Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 217 artikelen

x
Artikel

De toegankelijkheid van het tuchtrecht in de gezondheidszorg

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2017
Trefwoorden medisch tuchtrecht, griffierecht, wettelijk tuchtrecht, toegankelijkheid tuchtrechtspraak
Auteurs Mr. A. Rube
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het medisch tuchtrecht centraal. In december 2016 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer aanhangig gemaakt, dat de toegankelijkheid en effectiviteit van het wettelijk tuchtrecht in de gezondheidszorg moet verbeteren. De centrale vraag van deze bijdrage is in hoeverre deze doelen met het wetsvoorstel worden bereikt. Het primaire doel van medisch tuchtrecht is het bevorderen en bewaken van de kwaliteit van de beroepsuitoefening. Het is tevens een middel om te bereiken dat personen die een medisch beroep uitoefenen en daardoor een bijzondere verantwoordelijkheid dragen, hun beroep uitoefenen op een wijze die met die verantwoordelijkheid overeenstemt. Het tuchtrecht dient daarmee een algemeen belang; het is niet gericht op persoonlijke genoegdoening van de klager. Hierdoor is toegankelijkheid van het tuchtrecht van essentieel belang. In het genoemde wetsvoorstel wordt een aantal voorstellen gedaan om dat te verbeteren, maar de auteur meent dat dat doel niet in alle gevallen wordt bereikt. Met name de invoering van griffierecht acht zij in dit licht problematisch. In plaats daarvan zou ondersteuning van de klager de voorkeur moeten krijgen en breder worden ingezet dan waar het wetsvoorstel nu in voorziet.


Mr. A. Rube
Mr. A. (Anneloes) Rube is werkzaam als beleidsadviseur gezondheidsrecht bij de KNMG en als promovenda gezondheidsrecht bij de Universiteit van Amsterdam – Academisch Medisch Centrum.
Praktijk

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2016

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2017
Auteurs Marc Custers, Marc Wiggers, Robin Struijlaart e.a.
Auteursinformatie

Marc Custers
Mr. drs. M.G.A.M. Custers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mr. E.F. Groot
Mr. E.F. Groot is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Bas van Stokkom
Bas van Stokkom is verbonden aan de vaksectie Strafrecht & Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen. Tot de thema’s die in zijn onderzoek aan bod komen behoren politie, burgerschap en lokale veiligheidszorg, straftheorie en herstelrecht. www.basvanstokkom.nl.

Alice Bosma
Alice Bosma is promovenda bij INTERVICT, Tilburg University en redacteur van dit tijdschrift.
Redactioneel

Street-level bureaucracy en actoren in de veiligheidszorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Trefwoorden street-level bureaucracy, discretionary power, public safety, frontline worker, dilemmas
Auteurs Prof. dr. Emile Kolthoff, Dr. Kim Loyens en Prof. dr. Antoinette Verhage
SamenvattingAuteursinformatie

    The editorial introduction to this special issue on street-level bureaucracy (36 years after the publication of Michael Lipsky’s book) draws attention to the important role of frontline workers in the implementation of policy in practice. The two narratives as distinguished by Maynard-Moody and Musheno (2000) – that of government as an institution and that of the frontline workers themselves – are discussed in the light of the use of discretionary power by the frontline workers. The various dilemmas that the frontline worker encounters while doing so are briefly introduced and the role of the emergence of New Public Management and the resulting public-private partnerships since the eighties discussed.


Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. E.W. Kolthoff is hoogleraar criminologie aan de Open Universiteit en lector Veiligheid, openbare orde en recht bij Avans Hogeschool in Den Bosch.

Dr. Kim Loyens
Dr. K. M. Loyens is universitair docent aan het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht en geaffilieerd onderzoeker aan het Leuvens Instituut voor Criminologie van de Katholieke Universiteit Leuven.

