Zoekresultaat: 113 artikelen

x
Jaar 2017 x

    De NAM is aansprakelijk voor de door inwoners van het Groningerveld geleden en/of nog te lijden immateriële schade, als gevolg van aardbevingen.

Artikel

Transparantie van het wetgevingsproces: een kijk vanuit de wetgevingspraktijk

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2017
Trefwoorden wetgevingsproces, wetgevingsprocedure, openbaarheid, transparantie, internetconsultatie
Auteurs Mr. T.C Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beoogt een overzicht te bieden van relevante actuele ontwikkelingen op het terrein van transparantie van het wetgevingsproces in Nederland. Dit naar aanleiding van de op 24 februari 2017 uitgebrachte kabinetsnotitie over dit onderwerp. Belangrijke dilemma’s zijn het vinden van een balans tussen het belang van transparantie en het belang van beleidsintimiteit en het feit dat transparantie tijd en geld kost. In deze bijdrage wordt ingegaan op enkele specifieke onderwerpen die in de kabinetsnotitie wel – en in één geval juist niet – zijn belicht: de ‘lobbyparagraaf’ in de toelichting bij wettelijke regelingen, internetconsultatie, de ‘wetgevingskalender’ en transparantie in de Raad-van-State-fase.


Mr. T.C Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is coördinerend raadadviseur bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

    In dit artikel wordt aandacht besteed aan de Groepsvrijstellingsverordening verzekeringen die op 31 maart 2017 is vervallen. De vraag die zal worden beantwoord, is wat de gevolgen van het verval van de Groepsvrijstellingsverordening zijn voor de toepassing van het mededingingsrecht in de verzekeringssector. Hoewel de keuze van de Europese Commissie gerechtvaardigd lijkt te zijn, resteren nog wel enkele onduidelijkheden, bijvoorbeeld met betrekking tot de opkomst van (samenwerking bij) big data en de afbakening van de relevante markt.


Gerard Baak
Mr. drs. G.T. Baak is als promovendus werkzaam bij de sectie Handels- Ondernemings & Financieel recht van de Erasmus School of Law. Zijn promotieonderzoek gaat over het onderwerp mededinging en verzekering.
Artikel

Terrorisme- en radicaliseringsstudies

Een explosief onderzoeksveld

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2017
Trefwoorden terrorism studies, radicalization studies, definition, analysis levels, pitfalls
Auteurs Prof.dr. B.A. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    Studying terrorism and radicalization is quite problematic because of a lack of reliable sources. Finding out what motivates terrorists often boils down to educated guessing. The author describes the search for an academic definition of terrorism and summarizes the development of this discipline since the 1970s, thereby distinguishing research on three levels: macro, micro and meso. While before 9/11 few academics were involved in this research field, it ‘exploded’ thereafter. Important factor contributing to this expansion is the greater availability of government funds and relevant data for this type of research. However, the growth of this discipline isn’t just good news, researchers should be aware of a number of pitfalls identified as the proximity to government power, too much self-confidence (hybris) of researchers pretending to have designed a ‘unified theory’, the abundance of funds for this type of research, resulting in a lot of low-quality research, and finally the politicization of the subject, which could limit the academic freedom.


Prof.dr. B.A. de Graaf
Prof. dr. Beatrice de Graaf is als hoogleraar History of International Relations & Global Governance verbonden aan de faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Strafvorderlijke bepalingen Wetsvoorstel zeggenschap lichaamsmateriaal

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4-5 2017
Trefwoorden Wet zeggenschap lichaamsmateriaal, Verschoningsrecht bij opsporing, DNA, Strafvordering
Auteurs Mr. D.J.P. van Barneveld en mr. W.R. Kastelein
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het voorstel van de minister van VWS besproken om in het kader van de opsporing van ernstige strafbare feiten zonder toestemming lichaamsmateriaal te gebruiken dat bij een geneeskundige behandeling is verkregen. Hiermede wordt het verschoningsrecht buiten toepassing verklaard. Daartegen bestaan ernstige bezwaren, onder andere omdat de vrije toegang tot de zorg daarmede in het geding komt.


