Zoekresultaat: 176 artikelen

x
Artikel

Het verrekenen van voordeel bij effectenleaseovereenkomsten

‘Geen kwestie van droge logica, maar veeleer van materiële waardering, weging en wenselijkheid’

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2011
Trefwoorden voordeelstoerekening, art. 6:100 BW, art. 6:101 BW, serieschadeclausule, billijkheidscorrectie
Auteurs Mr. E.A.J. Nederlof
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat over een nieuwe uitspraak van de Hoge Raad van 29 april 2011 over voordeelsverrekening (art. 6:100 BW). Daarbij wordt een vergelijking gemaakt met de ‘serieschadeclausule’ in verzekeringspolissen en een uitspraak van de Rechtbank Utrecht, waarin de onderhavige problematiek via de billijkheidscorrectie (art. 6:101 BW) werd opgelost.


Mr. E.A.J. Nederlof
Mr. E.A.J. Nederlof is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Schadevergoeding bij ontbinding van een (duur)overeenkomst en Vos/TSN

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2011
Trefwoorden TSN, ontbinding, schade, voordeel, contractsbelang
Auteurs Mr. D.A. van der Kooij
SamenvattingAuteursinformatie

    Op systematische wijze worden diverse aspecten van schadevergoeding bij ontbinding van een (duur)overeenkomst ex art. 6:277 BW beschreven: concrete en abstracte begroting, voordeelstoerekening en de schadebeperkingsplicht. Tevens wordt betoogd dat in de literatuur uit het arrest Vos/TSN (NJ 2011, 43) verschillende onjuiste conclusies over voornoemde onderwerpen worden getrokken.


Mr. D.A. van der Kooij
Mr. D.A. van der Kooij is advocaat bij Houthoff Buruma te Den Haag.
Artikel

Twintig jaar nieuwe aansprakelijkheden voor personen

Over de (beperkte) betekenis van art. 6:171 en 6:172 BW

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2011
Trefwoorden kwalitatieve aansprakelijkheid, vertegenwoordigers, niet-ondergeschikten, begrenzing, schadevergoeding
Auteurs Mr. R.D. Lubach
SamenvattingAuteursinformatie

    Bijna twintig jaar na de inwerkingtreding wordt mede aan de hand van recente rechtspraak de balans opgemaakt van twee van de noviteiten die het BW destijds introduceerde: de aansprakelijkheid voor zelfstandige hulppersonen (art. 6:171 BW) en de aansprakelijkheid voor vertegenwoordigers (art. 6:172 BW). Wat hebben de artikelen de rechtspraktijk gebracht?


Mr. R.D. Lubach
Mr. R.D. Lubach is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

De (kwalitatieve) aansprakelijkheid voor schade door een blow out of bodembeweging

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2011
Trefwoorden kwalitatieve aansprakelijkheid, exploitatie, mijnbouwwerken, Mijnbouwwet, operator
Auteurs Mr. C.L. Klapwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op het aansprakelijkheidskader voor exploitanten van mijnbouwwerken. Daartoe worden allereerst de relevante regelingen uit de Mijnbouwwet uiteengezet. De Mijnbouwwet bevat onder meer een regeling voor de aansprakelijkheid voor kosten van verwijdering van een mijnbouwwerk dat niet meer in gebruik. Daarna wordt ingegaan op afdeling 6.3.2 van het Burgerlijk Wetboek. Deze afdeling bevat de civielrechtelijk regels voor aansprakelijkheid voor boorputten (mijnbouwwerken).


Mr. C.L. Klapwijk
Mr. C.L. Klapwijk is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Jurisprudentie

Inkomensschade van naasten

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Overlijdensschade, gederfd levensonderhoud in natura, abstracte of concrete schadebenadering, maximering vergoeding inkomensschade nabestaande ?
Auteurs Mevrouw mr. M.C.J. Peters
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in het arrest van 10 april 2009, NJ 2009/386 (Philip Morris/B) bepaald dat, indien de nabestaande betaald werk opgeeft teneinde zorgtaken te verrichten, de nabestaande in beginsel recht heeft op vergoeding van zijn of haar gehele inkomensschade.


