Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 165 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x
Jurisprudentie

De Wet Bibob: een Schiedamse coffeeshop met belastingperikelen

Noot bij ABRvS 27 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2586

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Wet Bibob, Bestuursstrafrecht, Belastingfraude, Integriteit, Bestuurlijk maatregelrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De burgemeester van Schiedam heeft een vergunning ten behoeve van de exploitatie van een coffeeshop ingetrokken wegens een ernstig gevaar voor misbruik. Dit ernstige gevaar is gebaseerd op feiten die verband houden met belastingfraude. Volgens de Afdeling kan de burgemeester in redelijkheid de vergunning intrekken.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

‘Mag ik even in uw smartphone kijken?’

De visie van de Hoge Raad gelet op het recht op privacy op grond van artikel 8 EVRM

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Smartphone, (Recht op) privacy, Verbaliseringsplicht, Doorzoeking, Toezicht
Auteurs Mr. T. Beekhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad schetst in de ‘Smartphone-arresten’ een juridisch toetsingskader voor de vaststelling wanneer aan een smartphone een rechtmatig onderzoek kan plaatsvinden. Het zwaartepunt ligt volgens de Hoge Raad op de ‘hoeveelheid doorzochte gegevens’. Afhankelijk van de mate van volledigheid van het beeld dat daardoor wordt verkregen van het persoonlijk leven, stelt de Hoge Raad wie bevoegd is: een opsporingsambtenaar, een officier van justitie of een rechter-commissaris. In deze annotatie staat centraal op welke wijze het toezicht dient plaats te vinden en welke andere factoren een rol zouden moeten spelen bij de vaststelling van de inbreuk op het recht op privacy.


Mr. T. Beekhuis
Mr. T. Beekhuis is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Redactioneel

Opmars en beteugeling van cybercrime

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Wet computercriminaliteit, Cybercrime, Cybersecurity, Datalek, Hack
Auteurs Mr. G.M. Verhage
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze editie van het tijdschrift wordt aandacht besteed aan een aantal betekenisvolle ontwikkelingen rondom de combinatie cyber en strafrecht. Overheid en IT blijken vooralsnog geen gelukkige combinatie. Ondanks de verruimde wettelijke bevoegdheden en het extra budget die de handhaver in het kader van de Wet computercriminaliteit III worden toebedeeld, zal het in deze globale en snel digitaliserende economie lastig blijken cybercriminaliteit te beteugelen door middel van het conventionele strafrecht.


Mr. G.M. Verhage
Mr. G.M. Verhage is advocaat bij Jones Day en tevens redactiesecretaris van dit tijdschrift.
Diversen

Afscheid van de ‘godfather’ van de witteboordencriminologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Organisatiecriminaliteit, Witteboordencriminaliteit, Georganiseerde criminaliteit, Bestuurlijke boete, Afschrikking
Auteurs Prof. dr. mr. W. Huisman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze trending topics wordt de bijdrage van vertrekkend hoogleraar Henk van de Bunt aan het criminologisch onderzoek op het terrein van het financieel-economisch strafrecht besproken.


Prof. dr. mr. W. Huisman
Prof. dr. mr. W. Huisman is hoogleraar criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De verbeurdverklaring als ontnemingsinstrument

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Verbeurdverklaring, Afpakken, Wederrechtelijk verkregen voordeel, Crimineel vermogen
Auteurs Mr. G.M. Boezelman en Mr. M. Coenen
SamenvattingAuteursinformatie

    De verbeurdverklaring wint terrein op het gebied van afpakken, ook in financiële fraudezaken. Doordat zowel de verbeurdverklaring als de ontnemingsmaatregel worden ingezet voor het ‘afpakken’ van crimineel vermogen, vervagen de karakters van de verbeurdverklaring en de ontneming. Het dubbel raken van de betrokkene dient gelet op de proportionaliteit van de bestraffing te worden voorkomen. Deze bijdrage bespreekt de implicaties hiervan en de mogelijkheden om verweer te voeren.