Mr. D.J.P. van Barneveld
Jan-Paul van Barneveld is strafrechtadvocaat bij Van Barneveld advocaten te Oosterbeek.

mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein is advocaat/compagnon Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle/Utrecht, en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Asielzoekers als (vermeende) daders

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2017
Trefwoorden asiel, jihadisme, oorlogsmisdadigers, identificatie, indicators
Auteurs Joris van Wijk en Maarten Bolhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution describes the legal basis for revoking or denying a residence status to asylum seekers and individuals in possession of a status who are considered war criminals, ‘common’ criminals or terrorists, in what way the Dutch government tries to identify these persons, and what the nature and size of this group is. The authors conclude that identifying alleged war criminals and jihadists is particularly complex and that there is a tension with respect to the use, necessity and desirability of making available concrete tools in the form of indicators to first line professionals for the purpose of identifying jihadists. The presence of unwanted but unremovable (criminal) asylum seekers is undesirable from the perspective of society. The suggestion is made to provide them, under certain conditions, with a temporary residence status.


Joris van Wijk
Joris van Wijk werkt als criminoloog bij het Center for International Criminal Justice (CICJ) aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Maarten Bolhuis
Maarten Bolhuis werkt als criminoloog bij het Center for International Criminal Justice (CICJ) aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Artikel

Eer op de vlucht

Over eergerelateerd geweld in Nederlandse asielzoekerscentra

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2017
Trefwoorden Eergerelateerd geweld,, Vluchtelingen, Asielzoekerscentra, beroving, Import
Auteurs Janine Janssen en Ruth Sanberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In this exploratory study, two questions are addressed. Firstly, examining police files on honour based violence (HBV), do we find conflicts that take place in asylum centers, and if so, what can we learn from those files? Secondly, to what extent can these police files provide insight into the role of HBV in the lives of refugees in the Netherlands? What are the possibilities and limitations and how can they be dealt with in future research?
    We apply the importation and deprivation models within total institutions on asylum centers and zoom in on honour based conflicts within these centers. The conflicts revolved around family life and morality issues, and resulted in both threats and physical violence. Among younger victims, their choice of partner was the main stumbling block, while later in the course of life conflicts arose from divorces and new relationships. Distinguishing between importation and deprivation factors within these HBV cases turned out to be difficult for two reasons. Firstly, within Dutch policy HBV is primarily viewed as violence within (extended) families and often originating from conflicts regarding partner choice and morality. This focus corresponds to importation rather than deprivation. Secondly, many cases showed interaction between the two factors, for example the many different backgrounds of the inhabitants of the asylum center can be viewed as both importation and deprivation. Future research should look into (a combination of) different data sources to shed light on the role of deprivation, because deprivational factors are more susceptible for (short term) policy measures to help prevent unnecessary stress and causes of conflict, whether honour based or not.


Janine Janssen
Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de nationale politie. Daarnaast is zij lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool in Den Bosch.

Ruth Sanberg
Ruth Sanberg was als onderzoeker verbonden aan het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de nationale politie. Sinds 2017 werkt zij als veiligheidsanalist bij de Eenheid Midden Nederland van de nationale politie.
Artikel

Alcohol en drugs in het weg-, vlieg- en vaarverkeer

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2017
Trefwoorden wegenverkeersverordening, alcohol, roekeloos, strafbaar, bloedonderzoek
Auteurs Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van nieuwsberichten omtrent roekeloos rij-, vlieg- en vaargedrag is de strafbaarstelling van het gebruik van alcohol of drugs door chauffeurs, piloten en schippers in het weg-, lucht- en vaarverkeer in Curaçao onder de loep genomen. Hierbij is een vergelijking gemaakt met de situatie in Aruba en Nederland, waarbij de nadruk ligt op beantwoording van de vraag of de Curaçaose wetgeving toereikend is om het rijden, vliegen en varen onder invloed van alcohol en drugs optimaal te kunnen bestrijden.


Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng
Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng is adviseur bij het Secretariaat van de Raad van Advies van Curaçao. Zij was voorheen parketjurist, belast met onder meer de voorbereiding van verkeersstrafzaken bij het Openbaar Ministerie in Curaçao.

