Zoekresultaat: 113 artikelen

Jaar 2017 x

ADR Clauses and International Perceptions: A Preliminary Report

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2017
Trefwoorden ADR, Dispute resolution clauses, Questionnaire, commercial contracts
Auteurs Maryam Salehijam

    This article provides a preliminary analysis of the 622 responses to a questionnaire conducted in the context of Maryam Salehijam’s PhD research which focuses on commercial parties’ agreement to mediate/conciliate. The questionnaire targeted ADR professionals and experts with experience in drafting, inserting, or enforcing dispute resolution clauses that provide for non-binding ADR mechanisms. Some of the key findings include that it is still not very common for commercial contracts to conclude agreements to mediate/conciliate. This begs the question of why the parties and/or their legal advisors do not conclude such agreements as regularly as agreements to arbitrate. Moreover, the questionnaire confirmed that there is widespread practice in contract drafting to copy and paste dispute resolution clauses. This practice is shocking in light of the rising number of cases in which the parties dis­agree regarding the binding nature of their dispute resolution clause.

Maryam Salehijam
Maryam Salehijam is a PhD Researcher at the University of Ghent (Transnational Law Centre), LL.M. International Laws (Maastricht University) and LL.B. European Law (Maastricht University).

    The purpose of this article is to investigate whether the notion of an interest should be taken more seriously than the notion of a right. It will be argued that it should; and not only because it can be just as amenable to the institutional taxonomical structure often said to be at the basis of rights thinking in law but also because the notion of an interest has a more epistemologically convincing explanatory power with respect to reasoning in law and its relation to social facts. The article equally aims to highlight some of the important existing work on the notion of an interest in law.

Geoffrey Samuel
Professor of Law, Kent Law School, The University of Kent, Canterbury, Kent, U.K. This article is a much re-orientated, and updated, adaption of a paper published a decade ago: Samuel 2004, at 263. The author would like to thank the anonymous referees for their very helpful criticisms and observations on an earlier version of the manuscript.

Access_open Corporate Taxation and BEPS: A Fair Slice for Developing Countries?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Fairness, international tax, legitimacy, BEPS, developing countries
Auteurs Irene Burgers en Irma Mosquera

    The aim of this article is to examine the differences in perception of ‘fairness’ between developing and developed countries, which influence developing countries’ willingness to embrace the Base Erosion and Profit Shifting (BEPS) proposals and to recommend as to how to overcome these differences. The article provides an introduction to the background of the OECD’s BEPS initiatives (Action Plan, Low Income Countries Report, Multilateral Framework, Inclusive Framework) and the concerns of developing countries about their ability to implement BEPS (Section 1); a non-exhaustive overview of the shortcomings of the BEPS Project and its Action Plan in respect of developing countries (Section 2); arguments on why developing countries might perceive fairness in relation to corporate income taxes differently from developed countries (Section 3); and recommendations for international organisations, governments and academic researchers on where fairness in respect of developing countries should be more properly addressed (Section 4).

Irene Burgers
Irene Burgers is Professor of International and European Tax Law, Faculty of Law, and Professor of Economics of Taxation, Faculty of Business and Economics, University of Groningen.

Irma Mosquera
Irma Mosquera, Ph.D. is Senior Research Associate at the International Bureau of Fiscal Documentation IBFD and Tax Adviser Hamelink & Van den Tooren.

Huub Dijstelbloem – Het huis van Argus, Boom uitgevers 2016

Een alternatieve recensie – Argus en de kunst van het kijken

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1-2 2017
Auteurs Jeroen Postma, Kor Grit en Annemiek Stoopendaal

Jeroen Postma
Dr. J.P. Postma is universitair docent/wetenschappelijk onderzoeker aan het Instituut Beleid en Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Kor Grit
Dr. K.J. Grit is universitair docent/wetenschappelijk onderzoeker aan het Instituut Beleid en Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Annemiek Stoopendaal
Dr. A.M.V. Stoopendaal is universitair docent/wetenschappelijk onderzoeker aan het Instituut Beleid en Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Wetgevingspakket Schone Energie voor alle Europeanen

Energie-efficiëntie en de rol van de afnemer nader bekeken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Schone energie, energie-efficiëntie, energiebesparing, rol afnemer, marktrol
Auteurs Mr. P.B. Gaasbeek en Mr. N.R. Geerts-Zandveld

    Het wetgevingspakket van de Europese Commissie van 30 november 2016, Schone Energie voor alle Europeanen, telt een 15-tal documenten. Ten behoeve van de hoofddoelstelling ‘Energie-efficiëntie eerst’ zijn onder meer voorstellen opgenomen tot aanpassing van de efficiëntiedoelstelling, een verzwaarde verplichting tot energiebesparing en de invoering van ‘aan verplichtingen verbonden partijen’. Bovendien worden er maatregelen voorgesteld ten behoeve van de aanleg van laadinfrastructuur en de kosteneffectieve renovatie van gebouwen. Dit laatste kan helpen energiearmoede te voorkomen of in elk geval te beperken. Ten behoeve van de hoofddoelstelling ‘Consumenten op een faire manier laten meeprofiteren’ zijn maatregelen opgenomen ten einde consumenten te laten deelnemen aan de markt en het sturen van de vraagkant. Daarbij wordt een nieuwe marktrol geïntroduceerd, de aggregator.

