Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 690 artikelen

x
Annotatie

Overgang van onderneming in de publieke sector en de positie van de ‘geschorste’ werknemer

HvJ EU 20 juli 2017, ECLI:EU:C:2017:574, AR 2017-0929 (Piscarreta Ricardo/Emarp; Portugal)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Overgang van onderneming, Economische activiteit, Publieke dienst, Identiteit, Geschorste werknemer
Auteurs Mr. L.C.J. Sprengers
SamenvattingAuteursinformatie

    Het HvJ EU heeft op 20 juli 2017, ECLI:EU:C:2017:574, inzake Piscarreta Ricardo geoordeeld over de vraag of de Richtlijn 2001/23 inzake overgang van onderneming ook van toepassing is op een (eenzijdig) overheidsbesluit om een onderneming waar een gemeente enig aandeelhouder van is te ontbinden en de activiteiten over te hevelen deels naar de gemeente en deels naar een andere onderneming. Ingegaan wordt op de betekenis van deze uitspraak voor de Nederlandse praktijk tegen de achtergrond van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA), die met ingang van 1 januari 2020 van kracht gaat. Een andere vraag die door het HvJ EU is behandeld, is of een persoon die wegens de schorsing van zijn arbeidsovereenkomst niet in actieve dienst is, valt onder het begrip ‘werknemer’ in de zin van artikel 2 lid 1 onderdeel d van de richtlijn. Op de betekenis van dit arrest voor de Nederlandse rechtspraak hierover wordt eveneens ingegaan.


Mr. L.C.J. Sprengers
Mr. L.C.J. Sprengers is advocaat in Utrecht en verbonden aan de sectie arbeidsrecht van de EUR. Hij heeft zich zowel in zijn proefschrift als in zijn universitaire werkzaamheden beziggehouden met de vergelijking van de ontwikkelingen in de ambtelijke arbeidsverhoudingen met de civielrechtelijke arbeidsverhoudingen. Hij is gespecialiseerd in individueel en collectief arbeidsrecht en ambtenarenrecht.
Annotatie

Goldman Sachs/Europese Commissie. Private equity in het vizier van mededingingsautoriteiten

Gerecht 12 juli 2018, zaak T-419/14, ECLI:EU:T:2018:445

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden private equity, investeerder, toerekening, aansprakelijkheid, bewijsvermoeden
Auteurs Robin Struijlaart en Mark Brabers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 juli 2018 heeft het Gerecht een beroep van Goldman Sachs tegen een boetebesluit van de Commissie verworpen. Dit arrest maakt (nogmaals) duidelijk dat private equity-investeerders een reële kans lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor kartelgedrag van hun portfolio-ondernemingen. De toets die de Commissie en het Gerecht uitvoeren, komt er in essentie op neer dat volstaat dat de moederonderneming zeggenschap heeft in de zin van het concentratietoezicht en dat er bewijs is dat zij die zeggenschap aantoonbaar heeft uitgeoefend. Veel investeerders zullen aan die beide criteria voldoen en bevinden zich dus in de gevarenzone.


Robin Struijlaart
Mr. R.A Struijlaart is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Kroniek

Ambtelijke en bestuurlijke corruptie in Nederland; waar staan we anno 2018?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Corruptie, Integriteit, Rechtshandhaving, Openbaar bestuur
Auteurs Prof. dr. Hans Nelen en Prof. dr. Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    The most recent extensive study on political and administrative corruption in The Netherlands dates back to 2005 (Huberts & Nelen, 2005). Afterwards various studies have been conducted on related subthemes and areas. In this contribution, the state of affairs regarding political and administrative corruption – and the responses to them – in The Netherlands in 2018 is described, based on the results of these studies. Starting with an overview of the nature and severity of political and administrative corruption, the focus shifts to relevant developments in the control and prevention of corruption, partly addressing the causes of the phenomenon.


Prof. dr. Hans Nelen
Prof. dr. mr. J.M. Nelen is als hoogleraar criminologie verbonden aan de Universiteit Maastricht.

Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. E.W. Kolthoff is als hoogleraar criminologie verbonden aan de Open Universiteit en als lector Veiligheid, openbare orde en recht aan de Avans Hogeschool in Den Bosch.
Artikel

Patronen in regelovertreding in de chemische industrie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2018
Trefwoorden corporate crime, compliance, longitudinal, life course, criminal career
Auteurs Dr. Marieke Kluin MSc., Prof. dr. mr. Arjan Blokland, Prof. mr. Wim Huisman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Unlike criminal career research into the criminal behavior of natural persons, longitudinal research into rule violations by corporations is still scant. The few available studies are mostly limited to US corporations, and suffer from either a small sample size or a short follow-up period, limiting the generalizability of their findings. The present study uses longitudinal data on rule violating behavior of 494 Dutch chemical corporations derived from yearly inspections (N=4.367) of the relevant safety and environmental agencies between 2006 and 2017. The study aims to gain insight in the patterning of rule violations by Dutch chemical corporations, and the extent to which these patterns are associated with sector and corporate characteristics. The results show that rule violation is common among Dutch chemical corporations. A small minority of chronically violating corporations however, is responsible for a disproportional share of all observed rule violations. Using group-based trajectory modelling (GBTM) we distinguish several longitudinal patterns of rule violations in our data. Available sector and corporation characteristics are only weakly associated with the patterns of rule violations identified.


Dr. Marieke Kluin MSc.
Dr. M.H.A. Kluin is als universitair docent Criminologie verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. mr. Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A.A.J. Blokland is als bijzonder hoogleraar Criminology & Criminal Justice verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en als senior onderzoeker verbonden aan het NSCR.

Prof. mr. Wim Huisman
Prof. mr. W. Huisman is als hoogleraar criminologie verbonden aan de afdeling Strafrecht & Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Dr. Marlijn Peeters
Dr. M.P. Peeters is als universitair docent Criminologie verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Ellen Wiering MSc
E. Wiering, MSc is als junior onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Steven Jaspers MSc
S.J. Jaspers, MSc studeerde criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Strafrecht door de ogen van een witteboordencrimineel

Gevolgen en beleving van strafrechtspleging door vervolgden voor witteboordencriminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Strafrechtspleging, Witteboordencriminaliteit, Detentiebeleving, Strafdoelen, Strafrechtelijk beleid
Auteurs Prof. mr. Wim Huisman en Drs. Dennis Lesmeister
SamenvattingAuteursinformatie

    Internationally, research on the experiences of white-collar offenders with the criminal justice system and the consequences of prosecution and conviction is scarce. Such research becomes more relevant, as the response to white-collar crime has become more punitive and more offenders are convicted. This paper presents the experiences of the co-author as a convicted white-collar offender as an autobiographical case-study. In this cases study, the consequences and experiences during four phases (investigation, prosecution, sentence-execution and post-sentencing) are analysed on four live-domains: health, private life, social life and professional life. Such an approach could be a blueprint for further and more systematic study of the experiences with and consequences of criminal justice for white-collar offenders. Such study can shed light on the effects and actual achievement of goals of punishment for white-collar crime.


Prof. mr. Wim Huisman
Prof. mr. W. Huisman is als hoogleraar criminologie verbonden aan de afdeling Strafrecht & Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Drs. Dennis Lesmeister
Drs. D.R. Lesmeister is als geassocieerd onderzoeker verbonden aan de afdeling Strafrecht & Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De katholieke sociale leer over de relatie gelovige/burger, samenleving en seculiere staat

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden kerk-staatverhoudingen, canoniek recht, katholieke sociale leer, Geschiedenis, Staatsleer; Rooms-Katholieke Kerk
Auteurs Mr. dr. Maurice van Stiphout
SamenvattingAuteursinformatie

    In the 19th century in many Western states, the close relationship between Church and State came to an end and the Roman Catholic Church developed into a major and active player on social and educational level in society separate from the State.
    This was due, on the one hand, to the constitutional changes in the Western states from the end of the 18th century, which led to the gradual introduction of the formal principle of separation of Church and State. On the other hand, it was a result of the search for a new position of the Roman Catholic Church in society that also influenced the theological reflection of the Church on society.
    The ecclesiastical reflection on the ideal relationship between Church and State took shape in the course of this process in the Ius Publicum Ecclesiasticum. The ecclesiastical view on the relationship between believers/citizens, society and State simultaneously took shape in Catholic social doctrine, which today still offers a model for modern society. In Catholic social doctrine, the believer/citizen is the connecting element between Church and State in a secular society. The ‘state doctrine’ of the Catholic Church is presented in Catholic social doctrine as an ideal image of the democratic constitutional state in which man is central and forms the central link between Church, society and secular State.


