Zoekresultaat: 196 artikelen

x
Artikel

Ontwikkelingen in het Europees Consumentenrecht in 2012

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden oneerlijke bedingen, op afstand gesloten overeenkomsten, internationale bevoegdheid, productaansprakelijkheid, alternatieven geschillenbeslechting
Auteurs Prof. Mr. M.B.M Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    In een eerdere bijdrage is aandacht besteed aan de ontwikkelingen op het gebied van het luchtvervoersrecht. In dit artikel wordt stilgestaan bij de ontwikkelingen op andere terreinen van het Europese consumentenrecht, in het bijzonder ten aanzien van oneerlijke bedingen, op afstand gesloten overeenkomsten en de voorgenomen regelgeving betreffende alternatieve geschillenbeslechting.


Prof. Mr. M.B.M Loos
Prof. Mr. M.B.M. Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie: beweging in de rechtspraak

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden handvest, grondrechten, reikwijdte, EVRM, solidariteit
Auteurs Mr. dr. H.J.Th.M. van Roosmalen en Mr. A. Pahladsingh
SamenvattingAuteursinformatie

    In het laatste deel van een drieluik over het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, nadat dit juridisch bindend is geworden op 1 december 2009, constateren de auteurs dat de Europese en Nederlandse rechtspraak over het Handvest duidelijk in beweging is, al zijn er nog steeds vragen onbeantwoord. Twee terreinen zijn met name interessant om ook in de nabije toekomst te blijven volgen: de reikwijdte van het Handvest, dat wil zeggen de vraag wanneer het toepasbaar is ten aanzien van de lidstaten, en de relatie van het Handvest tot andere mensenrechtenverdragen zoals het EVRM.


Mr. dr. H.J.Th.M. van Roosmalen
Mr. dr. H.J.Th.M. van Roosmalen is als jurist werkzaam bij de Raad van State in Den Haag.

Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. Pahladsingh is als jurist werkzaam bij de Raad van State in Den Haag.
Artikel

Het nieuwe CEPANI Mediatiereglement van 2013

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2013
Trefwoorden CEPANI, CEPINA, arbitration rules, domain names
Auteurs Herman Verbist en Luc Demeyere
SamenvattingAuteursinformatie

    On 1 January 2013 the new Mediation Rules of CEPANI (the Belgian Center for Arbitration and Mediation) entered into force. The 2013 CEPANI Mediation Rules replace the 2005 version of the CEPANI Mediation Rules and also the 2010 version of the CEPANI ICT (Information and Communication Technology) Mediation Rules. The 2013 Rules contain provisions on the introduction of the mediation, the appointment of the mediator, the mediation protocol to be established at the beginning of the mediation process, the conduct of the mediation, the confidentiality, the end of the mediation and its costs. The authors comment on these various provisions of the CEPANI Mediation Rules and explain thereby also the relevant provisions of the Belgian Mediation Law contained in Chapter VII of the Belgian Judicial Code.


Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat aan de Balie te Gent en te Brussel, werkzaam bij Everest Advocaten, gastdocent aan de Universiteit Gent, erkend bemiddelaar en redacteur van dit tijdschrift.

Luc Demeyere
Luc Demeyere is advocaat aan de Balie te Antwerpen, werkzaam bij Contrast, erkend bemiddelaar en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Stuiting van verjaring en de volmacht van de advocaat

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden vertegenwoordiging, omvang volmacht, stilzwijgende volmacht, stuiting, advocaat
Auteurs Mr. P. Memelink
SamenvattingAuteursinformatie

    Kernvraag in deze bijdrage is hoe ver de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de advocaat reikt. Bepleit wordt dat advocaten in beginsel bevoegd zijn tot het in ontvangst nemen van stuitingsbrieven, op grond van hun (stilzwijgende) volmacht of van schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Dat is slechts anders in gevallen waarin juist aan de omvang of het bestaan van de volmacht tot passieve vertegenwoordiging moet worden getwijfeld.


