Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 201 artikelen

x
Artikel

Relativiteitsperikelen: Wet wapens en munitie geen schild tegen concrete (vermogens)schade?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden overheidsaansprakelijkheid, relativiteitsbeginsel, schadevergoeding, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 februari 2015 heeft de Rechtbank Den Haag vonnis gewezen in de procedure die was aangespannen door slachtoffers van het schietincident in Alphen aan den Rijn tegen de politieregio Hollands Midden. De rechtbank oordeelde dat de politieregio in strijd handelde met de Wet wapens en munitie maar niet aansprakelijk is jegens de slachtoffers omdat niet aan het relativiteitsvereiste is voldaan. In deze bijdrage wordt het vonnis van de rechtbank besproken en worden er enkele kanttekeningen geplaatst bij het (relativiteits)oordeel van de rechtbank.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam en universitair docent bij het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Reageren op problematisch wetenschappelijk gedrag voorbij de moralisering: een ander wetenschapsbeleid is mogelijk!

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Science studies, Scientific fraud, Science policy, Knowledge economy, Regulation of sciences
Auteurs Prof. dr. Serge Gutwirth en prof. dr. Jenneke Christiaens
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors focus upon the measures taken as a reaction against scientific fraud against the background of the contemporary science policy that turns the practice of science into a knowledge economy. In the light of the availability but obvious underuse of reactive legal means, they question the recourse to proactive ethical control and regulation of the scientific activities. They contend that such science policy is not so much the expression of a reaction against exceptional cases of scientific fraud, than of an endeavour to discipline and control scientist to the constraints of the knowledge economy. For the authors, however, the latter is the problem to be solved: another science policy is needed.


Prof. dr. Serge Gutwirth
Prof. dr. S. (Serge) Gutwirth is als hoogleraar verbonden aan de Faculteit Recht en Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

prof. dr. Jenneke Christiaens
Prof. dr. J. (Jenneke) Christiaens is hoogleraar aan de Faculteit Recht en Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB).
Artikel

Non bis in idem in Europa: de zaken Spasic en M.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden non bis in idem, artikel 54 Schengenuitvoeringsovereenkomst, artikel 50 Handvest EU, beperking grondrechten Handvest EU, tenuitvoerleggingsvoorwaarde
Auteurs Mr. dr. W.F. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen Schengen en de EU geldt de regel dat iemand die onherroepelijk is berecht niet nog eens mag worden vervolgd of gestraft wegens hetzelfde feit (non bis in idem). Geldt deze bescherming ook wanneer de straf wel definitief is geworden maar nog niet ten uitvoer is gelegd? Artikel 54 van de Schengenuitvoeringsovereenkomst is hierover duidelijk: het stelt tenuitvoerlegging als voorwaarde voor toepassing van de waarborg tegen tweede vervolging of bestraffing. Artikel 50 Handvest stelt deze voorwaarde echter niet. In de zaak Spasic beoordeelt het Hof van Justitie – voor het eerst – de verhouding tussen beide non bis in idem-bepalingen.
    In de zaak M. is de vraag aan de orde of een ‘buitenvervolgingstelling’ een tweede vervolging in een andere lidstaat belet. Het betreft een strafrechtelijke beslissing die nationaal een minder sterke non bis in idem-werking heeft dan een onherroepelijk eindvonnis. Deze bijdrage laat aan de hand van beide zaken zien hoe het Hof van Justitie de balans probeert te houden tussen vrijheid, veiligheid en recht enerzijds en het voorkomen en bestrijden van criminaliteit anderzijds.
    HvJ 27 mei 2014 (GK), zaak C-129/14 PPU, Spasic, prejudiciële spoedprocedure op verzoek Oberlandesgericht Nürnberg (Duitsland), ECLI:EU:C:2014:586, n.n.g. en HvJ 5 juni 2014, zaak C-398/12, M., prejudiciële procedure op verzoek Tribunale di Fermo (Italië), ECLI:EU:C:2014:1057, n.n.g.


