Zoekresultaat: 148 artikelen

x

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Ontwikkelingen in het Europees Consumentenrecht in 2012

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden oneerlijke bedingen, op afstand gesloten overeenkomsten, internationale bevoegdheid, productaansprakelijkheid, alternatieven geschillenbeslechting
Auteurs Prof. Mr. M.B.M Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    In een eerdere bijdrage is aandacht besteed aan de ontwikkelingen op het gebied van het luchtvervoersrecht. In dit artikel wordt stilgestaan bij de ontwikkelingen op andere terreinen van het Europese consumentenrecht, in het bijzonder ten aanzien van oneerlijke bedingen, op afstand gesloten overeenkomsten en de voorgenomen regelgeving betreffende alternatieve geschillenbeslechting.


Prof. Mr. M.B.M Loos
Prof. Mr. M.B.M. Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Column

Richtlijnconforme interpretatie bij de informatieplicht van algemene voorwaarden voor dienstverleners

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Informatieplicht, dienstverlening, Dienstenrichtlijn
Auteurs Mr. dr. M.Y. Schaub
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. dr. M.Y. Schaub
Mr. dr. M.Y. Schaub is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    Bespreking van het proefschrift van mr. K.J.O. Jansen


Mr. W.L. Valk
Mr. W.L. Valk is vicepresident van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

De opmars van de private veiligheidszorg

Een nationaal en internationaal perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden private security companies, private security figures, public-private partnership, police, crime prevention
Auteurs J. de Waard en R. van Steden
SamenvattingAuteursinformatie

    Private security is traditionally a highly fragmented industry with a national focus. However, with the arrival of multinational brands in the market such as Group 4 Securicor and Securitas, we are witnessing a rise of global private security. After providing the latest statistics on the growth of this industry in the Netherlands, the authors give examples of how private security is evolving throughout the world. Issues that are further addressed include the opportunities and challenges (multinational) private security companies present to the Netherlands.


J. de Waard
Drs. Jaap de Waard is werkzaam bij de directie Rechtshandhaving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

R. van Steden
Dr. Ronald van Steden is als universitair docent verbonden aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit te Amsterdam.

    In its Betfair judgment, the Court of Justice ruled that the exclusive license system with respect to games of chance under Dutch law breaches Article 49 of the EC, now: Article 56 of the TFEU, concerning the free movement of services, and in particular the principle of equal treatment and the obligation of transparency. This article addresses the lessons which can be drawn from this judgement and which Dutch legal concepts could be applied to this 'European' obligation of transparency. According to the judgement, this is not only the case for 'public contracts'and 'concessions', but also to licenses under public law. This article addresses the meaning of these legal concepts and discusses to what extent this 'European' obligation of transparency applies to the relevant Dutch legal concepts.


Annemarie Drahmann
Annemarie Drahmann is promovenda aan de afdeling staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden en senior Professional Support Lawyer bij Stibbe.
Artikel

Minimumeis aan volgestort maatschappelijk kapitaal in strijd met fundamentele vrijheden

De vrijheid van vestiging en de vrijheid van dienstverrichting verzetten zich tegen de dubbele standaard van Italiaanse belastinginning.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden vrijheid van vestiging/dienstverrichting, aanbesteding en dienstenconcessie
Auteurs Mr. M.L. Weeda en mr. L.J. Terpstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze prejudiciële verwijzingsprocedure stelt het Hof van Justitie vast dat de artikelen 49 en 56 VWEU1x In dit artikel zal naar de artikelnummers van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie worden verwezen. aldus moeten worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen de verplichting uit hoofde van een Italiaanse regeling tot het hebben van een minimaal volgestort maatschappelijk kapitaal van 10 miljoen euro voor marktdeelnemers belast met de inning van belastingen, met uitzondering van vennootschappen waarin de Italiaanse overheid een meerderheidsbelang heeft. Volgens de verwijzende rechter bevat de Italiaanse regeling voorzorgsmaatregelen die de overheid op een meer evenredige wijze kunnen beschermen. Dit lijkt voor het Hof van Justitie onder meer reden om op de vragen van de verwijzende rechter te antwoorden dat de betrokken bepaling uit de Italiaanse regeling een onevenredige en dus ongerechtvaardigde beperking van de fundamentele vrijheden van vestiging en dienstverlening vormt.

Noten

  • 1 In dit artikel zal naar de artikelnummers van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie worden verwezen.


Mr. M.L. Weeda
Mr. M.L. Weeda is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

mr. L.J. Terpstra
Mr. L.J. Terpstra is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De Awb en de omgevingsvergunning van rechtswege

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Wabo, omgevingsvergunning, positieve beschikking, van rechtswege
Auteurs Mr. dr. J. Robbe
SamenvattingAuteursinformatie

    Zoals zoveel relaties is ook die tussen de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en bijzondere bestuurswetten niet altijd zonder problemen. De bijzondere en de algemene regeling verhouden zich niet altijd even goed tot elkaar. Dat is ook het geval bij de relatie tussen de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Awb, die in deze bijdrage centraal staat. Het onderwerp is de door de Wabo geïntroduceerde omgevingsvergunning van rechtswege. In hoeverre sluit de regeling die de Wabo op dit punt bevat aan op de algemene regeling van de positieve beschikking van rechtswege in de Awb? Welke overeenkomsten, maar vooral welke verschillen zijn er? En wat zou dit moeten betekenen voor de toekomst van de omgevingsvergunning van rechtswege?