Mr. G.M. Boezelman
Mr. G.M. Boezelman is advocaat bij Hertoghs Advocaten.

Mr. M. Coenen
Mr. M. Coenen is advocaat bij Hertoghs Advocaten.
Jurisprudentie

De sanctiebevoegdheid van de burgemeester in artikel 13b Opiumwet

Noot bij ABRvS 8 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:294

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Woningsluiting, Opiumwet, Bestuursstrafrecht, Bestuurlijke herstelsanctie, Openbare orde
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 13b Opiumwet kan de burgemeester een woning sluiten ter bestrijding van strafbare feiten uit de Opiumwet. De woningsluiting kan niet worden aangemerkt als een bestraffende sanctie.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De nieuwe rol van de curator in de fraudebestrijding: knelpunt in de aanloop naar een eventueel strafproces?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden faillissementsfraude, fraudebestrijding, opsporing, nemo-teneturbeginsel, curator
Auteurs Mr. dr. E.M. Moerman
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt onderzocht welke consequenties de nieuwe rol van de curator bij de aanpak van de fraudebestrijding heeft voor een eventueel strafproces. Daarbij wordt in het bijzonder stilgestaan bij de verhouding tussen de door de wetgever beoogde rol van de curator en de invulling die traditioneel wordt gegeven aan de taak van de curator. Ook wordt aandacht besteed aan de bruikbaarheid van het door de curator vergaarde materiaal in een strafprocedure. Betoogd wordt dat de fraudesignalerende rol van de curator past in de ontwikkeling waarin steeds vaker een bijdrage van private actoren wordt gevraagd, maar dat het nemo-teneturbeginsel onder druk komt te staan door de nieuwe wetgeving.


Mr. dr. E.M. Moerman
Mr. dr. E.M. Moerman is werkzaam bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Vervolging van ondernemingen voor schendingen van de mensenrechten: mogelijkheden naar Nederlands strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden (extraterritoriale) rechtsmacht, strafrechtelijke aansprakelijkheid van ondernemingen, zorgplicht, maatschappelijk verantwoord ondernemen, vervolging
Auteurs Mr. E.M. van Gelder en prof. dr. C.M.J. Ryngaert
SamenvattingAuteursinformatie

    In toenemende mate lijken internationaal opererende ondernemingen betrokken te zijn bij mensenrechtenschendingen. Wanneer een onderneming zich schuldig maakt aan, of althans een aandeel heeft in mensenrechtenschendingen begaan in het buitenland, biedt de Nederlandse strafwet, met inbegrip van de rechtsmachtsbepalingen, verschillende mogelijkheden tot vervolging. In de praktijk heeft dit echter tot op heden niet geleid tot daadwerkelijke vervolging, laat staan tot een onherroepelijke veroordeling van een onderneming. Dit artikel zet de mogelijkheden uiteen voor vervolging naar Nederlands strafrecht.


Mr. E.M. van Gelder
Mr. E.M. van Gelder is promovenda aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

prof. dr. C.M.J. Ryngaert
Prof. dr. C.M.J. Ryngaert is hoogleraar internationaal publiekrecht aan de Universiteit Utrecht.

    De rechter oordeelt ogenschijnlijk snel dat voorwerpen waarvan is bewezenverklaard dat zij zijn witgewassen wederrechtelijk voordeel zijn en miskent hierdoor het reparatoire karakter van de ontnemingsmaatregel, namelijk dat alleen de criminele verdiensten mogen worden afgepakt. De rechter moet de schatting van het WVV voldoende motiveren en onderzoek doen naar het daadwerkelijke WVV van betrokkene.
    De verbeurdverklaring is een mogelijk alternatief voor de ontnemingsprocedure in geval van witwassen: voorwerpen kunnen worden afgepakt zonder dat het bezit ervan ten laste wordt gelegd, zonder dat de verdachte het nog bezit of in een situatie waarin een verdachte het bij een ander heeft veiliggesteld.


