Zoekresultaat: 245 artikelen

x
Casus

Lange termijn waardecreatie van de beursvennootschap en de daaraan verbonden onderneming, het bestendige succes van de (dochter)onderneming en het begrip ‘vennootschappelijk belang’: harmonie of disharmonie?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Corporate Governance Code, vennootschappelijk belang, Concernbelang, het bestendige succes van de onderneming, lange termijn waardecreatie
Auteurs Prof. mr. M.M. Mendel en Prof. mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Cancun-beschikkingen uit 2014 heeft de Hoge Raad het begrip ‘het bestendige succes’ van de onderneming geïntroduceerd. De auteurs beantwoorden de vraag hoe dit begrip zich verhoudt tot (1) de rechtsregel uit de ABN AMRO- en ASMI-beschikkingen dat het bestuur van een nv of bv het eigen belang van de vennootschap en de daaraan verbonden onderneming voorop behoort te stellen, en (2) (bij een concernvennootschap) het concernbelang. Vervolgens geven zij aan hoe ‘het bestendige succes’ van de onderneming zich verhoudt tot de ‘lange termijn waardecreatie van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming’ uit de Nederlandse Corporate Governance Code 2016.


Prof. mr. M.M. Mendel
Prof. mr. M.M. Mendel is emeritus hoogleraar Handelsrecht aan de Universiteit Leiden en oud-raadsheer Hof Amsterdam

Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor, en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.
Artikel

Kartels ontsluierd: heimelijkheid, vertrouwen en sociale inbedding

Hoe kartels erin slagen verborgen te blijven

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2017
Trefwoorden social embeddedness of crime, corporate crime, white-collar crime, illegal networks, business cartels
Auteurs Jelle David Jaspers MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article notions from literature on covert and illegal networks are applied to business cartels. Comparable to most criminal networks, cartel participants need to communicate in order to coordinate their activities, whilst under the risk of getting caught. Previous studies however show cartels can remain hidden from outsiders for long periods of time. Based on an analysis of fourteen Dutch cartel cases, this article addresses the question how cartels can remain hidden from outsiders for long periods of time. The analysis shows cartel participants communicate predominantly centralized and frequent. Moreover, the results show that not concealment but social embeddedness provides a strong explanation for the longevity of secrecy regarding cartels.


Jelle David Jaspers MSc
J.D. Jaspers, MSc is promovendus bij de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Aansprakelijkheidsrisico’s bij het gebruiken van een lege projectvennootschap: aandeelhouders- of bestuurdersaansprakelijkheid?

Beschouwingen bij HR 24 maart 2017, NJ 2017/149 (Hanzevast/G4 II)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, aandeelhoudersaansprakelijkheid, SPV, projectvennootschap, verhaalsrisico
Auteurs Mr. E.C.H.J. Lokin en Mr. O.J.W. Schotel
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs gaan aan de hand van het Hanzevast/G4 II-arrest in op het verhaalsrisico bij het contracteren door middel van lege projectvennootschappen en de vraag in hoeverre een eventuele aansprakelijkheid in een dergelijk geval geënt dient te worden op bestuurdersaansprakelijkheid, een indirecte doorbraak van aansprakelijkheid, of wellicht op beide.


Mr. E.C.H.J. Lokin
Mr. E.C.H.J. Lokin en mr. O.J.W. Schotel zijn advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. O.J.W. Schotel
Artikel

Herplaatsing binnen het concern

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden concern, herplaatsing, ontslaggronden, Wwz
Auteurs prof. dr. Ronald Beltzer en Mr. Simone Schmeetz
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de met de Wwz gecodificeerde herplaatsingsverplichting binnen het concern centraal. De auteurs analyseren de reikwijdte van deze plicht en behandelen de rechtspraak op dit punt, zoals gewezen onder de Wwz. Voorts staan zij stil bij de gevolgen voor de arbeidsovereenkomst van een geslaagde herplaatsing. De auteurs concluderen dat meer richting voor de praktijk gewenst is.


prof. dr. Ronald Beltzer
Hoogleraar Arbeid & Onderneming (UvA)

Mr. Simone Schmeetz
Advocaat (Liber Dock)
Praktijk

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2016

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2017
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Jurisprudentie

Perikelen rondom de invoering van het (verzwakte) structuurregime

Ondernemingskamer 1 juli 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2766, JAR 2016/210 (OR/Thomas Cook Nederland)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Structuurregime, adviesrecht ondernemingsraad, samenstelling RvC
Auteurs Mr. dr. Joost Van Mierlo
SamenvattingAuteursinformatie

    Vlak voordat Thomas Cook Nederland verplicht is het structuurregime in te voeren, besluit zij dat uitsluitend concernfunctionarissen voor benoeming tot commissaris in aanmerking komen. Hiermee komt niet alleen een onafhankelijke opstelling van de raad van commissarissen in het gedrang, ook vormt dat een ernstige aantasting van het wettelijk aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad. Voor de Ondernemingskamer is dit voldoende om te spreken van een voorgenomen besluit tot een belangrijke wijziging van de verdeling van de bevoegdheden (artikel 25 lid 1 en onder e WOR).