Mr. dr. J. Robbe
Mr. dr. J. (Jan) Robbe is universitair hoofddocent staats- en bestuursrecht en in het bijzonder het omgevingsrecht aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Centrum voor Omgevingsrecht en Beleid (<www.centrumvooromgevingsrecht.nl>).

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie advocaten in Amsterdam, directeur van Law@Work B.V en raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Prof. dr. A. De Boeck
Prof. dr. A. De Boeck is hoofddocent privaatrecht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel, docent aan de Universiteit Antwerpen en geaffilieerd onderzoeker aan de KU Leuven.
Artikel

Verbod op winstuitkering door aanbieders van medisch-specialistische zorg op gespannen voet met Europees recht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden winstoogmerk, winstuitkering, ziekenhuizen, gezondheidszorg, vrijheid van vestiging
Auteurs Mr. dr. E. Plomp
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 9 februari 2012 is bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend, waarmee beoogd wordt winstuitkering door aanbieders van medisch-specialistische zorg (i.e., ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra (ZBC’s)) mogelijk te maken.1x Voorstel tot wijziging van de Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) en enkele andere wetten om het mogelijk te maken dat aanbieders van medisch-specialistische zorg, mits zij aan een aantal voorwaarden voldoen, winst uitkeren, Kamerstukken II 2011/12, 33 168, nr. 2. Hoewel het wetsvoorstel door de val van het kabinet-Rutte inmiddels controversieel is verklaard,2x Zie Kamerstukken II 2011/12, 33 285, nr. 5, p. 8. verdient het nadere aandacht. In dit artikel zal worden betoogd dat een van de argumenten waarom winstuitkering door ziekenhuizen en ZBC’s zou moeten worden toegestaan is, dat het winstverbod voor deze instellingen in de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) en het voorstel voor de Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) op gespannen voet staat met het Europees recht.

Noten

  • * Met dank aan prof. mr. dr. W. Sauter voor zijn waardevolle commentaar op een eerdere versie van dit artikel.
  • 1 Voorstel tot wijziging van de Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) en enkele andere wetten om het mogelijk te maken dat aanbieders van medisch-specialistische zorg, mits zij aan een aantal voorwaarden voldoen, winst uitkeren, Kamerstukken II 2011/12, 33 168, nr. 2.

  • 2 Zie Kamerstukken II 2011/12, 33 285, nr. 5, p. 8.


Mr. dr. E. Plomp
Mr. dr. E. Plomp is arts, farmaceut en jurist en in december 2011 aan de Universiteit van Amsterdam gepromoveerd op het proefschrift Winst in de zorg. Juridische aspecten van winstuitkering door zorginstellingen, Den Haag: Sdu Uitgevers 2011 (hierna: Plomp 2011).
Artikel

Nationale koppen op EU-regelgeving; een relevante discussie?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden nationale koppen, implementatie, harmonisatie, regeldruk
Auteurs Mr. dr. J. Stoop
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over de vraag of het relevant is nationale koppen (op EU-regelgeving) te onderscheiden van ‘gewoon’ nationaal beleid. De conclusie luidt dat dit niet het geval is.


Mr. dr. J. Stoop
Mr. dr. J. Stoop is werkzaam bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, Afdeling Risico en Milieukwaliteit, unit EU-milieurecht.

Mr. A.P. van der Mei
Anne Pieter van der Mei is werkzaam bij het Maastricht Centre for European Law.
Casus

Artikel 6:234 BW of de moeizame relatie van de Nederlandse wetgever met Europese regelgeving

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2012
Trefwoorden algemene voorwaarden, terhandstelling, dienstenrichtlijn, E-commercerichtlijn
Auteurs Mr.drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 6:234 BW is sinds de invoering in 1992 tweemaal gewijzigd ter implementatie van Europese richtlijnen en is herschreven in het kader van wetsvoorstel 31 358. De schrijver analyseert de wetswijzigingen en de gevolgen die deze wijzigingen voor de praktijk hebben. Daarnaast geeft de schrijver best practice rules voor de omgang met de informatieverplichting van artikel 6:233 onder b BW.