Janneke Gerards
Prof. mr. J.H. (Janneke) Gerards is als hoogleraar fundamentele rechten verbonden aan de Universiteit Utrecht. Deze bijdrage is losjes gebaseerd op de oratie die zij op 29 maart 2017 uitsprak.
Artikel

Onmaatschappelijkheidsbestrijding en de cultuur van volksbuurten in Brabant

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Noord-Brabant, marginal neighborhoods’ culture, antisocial behavior, Crime, government policy
Auteurs Prof. dr. P. Tops
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Volksbuurten’ (marginal neighborhoods) in Brabant emerged from poverty and backwardness, but have developed their own way to deal with it. ‘Deviant behavior’, including forms of illegal and criminal activity, is important in there. That behavior gradually gets sustainable features. These neighborhoods are usually the result of conscious and active government policy; in particular the approach of ‘antisocial behavior’ in the forties and fifties of the last century has been important. In this article the author first sketches the outlines of this particular ‘volksbuurten’ culture, to focus then on the history of a particular street in one of those neighborhoods and its culture around 1960: the Ruisvoornstraat in Tilburg. Knowledge of the history of these neighborhoods is one of the keys to understanding the specifics of the history of Brabant and its partial intertwining with a culture of acting illegally and criminally.


Prof. dr. P. Tops
Prof. dr. Pieter Tops is hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit van Tilburg en lector ‘politie en openbaar bestuur’ aan de Politieacademie.
Artikel

Opnieuw beweging in de rechtspraak voor de benadeelden van de Groningse gaswinning

Rb. Noord-Nederland 1 maart 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:715

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2017
Trefwoorden gaswinning, aardbevingen, schade, aansprakelijkheid, immateriële schade
Auteurs Mr. M.J. Journée
SamenvattingAuteursinformatie

    De Rechtbank Noord-Nederland maakt in haar vonnis van 1 maart 2017 een uitzondering op het uitgangspunt dat voor toekenning van immateriële schade bij ‘zuivere’ persoonsaantastingen sprake dient te zijn van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. De benadeelden van de Groningse gaswinning kunnen derhalve voor vergoeding van immateriële schade in aanmerking komen zonder dat sprake is van geestelijk letsel.


Mr. M.J. Journée
Mr. M.J. Journée is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen te Apeldoorn op de sectie Aansprakelijkheid, Verzekering & Vervoer.
Artikel

Uitspraak Hof van Justitie van de Europese Unie, 7 maart 2017, zaak C-638/16 PPU, X. en X./België

Een gemiste kans voor een uniforme en mensenrechtelijke uitleg van de Visumcode wat betreft de afgifte van een humanitair visum

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden humanitair visum, kortverblijfvisum, Visumcode, recht op asiel, refoulementverbod
Auteurs Dr. mr. E.R. Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 7 maart 2017 oordeelde het Hof van Justitie in de zaak X. en X./België dat het Unierecht niet verplicht tot de afgifte van een humanitair visum om personen in staat te stellen op het grondgebied van een van de lidstaten asiel aan te vragen. Anders dan geadviseerd door advocaat-generaal Mengozzi concludeert het Hof van Justitie dat in dergelijke gevallen de Visumcode (Verordening (EU) nr. 810/2009) niet van toepassing is. Hiermee is de uitspraak een gemiste kans om duidelijkheid te bieden inzake de uitleg van artikel 25 van de Visumcode en de extraterritoriale toepassing van artikelen 4 en 18 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
    HvJ 7 maart 2017, zaak C-638/16 PPU, X. en X./België, ECLI:EU:C:2017:173


Dr. mr. E.R. Brouwer
Dr. mr. E.R. (Evelien) Brouwer is senior onderzoeker migratierecht, Vrije Universiteit Amsterdam
Artikel

Gegevensbescherming in strafzaken: nieuwe rechtsinstrumenten in een nieuwe realiteit

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden persoonsgegevens, gegevensbescherming, strafrecht, trans-Atlantische samenwerking
Auteurs Dr. E. De Busser
SamenvattingAuteursinformatie