Mr. dr. Joost Van Mierlo
Mr. dr. J.J.M. van Mierlo is als partner verbonden aan de sectie Medezeggenschapsrecht van De voort Advocaten / Mediators in Tilburg.
Artikel

Kroniek Insolventierecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2016
Auteurs Jaap van der Meer, Floris Dix, Suzan Winkels-Koerselman e.a.

Jaap van der Meer

Floris Dix

Suzan Winkels-Koerselman

Aubrey Klerks-Valks

Muriëlle van der Plas

Inge Beulen

Jacklien Quirijnen

Arjen van Haandel
Artikel

Kroniek Vennootschapsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2016
Auteurs Bas Visée en Rik Analbers

Bas Visée

Rik Analbers
Casus

Implementatie van de gewijzigde Moeder-dochterrichtlijn in de Nederlandse vennootschaps- en dividendbelasting

Europa gaat belastingontwijking te lijf

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2016
Trefwoorden vennootschapsbelasting, dividendbelasting, multinationals, belastingontwijking, antimisbruikbepalingen
Auteurs Prof. dr. J.N. Bouwman
SamenvattingAuteursinformatie

    De discussie over belastingontwijking door multinationals en de daaruit voortvloeiende aanpassing van de – fiscale – Europese Moeder-dochterrichtlijn hebben de Nederlandse wetgever ertoe gebracht de vennootschaps- en dividendbelasting aan te scherpen. In beide belastingen zijn nieuwe antimisbruikbepalingen opgenomen die het ontwijken van in het bijzonder dividendbelasting door het gebruik van ‘tussenhoudsters’ moet voorkomen. Daarnaast zijn in de vennootschapsbelasting regels ingevoerd die door een moedervennootschap ontvangen winstuitkeringen van een dochtervennootschap niet langer vrijstellen maar belasten, als deze betalingen bij de dochtervennootschap in mindering op de fiscale winst zijn gekomen (het tegengaan van hybride mismatches). Na een analyse van de nieuwe regels blijkt dat er een aantal kanttekeningen is te plaatsen. Een daarvan luidt dat de uitvoering van de nieuwe antimisbruikbepalingen met de nodige onzekerheid is omgeven. Een andere is dat de wetgever nogal voortvarend is geweest bij de bestrijding van de hybride mismatches.


Prof. dr. J.N. Bouwman
Prof. dr. J.N. Bouwman is hoogleraar Fiscaal Recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De toetsing van de hardheid van een vordering in een verzetprocedure op basis van artikel 2:404 lid 5 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden 403-verklaring, beëindiging overblijvende aansprakelijkheid, verzet
Auteurs Mr. J. van der Kraan
SamenvattingAuteursinformatie

    Na de intrekking van een 403-verklaring kan de overblijvende aansprakelijkheid worden beëindigd. Schuldeisers kunnen daartegen in verzet komen. Zij dienen te stellen dat zij een vordering hebben waarvan de nakoming onzeker is en om een zekerheid te verzoeken. In deze bijdrage wordt ingegaan op de onderbouwing van de gepretendeerde vorderingen.


Mr. J. van der Kraan
Mr. J. van der Kraan is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff en als promovendus verbonden aan de Universiteit Leiden.

    Deze bijdrage gaat over de verschillen tussen de enquêteprocedure als verzoekschriftprocedure en het kort geding als dagvaardingsprocedure. In beide procedures kunnen voorlopige ordemaatregelen worden verkregen, maar er bestaan belangrijke verschillen. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld het belang dat in de procedure centraal staat alsmede de rol die belanghebbenden spelen.


Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij DVDW Advocaten te Den Haag, als universitair docent verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, research fellow bij het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) van de Universiteit Maastricht.
Artikel

You can talk the talk but can you walk the walk?

Niet-mededingingsrechtelijke nationale belemmerende maatregelen met betrekking tot fusies en buitenlandse investeringen en het recht van de Europese Unie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden Fusies en buitenlandse investeringen, publieke belangen, bevoegdheidsverdeling nationaal-supranationaal
Auteurs Mr. P. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een nieuwe golf van economisch patriottisme doet de vraag rijzen in hoeverre het Unierecht een keurslijf vormt voor publieke belangen die, in het kader van fusies en buitenlandse investeringen, kunnen worden ingeroepen ter onttrekking van nationale regelingen aan de vrije mededinging. In dit artikel zal deze kwestie benaderd worden vanuit het perspectief van het internemarktrecht. Daarbij zal worden ingegaan op de vraag of – en zo ja, wanneer – lidstaten op grond van het Unierecht nationale mechanismen mogen instellen en/of toepassen.


