Zoekresultaat: 189 artikelen

x
Artikel

Nieuw Belgisch kader inzake ADR en consumentengeschillen

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2015
Trefwoorden ADR, consumers, Belgium, ADR directive, Consumer Ombudsman Service
Auteurs Stefaan Voet
SamenvattingAuteursinformatie

    Belgium was one of the first European Member States to implement the new 2013 ADR directive. The act of 4 April 2014 introduces new rules on internal complaints procedures and a series of minimum quality requirements for ADR entities. However, the most important realization of the Act is the creation of a Consumer Ombudsman Service. This service, that is composed of six existing (public and private) Ombudsman services, will be competent for residual consumer disputes: disputes for which no ADR entity currently exists. This article explores the act of 4 April 2014 and offers a detailed overview of the structure, missions and procedure of the Consumer Ombudsman Service.


Stefaan Voet
Stefaan Voet is postdoctoraal onderzoeker bij het FWO Vlaanderen, verbonden aan het Instituut voor Procesrecht van de Universiteit Gent en lid van de redactie van TMD.

Thabiso van den Bosch
Thabiso van den Bosch is advocaat bij Conway & Partners in Rotterdam en is lid van de redactie van TMD.
Boekbespreking

Een bindend advies: lees Ernste

Beschouwingen bij de dissertatie van Paulien Ernste

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2014
Auteurs Prof. mr. W.D.H. Asser
Auteursinformatie

Prof. mr. W.D.H. Asser
Prof. mr. W.D.H. Asser is hoogleraar burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Leiden en oud-raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden.

    Toelatingsovereenkomst; onrechtmatige daad; leer van de kansschade

Artikel

Het Experiment resultaatgerelateerde beloning – verwachtingen over werking en doelbereiking

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2014
Trefwoorden no cure, no pay, honorariumafspraken, resultaatgerelateerde beloning, contingency fee, Verordening op de praktijkuitoefening
Auteurs Prof. mr. W.H. van Boom en mr. M. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt verkend welke verwachtingen er onder advocaten, rechters en verzekeraars leven over de werking van het Experiment resultaatgerelateerde beloning en of dat experiment aan zijn doel zal beantwoorden. Het experiment staat onder voorwaarden toe dat een letselschadeadvocaat een ‘no cure, no pay’-afspraak met de benadeelde maakt. Het doel daarvan is het vergroten van de toegang tot het recht van letselschadeslachtoffers. Het is echter de vraag of er bij cliënten en advocaten een gedeelde behoefte bestaat om dergelijke afspraken te maken. Andere effecten zijn waarschijnlijker, zo voorspelt deze bijdrage.


Prof. mr. W.H. van Boom
Prof. mr. W.H. van Boom is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit Leiden.

mr. M. de Jong
Mr. M. de Jong was studente master Aansprakelijkheid en Verzekering aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en is inmiddels schadebehandelaar bij Allianz Nederland Schadeverzekeringen. Zij schrijft op persoonlijke titel. De bijdrage werd afgesloten in augustus 2014 en bouwt voort op de resultaten van de afstudeerscriptie die de tweede auteur onder begeleiding van de eerste auteur schreef aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. De auteurs danken de twaalf respondenten die bereidwillig deelnamen aan de interviews en toestemming gaven voor het weergeven van hun antwoorden in deze bijdrage.
Artikel

Horizontaal toezicht is geen toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Belastingdienst, horizontaal toezicht, vaststellingsovereenkomsten
Auteurs Mr. dr. Ton Tekstra
SamenvattingAuteursinformatie

    De relatie tussen de fiscus en de belastingplichtige burgers en ondernemers kent sinds jaar en dag een verticaal ( top-down) karakter. De fiscus is daarbij verantwoordelijk voor de controle van belastingaangiften, de heffing van belastingen en de invordering daarvan. Dit behoort tot de kerntaken van de belastingdienst. Sinds 2005 houdt de fiscus zich ook bezig met het zogenoemde horizontale toezicht. Dit project is begonnen als model bij de zeer grote ondernemingen (veelal multinationals) en langzaam maar zeker is ook het midden- en kleinbedrijf onderwerp geworden van horizontaal toezicht. De fiscus presenteert het horizontaal toezicht als een succesvolle operatie en het lijkt zelfs een ‘exportproduct’ te worden. Toch bestaat er de nodige weerstand tegen deze figuur, onder meer uit de hoek van het midden- en kleinbedrijf, overigens ook vanuit de belastingdienst zelf. In dit artikel wordt beschreven hoe deze variant werkt en wordt onderzocht hoe de figuur zich verhoudt tot de basistaak van de fiscus, zijnde de controle, heffing en invordering van belastingen.


