Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 491 artikelen

x
Artikel

De ‘non-human (f)actor’ in cybercrime

Cybercriminele netwerken beschouwd vanuit het ‘cyborg crime’-perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2018
Trefwoorden cyborg crime, cybercrime, cybercriminal networks, botnet, actor-network theory
Auteurs Dr. Wytske van der Wagen en Frank Bernaards LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Botnets, banking malware and other high-tech crimes are increasingly analyzed by criminological scholars. Their distributed and automated nature poses however various theoretical challenges. This article presents an alternative approach, denoted as the ‘cyborg crime’ perspective, which adopts a more hybrid view of networks and also assigns an active role to technology. The value of this approach is demonstrated by reflecting on findings from earlier empirical work that analyzes conversations between cybercriminals involved in botnets and related activities. The research shows that technological nodes can take an important position in the organizational structure of cybercriminal networks and do not merely have a functional role. Viewing technology as an actor within a criminal network might offer new criminological insights in both the composition of these networks and how to disrupt them.


Dr. Wytske van der Wagen
Dr. W. van der Wagen is als universitair docent verbonden aan de Erasmus School of Law (sectie Criminologie). In juni 2018 promoveerde zij aan de Rijkuniversiteit Groningen op het proefschrift From cybercrime to cyborg crime: An exploration of high-tech cybercrime, offenders and victims through the lens of actor-network theory.

Frank Bernaards LLM
F. Bernaards LLM is werkzaam als operationeel specialist bij Team High Tech Crime van de Dienst Landelijke Recherche.
Artikel

Access_open Onzekere risico’s en de verdeling van generieke causaliteitsonzekerheden vanuit twee paradigma’s

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden causaliteitsonzekerheid, onzekere risico’s, voorzorgverplichting, macro-effecten, risicoregulering
Auteurs Mr. dr. E.R. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij aansprakelijkheid en onzekere risico’s draait het om de verdeling van wetenschappelijke onzekerheden. In dit artikel wordt besproken dat vanuit een correctief paradigma men focust op de verdeling van onzekerheden tussen de procespartijen, terwijl het reguleringsparadigma de nadruk legt op de verdeling van onzekerheden over de maatschappij. Toepassing van beide paradigma’s leidt tot verschillende uitkomsten, onder meer in het kader van de onrechtmatigheid en het CSQN-verband.


Mr. dr. E.R. de Jong
Mr. dr. E.R. de Jong is als Universitair Hoofddocent verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open De redelijke grond: rechtsfeit of rechtsgrond?

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Redelijke grond Ontslaggrond, Rechtsfeit Rechtsgrond, Ontbindingsprocedure, Ambtshalve aanvulling, Wet arbeidsmarkt in balans (‘Wab’)
Auteurs mr. Marko Jovović en mr. Joren Wiewel
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 16 februari 2018 wees de Hoge Raad twee beschikkingen over de wijze waarop in ontbindingsprocedures (namelijk met toepassing van het bewijsrecht) moet worden vastgesteld of sprake is van een redelijke grond. De auteurs onderzoeken in deze bijdrage wat dit oordeel betekent voor de discussie over de vraag of redelijke gronden ambtshalve moeten worden toegepast. De auteurs analyseren de beschikkingen mede aan de hand van het onderscheid tussen ‘rechtsfeiten’ en ‘rechtsgronden’. Dit onderscheid is relevant omdat de rechter rechtsfeiten op grond van artikel 24 niet ambtshalve mag aanvullen en rechtsgronden binnen bepaalde grenzen wel.
    In tegenstelling tot de opsteller van de concept-memorie van toelichting bij de Wab concluderen de auteurs dat redelijke gronden rechtsfeiten zijn en niet dus door ambtshalve door de rechter mogen worden aangevuld.


mr. Marko Jovović
Advocaat

mr. Joren Wiewel
Advocaat
Artikel

Access_open Vernietiging van de overeenkomst bij een oneerlijke handelspraktijk; een hanteerbare sanctie?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden oneerlijke handelspraktijk, vernietiging, misleidende omissie, ambtshalve toetsing, causaal verband
Auteurs Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon en Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds juni 2014 kent de afdeling oneerlijke handelspraktijken een bijzondere vernietigingsgrond: art. 6:193j lid 3 BW. Deze bepaling is tot nu toe weinig toegepast, zo blijkt uit de gepubliceerde rechtspraak. In deze bijdrage wordt daarom onderzocht hoe hanteerbaar, in de zin van toegankelijk en gebruiksvriendelijk, de vernietigingsgrond uit art. 6:193j lid 3 BW eigenlijk is. Dit gebeurt door het analyseren van zes uitspraken. Uit het onderzoek blijkt dat de vernietigingsgrond toegankelijk en gebruiksvriendelijk is voor de consument mede dankzij de rol van de rechter. De rechter is namelijk degene die meestal het initiatief neemt tot toepassing van de sanctie.


Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder consumentenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
Mr. dr. L.B.A Tigelaar is universitair docent verbintenissenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Uit het veld

De algoritmische waakhond

Datagedreven mededingingstoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2-3 2018
Trefwoorden algoritme, detectie, mededinging, datagedreven, toezicht
Auteurs Jan Sviták en Erik Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan wij in op de vraag hoe een mededingingsautoriteit datagedreven technieken kan inzetten om effectiever te worden. Machine learning is in de laatste jaren enorm populair geworden, levert vaak snel goede resultaten op en vormt de basis voor succes van vele e-commerce-bedrijven die (bijna) dagelijks machine learning-algoritmes toepassen om de optimale prijzen te bepalen van al hun producten, gegeven historische transacties die concurrenten aanbieden en gelet op de omvang van de eigen voorraad. Machine learning is echter alleen geschikt voor specifieke vraagstukken. Het verschil tussen causaliteit en voorspelkracht speelt daarbij een belangrijke rol. Vaak past een ‘ouderwetse’ statistische analyse beter bij de onderzoeksvraag over oorzaak en gevolg. Voorbeelden van nuttige toepassingen van machine learning-technieken zijn voorspellingsmodellen en verkennende data-analyse, die op nieuwe inzichten kan wijzen of bepaalde gebeurtenissen kan signaleren. Wij bespreken een simpel algoritme toegepast op detectie van veranderingen in prijsdata en laten zien hoe dit tijdrovende handmatige analyses kan vervangen. Een mededingingsautoriteit kan soortgelijke algoritmes als een belangrijke en noodzakelijke aanvulling gebruiken op de ‘ouderwetse’ maar eveneens nuttige statistische analyses voor o.a. opsporing van kartels. De methode is flexibel qua inzet in verschillende markten en toepassingen van diverse aannames over het gedrag van ondernemingen.


Jan Sviták
Dhr. J. Sviták is econometrist bij het Economisch Bureau van de Autoriteit Consument en Markt en extern PhD student aan Tilburg University.

Erik Brouwer
Prof. Dr. E. Brouwer is clusterhoofd big data bij SEO Economisch Onderzoek en bijzondere hoogleraar mededinging en innovatie aan Tilburg University.

    In 2017, empirical research has been conducted at Ghent University regarding the attitude of Belgian lawyers on mediation in the current and future legal and social context. This article explains the background, goals and methodology of the research and unveils some of the results by sharing the first remarkable findings.


Tom Wijnant
Tom Wijnant is assistent en doctoraatsonderzoeker aan de UGent. Zijn onderzoek legt de nadruk op de optimalisering van bemiddeling in België, met een focus op de faciliterende rol van de advocatuur.
Artikel

De actualiteit en toekomst van de toepassing van whiplashjurisprudentie buiten whiplashzaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden whiplash, niet-whiplashzaken, causaal verband, elektrocutie, hondenbeet
Auteurs Mr. S. Boer en Mr. C. van der Roest
SamenvattingAuteursinformatie

    Steeds vaker wordt in niet-whiplashzaken een beroep gedaan op de zogenaamde whiplashjurisprudentie. Met een beroep op de redeneringen uit deze jurisprudentie wordt door benadeelden getracht om het bestaan van veelal substraatloze klachten en het (juridisch) causaal verband tussen deze klachten en beperkingen en het incident aan te tonen. Is toepassing van de whiplashjurisprudentie in niet-whiplashzaken gerechtvaardigd, of is daarmee het spreekwoordelijke hek van de dam? Door middel van een analyse van de whiplashjurisprudentie en recente jurisprudentie in niet-whiplashzaken komen de auteurs tot de conclusie dat een juiste toepassing van de zogenoemde causaliteitsregels uit de whiplashjurisprudentie in niet-whiplashzaken tot rechtvaardige uitkomsten leidt, mits men daarbij de hoofdregel en de beginselen van het bewijsrecht niet uit het oog verliest.


Mr. S. Boer
Mr. S. Boer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten.