Mr. dr. Maurice van Stiphout
Mr. dr. M. van Stiphout studeerde rechten in Leiden en canoniek recht en theologie in Leuven. Hij promoveerde in de rechtsgeleerdheid in Groningen. Hij is werkzaam bij de Belgische rooms-katholieke kerkprovincie in Brussel (Juridische dienst & Erkende Instantie rooms-katholieke godsdienst). Daarnaast is hij vrijwillig wetenschappelijk medewerker van de faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven (afdeling Geschiedenis van Kerk en Theologie).
Artikel

Verdergaan met de sociale-werkingsbenadering

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Effectiveness of law, social working approach, semi-autonomous social fields, smoking bans, impact assessments
Auteurs Heleen Weyers
SamenvattingAuteursinformatie

    John Griffiths’ social working approach of legislation tries to estimate the direct effects of laws which prescribe certain behavior. The basic idea of the approach is that rule-guided behavior (direct effect) is influenced by the different groups citizens belong to. Griffiths refers to these groups using the concept coined by Sally Moore (1971) ‘semi-autonomous social fields’. Although Griffiths never formulated hypotheses regarding the relation between SASFs and direct effects, the article explores two of them: If the relevant SASFs accept the new norm, direct effects will occur; and if the relevant SASFs are not ‘though’ (and don’t accept the new norm) direct effects will occur. These two hypotheses are related to the results of smoking bans in bars in the Netherlands. The acceptance of the smoking bans in bars is low. The thoughness of the SASFs in bars and their organization differ in time and so did the compliance with the smoking bans. Because this article is not based on research that depart from the hypotheses, further research based on the hypotheses is needed to draw firm conclusions. The article is rounded up with a plea to use Griffiths approach in impact assessments of legislation.


Heleen Weyers
Heleen Weyers studeerde filosofie en geschiedenis en startte in 1995 haar promotietraject bij John Griffiths. Dat resulteerde in het boek Euthanasie: het proces van rechtsverandering (2002) en een aanstelling als universitair docent bij de Vakgroep Rechtstheorie van de Rijksuniversiteit Groningen. Samen met John (en anderen) schreef/redigeerde ze Euthanasia and Law in the Netherlands (1998) en Euthanasia and Law in Europe (2008) en verzorgde ze de vierde editie van het leerboek De sociale werking van recht. Een kennismaking met de rechtssociologie en rechtsantropologie (2005). Zij heeft zich sedert 2002 niet alleen beziggehouden met de totstandkoming van wetgeving, maar ook met de relatie tussen de totstandkoming en de effectiviteit van rechtsregels.
Uit het veld

Toezicht en wetenschap balanceren

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden toezicht, wetenschap, randomized controlled trial, AFM, dilemma’s
Auteurs Wilte Zijlstra
Auteursinformatie

Wilte Zijlstra
Dr. W.G. Zijlstra is toezichthouder bij de Autoriteit Financiële Markten, Team Consumentengedrag, Expertisecentrum,
Artikel

Access_open Van Middelburg tot Almelo. Het hoe en waarom van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie door Nederlandse lagere rechters

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Prejudiciële procedure, Hof van Justitie van de Europese Unie, Nationale rechters, Motieven om te verwijzen, rechtspolitiek
Auteurs Dr. Jasper Krommendijk LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft baanbrekende uitspraken gedaan, vooral als gevolg van prejudiciële vragen van nationale rechters op grond van art. 267 VWEU. Het zijn vooral niet-verwijzingsplichtige lagere rechters geweest die voor deze aanvoer hebben gezorgd. Dit artikel onderzoekt hoe dit kan worden verklaard en kijkt naar de motieven van Nederlandse lagere rechters om al dan niet prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ. Het doet dit op basis van interviews met 22 rechters en een uitgebreide juridische analyse van uitspraken. Dit artikel toont aan dat met name pragmatische en praktische overwegingen een rol spelen bij het besluit om te verwijzen. Daarnaast laat dit artikel zien dat er meer verschillen zijn binnen een lidstaat dan tussen lidstaten onderling, met name tussen gerechtelijke instanties en individuele rechters.

