Zoekresultaat: 177 artikelen

x
Artikel

Vier knelpunten van de regresvordering van de werkgever ex artikel 6:107a lid 2 BW

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2013
Trefwoorden regres, artikel 6:107a lid 2 BW, re-integratie, schadebeperkingsplicht, arbeidsvermogensschade
Auteurs Mw. mr. M. Opdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer een werknemer letsel oploopt door een oorzaak waarvoor een derde aansprakelijk is, lijdt ook zijn werkgever schade. De werkgever is verplicht om het loon van de zieke werknemer door te betalen. De werkgever komt op grond van artikel 6:107a lid 2 Burgerlijk Wetboek (BW) een regresvordering toe. In deze bijdrage worden knelpunten besproken die zich in dit kader voordoen. Kan de aansprakelijke partij zich tegen een dergelijke vordering verweren door te stellen dat het loon onverplicht is doorbetaald? Rust op de werkgever een schadebeperkingsplicht? En welke gevolgen hebben werkzaamheden in het kader van de re-integratie op de hoogte van de regresvordering?


Mw. mr. M. Opdam
Mw. mr. M. Opdam is promovenda bij de Vrije Universiteit. Zij verricht promotieonderzoek naar de re-integratieverplichtingen van letselschadeslachtoffers. Dit onderzoek wordt gefinancierd door NWO.
Artikel

Stroomlijning van overheidsaansprakelijkheid voor de overschrijding van een wettelijke beslistermijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden onrechtmatige overheidsdaad, leer-Smits, relativiteit, correctie-Langemeijer, leer-Demogue-Besier, besluitenaansprakelijkheid, belanghebbende, formele rechtskracht
Auteurs Mr. P.W. den Hollander
SamenvattingAuteursinformatie

    De overschrijding van een wettelijke beslistermijn levert niet zonder meer overheidsaansprakelijkheid op uit onrechtmatige daad. Het komt aan op een nadere afweging. De Hoge Raad brengt deze afweging onder bij de toets aan het vereiste van onrechtmatigheid, maar zij past beter bij de toets aan het vereiste van relativiteit.


Mr. P.W. den Hollander
Mr. P.W. den Hollander is als promovendus verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden.
Jurisprudentie

Kroniek Kosten

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2013
Auteurs Mr. W. Heemskerk

Mr. W. Heemskerk
Jurisprudentie

Familieverweer (art. 7:962 lid 3 BW) beperkt ook regresrecht op medeaansprakelijke

HR 23 november 2012, LJN BX5880

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2013
Trefwoorden subrogatie, hoofdelijke aansprakelijkheid, verhaalsuitsluiting, familieverweer
Auteurs Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
SamenvattingAuteursinformatie

    Menzis Zorgverzekeraar zoekt in deze procedure verhaal voor de ziektekosten die zij heeft vergoed aan haar verzekerden. Het gaat om een moeder en haar zoon, die in 2007 als passagier betrokken waren bij een tweezijdig auto-ongeval. De auto waarin zij zaten, werd bestuurd door hun echtgenoot respectievelijk vader.


Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
Mevrouw mr. F.M. Ruitenbeek-Bart is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn.

    Deze bijdrage geeft een overzicht van de hervorming van Europees financieel consumentenrecht waarbij de bescherming van de consument in de beleggingsmarkt centraal staat. De vraag is of het uitgangspunt van de hervormingen – tegenvallende resultaten in het verleden, ofwel de crisis zelf – de wetgever tot een wenselijke koers heeft bewogen. Deze vraag wordt getoetst aan de hand van het EU-rechtelijk en nationaal publiek- en privaatrechtelijk kader voor bescherming in het financieel consumentenrecht.


Dr. V. Mak
Dr. Vanessa Mak is universitair hoofddocent privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Proportionele aansprakelijkheid en veroorzakingswaarschijnlijkheid

Een verkenning van het criterium veroorzakingswaarschijnlijkheid ter vaststelling van het percentage van proportionele aansprakelijkheid

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden proportionele aansprakelijkheid, veroorzakingswaarschijnlijkheid, eigen schuld, billijkheidscorrectie, gevaar
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Prof. mr. A.L.M. Keirse
SamenvattingAuteursinformatie

    Nu proportionele aansprakelijkheid stevige voet aan de grond krijgt, is het zaak een eenduidige verdelingsmaatstaf voor de proportionele benadering te formuleren. Deze bijdrage draagt daartoe de leidraad van de veroorzakingswaarschijnlijkheid aan. Beslissend is in welke mate de mogelijke oorzaken het gevaar voor de schade, zoals die is ingetreden, in het leven hebben geroepen. Voor een bijstelling van deze causale schadedeling op grond van een billijkheidscorrectie is geen plaats.


