Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1415 artikelen

x
Jurisprudentie

De recidivist onder het mes: NMa beboet de Landelijke Huisartsenvereniging

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2012
Trefwoorden kartel, ondernemersvereniging, vestigingsbeleid, boetebesluit, merkbaarheid
Auteurs Prof. dr. M.F.M. Canoy en Prof. mr. W. Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nma heeft de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) beboet wegens het voeren van een vestigingsbeleid dat inbreuk maakt op het kartelverbod. Zittende huisartsen selecteerden de nieuwe toetreders door hen al dan niet toe te laten tot de vervangingsregeling. De zorgverzekeraars stelden deelname aan een vervangingsregeling bovendien als voorwaarde voor een deel van hun vergoeding. De Nma legde de LHV een boete op van meer dan 7 miljoen euro, mede omdat de Nma al tien jaar eerder op een ontheffingsverzoek van de LHV had aangegeven dat een dergelijk vestigingsbeleid uit den boze was. Wij concluderen dat de handelwijze van de LHV door de Nma terecht als overtreding van de mededingingswet wordt gezien. Bij de onderbouwing plaatsen wij evenwel een paar vraagtekens.


Prof. dr. M.F.M. Canoy
Prof. dr. M.F.M. Canoy is verbonden aan het Tilburg Centre for Law and Economics (TILEC) van Tilburg University en bovendien hoofdeconoom van Ecorys.

Prof. mr. W. Sauter
Prof. mr. W. Sauter is verbonden aan het Tilburg Centre for Law and Economics (TILEC) van Tilburg University en bovendien expert bij de NZa.
Artikel

Mediation options for resolving commercial disputes in China: A guide for foreign enterprises

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Chinese law, Chinese civil procedure, Chinese commercial dispute resolution, mediation, ADR
Auteurs P.C.H. Chan
SamenvattingAuteursinformatie

    Consistent with the state’s policy of promoting mediation, commercial disputes in China are frequently settled through mediation. As a foreign enterprise doing business in China, it is important to understand the nature and practice of commercial mediation.
    The article introduces foreign enterprises to the Chinese court system and arbitration regime and the position of mediation within the country’s commercial dispute resolution context. It highlights the practical aspects and potential pitfalls of commercial mediation in China.
    Mediation of commercial disputes may occur during a lawsuit (court mediation) or arbitration proceedings (med-arb). It may also occur as private mediation through independent institutions


P.C.H. Chan
P.C.H. Chan is Teaching Fellow at the School of Law of the City University of Hong Kong, solicitor, HKSAR, and solicitor, England & Wales.
Artikel

Gunstbetoon en medische hulpmiddelen

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Gedragscode Medische Hulpmiddelen, gunstbetoon, medische hulpmiddelen, zelfregulering, reclame
Auteurs Mr. M.E. de Bruin en prof. mr. M.D.B. Schutjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgeving voor medische hulpmiddelen bevat – in tegenstelling tot de wetgeving voor geneesmiddelen – nauwelijks bepalingen over reclame en in het geheel geen bepalingen over financiële relaties (gunstbetoon) tussen leveranciers van hulpmiddelen en zorgprofessionals, waaronder artsen. Met ingang van 1 januari 2012 is de Gedragscode Medische Hulpmiddelen in werking getreden. Deze gedragscode bindt de leden van zes koepelorganisaties van fabrikanten/leveranciers van medische hulpmiddelen en stelt onder meer voorwaarden aan het geven van geschenken, financiële ondersteuning bij (deelname aan) bijeenkomsten, betaling voor dienstverlening en sponsoring. De Gedragscode gaat uit van wederkerigheid (wat leveranciers niet mogen aanbieden, mogen zorgprofessionals ook niet aannemen). Zorgprofessionals zullen formeel echter pas aan de Gedragscode gebonden zijn indien zij deze ook als zodanig hebben onderschreven.


Mr. M.E. de Bruin
Mirjam de Bruin is als juridisch adviseur op het gebied van de gezondheidszorg werkzaam bij Schutjens De Bruin.

prof. mr. M.D.B. Schutjens
Marie-Hélène Schutjens is als juridisch adviseur op het gebied van de gezondheidszorg werkzaam bij Schutjens De Bruin. Marie-Hélène Schutjens is tevens deeltijd hoogleraar farmaceutisch recht aan de UU.
Artikel

Intelligencegestuurd politiewerk: een maturity model

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2012
Trefwoorden intelligence led policing, maturity model, information, deciding
Auteurs Dr. ir. Mariëlle den Hengst
SamenvattingAuteursinformatie

    Intelligence Led Policing (ILP) is an increasingly important concept for policing. ILP is about analyzing information and knowledge and using these analyses to support decision making about police work. The implementation of ILP is characterized by different stages of development. In this paper we describe each stage by five aspects. The stages are: intuition, justify actions, guiding actions and prescribing actions. The five aspects are: collecting information, analyzing information, presenting analyses, interaction and using analyses.