Mr. C. van der Roest
Mr. C. van der Roest is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten.
Artikel

Access_open Arbeidsvermogensschade van jonge kinderen

Naar een nieuwe wijze van schadeberekening vanuit het perspectief van gelijkebehandelingswetgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden schadebegroting, arbeidsvermogensschade, kinderen, non-discriminatiebeginsel, alternatieven
Auteurs Mr. I. Karimi
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van het huidige wettelijke systeem heeft de Nederlandse rechter de ruimte om bij de begroting van verlies van arbeidsvermogen van jonge kinderen te differentiëren naar al hun persoonlijke kenmerken. Daar waar het gaat om persoonlijke kenmerken op basis waarvan het verboden is om onderscheid te maken, levert dit een spanningsveld op met gelijkebehandelingswetgeving. In deze bijdrage worden alternatieve benaderingen verkend. Gekeken zal worden in hoeverre de Nederlandse alternatieven aansluiten bij de normen zoals neergelegd in de Grondwet en Europese regelgeving.


Mr. I. Karimi
Mr. I. Karimi heeft in 2017 de master Privaatrecht afgerond aan de Universiteit Utrecht. Aansluitend aan haar afstuderen is ze als juridisch medewerker in dienst getreden bij Asselbergs & Klinkhamer Advocaten. Dit artikel is gebaseerd op de masterscriptie van de auteur. Hiervoor heeft zij drie scriptieprijzen mogen ontvangen, namelijk die van het Juridisch Bureau Letselschade en Gezondheidsrecht, van het Molengraaff Instituut en die van de Stichting Beer Impuls.
Jurisprudentie

Nieuw licht op de arbeidsrechtelijke omkeringsregel?

HR 6 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:536

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden aansprakelijkheidsrecht, werkgeversaansprakelijkheid, asbest, arbeidsrechtelijke omkeringsregel
Auteurs Mr. Veneta Oskam
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij beantwoording van de vraag of causaal verband aanwezig is tussen de asbestblootstelling en het ontstaan van mesothelioom, en of ter vaststelling hiervan de arbeidsrechtelijke omkeringsregel moet worden toegepast, is – overeenkomstig de arresten HR 7 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ1717 (SVB/Van der Wege) en ECLI:HR:2013:BZ1721 (Lansink/Ritsma) – van belang dat het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden niet te onzeker dan wel te onbepaald dient te zijn. De Hoge Raad bekrachtigt het oordeel van het hof dat de enkele blootstelling aan asbest onvoldoende is om toepassing te geven aan de omkeringsregel. De in de eerdergenoemde arresten vastgestelde regels gelden ook bij schade als gevolg van mesothelioom. Ook hier kan het causaal verband te onzeker of te onbepaald zijn wanneer de werknemer ook buiten de werkzaamheden aan asbest blootgesteld is geweest. Daarom komt, gelet op hetgeen in het algemeen bekend is omtrent de ziekte mesothelioom en haar oorzaak, betekenis toe aan (1) de duur en de intensiteit van de blootstelling bij deze werkgever, en in voorkomend geval (2) de duur en de intensiteit van andere blootstelling(en) aan asbest gedurende de latentieperiode en (3) de verhouding tussen (1) en (2).


Mr. Veneta Oskam
Mr. V. Oskam is werkzaam als advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.
Artikel

Persoonlijkheidskenmerken van e-fraudeslachtoffers

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden Online fraud, Big Five personality traits, Phishing, online marketplace fraud, cybercrime prevention
Auteurs Jildau Borwell, Jurjen Jansen en Wouter Stol
SamenvattingAuteursinformatie

    With the digitization of society, perpetrators gained new tools to commit crimes. Online fraud, also referred to as e-fraud, is one of the most common types of cybercrime. The present study focusses on two types of e-fraud: phishing and online consumer fraud. Although e-fraud always contains a digital component, the human is the weakest link in such crimes. Perpetrators deceive their victims to acquire sensitive data or to conclude a fraudulent sale, which makes victims unwillingly participate in the offence. However, not every person adheres to such fraudulent schemes. This raises the question what makes some people comply with these schemes and thus become a victim of cybercrime, while others do not. In this study, the differences between personality traits of e-fraud victims and the Dutch population were investigated. Personality traits influence the way people process information and react to situations, which also applies when people are confronted with e-fraud. Data were collected through an online survey, in which 224 e-fraud victims participated. The outcomes of the survey were compared with norm groups representative for the Dutch population. E-fraud victims, compared to the Dutch population, scored higher on extraversion, altruism and conscientiousness, and lower on neuroticism. Based on the findings, recommendations have been made for the development of targeted preventive measures against e-fraud.