    The Court of Justice of the European Union has rendered landmark cases, especially following references for a preliminary ruling from national courts on the basis of Art. 267 TFEU. Primarily lower courts that are not obliged to refer have been responsible for such cases. This article examines how these references of lower courts can be explained by focusing on the motives of the Dutch lower court judges to refer, or not to refer. It does so on the basis of interviews with 22 judges and an extensive legal analysis of judgments. This article shows that practical and pragmatic considerations play an important role in the court’s decision to refer. In addition, there are more differences within one Member States than between EU Member States, especially between particular courts and individual judges.


Dr. Jasper Krommendijk LLM
Jasper Krommendijk is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit.
Artikel

Moral entrepreneurs in de 21ste eeuw

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Moral entrepreneurs, Becker, Discourse, Crusading reformer, Symbolic interactionism
Auteurs Dr. Olga Petintseva en Prof. Tom Decorte
SamenvattingAuteursinformatie

    In the introductory article of this special issue on ‘moral entrepreneurs’ in the 21st century, we situate different notions of moral entrepreneurship. Particularly foregrounding Howard Becker’s definition, we discuss its origins and use in subsequent research. The question that we’ve put forward in the ‘call for papers’ for this special issue is to what extent the notion is relevant in contemporary research and who is considered as ‘moral entrepreneur’. The research papers discuss ‘entrepreneurial’ practices of university ethic commissions, medical professionals, police officers and the leaders of cannabis social clubs. We conclude that the underlying rationales and discourses of moral entrepreneurs that the authors identify, reflect contemporary neoliberal ideals.


Dr. Olga Petintseva
Olga Petintseva Postdoctorale onderzoeker FWO Vlaanderen, Universiteit Gent – Vrije Universiteit Brussel olga.petintseva@ugent.be

Prof. Tom Decorte
Tom Decorte Professor criminologie, Universiteit Gent tom.decorte@ugent.be
Artikel

De codificatie van gedragsnormen in het Nederlands rechtspersonenrecht: een gewenste ontwikkeling?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2018
Trefwoorden gedragsnormen, bestuurders, directors’ duties, zorgvuldigheidsplicht, artikel 2:9 BW
Auteurs L. Thomae LLM en H. Koster LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beantwoorden de auteurs de vraag of het wenselijk is om de (algemene) gedragsnormen die onder meer voortvloeien uit de jurisprudentie in Boek 2 BW te codificeren. Voor de beantwoording van deze vraag zullen onder meer de gedragsnormen uit de Companies Act 2006 aan de orde komen.


L. Thomae LLM
L. Thomae LLM is student International Management aan de Radboud Universiteit.

H. Koster LLM
H. Koster LLM is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Wetenschap en praktijk

Wettelijke bedenktijd en beschermingsconstructies, de wereld op zijn kop!

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2018
Trefwoorden wettelijke bedenktijd, beschermingsmaatregelen, responstijd, beursvennootschap, Aandeelhoudersrichtlijn
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder en Mr. R.P. Schrooten
SamenvattingAuteursinformatie

    Het regeerakkoord van het huidige kabinet bevat het voornemen om ten aanzien van Nederlandse beursgenoteerde vennootschappen een wettelijke ‘bedenktijd’ in te voeren. Een beursgenoteerde vennootschap die op de algemene vergadering wordt geconfronteerd met voorstellen voor een fundamentele strategiewijziging zou een bedenktijd van maximaal 250 dagen moeten kunnen inroepen. Deze bijdrage formuleert een antwoord op de volgende twee vragen ten aanzien van de voorgenomen bedenktijd:

    1. Is deze juridisch toelaatbaar tegen de achtergrond van de Aandeelhoudersrichtlijn en de overige Europese regelgeving?

    2. Is deze praktisch wenselijk gezien de bij buitenlandse investeerders gewekte verwachtingen en de bestaande mogelijkheden tot bescherming van Nederlandse beursvennootschappen?


