Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 4219 artikelen

x
Interview

Access_open De grote toezichtinterviewestafette – deel 3:

Autoriteit Consument en Markt

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2020
Auteurs Marije Batting en Martijn Groenleer
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor deze aflevering van het estafette-interview spraken Marije Batting en Martijn Groenleer namens de redactie van Tijdschrift voor Toezicht met Martijn Snoep, sinds 1 september 2018 bestuursvoorzitter van de ACM.1x Het gesprek vond begin november 2019 plaats. Mede naar aanleiding van de suggesties van Hanzo van Beusekom, bestuurslid van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), die we interviewden voor nummer 2019-3 van Tijdschrift voor Toezicht, spraken wij met Martijn over de elementen van een goede toezichtstrategie en over de balans tussen handhaven en beïnvloeden.

Noten

  • 1 Het gesprek vond begin november 2019 plaats.


Marije Batting
Mr. M.L. Batting is advocaat-partner bestuursrecht bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn en redacteur van het Tijdschrift voor Toezicht.

Martijn Groenleer
Prof. dr. M.L.P. Groenleer is hoogleraar Regionaal recht aan het Tilburg Institute of Governance (TIG) en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Verbetert het cabinekampeerverbod de verblijfsomstandigheden van internationale vrachtwagenchauffeurs tijdens hun rust van 45 uur?

Over de implicaties van de beslissing van het HvJ EU in Vaditrans

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Transportsector, Intra EU-arbeidsmigranten, Internationale vrachtwagenchauffeurs (interviews), Cabinekampeerverbod, Vaditrans (HvJ EU, C-102/16)
Auteurs A.M.H. van der Hoeven LLM, MSc en Prof. dr. M.J. van Meeteren
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2017 bepaalde het HvJ EU dat de vrachtwagencabine geen geschikte plek is voor vrachtwagenchauffeurs om hun normale wekelijkse rust door te brengen. Sindsdien geldt in de hele EU het zogenoemde cabinekampeerverbod. Op basis van kwalitatief empirisch onderzoek onder internationale vrachtwagenchauffeurs wordt in dit artikel onderzocht in hoeverre het HvJ EU met deze uitspraak de verblijfsomstandigheden van (internationale) vrachtwagenchauffeurs tijdens hun normale wekelijkse rust daadwerkelijk heeft verbeterd. De resultaten laten zien dat een aanzienlijk deel van de geïnterviewde chauffeurs met het verbod geen verbetering van deze verblijfsomstandigheden ervaart. Het totaalverbod doet geen recht aan de diversiteit aan wensen van chauffeurs. Bovendien wordt aan de praktische randvoorwaarden zoals beschikbaarheid van beveiligde parkeerplaatsen nabij betaalbare hotels momenteel niet voldaan. Gelet op dit alles ligt het niet in de rede dat het verbod op korte termijn tot een verbeterd verblijf tijdens de 45 uur rust zal leiden.


A.M.H. van der Hoeven LLM, MSc
A.M.H. van der Hoeven LLM, MSc is promovenda aan de afdelingen Arbeidsrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. M.J. van Meeteren
Prof. dr. M.J. van Meeteren is hoogleraar Criminologie aan de Radboud Universiteit en universitair hoofddocent Criminologie aan de Universiteit Leiden.
Opinie

Het EBI-arrest, historisch onrecht, effectieve remedie en de AVG

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2020
Trefwoorden immateriële schade, mensenrechten, schadevergoeding
Auteurs Mr. dr. R. Rijnhout
Auteursinformatie

Mr. dr. R. Rijnhout
Mr. dr. R. Rijnhout is als universitair hoofddocent verbonden aan het onderzoekscluster Empirical legal Research into Institutions for Conflictresolution en Ucall, Universiteit Utrecht. Zij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Opwarming van het klimaat als onrechtmatige daad?

HR 20 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:2006

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Urgenda, klimaat, Nederlandse Staat, Hoge Raad, klimaatverandering
Auteurs Mr. dr. B.A. Kuiper-Slendebroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het arrest van de Hoge Raad van 20 december 2019 in de veelbesproken klimaatzaak tussen Urgenda en de Nederlandse Staat.


