Zoekresultaat: 112 artikelen

x

Prof. mr. W.D.H. Asser
Prof. mr. W.D.H. Asser is hoogleraar burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Leiden en oud-raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden.

Dr. C. Bollen
Dr. C. Bollen is wetenschappelijk hoofdmedewerker Privaatrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba en tevens decaan van deze faculteit.
Jurisprudentie

Beslag- en executierecht

Overzicht relevante rechtspraak en relevante ontwikkelingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2015
Auteurs Mr. D.M. de Knijff
Auteursinformatie

Mr. D.M. de Knijff
Mr. D.M. de Knijff is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten te Den Haag.
Casus

Gerechtelijke toetsing bij herroeping van een ontbindingsbesluit van een rechtspersoon

Hoe de Hoge Raad zijn doel voorbijstreeft met onnodig complicerende voorwaarden

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2015
Trefwoorden herroeping ontbindingsbesluit rechtspersoon, gerechtelijke toetsing, Rifgat
Auteurs I. Groenland
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Rifgat-beschikking van 19 december 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3677) heeft de Hoge Raad niet alleen bevestigd dat herroeping van een ontbindingsbesluit mogelijk is, maar ook de daarvoor geldende voorwaarden bepaald. De Hoge Raad geeft daarbij aan dat hij daarmee een leemte vult in de wetgeving en dat het eigenlijk aan de wetgever is om te voorzien in een afgewogen regeling. De door de Hoge Raad geformuleerde voorwaarden lijken echter niet aan te sluiten bij het beoogde doel. Daarnaast blijken deze bij toetsing aan het feitencomplex in de Rifgat-casus niet te leiden tot een redelijke uitkomst. Het verbinden van bijzondere voorwaarden aan herroeping van een ontbindingsbesluit is, gezien de ontwikkelingen in wetgeving, rechtspraak en literatuur, ook niet langer nodig. Een eenvoudige wettelijke regeling voor herroeping van besluiten is daarom, juist na deze Hoge Raad-beschikking, dringend gewenst.


I. Groenland
Mr. I. Groenland is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2015
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Jurisprudentie

Hoger beroep

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2015
Auteurs Mr. drs. F.J.P. Lock

Mr. drs. F.J.P. Lock
Artikel

Non bis in idem in Europa: de zaken Spasic en M.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden non bis in idem, artikel 54 Schengenuitvoeringsovereenkomst, artikel 50 Handvest EU, beperking grondrechten Handvest EU, tenuitvoerleggingsvoorwaarde
Auteurs Mr. dr. W.F. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen Schengen en de EU geldt de regel dat iemand die onherroepelijk is berecht niet nog eens mag worden vervolgd of gestraft wegens hetzelfde feit (non bis in idem). Geldt deze bescherming ook wanneer de straf wel definitief is geworden maar nog niet ten uitvoer is gelegd? Artikel 54 van de Schengenuitvoeringsovereenkomst is hierover duidelijk: het stelt tenuitvoerlegging als voorwaarde voor toepassing van de waarborg tegen tweede vervolging of bestraffing. Artikel 50 Handvest stelt deze voorwaarde echter niet. In de zaak Spasic beoordeelt het Hof van Justitie – voor het eerst – de verhouding tussen beide non bis in idem-bepalingen.
    In de zaak M. is de vraag aan de orde of een ‘buitenvervolgingstelling’ een tweede vervolging in een andere lidstaat belet. Het betreft een strafrechtelijke beslissing die nationaal een minder sterke non bis in idem-werking heeft dan een onherroepelijk eindvonnis. Deze bijdrage laat aan de hand van beide zaken zien hoe het Hof van Justitie de balans probeert te houden tussen vrijheid, veiligheid en recht enerzijds en het voorkomen en bestrijden van criminaliteit anderzijds.
    HvJ 27 mei 2014 (GK), zaak C-129/14 PPU, Spasic, prejudiciële spoedprocedure op verzoek Oberlandesgericht Nürnberg (Duitsland), ECLI:EU:C:2014:586, n.n.g. en HvJ 5 juni 2014, zaak C-398/12, M., prejudiciële procedure op verzoek Tribunale di Fermo (Italië), ECLI:EU:C:2014:1057, n.n.g.