Dr. ir. Mariëlle den Hengst
Dr. ir. Mariëlle den Hengst is lector Intelligence aan de Politieacademie te Apeldoorn en tevens universitair docent aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft.
Artikel

Agenten volgen via Twitter bevordert positieve beeldvorming, stimuleert de meldingsbereidheid en verandert de veiligheidsbeleving

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Twitter, community policing, transparency, perception, willingness to report
Auteurs Leon Veltman, Marianne Junger en Roy Johannink
SamenvattingAuteursinformatie

    Since November 2009, the regional police of Groningen facilitated their community officers with Twitter. According to the principles of community policing, they are enabled to shorten the distance between the police and citizens by giving them a direct connection. Such a connection should stimulate interaction, while at the same time it should make people feel more safe. In addition, Twitter also creates possibilities for the police to be transparent. Sharing of information should alter citizens’ perception towards the police.
    A comparison has been made, by using an online questionnaire, between followers and two kinds of non-followers. The effects of following twittering community officers have been demonstrated by using statistical analyses, taking into account relevant control variables. On the basis of these analyses it has been demonstrated that following a twittering community officer did not positively or negatively alter the perception of safety of their followers. However, an enhanced information position has made followers much more aware of local disorder and crime. Thanks to shared information about police actions to sustain and improve local safety and livability, followers’ perception of safety has not been altered negatively.
    Followers’ perception towards the police organization has been positively altered, thanks to the twittering community officers. Especially the sharing of information and involving citizens into local policing helps the police to alter the perception of citizens towards their organization. In addition, it has been shown that followers’ willingness to report has been improved. Thanks to the ease of use of Twitter and the shortened distance between the police and citizens, followers do frequently contact the police or a community officer to share some information, or to report some crime or disorder. However, it has been shown that Twitter should just be presented as complementary to existing ways to contact the police.


Leon Veltman
L. (Leon) Veltman MSc is adviseur beleid en onderzoek bij VDMMP Focus op veiligheid. E-mail: veltman@vdmmp.nl

Marianne Junger
Prof.dr. M. (Marianne) Junger is Professor Social Safety Studies aan de Universiteit Twente. E-mail: m.junger@utwente.nl

Roy Johannink
Drs. R. (Roy) Johannink MCDm is senior adviseur beleid en onderzoek bij VDMMP Focus.
Artikel

Identificatie van Nederlandse jongeren die risico lopen op internet

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Youth, internet use, online victimization, risk profile, risk factors
Auteurs Joyce Kerstens en Johan van Wilsem
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes the findings of a national representative survey on online victimization. The survey was conducted in the Netherlands in 2011 amongst youth aged 10 to 18. Purpose of this research is to identify various risk factors related to cyber bullying, online sexual activities and online financial crime (e.g. e-fraude and commercial deceit). More than 9 percent of the youths had negative experiences with cyber bullying, about 5 percent with e-fraude and over 11 percent with commercial deceit. Also unwanted online sexual solicitations (6%) and unwanted exposure to sexually explicit internet material (12%) occurred with some regularity.
    This research complements earlier research on youth victimization in two important respects. First, we paid explicit attention to determine whether the youngster experienced the online incident as negative, neutral or positive. Our strategy to address negative experiences ensures the identification of actual victims. Secondly, we made it possible to identify and compare risk factors on various types of online crime. Girls are more likely to be cyber bullied, to receive unwanted sexual solicitations and to be unwantedly exposed to online pornography, whilst boys are more at risk to be commercially deceived or scammed.
    Internet use and behaviour are significant risk factors to comprehend online victimization. Above average use of instant messaging and clicking on (advertising) hyperlinks without restraint, are important predictors for online victimization. Finally, online disinhibition - a loosening of social restrictions during interactions with others on the Internet - and low self-control, turn out to be significant risk factors.
    It is difficult to accept certain risks, especially when youth are involved. However, children have to learn themselves to assess risks, to deal with them and to learn from them. It is important youths built up resilience to adequately react on negative online incidents and to reduce online vulnerability.