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is docent/onderzoeker bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar burgerlijk recht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.
Artikel

De Hoge Raad en het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid en kansschade

HR 14 december 2012, LJN BX8349 (Nationale Nederlanden/[A en B]); HR 21 december 2012, LJN BX7491 (Deloitte Schadeverzekeringen/H&H Beheer)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden proportionele aansprakelijkheid, kansschade, bewijs schade/causaal verband, schadevergoeding, verlies van een kans
Auteurs Mr. drs. M.F.E. Hillen
SamenvattingAuteursinformatie

    In december 2012 heeft de Hoge Raad door middel van twee arresten het onderscheid tussen het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid en het leerstuk van de kansschade bevestigd. In deze bijdrage wordt de totstandkoming van beide leerstukken, alsmede de discussie in de literatuur beschreven. Vervolgens worden de verschillen tussen de leerstukken nader uitgewerkt en geeft de auteur haar visie of de leerstukken wel of niet van elkaar onderscheiden dienen te worden.


Mr. drs. M.F.E. Hillen
Mr. drs. M.F.E. Hillen is werkzaam als junior juridisch medewerker bij de Rechtbank Rotterdam.
Jurisprudentie

Bewijslastverdeling bij beroepsziekten: Hof Arnhem 27 maart 2012, rolnr. 200.074.885-01, LJN BW0025

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2013
Trefwoorden bewijslastverdeling, beroepsziekten, arbeidsrechtelijke omkeringsregel, onzeker causaal verband, proportionele aansprakelijkheid
Auteurs Mr. dr. W.C.T. Weterings
SamenvattingAuteursinformatie

    Werknemers worden bij beroepsziekten vaak tegemoetgekomen met de arbeidsrechtelijke omkeringsregel. De werknemer hoeft dan slechts een mogelijk causaal verband tussen de blootstelling aan gevaarlijke stoffen of andere risicofactoren tijdens de werkzaamheden en zijn ziekte aannemelijk te maken. Het Hof Arnhem past deze regel in deze zaak toe en geeft er nadere invulling aan. In tegenstelling tot wat het hof meent, geldt bij dat bewijs door de werknemer wel een ondergrens. Bovendien is, nu het bewijs van een mogelijk conditio-sine-qua-nonverband snel wordt aangenomen, gewoon tegenbewijs door de werkgever afdoende. Er wordt geen volledig tegendeelbewijs vereist.


Mr. dr. W.C.T. Weterings
Mr. dr. W.C.T. Weterings is advocaat bij Dirkzwager Advocaten & Notarissen N.V., sectie Aansprakelijkheid, Schade & Verzekering, universitair docent aan de Universiteit van Tilburg, vakgroep Business Law, en gastprofessor aan de Universiteit van Antwerpen, vakgroep Burgerlijk Recht.
Artikel

Schuldeisersverzuim belicht vanuit theorie en praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden schuldeisersverzuim, rechtsplicht, opschorting, ontbinding, medewerking
Auteurs Mr. A.N.L. de Hoogh en Mr. drs. M. van Kogelenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage nemen de auteurs het leerstuk van het schuldeisersverzuim in ogenschouw. Aan de orde komt de kritiek uit de doctrine op (de invoering van) de regeling van het schuldeisersverzuim in het verbintenissenrecht. Vervolgens wordt rechtspraak uit 2012 geanalyseerd om te toetsen of het schuldeisersverzuim in de praktijk tot problemen leidt. De auteurs komen tot een genuanceerde conclusie, waarbij een deel van de kritiek op het leerstuk wordt gedeeld, maar ook wordt geconstateerd dat de praktijk in het algemeen goed uit de voeten kan met dit leerstuk.


Mr. A.N.L. de Hoogh
Mr. A.N.L. de Hoogh is werkzaam aan de Erasmus School of Law als wetenschappelijk docent.

Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is werkzaam aan de Erasmus School of Law als wetenschappelijk onderzoeker.
Artikel

Draagplicht in concernverhoudingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2012
Trefwoorden hoofdelijkheid, draagplicht, concernfinanciering, regres, omslag
Auteurs Mr. R.M. de Winter en Mr. S. Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het 13 juli 2012 gewezen arrest Janssen q.q./JVS Beheer besproken, waarin de Hoge Raad antwoord geeft op de vraag hoe de onderlinge draagplicht tussen hoofdelijk aansprakelijke concernvennootschappen moet worden vastgesteld indien daarover geen afspraken zijn gemaakt tussen partijen. Verder wordt stilgestaan bij enkele gevolgen van dit arrest voor de praktijk.