    Het EU-wetgevend kader inzake persoonsgegevensbescherming werd grondig herzien in het licht van nieuwe ontwikkelingen. Voor de bescherming van persoonsgegevens die worden verwerkt met het oog op strafrechtelijke onderzoeken en vervolgingen, werd een richtlijn afgekondigd in het voorjaar van 2016. De Nederlandse implementatiewetgeving is nog niet bekend. Deze bijdrage onderzoekt de wijzigingen in het EU-wetgevend kader, de achtergrond en de betekenis ervan. Daarbij worden het onderscheid en de overeenkomsten tussen gegevensbescherming in handelszaken en in strafzaken benadrukt. Bovendien worden de recente aanpassingen aan de gegevensuitwisseling in strafzaken tussen de EU en de VS besproken.

    • Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG, PbEU 2016, L 119

    • Richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad, PbEU 2016, L 119


Dr. E. De Busser
Dr. E. (Els) De Busser is Hogeschooldocent aan de faculteit Bestuur, Recht en Veiligheid en researcher aan het Centre of Expertise Cybersecurity, Haagse Hogeschool.
Artikel

Sporttuchtrecht 2.0

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2017
Trefwoorden sportrecht, sporttuchtrecht, field of play, privaat verenigingstuchtrecht
Auteurs Mr. M. van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Het sporttuchtrecht/private verenigingstuchtrecht heeft een bijzondere positie en een eigen domein binnen het recht. In dit artikel wordt dit domein nader beschouwd. Binnen het sporttuchtrecht is een bijzondere rol weggelegd voor de scheidsrechter. Scheidsrechterlijke beslissingen mogen slechts marginaal worden getoetst, op basis van het ‘field of play’-principe. Het sporttuchtrecht is effectief en vergroot in veel gevallen de acceptatiebereidheid onder sporters. Sportrechtelijke tuchtprocedures zijn vaak sneller en goedkoper dan gewone civiele procedures en bovendien beschikt de tuchtrechter over sportspecifieke kennis en kan er adequaat worden gestraft. Publieke regulering van het sporttuchtrecht is niet nodig, omdat het sporttuchtrecht nu voldoende effectief is en overbodige regulering zou kunnen leiden tot een knock-out van een goed functionerend systeem.


Mr. M. van Dijk
Mr. M. (Michiel) van Dijk is advocaat en partner bij CMS Derks Star Busman in Utrecht. Daarnaast is hij als bestuurder, arbiter en sporter actief in de sportwereld.

    The Curia (Hungarian Supreme Court) stated in its ruling that length of service is not a protected characteristic under discrimination law. Length of employment cannot be considered as a core feature of the individual based on which he or she would belong to a specific group, as it is a result of his or her own actions. It therefore cannot be treated as a ‘miscellaneous’ ground for the purposes of the Hungarian Equal Treatment Act. Further, length of service cannot be linked to age discrimination. The length of service of an employee is not directly connected to age, therefore treatment of an employee based on length of service with a specific organisation cannot be considered age discriminatory.
    A claim based on discrimination must be supported by a comparator. Employees with different educational backgrounds and jobs with different the educational requirements, are not comparable for the purposes of equal treatment law.


Gabriella Ormai
Gabriella Ormai is the managing partner of the Budapest office of CMS Cameron McKenna LLP (www.cms-cmck.com).
Artikel

Tele2: de afweging tussen privacy en veiligheid nader omlijnd

Een tweede arrest over de bewaarplicht van telecommunicatiegegevens in het Europees recht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Bewaarplicht, telecommunicatie, privacy
Auteurs Mr. N. Falot en Dr. H. Hijmans
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 21 december 2016 (gevoegde zaken C-203/15 en C-698/15, Tele2 Sverige en Watson, hierna: Tele2) heeft het Hof van Justitie de voorwaarden voor het bewaren van en toegang tot telecommunicatiegegevens gepreciseerd. Het Hof van Justitie heeft geoordeeld dat de ePrivacyrichtlijn 2002/58/EG zich verzet tegen een algemene en ongedifferentieerde nationale regeling voor de bewaring van alle verkeersgegevens en locatiegegevens. Bovendien moet de toegang van politie en justitie tot die gegevens duidelijk worden geclausuleerd en worden beperkt tot de bestrijding van ernstige criminaliteit. Ook vereist die toegang voorafgaand toezicht door een rechter of onafhankelijke bestuurlijke instantie. Voorts moeten de gegevens op het grondgebied van de EU worden bewaard.
    HvJ 21 december 2016, gevoegde zaken C-203/15 en C-698/15, Tele2 Sverige en Watson e.a., ECLI:EU:C:2016:970.