Mr. P. Jansen
Mr. P. (Pim) Jansen is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België.
Casus

Enkele gedachten over de arbeidsovereenkomst in het concern

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2015
Trefwoorden arbeidsovereenkomst, concern, werknemer
Auteurs Prof. dr. R.M. Beltzer
SamenvattingAuteursinformatie

    De werknemer in het concern heeft veelal niet alleen te maken met degene met wie hij de arbeidsovereenkomst ondertekende, maar ziet zich tevens geconfronteerd met allerhande ‘derden’ die direct of indirect hun invloed uitoefenen op de arbeidsovereenkomst. Denk aan de situatie dat de werkgever niet meer in staat is het loon te betalen omdat de moedervennootschap al haar leningen heeft opgeëist. Een ander concernonderdeel kan zelfs in het geheel niet als derde worden ervaren, bijvoorbeeld in de veelvoorkomende situatie dat de werknemer binnen een concern feitelijk permanent werkt binnen een andere vennootschap dan die waarmee hij de arbeidsovereenkomst sloot. De centrale vraag van de auteur is of het recht voldoende rekening houdt met de arbeidsovereenkomst binnen het concern.


Prof. dr. R.M. Beltzer
Prof. dr. R.M. Beltzer is hoogleraar Arbeid & Onderneming aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Transfer pricing-risico’s bij overnames

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden transfer pricing, verrekenprijzen, due diligence, belastingen, overnamecontract
Auteurs Mr. M.A. Lange en Mr. drs. T. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Veel M&A-professionals zijn niet goed bekend met ‘transfer pricing’ en de regelgeving die daarop van toepassing is. Dit kan resulteren in onvoldoende aandacht voor eventuele risico’s bij de target. In deze bijdrage bespreken de auteurs wat transfer pricing inhoudt en waarom het van belang is hier tijdens een overnameproces voldoende aandacht aan te besteden.


Mr. M.A. Lange
Mr. M.A. de Lange is als belastingadviseur werkzaam bij Loyens & Loeff te Rotterdam en maakt deel uit van Team Transfer Pricing.

Mr. drs. T. Mulder
Mr. drs. T. Mulder is als belastingadviseur werkzaam bij Loyens & Loeff te Rotterdam en maakt deel uit van Team Transfer Pricing.
Artikel

De legal opinion-praktijk in Nederland

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden legal opinion-praktijk, aansprakelijkheid opiniegever, legal opinion, opinion letter
Auteurs Mr. dr. R. Mellenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Opinion letters zijn een standaardonderdeel binnen de zakelijke transactiepraktijk. Zij kenmerken zich door vergaande standaardisatie. De legal opinion-praktijk kenmerkt zich verder door eigen gebruiken en vakjargon. In deze bijdrage wordt ingegaan op de betekenis van opinion letters en de daarin opgenomen legal opinions. Tevens wordt ingegaan op de mogelijke civielrechtelijke aansprakelijkheid van de opiniegever.


Mr. dr. R. Mellenbergh
Mr. dr. R. Mellenbergh is universitair hoofddocent/associate professor bij de Afdeling privaatrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid en directeur van het International Business Law-programma van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De SNS-beschikking van 8 juli 2015: een pragmatische keuze

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden ontvankelijkheid, enquêteverzoek, Ondernemingskamer, SNS, enquêtegerechtigd
Auteurs Mr. I. Tax
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur geeft haar commentaar op de SNS-beschikking waarin de Ondernemingskamer heeft geoordeeld dat onteigende aandeelhouders, die vanwege de onteigening niet voldoen aan de kapitaaleis van artikel 2:346 BW, toch ontvankelijk kunnen zijn in hun verzoek tot enquête. De ondernemingskamer aanvaardt hiermee een verdere uitbreiding van de kring van enquêtegerechtigden.


Mr. I. Tax
Mr. I. Tax is advocaat bij Quint Legal te Rotterdam.
Casus

De reikwijdte van de zorgplicht binnen concernverhoudingen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2015
Trefwoorden zorgplicht, moedermaatschappij, concernverhouding, economische werkelijkheid, concernleidingsplicht
Auteurs Mr. F. van Liere
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de aansprakelijkheid van de moedermaatschappij jegens crediteuren van haar dochter(s) vanwege schending van de zorgplicht om de crediteurenbelangen in acht te nemen. De term zorgplicht is in lagere rechtspraak en literatuur ontwikkeld, maar de Hoge Raad heeft deze term nog niet aanvaard, waardoor nog altijd onduidelijkheid bestaat over de exacte invulling van de zorgplicht. In dat kader worden drie vragen behandeld: naar de inhoud van de zorgplicht, naar de omstandigheden waaronder zij zich manifesteert en naar het moment van inwerkingtreding van de zorgplicht. Aan de hand van de kernarresten en de economische werkelijkheid worden deze vragen beantwoord en wordt geconcludeerd dat sprake is van een immer aanwezige zorgplicht om de belangen van de crediteuren in acht te nemen als uitwerking van de concernleidingsplicht van de moedermaatschappij binnen concernverhoudingen.