Jildau Borwell
Jildau Borwell is werkzaam bij de Dienst Regionale Informatieorganisatie (Analyse & Onderzoek), Nationale Politie, Eenheid Noord-Nederland, Groningen. Email: jildau.borwell@politie.nl.

Jurjen Jansen
Jurjen Jansen is werkzaam bij de Faculteit cultuur- en rechtswetenschappen aan de Open Universiteit, Heerlen en bij het Lectoraat cybersafety, NHL Hogeschool en Politieacademie, Leeuwarden en Apeldoorn. Email: j.jansen@nhl.nl.

Wouter Stol
Wouter Stol is lector Cybersafety aan de NHL Stenden Hogeschool en de Politieacademie, en bijzonder hoogleraar Politiestudies aan de Open Universiteit. Email: wstol@planet.nl.
Artikel

Determinanten en motivaties voor intentie tot aangifte na slachtofferschap van cybercrime

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden Cybercriminaliteit, Slachtofferschap, Aangiftebereidheid, Politie
Auteurs Lisanne Jong, Rutger Leukfeldt en Steve van de Weijer
SamenvattingAuteursinformatie

    This study focusses on determinants of willingness to report cybercrime to the police or to other organizations and motivations for (not) reporting victimization. In this study, a questionnaire containing vignettes is used. Vignettes are semi-experimental designs in which hypothetical situations are presented and certain factors can be manipulated between and within respondents. Factors that are measured within the vignettes are the type and seriousness of the offence, the relationship between offender and victim and which possibilities for reporting the offence are available.
    It is shown that the type of offence is an important determinant for willingness to report the offence, which is highest for fraud, followed by hacking and malware. Likewise, willingness to report is higher for more serious offences than for less serious offences. These results are comparable to results on willingness to report traditional crimes.
    With regard to psychological determinants, results are not in line with previous results on willingness to report traditional crimes. For the relationship between offender and victim, mixed results are found. If the offender is an acquaintance of the victim, willingness to report to the police increases, but willingness to report to another organization decreases, compared to the offender being unfamiliar to the victim. Another surprising result is that no correlation is found between attitudes towards the police and willingness to report offences. Also unexpectedly, it is found that respondents who have previously reported crime and were unsatisfied about this experience, were more willing to report offences than respondents who never reported crimes before.
    Regarding motivations for willingness to report, it is found that, in general, motivations for reporting cybercrime are strongly comparable to motivations for reporting traditional crime, however, differences in motivations are found between the different types of cybercrime.


Lisanne Jong
Lisanne Jong is statistisch onderzoeker bij het Centraal Bureau voor de Statistiek. Email: lps.jong@cbs.nl.

Rutger Leukfeldt
Rutger Leukfeldt is postdoc onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving. Email: rleukfeldt@nscr.nl.

Steve van de Weijer
Steve van de Weijer is postdoc onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving. Email: svandeweijer@nscr.nl.
Artikel

Scheidslijnen tussen kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel

Enkele praktische opmerkingen over verschillen tussen deze drie leerstukken naar aanleiding van HR 27 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2786

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2018
Trefwoorden aansprakelijkheid, bewijs, kansschade, beroepsfout, schade
Auteurs Mr. J. den Hoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Het hier te bespreken arrest, waarin aan de orde was of een ziekenhuis aansprakelijk is voor schade als gevolg van een te laat uitgevoerde operatie, geeft aanleiding voor enkele gedachten over en praktische wenken voor de afbakening van kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel ten opzichte van elkaar. De drie figuren komen hier samen. Getracht wordt de grenzen nader in kaart te brengen.


Mr. J. den Hoed
Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten te Haarlem.
Artikel

Marktsimulatie en het begroten van bedrijfsschade

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2018
Trefwoorden bedrijfsschade, marktsimulatie, regressieanalyse, checklist
Auteurs Prof. dr. W. Driehuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In voorkomende gevallen kan de begroting van bedrijfsschade worden uitgevoerd op basis van marktsimulatie. Deze methode steunt sterk op het gebruik van regressieanalyse. Deze techniek wordt stapsgewijs behandeld aan de hand van een casus, inclusief haar voor- en nadelen. Vervolgens wordt een checklist gepresenteerd die voor advocaten en rechters behulpzaam kan zijn bij het beoordelen van marktsimulatie via regressieanalyse.


