Zoekresultaat: 133 artikelen

x
Artikel

Etnografie en criminologie in het tropisch regenwoud

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 0 2011
Trefwoorden green criminology, ethnography, rainforests, illegal logging
Auteurs Tim Boekhout van Solinge
SamenvattingAuteursinformatie

    This article discusses tropical deforestation from a cultural criminological perspective, by using qualitative methods such as ethnography and interviews, and by emphasizing the difficulties, dangers and dilemmas of ethnographic research. Case studies include timber smuggling from Indonesia to Malaysia and deforestation for bauxite, soy and timber in Brazil’s Amazon. Also described are meetings with (Dutch) timber traders, policy makers and law enforcers. Tropical deforestation is responsible for a great deal of harm, crime and violence, mainly committed by ranchers and loggers. Victims are humans (including humanity’s oldest societies), future generations (considering the impact on greenhouse gas emissions and climate change) and non-humans (with risks of extinctions).


Tim Boekhout van Solinge
Dr. Tim Boekhout van Solinge is sociaal-geograaf en universitair docent Criminologie aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtwetenschappen, Universiteit Utrecht. E-mail: t.boekhoutvansolinge@uu.nl.
Casus

Publiekrecht en regulering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2011
Trefwoorden regulering, wetgevingsbeleid, Integraal Afwegingskader, wetenschap
Auteurs Mr. dr. A.C.M. Meuwese
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft inzicht in de stand van de wetenschap op het terrein van het thema ‘publiekrecht en regulering’ door de recente bundel The Regulatory State: Constitutional Implications te bespreken. De constitutionele problemen veroorzaakt door fragmentatie van regulering gaan verder dan de al langer bekende problemen rond delegatie. Als we echt grip willen houden op regulering, bijvoorbeeld door middel van wetgevingsbeleid, moeten we bereid zijn het verschijnsel diepgaander te analyseren en over onconventionele oplossingen na te denken.


Mr. dr. A.C.M. Meuwese
Mr. dr. A.C.M. Meuwese is universitair hoofddocent bij het departement Publiekrecht, Encyclopedie en Rechtsgeschiedenis van Tilburg Law School. anne.meuwese@uvt.nl
Discussie

Access_open Drie visies op de relatie tussen religie en veiligheidsbeleid

Verslag van de expertmeeting ‘Angst voor religie?’ van de Commissie Religie in het Publieke Domein, 23 juni 2010, Den Haag

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2011
Trefwoorden government, safety policy, religious orthodoxy, counternarratives
Auteurs Ernst Hirsch Ballin, Peter Knoope en James Kennedy
SamenvattingAuteursinformatie

    Which role do religious beliefs and practices play in radicalization processes of individuals and groups? In the Netherlands, the authorities are not entitled to interfere in religious content, given this content does not undermine democratic order. On the other hand religious orthodoxy is increasingly perceived as a source for violence and coercion in public discourse. Former minister of Justice Ernst Hirsch Ballin argued for a better understanding for the value of religion in society. ICCT-director Peter Knoope explained how the government can enable the development of counternarratives to violent jihadism within the civil society. James Kennedy criticised the fact that religion is increasingly problematized and politicized and argued for a more reluctant and relaxed view on religious radicalization.


Ernst Hirsch Ballin
Mr. dr. Ernst Hirsch Ballin was van 1989 tot 1994 minister van Justitie in het kabinet-Lubbers III en van 2006 tot 2010 eveneens minister van Justitie in de kabinetten-Balkenende III en IV.

Peter Knoope
Drs. Peter Knoope is directeur van het International Centre for Counter-Terrorism aan de Universiteit Leiden – Campus Den Haag.