Mr. T. Groenendijk
Mr. T. Groenendijk is werkzaam bij de Belastingdienst/FIOD in Amsterdam.
Jurisprudentie

De AOW-uitkering van de gedetineerde uitkeringsgerechtigde

Noot bij CRvB 3 maart 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:880

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, AOW-uitkering, Bestuurlijk maatregelrecht, Lijfsdwang, Detentie
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Gedurende de periode waarin appellant onder toepassing van artikel 577c Sv lijfsdwang onderging in een penitentiair psychiatrisch centrum, was hem rechtens zijn vrijheid ontnomen in de zin van artikel 8b, tweede lid, van de AOW. Appellant heeft daarom over die periode geen recht op AOW-pensioen. Blijkens de wetsgeschiedenis bij artikel 8b AOW heeft de wetgever bij de term ‘rechtens zijn vrijheid ontnomen’ niet enkel gedacht aan gevangenisstraf, maar ook aan andere vormen van detentie, zoals gijzeling wegens het niet betalen van verkeersboetes of het niet nakomen van wettelijke verplichtingen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van der Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Redactioneel

Het bestaansrecht van de Wet op de economische delicten revisited

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Herziening WED, Culpose delicten, Kaderwet WOD, Europese regelgeving
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De WED lijkt toe aan herziening in de vorm van een kaderwet Wet op de ordeningsdelicten (WOD). De structuur van de aanduiding van de materiële normen kan zo blijven, aangevuld met een specifiek sanctiearsenaal. Er dient een nuancering in de sancties te worden aangebracht door culpose delicten te introduceren. Strafvorderlijk gezien dient in de WOD een juridisch kader te worden gecreëerd voor onder andere overlegstructuren van toezichthouders en OM en de afdoeningsmodaliteit voor buitengerechtelijke afdoening. In de sanctietoemeting zal de verhouding tussen strafrecht en bestuursrecht opnieuw moeten worden geregeld. Speciale aandacht dient de Europese wetgeving in de nieuwe WOD te krijgen.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Fraude & asset recovery: een routekaart voor het terughalen van vermogensbestanddelen langs civielrechtelijke weg

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden fraude, asset tracing, asset recovery, exhibitieplicht, Norwich Pharmacal order
Auteurs Mr. dr. C.G. van der Plas en Mr. C.L. van Tilburg
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel over fraude & asset recovery wordt stapsgewijs aan de hand van een casus uiteengezet hoe via civielrechtelijke weg kan worden achterhaald waar weggesluisde vermogensbestanddelen zijn gebleven en hoe deze kunnen worden teruggehaald. Daarbij wordt niet alleen aandacht besteed aan de mogelijkheden die het Nederlandse recht daarvoor biedt, maar passeren ook enkele discovery tools uit common law jurisdicties de revue.


Mr. dr. C.G. van der Plas
Mr. dr. C.G. van der Plas is advocaat bij Florent te Amsterdam en universitair docent Internationaal privaatrecht aan de UvA.

Mr. C.L. van Tilburg
Mr. C.L. van Tilburg is advocaat bij Florent te Amsterdam.
Artikel

Randvoorwaardenkorting: ceci n'est pas une punition?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Randvoorwaardenkorting, Ne bis in idem, criminal charge, Engel (criteria)
Auteurs Mr. J. van der Vegte
SamenvattingAuteursinformatie

    Staat de toepassing van een ministeriële randvoorwaardenkorting een strafvervolging voor dezelfde feiten in de weg? Deze vraag is door verschillende gerechten in Nederland beantwoord, waarbij de ene keer tot de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie wordt geconcludeerd en de andere keer niet. Hoe kan het dat de gerechten hier verschillend over oordelen? In dit artikel wordt deze vraag beantwoord. Daarbij wordt met name aandacht geschonken aan de beoordelingscriteria ten aanzien van de vraag of de randvoorwaardenkorting als strafrechtelijk dient te worden aangemerkt, de wijze waarop de criteria in de verschillende uitspraken zijn gewogen en wat daarbij opvalt.