Mr. N. Falot
Mr. N. (Nathalie) Falot is senior juridisch adviseur bij Considerati.

Dr. H. Hijmans
Mr. Dr. H. (Hielke) Hijmans is Of Counsel bij Considerati en verbonden aan Centre for Information Policy Leadership, voorheen EDPS.
Artikel

Inzage in medische gegevens van de patiënt; een illustratie van het belang van een goede medische machtiging

Een bespreking van RTG Groningen 21 juli 2015, ECLI:NL:TGZRGRO:2015:45 en HvD 26 augustus 2016, ECLI:NL:TAHVD:2016:178

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2017
Trefwoorden medische aansprakelijkheid, medisch beroepsgeheim, inzage in medische gegevens patiënt, medische machtiging, geheimhoudingsplicht
Auteurs Mr. dr. A. Wilken
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden twee tuchtzaken besproken waarin respectievelijk het RTG Groningen en het HvD hebben geoordeeld dat in civiele medische aansprakelijkheidsprocedures geen toestemming van de patiënt nodig is voor het gebruik van diens medische gegevens voor zover dat noodzakelijk is in het kader van het verweer van de aangesproken hulpverlener. De KNMG-richtlijn Omgaan met medische gegevens gaat er echter van uit dat in civiele zaken – anders dan in tuchtzaken – wél toestemming van de patiënt nodig is voor het gebruik van zijn medische gegevens. Daarbij wordt het overgrote deel van de medische aansprakelijkheidszaken buiten rechte afgewikkeld en ook buiten rechte is niet duidelijk welke regels er precies gelden met betrekking tot inzage in medische gegevens van de patiënt. Om onduidelijkheid en geschillen in dat kader te kunnen voorkomen, is het belangrijk dat partijen direct aan het begin van de schadebehandeling goede afspraken maken over wie wanneer welke medische gegevens mag inzien en onder welke voorwaarden, en dat de patiënt daar ook toestemming voor geeft. Een goede medische machtiging is derhalve van groot belang.


Mr. dr. A. Wilken
Mr.dr. A. Wilken is universitair docent gezondheidsrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL). Daarnaast is zij raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en is zij als lid-jurist verbonden aan de Regionale Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg te Amsterdam en Den Haag.
Artikel

Een verkenning van de vorderingsbevoegdheid van de Wet op de economische delicten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Wet op de economische delicten, vordering, art. 19 WED, art. 126nd Sv, bevoegdheden
Auteurs Mr. G.J. van der Zon en Mr. L.E.M. Dallau
SamenvattingAuteursinformatie

    De ruimere bevoegdheden die de Wet op de economische delicten kent in vergelijking met het Wetboek van Strafvordering worden in de opsporingspraktijk te weinig benut.


Mr. G.J. van der Zon
Mr. G.J. (George) van der Zon BBA werkt als coördinerend jurist bij het Knooppunt FinEC van de Nationale Politie.

Mr. L.E.M. Dallau
Mr. L.E.M. (Lauren) Dallau werkt als senior inspecteur/jurist bij de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Praktijk

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM of Hof) heeft in de periode september 2015 tot en met 31 december 2016 een groot aantal uitspraken gedaan die voor gezondheidsjuristen van belang zijn. In het bijzonder zijn de uitspraken over de samenwerking tussen artsen en ziekenhuizen van belang, alsmede diverse uitspraken over onvrijwillige opnames, het ontnemen van de handelingsbekwaamheid van patiënten en het in het openbaar uiten van kritiek door en op artsen. Deze en andere zaken, die ook voor Nederland relevant zijn, worden in deze kroniek besproken.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Toont 81 - 100 van 113 gevonden teksten
1 2 3 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.