Mr. dr. Ton Tekstra
Mr. dr. A.J. Tekstra is advocaat en fiscalist bij Blauw Tekstra Uding Advocaten te Amsterdam.

    De afgelopen jaren verloopt het collectief arbeidsvoorwaardenoverleg bij de overheid stroef; in een aantal gevallen hebben de ambtenarenorganisaties het overleg zelfs geheel opgeschort. Zij menen dat het opschorten van het overleg tot gevolg heeft dat het bevoegd gezag geen besluiten kan nemen ten aanzien van nieuwe arbeidsvoorwaarden en reorganisaties, omdat niet wordt voldaan aan de voorgeschreven overlegverplichtingen. Eenzijdige opschorting van het overleg wordt daarmee een belangrijk pressiemiddel voor de ambtenarenorganisaties. Met name de centrales van overheidspersoneel binnen de sector Defensie zien hierin een alternatief voor de werkstaking: militairen mogen immers niet staken. In de overlegregeling voor de sector Defensie wordt deze situatie niet geadresseerd. Kernvraag in deze bijdrage is in hoeverre de minister van Defensie deze impasse formeel kan doorbreken.


mr. Nataschja Hummel

    Volgens het voorstel voor de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg zullen zorgaanbieders worden verplicht zich aan te sluiten bij een geschilleninstantie. Een voorbeeld van zo’n geschilleninstantie is de Geschillencommissie Zorginstellingen (GCZ). In dit artikel wordt een overzicht en analyse gegeven van de gepubliceerde jurisprudentie van de GCZ en haar voorgangster over de periode 1996–2013. De belangrijkste bevindingen worden tegen het licht gehouden en er wordt verkend wat een en ander betekent voor de komende klachtwet.


Mr. L.H.M.J. van de Laar
Lana van de Laar is jurist en thans bezig met de afronding van de opleiding Business Administration aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is als hoogleraar gezondheidsrecht verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Praktijk

De Gevolmachtigde Minister en de Raad van State: kanttekeningen bij een ‘novum’

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Raad van State, Gevolmachtigd Minister, Statuut voor het Koninkrijk, Grondwet, Afdeling advisering van de Raad van State, Voorlichting door de Raad van State, Wet op de Raad van State
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel gaat in op enkele procedurele aspecten van een eind 2013 door de Gevolmachtigde Minister van Sint Maarten aan de Raad van State gevraagd voorlichtingsadvies. Afgaande op wat de Raad van State daarover in zijn jaarverslag heeft vermeld, lijkt de Raad ervan uit te zijn gegaan dat aan een Gevolmachtigde Minister de bevoegdheid toekomt om aan de Afdeling advisering om voorlichting te vragen overeenkomstig artikel 21a van de Wet RvS (mits zo'n verzoek niet raakt aan de eenheid van de rijksministerraad). Het veronderstellen van een dergelijke bevoegdheid lijkt de auteur onjuist. Opmerkelijk in deze zaak is verder dat de Raad van State zelf al publiciteit heeft gegeven aan het betreffende voorlichtingsadvies, terwijl het advies nog niet openbaar is gemaakt. Naar aanleiding van een ander voorlichtingsadvies constateert de auteur dat de Tweede Kamer ten onrechte meent dat zij op basis van artikel 21a Wet RvS alleen advies kan vragen aan de Afdeling advisering van de Raad van State van Nederland en niet aan de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk, zonder dat de Raad van State deze onjuiste opvatting corrigeert.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Wetenschap

Het enquêterecht en het toetsen van besluiten in arbitrage

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Arbitrage, vernietigen, besluiten, enquêtegeschillen, beroepsrecht, art 2:16 BW, art 26 WOR, geschillenregeling, Groenselect, Erasmus/Harbour
Auteurs Mr. H.R. Pleiter
SamenvattingAuteursinformatie

    Het vernietigen van besluiten is evenals het enquêterecht vanwege de openbare orde non-arbitrabel. De erga omnes-werking van de uitspraak/voorzieningen staat aan de arbitrabiliteit in de weg. De auteur betoogt dat de praktijk baat kan hebben bij een geval-tot-gevalbenadering ten aanzien van arbitrabiliteit van enquêtegeschillen. Met het vernieuwde bv-recht is beoogd de betrokkenen ruimte te geven bij het regelen van de rechtsgevolgen binnen de vennootschap; de rechter moet dit respecteren. De auteur stelt dat met implementatie van het beroepsrecht van art. 26 WOR in Boek 2 BW de erga omnes-werking niet langer aan arbitrabiliteit van besluiten in de weg zal staan.