Mr. dr. B.A. Kuiper-Slendebroek
Mr. dr. B.A. Kuiper-Slendebroek is docent en onderzoeker aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open De vrijheden van vestiging en ondernemerschap en de preventieve toetsing van de a-grond door het UWV: is de toetsing in overeenstemming met AGET Iraklis?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Preventieve toetsing van ontslagen op de a-grond door het UWV, Vrijheid van vestiging, Vrijheid van ondernemerschap
Auteurs Prof. mr. L.G. Verburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage onderzoekt de vraag of ons Nederlandse systeem van de preventieve toetsing door het UWV van ontslagen die het gevolg zijn van bedrijfseconomische omstandigheden als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 sub a BW (de a-grond) in overeenstemming is met het Unierecht. Een nauwgezette analyse van de rechtspraak van het HvJ EU, waaronder in het bijzonder het AGET Iraklis-arrest uit 2016, wijst uit dat de aanwijzingen die het HvJ geeft omtrent de uitlegging van het Unierecht, in het bijzonder ten aanzien van de toepassing van de vrijheid van vestiging in samenhang met de vrijheid van ondernemerschap, repercussies hebben voor het Nederlandse systeem van de preventieve toetsing van ontslagen op de a-grond. De conclusie luidt dat de toetsing door het UWV van het besluit van de ondernemer dat de arbeidsplaats van een werknemer is vervallen door beëindiging van de werkzaamheden van de onderneming of structureel vervalt door maatregelen die om bedrijfseconomische redenen noodzakelijk zijn voor een doelmatige bedrijfsvoering, strijdig is met het Unierecht en daarom achterwege moet blijven. De oorzaak ligt bij het ontbreken van concrete, objectieve en controleerbare uitvoeringsbepalingen. De toetsing van de vervolgvraag betreffende de ontslagvolgorde lijkt wel te voldoen aan de eisen die voortvloeien uit de rechtspraak van het HvJ EU.


Prof. mr. L.G. Verburg
Prof. mr. L.G. Verburg is hoogleraar Arbeidsrecht aan de Radboud Universiteit.
Artikel

De invloed van Europa op ons procesrecht

Verslag van de voorjaarsvergadering 2019 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2020
Auteurs Jaap Dammingh en Marijn van den Berg
Auteursinformatie

Jaap Dammingh
Mr. J.J. Dammingh is universitair hoofddocent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Marijn van den Berg
Mr. L.M. van den Berg is stafjurist in de rechtbank Gelderland.
Artikel

Access_open De erfrechtelijke vorm ontbreekt: toch rechtsgevolgen?

‘De meest haalbare vorm van zekerheid en de redelijkheid en billijkheid’

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 10 2020
Trefwoorden Testament
Auteurs Prof. mr. dr. F.W.J.M. Schols

Prof. mr. dr. F.W.J.M. Schols
Boilerplates etc.

Zorgt een kwijtingsbeding inderdaad voor het definitief kwijtraken van vorderingsrechten?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kwijtingsbeding, Vaststellingsovereenkomst, Boilerplate, Uitleg
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het kwijtingsbeding in vaststellingsovereenkomsten centraal. Een ‘boilerplate’, omdat het beding in vrijwel elke vaststellingsovereenkomst voorkomt. Nadat het karakter van een vaststellingsovereenkomst in kaart wordt gebracht, worden de mogelijke rechtsgevolgen en de uitleg van een kwijtingsbeding besproken.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij facily LAW advocatuur in Nieuwkoop en Aalsmeer en adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Plas/Valburg na CBB/JPO?

Een netwerkanalyse van rechtspraak over afgebroken onderhandelingen in de precontractuele fase

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2020
Trefwoorden precontractuele fase, aansprakelijkheid, CBB/JPO, Plas/Valburg, netwerkanalyse
Auteurs Prof. mr. dr. G. van Dijck en Mr. J. Cleuters
SamenvattingAuteursinformatie

    In de literatuur wordt betoogd dat CBB/JPO het leidende arrest is bij afgebroken onderhandelingen, en niet langer Plas/Valburg. Uit een uitgevoerde netwerkanalyse volgt dat Plas/Valburg minder vaak, maar nog altijd geregeld is aangehaald nadat CBB/JPO is gewezen. Een nadere inspectie laat zien dat er een tweedeling in de lagere rechtspraak bestaat: een groep uitspraken stelt onaanvaardbaar afbreken als voorwaarde voor de mogelijkheid om gemaakte kosten voor vergoeding in aanmerking te laten komen, in een andere groep uitspraken geldt die voorwaarde niet. Plas/Valburg wordt met name in de laatstgenoemde groep uitspraken geciteerd. Geconcludeerd wordt dat drie situaties denkbaar zijn: (1) afbreken staat vrij, geen verplichting tot het vergoeden van schade; (2) afbreken staat vrij, maar niet zonder vergoeding; en (3) afbreken is onaanvaardbaar. Plas/Valburg biedt voor geen van de situaties handvatten. CBB/JPO is leidend voor de laatste categorie, maar niet om te beoordelen of sprake is van welke van de twee andere scenario’s.


Prof. mr. dr. G. van Dijck
Prof. mr. dr. G. van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan de Maastricht University.

