Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 720 artikelen

x
Artikel

Naar een non-antropocentrische criminologie

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2018
Trefwoorden green criminology, non-anthropocentric criminology, environmental crime, speciesism, animal rights
Auteurs Dr. Daan van Uhm
SamenvattingAuteursinformatie

    Changing ecological conditions in a globalizing world pose new challenges for human societies. Global warming, large-scale pollution, deforestation and species extinction have increasingly become topics on the international agenda. Even though many of these harmful activities are criminogenic, criminology pays rather little attention to environmental crimes and harms.
    Therefore, this article discusses the anthropocentric perspective within criminology and argues that a non-anthropocentric criminology can lead to new theoretical insights.


Dr. Daan van Uhm
Dr. Daan van Uhm is als universitair docent verbonden aan de sectie criminologie van het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Artikel

Sla het brein niet in de boeien

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Detentie, Zelfregulatie, executieve functies, verarmde omgeving, Imprisonment, self-regulation, executive functions, impoverished environment
Auteurs Jesse Meijers, Prof. Joke M. Harte en Prof. Erik J.A. Scherder
SamenvattingAuteursinformatie

    Executive functions (EF) are higher order brain functions that are crucial for self-regulation, which may be negatively influenced by an impoverished environment. Since prison can be characterized as an impoverished environment, we studied whether EF and self-regulation decline during imprisonment. While EF are already often impaired in antisocial and criminal populations, we found a decline in attention and self-regulation after three months of imprisonment. We discuss the implications of our findings regarding recidivism and propose to aim for an improvement in executive functions during imprisonment, by enriching the prison environment.


Jesse Meijers
Jesse Meijers deed promotieonderzoek bij de afdeling Klinische Neuro- en Ontwikkelingspsychologie van de Vrije Universiteit en is thans werkzaam als neuropsycholoog in opleiding tot GZ-psycholoog in Justitieel Complex Zaanstad.

Prof. Joke M. Harte
Prof. Joke Harte is hoogleraar Criminologie bij de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit en lid van de redactie van PROCES.

Prof. Erik J.A. Scherder
Prof. Erik Scherder is hoogleraar Klinische neuropsychologie bij de afdeling Klinische Neuro- en Ontwikkelingspsychologie van de Vrije Universiteit.
Artikel

Psychische problemen tijdens detentie: een overzicht van kernresultaten uit het Prison Project

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2018
Trefwoorden mental health, prisoners, longitudinal, Geestelijke gezondheid, Gedetineerden, Longitudinaal
Auteurs Dr. A.J.E. Dirkzwager en Prof. dr. P. Nieuwbeerta
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution summarizes findings from the Prison Project on the longitudinal course of mental health problems during imprisonment. The findings illustrate that prisoners experience high levels of mental health problems. Shortly after their arrival in detention, a quarter of them experienced a high level of mental health problems, which is five times as high as men in the general population. Prisoners’ mental health problems decreased during imprisonment. Both characteristics of the correctional environment (e.g. a fair and respectful treatment by prison staff) and pre-existing characteristics of the prisoners (e.g. personality traits) are related to the course of mental health problems in detention.


Dr. A.J.E. Dirkzwager
Dr. Anja Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Prof. dr. P. Nieuwbeerta
Prof. dr. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Verstoorde veiligheidsbeleving

In gesprek met buurtbewoners over de ‘onveiligheid’ in hun buurt naar aanleiding van gestegen ‘gevoelens van onveiligheid’

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2017
Trefwoorden fear of crime, qualitative analysis, evidence based policy
Auteurs Remco Spithoven
SamenvattingAuteursinformatie

