Zoekresultaat: 97 artikelen

x
Artikel

Wetsvoorstel Afwikkeling massaschade in een collectieve actie: ontbrekende schakel of brug te ver?

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2015
Trefwoorden wetsvoorstel Afwikkeling massaschade, internetconsultatie, collectieve actie, strooischade, kritiek
Auteurs Mr. J.M.L. van Duin en Mr. R.S.I. Lawant
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt op hoofdlijnen (de belangrijkste kritiek op) het voorontwerp van het wetsvoorstel Afwikkeling massaschade in een collectieve actie besproken, dat op 7 juli 2014 in (internet)consultatie is gegeven. De collectieve schadevergoedingsactie is bedoeld als ontbrekende schakel (‘stok achter de deur’), maar de toegevoegde waarde hiervan is vooral zichtbaar in strooischadezaken. Met de voorgestelde procedure voor alle soorten schade is het voorontwerp een brug te ver, aldus de auteurs.


Mr. J.M.L. van Duin
Mw. mr. J.M.L. van Duin en Mw. mr. R.S.I. Lawant zijn beiden advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

Mr. R.S.I. Lawant
Artikel

Belgische consumenten-class action

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2015
Trefwoorden massaschade, class action, consumenten, België
Auteurs Dr. S. Voet
SamenvattingAuteursinformatie

    De Belgische wet van 28 maart 2014 voegde in het Wetboek van economisch recht een rechtsvordering tot collectief herstel (of class action) in. Deze bijdrage bespreekt dit nieuwe instrument, dat enkel van toepassing is op consumenten-massaschade. Vooreerst komen de drie ontvankelijkheidsvoorwaarden aan bod: de rechtsvordering moet een inbreuk betreffen op één of meerdere Belgische of Europese consumentenwetten, zij moet worden ingesteld door een geschikte groepsvertegenwoordiger (die enkel een vereniging kan zijn) en de rechtsvordering tot collectief herstel moet doelmatig zijn. Vervolgens wordt het facultatieve opt-in- of opt-out-systeem besproken. Tot slot wordt dieper ingegaan op de vier fases van de procedure: de ontvankelijkheidsfase, een verplichte onderhandelingsfase, de eventuele gegrondheidsfase en de uitvoeringsfase.


Dr. S. Voet
Dr. S. Voet is postdoctoraal onderzoeker van het FWO-Vlaanderen, Instituut voor Procesrecht, Universiteit Gent.
Artikel

Collectief schadeverhaal in Nederland: we zijn er bijna, maar nog niet helemaal

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 12 2014
Trefwoorden voorontwerp wetsvoorstel, massaschade, collectieve schadevergoedingsactie
Auteurs Mr. M.A.C. Stapel en Mr. T. Thuijs
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs het voorontwerp wetsvoorstel afwikkeling massaschade in een collectieve actie en gaan zij – vanuit het perspectief van de schadeveroorzakende partij – kritisch in op enkele elementen van dit voorontwerp.


Mr. M.A.C. Stapel
Mr. M.A.C. Stapel is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. T. Thuijs
Mr. T. Thuijs is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Cessie als instrument ter afwikkeling van massaschadezaken: in strijd met de openbare orde en goede zeden?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2014
Trefwoorden collectief verhaal, cessie, openbare orde en goede zeden, proceskostenrisico, proceskostenzekerheid
Auteurs Mr. I. Tillema
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Landgericht Düsseldorf heeft onlangs in een kartelschadezaak een halt toegeroepen aan de cessie ter bundeling van massaschadeclaims. In het licht van enkele vergelijkbare, nog lopende procedures in Nederland en tegen de achtergrond van de nationale en Europese ontwikkelingen op het gebied van collectief verhaal staat de auteur stil bij de vraag of de Nederlandse rechter tot eenzelfde conclusie zou komen als de Duitse rechter.


Mr. I. Tillema
Mr. I. Tillema is promovenda aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Het csqn-verband in het financiële aansprakelijkheidsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2014
Trefwoorden causaal verband, prospectusaansprakelijkheid, effectenlease, zorgplicht, massaschade
Auteurs Mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft voor massaschadegevallen als prospectusaansprakelijkheid en effectenlease het uitgangspunt van de aanwezigheid van het csqn-verband geformuleerd. In individuele geschillen bestaat geen behoefte om te werken met dat ‘uitgangspunt’, maar is wel sprake van een wisselwerking tussen de eisen die aan de zorgplicht worden gesteld en het aannemen van csqn-verband.


Mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk
Mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam en redacteur van MvV.
Artikel

Naar een transparante markt voor mobiele telefonie?

