Zoekresultaat: 109 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2014 x Rubriek Case Law x

    The European Court of Human Rights has accepted the French ban on the wearing of a full face veil (burqa) in public based on the notion of ‘living together,’ which in the particular case of France is considered an essential part of the protection of the rights and freedoms of others.
    In the author’s view, this ruling is problematic as it elevates local – in this case French – customs of the majority to a legal norm. The law is to protect general freedoms, including the freedom to be different from the majority; the law is not to protect certain majority customs. Prescribing what is or is not culturally suitable may be expected from a theocracy or dictatorship, but is not what a legislator in a democratic society should do.


Prof. dr. mr. Maurits Berger
Prof. dr. mr. M.S. Berger is hoogleraar Islam in het hedendaagse Westen aan de Universiteit Leiden. Hij is hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Jurisprudentie

Samsung en Motorola: controversiële duidelijkheid in FRAND-zaken

Besluiten van de Commissie van 29 april 2014, zaken AT.39985 en AT.39939

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2014
Trefwoorden Samsung, Motorola, FRAND, standaard essentiële octrooien, misbruik van machtspositie
Auteurs Mr. Pepijn van Ginneken en Mr. Peyma Sholeh
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 29 april 2014 heeft de Europese Commissie twee besluiten genomen in de zaken Motorola en Samsung. Samsung en Motorola hebben volgens de Europese Commissie misbruik gemaakt van hun machtspositie door gerechtelijke procedures te starten tegen Apple. Beide partijen hadden zich ertoe verplicht de door hun gehouden standaard essentiële octrooien aan te bieden op FRAND-voorwaarden en Apple was bereid de licentie te nemen tegen FRAND-voorwaarden. De Commissie heeft met deze besluiten de omstandigheden waaronder de gedragingen van SEP-houders misbruik kunnen vormen uiteengezet. In deze annotatie worden de twee meest controversiële en interessante onderdelen uit deze besluiten besproken.


Mr. Pepijn van Ginneken
Mr. P.P.J. van Ginneken is advocaat bij Brinkhof N.V. in Amsterdam.

Mr. Peyma Sholeh
Mr. G.P. Sholeh is advocaat bij Brinkhof N.V. in Amsterdam.
Jurisprudentie

Prijsvorming onder de paraplu van het kartel: aansprakelijkheid van karteldeelnemers voor schade door ‘ umbrella pricing’?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2014
Trefwoorden Kartelschade, umbrella-effecten, umbrella pricing, schadevergoeding, private handhaving
Auteurs Mr. Rogier Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 5 juni 2014 heeft het Hof van Justitie zich uitgelaten over schadevergoeding in verband met umbrella-effecten. Het gaat daarbij om schade die wordt geleden door afnemers van producenten die niet hebben deelgenomen aan het kartel maar die hun prijzen als gevolg van het kartel op een hoger niveau hebben vastgesteld dan zonder dit kartel het geval zou zijn geweest. Naar Oostenrijks recht is verhaal van dit type schade niet mogelijk. Het Hof van Justitie overweegt dat deze categorische uitsluiting van de mogelijkheid tot schadevergoeding niet is toegestaan.


Mr. Rogier Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER advocaten en als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Brink’s Nederland B.V. – Geldservice Nederland B.V.

ACM-Besluit op bezwaar d.d. 3 juli 2014, zaak 7512, inzake het bezwaarschrift van Brink’s Nederland B.V. tegen het besluit van ACM van 3 juni 2013 tot afwijzing van de aanvraag om toepassing van artikel 56 lid 1 Mw

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2014
Trefwoorden ACM, mededingingsbeperkend, Brink’s geldtransport, artikel 6 en 24 Mw
Auteurs Mr. Cees Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak gaat de ACM naar aanleiding van een klacht van geldtransporteur Brink’s na of een samenwerking door ABNAMRO, ING en Rabobank op het gebied van geldverwerking en (de inkoop van) geldtransport in strijd is met artikel 6 en 24 Mw en 101 en 102 VWEU. Daar waar in het primaire besluit nog werd uitgegaan van een mededingingsbeperkende overeenkomst voor wat betreft de samenwerking op het gebied van de inkoop van geldtransport, maar deze volgens de ACM voldeed aan de criteria van artikel 6, lid 3, Mw, oordeelt de ACM in het besluit op bezwaar dat ook dit deel van de samenwerking niet mededingingsbeperkend is. Het besluit op bezwaar bevat een aantal belangwekkende oordelen, waar de auteur kanttekeningen bij plaatst.