Mr. J. van der Vegte
Mr. J. van der Vegte is senior gerechtssecretaris bij het Gerechtshof Den Haag, afdeling strafrecht.
Artikel

Het medische beroepsgeheim: Heilige huisjes en juridische fictie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Medische beroepsgeheim, Veronderstelde toestemming, Conflict van plichten, Zeer bijzondere omstandigheden, Dood
Auteurs Prof. mr. dr. W.L.J.M. Duijst en mr. drs. M.E.B. Morsink
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer wordt gesproken over het medische beroepsgeheim dan worden termen gebruikt die een geheel eigen leven zijn gaan leiden. Termen als ‘veronderstelde toestemming’, ‘conflict van plichten en ‘zeer bijzondere omstandigheden’, leiden zelden tot discussie. Wanneer deze termen nader worden beschouwd zijn zij uitermate onduidelijk en juridisch niet of nauwelijks houdbaar.


Prof. mr. dr. W.L.J.M. Duijst
Prof. mr. dr. W.L.J.M. Duijst is hoogleraar forensische geneeskunde en gezondheidsstrafrecht aan de Universiteit Maastricht.

mr. drs. M.E.B. Morsink
mr. drs. M.E.B. Morsink is SEH-arts KNMG in het Radboudumc in Nijmegen.
Artikel

Advocaat + misbruik + fiscaal verschoningsrecht = som van misverstanden

Het verschoningsrecht van advocaten: kanttekeningen bij hardnekkige misverstanden en inzicht in aspecten van het toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden advocaten, verschoningsrecht, misbruik, toezicht, deken
Auteurs Mr. E. van Empel en Mr. P.N. van Regteren Altena
SamenvattingAuteursinformatie

    De beleidsvoornemens vervat in de brief van staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes (17 januari 2017, kenmerk 2017-0000009661) voor zover gericht op het ‘wettelijk fiscale verschoningsrecht’ van advocaten geven toezichthouders op advocaten aanleiding om hardnekkige misverstanden over het verschoningsrecht voor advocaten onder de loep te nemen en het toezicht op advocaten en de rol van de deken bij een beroep op verschoningsrecht te belichten, indien degene die met een beroep op verschoningsrecht wordt geconfronteerd daar om vraagt.


Mr. E. van Empel
Mr. E. van Empel is deken van de orde van advocaten arrondissement Zeeland-West-Brabant, voorzitter dekenberaad tot 1 april 2017 en advocaat bij Blue Legal Advocaten te Breda.

Mr. P.N. van Regteren Altena
Mr. P.N. van Regteren Altena is deken van de orde van advocaten arrondissement Amsterdam, voorzitter dekenberaad per 1 april 2017 en advocaat bij Van Doorne Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Het doorbreken van het verschoningsrecht: zijn de ‘zeer uitzonderlijke omstandigheden’ wel zo uitzonderlijk?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden doorbreking verschoningsrecht, zeer uitzonderlijke omstandigheden, advocaat, notaris, geheimhouders
Auteurs Mr. F.G.L. van Ardenne en Mr. R.J.E. Merkus
SamenvattingAuteursinformatie

    Een inperking van verschoningsrecht wordt gevormd door het leerstuk van de ‘zeer uitzonderlijke omstandigheden’. In dit artikel wordt geïnventariseerd welke omstandigheden met betrekking tot advocaten en notarissen volgens de cassatierechter ‘zeer uitzonderlijk’ zijn en of er sprake is van een hoge drempel voor het aannemen van deze omstandigheden. Het vereiste voor het aannemen van deze omstandigheden is dat sprake dient te zijn van verdenking van een ernstig strafbaar feit. In de praktijk is dat al snel het geval. Het leerstuk van de ‘zeer uitzonderlijke omstandigheden’ is daarom minder uitzonderlijk dan de term doet vermoeden.


