Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 475 artikelen

x
Jaar 2016 x

    Het Haags Kinderontvoeringsverdrag (HKOV) is in het leven geroepen om internationale kinderontvoering tegen te gaan en is sinds 1 september 1990 voor Nederland van kracht. Het uitgangspunt van het verdrag is dat kinderen die van de ene naar de andere Verdragsstaat ontvoerd zijn zo spoedig mogelijk dienen terug te keren naar de Staat van gewoon verblijf. De rechter van de Staat waarnaar het kind ontvoerd is kan echter van dit uitgangspunt afwijken, en derhalve een verzoek tot teruggeleiding van het ontvoerde kind afwijzen, door gebruik te maken van een van de zogenoemde weigeringsgronden die zijn neergelegd in de artikelen 12, 13 en 20 HKOV. Deze bijdrage gaat in op de wijze waarop deze weigeringsgronden de afgelopen (ruim) vijfentwintig jaar in de Nederlandse jurisprudentie zijn toegepast. Uit die jurisprudentieanalyse volgt dat de weigeringsgronden in het algemeen niet (te) ruim worden geïnterpreteerd, maar dat een beroep daarop wel degelijk succesvol kan zijn. Vanwege de casuïstische aard van internationale kinderontvoeringszaken kunnen echter niet eenvoudig één of meer combinaties van factoren worden aangewezen op grond waarvan aanstonds duidelijk is dat een teruggeleidingsverzoek zal worden afgewezen.
    The Hague Convention on the Civil Aspects of International Child Abduction aims to prevent international child abduction. The Convention came into force in the Netherlands on the 1st September 1990.
    As a starting point, the Convention holds that a child abducted from one Contracting State and taken to another should be promptly returned to the country of his or her habitual residence. However, the court of the Contracting State to which a child has been abducted may depart from this rule and decide to dismiss the application for the return of the child on the basis of one of the exceptions stipulated in Articles 12, 13 or 20 of the Convention.
    This article deals with the way in which the above-mentioned provisions have been applied in Dutch case law since the Convention came into force. From the analysis of the case law it can be generally established that courts tent to interpret these exceptions rather restrictively. Nevertheless, such exceptions have still been successfully invoked. However, owing to the casuistically nature of international child abduction matters it is not possible to uncover certain combinations of factors that would definitively lead to the rejection of return of the child.


dr. mr. Geeske Ruitenberg
Geeske Ruitenberg is lecturer/researcher at the VU University Amsterdam.
Artikel

Mediale verbeelding en politiecultuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0203 2016
Trefwoorden Police, culture, media
Auteurs Lianne Kleijer-Kool en Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In the traditional understanding of police culture as well as in the criticism against the use of the concept of ‘police culture’, not much attention has been paid towards the influence of the representation of police work and crime in the media. Although since the pioneering studies in the sixties and seventies of the last century it has been made clear that police work is not limited to dealing with crime and criminal justice, the mass media for decades have presented a completely different image: one of thrill seeking and hardcore action. Police officers themselves tend to ‘sensationalize’ their work. Police culture is no longer understood as a deterministic coping mechanism, but is rooted in active and constructive participation of police officers. As a consequence we must pay attention to representation of ‘the police’ by the media and ask ourselves how identity work by police officers is influenced by the representation of crime and the police in the (new) media.


Lianne Kleijer-Kool
Lianne Kleijer-Kool is onderzoeker bij het lectoraat Werken in Justitieel Kader en docent Integrale Veiligheidskunde bij Hogeschool Utrecht.

Janine Janssen
Janine Janssen is Lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties bij het expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool en hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de nationale politie.
Redactioneel

Politiecultuur als kernbegrip en discussiethema

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0203 2016
Auteurs Merlijn van Hulst, Jan Terpstra en Emile Kolthoff
Auteursinformatie

Merlijn van Hulst
Merlijn van Hulst is als universitair hoofddocent verbonden aan Tilburg University.

Jan Terpstra
Jan Terpstra is hoogleraar criminologie aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.