Mr. dr. W.F. van Hattum
Mr. dr. W.F. (Wiene) van Hattum is als universitair docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De brug tussen wetenschap en opsporingspraktijk

Onderzoek naar de toepassing van sociale netwerkanalyse in de opsporing

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2014
Trefwoorden social network analysis (SNA), big data, criminal investigation, intelligence
Auteurs Drs. Paul Duijn en Dr. Peter Klerks
SamenvattingAuteursinformatie

    Social network analysis (SNA) has taken its place in the field of criminology, although among Dutch criminologists the emphasis remains on conceptual contributions. Meanwhile, the world of criminal investigation and intelligence has witnessed the development of a blossoming SNA-practice. The emergence of big data makes SNA an indispensable tool to exploit the oceans of data in a meaningful way. Unfortunately, when it comes to employing SNA, academia and the investigations and intelligence domains remain separated. While Dutch analysts adopt scientific ideas and concepts, they rarely contribute to the body of literature; confidential SNA reports remain inaccessible. Shedding light on over forty SNA related internal police studies, this article bridges the gap between Dutch academic criminologists and ‘pracademics’ in law enforcement.


Drs. Paul Duijn
Drs. P.A.C. Duijn is als strategisch analist werkzaam binnen de eenheid Den Haag van de Nationale Politie en is als docent verbonden aan de Politieacademie.

Dr. Peter Klerks
Dr. P.P.H.M. Klerks werkt als raadadviseur bij het Parket-Generaal van het Openbaar Ministerie en is als docent verbonden aan de Politieacademie.
Artikel

Hof van Justitie sauveert nationale steunregeling inzake duurzame elektriciteit

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden Duurzame elektriciteit, nationale steunregeling, Tweede Duurzaamheidsrichtlijn, vrij verkeer van goederen, rechtvaardiging
Auteurs Mr. Iman Brinkman en Mr. Pauline Huurnink
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juli 2014 heeft het Hof van Justitie naar aanleiding van prejudiciële vragen van Förvaltningsrätt i Linköping over een Zweedse steunregeling voor de productie van duurzame elektriciteit een belangrijk arrest gewezen over de aanvaardbaarheid van territoriale beperkingen in een dergelijke regeling. Het Hof van Justitie oordeelt dat een nationale steunregeling die uitsluitend openstaat voor partijen die in de betrokken lidstaat duurzame elektriciteit produceren in beginsel geen ongeoorloofde inbreuk maakt op het vrij verkeer van goederen en dus is toegestaan.
    HvJ EU 1 juli 2014, zaak C-573/12, Ålands Vindkraft AB/Energimyndigheten, ECLI:EU:C:2014:2037


Mr. Iman Brinkman
Mr. I. (Iman) Brinkman is advocaat bij Pels Rijcken en Droogleever Fortuijn te Den Haag.

Mr. Pauline Huurnink
Mr. P.P. (Pauline) Huurnink is advocaat bij Pels Rijcken en Droogleever Fortuijn te Den Haag. De auteurs danken hun kantoorgenoot Rob Gehring voor zijn waardevolle bijdrage aan de totstandkoming van dit artikel.
Jurisprudentie

Hoger beroep van deelgeschillen beperkt mogelijk via doorbrekingsjurisprudentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2014
Trefwoorden hoger beroep deelgeschillen, doorbreking appèlverbod, toepasselijkheid doorbraakjurisprudentie, werkgeversaansprakelijkheid.
Auteurs mr. E. Pans
SamenvattingAuteursinformatie