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. (Wilco) Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor, en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

Mr. R.P. Schrooten
Mr. R.P. (Rob) Schrooten is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Wetenschap

Het trustkantoor als bestuurder en ‘omgaan’ in het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht (HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:470)

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2018
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, taakverdeling, stelplicht, collegialiteitsbeginsel, bewaarnemingsrol
Auteurs Mr. dr. W.A. Westenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage vervolgt de auteur zijn kritiek op de rechtspraak van de Hoge Raad over het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht, nu naar aanleiding van een recent arrest waarin een trustbestuurder door derden werd aangesproken. De auteur constateert dat te veel gewicht is toegekend aan de taakverdeling binnen het bestuur en dat de stelplicht die bij externe bestuurdersaansprakelijkheid zou moeten gelden, is miskend. Daarnaast laat de auteur zien dat bij de beoordeling van externe aansprakelijkheid van bestuurders van buitenlandse rechtspersonen tevens dient te worden gekeken naar de wettelijke normen die volgens het recht van die buitenlandse rechtspersonen op bestuurders rusten.


Mr. dr. W.A. Westenbroek
Mr. dr. W.A. (Winand) Westenbroek is advocaat bij Westlegal te Amsterdam en tevens verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Grensoverschrijdende fraudebestrijding?

De interpretatie van artikel 225 Sr als Nederlandse variant van de Amerikaanse books and records provisions

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Valsheid in geschrift, fraudebestrijding, books and records, FCPA, toerekening
Auteurs Mr. T. Walter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt gesteld dat het Openbaar Ministerie in grote corruptiezaken een interpretatie geeft aan valsheid in geschrift, die gebaseerd lijkt te zijn op de Amerikaanse books and records provisions. Het Nederlandse strafbare feit valsheid in geschrifte en de books and records provisions worden in deze bijdrage met elkaar vergeleken, en er wordt geconcludeerd dat valsheid in geschrift, in het bijzonder valsheid van bedrijfsadministratie, een aanzienlijk beperktere reikwijdte heeft dan de books and records provisions. De interpretatie die het Openbaar Ministerie aan valsheid in geschrift lijkt te hebben gegeven in recente fraudezaken, dient dan ook met enige argwaan te worden beschouwd.


Mr. T. Walter
Mr. T Walter is advocaat-stagiair bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Amsterdam.
Kroniek

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Artikel

Vereenzelviging?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2018
Trefwoorden vereenzelviging, onrechtmatige daad, Rainbow-arrest, doorbraak van aansprakelijkheid, directe doorbraak
Auteurs Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op de rechtsfiguur vereenzelviging. In de rechtspraak en literatuur heeft de nodige discussie plaatsgevonden over de vraag wanneer nu precies sprake is van vereenzelviging. In deze bijdrage gaat de auteur in op deze discussie, brengt enkele nieuwe gezichtspunten naar voren en zet uiteen wat zijn visie is.


Mr. H. Koster
Mr. H. Koster is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Access_open De organisatie van het ziekenhuis: integratieproces of Echternach-processie?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden belangenverstrengeling, bestuur en toezicht, executive committee, governance, Governance Code Zorg 2017
Auteurs Prof. mr. L.G.H.J. Houwen
SamenvattingAuteursinformatie

    De integrale bekostiging van ziekenhuizen heeft geresulteerd in de vorming van grootschalige Medisch Specialistische Bedrijven (MSB’s). Voor de verhoudingen binnen de medische staf biedt dit nieuwe samenwerkingsmodel kansrijke perspectieven. In de relatie met het ziekenhuisbestuur manifesteren zich daarentegen hardnekkige governancedilemma’s, namelijk: (i) een meerledige overlegstructuur met de medische staf; (ii) een meervoudige besturing van het ziekenhuis; en (iii) een kwetsbare positionering van de raad van toezicht. Voor een meer evenwichtige en toekomstbestendige governancestructuur wordt, tegen de achtergrond van de actuele ontwikkelingen in de curatieve sector, een verdergaande integratie van medisch specialisten in een gemeenschappelijke ziekenhuisorganisatie bepleit. Naast vormen van werknemersparticipatie of hybride participatiemodellen komt daarvoor met name een coöperatieve ondernemingsvorm in aanmerking die zich dan verder kan doorontwikkelen tot een regionale medische netwerkorganisatie.