James Kennedy
Prof. dr. James Kennedy is hoogleraar Nederlandse geschiedenis in de moderne tijd aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Woningcorporaties: governance en compliance zonder aandeelhouders

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2011
Trefwoorden woningcorporaties, governance, governance code, compliance, integriteit
Auteurs Mr. P.J.B. Theeuwes
SamenvattingAuteursinformatie

    Goede governance is voor ondernemingen zowel in de marktsector als in de publieke sector een voorwaarde voor het vertrouwen dat een organisatie goed bestuurd wordt. Woningcorporaties kennen een eigen governance code: de Governance Code Woningcorporaties. Deze code is geïnspireerd door de Nederlandse Corporate Governance Code voor beursgenoteerde ondernemingen. Hoewel de woningcorporatie voor wat betreft haar governance veel gelijkenis vertoont met de beursgenoteerde onderneming, is er een belangrijk verschil: de afwezigheid van aandeelhouders. In deze bijdrage wordt ingegaan op de mate van compliance aan de governance code bij woningcorporaties. Hiertoe wordt allereerst de Governance Code Woningcorporaties kort besproken. Vervolgens wordt er stilgestaan bij de vraag of de aan- of afwezigheid van aandeelhouders een rol speelt bij de mate van compliance aan een governance code. In dit kader worden de beursvennootschappen en woningcorporaties met elkaar vergeleken. Ten slotte doet de auteur enkele aanbevelingen om een goede compliance aan de governance code door woningcorporaties te verbeteren. In dit kader wordt het begrip ‘integriteit’ geïntroduceerd als belangrijke factor om, naast compliance, behoorlijk bestuur te bewerkstelligen.


Mr. P.J.B. Theeuwes
Mr. P.J.B. Theeuwes is werkzaam bij de Autoriteit Financiële Markten.
Artikel

Is mededingingsbeperking nodig voor duurzaamheid?

Drie case studies uitgelicht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2011
Trefwoorden kartelverbod, mededingingsrecht, duurzaamheid, samenwerking, uitzonderingsgronden
Auteurs Drs. J. Parlevliet en Dr. M. Drahos
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel in de literatuur als in de beleidswereld bestaat toenemende aandacht voor de mogelijke spanning tussen duurzame ontwikkeling en het mededingingsrecht. Hierbij stellen veel auteurs te vraag of de (toepassing van) het mededingingsrecht mogelijk aanpassing behoeft. Een vraag die hieraan vooraf gaat is of in de praktijk voorbeelden bestaan van mededingingsbeperkende afspraken die antwoorden bieden op duurzaamheidsproblemen. Dit artikel verkent of hiervan sprake is voor drie voorbeelden genoemd door Ottervanger in zijn oratie van vorig jaar: duurzame visserij, kinderarbeid en duurzame cacao.


Drs. J. Parlevliet
Drs. J. Parlevliet is werkzaam bij de Directie Economische Zaken van de Sociaal-Economische Raad.

Dr. M. Drahos
Dr. M. Drahos is werkzaam bij de Directie Economische Zaken van de Sociaal-Economische Raad.


Prof. mr. T.R. Ottervanger
Prof. mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy en hoogleraar Europees Recht, in het bijzonder Mededingingsrecht, in Leiden.
Artikel

Access_open Een gesloten systeem van originaire verkrijging?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2011
Trefwoorden originaire verkrijging, gesloten stelsel, rechtsverkrijging
Auteurs Mw. mr. J.B. Spath
SamenvattingAuteursinformatie

    Originaire verkrijgingen kennen veel verschillende verschijningsvormen. Desondanks blijkt niet elke (feitelijke) verandering van zaken van een passende juridische oplossing te kunnen worden voorzien door toepassing van de erkende vormen. Dit roept de vraag op of sprake is van een gesloten stelsel van originaire verkrijgingen of dat een meer open wettelijk stelsel kan worden onderscheiden dat zich leent voor aanvulling. Door middel van een rechtsvergelijkende benadering wordt in de bijdrage naar een antwoord op de vraag gezocht.