Emile Kolthoff
Emile Kolthoff is hoogleraar criminologie aan de Open Universiteit, en doet onderzoek bij Avans University en de VU Amsterdam.
Artikel

Normbeelden als alternatief voor politiecultuur: de integere, neutrale en loyale supercop

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0203 2016
Trefwoorden police culture, norm image, integrity, neutrality, loyalty
Auteurs Sinan Çankaya
SamenvattingAuteursinformatie

    This article argues that the notion of norm images does more justice to the complexity of the police organization. The notion of ‘police culture’ is heavily criticized for its homogenizing tendencies, monolithic connotations and stereotypical and negative evaluation of police work. Norm images have an analytical value, because (1) the images are contextualized within and connected to the rule of law, (2) the images are sufficiently analytically flexible for a situational and relational interpretation of the cultural processes within the police organization, and (3) the notion theoretically presupposes the resistance strategies of social actors against the norm images. The article illustrates the theoretical value of norm images by focusing on the dominant images of the ‘trustworthy’, ‘neutral’ and ‘loyal’ police officer.


Sinan Çankaya
Sinan Çankaya is universitair docent op de afdeling Bestuurswetenschappen & Politicologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De beperkte macht van de regel

De kracht van sturen op gewenst gedrag bij verandering in de financiële en zorgsector

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2016
Trefwoorden effectiviteit van wetgeving, publieke toezichthouders, cultuur en gedrag
Auteurs Mr. dr. M.F.M. van den Berg, Mr. H.F.L. Goverde en Mr. C.W.M. Vergouwen
SamenvattingAuteursinformatie

    De macht van de regel is beperkt. Veranderingen binnen de financiële sector en de gezondheidssector vereisen vooral een gedragsverandering van de traditionele spelers binnen die sectoren. Wet- en regelgeving kunnen maar een beperkte rol spelen om de vereiste veranderingen te realiseren. Dit geldt voor meerdere (publieke) sectoren van de samenleving. Zeker als sprake is van overregulering en daarmee samenhangende regeldruk, zoals in de financiële sector het geval is.


Mr. dr. M.F.M. van den Berg
Mr. dr. M.F.M. van den Berg is zelfstandig trainer en adviseur op juridisch en compliancegebied. Daarnaast is zij als research fellow verbonden aan het Tilburg Institute for Private Law (TIP) en het Amsterdam Centre for Insurance Studies (ACIS). Tevens is zij redacteur van dit tijdschrift.

Mr. H.F.L. Goverde
Mr. H.F.L. Goverde is voormalig Group Compliance Officer van Achmea en directeur Juridische Zaken van Interpolis. Thans is hij partner van het organisatieadviesbureau ZorgopKoers. Daarnaast vervult hij bestuurs- en toezichtfuncties binnen de zorg- en verzekeringssector.

Mr. C.W.M. Vergouwen
Mr. C.W.M. Vergouwen is Manager Compliance & ORM bij Achmea.
Artikel

Tussen kunst en kitsch

Over de aansprakelijkheid van kunstexperts

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2016
Trefwoorden kunst, beroepsaansprakelijkheid, authenticiteit, provenance, exoneratie
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
Auteursinformatie

Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is als gerechtsauditeur verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Opschortingsrecht bij een overnamecontract

HR 4 november 2016, ECLI:NL:HR:2106:2517 (CIA/Heredium)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2016
Trefwoorden opschortingsrecht, koopovereenkomst, tegenvordering, redelijkheid en billijkheid, wettelijke rente
Auteurs Mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk
SamenvattingAuteursinformatie

    In HR 4 november 2016, ECLI:NL:HR:2106:2517 (CIA/Heredium) heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de koper zich terecht op een opschortingsrecht had beroepen, ook al kwam na een fiscale procedure vast te staan dat er in werkelijkheid geen belastingschuld was waarvoor de verkoper de koper zou moeten vrijwaren. De auteur gaat in op de verschillende functies van het opschortingsrecht en stelt de vraag wat de reikwijdte is van de regel die de Hoge Raad in dit geval heeft aanvaard.


Mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk
Mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

    Op grond van het (internationaal) maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO) stimuleert de overheid ondernemingen in dertien Nederlandse sectoren om in sectorverband samen met de overheid en partijen uit het maatschappelijk middenveld afspraken te maken om complexe IMVO-risico’s in de keten aan te pakken. Dit is opmerkelijk, want op grond van het mededingingsrecht kan het maken van dergelijke afspraken – indien zij in strijd zijn met het kartelverbod – ondernemingen duur komen te staan. Om deze gecompliceerde situatie te verbeteren heeft de minister van Economische Zaken op 30 september 2016 de herziening van de Beleidsregel mededinging en duurzaamheid gepubliceerd. In dit artikel analyseert de auteur de effecten van de herziening en beoordeelt zij of het mededingingsrecht op deze manier meer ruimte geeft aan duurzaamheidsinitiatieven.