Prof. dr. W. Driehuis
Prof. dr. W. Driehuis is emeritus hoogleraar toegepaste economie aan de Universiteit van Amsterdam en verbonden aan het ACLE, Amsterdam Center for Law and Economics. Hij treedt incidenteel op als deskundige in rechtszaken.
Artikel

Access_open De relativiteit van een energielabel: EnergyClaim/Staat

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden relativiteitsvereiste, overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid, rechten toekennen aan particulieren, energielabel
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 11 april 2017 waarin de vorderingen van de Stichting EnergyClaim tegen de Nederlandse Staat tot schadevergoeding wegens een onjuiste implementatie van het Unierecht op het gebied van het verplichte energieprestatiecertificaat zijn afgewezen. De afwijzing van de vorderingen door het hof is met name gebaseerd op het Europese en Nederlandse relativiteitsvereiste. De auteur plaatst enkele kanttekeningen bij dit oordeel.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER CITTEUR te Amsterdam.
Artikel

VPH en dwangpsychiatrie: hoe verder?

Een aanzet voor een principieel debat

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden VPH, Dwangpsychiatrie, Discriminatie
Auteurs Mr. dr. S.P.K. Welie en mr. drs. T.P. Widdershoven
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanuit VN-verband is aangegeven dat de regulering van dwangpsychiatrie zoals die in Nederland bestaat in het kader van de Wet Bopz en haar beoogde opvolgster, de Wvggz, strijdig is met het door Nederland geratificeerde VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (VPH). Deze strijdigheid is vanuit het kabinet echter ontkend. Bij beide visies worden kanttekeningen geplaatst, waarna twee varianten voor een mogelijke alternatieve dwangregeling bespreking vinden. In de bedoelde varianten bestaat minder wrijving met het VPH en de noties die aan dit verdrag ten grondslag liggen, doordat het begrip ‘geestesstoornis’ daarin geen deel uitmaakt van de juridische criteria ter rechtvaardiging van dwang, te weten 1) wilsonbekwaamheid of 2) gevaar ‘sec’.


Mr. dr. S.P.K. Welie
Sander Welie is als jurist werkzaam bij de Stichting PVP te Utrecht.

mr. drs. T.P. Widdershoven
Ton-Peter Widdershoven is als jurist werkzaam bij de Stichting PVP te Utrecht.
Artikel

Inlichtingenwerk vanuit een methodologisch perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Intelligence research, Methodology, Security threats, Unknown threats, a values and b values
Auteurs Dr. Gilliam de Valk en Mr.Drs. Willemijn Aerdts
SamenvattingAuteursinformatie

    This article compares criminal investigations and judicial research to intelligence research. Criminal investigations and judicial research focus on evidence and prosecution, while intelligence researchers don’t want to overlook any threats. Methodologically speaking: criminal investigations and judicial research focus on keeping a low α value, intelligence focusses on keeping a low ß value. This ß oriented research should lead to drastically different research design. ß-oriented research is a quest for the unknowns. Possible threats need to be neutralized, most of the times without a judicial review (by a judge). This absence of review, in combination with the additional special powers laid down in the revised Intelligence and Security Services Acts, should be reason for adjustment of the oversight.


Dr. Gilliam de Valk
Dr. G.G. de Valk is universitair docent bij de onderzoeksgroep Intelligence & Security van het Institute of Security and Global Affairs (Universiteit Leiden). Hij is gespecialiseerd in de methodologie van inlichtingenanalyses, www.universiteitleiden.nl/medewerkers/giliam-de-valk#tab-1.

Mr.Drs. Willemijn Aerdts
Mr. Drs. W.J.M. Aerdts is als docent-onderzoeker verbonden aan de onderzoeksgroep Intelligence & Security van het Institute of Security and Global Affairs (Universiteit Leiden) en doet onderzoek op het terrein van inlichtingen naar methodologie, analysetechnieken en restdreiging, www.universiteitleiden.nl/medewerkers/willemijn-aerdts#tab-1.
Artikel

Access_open Follow-on schadeclaims wegens schending van het mededingingsrecht: van law in the books naar law in action

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Kartelschade, Richtlijn schadeclaims wegens mededingingsinbreuken, Implementatiewet privaatrechtelijke handhaving, Passing-on verweer, Voordeelstoerekening
Auteurs Mr. dr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een aantal recente ontwikkelingen op het gebied van de private handhaving van het mededingingsrecht. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de nieuwe wettelijke bepalingen als gevolg van de implementatie van de richtlijn inzake schadeclaims wegens mededingingsinbreuken alsmede enkele noemenswaardige ontwikkelingen in de jurisprudentie op het gebied van kartelschade.


Mr. dr. R. Meijer
Mr. dr. R. Meijer is advocaat te Amsterdam.
Toont 81 - 100 van 491 gevonden teksten
1 2 3 5 7 8 9 24 25
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.