Mevrouw mr. M.C.J. Peters
Mevrouw M.C.J. Peters is advocaat/partner Hekkelman Advocaten N.V.
Artikel

De aansprakelijkheid van de werkgever voor de gevolgen van een overval

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2011
Trefwoorden werkgeversaansprakelijkheid, zorgplicht, verzekeringsplicht, overval
Auteurs Mr. M.A. Mouris
SamenvattingAuteursinformatie

    Een overval gaat vaak gepaard met grof geweld. Een overval kan ernstige gevolgen hebben voor de betrokken personen, vaak werknemers van benzinestations, juweliers en supermarkten. Werkgevers hebben een vergaande zorgplicht voor de veiligheid van het personeel. In de (lagere) rechtspraak lijkt een tendens te bespeuren naar uitbreiding van het aantal situaties waarin van de werkgever wordt verlangd dat hij ten behoeve van zijn werknemers een verzekering afsluit die dekking biedt voor risico’s die inherent zijn aan de werkzaamheden. Onderzocht wordt welke risico’s dit betreft, en of een overval daartoe ook kan behoren.


Mr. M.A. Mouris
Mr. M.A. Mouris is advocaat bij Beer Advocaten te Amsterdam.
Casus

Garanties of vrijwaringen; that’s the question

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2011
Trefwoorden vrijwaring, overname, overnameovereenkomst, garantie
Auteurs Mr. M.J.E. van den Bergh en Mr. P.P.J. Jongen
SamenvattingAuteursinformatie

    Vrijwaringen en garanties zijn wel “het hart van de overnameovereenkomst” genoemd. In dit tijdschrift wordt dan ook met enige regelmaat aandacht besteed aan garanties. Vrijwaringen zijn echter minder vaak het onderwerp van beschouwing. In het onderhavige artikel gaan auteurs dieper in op enkele aspecten van vrijwaringsbepalingen in overnamecontracten, waaronder de onderscheiding tussen vrijwaringen en garanties.


Mr. M.J.E. van den Bergh
Mr. M.J.E. van den Bergh is medewerker op de sectie ondernemingsrecht bij Höcker Advocaten te Amsterdam.

Mr. P.P.J. Jongen
Mr. P.P.J. Jongen is partner en advocaat ondernemingsrecht bij Höcker Advocaten te Amsterdam.
Artikel

De deelgeschilprocedure in de rechtspraktijk: goede start, spannende vlucht, behouden landing

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2011
Trefwoorden deelgeschilregeling, ervaringen in de rechtspraktijk, proportionaliteitstoets, doorlooptijd
Auteurs Mr. drs. G. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juli 2010 is de Wet deelgeschilprocedure voor letsel- en overlijdensschade in werking getreden. In deze bijdrage wordt ingegaan op ervaringen met de toepassing van de wet in de rechtspraktijk. Aan de orde komen onder meer de rechterlijke bevoegdheid, de aanpak van de behandeling van het verzoek, de reikwijdte van het begrip deelgeschil en de toepassing van de zogenoemde proportionaliteitstoets.


Mr. drs. G. de Groot
Mr. drs. G. de Groot is vicepresident in de Rechtbank Amsterdam en als onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum en de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.
Artikel

Naar een Europees Burgerlijk Wetboek? Het Draft Common Frame of Reference (DCFR)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden DCFR, Europees Burgerlijk Wetboek, optional instrument, toolbox, Europees verbintenissenrecht, Europees goederenrecht
Auteurs Mr. P.C.J. De Tavernier en Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    Het DCFR bevat een blauwdruk voor een toekomstig Europees verbintenissen- en goederenrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de achtergrond, de opzet en inhoud van het DCFR, controversiële en ongeregelde kwesties, evenals de invloed van het DCFR op de bestaande rechtspraktijk.


Mr. P.C.J. De Tavernier
Mr. P.C.J. De Tavernier is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden en lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Een vergissing van de bank in uw voordeel

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden schadebeperkingsplicht, beleggingsadvies, doorbreking causaal verband
Auteurs Mr. M.B.C. Kloppenburg en Mr. E.J. van Praag
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van jurisprudentie van de beroepscommissie van het KiFiD over onjuist beleggingsadvies betogen auteurs dat uit het feit dat de belegger bekend is geraakt met de fout van de bank, doorgaans slechts volgt dat verdere schade is veroorzaakt door eigen schuld en slechts hoogst zelden dat het causaal verband tussen de fout en de verdere koersontwikkelingen is doorbroken.


