Zoekresultaat: 75 artikelen

x
Artikel

De invloed van de Wet werk en zekerheid op bad leaver-bepalingen in managementparticipatieovereenkomsten

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Wet werk en zekerheid, managementparticipatie, arbeidsovereenkomst, bad leaver, aandeelhouder
Auteurs Mr. P. Beerda en Mr. L. Klapwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage behandelen de auteurs de voor managementparticipatieovereenkomsten relevante wetswijzigingen als gevolg van de Wet werk en zekerheid, alsmede de gevolgen ervan. Daarnaast doen zij suggesties voor de redactie van toekomstige en de aanpassing van huidige managementparticipatieovereenkomsten.


Mr. P. Beerda
Mr. P. Beerda is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.

Mr. L. Klapwijk
Mr. L. Klapwijk is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.
Jurisprudentie

Overdracht van jaarlijkse vakantie bij ziekte: alle ambtenaren zijn gelijk, zelfs de EU-ambtenaren zijn niet langer (on)gelijker dan de ambtenaren van de lidstaten

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2014
Trefwoorden EU-ambtenaren, Sociaal grondrecht, Eenheid van rechtspraak in het Unierecht, Recht op jaarlijkse vakantie, Doorwerking Arbeidstijdenrichtlijn
Auteurs Alexander De Becker
SamenvattingAuteursinformatie

    Het grondrecht op jaarlijkse vakantie impliceerde, volgens eerdere rechtspraak van het Hof van Justitie, ook een grondrecht op overdracht van door ziekte niet-opgenomen vakantiedagen op basis van hetgeen was bepaald in de Arbeidstijdenrichtlijn 2003/88. Dit recht op overdracht van jaarlijkse vakantie werd niettemin nog steeds ingeperkt in het statuut van de EU-ambtenaren. De heer Strack – EU-ambtenaar – vond dat hij niettemin aanspraak kon maken op de volledige overdracht van zijn door ziekte niet-opgenomen vakantiedagen. De Europese Commissie volgde zijn redenering echter niet omdat EU-ambtenaren niet rechtstreeks onder het toepassingsgebied van de Arbeidstijdenrichtlijn 2003/88 vallen. Het Gerecht voor ambtenarenzaken stelde de Commissie in het ongelijk, maar het Gerecht van eerste aanleg beslist dat de Commissie het wel bij het rechte eind had. Uiteindelijk oordeelde het Hof van Justitie, in het belang van de eenheid van de rechtspraak, dat de EU-ambtenaren ook aanspraak dienden te kunnen maken op de overdracht van hun door ziekte niet-opgenomen vakantiedagen. Het arrest van het Hof van Justitie staat in deze bijdrage centraal.


Alexander De Becker
A. De Becker is bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam ‘De overheid als arbeidsorganisatie’, en tevens hoofddocent aan de Universiteit van Hasselt.
Artikel

Het wetsvoorstel civielrechtelijk bestuursverbod

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2014
Trefwoorden civielrechtelijk, bestuursverbod, aansprakelijkheid, bestuurder, faillissement
Auteurs Mr. M. Zuidema en Mr. C.A.M. Witlox
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het wetsvoorstel civielrechtelijk bestuursverbod, dat op 1 september 2014 is ingediend bij de Tweede Kamer, besproken. Er wordt nader ingegaan op de gevolgen en de manier waarop een bestuursverbod wordt ingesteld.


Mr. M. Zuidema
Mr. M. Zuidema is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.

Mr. C.A.M. Witlox
Mr. C.A.M. Witlox is kandidaat-notaris bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Bestuurderstoets voor de zorg (of niet)?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2014
Trefwoorden bestuursverbod, geschiktheidstoets, disfunctioneren, kwaliteit van zorg
Auteurs Mr. dr. A.G.H. Klaassen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of een bestuurderstoets voor de zorg wenselijk is, gezien de huidige en voorgestelde instrumenten, zoals het strafrechtelijk en civielrechtelijk bestuursverbod en de vergewisplicht, om (potentieel) disfunctionerende bestuurders uit de zorg te weren. De auteur is van mening dat de bestuurderstoets een aanvullend instrument kan zijn. Daarmee is het antwoord op de wenselijkheidsvraag nog niet gegeven omdat er een aantal nadelen verbonden is aan een bestuurderstoets. Daarnaast wordt een alternatieve oplossing onderzocht om disfunctionerende bestuurders te weren, namelijk een bepaling in de herziene Woningwet. Daaraan zitten ook de nodige haken en ogen. De drempels voor het weren van bestuurders mogen in elk geval niet te laag zijn.