Mr. F.G.L. van Ardenne
Mr. F.G.L. van Ardenne is advocaat en partner bij van Ardenne & Crince le Roy Advocaten in Rotterdam.

Mr. R.J.E. Merkus
Mr. R.J.E. Merkus is advocaat bij van Ardenne & Crince le Roy Advocaten in Rotterdam.
Jurisprudentie

De toepasselijkheid van het familiaire verschoningsrecht ter zake van de procedure tot intrekking en terugvordering van bijstand

Noot bij CRvB 21 februari 2017 ECLI:NL:CRVB:2017:612

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, Bijstandsfraude, Bestuurlijk maatregelrecht, Familiaal verschoningsrecht, Cautie
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De intrekking en terugvordering van bijstand wordt aangemerkt als een bestuurlijke maatregel. In de onderhavige uitspraak van de Centrale Raad van Beroep blijkt dat appellant niet zijn hoofdverblijf had op het uitkeringsadres. De bijstand wordt daarom ingetrokken en teruggevorderd. Dit besluit is onder andere gebaseerd op een verklaring van de dochter van appellant. De Centrale Raad van Beroep overweegt dat aannemelijk is gemaakt dat de dochter door de sociale rechercheurs is gewezen op haar verschoningsrecht en deze verklaring ten grondslag kan worden gelegd aan het besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstand.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Diversen

Modernisering Strafvordering: verschoning en codificatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden verschoningsrecht, modernisering strafvordering, doorbreking, codificatie
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van de modernisering van het Wetboek van Strafvordering is voorgesteld de mogelijkheid van ‘doorbreking’ van het verschoningsrecht te codificeren. Deze bijdrage in de rubriek Trending Topics gaat in het licht van het themanummer over het professionele verschoningsrecht kort in op het nut van codificatie van (sterk casuïstisch gekleurde) regels uit de jurisprudentie, zowel met betrekking tot de ‘doorbreking’ als meer algemeen. Volgens de auteur dient uiteindelijk gewaakt te worden voor al te veel verfijning op het niveau van de formele wet.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. Gritter is als universitair docent (straf)procesrecht verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen, en is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Fair play in het fiscale strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Informeel verschoningsrecht, Fair play, Belastingadviseur
Auteurs Mr. A.M.E. Nuyens en Mr. P.C. Melse
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat het informeel verschoningsrecht centraal. Dit buitenwettelijke verschoningsrecht, door de Hoge Raad gedefinieerd als het fair play-bginsel vindt zijn oorsprong in het fiscale recht. Een korte introductie zal worden gegeven over de verregaande controlebevoegdheden van de Belastingdienst alsook over wettelijk fiscale verplichtingen van een belastingplichtige en de samenwerking ter voldoening daaraan met een belastingadviseur. De (in bepaalde gevallen te opportunistische) keuzemogelijkheid in het fiscaal punitieve stelsel komt aan bod en waarom juist in dit stelsel de belastingadviseur zich zou moeten kunnen verschonen. Daarna wordt beargumenteerd waarom het informeel verschoningsrecht ook doorwerking heeft, althans behoort te hebben in het strafrecht. Tot slot wordt stilgestaan bij de recente ontwikkelingen met betrekking tot het verschoningsrecht.


Mr. A.M.E. Nuyens
Mr. A.M.E. Nuyens is advocaat bij De Bont Advocaten en universitair docent aan Tilburg University.

Mr. P.C. Melse
P.C. Melse is masterstudent Fiscaal Recht aan Tilburg University.
Toont 61 - 80 van 165 gevonden teksten
1 2 4 6 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.