Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3013 artikelen

x
Artikel

Access_open Het Awb-landschap door een AVG-filter

Klachtbehandeling op grond van de AVG in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden AVG, Awb, handhavingsverzoek, belanghebbende, betrokkene
Auteurs Olga Nijveld en Wouter van Steenbergen
Auteursinformatie

Olga Nijveld
Mr. O.S. Nijveld is senior adviseur bij de Autoriteit persoonsgegevens. Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.

Wouter van Steenbergen
Mr. W. van Steenbergen is senior adviseur bij de Autoriteit persoonsgegevens. Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.
Artikel

Beschouwing rapport Commissie-Koops: strafvordering in het digitale tijdperk

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden digitale opsporing, openbronnenonderzoek, beslag, data-analyse, big data
Auteurs Mr. dr. J.J. Oerlemans
SamenvattingAuteursinformatie

    De Commissie-Koops heeft onderzocht of het conceptwetsvoorstel Boek 2 voldoende rekening houdt met het digitale tijdperk anno 2018 en in de nabije toekomst. Dit artikel is een beschouwing op het rapport van de Commissie, waarbij de aanbevelingen met betrekking tot openbronnenonderzoek en het beslag op gegevensdragers uitgebreid besproken worden. Daarnaast wordt ingegaan op het fenomenen van de ‘dataficering’ van het opsporingsproces. In het artikel wordt antwoord gegeven op de vraag welke bijdrage het rapport heeft geleverd aan de modernisering van het Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. J.J. Oerlemans
Mr. dr. J.J. Oerlemans is als onderzoeker verbonden aan eLaw, het Centrum voor Recht en Technologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Nieuw in België: Collaboratieve Onderhandelingen Wettelijk Geregeld

(New in Belgium: A Statutory Basis for Collaborative Negotiations)

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Collaboratieve onderhandelingen, Bemiddelingswet, conflictoplossing, België, Collaboratieve advocaat
Auteurs Willem Meuwissen
SamenvattingAuteursinformatie

    The ADR Act of 18 June 2018 provides for an insertion into the ‘Gerechtelijk Wetboek’ (Judicial Code), entitled ‘Collaboratieve onderhandelingen’ (Collaborative Negotiations), which came into force on 1 January 2019.


Willem Meuwissen
Willem Meuwissen is an attorney and accredited mediator with the Belgian Federal Mediation Commission and a member of the Belgian Association of Collaborative Professionals. He teaches negotiation and mediation at the universities of Antwerp and Brussels. He trains students becoming certified mediator at bMediaton and EMTPJ.
Artikel

De codificatie van gedragsnormen in het Nederlands rechtspersonenrecht: een gewenste ontwikkeling?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2018
Trefwoorden gedragsnormen, bestuurders, directors’ duties, zorgvuldigheidsplicht, artikel 2:9 BW
Auteurs L. Thomae LLM en H. Koster LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beantwoorden de auteurs de vraag of het wenselijk is om de (algemene) gedragsnormen die onder meer voortvloeien uit de jurisprudentie in Boek 2 BW te codificeren. Voor de beantwoording van deze vraag zullen onder meer de gedragsnormen uit de Companies Act 2006 aan de orde komen.


L. Thomae LLM
L. Thomae LLM is student International Management aan de Radboud Universiteit.

H. Koster LLM
H. Koster LLM is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Richtlijnvoorstel voor grensoverschrijdende omzettingen, fusies en splitsingen: een (geheel) nieuwe stap in het harmonisatieproces

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2018
Trefwoorden grensoverschrijdende omzetting, grensoverschrijdende fusie, grensoverschrijdende splitsing
Auteurs Mr. M.A. Verbrugh
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 25 april 2018 heeft de Europese Commissie een voorstel voor een nieuwe harmonisatieregeling voor grensoverschrijdende omzettingen en grensoverschrijdende splitsingen en een aanpassing van de bestaande regels inzake grensoverschrijdende fusies openbaar gemaakt. In deze bijdrage wordt het voorstel kritisch onderzocht.