Prof. dr. Antoinette Verhage
Prof. dr. A.H.S. Verhage is docent aan de vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Faculteit Rechtsgeleerdheid, Universiteit Gent, en verbonden aan het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Universiteit Gent).
Artikel

Street-level bureaucracy en verwijzingen naar gedragsinterventies in Nederlandse penitentiaire inrichtingen

Discrepanties tussen beleid en praktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Trefwoorden prison, treatment, reducing recidivism, correctional treatment referrals, street-level bureaucracy theory
Auteurs Anouk Bosma MSc, Dr. Maarten Kunst, Dr. Anja Dirkzwager e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies indicated that detainees are not always allocated to treatment programs based on official guidelines. Street-level bureaucracy theory suggests that this is because government employees do not always perform policies as prescribed. This study aimed to assess whether this also applies to the allocation of offenders to treatment in Dutch penitentiary institutions. This was studied among a group of 541 male prisoners who participated in the Recidivism Reduction program. The results showed that official policy guidelines were, in most cases, not leading when referring detainees to behavioral interventions. Instead, treatment referrals were influenced by a broad range of risk factors, as well as the length of an offender’s sentence.


Anouk Bosma MSc
A.Q. Bosma MSc is universitair docent Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Maarten Kunst
Dr. M.J.J. Kunst is universitair hoofddocent Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.
Article

Access_open Keck in Capital? Redefining ‘Restrictions’ in the ‘Golden Shares’ Case Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Keck, selling arrangements, market access, golden shares, capital
Auteurs Ilektra Antonaki
SamenvattingAuteursinformatie

    The evolution of the case law in the field of free movement of goods has been marked by consecutive changes in the legal tests applied by the Court of Justice of the European Union for the determination of the existence of a trade restriction. Starting with the broad Dassonville and Cassis de Dijon definition of MEEQR (measures having equivalent effect to a quantitative restriction), the Court subsequently introduced the Keck-concept of ‘selling arrangements’, which allowed for more regulatory autonomy of the Member States, but proved insufficient to capture disguised trade restrictions. Ultimately, a refined ‘market access’ test was adopted, qualified by the requirement of a ‘substantial’ hindrance on inter-State trade. Contrary to the free movement of goods, the free movement of capital has not undergone the same evolutionary process. Focusing on the ‘golden shares’ case law, this article questions the broad interpretation of ‘capital restrictions’ and seeks to investigate whether the underlying rationale of striking down any special right that could have a potential deterrent effect on inter-State investment is compatible with the constitutional foundations of negative integration. So far the Court seems to promote a company law regime that endorses shareholders’ primacy, lacking, however, the constitutional and institutional legitimacy to decide on such a highly political question. It is thus suggested that a refined test should be adopted that would capture measures departing from ordinary company law and hindering market access of foreign investors, while at the same time allowing Member States to determine their corporate governance systems.


Ilektra Antonaki
Ilektra Antonaki, LL.M., is a PhD candidate at Leiden University, The Netherlands.
Artikel

De Wet raadgevend referendum in de praktijk

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2016
Trefwoorden Wet raadgevend referendum, referendabiliteit, artikel 12 Wrr, spoedprocedure, Oekraïne-referendum
Auteurs Mr. L.H.M. Weesing-Loeber en Mr. H.M.B. Breunese
SamenvattingAuteursinformatie

    Iets meer dan een jaar geleden is de Wet raadgevend referendum (Wrr) in werking getreden. In dit artikel wordt teruggekeken op dat jaar. Allereerst wordt kort de systematiek van de Wrr uiteengezet. Daarna wordt bezien hoe de wetgever omgaat met de referendabiliteit van wetten en het gebruik van de spoedprocedure uit artikel 12 Wrr. De bijdrage beschrijft tevens in hoeveel gevallen er daadwerkelijk verzoeken tot het houden van een referendum zijn gedaan. Ten slotte gaat het artikel in op de praktische lessen die geleerd kunnen worden van het eerste referendum dat op grond van deze wet is gehouden en op de suggesties die zijn gedaan om de Wrr aan te passen.


Mr. L.H.M. Weesing-Loeber
Mr. L.H.M. (Leontine) Weesing-Loeber is werkzaam bij de directie Advisering van de Raad van State.