Mr. M.B.C. Kloppenburg
Mr. M.B.C. Kloppenburg is advocaat te Den Haag en treedt in procedures over effectendienstverlening voornamelijk op voor banken.

Mr. E.J. van Praag
Mr. E.J. van Praag is advocaat te Den Haag en treedt in procedures over effectendienstverlening voornamelijk op voor banken.
Artikel

De juridische beoordeling van het postwhiplashsyndroom: stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Letselschade, whiplash, NVN-richtlijnen, medisch beoordelingstraject, moeilijk objectiveerbare klachten
Auteurs Mr. A. Kolder
SamenvattingAuteursinformatie

    Een voornaam deel van de letselschadezaken bestaat uit claims wegens whiplashletsel. In tal van die zaken was de schaderegeling altijd al moeizaam, voornamelijk omdat de claimklachten naar hun aard subjectief zijn, en in die zin ‘medisch onverklaarbaar’, dat medisch beeldvormend materiaal geen onderliggende afwijkingen laat zien. Sinds de terugtrekkende beweging van de neurologen – van oudsher dé beoordelaars van whiplashletsel – door middel van de in november 2007 gewijzigde NVN-richtlijnen is het regelingsproces nóg moeizamer geworden. Aan de hand van een overzicht van recente rechtspraak wordt bezien of daaraan voor de letselschadepraktijk handvatten zijn te ontlenen die de huidige whiplashproblematiek minder weerbarstig maken.


Mr. A. Kolder
Mr. A. Kolder is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen en als docent privaatrecht en promovendus aansprakelijkheidsrecht verbonden aan de RuG.
Jurisprudentie

Positie regresnemer

Hof Arnhem 12 mei 2009, LJN BI5030

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2010
Trefwoorden regres, eigen schuld, billijkheidscorrectie, ernst van het letsel
Auteurs Prof. mr. T. Hartlief
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat is de positie van regresnemers in het kader van de billijkheidscorrectie? Profiteren zij enkel van meer objectieve factoren zoals de (uiteenlopende) mate van verwijtbaarheid of kunnen ook meer subjectieve factoren zoals de ernst van de gevolgen voor het slachtoffer aanleiding geven voor een billijkheidscorrectie ten voordele van regresnemers? Om te voorkomen dat ‘subrogatie in zieligheid’ plaatsvindt, zou toepassing van de billijkheidscorrectie naar het oordeel van de auteur in regres beperkt moeten blijven tot factoren als de uiteenlopende ernst van de wederzijds gemaakte fouten en de mate van verwijtbaarheid van ieders gedrag.


Prof. mr. T. Hartlief
Prof. mr. T. Hartlief is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit Maastricht.
Jurisprudentie

Voordeelsverrekening bij letselschade

HR 1 oktober 2010, LJN BM7808

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2010
Trefwoorden sommenverzekering, schadeverzekering, voordeelsverrekening, arbeidsongeschiktheidsverzekering, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. dr. E.J. Wervelman
SamenvattingAuteursinformatie

    Na veertig jaar heeft de Hoge Raad zich opnieuw uitgesproken over het antwoord op de vraag of een uitkering op grond van een sommenverzekering bij letselschade moet worden verrekend of niet. Het meest recente arrest daarover dateert uit 1969. Het arrest van 1 oktober 2010 verdient bespreking, omdat het (veel) meer richting geeft aan de discussie, of en zo ja, in hoeverre een uitkering uit hoofde van een sommenverzekering bij letselschade voor verrekening in aanmerking komt en wat dat voor invloed heeft op voor die verzekering in de loop der tijd betaalde premie.