    The ‘fear of crime’ is a buzzword among citizens, media, politicians and professionals by now. But the phenomenon seems to be as intangible as it is important. The struggle of professionals with this concept is the result of a too wide and self-evident problem definition. This article contains an alternative approach. The focus is on disturbed fear of crime: a negatively changed and problematically experienced fear of crime on the level of the neighborhood.
    Through a review of the literature and previous research, we work towards this concept and apply it to the neighborhood of Kerckebosch in the municipality of Zeist in the Netherlands. As during 2014 the local quantitative indicators for ‘the fear of crime’ rose from 7% of the local population indicating to ‘sometimes feel unsafe’ to 22%, while the rest of the municipality remained quite stable. Additionally, several local professionals received complaints of multiple local inhabitants claiming to ‘feel unsafe’ in the neighborhood. Our research question was: What explanations for their ‘disturbed fear of crime’ do local inhabitants of the neighborhood Kerckebosch give?
    It was highly plausible that this local rise of the fear in Kerckebosch was connected to the social re-engineering of the neighborhood, but the exact nature of the quantitative rise was unclear. Therefore, we have interviewed 25 local inhabitants. Qualitative analyses showed the local rise of ‘the fear of crime’ to be the result of: (I) physical characteristics of the neighborhood; (II) events of burglary and intimidation from the past; (III) the presence of loitering youths and – primarily – (VI) a backlash of social integration as a side effect of the social re-engineering of the neighborhood. These qualitative explanations to the observed quantitative discontinuity led to several policy advises, which were based on international effect studies.


Remco Spithoven
Remco Spithoven is hoofddocent bij het Instituut voor Veiligheid en het lectoraat Kennisanalyse Sociale Veiligheid aan de Hogeschool Utrecht. Daarnaast is hij research-fellow bij de leerstoel Veiligheid en Veerkracht aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Het sociaal netwerk van een criminele jeugdgroep

Omvang, kern en sleutelfiguren

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2017
Trefwoorden criminal youth gang, social network analysis, key players (KPP-1), police records
Auteurs Gerard Wolters MSc, Matthijs Oosterhuis MSc en Dr. Jan Kornelis Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In this study the authors examined a criminal youth gang of 35 persons in the Netherlands, using social network analysis, to answer the following questions. To what extent is it possible by means of police records to estimate the size of the complete social network of this criminal youth gang? To what extent are members of this original group part of the core of the complete network? To what extent have members of the original group a central position in the complete network (key players) and are, as such, responsible for holding the complete network together? Information is derived from police records. Results show that the size of the total network of this criminal youth gang consists of 593 individuals with a core of around hundred persons. Seven persons were identified as key players, among which six persons belonged to the original group. The social network approach in this study provides police and justice important indications for a more tailored approach regarding individuals within criminal networks.


Gerard Wolters MSc
G. Wolters MSc is werkzaam als analist bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO) binnen de eenheid Noord-Nederland van de Nationale Politie.

Matthijs Oosterhuis MSc
Mr. M. Oosterhuis is als analist werkzaam bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO), eenheid Noord-Nederland, van de Nationale Politie en bij het 1 Civiel en Militaire Interactiecommando van de Koninklijke Landmacht.

Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als universitair hoofddocent aan de faculteit Gedrags- & Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Lichamelijke integriteit bij de ontwikkeling van de medische wetenschap: elementen uit de belangenafweging

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden belangenafweging, wetgeving, lichamelijke integriteit, wetenschappelijk onderzoek, lichaamsmateriaal
Auteurs Mr. E.B. Beenakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de belangenafweging onder de loep genomen die volgens de Nederlandse wetgever moet worden gemaakt om de integriteit van het lichaam te beperken en te beschermen bij de ontwikkeling van de medische wetenschap. Het toepasselijke juridisch kader bestaat uit het vereiste van toestemming van de betrokkene, het verbod op onevenredige financiële vergoeding, de medisch-ethische toetsing van onder meer de noodzakelijkheid en de bovengrens aan de belasting en risico’s. Naast een bespreking van deze vereisten wordt ingegaan op de klaarblijkelijke wens van de wetgever om aan te sluiten bij bestaand recht en om te kiezen voor een systeem met een sterk procedureel karakter in combinatie met open normen.