Mr. P. Memelink
Mr. P. Memelink is Professional Support Lawyer bij de sectie Dispute Resolution van Houthoff Buruma in Amsterdam.
Artikel

De ontbindingsprocedure: rechtsmiddelenverbod en bewijsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2012
Trefwoorden ontbindingsprocedure, artikel 6 EVRM, rechtsmiddelenverbod, bewijsrecht, onrechtmatige rechtspraak
Auteurs mr. D.M.A. Bij de Vaate
SamenvattingAuteursinformatie

    De ontbindingsprocedure kent twee procesrechtelijke bijzonderheden: het rechtsmiddelenverbod en het bewijsrecht. Deze bijzonderheden brengen niet mee dat de ontbindingsprocedure in strijd is met artikel 6 EVRM. Artikel 6 EVRM vereist immers niet een berechting van een zaak in twee feitelijke instanties. Bovendien is de ontbindingsrechter altijd gehouden, ook in een spoedeisende ontbindingsprocedure, het beginsel van ‘equality of arms’ in acht te nemen op straffe van doorbreking van het appèlverbod.Dit voorkomt echter niet dat de ontbindingsrechter, net als iedere andere rechter (in laatste en hoogste instantie), soms in strijd zal handelen met artikel 6 EVRM of anderszins een ‘fout’ zal maken in de beoordeling van het geschil. Voor dergelijke incidentele schendingen van artikel 6 EVRM door de kantonrechter is veelal een doorbreking van het appèlverbod mogelijk. Voor de inhoudelijk onjuiste ontbindingsbeschikking kan het leerstuk van onrechtmatige rechtspraak uitkomst bieden.


mr. D.M.A. Bij de Vaate
Mw. mr. D.M.A. Bij de Vaate is als docent/onderzoeker sociaal recht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Crimmigratie en de morele economie van illegale vreemdelingen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2012
Trefwoorden illegal immigrants, crimmigration, moral economy, exploitation
Auteurs Prof. dr. Richard Staring
SamenvattingAuteursinformatie

    Illegal stay in the Netherlands is increasingly criminalized through new measurements and adaptations of the Aliens Law. In order to understand the incorporation of illegal immigrants in this restrictive political context, the ‘moral economy’ is introduced as a concept referring to the norms and expectations regarding justice and reciprocity that serve as guidelines for daily illegal live. This process of crimmigration minimalizes the opportunities of illegal immigrants and as an unintended consequence will push the illegal immigrants further towards charity, informal labour or crime. Paradoxically, illegal immigrants will become more vulnerable for exploitation instead of returning home as was intended.


Prof. dr. Richard Staring
Prof. dr. Richard Staring is hoogleraar Mobiliteit, Toezicht en Criminaliteit aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Vreemdelingenbewaring in crimmigratieperspectief

Over de rol van strafrechtelijke antecedenten en het ultimum-remediumbeginsel voor de maatregel van bewaring in de rechtspraktijk

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2012
Trefwoorden immigration detention, legal practice, crimmigration, ultimum remedium
Auteurs LLB. Jo-Anne Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    The judge has a very important task in reviewing cases of immigration-related detention and guaranteeing the alien’s safeguards. This study examines the legal practice of reviewing detention orders from the theoretical perspective of crimmigration. Analyses of cases and interviews with judges show that the alien’s criminal background is not important for the review of grounds, but still of significance in the balancing of interests. In addition, the data reveal a protective gap in the reviewing mechanisms for aliens arrested on the basis of identification requirements. Moreover, the ultimum remedium principle proves to be a hollow notion, but the responsibility for its erosion lies largely outside the judicial practice.


LLB. Jo-Anne Nijland
Jo-Anne Nijland LLB. is student Legal Research aan de Universiteit Utrecht.

    In its Betfair judgment, the Court of Justice ruled that the exclusive license system with respect to games of chance under Dutch law breaches Article 49 of the EC, now: Article 56 of the TFEU, concerning the free movement of services, and in particular the principle of equal treatment and the obligation of transparency. This article addresses the lessons which can be drawn from this judgement and which Dutch legal concepts could be applied to this 'European' obligation of transparency. According to the judgement, this is not only the case for 'public contracts'and 'concessions', but also to licenses under public law. This article addresses the meaning of these legal concepts and discusses to what extent this 'European' obligation of transparency applies to the relevant Dutch legal concepts.