Mr. dr. A.G.H. Klaassen
Ageeth Klaassen is universitair docent ondernemingsrecht en geeft het vak Organisatie en bestuur van de zorg in de master Recht van de gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam; zij is lid van een raad van toezicht van een stichting in de eerstelijnsgezondheidszorg.
Hoofdartikel

Schikken in het nieuwe ontslagrecht: bedenk eer ge begint

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Opzegging met instemming, beëindigingsovereenkomst, bedenktermijn, antistapelingsbepaling, pro forma ontbinding
Auteurs Prof. L.G. Verburg
SamenvattingAuteursinformatie

    De in de Wwz neergelegde regeling van de bedenktermijn heeft grote invloed op het schikken van ontslagzaken. De Wwz maakt een niet uitlegbaar onderscheid tussen de beëindigingsovereenkomst en de opzegging met instemming. Het verschil ziet op de betaling van een transitievergoeding. Dit verschil kan makkelijk tot ongelukken aanleiding geven. Mogelijk zien we bovendien de terugkeer van de pro-forma-ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Niet meer voor WW-doeleinden, maar met het oog op het bekorten van de periode van de bedenktermijn. Deze bijdrage behandelt de in dat kader te bewandelen weg en noemt ook een alternatief voor de formele ontbinding. Dit alternatief maakt gebruik van de antistapelingsbepaling in de regeling van de bedenktermijn en voorziet in een soort ‘tweetrapsraket’. Voor een succesvolle aanpak zal tussen beide trappen wel denkruimte voor de werknemer moeten zitten. Het bij ontslagzaken aansturen op een vertrekregeling wordt eens te meer een zaak voor juristen.


Prof. L.G. Verburg
Prof. L.G. Verburg is hoogleraar Arbeidsrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen (Onderzoekcentrum Onderneming & Recht).
Artikel

Hoe uniform is uniform?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2014
Trefwoorden bijzondere arbeidsverhoudingen, rol wetgever, rol jurist, afwijkingen en aanvullingen, proefschriftthema’s
Auteurs R.A.A. Duk
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse arbeidsrecht kent naast de regeling in Boek 7 Titel 10 van het Burgerlijk Wetboek tal van bepalingen voor zogenaamde bijzondere arbeidsverhoudingen. Aandacht wordt besteed aan de verschillende bijzondere bepalingen en de mate waarin en de wijze waarop daarmee van het commune recht wordt afgeweken. Bezien wordt wat in dat verband de relatieve rol van de wetgever en van de (praktijk)jurist, ook de rechter, is.


R.A.A. Duk
Prof. mr. Duk is advocaat te ’s-Gravenhage en hoogleraar bijzondere arbeidsverhoudingen aan de Erasmus School of Law.
Jurisprudentie

Curaçao

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Universiteit Nederlandse Antillen, ontslag rector magnificus, bestuursorgaan, civielrechtelijke arbeidsovereenkomst, publiekrechtelijk of civielrechtelijk geschil
Auteurs Mr. G.B. Steward en Mr. dr. Jeff Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    De rector magnificus wordt door de raad van toezicht van de Universiteit van de Nederlandse Antillen (UNA) op staande voet ontslagen. Hiertegen komt hij verweer bij de civiele rechter in eerste aanleg. Deze spreekt uitgebreid en gemotiveerd recht in het voordeel van de ex-rector magnificus. de UNA gaat in hoger beroep. Het Hof oordeelt ambtshalve dat deze zaak niet thuis hoort bij de civiele rechter doch bij de LAR-rechter. Schrijvers benaderen dit nagenoeg ongemotiveerde oordeel van het Hof vanuit een civielrechtelijke danwel een bestuursrechtelijke optiek. Zij komen beiden tot de conclusie dat de gedachtengang van het Hof niet goed te volgen is.