Mr. dr. W.F. van Hattum
Mr. dr. W.F. (Wiene) van Hattum is als universitair docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Wat niet weet, dat niet deert?

Over de reikwijdte van het beginsel ‘eenieder wordt geacht de wet te kennen’ in het hedendaagse recht

Tijdschrift Preadviezen Vereniging voor de vergelijkende studie van het recht, Aflevering 1 2014
Auteurs Marc Loth en Eric Tjong Tjin Tai
Auteursinformatie

Marc Loth
Prof. mr. M.A. Loth is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg.

Eric Tjong Tjin Tai
Prof. mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit.
Jurisprudentie

De Hoge Raad in civiele zaken uit het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Auteurs Dr. H.J. van Kooten en Dr. G.C.C. Lewin

Dr. H.J. van Kooten

Dr. G.C.C. Lewin

    Verplaatsing woning in relatie tot pensionstalling annex manege.

Artikel

Privaatrechtelijke handhaving van het mededingingsrecht: recente ontwikkelingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden kartelschade, umbrella pricing, privaatrechtelijke handhaving, Courage/Crehan, mededingingsrecht
Auteurs Mr. E.D. Glerum-van Aalst en Mr. S.R. Brand
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren lijkt sprake van een gestage opmars van privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht. Dit houdt onder andere in dat het steeds vaker voorkomt dat private partijen een kartelschadevordering indienen jegens karteldeelnemers. In deze bijdrage zal de huidige stand van zaken worden besproken wat betreft de mogelijkheden voor private partijen om kartelschadevorderingen in te stellen in Nederland.


Mr. E.D. Glerum-van Aalst
Mr. E.D. Glerum-van Aalst is werkzaam als advocaat bij Kneppelhout & Korthals Advocaten.

Mr. S.R. Brand
Mr. S.R. Brand is werkzaam als advocaat bij Kneppelhout & Korthals Advocaten.
Praktijk

Kroniek rechtspraak bestuursrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden bestuursrecht, Wet BIG, Wet openbaarheid van bestuur
Auteurs Mr. drs. A.C. de Die en mr. C. Velink
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan bod komt de jurisprudentie van 1 augustus 2012 tot en met 8 april 2014. De kroniek bevat een overzicht van de belangrijkste bestuursrechtelijke uitspraken op het gebied van de gezondheidszorg: de algemene bestuursrechtelijke thema's, uitspraken over de Wet BIG, diverse uitspraken op het gebied van handhaving, Wob-jurisprudentie die vaak betrekking heeft op bij toezichthouders berustende documenten, jurisprudentie over de Geneesmiddelenwet en de subsidiebesluiten, varia en de rapporten van de Nationale ombudsman.


Mr. drs. A.C. de Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

mr. C. Velink
Caren Velink is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

Prof. mr. L.J.J. Rogier

Dr. J. Sybesma
Dr. J. Sybesma is legal advisor CBCS, lid van de RvA en bijzondere rechter in ambtenaren- en sociale zaken. Dit artikel is echter geheel op eigen titel geschreven.

Dr. G.C.C. Lewin
Artikel

Algemene aspecten van de Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2014
Trefwoorden belastingrecht, bestuursrecht, rechtsbescherming, elektronisch bestuurlijk verkeer
Auteurs Prof. mr. M. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op het wetsvoorstel Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst, dat door de staatssecretaris van Financiën in de zomer van 2013 is ingediend bij de Tweede Kamer. Het voorstel bevat twee componenten: een wijziging van de procedure voor het opleggen van een aanslag en de rechtsbescherming daartegen en de invoering van verplicht digitaal verkeer tussen de belastingplichtigen en de Belastingdienst. De voorstellen hangen met elkaar samen: digitaal verkeer vraagt om een eenvoudiger aanslagprocedure, die meer ruimte voor ‘informele’ correcties biedt. Beide voorstellen hebben bredere betekenis voor het bestuursrecht. De auteur gaat in op hun merites, zowel voor de fiscaliteit als voor het algemene bestuursrecht.