Mr. Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh en redacteur van dit tijdschrift.

    Art. 8 Kwaliteitswet zorginstellingen; bevel IGZ; besluit tot verlenging; onvoldoende gemotiveerd

    Art. 10 lid 2 sub d, e en g Wob; art. 7 lid 3 Kwzi; openbaarmaking; weigering Wob-verzoek; beroepsgeheim; IGZ

    Toelatingsovereenkomst; onrechtmatige daad; leer van de kansschade

    Verpleegkundige; voorbehouden handelingen; art. 36 Wet BIG; onjuiste behandeling/verkeerde diagnose; berisping

    Publicatie over lopende tuchtprocedure; art. 47 lid 1 onder b Wet BIG; reikwijdte tweede tuchtnorm

    Aansprakelijkheidsverzekeraar; uitzonderingsbepaling art. 2 en/of 43 Wbp; onvoldoende onderbouwing

    Zorgverzekering; hinderpaal-criterium; art. 13 Zorgverzekeringswet; vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg, vrije artsenkeuze

Jurisprudentie

Landelijke Huisartsen Vereniging

Annotatie van zaak 6888_1/510, LHV. Beslissing op bezwaar van de Autoriteit Consument & Markt d.d. 3 februari 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden gezondheidszorg, besluit ondernemingsvereniging, doelbeperking, uitzondering artikel 6 lid 3 Mw, feitelijk leidinggevenden
Auteurs mr. dr. Marc Wiggers, mr. Robin Struijlaart en mr. Joris Ruigewaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze annotatie van het besluit op bezwaar van ACM in de zaak LHV biedt een samenvatting van het besluit, alsmede een kritische analyse van de belangrijkste overwegingen van ACM. In het besluit op bezwaar blijft ACM van oordeel dat de LHV het kartelverbod heeft overtreden door haar leden te adviseren de toetreding van nieuwe huisartsen periodiek te evalueren en om toetreders te selecteren op basis van een sollicitatieprocedure. De auteurs komen tot de conclusie dat er kanttekeningen te plaatsen zijn bij het besluit op bezwaar van ACM. Volgens de auteurs komt ACM te gemakkelijk tot de conclusie dat sprake is van naleving door de leden van de LHV van de aanbevelingen, dat de aanbevelingen een doelbeperking vormen en dat de aanbevelingen niet uitgezonderd zijn van het kartelverbod op grond van artikel 6 lid 3 Mw.


mr. dr. Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Joris Ruigewaard
Mr. J. Ruigewaard is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.
Jurisprudentie

‘Aan een boom zo vol geladen …’

De uitspraak van het College in de Boomkwekerijen-zaak, een belangwekkende tussenstand in het Nederlandse kartelrecht. Annotatie bij CBb 10 april 2014, AWB 10/828, AWB 10/829 en CBb 10 april 2014, AWB 10/830 (Boomkwekerijen)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden kartelzaak, ambtshalve toepassing artikel 101 VWEU, toepassing bagatelvrijstelling, systeeminbreuk, verval van sanctiebevoegdheid
Auteurs Mr. Winfred Knibbeler en mr. Alvaro Pliego Selie
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Boomkwekerijen-zaak oordeelt het College dat ACM in de sanctiefase nog stukken aan het dossier mag toevoegen indien deze door bij het kartel betrokken ondernemingen worden ingediend. Een oordeel over de ambtshalve toepassing van artikel 101 VWEU wordt vermeden door te oordelen dat het kartel geen interstatelijk effect had. Het College aanvaardt de niet-toepasselijkheid van de bagatelbepaling, zonder duidelijke bewijs- of motiveringsregels te formuleren. Ofschoon het College een systeeminbreuk als bewezen verklaart, stelt het niettemin hoge eisen aan het bewijs van de duur van deze inbreuk. Deze benadering staat op gespannen voet met de Europese rechtspraak.1xCBb 10 april 2014, AWB 10/828 en AWB 10/829, ECLI:NL:CBB:2014:118 (Darthuizer) en CBb 10 april 2014, AWB 10/830, ECLI:NL:CBB:2014:119 (Van den Oever).

