Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 475 artikelen

x
Jaar 2016 x

Mr. J. de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Article

Access_open A World Apart? Private Investigations in the Corporate Sector

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Corporate security, private investigations, private troubles, public/private differentiation
Auteurs Clarissa Meerts
SamenvattingAuteursinformatie

    This article explores the investigative methods used by corporate security within organisations concerned about property misappropriation by their own staff and/or others. The research methods are qualitative: interviews, observations and case studies carried out between October 2012 and November 2015. The findings include that, even though corporate investigators do not have the formal investigative powers enjoyed by police and other public agencies, they do have multiple methods of investigation at their disposal, some of which are less used by public investigative agencies, for example the in-depth investigation of internal systems. Corporate investigators also rely heavily on interviews, the investigation of documentation and financial administration and the investigation of communication devices and open sources. However, there are many additional sources of information (for example, site visits or observations), which might be available to corporate investigators. The influences from people from different backgrounds, most notably (forensic) accountants, (former) police officers, private investigators and lawyers, together with the creativity that is necessary (and possible) when working without formal investigative powers, make corporate security a diverse field. It is argued that these factors contribute to a differentiation between public and private actors in the field of corporate security.


Clarissa Meerts
Clarissa Meerts, MSc., is a PhD student at the Criminology Department of the Erasmus University Rotterdam.
Artikel

Het toekomstig wettelijk kader van bemiddeling in België

Toespraak van Minister Koen Geens, gehouden op de TMD-studienamiddag over ‘Bemiddeling-mediation (ontwerp)regelgeving in België, Nederland en de EU: de actuele stand van zaken’, 1 december 2016 te Antwerpen-Mortsel

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2016
Auteurs Koen Geens
Auteursinformatie

Koen Geens
De heer Koen Geens is Minister van Justitie van België.

Karen Vandekerckhove
Karen Vandekerckhove is Gedeputeerd afdelingshoofd bij het EC Directoraat-Generaal Justitie en Consumenten.

    This Volume is a special issue, almost entirely dedicated to the TMD symposium that took place on 1 December 2016 at the premises of Intersentia Publishing company near Antwerp. The symposium addressed the current Belgian and Dutch plans for new legislation aiming to further the use of mediation by intending litigants. The TMD Editorial Board is honoured that an insight into the respective plans was provided by the highest level authorities, that is: Mr. Koen Geens, the Belgian Minister of Justice, and Mr. Dennis Hesemans, senior counsel to the Dutch Minister of Justice. The Board is equally honoured that on behalf of the European Commission, Mrs. Karen Vandekerckhove, Acting Head of Unit at DG Justice and Consumers, was willing to discuss the outcomes of the recent official Evaluation of the EU Mediation Directive 52/2008. These findings made it possible to assess the Belgian and Dutch plans in a broader European perspective. The presentations delivered by these three keynote speakers have been reworked and are included as main contributions in this Volume.


Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is onder andere verbonden aan de Erasmus Universiteit en TMD-redactielid. Hij trad enkele malen op als rapporteur-generaal voor de Raad van Europa op het gebied van ADR/mediation.

Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD, hoofddocent aan de Erasmus Universiteit en vicevoorzitter van de examencommissie Stichting Kwaliteit Mediators. Zij heeft diverse malen als key expert voor de Europese Commissie meegewerkt aan projecten met name op het gebied van arbeidsrechtelijke mediation.

Dennis Hesemans
Dennis Hesemans is coördinerend raadadviseur bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Emese von Bóné
Emese von Bóné is als rechtshistorica verbonden aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit te Rotterdam.
Artikel

E-commerce sector inquiry

De voorlopige (mededingingsrechtelijke) bevindingen van de Europese Commissie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden E-commerce, Sector inquiry, mededinging, SWD(2016) 312, Sectoronderzoek
Auteurs Mr. drs. D.P. Kuipers en Mr. M.A.M.L. van de Sanden
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 15 september 2016 heeft de Europese Commissie als onderdeel van haar Digital Single Market-strategie een rapport gepubliceerd waarin de voorlopige bevindingen van haar e-commerce sector inquiry zijn opgenomen. Dit rapport brengt de praktijken aan het licht die tot een beperking van de concurrentie zouden kunnen leiden. De bevindingen uit het rapport kunnen mogelijk een grote impact hebben op de e-commerce sector in de Europese Unie. In dit artikel worden de belangrijkste door de Commissie geïdentificeerde ontwikkelingen en praktijken beschreven alsmede of die ontwikkelingen en praktijken aanleiding geven tot mededingingsbezwaren. Het definitieve rapport wordt in het eerste kwartaal van 2017 verwacht.
    European Commission, Preliminary Report on the E-Commerce Sector Inquiry, Commission staff working document, 15 september 2016, SWD(2016) 312 final.