Mr. R.M. de Winter
Mr. R.M. de Winter is werkzaam bij De Nederlandsche Bank.

Mr. S. Timmerman
Mr. S. Timmerman is werkzaam bij De Nederlandsche Bank.
Artikel

‘Hij schreef dat hij contact op zou nemen zodra hij de tegenpartij had gesproken’: letselschadeslachtoffers over hun belangenbehartiger

Empirisch onderzoek brengt vijf belangrijke factoren voor waardering belangenbehartiger aan het licht

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2012
Trefwoorden afwikkelingsproces, beleving van slachtoffer, kwaliteit belangenbehartiger, communicatie, procedurele rechtvaardigheid, empowerment, professionalisering, digitaal behandelplan
Auteurs Drs. N.A. Elbers, Mr. K.A.P.C. van Wees en Prof. mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage doet verslag van een kwalitatief empirisch onderzoek onder letselschadeslachtoffers naar hun ervaringen met hun belangenbehartiger. Er werden 21 slachtoffers geïnterviewd, zowel tevreden als ontevreden met hun belangenbehartiger en zowel met licht als met zwaarder letsel. Uit de interviews komen vijf factoren naar voren die belangrijk blijken te zijn voor de waardering van slachtoffers voor hun belangenbehartiger: communicatie, empathie, daadkracht, onafhankelijkheid en deskundigheid. Deze factoren worden geïllustreerd met citaten uit de interviews, toegelicht en besproken. Zij lijken solide aanknopingspunten te kunnen bieden voor het kwaliteitsbeleid van belangenbehartigers en hun organisatie. Afgerond wordt met een oproep tot professionalisering van de interactie met de cliënt en het benutten van veelbelovende mogelijkheden die het internet biedt voor empowerment.


Drs. N.A. Elbers
Mevrouw drs. N.A. Elbers is psycholoog en onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum.

Mr. K.A.P.C. van Wees
Mr. K.A.P.C. van Wees is universitair docent privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum.

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

    This publication discusses all aspects of causal connection between damages and unlawful governmental decisions.


Laura Di Bella
: Laura Di Bella is als PhD. fellow verbonden aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden. Zij doet onderzoek naar de bijzondere positie van de overheid in het onrechtmatigedaadsrecht.
Artikel

De zelfstandige betekenis van lid 4 van art. 7:658 BW

HR 23 maart 2012, RvdW 2012, 447 (Davelaar/Allspan)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden werkgeversaansprakelijkheid, art. 7:658 lid 4 BW, zzp’er, zorgplicht
Auteurs Mr. A. Kolder en Mr. R.K.R. Zwols
SamenvattingAuteursinformatie

    Kan een zelfstandige arbeidskracht ook de bescherming inroepen van lid 4 van art. 7:658 BW? Op 23 maart 2012 heeft de Hoge Raad zich hierover moeten uitspreken. In deze bijdrage wordt in het licht van het oordeel van de Hoge Raad stilgestaan bij de toepassingsvoorwaarden van het artikellid. Ook wordt aandacht besteed aan de (vervolg)vraag naar de – op een zorgplichtschending gebaseerde – aansprakelijkheid van de inlener/opdrachtgever conform lid 1-3 van art. 7:658 BW.


Mr. A. Kolder
Mr. A. Kolder is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen en duaal promovendus en docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. R.K.R. Zwols
Mr. R.K.R. Zwols is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen.
Artikel

Informatieplichten bij bemiddeling verkoop melkquota

HR 24 februari 2012, LJN BU9855, NJ 2012, 144 (Mooijman c.s./WLTO)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden informatieplichten, overeenkomst van opdracht, mededelingsplicht, onderzoeksplicht
Auteurs Mr. K.J.O. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    De hier geannoteerde uitspraak ziet op de wederzijdse informatieplichten uit hoofde van een overeenkomst van opdracht (art. 7:400 e.v. BW), meer in het bijzonder de opdracht tot bemiddeling bij de verkoop van melkquota. Aan de orde komen onder meer het rechtskarakter van zulke informatieplichten en de verhouding tussen de mededelingsplicht van de opdrachtgever en de onderzoeksplicht van de opdrachtnemer.