Jeanine Wubbels
Mr. J.J. Wubbels is onderzoeker aan de Leerstoel International Business and Human Rights aan de Erasmus Universiteit.
Jurisprudentie

Brulotte in Europa? Opmerkingen bij Genentech/Hoechst

Hof van Justitie EU 7 juli 2016, zaak C-567/14, ECLI:EU:C:2016:526 (Genentech Inc./Hoechst GmbH en Sanofi-Aventis Deutschland GmbH)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2016
Trefwoorden IE en mededinging, royaltyverplichting na verval octrooirecht, mededingingsbeperking
Auteurs Paul Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    Is een verplichting van een (octrooi)licentienemer om royalty’s te betalen voor technologie die niet beschermd wordt door een octrooi, bijvoorbeeld na vernietiging daarvan, mededingingsbeperkend? Het Hof van Justitie bevestigde onlangs het antwoord dat het in 1989 op deze vraag gaf in een klassiek precedent op het snijvlak van IE en mededinging, maar lijkt dat onbedoeld meer ‘ordoliberaal’ uit te leggen. Dezelfde vraag houdt ook het Amerikaanse recht bezig, waar men juist graag af zou willen van een alom als achterhaald beschouwd precedent uit 1964.


Paul Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat te Amsterdam (Visser Schaap & Kreijger).
Jurisprudentie

De ‘lange arm’ van ACM bij het bepalen van de boetegrondslag

Annotatie van de uitspraak van het CBb van 24 maart 2016 in zaken 14/251-253, ECLI:NL:CBB:2016:56

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2016
Auteurs Bas van Bockel
Auteursinformatie

Bas van Bockel
Prof. dr. B. van Bockel is universitair docent aan de Universiteit Utrecht en gasthoogleraar aan Universita Ca’ Foscari (Venetië, Italië).
Redactioneel

Economisering

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2016
Auteurs Eric van Damme
Auteursinformatie

Eric van Damme
Prof. dr. E.E.C. van Damme is hoogleraar economie aan de Tilburg University.

    This article discusses the role of the German civil justice system in changing times. It describes the challenges the civil justice system faces.


Prof. dr. M. Stürner
Prof. dr. M. Stürner is full Professor of Civil Law, Private International Law and Comparative Law at the University of Konstanz, Germany.

    This article discusses the Netherlands Commercial Court from the perspective of lawyers and examines whether the NCC will be an attractive venue for international commercial discputes.


mr. P.E. Ernste
Mr. P.E. Ernste and mr. F.E. Vermeulen (partner) are lawyers at NautaDutilh in Amsterdam. Ernste is also a fellow at the Business and Law Research Centre at Radboud University Nijmegen.

mr. F.E. Vermeulen
Artikel

Schets van het internationaal gezondheidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden internationaal gezondheidsrecht, WHO-standaarden, gezondheid en mensenrechten
Auteurs Prof. mr. B.C.A. Toebes
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt de aard en reikwijdte van het internationaal gezondheidsrecht, een tak van het internationaal publiekrecht die nauw verweven is met het nationale gezondheidsrecht. De standaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie komen aan bod, evenals de relevante mensenrechtenbepalingen. De conclusie luidt dat het internationaal gezondheidsrecht een dynamisch veld is dat voor grote uitdagingen staat, waaronder het ontwikkelen van nieuwe standaarden in antwoord op de mondiale stijging van chronische ziektes en het ter verantwoording roepen van invloedrijke niet-statelijke actoren zoals de farmaceutische industrie en de tabaksindustrie.


Prof. mr. B.C.A. Toebes
Brigit Toebes is adjunct hoogleraar en Rosalind Franklin Fellow, Afdeling Internationaal Recht, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen. Email b.c.a.toebes@rug.nl.
Artikel