Annotatie bij HR 13 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1385, RvdW 2014/811

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2014
Trefwoorden consumentenkrediet, uitleg, (partiële) nietigheid, onverschuldigde betaling, privaatrechtelijke handhaving
Auteurs Mr. M.R. Hebly
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens de Hoge Raad kwalificeren telefoonabonnementen waarbij aan consumenten een ‘gratis’ telefoon wordt verstrekt, in beginsel als koop op afbetaling en als krediettransacties/kredietovereenkomsten; strijd met de toepasselijke regelgeving leidt tot vernietigbaarheid. Duidelijk is dat deze ‘verhulde’ afbetalingsconstructie niet is toegestaan, en vragen rijzen ten aanzien van de reeds afgesloten contracten.


Mr. M.R. Hebly
Mr. M.R. Hebly is als promovendus verbonden aan de sectie burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De Richtlijn betreffende schadevergoedingsacties wegens inbreuken op de mededingingsregels

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2014
Trefwoorden wetgeving, Richtlijn, civiele handhaving, mededingingsrecht
Auteurs Mr. Edmon Oude Elferink en Mr. Bram Braat
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 april 2014 heeft het Europees Parlement de Richtlijn betreffende bepaalde regels voor schadevorderingen volgens nationaal recht wegens inbreuken op de bepalingen van het mededingingsrecht van de lidstaten en van de Europese Unie aangenomen (Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 april 2014 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende bepaalde regels voor schadevorderingen volgens nationaal recht wegens inbreuken op de bepalingen van het mededingingsrecht van de lidstaten en van de Europese Unie, A7-0089/2014). Deze richtlijn brengt met zich dat de lidstaten dienen te waarborgen dat het verhaal van schade in verband met schending van het kartelverbod en het verbod van misbruik van economische machtspositie wordt gefaciliteerd. In dit artikel wordt enerzijds een toelichting gegeven op de totstandkoming van de richtlijn en anderzijds besproken welke wetswijzigingen, if any, de Nederlandse wetgever dient door te voeren teneinde aan de verplichtingen uit hoofde van de richtlijn te voldoen.
    Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 april 2014 over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende bepaalde regels voor schadevorderingen volgens nationaal recht wegens inbreuken op de bepalingen van het mededingingsrecht van de lidstaten en van de Europese Unie, A7-0089/2014.


Mr. Edmon Oude Elferink
Mr. E. (Edmon) Oude Elferink is advocaat bij CMS.

Mr. Bram Braat
Mr. B. (Bram) Braat is advocaat bij CMS en tevens promovendus aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De relatieve zwaarte van wederzijdse verantwoordelijkheid voor teleurstellende effectenleaseresultaten

Over schadedeling wegens eigen schuld in effectenleasezaken

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Effectenlease, eigen schuld, artikel 6:101 BW, Verdelingsmaatstaf, Veroorzakingswaarschijnlijkheid, (pre)contractuele zorgplicht, Onderzoeksplicht
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. A. Van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Avonturen in de effectenlease liepen slecht af als gevolg van een samenloop van omstandigheden, waaronder een te gretig winstoogmerk aan de zijde van de financiële aanbieder en een te grote lichtvaardigheid aan de zijde van de afnemende consument. In deze bijdrage wordt de (inmiddels gestandaardiseerde) schadedeling onder de loep genomen die in de rechtspraak is gevolgd op de erkenning van de wederzijdse verantwoordelijkheid in dezen.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en in dit verband verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law, alsook aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe. Zij is tevens parttime raadsheer bij het Gerechtshof te Amsterdam. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. A. Van Onna
Mr. A. van Onna is advocaat bij Holland van Gijzen Advocaten en Notarissen te Utrecht. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Handhaven en balanceren: een tussenstand van privaatrechtelijke handhaving in Europa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2013
Trefwoorden privaatrechtelijke handhaving, collectief verhaal, kartelschade, richtlijnvoorstel, aanbeveling
Auteurs Prof. mr. I.N. Tzankova, Mr. M.J. Plomp en Mr. T. Raats
SamenvattingAuteursinformatie

    Na een jarenlange politieke strijd heeft de Europese Commissie in het voorjaar van 2013 een pakket aan maatregelen gepubliceerd waarmee zij beoogt het verhaal van schade als gevolg van inbreuken op het mededingingsrecht te faciliteren. In dit artikel gaan wij in op de achtergrond en inhoud van het pakket van maatregelen. Centraal staat de vraag of de Europese Commissie haar doelstellingen met het voorliggende pakket zal bereiken en welke gevolgen de praktijk kan verwachten naar aanleiding van de voorgestelde maatregelen.


Prof. mr. I.N. Tzankova
Prof. mr. I.N. Tzankova is advocaat bij BarentsKrans advocaten en notarissen en daarnaast hoogleraar massaschade aan Tilburg University.

Mr. M.J. Plomp
Mr. M.J. Plomp is advocaat bij BarentsKrans advocaten en notarissen, zij treedt per 1 januari 2014 in dienst bij Heineken.