Joyce Kerstens
Drs. J.W.M. (Joyce) Kerstens is Projectleider Jeugd & Cybersafety bij het Lectoraat Cybersafety van NHL Hogeschool en Politieacademie. E-mail: j.kerstens@nhl.nl

Johan van Wilsem
Dr. J. (Johan) van Wilsem is universitair hoofddocent Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden.
Hoofdartikel

Grenzen aan de rechtsvormende taak van de rechter in het privaatrecht en het arbeidsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2012
Trefwoorden rechtsvormende taak, wetgever-plaatsvervanger, rechtszekerheid, privaatrechtelijke benadering
Auteurs Prof. mr. C.J.H. Jansen en Prof. mr. C.J. Loonstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Het lijkt een bijna uitgemaakte zaak dat de rechter een rechtsvormende taak heeft. De Hoge Raad heeft op het gebied van het algemene privaatrecht grenzen aan deze taak gesteld, bijvoorbeeld door te overwegen dat een bepaalde oplossing vanuit het oogpunt van rechtszekerheid onaanvaardbaar is of dat een bepaalde uitspraak de rechtsvormende taak van het college te boven gaat. Naar aanleiding van een drietal recente arbeidsrechtelijke uitspraken van de Hoge Raad onderzoeken de schrijvers de grenzen aan zijn rechtsvormende taak op het terrein van het arbeidsrecht. In het verleden ging het college op dit politiek gevoelige rechtsgebied wel erg ver in zijn optreden als wetgever-plaatsvervanger.


Prof. mr. C.J.H. Jansen
Prof. mr. C.J.H. Jansen is hoogleraar rechtsgeschiedenis en burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen, en tevens bijzonder hoogleraar Romeins recht aan de UvA.

Prof. mr. C.J. Loonstra
Prof. mr. C.J. Loonstra is hoogleraar arbeidsrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en adviseur bij Boontje Advocaten Arbeidsrecht te Amsterdam.
Artikel

Compliance by design

Het inbouwen van regelgeving in bedrijfsprocessen en informatiesystemen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2012
Trefwoorden procesanalyse, business process management, compliance by design, toezicht
Auteurs Dr. J. Hulstijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Het naleven van regelgeving en het toezicht daarop steunen op informatieverwerking. Informatiesystemen worden ingezet voor het verzamelen en beoordelen van bewijs dat men aan de regels voldoet, maar ze worden ook steeds vaker ingezet om gedrag te beïnvloeden. Bedrijfsprocessen en informatiesystemen worden dan zo ontworpen dat men als vanzelf aan de regels voldoet: ‘compliance by design’. In deze bijdrage wordt besproken op welke wijze algemene regelgeving kan worden vertaald in specifieke eisen en definities voor informatiesystemen. Het zet een stappenplan uit voor een juridische procesanalyse en benoemt enkele aandachtspunten die juridische experts kunnen helpen te zorgen dat het resulterende proces effectief is en rechtmatig. Toepassing van het stappenplan wordt geïllustreerd aan de hand van voorbeelden.


Dr. J. Hulstijn
Dr. J. Hulstijn is universitair docent bij de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft en coördinator van de nieuwe master’s opleiding Compliance Management. j.hulstijn@tudelft.nl
Artikel

Schandalig! Te veel én te weinig!

Narratieve analyse van het debat over de juiste hoeveelheid toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden bestaansrecht toezicht, publiek debat, narratieve analyse
Auteurs Dr. ir. B.M. Steenhuisen en Drs. H.G. van der Voort
SamenvattingAuteursinformatie

    Wie in het openbaar meer of minder toezicht bepleit, bevindt zich in een ondoorzichtig en gepolariseerd debat. Wanneer kost het bezuinigen op toezicht meer dan dat het oplevert? Wat begrenst de toegevoegde waarde van toezicht? In dit artikel pogen we dit debat inzichtelijker en zinvoller te maken door het te analyseren en te structureren.


Dr. ir. B.M. Steenhuisen
Dr. ir. B.M. Steenhuisen is als wetenschappelijk onderzoeker en docent verbonden aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft.

Drs. H.G. van der Voort
Drs. H.G. van der Voort is als wetenschappelijk onderzoeker en docent verbonden aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft.
Artikel

Mediaberichtgeving over witteboordencriminaliteit

‘There’s no such thing as bad publicity’

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden witteboordencriminaliteit, strafrecht, media, publiciteit, framing
Auteurs Drs. J.J.H. Beckers en Dr. J.G. van Erp
SamenvattingAuteursinformatie

    Recentelijk werden de hoofdverdachten in de ‘Klimop-zaak’ door de Rechtbank Haarlem in eerste aanleg veroordeeld tot uiteenlopende straffen. Strafrechtelijke vervolging van fraude zou er mede toe moeten dienen witteboordencriminaliteit ondubbelzinnig te veroordelen. Welke rol spelen de media bij deze pogingen om een grens te trekken in het grijze gebied tussen innovatief ondernemerschap en verwerpelijke roekeloosheid?


Drs. J.J.H. Beckers
Drs. J.J.H. Beckers is als promovendus verbonden aan de sectie Criminologie van de Erasmus School of Law.