Mr. M.A. Verbrugh
Mr. M.A. Verbrugh is universitair hoofddocent ondernemingsrecht aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Leren over radicalisering

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2018
Trefwoorden Radicalisering, Cursus, Praktijk, Professionals
Auteurs Karin Frissen en Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this contribution is explained what the researchers have learned from developing a course for professionals regarding recognizing signs of radicalization among youngsters. Giving this training has given us insight into the knowledge and expertise that professionals possess. The participants in our training were all enthusiastic and competent professionals. The will to support these young people and their families is great. But we have also encountered some bottlenecks: there is not sufficient time to maintain contacts with informal networks and next to that we have noticed that professionals are often insecure, meaning that they don’t know how to handle a case and/or who to contact for further advice or another form of help in dealing with these cases. As a consequence professionals might feel isolated and left behind within the institutions that they are working in. For the future we would like to see that this problem of what in The Netherlands is referred to as ‘professional loneliness’ is addressed.


Karin Frissen
Karin Frissen is als docent verbonden aan de opleiding Social Studies van Avans Hogeschool in Den Bosch en tevens als onderzoeker verbonden aan het lectoraat Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool.

Janine Janssen
Janine Janssen is lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de Nationale Politie. Tevens is zij voorzitter van de redactie van PROCES.
Artikel

Access_open De relatie tussen burgerlijke rechter en wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2018
Trefwoorden Landbouwvliegers-maatstaf, rechtsvormende taak, wetgevingsbevel, rechtstreekse werking, bijna-risicoaansprakelijkheid
Auteurs Mr. L.A.D. Keus
SamenvattingAuteursinformatie

    De wet dwingt de rechter tot een terughoudende opstelling jegens de wetgever. Recente rechterlijke uitspraken hebben (opnieuw) de vraag opgeroepen of de verlangde terughoudendheid uit internationaalrechtelijk oogpunt houdbaar is. In zijn bijdrage bespreekt de auteur de stand van de rechtspraak van de Hoge Raad. Zijn conclusie is dat nog altijd terughoudendheid wordt betracht en dat deze niet onhoudbaar is. Wel signaleert hij een verschuiving in de opvatting van het grondwettelijke begrip ‘eenieder verbindende bepalingen’, alsmede een ruimere overheidsaansprakelijkheid voor niet-onverbindende wetgeving, onder meer in geval van onverenigbaarheid met Europese richtlijnen.


Mr. L.A.D. Keus
Mr. L.A.D. (Leen) Keus was advocaat-generaal bij de Hoge Raad en staatsraad in buitengewone dienst met als functie staatsraad advocaat-generaal.
Artikel

Worstelen met de wet, wie is aan zet? Op weg naar HOPE

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2018
Trefwoorden rechter en wet, hanteerbaarheid van de wet, Aanwijzingen voor de regelgeving, rechterlijke terugkoppeling, doelmatigheid van de wet
Auteurs Mr. J.H. van Kreveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Centraal staat de vraag: wat is voor de bestuursrechter een goed hanteerbare wet? Dat is een wet waarmee hij zonder veel problemen steeds tot redelijke, juridisch aanvaardbare oplossingen kan komen. Uit zijn ervaringen als bestuursrechter concludeert de auteur dat daarvoor nodig is dat de wet (1) helder is qua tekst, opbouw en toelichting, (2) juridisch deugt en deugdelijk onderbouwd is, en (3) in concrete gevallen niet te veel knelt. De wet moet HOPE zijn: Helder, Overtuigend en Proportioneel jegens Eenieder. De toelichting van de wet is in het bijzonder belangrijk voor de beoordeling van de juridische deugdelijkheid van de wet. Het is tenslotte nuttig als er goed lopende systemen van terugkoppeling door rechters naar wetgevers ontstaan, om de hanteerbaarheid van bestaande wetten te vergroten en als leerervaring bij nieuwe wetten. Dit leidt tot de slotsom: wetgever én rechter zijn aan zet.


Mr. J.H. van Kreveld
Mr. J.H. (Jan) van Kreveld was hoofd wetgevingskwaliteitsbeleid bij het ministerie van Justitie en hoogleraar wetgevingsleer aan Tilburg University en daarna lid van de Centrale Raad van Beroep en de Afdeling bestuursrechtspraak. Nu is hij voorzitter van de bezwarencommissie van de provincie Zuid-Holland. In 1991-2001 maakte hij deel uit van de redactie van RegelMaat.