Mr. E.B. Beenakker
Mr. E.B. (Emile) Beenakker is wetgevingsjurist bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en buitenpromovendus bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Realisering van het recht op onaantastbaarheid van het lichaam door middel van wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Onaantastbaarheid van het menselijk lichaam, Recht op lichamelijke integriteit, Artikel 11 Grondwet
Auteurs Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het nut en de meerwaarde van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam onderzocht, alsmede de grondrechtelijke randvoorwaarden die van belang zijn bij de realisering van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam. Dit wordt onder meer in het licht geplaatst van de rechtspraktijk en huidige en toekomstige dilemma’s en technologische ontwikkelingen. De meerwaarde van artikel 11 Grondwet wordt, met name ten opzichte van artikel 10 Grondwet (bescherming persoonlijke levenssfeer), wel als beperkt ingeschat omdat beide bepalingen ten aanzien van de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam juridisch dezelfde bescherming bieden. De vraag is echter of dat terecht is, nu artikel 11 Grondwet het menselijk lichaam expliciet als rechtsobject beschermt. Technologische ontwikkelingen, waarbij enerzijds het menselijk lichaam steeds meer maakbaar wordt en aan veranderingen kan worden onderworpen. Juist in die context heeft het recht op onaantastbaarheid van het menselijk lichaam betekenis en urgentie. Anderzijds roepen ook de steeds grotere medische mogelijkheden en de hoge kosten waarmee dat gepaard gaat vragen op. Het belang van de bescherming die artikel 11 Grondwet biedt, is daarmee juist in het huidige tijdsgewricht van belang.


Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. (Paul) van Sasse van Ysselt is waarnemend hoofd van de afdeling Constitutionele Zaken bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en verbonden aan de Afdeling staats- en bestuursrecht van de VU Amsterdam.
Praktijk

Regulering van betaaldienstverlening onder PSD II – is tech eating everything?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2017
Trefwoorden PSD II, stand van zaken, betaalinitiatiedienst, rekeninginformatiedienst, open banking
Auteurs Mr. J. den Hamer en Mr. R. Middelburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 januari 2016 is de herziene richtlijn betaaldiensten (PSD II) in werking getreden. Deze richtlijn vervangt de richtlijn betaaldiensten van 2007 (PSD). Met PSD is destijds een vergunningplicht geïntroduceerd voor een nieuw type financiële onderneming: de betaaldienstverlener. PSD II beoogt twee nieuwe, innovatieve betaaldiensten, namelijk betaalinitiatie- en rekeninginformatiediensten, te reguleren om zodoende de interne markt voor betalingsverkeer te versterken. PSD II zal ‘open banking’ stimuleren.


Mr. J. den Hamer
Mr. J. den Hamer is advocaat op de sectie Banking & Finance van Dentons Boekel.

Mr. R. Middelburg
Mr. R. Middelburg is advocaat op de sectie Banking & Finance van Dentons Boekel.

    Gevolgen van enige betekenis. Hogere regelgeving verplicht tot toetsing plattelandswoning aan luchtkwaliteitseisen.

    Geurregeling. Voorafgaande toets aan een milieunorm. Planregels in strijd met wettelijke systeem. Binnenplanse omgevingsvergunning. Cumulatieve geurbelasting. Regeling achtergrondbelasting in bestemmingsplan.

    Vrees voor het ontstaan van gezondheidsschade is in het kader van de beoordeling van een aanvraag om een tegemoetkoming in planschade niet van belang.


Berthy van den Broek

    Voordeelverrekening. Geen gerechtvaardigde verwachting dat strijdige situatie met bestemmingsplan wordt opgeheven.

Artikel

Beperking van de horizontale natrekking bij landsgrensoverschrijdende opstallen en netwerken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2017
Trefwoorden natrekking, lex rei sitae, netwerk, zakelijke rechten
Auteurs Mr. drs. L.W.J. Hoppenbrouwers, Mr. K.A. de Groot en Mr. dr. M.M.G.B. van Drunen
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken diverse vragen met betrekking tot horizontale natrekking van landsgrensoverschrijdende opstallen en netwerken. Hierbij passeren naast juridisch-dogmatische vragen enige praktijkgerelateerde vragen de revue. De auteurs bepleiten een strikte toepassing van de lex rei sitae, wat leidt tot een beperking van de horizontale natrekking door de landsgrens.