Dr. J.G. van Erp
Dr. J.G. van Erp is universitair hoofddocent Criminologie aan de Erasmus School of Law en lid van de redactie van Tijdschrift voor Toezicht.
Diversen

De rol van de ondernemingsraad bij het bevorderen van de kwaliteit van intern toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden governance, ondernemingsraad, aanbevelingsrecht, zelfevaluatie
Auteurs Prof. dr. B.E. Baarsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Ondernemingsraden maken op dit moment nog te weinig gebruik van wettelijke rechten, zoals het aanbevelingsrecht. Het heeft volgens mij daarom geen zin om nieuwe wettelijke regelingen in het leven te roepen, zoals een verplichting om de ondernemingsraad bij de zelfevaluatie van de raad van commissarissen te betrekken. Bovendien werken wettelijke regelingen niet per se de gewenste cultuurverandering in de hand, maar verworden de regels tot papieren tijgers die leiden tot schijntransparantie.


Prof. dr. B.E. Baarsma
Prof. dr. B.E. Baarsma is algemeen directeur van SEO Economisch Onderzoek en bijzonder hoogleraar Marktwerking- en mededingingseconomie aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Universiteit van Amsterdam. Tevens is zij lid van de redactie van Tijdschrift voor Toezicht.

    Illegal deforestation is generally not considered as a criminological subject but in this article it is argued that it can easily be considered as such. The central question that is addressed here is how the theme of deforestation, which clearly fits into the new realm of green criminology, relates to more traditional criminological concepts. This question is discussed through various case studies: the Brazilian Amazon (mainly Brazil), Central Africa (mainly the Democratic Republic of Congo), South East Asia (mainly Indonesia), Russian Siberia, and Pakistan's Swat forests. The case studies show that there are actually many victims of deforestation, both human and non-human, and that deforestation is linked to a variety of other crimes and harms as well. It is concluded that even without taking a green criminological perspective, several concepts of criminology apply to illegal deforestation practices: governmental and state crimes, corporate crimes, and various types of organized crime.


T. Boekhout van Solinge
Dr. Tim Boekhout van Solinge is als universitair docent verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Redactioneel

Voorwoord

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2012
Auteurs Marit Scheepmaker

Marit Scheepmaker

    As a contribution to literature drawing together green criminology and studies of organized and corporate crime, this paper provides a case study of crimes and public health harms linked to the Naples garbage disposal crisis. The context is the inability of modern consumer society to cope with the problem of mass production of waste. In turn this leads to opportunities for both legal and criminal entrepreneurs to offer services that promise but fail to ‘dispose’ of the problem. The analysis draws upon environmental law and classic studies of organised crime.


V. Ruggiero
Prof. Vincenzo Ruggiero is als hoogleraar sociologie verbonden aan de Middlesex University in Londen.

N. South
Prof. Nigel South is hoogleraar sociologie aan de University of Essex.

    Electric and electronic waste (e-waste) is the fastest growing waste stream worldwide: 50 million tons of electronic waste each year. Part of it is exported, often illegally, from industrialised countries to e-waste hubs like Ghana, Nigeria, India, and China. E-waste often contains both valuable metals as well as toxic substances. The high value of metal is the main reason for imports by countries like Ghana, Nigeria, and China. However, the recycling methods in these countries are not tailored to responsible recycling of the toxic elements of e-waste, thereby causing major negative environmental and health effects. Also, the recycling methods in those countries are less efficient, which leads to the loss of valuable metals and to an increase in the mining of virgin metals. In this way the e-waste problem is directly related to the social and environmental problems at the beginning of the electronics chain. This article explores the e-waste problem from a value chain perspective and proposes policy measures that could diminish Europe's contribution to the problem.


M. van Huijstee
Dr. Mariëtte van Huijstee is onderzoeker bij SOMO - Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen.

T. Steinweg
Tim Steinweg MSc is onderzoeker bij SOMO - Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen.

    Many species are threatened with extinction today. Certain animal species are becoming scarce and thus more valuable. Illegally traded animals and animal products are exported by relatively poor countries. These easily provide exporting papers that demonstrate that animals are bred in captivity, when in reality they are caught in the wild. In general illegally traded animals originate from South and Central America, Asia, Eastern Europe and Africa. Europe is a major importer. Since illegal trade in animals is booming business, it is not uncommon for illegal traders in exotic animals to be associated with other forms of organised crime. Due to a relatively low risk of prosecution and high profits to be made, the trade in rare species has become very attractive.


D.P. van Uhm
Drs. Daan van Uhm is als promovendus verbonden aan de vakgroep Criminologie van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht.

J. Han Wansink
Emeritus Professor of Insurance Law, Erasmus University and Leiden University.

Niels Frenk
Professor of Liability- and Insurance Law, VU University Amsterdam.

Herman Cousy
Director, Centre for Risk and Insurance Studies, K.U. Leuven.

Malcolm Clarke
Emeritus Professor of Commercial Contract Law, University of Cambridge.
Toont 981 - 1000 van 1415 gevonden teksten
1 2 42 43 44 45 46 47 48 50 »
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.