Prof. mr. M. Scheltema
Prof. mr. M. Scheltema is regeringscommissaris voor algemene regels van bestuursrecht.

    Gedragscode Verwerking persoonsgegevens Zorgverzekeraars; goedkeuringsbesluit van het CBP vernietigd; privacy; beroepsgeheim; art. 16 en 25 Wbp; art. 8 EVRM

Jurisprudentie

Lufthansa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Lufthansa, staatssteun, openingsbesluit, formele onderzoeksprocedure
Auteurs Berend Jan Drijber en George Dictus
SamenvattingAuteursinformatie

    Is de nationale rechter gebonden aan het besluit van de Europese Commissie om de formele onderzoeksprocedure in te leiden? Dat vraagt het Oberlandesgericht Koblenz aan het Hof van Justitie in een geschil tussen Deutsche Lufthansa en Flughafen Frankfurt-Hahn GmbH.
    Het Hof van Justitie beantwoordt deze vraag bevestigend: nationale rechters zijn gebonden aan een dergelijk besluit. In deze annotatie gaan de auteurs in op de belangrijkste overwegingen van het Hof van Justitie en de (mogelijke) consequenties van het arrest.
    HvJ EU 21 november 2013, zaak C-284/12, Deutsche Lufthansa AG/Flughafen Frankfurt-Hahn GmbH, n.n.g.


Berend Jan Drijber
Mr. B.J. Drijber is advocaat en partner bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn en tevens redactielid van M&M.

George Dictus
Mr. G.A. Dictus is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn.
Artikel

Aansprakelijkheid lidstaat voor niet-uitvoering milieueffectbeoordeling

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Milieueffectbeoordeling (MER), aansprakelijkheid, relativiteit,, causaliteit, zuivere vermogensschade
Auteurs Mr. E.H.P. Brans
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van de uitbreiding van een vliegveld is nagelaten een milieueffectbeoordeling (MER) uit te voeren, waardoor de milieueffecten van deze uitbreiding niet zijn onderzocht en ook niet is nagegaan of er alternatieven voorhanden zijn die tot minder geluidsoverlast leiden. Een eigenares/bewoonster van een huis dat in de zone ligt die extra geluidsoverlast ondervindt door de uitbreiding, vordert schadevergoeding stellende dat onrechtmatig is gehandeld doordat is nagelaten een MER uit te voeren. Het Hof van Justitie oordeelt dat de voorkoming van vermogensschade onder het beschermingsbereik van de MER-Richtlijn valt indien dergelijke schade het rechtstreekse economische gevolg is van de milieueffecten van een openbaar of particulier project is. Dat lijkt een stap in de goede richting te zijn voor klaagster, maar aannemelijk gemaakt zal moeten worden dat indien wel een MER was uitgevoerd, niet toch dezelfde schade zou zijn gelden. Kortom, het causaliteitscriterium kan in de weg staan aan een succesvolle claim.
    HvJ EU 14 maart 2013, zaak C-420/11, Leth/Oostenrijk, n.n.g.


Mr. E.H.P. Brans
Mr. E.H.P. (Edward) Brans is senioradvocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn

Mr. E. Janson
Eefje Janson LL.M is wetgevingsjurist, Afdeling Juridische Zaken & Wetgeving van het Ministerie van Algemene Zaken te Sint Maarten.

Mr. ML. M. van Rooij
Maarten van Rooij LL.M. ML is senior wetgevingsjurist, Afdeling Juridische Zaken & Wetgeving van het Ministerie van Algemene Zaken te Sint Maarten.
Artikel

Het voorstel voor een Omgevingswet – goed voor natuur en milieu?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Omgevingswet, toetsversie, natuur en milieu
Auteurs Prof. dr. Ch.W. Backes
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de in februari 2013 gepubliceerde toetsversie van de Omgevingswet gaat de auteur in op de gevolgen van het wetsvoorstel voor natuur en milieu. Er worden ook aandachtspunten benoemd die in het belang van natuur en milieu in acht moeten worden genomen bij de uitwerking van de onderliggende regelgeving. Daarbij wordt aandacht besteed aan de algemene systematiek van de wet, de normstelling door de formele wetgever, de projectprocedure, de programmatische aanpak, de rechtsbescherming, de handhaving, de m.e.r. en de zorgplichten in het wetsvoorstel.