Mr. P.B. Gaasbeek
Mr. P.B. (Pierrette) Gaasbeek is werkzaam bij Coupry.

Mr. N.R. Geerts-Zandveld
Mr. N.R. (Nynke) Geerts-Zandveld is werkzaam bij Coupry.

Handhaving van de Algemene Verordening Gegevensbescherming vanuit Nederlands perspectief

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden gegevensbescherming, Algemene Verordening Gegevensbescherming, Autoriteit Persoonsgegevens, handhaving, boetes
Auteurs Mr. E. Oude Elferink en Mr. J.G. Reus

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming zal op 25 mei 2018 van toepassing worden. Ten aanzien van de handhaving van regels op het vlak van gegevensbescherming gaat dat grote veranderingen teweegbrengen. In dit artikel wordt een toekomstbeeld geschetst.
    Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), PbEU 2016, L 119/1

Mr. E. Oude Elferink
Mr. E. (Edmon) Oude Elferink is advocaat bij CMS in Brussel.

Mr. J.G. Reus
Mr. J.G. (Jurre) Reus is advocaat in Amsterdam.

Beter weten met Big Data

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2017
Auteurs Daphne van Dijk

Daphne van Dijk
Case Reports

2017/21 Legal rules for employers for monitoring employees in Slovakia (SK)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Privacy, Unfair dismissal
Auteurs Gabriel Havrilla en Richard Sanák

    An employer can monitor an employee’s emails provided it has made it clear beforehand that it might do so. It is permissible for the employer to prohibit employees from using its electronical equipment for private use, but if the employer is going to check whether this rule was being complied with, it needs to have a significant reason to do so and must respect the principles of legality legitimacy and proportionality.

Gabriel Havrilla

Richard Sanák
Gabriel Havrilla and Richard Sanák are respectively managing partner and junior associate with law firm Legal Counsels s.r.o., www.legalcounsels.sk.
Case Reports

2017/20 Data gathered by GPS as a basis for disciplinary dismissal (PT)

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Privacy
Auteurs Maria de Lancastre Valente en Mariana Azevedo Mendes

    Distance-related data gathered by GPS and data reported manually by the employee (a sales representative at a pharmaceutical company) are valid and admissible sources of evidence in the context of a disciplinary dismissal procedure. This decision is innovative in that it contradicts the usual view of the Supreme Court of Justice on the scope of ‘distance-controlled supervision’ for the purposes of assessment of employee conduct.

Maria de Lancastre Valente

Mariana Azevedo Mendes
Maria de Lancastre Valente and Mariana Azevedo Mendes are respectively a Managing Associate and a Trainee Associate at SRS Advogados, Portugal; www.srslegal.pt.

    The Supreme Court ruled that evidence of wrongdoing obtained by a company against two former executives was admissible in court, as it was legitimate that the company should have the opportunity to defend its right to free competition. In such cases, the executives’ right to privacy of communication should be balanced against the company’s freedom of competition.

Effie Mitsopoulou
Effie Mitsopoulou is a partner with Kyriakides Georgopoulos Law Firm in Athens, www.kglawfirm.gr.
ECtHR Court Watch

ECtHR 26 January 2017, application no. 42788/06, Right to fair hearing and right to respect for private and family life

Surikov – v – Ukraine, Ukrainian case

Tijdschrift European Employment Law Cases, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Right to respect for private and family life

    ECtHR concludes that there has been a violation of Article 8 (right to respect for private and family life) in the case of retention and disclosure of an employee’s mental-health data and its use in deciding on employees’ applications for promotion.


De geest en de fles van de nieuwe EHRM-uitspraken inzake het Belgische boerkaverbod

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Boerkaverbod, EHRM, Mensenrechten, margin of appreciation, islam in Europa
Auteurs Prof. dr. mr. Maurits Berger

    Two new rulings by the European Court of Human Rights confirm earlier jurisprudence regarding the ‘burqa ban’, as such ban is justified on the basis of the principle of ‘living together’. Still, two points stand out in these rulings that need discussion. The first is that this is an example of how the Court applies its new ‘qualitative, democracy-enhancing approach’ that pays more consideration to domestic decision-making in the field of human rights. These rulings show the flipside of this laudable endeavour, however, as the Court sees no reason to evaluate, let alone critically assess, the outcome of these domestic decision-making processes. Second, the remarkable ‘concurring opinion’ by the president of the ruling judges, in which he states in very stern wordings that the ruling should not be considered a cart blanche for burqa bans elsewhere. Given the elaborate considerations why such ban would not be admissible, it is surprising that the Court has failed to elaborate why the burqa bans in France and Belgium are admissible.