Mr. G.B. Steward
Mr. G.B. Steward is advocate bij VanEpsKunnemanVanDoorne.

Mr. dr. Jeff Sybesma
Mr. dr. Jeff Sybesma is redactielid van Caribisch Juristenblad.

Prof. mr. C.J. Loonstra
Jurisprudentie

De Hoge Raad en het wijzigingsontslag

HR 24 december 2010, JAR 2011/20 (Woonzorg) en HR 24 december 2010, LJN BO2420

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2011
Trefwoorden ontslagrecht, gesloten stelsel, sociaal rechtvaardig ontslag, wijzigingsontslag, Änderungskündigung
Auteurs mr. N. Gundt
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van twee uitspraken van de Hoge Raad van 24 december 2010 wordt in deze bijdrage het wijzigingsontslag nader onderzocht. In de eerste plaats wordt geconstateerd dat het wijzigingsontslag in Nederland op basis van de huidige regelgeving slechts in de vorm van het deeltijdontslag mogelijk is. Nu de Hoge Raad desondanks het wijzigingsontslag lijkt te hebben aanvaard, is de voornaamste vraag hoe deze ontslagvorm in goede banen kan worden geleid. Onderzocht wordt in hoeverre het Duitse recht hierbij van nut kan zijn, aangezien daar het wijzigingsontslag niet alleen gecodificeerd is, maar ook in rechtspraak en literatuur veelvuldig wordt verfijnd. Ten slotte worden eisen en voorwaarden geïdentificeerd die in de toekomst aan een wijzigingsontslag zouden moeten worden gesteld.


mr. N. Gundt
Mw. mr. N. Gundt is universitair docent Arbeidsrecht aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

‘Waarborg voor onafhankelijkheid’

Rechtsvergelijking inrichting bezwaarprocedure. Een bespreking van de stelsels van Nederland en Aruba

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2011
Trefwoorden bezwaaradviescommissie, onafhankelijkheid, inrichting bezwaarprocedure, artikel 7 LAR, artikel 7:13 Awb
Auteurs Mr. dr. A. Schwartz
SamenvattingAuteursinformatie

    In Aruba worden de leden van de bezwaaradviescommissie niet benoemd, geschorst, ontslagen en betaald door het bestuursorgaan, zoals in Nederland, maar door de regering. Daarnaast geldt de onafhankelijkheidseis niet alleen voor de voorzitter, maar ook voor de overige leden. Volgens de auteur biedt desondanks de inrichting van de Nederlandse bezwaarprocedure voldoende waarborgen voor een onafhankelijke heroverweging. In Aruba bestaat het gevaar dat de inrichting van de bezwaarprocedure tot een verdergaande juridisering en depolitisering leidt, waardoor het conflictoplossend vermogen van de bezwaarprocedure minder wordt benut dan in Nederland. Een bespreking van de stelsels van Nederland en Aruba over de inrichting van de bezwaarprocedure.


Mr. dr. A. Schwartz
Mr. dr. A. Schwartz is sinds augustus 2010 universitair hoofddocent Algemene Rechtswetenschap aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba.
Artikel