Prof. dr. Ch.W. Backes
Prof. dr. Ch.W. (Chris) Backes is hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit Maastricht.
Jurisprudentie

Curaçao

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Universiteit Nederlandse Antillen, ontslag rector magnificus, bestuursorgaan, civielrechtelijke arbeidsovereenkomst, publiekrechtelijk of civielrechtelijk geschil
Auteurs Mr. G.B. Steward en Mr. dr. Jeff Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    De rector magnificus wordt door de raad van toezicht van de Universiteit van de Nederlandse Antillen (UNA) op staande voet ontslagen. Hiertegen komt hij verweer bij de civiele rechter in eerste aanleg. Deze spreekt uitgebreid en gemotiveerd recht in het voordeel van de ex-rector magnificus. de UNA gaat in hoger beroep. Het Hof oordeelt ambtshalve dat deze zaak niet thuis hoort bij de civiele rechter doch bij de LAR-rechter. Schrijvers benaderen dit nagenoeg ongemotiveerde oordeel van het Hof vanuit een civielrechtelijke danwel een bestuursrechtelijke optiek. Zij komen beiden tot de conclusie dat de gedachtengang van het Hof niet goed te volgen is.


Mr. G.B. Steward
Mr. G.B. Steward is advocate bij VanEpsKunnemanVanDoorne.

Mr. dr. Jeff Sybesma
Mr. dr. Jeff Sybesma is redactielid van Caribisch Juristenblad.
Artikel

Wisselwerking tussen publiek- en privaatrecht en de nieuwe regeling van overheidsaansprakelijkheid in de Awb

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden onrechtmatige overheidsdaad, rechtmatige overheidsdaad, nadeelcompensatie, bestuursrechtelijke verzoekschriftprocedure, formele rechtskracht
Auteurs Prof. mr. B.J. Schueler
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs is een nieuwe regeling in werking getreden voor procedures over aansprakelijkheid voor schade die is veroorzaakt door onrechtmatige besluiten en sommige daarmee samenhangende handelingen. In een andere regeling, die later in werking zal treden, wordt het leerstuk van de nadeelcompensatie gecodificeerd. Aan de Awb ligt de gedachte ten grondslag dat bestuursrecht en privaatrecht waar mogelijk gelijk moeten zijn en waar nodig moeten verschillen. Met dit uitgangspunt is de nieuwe regeling niet in strijd. De complexiteit van de rechtsmachtverdeling blijft – ondanks de pretentie van vereenvoudiging – grotendeels in stand.


Prof. mr. B.J. Schueler
Prof. mr. B.J. Schueler is hoogleraar bestuursrecht en omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Stroomlijning van overheidsaansprakelijkheid voor de overschrijding van een wettelijke beslistermijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden onrechtmatige overheidsdaad, leer-Smits, relativiteit, correctie-Langemeijer, leer-Demogue-Besier, besluitenaansprakelijkheid, belanghebbende, formele rechtskracht
Auteurs Mr. P.W. den Hollander
SamenvattingAuteursinformatie

    De overschrijding van een wettelijke beslistermijn levert niet zonder meer overheidsaansprakelijkheid op uit onrechtmatige daad. Het komt aan op een nadere afweging. De Hoge Raad brengt deze afweging onder bij de toets aan het vereiste van onrechtmatigheid, maar zij past beter bij de toets aan het vereiste van relativiteit.


Mr. P.W. den Hollander
Mr. P.W. den Hollander is als promovendus verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden.
Toont 61 - 80 van 201 gevonden teksten
1 2 4 6 7 8 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.