    Al tijdens de parlementaire behandeling van de Wet deelgeschilprocedure werd duidelijk dat elke vraag die zich in een bodemprocedure kan voordoen in beginsel aan de deelgeschilrechter kan worden voorgelegd (mits de beslissing een vaststellingsovereenkomst over de gehele vordering naderbij kan brengen). Het is een gegeven dat ook complexe zaken of vorderingen met een groot belang aan de deelgeschilrechter kunnen worden voorgelegd en dat de deelgeschilrechter hierover ingrijpende uitspraken kan doen, zoals over de vestiging van aansprakelijkheid. Dit is in de rechtspraktijk ook al wel gebleken. Welke appèlmogelijkheden staan de in het ongelijk gestelde partij in dat geval tot haar beschikking, en zijn de in de rechtspraak ontwikkelde ‘doorbrekingsgronden’ van een wettelijk appèlverbod ook van toepassing op de deelgeschilprocedure? De Hoge Raad spreekt zich hierover uit in het hier besproken arrest van 18 april 2014 (ECLI:NL:HR:2014:943).


mr. E. Pans
Mr. E. Pans is advocaat bij Kennedy Van der Laan.

    Exploitatieplan. Inbrengwaarde. Berekening groottes van percelen. Basisregistratie. Kadasterwet.


Tonny Nijmeijer
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2014
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Praktijk

Kroniek rechtspraak bestuursrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden bestuursrecht, Wet BIG, Wet openbaarheid van bestuur
Auteurs Mr. drs. A.C. de Die en mr. C. Velink
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan bod komt de jurisprudentie van 1 augustus 2012 tot en met 8 april 2014. De kroniek bevat een overzicht van de belangrijkste bestuursrechtelijke uitspraken op het gebied van de gezondheidszorg: de algemene bestuursrechtelijke thema's, uitspraken over de Wet BIG, diverse uitspraken op het gebied van handhaving, Wob-jurisprudentie die vaak betrekking heeft op bij toezichthouders berustende documenten, jurisprudentie over de Geneesmiddelenwet en de subsidiebesluiten, varia en de rapporten van de Nationale ombudsman.


Mr. drs. A.C. de Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

mr. C. Velink
Caren Velink is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.
Artikel

Onevenredige bescherming van schuldeisers bij ontbinding van een rechtspersoon-schuldenaar

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2014
Trefwoorden verlenging verjaringstermijn, ontbinding, rechtspersoon, risico
Auteurs Mr. T.E. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de risico's en de gevolgen van de verlenging van de verjaringstermijn van rechtsvorderingen op grond van artikel 2:19a lid 8 en 2:23c lid 2 BW in geval van ontbinding van een rechtspersoon.


Mr. T.E. de Jonge
Mr. T.E. de Jonge is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Een voorstel voor een effectief rechtsmiddel voor overschrijdingen van het redelijketermijnvereiste

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden artikel 47 Handvest, redelijketermijnvereiste, effectief rechtsmiddel
Auteurs Mr. A.E. Beumer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2013 gaf de Grote Kamer van het Hof van Justitie een belangrijk oordeel in drie mededingingszaken, Kendrion, Groupe Gascogne, en Gascogne Deutschland. De drie uitspraken zullen de boeken ingaan als de uitspraken waarin het Hof van Justitie duidelijkheid verschafte over het rechtsmiddel dat particulieren kunnen instellen wanneer zij op EU-niveau worden geconfronteerd met een schending van het redelijketermijnvereiste. In lijn met eerdere jurisprudentie moest het Hof van Justitie kiezen tussen twee rechtsmiddelen. Ten eerste kon het Hof van Justitie, conform de zaak Baustahlgewebe, een schending vaststellen en vervolgens zelf (als een vorm van genoegdoening) de boete verlagen die de Commissie had opgelegd. Ten tweede kon het Hof van Justitie, in overeenstemming met de zaak Grüne Punkt, opteren voor een aparte schadevergoedingsactie. Het Hof van Justitie maakt een principiële keuze voor het tweede rechtsmiddel.HvJ EU 26 november 2013, zaak C-58/12 P, Groupe Gascogne/Commissie, zaak C-40/12 P, Gascogne Sack Deutschland/Commissie, en zaak C-50/12 P, Kendrion/Commissie, n.n.g.