Noten


Mr. Winfred Knibbeler
Mr. W. Knibbeler is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.

mr. Alvaro Pliego Selie
Mr. A.A.J. Pliego Selie is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Arbeidsrecht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Auteurs Mr. Jan de Boer
Auteursinformatie

Mr. Jan de Boer
Mr. Jan Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof
Jurisprudentie

De Hoge Raad in civiele zaken uit het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Auteurs Dr. H.J. van Kooten en Dr. G.C.C. Lewin

Dr. H.J. van Kooten

Dr. G.C.C. Lewin
Jurisprudentie

Uitleg van een testamentaire bewindclausule

Bespreking van Hof Arnhem-Leeuwarden 16 mei 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:4123

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden uitleg testament, opheffing bewind door verwachter, peildata
Auteurs Prof. mr. B.E. Reinhartz
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt besproken hoe een bewindclausule op de verkrijging van de bezwaarde bij een tweetrapsmaking moet worden uitgelegd, die afwijkt van de wettelijke regeling. Daarna wordt beoordeeld of er reden is om het bewind op te heffen nu de rechthebbende intussen heeft laten zien verstandig met vermogen om te kunnen gaan.


Prof. mr. B.E. Reinhartz
Prof. mr. B.E. Reinhartz is hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

Voetangels en klemmen op de weg van de legitimaris

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden legitieme portie, cautio Socini, notarieel tuchtrecht
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Enkele recente markante uitspraken over de wettelijke regeling van de ‘legitieme portie’ worden onder de loep genomen.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Prof. mr. W.R. Meijer is hoogleraar privaatrecht aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2014
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Jurisprudentie

Uitleg van uiterste wilsbeschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden uiterste wilsbeschikkingen, uitleg, artikel 4:52 BW, artikel 4:46 BW
Auteurs Mr. A.J. Luimes
SamenvattingAuteursinformatie

    Het onderhavige artikel gaat over de uitleg van uiterste wilsbeschikkingen. Aan de hand van enkele recente uitspraken wordt inzicht geboden in de vraag wanneer een zuiver taalkundige uitleg van een uiterste wilsbeschikking wel of niet volstaat.


Mr. A.J. Luimes
Mr. A.J. Luimes is afgestudeerd in het Nederlands en notarieel recht.
Jurisprudentie

Landelijke Huisartsen Vereniging

Annotatie van zaak 6888_1/510, LHV. Beslissing op bezwaar van de Autoriteit Consument & Markt d.d. 3 februari 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden gezondheidszorg, besluit ondernemingsvereniging, doelbeperking, uitzondering artikel 6 lid 3 Mw, feitelijk leidinggevenden
Auteurs mr. dr. Marc Wiggers, mr. Robin Struijlaart en mr. Joris Ruigewaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze annotatie van het besluit op bezwaar van ACM in de zaak LHV biedt een samenvatting van het besluit, alsmede een kritische analyse van de belangrijkste overwegingen van ACM. In het besluit op bezwaar blijft ACM van oordeel dat de LHV het kartelverbod heeft overtreden door haar leden te adviseren de toetreding van nieuwe huisartsen periodiek te evalueren en om toetreders te selecteren op basis van een sollicitatieprocedure. De auteurs komen tot de conclusie dat er kanttekeningen te plaatsen zijn bij het besluit op bezwaar van ACM. Volgens de auteurs komt ACM te gemakkelijk tot de conclusie dat sprake is van naleving door de leden van de LHV van de aanbevelingen, dat de aanbevelingen een doelbeperking vormen en dat de aanbevelingen niet uitgezonderd zijn van het kartelverbod op grond van artikel 6 lid 3 Mw.


mr. dr. Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Joris Ruigewaard
Mr. J. Ruigewaard is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.
Toont 41 - 60 van 109 gevonden teksten
1 3 5 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.