Mr. H.R. Pleiter
Mr. H.R. Pleiter heeft dit artikel geschreven volgend op zijn afstudeerscriptie. Het artikel is inhoudelijk afgerond in mei 2014.
Praktijk

Prijs- en waardebepaling van aandelen in besloten vennootschappen in ondernemingsrechtelijke procedures

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Prijsbepaling, waardebepaling, blokkeringsregeling, uitkoopprocedure, geschillenregeling
Auteurs Mr. J. van Borssum Waalkes en Drs. E. van der Schans
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk blijkt de prijs- en waardebepaling van aandelen in besloten vennootschappen in het kader van ondernemingsrechtelijke procedures tussen scheidende aandeelhouders, bij gebreke van statutaire en/of contractuele prijsbepalingsregels, niet zelden een kostbare, tijdrovende aangelegenheid met een onzekere uitkomst, waardoor de rechtszekerheid in het gedrang komt. Aan de hand van een analyse van het huidig wettelijk kader en de rechtspraak omtrent prijs- en waardebepaling van aandelen in ondernemingsrechtelijke procedures doen auteurs een tweetal voorstellen voor aanpassing van de wettelijke regelingen omtrent prijs- en waardebepaling om de gesignaleerde problematiek te mitigeren.


Mr. J. van Borssum Waalkes
Mr. J. van Borssum Waalkes is advocaat bij Boekel De Nerée te Amsterdam.

Drs. E. van der Schans
Drs. E. van der Schans is financieel deskundige (tevens gerechtelijk deskundige)/schade-expert bij Horatio Assurance Group B.V.
Artikel

Interview met Kamerlid Ard van der Steur: de wetsvoorstellen bevordering mediation

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2014
Trefwoorden wetsvoorstellen, registermediator, kwaliteitseisen, rechtsbijstand
Auteurs Rob Jagtenberg en Herman Verbist
SamenvattingAuteursinformatie

    Mr Ard van der Steur MP for the Dutch Liberals (VVD), has introduced three interconnected private member bills to anchor mediation more firmly into the Dutch legal system. This initiative grew out from dissatisfaction over the truly minimal implementation of EU Directive 2008/52 in the Netherlands. For one thing, the bill envisages stricter quality standards and registration requirements. Professional privilege, for instance, will only accrue to those who meet all requirements as Registermediators. Another interesting aspect of the bills concerns the duty for parties to indicate to court in the writ of summons whether mediation has been attempted, and if not, why not. If a legal question arises while a mediation is pending before a Registermediator, the latter may refer that question on behalf of the parties to a cantonal judge electronically, whereas proviso is made for the judge handing down judgment at short notice, in order not to interrupt the flow of mediation more than necessary. These are just some of the innovative aspects of the bills that are being discussed during this interview at the premises of the Dutch parliament.


Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en redacteur van dit tijdschrift.

Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat bij de balies te Gent en te Brussel, werkzaam bij Everest Advocaten, erkend bemiddelaar en redacteur van dit tijdschrift.

    In his column ‘Versterking alternatieve geschilbeslechting in consumentenzaken door richtlijn ADR en verordening ODR’ Koos Nijgh, head of the legal department of the ‘Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken (SGC)’ gives an overview of how the SGC should anticipate the recent European legislative developments regarding ADR. After a brief summary on how the SGC functions, he analyses the European legislative demands and the policy the SGC has adopted. The author concludes that the impact of the new legislation is overseeable and that the SGC will do even better in the future.


Mr. Koos Nijgh
Mr. J. Nijgh is hoofd Juridische Zaken van de Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken (SGC).