Mr. H.M.B. Breunese
Mr. H.M.B. (Henk-Martijn) Breunese is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

    In deze bijdrage wordt de reikwijdte van de tweede tuchtnorm van de Wet BIG in kaart gebracht. Daarbij wordt nagegaan of wijziging van de betreffende norm noodzakelijk c.q. wenselijk is. Geconstateerd wordt dat de tuchtrechter de afgelopen jaren geen consistente lijn heeft gevolgd bij de uitleg van de tweede tuchtnorm, hetgeen onwenselijk is. Aanbevolen wordt om de tuchtnorm(en) te wijzigen in een zogenoemde betamelijkheidsnorm en om in het kader van de ontvankelijkheid niet langer te toetsen aan de reikwijdte van de tuchtnorm(en).


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is docent/onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit te Nijmegen.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit; lid College voor de Rechten van de Mens en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Verplichte sportarbitrage als uitbuitingsmisbruik: de Pechstein-zaak door de lens van artikel 102 VWEU

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Claudia Pechstein, arbitrageclausule, Hof van Arbitrage voor Sport, artikel 102 VWEU, misbruik
Auteurs Ben Van Rompuy
SamenvattingAuteursinformatie

    Met zijn uitspraak in de Pechstein-zaak legde het Duitse Oberlandesgericht München (OLG) een bom onder de fundamenten van de internationale sportrechtspraak. Volgens het OLG maakte de Internationale Schaatsunie misbruik van haar machtspositie door aan de schaatser Claudia Pechstein een arbitrageclausule ten gunste van het Hof van Arbitrage voor Sport (CAS) verplicht op te leggen. Hoewel het OLG enkel nationaal mededingingsrecht toepaste, analyseren we in deze bijdrage de zaak vanuit het perspectief van het Europees mededingingsrecht. Immers, indien het eenzijdig opleggen van CAS-arbitrageclausules – een gangbare praktijk van internationale sportbonden – ook misbruik vormt in de zin van artikel 102 VWEU, zouden de praktische implicaties voor de toekomst van het CAS nog verregaander zijn.


Ben Van Rompuy
Prof. dr. B. Van Rompuy is onderzoeker bij het T.M.C. Asser Instituut en gastdocent mededingingsbeleid aan de Vrije Universiteit Brussel.
Artikel

Geëiste en opgelegde sancties bij de strafrechtelijke afhandeling van georganiseerde criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2016
Trefwoorden organized crime, Punishment, demanded and imposed sanctions, Sentencing
Auteurs Dr. Karin van Wingerde en Prof. dr. Henk van de Bunt
SamenvattingAuteursinformatie

    The image that criminal enforcement of organized crime is difficult, is commonly reflected in the media and popular debate. Commentators often argue that organized crime is punished less severely than possible, due to the complexity of the offences, time constraints, and the increased interconnectedness between legal and illegal activities, which creates difficulties to find sufficient evidence to convict offenders. Using data from the Dutch Organized Crime Monitor, this article focuses on the ways in which offenders of organized crime are ‘treated’ by the criminal justice system and on the discrepancies between demanded sanctions and the actual sanctions executed in cases of organized crime.


Dr. Karin van Wingerde
Dr. C.G. van Wingerde is universitair docent criminologie aan Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. Henk van de Bunt
Prof. dr. H.G. van de Bunt is hoogleraar criminologie aan Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

Uitspraak rechtbank inzake Brink’s Nederland BV – Geldservice Nederland BV

Uitspraak Rechtbank Rotterdam 13 augustus 2015: Brink’s Nederland BV vs. ACM

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2016
Trefwoorden geldtransport, productieovereenkomst, gezamenlijke inkoop, machtspositie, richtsnoeren horizontale samenwerkingsovereenkomsten
Auteurs Marco Slotboom
SamenvattingAuteursinformatie

    De Rechtbank Rotterdam verwerpt het beroep van Brink’s Nederland BV tegen het besluit op bezwaar van ACM waarin haar klacht tegen de oprichting door ABN AMRO, ING en Rabobank van Geldservice Nederland BV wordt afgewezen. Naar de mening van de rechtbank heeft ACM terecht geoordeeld dat de gezamenlijke geldverwerking en de gezamenlijke inkoop van geldtransportdiensten in het kader van Geldservice Nederland BV niet in strijd zijn met de artikelen 6 lid 1 Mw en 101 lid 1 VWEU respectievelijk artikelen 24 Mw en 102 VWEU.