Mr. J. Cleuters
Mr. J. Cleuters was ten tijde van het verrichten van het onderzoek als masterstudent verbonden aan Maastricht University.
Actualia contractspraktijk

Faillissement is niet (altijd) het bankroet van een contract

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Contract, Faillissement, Nebula, Verrekening, Opzegging
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard en Mr. M.P. Van Eeden-van Harskamp
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staan de auteurs stil bij de inwerking van de insolventieprocedure op overeenkomsten. Zij bespreken aan de hand van recente rechtspraak de hoofdregel dat het faillissement bestaande overeenkomsten niet beïnvloedt, het recht van de curator om tekort te schieten, de gevolgen van het faillissement voor verplichtingen uit huur-, pacht-, arbeids- en agentuurovereenkomsten en de mogelijkheden tot verrekening.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat onder de naam facily LAW advocatuur in Nieuwkoop en Aalsmeer en adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten in Alphen aan den Rijn.

Mr. M.P. Van Eeden-van Harskamp
Mr. M.P. van Eeden-van Harskamp is wetenschappelijk docent Vermogensrecht aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.
Artikel

De beëindigde rechtspersoon en zijn opstalrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden ontbinding, rechtspersonen, vermogen, vereffening, beperkte rechten
Auteurs Mr. B. van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    Ingeval de rechthebbende van een opstalrecht een rechtspersoon is en deze rechtspersoon na ontbinding is opgehouden te bestaan, hoe kan de grondeigenaar dan van het opstalrecht op zijn grond af komen? Uit dit artikel volgt dat beëindiging mogelijk is, maar dat daarvoor meestal een uitspraak van de rechter is vereist.


Mr. B. van der Wal
Mr. B. van der Wal is docent Burgerlijk Recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De benchmarktransitie: van IBOR’s naar RFR’s door een civielrechtelijk labyrint?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden IBOR, benchmark, transitie, fallback, risk-free rate
Auteurs Mr. S. Uiterwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Bekende benchmarks om renteverplichtingen mee te berekenen, zoals LIBOR en EURIBOR, zullen mogelijk verdwijnen. Dit zal een impact hebben op allerlei financiële producten, met een marktwaarde geschat op honderden biljoenen euro’s. Naast professionele partijen kunnen ook consumenten hierdoor worden geraakt. Dit artikel beschrijft de benchmarktransitie en de civielrechtelijke aandachtspunten.


Mr. S. Uiterwijk
Mr. S. Uiterwijk is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Het loon van de vereffenaar ex artikel 4:206 lid 3 BW: is er nog een rekening te vereffenen?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden salaris vereffenaar, voorschot, Recofa-richtlijnen
Auteurs Mr. J.Th.M. Diks en Mr. dr. N. Lavrijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een door de rechter benoemde vereffenaar heeft op grond van artikel 4:206 lid 3 BW recht op loon dat door de kantonrechter wordt vastgesteld. Over het loon van de vereffenaar en het eventuele voorschot daarop ontstaat met enige regelmaat discussie en bestaat ook nog de nodige onduidelijkheid. In deze bijdrage gaan de auteurs hierop in. Daarbij wordt tevens ingegaan op de Recofa-richtlijnen voor de bepaling van de hoogte van het loon, de positie die een vereffenaar als schuldeiser inneemt en de actie die erfgenamen ter beschikking staat als ze het niet eens zijn met de hoogte van het loon van de vereffenaar. Ook wordt een vergelijking gemaakt met het salaris van de curator in een faillissement.


Mr. J.Th.M. Diks
Mr. J.Th.M. Diks is advocaat en vereffenaar bij Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht en docent bij diverse opleidingsinstellingen. Hij is medeontwikkelaar van en docent bij de Specialisatieopleiding Vereffening Nalatenschappen van Familie- & Erfrecht Instituut Nederland.

Mr. dr. N. Lavrijssen
Mw. mr. dr. N. Lavrijssen is medewerker bij het wetenschappelijk bureau van Advocaten Familie- & Erfrecht te Eindhoven en Utrecht. Zij is tevens als docent en onderzoeker verbonden aan de Juridische Hogeschool Avans-Fontys te Tilburg en ’s-Hertogenbosch.
Artikel

Het fideicommis, (meer) temporele problemen bij de benoeming van verwachters en de toepassing van de vruchtgebruikbepalingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden voorwaardelijke making, tweetrapsmaking, bezwaarde, erfgenaam onder opschortende voorwaarde, erfgenaam onder ontbindende voorwaarde
Auteurs Mr. dr. R.E. Brinkman
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op temporele problemen die kunnen ontstaan bij (de formulering van) plaatsvervullingsclausules voor verwachters, naar aanleiding van een recent vonnis van de rechtbank Noord-Nederland. De vraag rijst namelijk ‘wie’ verwachters zijn als de benoeming tot verwachters ‘temporeel’ is geformuleerd. Anders dan de rechtbank betoogt, wordt hier beargumenteerd dat er bij een fideicommis (op één uitzondering na) hangende de voorwaarde altijd (primaire en soms subsidiaire) verwachters aanwezig zijn, die bevoegdheden moeten kunnen uitoefenen en jegens wie de bezwaarde zijn verplichtingen moet kunnen vervullen.