Mw. mr. J.B. Spath
Mw. mr. J.B. Spath is universitair docent aan de Radboud Universiteit Nijmegen en onderzoeker bij het Onderzoekscentrum Onderneming & Recht.
Artikel

‘Supplier codes of conduct’ en mensenrechten in een keten van contracten

Over enige vermogensrechtelijke implicaties van gedragscodes met betrekking tot mensenrechten en milieu in contractuele relaties

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2011
Trefwoorden gedragscode, mensenrechten, ketenaansprakelijkheid, zelfregulering, transnationaal privaatrecht
Auteurs Mr. M.-J. van der Heijden
SamenvattingAuteursinformatie

    Tegen de achtergrond van ernstige mensenrechtenschendingen van toeleveranciers in ontwikkelingslanden en sterk groeiende economieën, zoals China en India, stellen steeds meer ondernemingen supplier codes of conduct agreements (gedragsregels voor hun leveranciers in overeenkomsten) op als zelfregulerende mechanismen die mensenrechtenschendingen zouden moeten tegengaan in een internationale context waarin ondernemingen niet door de internationale gemeenschap of gastlanden aansprakelijk gehouden worden. De achtergrond van het opstellen van de codes en daarmee de relevantie van het onderwerp worden kort in de inleiding besproken. Vervolgens wordt aangegeven wat de inhoud van deze gedragscodes is en hoe de verschillende codes zich tot elkaar verhouden in een context van een proliferatie van gedragscodes. Ondanks de diversiteit van codes is een proces van standaardisering zichtbaar, zodat enige algemene opmerkingen mogelijk zijn. Daarna wordt de vraag behandeld wat de juridische impact van de codes kan zijn, enerzijds door hun effect op de relatie tussen de contractspartijen en op de positie van werknemers in ontwikkelingslanden aan de hand van verschillende situatieschetsen te toetsen, en anderzijds door de status van de codes onder Nederlands recht te beoordelen. Afsluitend volgt een aantal slotopmerkingen over mogelijke (toekomstige) implicaties en hoe supplier codes of conduct agreements passen in ontwikkelingen van transnationaal privaatrecht, constitutionalisering van privaatrecht, zelfregulering, en aansprakelijkheid in een web van relaties.


Mr. M.-J. van der Heijden
Mr. M.-J. van der Heijden is werkzaam aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht, Universiteit Utrecht.

    When a lawyer has his/her intake meeting with a client and ponders whether the case is to be taken to court or whether it is appropriate for mediation, different parameters have to be considered.
    Mr Green finds out that this photovoltaic installation does not produce the output initially guaranteed, and his lawyer will first have a look at the terms and conditions on guarantee and liability in the sales contract. The lawyer should consider time, cost, potential outcome and future relations between the parties, and compare these four parameters in a situation whereby proceedings in court are initiated with a situation whereby a mediation is started up. The assessment of each of these parameters in court proceedings and mediation is entirely different, and understanding these differences will assist in opting for court proceedings or mediation, or a combination of both. Reflexivity will be key.


Luc Demeyere
Luc Demeyere is advocaat bij De balie te Antwerpen.
Discussie

Duurzaam gebruik door energie-efficiency

Het afdwingen van meer energie-efficiency bij bestaande inrichtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden duurzaamheid, energie-efficiency, energiebesparing, bestaande inrichtingen, MJA
Auteurs Mr. M.C. Brans
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de belangrijkste middelen om duurzaam gebruik bij bestaande inrichtingen af te dwingen is energie-efficiency. In deze bijdrage wordt een overzicht gegeven van de wettelijke mogelijkheden om in het kader van dat bestaand gebruik energie-efficiency te bewerkstelligen. De toepasselijke regelingen in het Activiteitenbesluit en de Wet milieubeheer/Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) staan daarbij centraal. Voorts wordt aandacht besteed aan het vrijwillige spoor, de door overheden en (groepen) bedrijven gesloten zogenaamde meerjarenafspraken (MJA’s). Met inachtneming hiervan wordt uiteindelijk een aantal aanbevelingen gedaan om de energie-efficiency van die bedrijven in de toekomst te verbeteren.


Mr. M.C. Brans
Mr. M.C. (Marloes) Brans is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

De aanbevelingen van de commissie-De Wit

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2010
Trefwoorden aanbevelingen commissie-De Wit, beloningsbeleid
Auteurs Mr. J.P. Kreule
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de aanbevelingen van de commissie-De Wit, waarbij met name wordt ingegaan op de aanbevelingen met betrekking tot het beloningsbeleid en de bedrijfsvoering.