Marco Slotboom
Mr. dr. M.M. Slotboom is advocaat bij VVGB te Brussel.
Artikel

Het verzekeringscertificaat onder de goederentransportverzekering

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden verzekeringscertificaat, waardepapier, zekerheidsrechten, derdenbescherming, handelsverkeer
Auteurs Mr. M.A.R.C. Padberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Het karakter van het onder de goederentransportverzekering afgegeven verzekeringscertificaat wordt in de praktijk niet altijd onderkend. Het verzekeringscertificaat is van belang in geval van een verzekerd evenement, maar ook als zekerheidsinstrument. Dat belang wordt met praktijkvoorbeelden, rechtspraak en literatuur belicht en becommentarieerd. Het artikel is relevant voor de verzekerings-, rechts- en financieringspraktijk.


Mr. M.A.R.C. Padberg
Mr. M.A.R.C. Padberg is advocaat bij Kneppelhout & Korthals te Rotterdam.
Jurisprudentie

Executieveilingen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2015
Trefwoorden Executieveilingen, Criminal charge, Eén enkele voortdurende inbreuk, Merkbaarheid, Artikel 6 Mw
Auteurs Marco Slotboom en Caroline Schell
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 18 december 2014 oordeelde de Rechtbank Rotterdam over de gegrondheid en hoogte van de boetes opgelegd door ACM aan handelaren op executieveilingen. Deze handelaren hadden zich naar de mening van ACM in de periode 2000-2009 schuldig gemaakt aan overtredingen van het kartelverbod van artikel 6 lid 1 Mw. Volgens de rechtbank beschikte ACM over voldoende bewijs om de gedragingen te kunnen kwalificeren als één enkele inbreuk en de handelaren voor die enkele inbreuk aansprakelijk te houden. De rechtbank achtte een verlaging van de opgelegde boetes met 10 procent passend door de financiële gevolgen voor de handelaren van de ACM-besluiten.


Marco Slotboom
Mr. dr. M.M. Slotboom is advocaat bij VVGB te Brussel.

Caroline Schell
Mr. C. Schell is advocaat bij VVGB te Brussel.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar Gezondheidsrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit, lid-jurist van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Zwolle en redacteur van dit tijdschrift. Hij schrijft op persoonlijke titel.

Jelle van de Poel
Jelle van de Poel is senior juridisch medewerker bij de Rb. Midden-Nederland en lid van de werkgroep jurisprudentie van de Vereniging voor Milieurecht (VMR). Hij bedankt mr. Taco Leemans en mr. Frederik Mantel, beiden lid van de werkgroep jurisprudentie van de VMR, voor hun commentaar.
Artikel

Tuchtrecht – meer tucht dan recht

Voorzittersrede VGR 2015

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden tuchtrecht, strafrecht, artikel 6 lid 1 EVRM
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    De tuchtcolleges hebben afgelopen jaren de tuchtrechtelijke normen zowel ratione personae als ratione materiae fors opgerekt. Het tuchtrecht drijft daarmee af van zijn oorspronkelijke doelstellingen, te weten het bewaken van de kwaliteit van de beroepsuitoefening. In plaats daarvan lijkt het tuchtrecht steeds meer te verworden tot instrument om onwenselijk gedrag van beroepsbeoefenaren, zowel beroepsmatig gedrag als in de privésfeer, te kunnen bestraffen. Ook anderszins glijdt het tuchtrecht af naar een vorm van strafrecht light. Dit roept fundamentele vragen op.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden, coördinator gezondheidsrecht bij artsenorganisatie KNMG en voorzitter van de Vereniging voor Gezondheidsrecht.
Toont 81 - 100 van 217 gevonden teksten
1 2 3 5 7 8 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.