Mr. dr. R.E. Brinkman
Mr. dr. R.E. Brinkman is notaris te Hardenberg, docent aan de Rijksuniversiteit Groningen en raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2020
Auteurs Mr. S.C. den Engelse
Auteursinformatie

Mr. S.C. den Engelse
Mw. mr. S.C. den Engelse is notarieel jurist en vakcoördinator familievermogensrecht bij Netwerk Notarissen.
Wetenschap en praktijk

Access_open Verplichte melding van belasting ‘constructies’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden verplichte melding, belastingconstructies, DAC 6
Auteurs Mr. N.J. Schutte
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze zomer is het wetsvoorstel tot implementatie van Richtlijn (EU) 2018/822 waarin de zogeheten mandatory disclosure wordt geïntroduceerd bij de Tweede kamer ingediend. Kort gezegd is dat de verplichting om grensoverschrijdende belastingbesparende constructies te melden. Dit wetsvoorstel is geamendeerd en op 14 november 2019 door de Tweede kamer en op 18 december 2019 door de Eerste kamer aangenomen.1x Stb. 2019, 509. Voorafgaand aan de indiening van het wetsvoorstel is een conceptwettekst beschikbaar gesteld voor internetconsultatie. In dit artikel worden de hoofdlijnen van de richtlijn en daarmee ook van het wetsvoorstel toegelicht. Daarna bespreekt de auteur het advies van de Raad van State. Ten slotte wordt ingegaan op de reactie die de regering in de memorie van toelichting op deze commentaren heeft gegeven. De conclusie luidt dat er wel enige verduidelijking heeft plaatsgevonden, maar dat er geen enkele inhoudelijke wijziging ten opzichte van de conceptwettekst aan te wijzen valt. Voor een groot aantal onderdelen is dat begrijpelijk omdat de richtlijn geen beleidsruimte laat, maar waar die beleidsruimte wél bestaat, heeft de regering gekozen voor maximale bevoegdheden van de Belastingdienst en disproportionele sanctiemogelijkheden.

Noten

  • 1 Stb. 2019, 509.


Mr. N.J. Schutte
Mr. N.J. (Nico) Schutte is wetenschappelijk docent belastingrecht bij de Rijksuniversiteit Groningen.
Redactioneel

Naleving van de Nederlandse Corporate Governance Code: 99%?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Corporate governance code, naleving, vrouwenquota, Monitoring commissie
Auteurs Mr. T. Spronk
Auteursinformatie

Mr. T. Spronk
Mr. T. (Tess) Spronk is wetenschappelijk docent bij de sectie ondernemingsrecht van de Erasmus School of Law.
Wetenschap en praktijk

(On)zekerheden bij het financieren van het product-als-dienstmodel

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden zekerheden, circulaire economie, product-als-dienstmodel, natrekking, financiering
Auteurs Mr. dr. C.H.A. van Oostrum
SamenvattingAuteursinformatie

    Ondernemingen die ondernemen conform de uitgangpunten van de circulaire economie ervaren moeilijkheden bij het aantrekken van vreemd vermogen. Dit komt omdat hun innovatieve verdienmodellen voor kredietverstrekkers onzekerheden bevatten. Deze onzekerheden komen ook tot uitdrukking bij het op waarde schatten van de geboden zekerheden. Deze problematiek speelt met name bij circulaire ondernemingen met een product-als-dienstmodel. De problematiek komt voort uit het gegeven dat deze ondernemingen het product-als-dienstmodel toepassen op producten die een lage waarde vertegenwoordigen of die vatbaar zijn voor natrekking. Dit in tegenstelling tot ondernemingen met een traditionele toepassing van het product-als-dienstmodel zoals auto­lea‍semaatschappijen. In dit artikel bespreekt de auteur onzekerheden die een rol spelen bij het bieden van zekerheid voor de financiering van het product-als-dienstmodel zoals dat wordt toegepast door circulaire ondernemingen. Ook wordt ingegaan op mogelijke oplossingen die zijn aangedragen in de literatuur en de praktijk.


Mr. dr. C.H.A. van Oostrum
Mr. dr. C.H.A. (Chris) van Oostrum is als docent/onderzoeker verbonden aan de Hogeschool Inholland.

Erik Scheers
Advocaat Erik Scheers is specialist vreemdelingenrecht in Den Haag.
Toont 101 - 120 van 4219 gevonden teksten
1 2 3 4 6 8 9 10 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.