Mr. drs. D.P. Kuipers
D.P. (Pauline) Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

Mr. M.A.M.L. van de Sanden
M.A.M.L. (Mariska) van de Sanden was tot 1 november 2016 advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag. Inmiddels is zij werkzaam bij Houthoff Buruma te Brussel.
Artikel

Nieuwe jurisprudentie over de dienstenrichtlijn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, vrijheid van vestiging, vergunningsvoorwaarden, concessies, meldingsplicht
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In de afgelopen maanden zijn door Europese rechterlijke instanties drie arresten gewezen, die verschillende artikelen van de Dienstenrichtlijn op nieuwe punten interpreteren. Het gaat om vragen als: zijn concessies als vergunningen aan te merken, hoe moeten bepaalde (verboden) vergunningsvoorwaarden worden geïnterpreteerd, kunnen vergunningen automatisch verlengd worden en in hoeverre is een meldingsplicht voor dienstverrichtingen vanuit een andere lidstaat geoorloofd. Tot slot zal onderzocht worden of uit het arrest Promoimpresa afgeleid kan worden dat de artikelen 9 t/m 15 van de richtlijn ook van toepassing zijn op zuiver interne situaties.
    HvJ 23 februari 2016, zaak C-179/14, Commissie/Hongarije, ECLI:EU:C:2016:108
    HvJ 14 juli 2016, gev. zaken C-458/14 en C-67/15, Promoimpresa e.a., ECLI:EU:C:2016:558.
    EVA-Hof 10 mei 2016, zaak E-19/15, ESA/Liechtenstein


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Artikel

Hof van Justitie eist in de cementzaken een steviger fundament onder inlichtingenverzoeken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden Mededinging, Inlichtingenverzoek, motivering, zelfincriminatie, 1/2003
Auteurs Mr. J.W. Fanoy en Mr. T. Raats
SamenvattingAuteursinformatie

    In de cementzaken concludeert het Hof van Justitie dat de Europese Commissie haar inlichtingenverzoek onvoldoende had gemotiveerd. In dit artikel wordt de verwachte impact van deze uitspraak besproken. Daarnaast gaan auteurs in op (rechts)vragen die het arrest oproept.


Mr. J.W. Fanoy
Mr. J.W. (Joost) Fanoy is partner binnen de afdeling Mededinging & aanbesteding van BarentsKrans.

Mr. T. Raats
Mr. T. (Tim) Raats is advocaat-medewerker bij Maverick Advocaten.

    In HvJ 28 juli 2016, zaak C-191/15, Verein für Konsumenteninformation/Amazon EU Sárl, ECLI:EU:C:2016:612 heeft het Hof van Justitie geoordeeld dat oneerlijke bedingen in online gesloten of nog te sluiten overeenkomsten met consumenten en tegen het gebruik waarvan met een preventieve collectieve verbodsactie wordt geageerd, het karakter hebben van verbintenissen uit overeenkomst. De rechtmatigheid van dergelijke bedingen moet daarom, ook wanneer de rechtmatigheidstoets als voorvraag opkomt in het kader van een niet-contractuele collectieve verbodsactie, worden beoordeeld naar het recht dat door Verordening (EG) nr. 593/2008 (Rome I) wordt aangewezen. Daarentegen is volgens de advocaat-generaal alleen Verordening (EG) nr. 864/2007 (Rome II) relevant.
    HvJ 28 juli 2016, zaak C-191/15, Verein für Konsumenteninformation/Amazon EU Sàrl, ECLI:EU:C:2016:612


Mr. R.P. Streng
Mr. R.P. (Renze) Streng LL.M. is werkzaam als Professional Support Lawyer bij NautaDutilh NV te Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Access_open The Erosion of Sovereignty