Mr. T. Raats
Mr. T. Raats is advocaat bij BarentsKrans advocaten en notarissen.

    Alternative Dispute Resolution (ADR) and Online Dispute Resolution (ODR) are on the rise in Europe and different Member States. In May 2013, the European Parliament and Council adopted an ADR Directive (n 2013/11) and ODR Regulation (n 524/2013) that will bring major changes in the European and national ADR landscapes. Both instruments are analyzed in this article. On the other hand, attention is also paid to the Belgian ODR-platform Belmed, that was created in 2011 and facilitates Belgian consumers to make an online ADR application. Finally, a plea is made for the exchange of data between ODR-platforms and national regulators, as a means to detect mass cases.


Stefaan Voet
Stefaan Voet is doctor-assistent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Gent en advocaat bij de balie Brugge.

Mr. M.I. Hazelhorst
Monique Hazelhorst is promovenda aan de Erasmus School of Law.

Prof. mr. X.E. Kramer
Xandra Kramer is hoogleraar aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Schikkingsperikelen bij hoofdelijke verbondenheid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden hoofdelijke verbondenheid, schikking, schuldvernieuwing, schuldwijziging, afstand van een vorderingsrecht
Auteurs Mr. H.M. van Kessel
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij een schikking met een schuldeiser wordt een hoofdelijke schuldenaar in beginsel niet bevrijd van regresaanspraken. In deze bijdrage worden de consequenties van dit uitgangspunt besproken. De auteur laat zien hoe volledige kwijting van de hoofdelijke schuldenaar, inclusief bevrijding van regresaanspraken, desondanks kan worden gerealiseerd.


Mr. H.M. van Kessel
Mr. H.M. van Kessel is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Collectieve acties in het algemeen en de WCAM in het bijzonder

Verslag van de voorjaarsvergadering van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht 2012

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2013
Trefwoorden WCAM, collectieve actie, art. 3:305a BW, nadeelcompensatie, motie Dijksma
Auteurs Mr. J.H. van Dam-Lely en Mr. A.N.L. de Hoogh
SamenvattingAuteursinformatie

    Verslag van de voorjaarsvergadering 2012 van de Nederlandse Vereniging van Procesrecht over ‘Collectieve acties in het algemeen en de WCAM in het bijzonder’. In drie inleidingen wordt achtereenvolgens aandacht besteed aan (1) de toepassing van de WCAM vanuit het perspectief van de rol en de taak van de rechter, (2) knelpunten rond de oproeping en aankondiging als bedoeld in art. 1013 lid 5 en 1017 lid 3 Rv en de vraag of het verbod van art. 3:305a BW zou moeten worden afgeschaft (motie Dijksma), en (3) de afwikkeling van massaschade in het bestuursrecht, in het bijzonder door nadeelcompensatie.


Mr. J.H. van Dam-Lely
Mr. J.H. van Dam-Lely is werkzaam als wetenschappelijk docent aan de Erasmus School of Law, sectie burgerlijk recht.

Mr. A.N.L. de Hoogh
Mr. A.N.L. de Hoogh is werkzaam als wetenschappelijk docent aan de Erasmus School of Law, sectie burgerlijk recht.
Artikel

Collectieve afwikkeling van massaschade in faillissement

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2012
Trefwoorden DSB, collectieve afwikkeling van massaschade, faillissement, verificatieprocedure, WCAM-procedure
Auteurs Mr. drs. J.W.A. Biemans
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het DSB-faillissement beoogt wetsvoorstel 33 126 (onder meer) de collectieve afwikkeling van massaschade in faillissement te vergemakkelijken door kort gezegd de verificatieprocedure in faillissement te vervangen door de WCAM-procedure. Naast een bespreking van de voorgestelde regeling bevat de bijdrage enkele aanbevelingen voor de wetgever.


Mr. drs. J.W.A. Biemans
Mr. drs. J.W.A. Biemans is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Massaschadeafwikkeling door een Belgische bril

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Massaschade, class action, België
Auteurs Dr. mr. S. Voet
SamenvattingAuteursinformatie

    Massaschadeafwikkeling door een Belgische bril door dr. mr. Stefaan VoetNaar aanleiding van het voornemen van de Belgische minister van Consumentenzaken om een class action in het leven te roepen, worden in deze bijdrage vier bouwstenen besproken die nakende debat kunnen sturen. Vooreerst wordt verdedigd dat een class action moet worden ingesteld door een “ideological plaintiff”. Vervolgens wordt aandacht besteed aan de vraag hoe de groepsleden van de procedure in kennis moeten worden gesteld, waarbij het begrijpelijk karakter van die kennisgeving wordt benadrukt. Daarnaast wordt verdedigd dat opt-out de regel moet zijn, en opt-in de uitzondering. Tot slot wordt de rol van de rechter als actieve casemanager besproken.