Annemarie Drahmann
Annemarie Drahmann is promovenda aan de afdeling staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden en senior Professional Support Lawyer bij Stibbe.
Artikel

Naar een Europese glijdende openbare ordeschaal voor het personenverkeer?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden openbare orde, openbare veiligheid, duurzaam verblijf, artikel 83 lid 1 VWEU, verwijderingsmaatregel
Auteurs Mr. H. Oosterom-Staples
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest P.I is de tweede zaak waarin het Hof van Justitie het begrip ‘dwingende redenen van openbare veiligheid zoals door de lidstaten gedefinieerd’ in artikel 28 lid 3 Richtlijn 2004/38/EG verduidelijkt. Dit arrest verduidelijkt de bevoegdheid die lidstaten genieten om het verblijfsrecht te beperken dat begunstigden van Richtlijn 2004/38/EG die gedurende een periode van tien jaar op hun grondgebied hebben verbleven. Het beeld dat opdoemt, laat zich vergelijken met de in het Nederlandse vreemdelingenrecht gebruikte glijdende schaal waarbij de duur van het verblijf, de ernst van het strafbaar feit, de maximumstrafmaat en de opgelegde straf bepalend zijn om tot beëindiging van het verblijfsrecht over te gaan.


Mr. H. Oosterom-Staples
Mevr. mr. H. Oosterom-Staples, vakgroep Europees en internationaal publiekrecht, Tilburg University.

    Eind november 2011 presenteerde de Europese Commissie twee voorstellen op het gebied van alternatieve geschillenbeslechting voor consumentengeschillen. In deze bijdrage worden enkele kanttekeningen geplaatst bij de voorstellen en bij de wenselijkheid van een nationale wettelijke regeling op dit terrein. De voorstellen bieden tamelijk gedetailleerde regelingen die, mochten zij in deze vorm blijven bestaan, ongewenste consequenties kunnen hebben voor de in ons land thans goedlopende vormen van geschillenbeslechting voor consumenten.


Mr. A.H. Santing-Wubs
Mr. A.H. Santing-Wubs is universitair docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Mensenrechten begrensd: detentie in het vreemdelingenrecht

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden immigration detention, human rights, Dutch immigration law, detention of children, territorial sovereignty
Auteurs G. Cornelisse
SamenvattingAuteursinformatie

    This article investigates the practice of immigration detention in the Netherlands, which has been fiercely criticized by international organizations and NGOs. It focuses in particular on three aspects of that measure: justification, implementation, and its use with regard to children. These issues are discussed in the light of human rights law, more in particular the case law by the European Court of Human Rights. It will be shown that this Court, by portraying immigration as a phenomenon implicating first and foremost territorial sovereignty, makes it difficult for immigrants’ individual interests to be addressed in substance, let alone to be perceived as rights. It is argued that the European Court of Justice in its application of EU law in this field is perhaps better suited to grant unwanted migrants their human rights than traditional human rights law has done so far.


G. Cornelisse
Mr. dr. Galina Cornelisse is als universitair docent verbonden aan de afdeling Transnational Legal Studies van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Mediation in zakelijke geschillen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2012
Trefwoorden mediation, procederen, ADR, geschiloplossing, procesrecht
Auteurs Mr. P. van der Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de voordelen die mediation heeft in – met name – zakelijke geschillen. Door de implementatie van de Richtlijn betreffende bepaalde aspecten van bemiddeling/mediation in burgerlijke en handelszaken worden enkele bezwaren om niet voor mediation te kiezen weggenomen. En voor zakelijke geschillen kan mediation bovendien kostenbesparend werken. Tot slot behandelt de auteur kort het concept deal-mediation.


Mr. P. van der Veld
Mr. P. van der Veld is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam.

Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Charlotte Pavillon is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Groningen Centre for Law and Governance (RUG). Mijn dank gaat uit naar Jesse Meindertsma voor zijn waardevolle bijdrage aan de totstandkoming van dit artikel.

mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

mr. dr. T.H.M. van Wechem
Mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie advocaten in Amsterdam, directeur van Law@Work B.V en raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Prof. dr. A. De Boeck
Prof. dr. A. De Boeck is hoofddocent privaatrecht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel, docent aan de Universiteit Antwerpen en geaffilieerd onderzoeker aan de KU Leuven.

Prof. mr. C.E.C. Jansen
Prof. mr. C.E.C. Jansen is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam, hoogleraar privaatrechtelijk bouwrecht aan de Universiteit van Tilburg en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof ’s-Hertogenbosch. De auteur dankt mw. mr. A.T.M. van den Borne voor haar opmerkingen bij een conceptversie van dit artikel. Het artikel is afgesloten op 11 april 2012.

Mr. I.D.J. Willemars
Mr. I.D.J. Willemars is advocate bij Holland Van Gijzen Advocaten en Notarissen te Rotterdam.
Artikel

Het arrest Achughbabian en de strafbaarstelling van illegaal verblijf

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Achughbabian, Terugkeerrichtlijn, Richtlijn 2008/115/EG, artikel 197 Sr, ongewenstverklaring
Auteurs Mr. dr. M.H.A. Strik
SamenvattingAuteursinformatie

    De EU-Terugkeerrichtlijn heeft het detineren en verwijderen van illegaal verblijvende derdelanders aan voorschriften gebonden en onder het toezicht van het Hof van Justitie gebracht. In Nederland is illegaal verblijf sindsdien verdergaand strafbaar gesteld. Hoe verhoudt deze nationale ontwikkeling zich tot de richtlijn? Staat de richtlijn strafbaarstelling toe en zo ja, op welke voorwaarden? Het arrest Achughbabian geeft hierop het begin van een antwoord.


Mr. dr. M.H.A. Strik
Mr. dr. M.H.A. Strik is Universitair docent migratierecht, Centrum voor Migratierecht, Radboud Universiteit Nijmegen en lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.

    The central issue of this article is which European requirements apply when European and national authorities divide European grants among the applicants. Mostly, the European money which is available for awarding European grants is scarce. In this article, two questions come up for discussion. First: which distribution system has to be chosen? Second: to what extent the principles of equal treatment and transparancy – derived from the European procurement rules – are applicable to the distribution of European grants? This article will conclude that there is a difference between European grants awarded by the European Commission, European agencies and the so-called national agencies on the one hand, and European grants awarded by national authorities on the other.


Jacobine van den Brink
Jacobine van den Brink promoveert later dit jaar met het proefschrift ‘De uitvoering van Europese subsidieregelingen Nederland’ en is werkzaam als onderzoeker bij de Universiteit Leiden.
Artikel

Forward to the Past: de territoriale exploitatie van uitzendrechten na het arrest Premier League

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden voorwaardelijke toegang, vrij verkeer van diensten, absolute gebiedsbescherming, auteursrecht, mededeling aan het publiek
Auteurs Mr. H.M.H. Speyaert
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Premier League van het HvJ EU komen alle denkbare aspecten van de IE-rechtelijke en technische bescherming van territoriaal geëxploiteerde uitzendrechten aan bod. Daarbij wordt de lezer meegenomen op een reis terug in de tijd, naar golden oldies als Consten/Grundig, Codidel I en Coditel II. Het arrest kan belangrijke gevolgen hebben voor het exploitatiemodel voor uitzendingen van supranationaal belang, zoals opnames van sportevenementen (EK’s en WK’s, Olympische Spelen of, zoals hier, betaald voetbal wedstrijden), films of televisieseries.


Mr. H.M.H. Speyaert
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en vaste medewerker van NTER.
Toont 101 - 120 van 196 gevonden teksten
1 2 3 4 6 8 9 10
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.