Wetenschappelijk onderzoek na overlijden: goed geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Wetenschappelijk onderzoek, Overlijden, Gegevens, Lichaamsmateriaal, Artikel 7:458 BW
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem en Prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    De regulering van het gebruik van gegevens en lichaamsmateriaal voor medisch-wetenschappelijk onderzoek nadat de patiënt is overleden, vertoont lacunes. Voor gegevens zijn de artikelen 7:457 eerste lid en 7:458 BW richtinggevend. Voor lichaamsmateriaal wordt een toegespitste regeling node gemist. Voor obductie en ontleding in het belang van de wetenschap zou de wet nadere voorwaarden moeten stellen.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/ docent gezondheidsrecht bij het AMC/Universiteit van Amsterdam, en lid van de redactie van dit tijdschrift.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen, en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Naar een succesformule voor empirisch-juridisch onderzoek

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden empirical legal research, Relevance of ELR, United States, legal community, education
Auteurs Prof. mr. dr. G. van Dijck
SamenvattingAuteursinformatie

    How to make empirical legal research successful? This article seeks to find an answer. It does so by building on experiences in the US with empirical legal research. Three themes are identified that should be considered when thinking about advancing empirical legal research in the Netherlands, and possibly in other countries. First, empirical legal research should address topics that the legal community can relate to and that are considered relevant. Second, empirical legal research should educate the legal community about the possibilities and pitfalls of empirical legal research in addition to conducting empirical legal research. Third, legal scholars should be educated in conducting empirical legal research. The combination of these three elements is likely to determine empirical legal research’s success.


Prof. mr. dr. G. van Dijck
Prof. mr. dr. Gijs van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan Maastricht University.
Artikel

Amerikaans rechtsrealisme en empirisch-juridisch onderzoek

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden American Legal Realism, Empirical Legal Studies, New Deal Policy, Research program, Lakatos
Auteurs Prof. dr. F.L. Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    The American Legal Realism movement, which originated in the beginning of the twentieth century and was active until the Fifties, can be seen as one of the founders of current Empirical Legal Studies because of the importance it attached to social scientific knowledge on behavior of – for instance – judges and others involved in the judiciary. The author sketches several characteristics of Legal Realism at that time. Exploring their range of thought he also examines whether Legal Realism’s studies can be seen as a research program. The recent emergence of New Legal Realism in the US and elsewhere leads to the question what characterizes this (re)new(al) movement. Finally it is argued that American Legal Realism especially contributed to scientific progress by posing new questions, changing focus and by stressing the importance of empirical evidence.


Prof. dr. F.L. Leeuw
Prof. dr. Frans Leeuw is directeur van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie en daarnaast hoogleraar Recht, openbaar bestuur en sociaal-wetenschappelijk onderzoek aan de Universiteit Maastricht.
Redactioneel

Inleiding

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Auteurs Mr. dr. Marijke Malsch, Prof. dr. Frans Leeuw en Mr. drs. Marit Scheepmaker
Auteursinformatie

Mr. dr. Marijke Malsch
Mr. dr. M. Malsch is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam.

Prof. dr. Frans Leeuw
Prof. dr. F.L. Leeuw is directeur van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie en daarnaast hoogleraar Recht, òpenbaar bestuur en sociaal-wetenschappelijk onderzoek aan de Universiteit Maastricht.

Mr. drs. Marit Scheepmaker
Mr. drs. M.P.C. Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.
Artikel

Empirisch-juridisch onderzoek – toekomstmuziek of werkelijkheid?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden empirical legal studies, law in action, law in the real world, evidence-based law
Auteurs Dr. N.A. Elbers
SamenvattingAuteursinformatie

    Empirical Legal Studies (ELS) are studies investigating the law in the real world, using empirical methods. Internationally, ELS is on the rise. However, not much is known about what is being done around ELS in the Netherlands. This article describes the results of a systematic review, investigating how many PhD researchers who defended their thesis at a Dutch law faculty in 2015 have collected empirical data, what topic they investigated, which method they used and what background they have. The findings are that 33% of the PhD theses could be labelled as ELS. The majority of ELS were conducted by researchers who have a social science degree. Some of the (only few) lawyers collecting empirical data did not aim to conduct ELS, even though their research questions were very empirical. It is concluded that more empirical education and research funding are needed to stimulate lawyers to conduct more ELS.


Dr. N.A. Elbers
Dr. Nieke Elbers is postdoc-onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en projectleider voor de stimuleringsactie Empirical Legal Studies. Zij is als sociale wetenschapper (MSc (neuro)psychologie) gepromoveerd bij de rechtenfaculteit van de Vrije Universiteit Amsterdam (afdeling privaatrecht).
Toont 81 - 100 van 475 gevonden teksten
1 2 3 5 7 8 9 23 24
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.