad Nijvel/Rudy Matzak)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2019
Auteurs Prof. mr. W.L. Roozendaal
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Matzak-arrest breidt het Hof van Justitie EU het begrip arbeidstijd - onder voorwaarden - uit tot thuis doorgebrachte wachttijd. Het arbeidstijdenrecht biedt tot dusver slechts beperkte bescherming tegen oproeparbeid, terwijl de daaraan verbonden onzekerheid de gezondheid en het welzijn van steeds grotere groepen werknemers bedreigt. In deze bijdrage wordt onderzocht voor welke oproepcontracten het aanmerken van wachttijd als arbeidstijd soelaas biedt, waarbij tevens wordt ingegaan op het verband met de WML en de oproeptermijn in de Wet Arbeidsmarkt in Balans.


Prof. mr. W.L. Roozendaal
Prof. mr. dr. W.L. Roozendaal is bijzonder hoogleraar socialezekerheidsrecht en uhd arbeidsrecht aan de VU.
Artikel

Loyaliteitsregelingen; lessen uit Frankrijk en Delaware

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden loyaliteitsstemrecht, loyaliteitswinstrecht, rechtsvergelijking, aandeel, aandeelhouder
Auteurs Mr. K.J. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Een aantal Nederlandse beursvennootschappen heeft een loyaliteitsregeling, bedoeld om aandeelhouders te prikkelen op lange termijn betrokken te blijven bij de vennootschap. In deze bijdrage onderzoekt de auteur welke lessen daarvoor kunnen worden ontleend aan de ervaringen met loyaliteitsregelingen in Frankrijk en Delaware.


Mr. K.J. Bakker
Mr. K.J. Bakker is promovendus en docent (notarieel) ondernemingsrecht bij het Van der Heijden Instituut, dat deel uitmaakt van het OO&R van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open De mislukte unificatie van Unilever

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden duale structuur, fusie, scheme of arrangement, governance, aandeelhouders
Auteurs Drs. R. Abma
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft de belangrijkste redenen van de mislukte eenwordingsoperatie van Unilever in 2018. Een gebrekkige communicatie over de voor- en nadelen van de verschillende alternatieven voor de herziening van de vennootschappelijke structuur, een gebrek aan voorafgaande consultatie van de belangrijkste aandeelhouders en een onderschatting van de Brexit-sentimenten hebben het Unilever-bestuur waarschijnlijk de das omgedaan.


Drs. R. Abma
Drs. R. Abma is directeur bij Eumedion te Den Haag.
Artikel

Access_open De geografische inrichting van de rechtspraak

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2019
Trefwoorden courts, civil justice, access to justice, judicial map, travel distances
Auteurs Roland Eshuis
SamenvattingAuteursinformatie

    This article relates the geographical allocation of Courts to access to justice. Travel distances within the Dutch system are higher than in surrounding countries, but still not extremely high. The scale of the Dutch Court organizations however, is extreme. On average, a Court location that handles small claims has jurisdiction over a territory with over half a million inhabitants. This large number of inhabitants automatically translates to large numbers of cases, and large bureaucracies, employing 500 to 1,000 people (judges, court staff, support) each. Do travel distances to the Courts actually have an impact on the use of the Court system? Two recent studies find no support for a popular belief that defendants will be less determined to defend themselves when the travel distance to the court is longer. They do show however that the number of cases brought to Court by local plaintiffs drops when ‘their’ local court closes down.


Roland Eshuis
Dr. R.J.J. Eshuis is als onderzoeker verbonden aan het WODC.