    In Denemarken en Nederland is sprake geweest van wetgeving die tot doel had, in het belang van het kind, de gelijkheid van ouders ten opzichte van hun kinderen verder te bevorderen. Voor beide landen werd al tijdens de parlementaire behandeling van de wetsvoorstellen toegezegd dat de wetten binnen een termijn van drie jaar zouden worden geëvalueerd. Inmiddels heeft de evaluatie van de Deense wet op de ouderlijke verantwoordelijkheid ook tot wetswijziging geleid. In dit artikel worden de achtergrond van de Deense wetsevaluatie, de evaluatie zelf en de daaropvolgende wetswijzigingen behandeld. Daarna wordt kritisch gekeken naar de interactie tussen de wetsevaluatie en de daaropvolgende wetswijzigingen. De vragen die hier rijzen, betreffen de doelstellingen van de wetsevaluatie. Wat werd beoogd? Moest de wet zich bewijzen of werd alleen beoogd de eventuele scherpe randjes van de wet af te halen? In hoeverre zijn de bevindingen verwerkt in de daaropvolgende wetswijzigingen? Ten slotte wordt het gezamenlijk ouderschap na evaluatie in perspectief gebracht.
    ---
    Recent developments in Danish and Dutch legislation have provided norms which were directed at furthering equality between parents, in the interest of the child. In both countries, it was promised in the course of the parliamentary deliberations that the enacted legislation would be evaluated within a period of three years. The Danish evaluation led to new legislation being enacted. In this article the background for the Danish evaluation, the findings in the evaluation en the resulting legislative changes are deliberated. Subsequently, the interaction between the evaluation and the resulting changes is critically analysed. An essential question concerns the purpose of the evaluation. What was envisaged? That the stated aims were realised? Or just the elimination of sharp edges of the legislation? To what extent were the findings in the evaluation taken into account in the subsequent legislative changes? Finally, joint parenting after evaluation will be brought into perspective.


Dr. Christina G. Jeppesen de Boer
Christina Jeppesen de Boer is a lecturer on comparative law at the Molengraaff Institute for Private Law (Utrecht University). She is also part of the Utrecht Centre for European Research into Family law (UCERF).
Jurisprudentie

Ondernemingsprocesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2014
Auteurs Prof. mr. H.E. Boschma en Mr. P.G.F.A. Geerts
Auteursinformatie

Prof. mr. H.E. Boschma
Prof. mr. H.E. Boschma (hoogleraar ondernemingsrecht) en

Mr. P.G.F.A. Geerts
Mr. P.G.F.A. Geerts (universitair docent) zijn verbonden aan de vakgroep handels- en arbeidsrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Het hoofdbehandelaarschap revisited: van normen naar concrete invulling

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden hoofdbehandelaar, verantwoordelijkheidsverdeling, samenwerking
Auteurs Mr. A.M. Vermaas, mr. A.J. Verbout en mr. A.M. Franse
SamenvattingAuteursinformatie

    De verantwoordelijkheden van een hoofdbehandelaar zijn de afgelopen jaren veelvuldig onderwerp geweest van discussie bij toezichthouders en tuchtcolleges. Wat opvalt is dat in de tuchtrechtelijke jurisprudentie waarde wordt gehecht aan het goed regelen van de verantwoordelijkheden van de hoofdbehandelaar. Hoewel het huidige normenkader daarvoor (KNMG-Handreiking), in combinatie met de IGZ-criteria voor klinisch medisch specialistische zorg (2007) en de veldnorm inzake het hoofdbehandelaarschap uit de geestelijke gezondheidszorg (2013), de aan het hoofdbehandelaarschap te stellen eisen in toenemende mate duidelijk maakt, is nog onvoldoende sprake van een coherent stelsel van criteria op dat gebied. Concreet zal op patiëntniveau moeten kunnen worden aangetoond hoe behandelaren – en de instellingen waarin zij werkzaam zijn – de verdeling van verantwoordelijkheden precies hebben ingevuld.


Mr. A.M. Vermaas
Albert Vermaas is Hoofd Juridische Zaken van het Universitair Medisch Centrum Utrecht.

mr. A.J. Verbout
Arne Verbout is werkzaam in de sectie Juridische Zaken van het Universitair Medisch Centrum Utrecht.

mr. A.M. Franse
Alexia Franse is werkzaam in de sectie Juridische Zaken van het Universitair Medisch Centrum Utrecht.
Jurisprudentie