Mr. drs. L.W.J. Hoppenbrouwers
Mr. drs. L.W.J. Hoppenbrouwers MRICS is notaris verbonden aan Allen & Overy te Amsterdam.

Mr. K.A. de Groot
Mr. K.A. de Groot is kandidaat-notaris bij Allen & Overy te Amsterdam.

Mr. dr. M.M.G.B. van Drunen
Mr. dr. M.M.G.B. van Drunen is kandidaat-notaris bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam en universitair docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Herstelbemiddeling in twee gevangenissen

Positieve effecten op stoppen met misdaad?

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Desistance, restorative justice, Mediation, Prison
Auteurs Bart Claes en Joanna Shapland
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the last twenty years, research on desistance from crime and on restorative justice has grown rapidly and both have emerged as exciting, vibrant, and dynamic areas of contemporary criminological interest. While the implementation of restorative justice practices in Europe has been essentially victim-oriented, there has always also been an emphasis on including the moral and social rehabilitation of the offender. This more offender-centred approach to restorative justice and its practices is not limited to the evaluation of its ability to reduce crime, but is to be seen within the connection between reparation, resettlement (reintegration into the community after sentence), and desistance from crime. This article examines, from a broad perspective, but including some data from research on victim-offender mediation in prison, the capacity of restorative justice interventions to impact positively on offenders’ likelihood of stopping committing criminal offences.


Bart Claes
Bart Claes was werkzaam aan het Erasmus University College te Brussel en is houder van het lectoraat ‘Balanceren tussen dwang, drang en veiligheid’, Expertisecentrum Veiligheid, Avans Hogeschool te Breda.

Joanna Shapland
Joanna Shapland is a Edward Bramley Professor of Criminal Justice, University of Sheffield (UK).
Artikel

Access_open Over verplichte excuses en spreekrecht

Wat is er mis met empirisch-juridisch onderzoek naar slachtoffers?

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2017
Trefwoorden empirical legal studies, apologies, procedural justice, humiliation, victim rights
Auteurs Vincent Geeraets en Wouter Veraart
SamenvattingAuteursinformatie

    The central question in this article is whether an empirical-legal approach of victimhood and victim rights could offer a sufficient basis for proposals of legal reform of the legal system. In this article, we choose a normative-critical approach and raise some objections to the way in which part of such research is currently taking place in the Netherlands, on the basis of two examples of research in this field, one dealing with compelled apologies as a possible remedy within civil procedural law and the other with the victim’s right to be heard within the criminal legal procedure. In both cases, we argue, the strong focus on the measurable needs of victims can lead to a relatively instrumental view of the legal system. The legal system must then increasingly be tailored to the wishes and needs of victims. Within this legal-empirical, victim-oriented approach, there is little regard for the general normative principles of our present legal system, in which an equal and respectful treatment of each human being as a free and responsible legal subject is a central value. We argue that results of empirical-legal research should not too easily or too quickly be translated into proposals for legal reform, but first become part of a hermeneutical discussion about norms and legal principles, specific to the normative quality of legal science itself.


Vincent Geeraets
Vincent Geeraets is universitair docent aan de afdeling Rechtstheorie en rechtsgeschiedenis van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wouter Veraart
Wouter Veraart is hoogleraar rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Particuliere ‘binnenkamer’ en openbaar klaslokaal

Nederlandse liberalen over religie in de politiek en het bijzonder onderwijs

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Liberalen, privésfeer, Beginselen, Pacificatie, openbare school
Auteurs Dr. Patrick van Schie
SamenvattingAuteursinformatie

    For liberals religion is a private matter. This does not mean that a citizen should leave his or her religion at home. It does mean that laws and public services should not be determined by religious beliefs. The article describes how liberals have looked upon religion in their programs of principles since mid 19th century. The educational arrangement in the Netherlands of 1917, favouring religious schools, did not satisfy them. What were the liberal proposals in order to safeguard the religiously neutral, publicly-maintained schools?