Marnix Croes
Marnix Croes is als onderzoeker verbonden aan het WODC van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

De betekenis van de CROW-Richtlijnzorgvuldig graafproces bij kabel- en leidingschades

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2018
Trefwoorden onrechtmatige daad, leidingschades, CROW-Richtlijn, NEN-normen, omkeringsregel
Auteurs Mr. L.K. de Haan en Mr. A. Hanegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad kent een groot gewicht toe aan de CROW-Richtlijn ‘Zorgvuldig graafproces’. De adviezen in de Richtlijn moeten in principe gewoonweg worden opgevolgd, op straffe van aansprakelijkheid. Een vergelijking wordt gemaakt met zaken over wegbeheerdersaansprakelijkheid (waarin CROW-richtlijnen eveneens een grote rol spelen) en met de NEN-normen. Ook wordt aandacht besteed aan de bewijslastverdeling.


Mr. L.K. de Haan
Mr. L.K. de Haan is advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.

Mr. A. Hanegraaf
Mr. A. Hanegraaf is advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.
Van de NOvA

Van de tuchtrechter

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2018
Auteurs Kees Pijnappels

Kees Pijnappels
Artikel

Door derde betaalde kosten

Nieuwe vragen over artikel 591a Sv

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2018
Auteurs Thom Dieben
Auteursinformatie

Thom Dieben
Thom Dieben is advocaat bij JahaeRaymakers in Amsterdam.
Artikel

Evenementenvergunning: is bij concurrerende aanvragen sprake van een schaarse vergunning?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden schaarse rechten, verdelingsrecht, ruimtelijk bestuursrecht, evenementen, APV
Auteurs Mr. dr. A. (Annemarie) Drahmann
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de vraag centraal of, en zo ja wanneer, een evenementenvergunning kan worden aangemerkt als een schaarse vergunning, en – bij een bevestigend antwoord op die vraag – hoe die schaarse evenementenvergunning dan moet worden verleend met inachtneming van het gelijkheidsbeginsel.


Mr. dr. A. (Annemarie) Drahmann
Mr. dr. A. Drahmann is universitair (hoofd)docent aan de afdeling staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden.

    In deze terugkerende bijdrage wordt de stand van de stelselherziening omgevingsrecht toegelicht. Deze bijdrage ziet op de ontwikkelingen in het derde kwartaal van 2018.


Mr. H.W. (Wilco) de Vos
Mr. H.W. de Vos is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en is als juridisch projectleider betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe omgevingswetgeving.
Artikel

De dringende reden en ernstige verwijtbaarheid; twee afwegingen op basis van de omstandigheden van één geval

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Ernstige verwijtbaarheid, Transitievergoeding bij ontslag op staande voet, Dringende reden, Ontslag op staande voet, Bagateldelict
Auteurs prof. mr. Stefan Sagel en mr. Rik van Haeringen
Samenvatting

    In een uitspraak van 30 maart 2018 maakte de Hoge Raad een einde aan de discussie over de vraag of een terecht gegeven ontslag op staande voet onder de Wwz kan samengaan met de verschuldigdheid van een transitievergoeding. De cassatierechter besliste dat het wettelijke systeem zich niet verzet tegen zulke samenloop. In al die gevallen waarin de door de rechter aangenomen dringende reden niet als ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer kwalificeert, is de transitievergoeding verschuldigd. De vraag komt dan vervolgens wel op, wanneer van die ernstige verwijtbaarheid sprake is. Deze bijdrage beoogt de praktijk enige handvatten aan te reiken voor de beantwoording van die vraag. Net als bij de beoordeling of sprake is van een dringende reden, zullen ook hier de omstandigheden van het geval beslissend zijn. Maar hoewel er een grote mate van overlap is tussen de gezichtspunten die in aanmerking moeten worden genomen bij de afwegingen of sprake is van (i) een dringende reden en (ii) ernstige verwijtbaarheid, moeten de beide beoordelingen om verschillende redenen toch goed van elkaar worden onderscheiden. In de eerste plaats omdat bepaalde gezichtspunten in de beide wegingen voor verschillende partijen kunnen spreken. In de tweede plaats omdat aan bepaalde gezichtspunten die de Hoge Raad relevant acht in het kader van artikel 7:678 BW, geen gewicht toekomt in het kader van de op artikel 7:673 lid 7 onder c BW gestoelde weging van de ernstige verwijtbaarheid. Tot slot geldt bij weer andere van die gezichtspunten, dat het maar net van de omstandigheden van het geval afhangt, of zij ook van betekenis zijn voor de beoordeling of sprake is van ernstige verwijtbaarheid. Kortom: een genuanceerde benadering is vereist.