IPR-problemen in de WOR en het enquêterecht

Ondernemingskamer 21 december 2012, JAR 2013/67 (VLM II) en HR 29 maart 2013, JOR 2013/166 (Chinese Workers)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2013
Trefwoorden WOR, enquêterecht, IPR, toepasselijk recht, bevoegde rechter, VLM, Chinese Workers
Auteurs F.G. Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    De Ondernemingskamer is de enige bevoegde rechter in feitelijke instantie in WOR- en enquêtezaken. In korte tijd moest de Ondernemingskamer in beide rechtsgebieden oordelen over twee zaken die zich afspeelden binnen internationaal concernverband. Bij internationale kwesties komt het internationaal privaatrecht (IPR) om de hoek kijken. Het gaat bij het IPR om twee te onderscheiden aspecten: (1) de internationale bevoegdheid van de rechter (rechtsmacht) en (2) zijn oordeel over het op het internationale rechtsgeschil toepasselijke recht. In deze bijdrage gaat de auteur aan de hand van de VLM II-beschikking en de Chinese Workers-beschikking na hoe de Ondernemingskamer in WOR- en enquêtezaken omgaat met vragen van internationaal-privaatrechtelijke aard.


F.G. Laagland
Mw. mr. F.G. Laagland is docent/onderzoeker sociaal recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en redactiesecretaris van ArA.
Casus

Samenwerken in een BV: deadlocks op de loer

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2013
Trefwoorden deadlock, impasse, bv, aandeelhoudersovereenkomst, samenwerking
Auteurs Mr. M.J.E. van den Bergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer twee partijen samenwerken middels een besloten vennootschap bestaat een inherent risico op het ontstaan van deadlocks. Door daarop te anticiperen middels de vennootschappelijke inrichting van de BV en door het vastleggen van afspraken tussen bestuursleden en/of aandeelhouders kan dat risico worden verminderd en kan in veel gevallen het hoofd worden geboden aan dergelijke impasses. Tevens biedt de wet zelf een aantal bruikbare oplossingen, met name ten aanzien van het beëindigen van de samenwerking van partijen. In het artikel wordt e.e.a. met behulp van eenvoudige voorbeelden toegelicht.


Mr. M.J.E. van den Bergh
Mr. M.J.E. van den Bergh is advocaat ondernemingsrecht bij Höcker advocaten te Amsterdam.

    Alternative Dispute Resolution (ADR) and Online Dispute Resolution (ODR) are on the rise in Europe and different Member States. In May 2013, the European Parliament and Council adopted an ADR Directive (n 2013/11) and ODR Regulation (n 524/2013) that will bring major changes in the European and national ADR landscapes. Both instruments are analyzed in this article. On the other hand, attention is also paid to the Belgian ODR-platform Belmed, that was created in 2011 and facilitates Belgian consumers to make an online ADR application. Finally, a plea is made for the exchange of data between ODR-platforms and national regulators, as a means to detect mass cases.


Stefaan Voet
Stefaan Voet is doctor-assistent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Gent en advocaat bij de balie Brugge.
Artikel

Joint ventures: praktische aspecten in vogelvlucht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2013
Trefwoorden joint venture, samenwerking, noodzaakfinanciering, blocking votes
Auteurs Mr. K.A. de Vries, Mr. P.J.A.M. Nijnens en Mr. E.L. Gerretsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Partijen die een joint venture (JV) willen aangaan, dienen diverse commerciële en juridische vragen te bespreken en op basis daarvan afspraken vast te leggen in een JV-overeenkomst. Omdat dergelijke overeenkomsten veelal voor langere termijn gelden, is het raadzaam om vooral ook aandacht te besteden aan de situatie dat onverhoopt de samenwerking tot een geschil leidt of dat additionele financiering door de JV-partners nodig is. In het artikel worden allereerst een aantal vragen besproken die in het voorjaartraject aan de orde komen. Vervolgens wordt specifiek aandacht besteed aan de initiële en mogelijke additionele financiering door JV-partners en hoe geschillen kunnen worden beslecht. Aan de orde komt dat JV-partners er rekening mee moeten houden dat in een situatie van ‘noodzaakfinanciering’ sommige afspraken door de Ondernemingskamer opzijgezet kunnen worden.


Mr. K.A. de Vries
Mr. K.A. de Vries is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. P.J.A.M. Nijnens
Mr. P.J.A.M. Nijnens is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. E.L. Gerretsen
Mr. E.L. Gerretsen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Toont 81 - 100 van 189 gevonden teksten
1 2 3 5 7 8 9 10
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.