Mr. F. van Liere
Mr. F. van Liere is heeft dit artikel geschreven in het kader van haar afstudeerscriptie.
Casus

Onrechtmatige verkoop van bv-aandelen door schending onderzoeksplicht: bestuurlijke tekortkoming of aandeelhoudersgedraging?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, aandeelhoudersaansprakelijkheid, onderzoeksplicht, verkoop bv, onrechtmatige daad
Auteurs Mr. V. van Vegchel
SamenvattingAuteursinformatie

    De verkoper van een bv riskeert onder omstandigheden persoonlijke aansprakelijkheid jegens crediteuren van die bv indien hij de verkoop doorzet zonder onderzoek te doen naar de koper en deze koper achteraf malafide blijkt te zijn. Verscheidene rechtbanken zien in het schenden van deze onderzoeksplicht een grondslag voor bestuurdersaansprakelijkheid van een verkopend dga. In dit artikel wordt geconstateerd dat deze grondslag onjuist is. Een aandelenoverdracht behelst immers een aandeelhoudersgedraging. Bovendien had de dga ook via de weg van aandeelhoudersaansprakelijkheid kunnen worden aangesproken. Verder komt aan bod wat de kenmerken zijn van de onderzoeksplicht en wanneer dit aansprakelijkheidsrisico zich kan verwezenlijken.


Mr. V. van Vegchel
Mr. V. van Vegchel is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Jurisprudentie

Meelzaak – beperking aansprakelijkheid investeringsmaatschappijen door ACM?

ACM-besluiten inzake Bencis en CVC d.d. 30 november 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Meel, Toerekening, Ne bis in idem, Investeringsmaatschappij, Boeteberekening
Auteurs Paul van den Berg en Jeannette ten Cate
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de ACM-besluiten inzake Bencis en CVC van 30 november 2014. Met deze besluiten heeft ACM, in navolging van de praktijk van de Europese Commissie, voor het eerst investeringsmaatschappijen beboet voor een inbreuk begaan door een dochtervennootschap. In eerste instantie is alleen de dochtervennootschap, Meneba, aansprakelijk gehouden voor een gestelde kartelinbreuk. In twee nieuwe besluiten zijn Bencis en CVC, beide investeerders, alsnog beboet als gevolg van de inbreuk begaan door hun dochtervennootschap Meneba. De besluiten roepen een aantal interessante vragen op, waaronder met betrekking tot (1) de – in lijn met Europese jurisprudentie – lage standaard die ACM toepast voor toerekening van de inbreuk aan moedervennootschappen, in lijn met recente Europese jurisprudentie; (2) het nemen van een nieuw besluit ten aanzien van de moedervennootschappen; en (3) de wijze van omzetberekening voor de boete.


Paul van den Berg
Mr. P.D. van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.

Jeannette ten Cate
Mr. drs. J.J. ten Cate is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.
Casus

De verjaring van een 403-vordering

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2015
Trefwoorden 403-vordering, verjaring, moedervennootschap, dochtervennootschap
Auteurs J. van der Kraan
SamenvattingAuteursinformatie

    Een 403-vordering is een zelfstandige vordering, meestal op de moedervennootschap. Deze vordering onderscheidt zich van de hoofdvordering op de dochtervennootschap. Deze te onderscheiden vorderingen verjaren onafhankelijk van elkaar. Naast de vraag of deze vorderingen onafhankelijk van elkaar verjaren, rijst de vraag of deze vorderingen op verschillende tijdstippen kunnen verjaren. Op basis van verschillende gronden kan dit het geval zijn.
    Een hoofdvraag die beantwoord dient te worden om vast te stellen wanneer een 403-vordering verjaart, is wanneer een 403-vordering ontstaat. Er zijn gronden om aan te nemen dat een 403-vordering pas ontstaat nadat de schuldeiser de moedervennootschap tot nakoming heeft aangesproken.


J. van der Kraan
Mr. J. van der Kraan is advocaat bij Loyens & Loeff en buitenpromovendus aan de Universiteit Leiden.
Toont 41 - 60 van 245 gevonden teksten
1 3 5 6 7 8 9 12 13
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.