    Alternative/amicable dispute resolution (ADR) is omnipresent these days. In line with global evolutions, the Belgian legislator embraced the use of these ADR mechanisms. Recent reforms of the law, first in 2013 with the act concerning the introduction of a Family and Juvenile Court and consecutively in 2018 with the act containing diverse provisions regarding civil law with a view to the promotion of alternative forms of conflict resolution, implemented more far-reaching measures to promote ADR than ever before. The ultimate goal seems to alter our society’s way of conflict resolution and make the court the ultimum remedium in case all other options failed.In that respect, the legislator took multiple initiatives to stimulate amicable dispute resolution. The reform of 2013 focused solely on family cases, the one in 2018 was broader and designed for all civil cases. The legal tools consist firstly of an information provision regarding ADR for the family judge’s clerk, lawyers and bailiffs. The judges can hear parties about prior initiatives they took to resolve their conflict amicably and assess whether amicable solutions can still be considered, as well as explain these types of solutions and adjourn the case for a short period to investigate the possibilities of amicable conflict resolution. A legal framework has been created for a new method, namely collaborative law and the law also regulates the link between a judicial procedure and the methods of mediation and collaborative law to facilitate the transition between these procedures. Finally, within the Family Courts, specific ‘Chambers of Amicable Settlement’ were created, which framework is investigated more closely in this article. All of these legal tools are further discussed and assessed on their strengths and weaknesses.
    ---
    Alternatieve of minnelijke conflictoplossing is alomtegenwoordig. De Belgische wetgever heeft het gebruik van deze minnelijke oplossingsmethodes omarmd, in navolging van wereldwijde evoluties. Recente wetshervormingen implementeerden maatregelen ter promotie van minnelijke conflictoplossing die verder reiken dan ooit tevoren. Het betreft vooreerst de hervorming in 2013 met de wet betreffende de invoering van een familie- en jeugdrechtbank en vervolgens kwam er in 2018 de wet houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing. De ultieme doelstelling van deze hervormingen is een mentaliteitswijziging omtrent onze wijze van conflictoplossing teweegbrengen, waarbij de rechtbank het ultimum remedium dient te worden nadat alle overige opties faalden.De wetshervorming van 2013 focuste uitsluitend op familiale materies, de hervorming van 2018 was ruimer en had alle burgerlijke zaken voor ogen. De wettelijke mogelijkheden bestaan vooreerst uit een informatieverstrekking omtrent minnelijke conflictoplossing in hoofde van de griffier van de familierechtbank, advocaten en gerechtsdeurwaarders. Rechters kunnen partijen horen omtrent eerdere ondernomen initiatieven om hun conflict op een minnelijke manier op te lossen, zij beoordelen of minnelijke oplossingen alsnog kunnen worden overwogen, zij kunnen de diverse minnelijke mogelijkheden toelichten aan partijen alsook de zaak voor een korte periode uitstellen om partijen toe te laten de mogelijkheden aan minnelijke conflictoplossing te verkennen. Er werd voorts een wetgevend kader uitgewerkt voor een nieuwe oplossingsmethode, namelijk de collaboratieve onderhandeling. De wet creëert tevens een link tussen een gerechtelijke procedure en de methodes van bemiddeling en collaboratieve onderhandeling, om de overgang tussen deze procedures te vereenvoudigen. Tot slot werden er binnen de familierechtbanken specifieke kamers voor minnelijke schikking opgericht, waarvan het wetgevend kader in detail wordt bestudeerd in dit artikel. Al deze wettelijke opties worden nader besproken en beoordeeld aan de hand van hun sterktes en zwaktes.


Sofie Raes
Sofie Raes is a Ph.D. candidate at the Institute for Family Law of the University of Ghent, where she researches alternative dispute resolution, with a focus on the chambers of amicable settlement in Family Courts. She is also an accredited mediator in family cases.
Artikel

Access_open Teaching Socio-Legal Research Methodology: Participant Observation. Special Issue on Active Learning and Teaching in Legal Education

Tijdschrift Law and Method, januari 2019
Trefwoorden Participant observation, sociolegal research, methodology, teaching
Auteurs Marc A. Simon Thomas
SamenvattingAuteursinformatie

    The basics of how to conduct participant observation are not taught in law schools. This is striking because this methodology has become a common feature of qualitative research and could be very useful in sociolegal research. For those interested in studying ‘law in practice’ instead of ‘law in the books’, qualitative research methods like participant observation are inevitable. However, participant observation is, at best, secondary in the literature on qualitative research in the sociolegal discipline, while there is no guidance on how to conduct this technique whatsoever.Therefore, this article is written with two audiences in mind: It should serve as a useful reference and guide for those who teach qualitative research methods in legal education and who are looking to enhance their knowledge and skills concerning participant observation; it is also meant to serve as a basic primer for the beginning sociolegal researcher who is about to become a participating observer for the first time.


Marc A. Simon Thomas
Utrecht University, School of Law, Institute of Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law, Legal Theory; m.a.simonthomas@uu.nl.
Toont 41 - 60 van 277 gevonden teksten
1 3 5 6 7 8 9 13 14
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.