Dr. mr. S. Voet
Dr. mr. S. Voet is verbonden aan het Instituut voor Procesrecht van de Universiteit Gent en werkzaam als advocaat aan de balie van Brugge.
Jurisprudentie

Collectieve actie/massaschade

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden ADR, class action, class arbitration
Auteurs Prof. mr. E. Hondius
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek signaleert enige nieuwe uitgaven en een drietal congressen op het gebied van class actions. De boeken zijn de Gentse dissertatie van Stefaan Voet, een bundel over de rechtseconomische aspecten van class actions onder redactie van Jürgen Backhaus, Alberto Cassone en Giovanni Ramello, en het boek Mass justice onder redactie van Jenny Steele en Willem van Boom. Deze zomer waren aan dit onderwerp in ons land voorts drie bijeenkomsten gewijd: een vergadering van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht te Amsterdam, een workshop aan het Netherlands Institute for Advanced Studies te Wassenaar en een inaugurele rede aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Uit een rede van de eurocommissaris voor Justitie kan evenwel worden afgeleid dat er op Europees niveau thans geen class action zal komen.


Prof. mr. E. Hondius
Mr. E. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De Nederlandse privaatrechtswetenschap en de wetgever (1992-2012)

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Burgerlijk Wetboek, horizontale codificatie, sectorale wetgeving, privaatrecht, burgerlijk procesrecht
Auteurs Prof. dr. W.H. van Boom
SamenvattingAuteursinformatie

    In 1992 werd het nieuwe vermogensrecht gecodificeerd in het nieuwe BW. Dat was een hoogtijdag in de verhouding tussen wetgever en privaatrechtswetenschappers. Maar hoe is het daarna gegaan? Hebben academici een rol van betekenis behouden in het wetgevingsproces? Het beeld is gemengd, zo is de indruk van de auteur. Het privaatrecht is om verschillende redenen een minder belangrijk object van wetgeving geworden. Zo is een aantal rechtsgebieden functioneel afgescheiden geraakt en veelal gereguleerd in sectorale regelingen. Bovendien is de rol van academici in het wetgevingsproces wisselend gebleken – dat heeft te maken met de dynamiek van wetgeving, maar ook met de ambivalenties van het wetenschapsbedrijf. De invloed van de privaatrechtswetenschap op het huidige wetgevingsgebeuren is veelal zeer indirect, zeker waar het grootse academische vergezichten en voorstellen voor radicale veranderingen betreft.


Prof. dr. W.H. van Boom
Prof. dr. W.H. van Boom is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en hoogleraar recht aan de Durham Law School in Engeland.
Column

Schikken, slikken of strikken?

De Europese ontwerpregelgeving voor ADR in consumentengeschillen

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2012
Trefwoorden ADR in consumentengeschillen, Online dispute resolution, Europese ontwerpregelgeving, Consumer ADR, ODR, EU legislative proposals
Auteurs Rob Jagtenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution discusses the EU Commission proposals for a directive on Consumer ADR and a Regulation on consumer ODR. The directive compels member state to cater for complete coverage of all contractual consumer disputes (whether domestic or cross-border) by ADR entities that meet certain quality requirements and to actively make these facilities known. The proposed regulation introduces an EU-wide single ODR platform that will transfer consumer complaints to the appropriate national entity. European comparative research suggests the business community’s initial reluctance to (co-)finance such external extra-judicial dispute reolution schemes (deploying quasi-arbitration or mediation) may be overcome in either of two ways: through the prospect of introducing EU collective consumer redress before the courts instead, or by convincing business of ADR’s use as an additional marketing feedback tool. Some open questions that remain are highlighted.


Rob Jagtenberg
Mr. dr. Rob Jagtenberg verricht vergelijkend onderzoek naar mediation en conflictmanagement in Europa.
Artikel

Een nieuwe procesvorm: het stellen van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad (art. 392-394 nieuw Rv)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Prejudiciële vraag, Hoge Raad, Rechtsvraag, Prejudiciële procedure, Nieuwe procesvorm
Auteurs Mr. M.M. Stolp en Mr. J.F. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 juli a.s. wordt het voor de rechter mogelijk een rechtsvraag, die ook in vele andere vergelijkbare zaken speelt, aan de Hoge Raad voor te leggen onder aanhouding van de zaak. In deze bijdrage wordt de nieuwe prejudiciële procedure in vogelvlucht besproken.


Mr. M.M. Stolp
Mr. M.M. Stolp is advocaat in Amsterdam en maakt deel uit van het Team Cassatie van Houthoff Buruma.

Mr. J.F. de Groot
Mr. J.F. de Groot is advocaat in Amsterdam en maakt deel uit van het Team Cassatie van Houthoff Buruma.
Toont 41 - 60 van 97 gevonden teksten
1 3 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.