prof. mr. Stefan Sagel

mr. Rik van Haeringen
Wetenschap

Access_open Bij bestuurdersaansprakelijkheid hoort geen klachtplicht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2018
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, klachtplicht
Auteurs Prof. mr. J.B. Huizink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage over de klachtplicht wordt betoogd dat art. 6:89 BW niet van toepassing is op claims uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid. Op juridisch-dogmatische gronden zou daar voor art. 2:9 BW wellicht nog wel iets te zeggen zijn, maar voor art. 2:138 (248) en 6:162 BW in veel mindere mate, nu de uit deze bepalingen voortvloeiende verplichtingen niet kwalificeren als verbintenissen. Belangrijker is evenwel dat voor alle drie de vormen van bestuurdersaansprakelijkheid toepasselijkheid van art. 6:89 BW – gelet op de ratio van de klachtplicht – niet aanvaardbaar en dus onwenselijk is.


Prof. mr. J.B. Huizink
Prof. mr. J.B. (Jan Bernd) Huizink is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Wetenschap

Het trustkantoor als bestuurder en ‘omgaan’ in het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht (HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:470)

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2018
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, taakverdeling, stelplicht, collegialiteitsbeginsel, bewaarnemingsrol
Auteurs Mr. dr. W.A. Westenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage vervolgt de auteur zijn kritiek op de rechtspraak van de Hoge Raad over het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht, nu naar aanleiding van een recent arrest waarin een trustbestuurder door derden werd aangesproken. De auteur constateert dat te veel gewicht is toegekend aan de taakverdeling binnen het bestuur en dat de stelplicht die bij externe bestuurdersaansprakelijkheid zou moeten gelden, is miskend. Daarnaast laat de auteur zien dat bij de beoordeling van externe aansprakelijkheid van bestuurders van buitenlandse rechtspersonen tevens dient te worden gekeken naar de wettelijke normen die volgens het recht van die buitenlandse rechtspersonen op bestuurders rusten.


Mr. dr. W.A. Westenbroek
Mr. dr. W.A. (Winand) Westenbroek is advocaat bij Westlegal te Amsterdam en tevens verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Access_open Selectieve distributieovereenkomsten: het luxepaardje van de onlineverkoper?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2018
Trefwoorden selectieve distributieovereenkomsten, Coty, onlinemarktplaatsen, luxeproduct
Auteurs Elske Raedts en Felix Roscam Abbing
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt getoetst of er door de Coty-uitspraak van het Hof van Justitie een verandering is ontstaan in de toelaatbaarheid van bepaalde verboden binnen selectieve distributieovereenkomsten. Hierbij worden met name de Metro-criteria en bestaande rechtspraak (zoals Pierre Fabre en L’Oréal) vergeleken met de Coty-uitspraak en recente nationale rechtspraak in arresten zoals Asics en Nike. Uiteindelijk wordt geconcludeerd dat recente rechtspraak op een aantal vlakken duidelijkheid heeft gebracht, maar dat er nog steeds onduidelijkheden bestaan over de vragen of vanuit mededingingsrechtelijk perspectief een totaalverbod op verkoop via onlinemarktplaatsen toelaatbaar kan zijn en wanneer een product als luxeproduct kwalificeert.


Elske Raedts
Mr. E.N.M. Raedts is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.

Felix Roscam Abbing
Mr. F.A. Roscam Abbing is werkzaam als advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.
Toont 101 - 120 van 3013 gevonden teksten
1 2 3 4 6 8 9 10 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.