Mr. A.E. Beumer LLM
Mr. A.E. (Elsbeth) Beumer LLM is als PhD-onderzoeker verbonden aan het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Jurisprudentie

Eerste aanleg

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Eerste aanleg, Procesinnovatie, Efficiënte procesgang, KEI
Auteurs Mr. J. Ekelmans
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt de aanstaande wetgeving over het civiele procesrecht in eerste aanleg besproken, aandacht gegeven aan innovatieve initiatieven van de rechtbanken (sector civiel en kanton) voor de civiele rechtsgang in eerste aanleg en aangeduid hoe ook recente rechtspraak van de Hoge Raad een efficiënte rechtsgang in eerste aanleg bevordert.


Mr. J. Ekelmans
Mr. J. Ekelmans is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten te Den Haag.
Artikel

Turboliquidatie versus wettelijke procedure

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2013
Trefwoorden turboliquidatie, vereffeningsprocedure, bestuurdersaansprakelijkheid, artikel 2:23c BW, uitkeringstest
Auteurs Mr. L.M. de Vito
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele overwegingen die een rol spelen bij het maken van een keuze tussen turboliquidatie en de wettelijke vereffeningsprocedure.


Mr. L.M. de Vito
Mr. L.M. de Vito is advocaat bij Allen & Overy.
Artikel

Vier knelpunten van de regresvordering van de werkgever ex artikel 6:107a lid 2 BW

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2013
Trefwoorden regres, artikel 6:107a lid 2 BW, re-integratie, schadebeperkingsplicht, arbeidsvermogensschade
Auteurs Mw. mr. M. Opdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer een werknemer letsel oploopt door een oorzaak waarvoor een derde aansprakelijk is, lijdt ook zijn werkgever schade. De werkgever is verplicht om het loon van de zieke werknemer door te betalen. De werkgever komt op grond van artikel 6:107a lid 2 Burgerlijk Wetboek (BW) een regresvordering toe. In deze bijdrage worden knelpunten besproken die zich in dit kader voordoen. Kan de aansprakelijke partij zich tegen een dergelijke vordering verweren door te stellen dat het loon onverplicht is doorbetaald? Rust op de werkgever een schadebeperkingsplicht? En welke gevolgen hebben werkzaamheden in het kader van de re-integratie op de hoogte van de regresvordering?


Mw. mr. M. Opdam
Mw. mr. M. Opdam is promovenda bij de Vrije Universiteit. Zij verricht promotieonderzoek naar de re-integratieverplichtingen van letselschadeslachtoffers. Dit onderzoek wordt gefinancierd door NWO.

    In the case of Byankov the Court of Justice ruled as follows: EU law must be interpreted as precluding legislation under which an administrative procedure that has resulted in the adoption of a prohibition on leaving the territory, which has become final and has not been contested before the courts, may be reopened - in the event of the prohibition being clearly contrary to EU law - only in circumstances such as those exhaustively listed in Article 99 of the Code of Administrative Procedure, despite the fact that such a prohibition continues to produce legal effects with regard to its addressee. This study discusses how the ruling can be placed in the case law of the Court that in accordance with the principle of legal certainty, EU law does not require that administrative authorities be placed under an obligation to re-examine a national final administrative decision.


Rolf Ortlep
Rolf Ortlep is verbonden aan het Instituut voor Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht.

    Plastisch chirurg; ondeugdelijke vorming medisch dossier; complicaties niet verwijtbaar; berisping

Toont 41 - 60 van 112 gevonden teksten
1 3 5 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.