Mr. K.J.O. Jansen
Mr. K.J.O. Jansen is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Jurisprudentie

Wat voortduurt verjaart niet

Hof Arnhem 9 augustus 2011, LJN BR5350, JA 2011, 175 (Klein Teeselink/Eternit) en Hof Arnhem 20 december 2011, LJN BV0374 (Rietman/Eternit)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2012
Trefwoorden asbestcementafval, mesothelioom, waarschuwingsplicht, verjaring, voortduren
Auteurs Mr. D.-J. Sol
SamenvattingAuteursinformatie

    In een tweetal arresten heeft het Hof Arnhem aangenomen dat Eternit – nadat zij in de jaren zestig op de hoogte raakte van de gezondheidsrisico’s van asbestcementafval – had moeten waarschuwen voor deze risico’s. Dit heeft zij nooit gedaan. Niet het moment van uitgifte is bepalend voor aanvang van de dertigjarige verjaringstermijn, maar het (toekomstig) moment waarop Eternit waarschuwt, zo volgt uit arrest één. In arrest twee oordeelt het hof dat de waarschuwingsplicht van Eternit niet oneindig is. Er is namelijk een moment waarop men op de hoogte raakt van de gezondheidsrisico’s van asbestcementafval; op dat moment vangt de verjaringstermijn aan.


Mr. D.-J. Sol
Mr. D.-J. Sol is advocaat bij Uneken advocaten te Zwolle.
Artikel

Wie betaalt de schade van de patiënt in geval van een disfunctionerende prothese?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden aansprakelijkheid, arts, medisch hulpmiddel, producent, prothese, zorgverzekering
Auteurs Mr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen tijd wordt in de media veel aandacht besteed aan disfunctionerende protheses. Het blijkt niet om één zaak te gaan, maar betreft verschillende soorten protheses. Veelal zijn grote aantallen patiënten de dupe van een disfunctionerende prothese en lijden zij materiële en immateriële schade. In het onderhavige artikel wordt onderzoek gedaan naar de vergoedingsmogelijkheden in geval van schade die het gevolg is van een bij de geneeskundige behandeling gebruikte disfunctionerende prothese. Daarbij wordt acht geslagen op hetgeen de zorgverzekeraar, de arts en de producent aan de patiënt zouden moeten vergoeden en van welke verweren deze partijen zich kunnen bedienen.


Mr. R.P. Wijne
Rolinka Wijne is lid-jurist bij de Tuchtcolleges ’s-Gravenhage en Amsterdam en docent Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam. Zij werkt voorts als buitenpromovendus aan een onderzoek naar de aansprakelijkheid van de arts en het ziekenhuis.
Artikel

Onderwijsinstelling aansprakelijk voor ontoereikende dekking van schoolongevallenpolis?

Enkele beschouwingen naar aanleiding van HR 28 oktober 2011, LJN BQ2324, RvdW 2011, 1313 (Beganovic/Stichting ROC van Twente)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden onderwijsinstelling, verzekerings- en/of waarschuwingsplicht, zorgplicht, onderwijsovereenkomst, onrechtmatige daad
Auteurs Mr. S. Voskamp
SamenvattingAuteursinformatie

    Tijdens een door een school (ROC) georganiseerde kartwedstrijd vindt een ongeval plaats. Studente lijdt schade en spreekt het ROC aan wegens het niet hebben van een toereikende schoolongevallenverzekering. Dienen onderwijsinstellingen zich te verzekeren voor risicovolle activiteiten, of te waarschuwen dat een adequate dekking ontbreekt? De Hoge Raad oordeelt van niet. Was er wellicht een andere uitkomst geweest als aan de vordering schending van de onderwijsovereenkomst dan wel gevaarzettend handelen van de school ten grondslag was gelegd?


Mr. S. Voskamp
Mr. S. Voskamp is als docent burgerlijk recht werkzaam bij de afdeling Civiel Recht van de Universiteit Leiden.

    Een overeenkomst kan de rechtspositie van een derde in principe niet wijzigen. Dit wordt wel aangeduid als het beginsel van de ‘relativiteit van de overeenkomst’. In deze bijdrage wordt ingegaan op de wijze waarop dit beginsel op het moment in de literatuur wordt benaderd en de praktische relevantie hiervan.


Mr. A.P. Koburg
Mr. A.P. Koburg is advocaat bij Houthoff Buruma te Rotterdam.