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2016
Trefwoorden sovereignty, state, Léon Duguit, European Union, Eurozone
Auteurs Martin Loughlin
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents an account of sovereignty as a concept that signifies in jural terms the nature and quality of political relations within the modern state. It argues, first, that sovereignty is a politico-legal concept that expresses the autonomous nature of the state’s political power and its specific mode of operation in the form of law and, secondly, that many political scientists and lawyers present a skewed account by confusing sovereignty with governmental competence. After clarifying its meaning, the significance of contemporary governmental change is explained as one that, in certain respects, involves an erosion of sovereignty.


Martin Loughlin
Martin Loughlin is Professor of Public Law at the London School of Economics and Political Science and EURIAS Senior Fellow at the Freiburg Institute of Advanced Studies (FRIAS).
Diversen

Rechtsbescherming bij het gebruik van big data door toezichthouders: een verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden big data, profilering, privacy, persoonsgegevens, rechtsbescherming
Auteurs Prof. Gerrit-Jan Zwenne, Mr. Wilfred Steenbruggen en Mr. Michael Reker
SamenvattingAuteursinformatie

    Willen toezichthouders en bestuursorganen gebruikmaken van big data predictive analytics, dan moeten zij dit doen binnen de daarvoor geldende bestuursrechtelijke en privacyrechtelijke kaders. Zij krijgen te maken met rechtsvragen over beschikbaarheid en bruikbaarheid en – omdat er bij toezicht vrijwel altijd op enig moment sprake zal zijn van een verwerking van persoonsgegevens – de privacywetgeving. In dit artikel komen aan de orde over welke gegevens toezichthouders kunnen en mogen beschikken, welke conclusies zij op basis van big-data-analyses kunnen trekken en hoe in dit alles de belangen van rechtssubjecten kunnen worden gewaarborgd.


Prof. Gerrit-Jan Zwenne
Prof. G-J. Zwenne is hoogleraar recht en de informatiemaatschappij te Leiden en advocaat bij Brinkhof in Amsterdam.

Mr. Wilfred Steenbruggen
Mr. W. Steenbruggen is advocaat bij Leijnse Artz in Rotterdam.

Mr. Michael Reker
Mr. M. Reker is advocaat bij Brinkhof in Amsterdam.
Jurisprudentie

Over de grens? Over de territorialiteit van handhavingstoezicht in het bestuursrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden territorialiteitsbeginsel, handhavingstoezicht, extraterritorialiteit, financieel bestuursrecht, economisch bestuursrecht
Auteurs Prof. mr. Oswald Jansen
Auteursinformatie

Prof. mr. Oswald Jansen
Prof. mr. O.J.D.M.L. Jansen is hoogleraar Europees bestuursrecht en openbaar bestuur aan de Universiteit van Maastricht, juridisch bestuursadviseur en advocaat van de gemeente Den Haag alsmede advocaat bij Resolución te Den Haag.
Diversen

Samenwerking Rijk-gemeente bij het toezicht op de Leerplichtwet

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Leerplichtwet, samenwerking tussen toezichthouders, Awb, onafhankelijke deskundigen, definitie van toezicht
Auteurs Dr. Jos Verkroost en Mr. drs. Annemiek Zeeman
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 2012 werkt de onderwijsinspectie samen met leerplichtambtenaren bij toezicht op en handhaving van de leerplichtwet. Een recente uitspraak van de Rechtbank Rotterdam heeft een streep door deze samenwerking gezet. In dit artikel beschrijven de auteurs allereerst de voorgeschiedenis en de context. Vervolgens gaan zij in op de overwegingen die de rechtbank heeft gehad bij het vonnis. Ten slotte bekijken zij wat de mogelijke gevolgen zijn voor samenwerking tussen toezichthouders, ook buiten het onderwijstoezicht.


Dr. Jos Verkroost
Dr. J.J.H. Verkroost is coördinerend inspecteur bij de Inspectie van het Onderwijs.