Mr.drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. S.A. Kruisinga
Mr. S.A. Kruisinga is als universitair hoofddocent handelsrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. M.Y. Schaub
Mr. M.Y. Schaub is als universitair docent burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

(Fast)food for thoughts: de uitspraak van het Hof van Justitie in de Scarlet/Sabam-zaak

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden handhaving intellectuele eigendom, ISPs, grondrechten, proportionaliteit, E-Commerce Richtlijn
Auteurs Dr. N. Helberger en Mr. drs. J. van Hoboken
SamenvattingAuteursinformatie

    Met Scarlet/Sabam heeft het Hof van Justitie een belangrijke uitspraak gedaan over de juiste balans in de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten op internet en zorgplichten van ISPs. Meer concreet gaat het over het controversiële gebruik van internet monitoring en filters door ISPs voor het verkeer van hun klanten in de ‘strijd tegen piraterij’. De discussie rond de handhaving van auteursrechtschendingen op het internet en de betrokkenheid van ISPs is buitengewoon actueel, ook met het oog op een aantal recente ontwikkelingen in Europa, waaronder de aanvulling van delen uit de E-Commerce Richtlijn. Dit artikel plaatst de uitspraak in zijn grotere politieke context en biedt een aantal kritische reflecties.


Dr. N. Helberger
Dr. N. Helberger is werkzaam bij het Instituut voor Informatierecht aan de Universiteit van Amsterdam.

Mr. drs. J. van Hoboken
Mr. drs. J. van Hoboken is werkzaam bij het Instituut voor Informatierecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De herziening van het Altmark-pakket

Nieuwe regels voor staatssteun en diensten van algemeen economisch belang

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2011
Trefwoorden staatssteun, diensten van algemeen economisch belang (DAEB), Altmark, compensatiebeginsel, artikel 106 lid 2 VWEU
Auteurs Prof. mr. Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest Altmark uit 2003 betekende een doorbraak ten aanzien van de behandeling van diensten van algemeen economisch belang (DAEB) onder de staatssteunregels.1x HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH, Jur. 2003, p. I-7747 annotatie F.B. Ronkes Agerbeek, M&M 2003/6, p. 213. Zie ook B.J. Drijber en N. Saanen-Siebenga, ‘Financiering van openbare diensten na Altmark’, NTER 2003/10, p. 253. De Commissie bouwde in 2005 voort op dit arrest met een aantal samenhangende maatregelen op grond van artikel 106 lid 3 TFEU die erop gericht waren een kader te stellen voor DAEB die niet aan alle Altmark-voorwaarden voldeden maar de minimis waren of om andere redenen in aanmerking kwamen voor een vrijstelling op basis van artikel 106 lid 2 VwEU.2x Beschikking van de Commissie 2005/842/EG van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EU 2005, L312/67; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C297/4. Zie E.W.F. Schotanus, ‘Voordeel versus compensatie’, M&M 2005/7, p. 200; L. Hancher en S.J.H. Evans, ‘Altmark als katalysator: het Commissiepaklket met alle antwoorden rond staatssteun en diensten van algemeen economisch belang?’, NTER 2006/7, p. 153. Dit kader wordt hier het Altmark-pakket genoemd.3x Onder verwijzing naar de (destijds) verantwoordelijke Europees Commissaris spreekt de Commissie zelf wel van het (oude) ‘Monti/Kroes-pakket’ en van het (toekomstige) ‘Almunia-pakket’. Op grond van de tussentijds opgedane ervaring en een uitgebreide consultatie heeft de Commissie in september 2011 voorstellen gedaan voor de herziening van het Altmark-pakket met de bedoeling de nieuwe maatregelen nog in 2011 of januari 2012 vast te stellen. In deze bijdrage worden eerst kort het Altmark-arrest en het huidige Altmark-pakket besproken om vervolgens uitgebreider in te gaan op de nieuwe voorstellen. De nadruk ligt daarbij op de verschillen met de huidige situatie.

Noten

  • * Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel, met dank aan Hans Vedder, Rein Halbersma en Michiel Veersma voor hun commentaar.
  • 1 HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH, Jur. 2003, p. I-7747 annotatie F.B. Ronkes Agerbeek, M&M 2003/6, p. 213. Zie ook B.J. Drijber en N. Saanen-Siebenga, ‘Financiering van openbare diensten na Altmark’, NTER 2003/10, p. 253.

  • 2 Beschikking van de Commissie 2005/842/EG van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EU 2005, L312/67; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C297/4. Zie E.W.F. Schotanus, ‘Voordeel versus compensatie’, M&M 2005/7, p. 200; L. Hancher en S.J.H. Evans, ‘Altmark als katalysator: het Commissiepaklket met alle antwoorden rond staatssteun en diensten van algemeen economisch belang?’, NTER 2006/7, p. 153.

  • 3 Onder verwijzing naar de (destijds) verantwoordelijke Europees Commissaris spreekt de Commissie zelf wel van het (oude) ‘Monti/Kroes-pakket’ en van het (toekomstige) ‘Almunia-pakket’.


Prof. mr. Wolf Sauter
Prof. mr. Wolf Sauter is werkzaam bij Tilburg University (TILEC) en bij de Nederlandse Zorgautoriteit.
Toont 81 - 100 van 148 gevonden teksten
1 2 3 5 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.