Ontslagrecht in het Koninkrijk der Nederlanden (2)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden ontslagrecht, concordantiebeginsel, Antillen, Aruba, arbeidsrecht, Koninkrijk der Nederlanden, doorwerking, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Auteurs Mr. F.M. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens artikel 39 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn de wetgevers van de verschillende Koninkrijkslanden verplicht een aantal belangrijke rechtsgebieden ‘zoveel mogelijk’ op overeenkomstige wijze te regelen. In een tweetal artikelen onderzoekt de auteur in hoeverre zij met betrekking tot het ontslagrecht aan deze zogenoemde concordantieverplichting voldoen. Volgens de auteur houdt artikel 39 Statuut namelijk in dat een verschil in wetgeving tussen de drie Koninkrijkslanden slechts geoorloofd is indien daar een behoorlijke rechtvaardigingsgrond voor kan worden aangewezen. In dit tweede deel ligt de focus allereerst op gevolgen van de recente staatkundige hervormingen binnen het Koninkrijk voor het vigerende ontslagrecht. Conclusie hiervan is dat de materiële gevolgen voor het ontslagrecht zeer beperkt zijn. Met dit als uitgangspunt worden vervolgens de opzegbepalingen uit het BW, de rechterlijke ontbinding en het einde van rechtswege in de verschillende koninkrijkslanden met elkaar vergeleken. Uit deze vergelijking blijkt dat er tussen de verschillende landen een hoop ongerechtvaardigde verschillen bestaan. Deze verschillen lijken zich evenwel voornamelijk voor te doen op technisch-juridische gebieden. Bij het uitvaardigen van nieuwe wetgeving houden de wetgevers dus onvoldoende rekening met het concordantiebeginsel. De rechters uit het Koninkrijk kan men in dezen daarentegen weinig kwalijk nemen. Daar waar hun een zekere beoordelingsruimte wordt gelaten, bestaat er immers een grote mate aan concordantie. Door middel van concorderende interpretatie worden de open normen in de verschillende landen namelijk op dezelfde wijze ingevuld. Hierbij moet er echter wel voor worden gewaakt dat er een te grote mate van concordantie wordt bereikt. De rechter mag de verschillen in cultuur en gewoontes tussen de Koninkrijkslanden niet uit het oog verliezen.


Mr. F.M. Dekker
Mr. F.M. Dekker is externe promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen en advocaat(-stagiair) bij BarentsKrans N.V. te Den Haag.
Boekbespreking

G.C. Boot, Arbeidsrechtelijke bescherming (diss. Leiden), Den Haag: Sdu Uitgevers 2005

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 02 2005
Trefwoorden arbeidsrecht, arbeidsovereenkomst, werknemer, opdrachtnemer, overeenkomst van opdracht, socialezekerheidsrecht, werknemersverzekering, arbeidsverhouding, verklaring arbeidsrelatie, auteur
Auteurs F.M. Noordam

F.M. Noordam
Artikel

Gezichtspunten bij ontslag: verwijtbaarheid, proportionaliteit en continuïteit

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2009
Trefwoorden ontslag, ontslagvergoeding, ontbinding, ontbindingsvergoeding, kennelijk onredelijk ontslag, ratio, grondslag, gezichtspunten, proportionaliteit
Auteurs Mw. mr. W.L. Roozendaal
SamenvattingAuteursinformatie

    In het ontslagrecht zijn vele gezichtspunten relevant. Waarom zijn zij relevant? Betoogd wordt dat de vele redenen hiervoor zijn samen te vatten als drie toetsen: de verwijtbaarheidtoets, de proportionaliteitstoets en de continuïteitstoets. Volgens de eerste toets moeten gradaties van verwijtbaarheid bij een tekortkoming relevant zijn voor de bescherming tegen ontslag. Volgens de tweede toets moet het gewicht van de ontslaggrond proportioneel zijn aan de ingrijpendheid van het ontslag.Volgens de derde toets moet ontslag (desondanks) mogelijk zijn als zinvolle voortzetting van de overeenkomst niet haalbaar is. Is dat laatste het geval, dan moet eventuele disproportionaliteit van het ontslag (dan maar) worden uitgedrukt in een vergoeding. De analyse van gezichtspunten bij ontslag geeft aanleiding tot de stelling, dat bij het vaststellen van de ontbindingsvergoeding onvoldoende getoetst wordt aan proportionaliteit, zodat de vergoedingen gemakkelijk disproportioneel zijn.


Mw. mr. W.L. Roozendaal
W.L. Roozendaal is docent aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling staats- en bestuursrecht.
Jurisprudentie

Schemerlicht in de duisternis

vennootschapsrechtelijk ontslag/ontslagname impliceert in beginsel beëindiging van de arbeidsovereenkomst van de bestuurder HR 15 april 2005, RvdW 2005, 57, JAR 2005/117, C04/044 HR/C04/045 HR; HR 15 april 2005

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 01 2006
Trefwoorden arbeidsrechtelijke aspecten, statutair bestuurder, vennootschapsrecht, arbeidsrechtelijke aspecten, ontslagverboden, ontslagverboden
Auteurs E.S. de Bock

E.S. de Bock
Toont 61 - 75 van 75 gevonden teksten
1 2 4 »
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.