Mr. J.P. Kreule
Mr. J.P. Kreule is advocaat bij Loyens & Loeff.
Artikel

Een beloningscode voor de financiële sector

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2010
Trefwoorden beloningsbeleid financiële sector, corporate governance,, Code Banken, financiële onderneming
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage heeft betrekking op het beloningsbeleid in de financiële sector. Allereerst wordt ingegaan op toegenomen aandacht voor de beloningen in de financiële sector en op de opbouw en reikwijdte van de verschillende initiatieven. Vervolgens worden de verschillende initiatieven op het gebied van het beloningsbeleid in de financiële sector met elkaar vergeleken. Die vergelijking mondt uit in een (model) beloningscode die weergeeft wat goede corporate governance op het gebied van het beloningsbeleid zou kunnen zijn. Deze (model) beloningscode zouden financiële instellingen of financiële ondernemingen kunnen gebruiken als leidraad bij het vaststellen en uitvoeren van hun beloningsbeleid. Deze bijdrage wordt afgesloten met enkele afsluitende opmerkingen.


Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Afwegingskader bij het gebruik van zelfreguleringsinstrumenten

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden zelfregulering, wetgeving, afwegingskader, economisch perspectief
Auteurs Prof. dr. B.E. Baarsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel geeft beleidsmakers en ondernemers(organisaties) handvatten om te kunnen beoordelen of zelfregulering een haalbare en wenselijke optie is. Stel er is een probleem. Niet zo maar een probleem, maar een probleem waarbij een publiek belang in het geding is. Hoe kan dit probleem dan het best worden opgelost, met overheidsregulering (wetgeving) of met zelfregulering? En als zelfregulering een optie is, welk van de vele beschikbare instrumenten heeft dan de voorkeur? Wat zijn de risico’s en kansen van de verschillende soorten afspraken? Deze vragen kunnen worden beantwoord met het in dit artikel beschreven afwegingskader. Het kader is vanuit een economisch perspectief opgesteld.


Prof. dr. B.E. Baarsma
Prof. dr. B.E. Baarsma is algemeen directeur van SEO Economisch Onderzoek en bijzonder hoogleraar Marktwerking- en mededingingseconomie aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de UvA en tevens redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.
Praktijk

Conflicthantering binnen de wettelijke vertegenwoordiging

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Drs. A. Leijssen is directeur van Leijssen Bewindvoeringen b.v.T. Tiebosch studeert rechten.Legal protection, Guardian, conflict management, strategic interaction
Auteurs drs. André Leijssen en Tineke Tiebosch
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the focus is on conflicts in the legal protection of incapable adults. First a short explanation is given of protection measurements in Dutch family law. Second is discussed in which cases judges appoint or should appoint professional guardians instead of a member of the family of the incapable adult. The central issue in this article is the role of the guardian as an ‘arbiter’ in conflicts. According to his task he cannot be independent, because his primary task is to care for the interests of the incapable person. This may bring him in conflict with other parties involved. Particularly the fact that the guardian himself can be a party in a conflict makes his position and role special. Therefore, some methods of possible strategic interaction from the perspective of the guardian are discussed.


drs. André Leijssen
André Leijssen is directeur van Leijssen Bewindvoeringen b.v.

Tineke Tiebosch
Tineke Tiebosch studeert rechten.
Jurisprudentie

2007/20 Internist; schriftelijke wilsverklaringen met behandelverbod; ingezette behandeling voortgezet; onderzoek naar afwijkende verklaringen: beroep ongegrond

Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (mr. R.A. Torrenga, voorzitter, mrs. M. Wigleven en W. Jonkers, leden-juristen, prof. dr. J.B.L. Hoekstra en dr. J. Ferwerda, leden-beroepsgenoten en mr. H.J. Lutgert, secretaris) d.d. 19 april 2007.