Mr. drs. Annemiek Zeeman
Mr. drs. A.M. Zeeman is senior juridisch adviseur bij de Inspectie van het Onderwijs.
Diversen

Bankentoezicht en het Verdrag van Maastricht: het Nederlandse debat in perspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Verdrag van Maastricht, bankentoezicht, bankenunie, ECB
Auteurs Dr. Bart van Riel en Marko Bos
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds november 2014 is de Europese Centrale Bank de belangrijkste toezichthouder voor de banken in de eurozone. De overdracht van toezichtstaken aan de ECB is opmerkelijk omdat het Verdrag van Maastricht hiervoor – vooral onder Duitse druk – hoge drempels opwierp. Destijds werd overdracht van toezichtstaken ook niet nodig geacht vanwege de harmonisatie van de regulering van banken. De crisis in de eurozone heeft laten zien dat dit echter geen substituut vormde voor centralisatie van het bankentoezicht. Bovendien vertoonde deze regulering ernstige tekortkomingen. Een derde les uit de crisis is dat toezicht op afzonderlijke instellingen onvoldoende is voor het waarborgen van financiële stabiliteit: het geheel is meer dan de som der delen.


Dr. Bart van Riel
Dr. B. van Riel is senior beleidsmedewerker bij de SER.

Marko Bos
M. Bos is directeur Economische Zaken bij de SER.

    Digitale gegevensuitwisseling tussen toezicht- en opsporingsinstanties betekent een nieuwe manier van werken. Voor welke vragen staat de uitvoeringspraktijk en is die er klaar voor? En hoe staat het met de wetgeving? In dit artikel staat de praktijk bij de totstandkoming van Inspectieview Milieu centraal. Dit traject is een voorbeeld van hoe het elders gaat of zou kunnen gaan. Maar er is meer nodig… In eerste instantie een brede verkenning naar de manier waarop toezicht en opsporing met elkaar samenwerken en op welke wijze ICT daarbij kan ondersteunen. Een belangrijke vervolgvraag is wat daar wettelijk nog voor nodig is. De uitvoeringspraktijk hoeft daar niet op te wachten. Er kan al gestart worden met een gezamenlijke ‘Gedragscode samenwerking en informatie-uitwisseling toezicht en opsporing’ zodat niemand meer het wiel hoeft uit te vinden.


Mr. Caroline Coolen
Mr. C.J. Coolen (1971) is Privacy Officer bij het Nederlands Forensisch Instituut. Daarvoor heeft zij bij het Openbaar Ministerie/Functioneel Parket gewerkt aan de totstandkoming van samenwerkings- en privacyafspraken tussen toezichthouders, gemeenten, opsporingsdiensten en private partijen op het gebied van fraude, ondermijning en milieucriminaliteit. Zij is betrokken bij verschillende (interdepartementale) werkgroepen, verkenningen en wetgevingstrajecten over informatie-uitwisseling en privacy.
Artikel

Digitaal procederen

Nu echt op stoom

Tijdschrift De Gerechtsdeurwaarder, Aflevering 4 2016

prof. mr. A.W. Jongbloed
Prof. mr. A.W. Jongbloed is redactielid van de Gerechtsdeurwaarder en o.a. raadsheer-plaatsvervanger bij het Hof Amsterdam (Notaris- en Gerechtsdeurwaarderskamer). Sommige gedeelten (o.a. de beschrijving van de casus die leidde tot Rb. Rotterdam 18 mei 2016, ECLI:NL:​RBROT:2016:4166) zijn ontleend aan een artikel dat ik schreef voor het oktober-nummer van het Tijdschrift voor Curatoren.

    A cassation court traditionally has two tasks: a unifying task and a corrective task. The unifying task consists of verifying the internal legality of a lower court’s decision (the correct application and interpretation of the law by the lower courts). The corrective task refers to verifying the external legality of the lower court’s decision. The cassation court must ensure that the decisions of the courts concerned are in conformity with the requirements of proper administration of justice. This article focuses on the following question: is it necessary that the Belgian Council of State, acting in the capacity of a cassation court, performs both traditional tasks (corrective and unifying)? This is by no means self-evident, given the specific judicial structure in which the Belgian Council of State operates.


Elsbeth Loncke
Ph.D. at Hasselt University, Belgium, and attorney at the bar of Limburg, Belgium.
Toont 61 - 80 van 475 gevonden teksten
1 2 4 6 7 8 9 23 24
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.