Prof. dr. mr. Maurits Berger
Prof. dr. mr. M.S. Berger is hoogleraar Islam en het Westen aan de Universiteit Leiden en directeur van de Leiden Islam Academie. Hij is afgestudeerd jurist en arabist, heeft drie jaar gewerkt als advocaat in Amsterdam, en heeft zeven jaar gewoond in het Midden-Oosten, waar hij werkte als journalist en als onderzoeker op het gebied van islamitisch recht. Hij is senior research associate aan Instituut Clingendael, lid van de Adviesraad Internationale Vraagstukken van het ministerie van Buitenlandse Zaken, en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.

Toestemming in het privacyrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2017
Auteurs Mike Landerbarthold en Lora Mourcous

Mike Landerbarthold

Lora Mourcous

Sabine Droogleever Fortuyn

Jiri Büller

Het rechte pad

Toekomstverwachtingen van langgestrafte gedetineerden in Nederland

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2017
Trefwoorden long-term prisoners, future expectations, social ties, Agency
Auteurs Drs. Jennifer Doekhie, Dr. Anja Dirkzwager en Prof.dr. Paul Nieuwbeerta

    This study focuses on a sample of 28 male long-term prisoners in the Netherlands who are about to return to society. The aims of the study are to examine their future expectations regarding criminal behavior and to explore how social and individual factors, such as employment, family support and agency, relate to these expectations. This is important because such expectations may affect their actual (criminal) behavior after release. Pre-release semi-structured in-depth interviews included questions about their future expectations, social ties, and sense of agency. Prisoners expecting to quit with criminal activities had both close social ties to society and scored high on individual factors.

Drs. Jennifer Doekhie
Drs. Jennifer Doekhie is PhD researcher Prison Project aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. Anja Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.

Prof.dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Het medische beroepsgeheim: Heilige huisjes en juridische fictie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Medische beroepsgeheim, Veronderstelde toestemming, Conflict van plichten, Zeer bijzondere omstandigheden, Dood
Auteurs Prof. mr. dr. W.L.J.M. Duijst en mr. drs. M.E.B. Morsink

    Wanneer wordt gesproken over het medische beroepsgeheim dan worden termen gebruikt die een geheel eigen leven zijn gaan leiden. Termen als ‘veronderstelde toestemming’, ‘conflict van plichten en ‘zeer bijzondere omstandigheden’, leiden zelden tot discussie. Wanneer deze termen nader worden beschouwd zijn zij uitermate onduidelijk en juridisch niet of nauwelijks houdbaar.

Prof. mr. dr. W.L.J.M. Duijst
Prof. mr. dr. W.L.J.M. Duijst is hoogleraar forensische geneeskunde en gezondheidsstrafrecht aan de Universiteit Maastricht.

mr. drs. M.E.B. Morsink
mr. drs. M.E.B. Morsink is SEH-arts KNMG in het Radboudumc in Nijmegen.

Het verschoningsrecht van de geestelijke

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden verschoningsrecht, geestelijke, geheimhouding, Godsdienst/religie, sekte
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers

    In de bijdrage wordt het verschoningsrecht van de geestelijke aan de hand van wetsgeschiedenis en rechtspraak aan een nadere beschouwing onderworpen. Centraal staat de vraag wie die geestelijke is en wanneer hem het verschoningsrecht toekomt. Verder wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe het zit met de geestelijk leiders van andere dan de wereldgodsdiensten.

Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit.

‘Een verdrag met potentieel vérstrekkende gevolgen’

De toepassing van het VN-verdrag Handicap door de Nederlandse rechter

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2017
Auteurs Mr. G.J.W. Pulles

    De toetreding van het Koninkrijk der Nederlanden tot het VN-verdrag Handicap zal leiden tot nieuwe rechtsontwikkelingen op het gebied van bescherming van de rechten van personen met een handicap. Een belangrijke rol zal daarbij zijn weggelegd voor de rechter, die immers over de toepassing en interpretatie van het Verdrag zal gaan oordelen in concrete gevallen. De rechter zal daarbij rekening moeten houden met de regels die gelden voor de toepassing van internationaal recht. Dit artikel handelt over de wijzen waarop de rechter het Verdrag kan toepassen en op die manier kan laten doorwerken in de Nederlandse rechtsorde. Het gaat in op de Nederlandse regels voor rechtstreekse, indirecte en horizontale toepassing. Daarbij wordt aandacht besteed aan de uitspraak van 10 oktober 2014 van de Hoge Raad, waarin een hele nieuwe maatstaf voor rechtstreekse toepassing van internationaal recht werd aangelegd. Daarnaast komen de rol en de invloed van Europese rechtspraak van het EHRM en van het HvJ EU en van uitspraken van internationale verdragscomités aan de orde. Het artikel verschaft praktijkjuristen daarmee hopelijk extra argumenten om bij te dragen aan een wezenlijke bescherming van de rechten en waardigheid van personen met een handicap.

Mr. G.J.W. Pulles
Mr. G.J.W. (Gerrit Jan) Pulles is advocaat in Amsterdam en verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij werkt aan een proefschrift over doorwerking van economische en sociale rechten.

    Anonimiseren toezichthouders is onvoldoende gemotiveerd.

Toont 61 - 80 van 113 gevonden teksten
1 2 4 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.