Mr. W. Dijkshoorn
Mr. W. Dijkshoorn is jurist bij de directie Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Artikel

‘Lies, damned lies, and statistics’

De berekening van het verlies van een kans bij medische aansprakelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2012
Trefwoorden medische aansprakelijkheid, stelplicht, bewijslast, schade, kans
Auteurs Mr. A.J. Van en Mevrouw mr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij aansprakelijkheid in medische zaken liggen de stelplicht en de bewijslast ingevolge de hoofdregel van artikel 150 Rv bij de patiënt. Dat houdt in dat hij moet stellen en, bij betwisting, moet bewijzen dat sprake is geweest van een tekortkoming, en dat deze bij hem heeft geleid tot gezondheidsschade. Voor de patiënt zijn dit twee lastig te nemen ‘hobbels’. De patiënt kan doorgaans moeilijk aantonen dat sprake is geweest van een tekortkoming, omdat hij niet goed kan achterhalen hoe de behandeling is verlopen en niet beschikt over voldoende kennis om precies aan te geven waarin de tekortkoming is gelegen. De patiënt kan doorgaans eveneens moeilijk aantonen dat er een causaal verband bestaat tussen de tekortkoming en zijn schade: het vaststellen van het causaal verband wordt gecompliceerd doordat ten tijde van de behandeling reeds sprake was van een gezondheidsprobleem. Dit maakt dat op voorhand niet vaststaat dat de gezondheidssituatie, zoals die zich heeft aangediend na de medische fout, (volledig) is veroorzaakt door die fout.
    Omdat de bewijslast van het causaal verband tussen de tekortkoming en de gezondheidsschade bij de patiënt ligt, loopt deze het risico dat zijn vordering wordt afgewezen, ondanks dat vaststaat dat de arts een fout heeft gemaakt én een kans bestaat dat de gezondheidsschade daarvan een gevolg is. Onder die omstandigheden kan het redelijk zijn de gezondheidsschade te verdelen over partijen naar rato van de kans dat de tekortkoming heeft bijgedragen aan het ontstaan of verergeren daarvan. Tegen deze achtergrond is het leerstuk van de verloren kans ontstaan. De kern daarvan is dat geen vergoeding wordt toegekend voor de gezondheidsschade zoals die definitief bij de patiënt is ingetreden, maar voor het verlies van de kans die de patiënt had om deze schade te ontlopen. De leer van de verloren kans wordt inmiddels frequent toegepast in medische zaken.
    In de praktijk echter blijken rechters op verschillende wijzen de omvang van de verloren kans te bepalen. Dit heeft invloed op de aan de patiënt te vergoeden schade en leidt tot rechtsonzekerheid. In deze bijdrage wordt om die reden ten eerste duidelijk gemaakt welke verschillende benaderingen door rechters worden gehanteerd. Daarbij wordt tevens aandacht besteed aan de proportionele aansprakelijkheid, een andere manier om met het probleem van het onzekere causaal verband om te gaan.
    Ten tweede wordt aan de hand van voorbeelden duidelijk gemaakt dat door de wijze waarop met verschillende kansen wordt omgegaan de methode van het verlies van een kans in sommige gevallen tot een onjuiste uitkomst leidt. Deze conclusie wordt nader onderbouwd door in te gaan op het leerstuk van de voorwaardelijke kans zoals die door statistici wordt gehanteerd. Met name in die gevallen waarin de voorwaardelijke kans op gezondheidsschade met fout minder bedraagt dan 100 procent, zien we dat de methode van het verlies van een kans niet goed wordt toegepast. De patiënt is daar –ten onrechte– veelal de dupe van. Hoe de verloren kans dan wel moet worden bepaald, is dan ook een derde onderwerp dat in deze bijdrage wordt besproken.
    Het artikelDe bijdrage wordt afgesloten met een handleiding. De handleiding is bedoeld om de jurist enig houvast te geven, wanneer hij zich geconfronteerd ziet met een onzeker causaal verband. Zij geeft antwoord op de vraag welke methode het best in een bepaald geval kan worden gebruikt: de methode van de proportionele aansprakelijkheid of die van het verlies van een kans. Zo voor de laatste wordt gekozen, wordt aangegeven op welke wijze met de kansen moet worden omgesprongen, wil de methode tot het voor de patiënt juiste resultaat leiden.


Mr. A.J. Van
Mr. A.J. Van is advocaat bij Beer advocaten en senior onderzoeker aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Mevrouw mr. R.P. Wijne
Mevrouw mr. R.P. Wijne is lid-jurist bij de Tuchtcolleges Den Haag en Amsterdam en docent Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam. Zij werkt tevens als buitenpromovenda aan een onderzoek naar de aansprakelijkheid van de arts en het ziekenhuis.
Toont 81 - 100 van 177 gevonden teksten
1 2 3 5 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.