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2007
Auteurs



J.H.M. van Swaaij
Artikel

Vergelijkende reclame; enkele beschouwingen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2010
Trefwoorden vergelijkende reclame, oneerlijke handelspraktijken, misleiding, denigrerende reclame, lookalikes
Auteurs Mr. J.J.E. Bremer LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel zullen enkele recente ontwikkelingen op het terrein van het recht van de vergelijkende reclame de revue passeren. Allereerst zal aandacht worden besteed aan het begrip ‘vergelijkende reclame’ en de reikwijdte daarvan. Daarna zullen ontwikkelingen op het terrein van de misleidende vergelijkende reclame worden besproken, waaronder de gevolgen van de implementatie van de Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken en de jurisprudentie ten aanzien van misleidende omissies. Vervolgens zal aan de hand van enkele voorbeelden uit recente jurisprudentie de stand van zaken ten aanzien van denigrerende of kleinerende vergelijkende reclame worden geïllustreerd. Tot slot wordt een uitstap gemaakt naar het tradioneel meer tot het terrein van het merkenrecht gerekende onderwerp van de lookalike-producten en wordt de mogelijke relevantie van het recht betreffende vergelijkende reclame voor deze producten besproken.


Mr. J.J.E. Bremer LL.M.
Mr. J.J.E. Bremer LL.M. is werkzaam als advocaat bij BarentsKrans.
Artikel

Maatschappelijk verantwoord concurreren

Mededingingsrecht in een veranderende wereld

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden maatschappelijk verantwoord concurreren, marktwerking, guidance, maatschappelijke belangen
Auteurs Mr. T.R. Ottervanger
SamenvattingAuteursinformatie

    Een overgangsfase naar een nieuw tijdperk. Afscheid van een blind geloof in vrije marktwerking als enig heilzaam middel voor het scheppen van welvaart. De eenzijdige focus op efficiëntie en groei is onderworpen aan kritische herwaardering. Begrippen als duurzaamheid en welzijn winnen sterk aan betekenis als maatstaf voor beleid zowel van regeringen als van ondernemingen. Zo gaat de SER in zijn recente advies Overheid én Markt ervan uit dat het sociaal-economisch beleid gericht is op een breed welvaartsbegrip: naast materiële vooruitgang (welstand, productiviteitsgroei) ook sociale vooruitgang (welzijn, sociale cohesie), goede kwaliteit van de leefomgeving en een schoon milieu. Wat betekent deze ontwikkeling voor het mededingingsrecht?


Mr. T.R. Ottervanger
Mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy en hoogleraar Europees Recht, in het bijzonder het Mededingingsrecht, in Leiden.
Artikel

De invloed van de Corporate Governance Code op het vermogensrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Corporate Governance Code, maatschappelijk verantwoord ondernemen, gerechtvaardigd vertrouwen, maatschappelijke opvattingen, Bonus
Auteurs Mr. P. Memelink
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag naar de status en invloed van de Corporate Governance Code op het vermogensrecht centraal. Geschetst wordt hoe de Code in elkaar zit, wat de jongste ontwikkelingen zijn op het gebied van corporate governance en hoe veranderende maatschappelijke opvattingen daaromtrent doorwerken in de Code én het (vermogens)recht. Hoewel de Code in beginsel geen rechtens afdwingbare gedragsnormen voorschrijft, kan volgens de auteur niet gezegd worden dat de Code geen invloed heeft op het (vermogens)recht.


Mr. P. Memelink
Mr. P. Memelink is universitair docent bij de afdeling Civiel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Zeeroof in Afrika

Mondiale en lokale verklaringen voor piratenactiviteit in Nigeria en Somalië

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2009
Auteurs S. Eklöf Amirell
SamenvattingAuteursinformatie

    This article aims to explain where, when, how and why piratical activity has taken off in Nigeria and Somalia since the 1970s. The geographical and historical conditions of the continent are compared with those of the other main region of piratical activity in the world during recent decades, Southeast Asia. A critical evaluation is then made of the available information concerning the problem and the different possible, local and global, explanations for the recent surge in African piracy, including opportunity, inequality and the proliferation of small and light weapons. The widespread notion that contemporary piracy can be explained with reference to state failure is challenged, and the rise of organized piratical activity, particularly in the Niger Delta and off the Somali coast, is instead understood as a result of the interaction of local social and political dynamics with transnational and global influences.


S. Eklöf Amirell
Dr. Stefan Eklöf Amirell is als associate professor verbonden aan het Swedish Institute of International Affairs in Stockholm.
Toont 101 - 120 van 133 gevonden teksten
1 2 3 4 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.