Prof. mr. L.G.H.J. Houwen
Louis Houwen is bijzonder hoogleraar privaat-publiek ondernemingsrecht Tilburg University, Tias, School for Business and Society en advocaat bij Dirkzwager advocaten & notarissen te Nijmegen.
Artikel

Aansprakelijkheid voor drones

Technologische ontwikkelingen en de toepasbaarheid van het aansprakelijkheidsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden drones, onbemande luchtvaartuigen, privacy, productaansprakelijkheid, innovatie
Auteurs Mr. dr. ir. B.H.M. Custers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht is toegerust op toenemende autonomie van drones en verdergaande miniaturisering in dronetechnologie. Na korte uitleg van relevante luchtvaartwetgeving voor dronegebruik wordt ingegaan op de onrechtmatige daad en productaansprakelijkheid. Daarna wordt besproken in hoeverre het huidige stelsel van aansprakelijkheid aanpassing behoeft.


Mr. dr. ir. B.H.M. Custers
Mr. dr. ir. B.H.M. Custers is associate professor en onderzoeksdirecteur bij eLaw, het centrum voor recht en digitale technologie aan de juridische faculteit van de Universiteit Leiden.
Artikel

AVG en ontslag

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Privacy, Ontslag, Arbeidsverhouding, Normenkader
Auteurs mr. Karolina Dorenbos
SamenvattingAuteursinformatie

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming bevat voor werkgevers strengere regels voor rechtmatige verwerking van werknemersgegevens; en voor werknemers meer waarborgen omtrent de bescherming van hun persoonsgegevens.
    Leidt de AVG – naast meer verantwoording en transparantie ten aanzien van verwerking van werknemersgegevens in het kader van de arbeidsverhouding – tot nieuwe inzichten voor de bescherming van persoonsgegevens van werknemers bij ontslag?
    De auteur zet de huidige stand van de rechtspraak af tegen de strengere normen uit de AVG. Zij concludeert dat hoewel de materiële uitgangspunten voor de bescherming van persoonsgegevens onder de AVG grotendeels hetzelfde blijven, processuele vereisten uit de AVG nog moeten worden ingekleurd door het arbeidsrechtelijke normenkader van goed werkgever- en werknemerschap, de instructiebevoegdheid van de werkgever en de processuele regels omtrent ontbinding door de kantonrechter.


mr. Karolina Dorenbos
Advocaat en eigenaar van advocatenkantoor Human scale law te Heiloo
Uit het veld

Beoordeling van datamacht in het mededingingstoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2-3 2018
Auteurs Robert Stil, Douwe Meindertsma en Inge van der Linden
SamenvattingAuteursinformatie

    Het gebruik van data levert belangrijke voordelen voor ondernemingen en consumenten. Het roept echter ook de maatschappelijke vraag op of verzameling en gebruik van data kunnen leiden tot marktmacht (‘datamacht’). Het risico daarop wordt bepaald door: (1) het belang van data als input, (2) de beschikbaarheid en repliceerbaarheid van data, (3) het belang van schaal- en netwerkeffecten en (4) de concurrentiesituatie op de markt waarvoor data een input vormen. Het mededingingstoezicht beschikt over de instrumenten om in specifieke situaties het ontstaan van datamacht als gevolg van concentraties te voorkomen en misbruik van datamacht te beëindigen of te bestraffen. Tot nu toe hebben die situaties zich in de praktijk nog weinig voorgedaan.


Robert Stil
Drs. R. Stil is senior econoom bij de Autoriteit Consument & Markt (ACM).

Douwe Meindertsma
Mr. D.S. Meindertsma is jurist bij de ACM.

Inge van der Linden
Mr. I. van der Linden is jurist bij de ACM.
Toont 41 - 60 van 690 gevonden teksten
1 3 5 6 7 8 9 34 35
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.