Dr. Patrick van Schie
Dr. P.G.C. van Schie is historicus, directeur van de liberale denktank TeldersStichting en tweewekelijks columnist voor Trouw.nl. Zijn meest recente boek (als coauteur) is Tussen geschiktheid en grondrecht. De ontwikkeling van het Nederlandse kiesrecht vanaf 1795 (AUP Amsterdam 2018). Met Fleur de Beaufort werkt hij momenteel aan een boek over liberalen en het vrouwenkiesrecht (dat in het najaar van 2018 zal verschijnen bij Uitgeverij Boom te Amsterdam). vanschie@teldersstichting.nl
Artikel

Nieuwkomers breken togamarkt open

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2017
Auteurs Francisca Mebius en Niek Stam
Auteursinformatie

Francisca Mebius

Niek Stam
Beeld

    Aan de hand van twee arresten van de Hoge Raad wordt stilgestaan bij de zorgplicht die op een beroepsbeoefenaar bij het opstellen van een rapport voor een cliënt jegens derden kan rusten en de manier waarop de beroepsbeoefenaar met die zorgplicht kan omgaan.


Mr. P.H. Kramer
Mr. P.H. Kramer is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Invulling van de werking van de contractuele redelijkheid en billijkheid bij kredietopzegging

Het onaanvaardbaarheidscriterium van art. 6:248 lid 2 BW vereist een terughoudende toetsing

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2017
Trefwoorden Olympia, kredietopzegging, onaanvaardbaarheidscriterium, terughoudende toetsing
Auteurs Mr. A.H. van der Staak
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Gerechtshof Den Haag heeft recent een arrest gewezen over de toetsing van een kredietinperking. De auteur analyseert de uitspraak en vraagt zich af of het hof het juiste criterium heeft toegepast. Volgens hem past een strenge en tot terughoudendheid nopende toetsing – zeker in het geval van kredietinperking.


Mr. A.H. van der Staak
Mr. A.H. van der Staak is Senior Legal Counsel bij de afdeling Financial Restructuring & Recovery van ABN AMRO Bank te Amsterdam.
Artikel

Hoger beroep in het bestuursrecht: massaal gebruik, ontevreden gebruikers

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Satisfaction, Appeals procedure, Administrative law
Auteurs Professor Bert Marseille, Dr. Barbara Brink en Mr. dr. Martje Boekema
SamenvattingAuteursinformatie

    In administrative law, a substantial number of citizens who are dissatisfied with government decisions go on to appeal their decision at a higher court. This article discusses how satisfied those appellants are about the procedure and the result.
    The data presented demonstrate a substantial difference in appreciation of the procedure between winners and losers. In addition, many appellants experience a very low degree of distributive justice. In part, people show a fundamental distrust in the administration of justice, but for a greater part, people argue that the higher court judge has not assessed their case in an expert or fair way.
    The most intriguing outcomes of the analysis concern the large majority, including both winners and losers, that claim that the verdict did not end the conflict with the counterparty. Additionally, almost everyone argues that they would file an appeal again, if presented with that possibility. The experienced dissatisfaction, skepticism and frustration regarding the procedure seem to have little or no influence on the willingness to return to the administrative higher court in the future.


Professor Bert Marseille
Bert Marseille is hoogleraar bestuurskunde, in het bijzonder de empirische bestudering van het bestuursrecht, bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.

Dr. Barbara Brink
Barbara Brink is docent bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen en coördineert de master Juridische bestuurskunde.

Mr. dr. Martje Boekema
Martje Boekema is universitair docent Staats- en Bestuursrecht bij de Universiteit Utrecht. Haar onderzoek richt zich op de (bestuurs)rechtspraak en geschilbeslechting.
Toont 61 - 80 van 720 gevonden teksten
1 2 4 6 7 8 9 35 36
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.