Mr. dr. E.J. Wervelman
Mr. dr. E.J. Wervelman is advocaat bij KBS Advocaten N.V. te Utrecht.
Jurisprudentie

Kwalitatieve aansprakelijkheid jegens medebezitter

HR 8 oktober 2010, LJN BM6095, RvdW 2010, 1164

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2010
Trefwoorden kwalitatieve aansprakelijkheid, medebezit, hangmat, gebrekkige opstal
Auteurs Mevrouw mr. F. Leopold
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 8 oktober 2010 wees de Hoge Raad het baanbrekende Hangmat-arrest, waarin werd geoordeeld dat een vrouw die medebezitter was van een opstal haar echtgenoot die eveneens medebezitter was, kon aanspreken voor 50% van haar schade. In haar noot bij het arrest plaatst de auteur enige kanttekeningen bij het oordeel van de Hoge Raad. Zij gaat daarbij in op het relativiteitsvereiste, de aangenomen gedeeltelijke aansprakelijkheid van de medebezitter en de te verwachten impact van het arrest op ons aansprakelijkheidsrecht en de verzekeringsbranche. Het Hangmat-arrest levert vanuit dogmatisch oogpunt in elk geval het nodige voer voor discussie op.


Mevrouw mr. F. Leopold
Mevrouw mr. F. Leopold is advocaat bij Kennedy Van der Laan.
Jurisprudentie

Access_open Winstafdracht: einde aan slapend bestaan van artikel 6:104 BW

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 3 2010
Trefwoorden winstafdracht, abstracte schadeberekening, concrete schade, begroting van schade, punitive damages
Auteurs Mr. dr. T.E. Deurvorst
SamenvattingAuteursinformatie

    Door dubbelzinnig taalgebruik in artikel 6:104 BW en een tweeslachtige parlementaire doelstelling wordt dit artikel weinig toegepast in de praktijk. Op 18 juni 2010 heeft de Hoge Raad in twee arresten – Setel/AVR en Ymere/X – artikel 6:104 BW aanzienlijk ruimer geïnterpreteerd in verschillende opzichten. De rechter wordt nu veel vrijheid gegund bij het bepalen van een vergoeding in het geval dat de benadeelde schade heeft geleden en de aansprakelijke winst heeft genoten, mits de vergoeding de vermoedelijke schade niet aanmerkelijk overschrijdt. Aan de begroting van de vermoedelijke schade worden echter geen hoge eisen gesteld. Te verwachten valt daarom dat justitiabelen geen flauw idee zullen hebben hoe groot de vergoeding zal zijn wanneer de rechter overgaat tot toepassing van artikel 6:104 BW. Daardoor komen de rechtszekerheid en een eerlijke rechtsbedeling op de tocht te staan.


Mr. dr. T.E. Deurvorst
Mr. dr. T.E. (Titia) Deurvorst is advocaat te Amsterdam en toegevoegd universitair hoofddocent aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht (CIER).
Jurisprudentie

Access_open Toepassing van artikel 6:80 lid 1 aanhef en onder b BW bij verplichtingen uit duurovereenkomsten

Een bespreking van HR 9 juli 2010, NJ 2010, 417 (Nissan/Nieuwkoop)

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 3 2010
Trefwoorden niet-nakoming, verzuim, tekortkoming, opeisbaarheid, duurovereenkomsten
Auteurs Mr. V.C. van Ginkel-Claessens en Mr. A. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    In het op 9 juli 2010 gewezen Nissan/Nieuwkoop-arrest (NJ 2010, 417) heeft de Hoge Raad zijn eerdere oordelen over de toepassing van het verzuimvereiste bij duurovereenkomsten bevestigd. In dit arrest heeft de Hoge Raad daaraan toegevoegd dat de gevolgen van niet-nakoming dus ook intreden indien de prestatie van de schuldenaar op dat moment nog niet opeisbaar was en om die reden nog niet is uitgebleven. De auteurs gaan in deze bijdrage in op dit arrest en staan stil bij de vraag wat de consequenties van deze toevoeging zijn.


Mr. V.C. van Ginkel-Claessens
Mr. V.C. (Vivian) van Ginkel-Claessens is werkzaam als advocaat bij Baker & McKenzie Amsterdam N.V. op de sectie Litigation & Arbitration.

Mr. A. Mulder
Mr. A. (Anika) Mulder is werkzaam als advocaat bij Baker & McKenzie Amsterdam N.V. op de sectie Litigation & Arbitration.
Artikel

De bijzondere zorgplicht bij de opzegging van kredietovereenkomsten – zijn de zeven vette jaren van Rabobank/Aarding voorbij?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2010
Trefwoorden kredietopzegging, redelijkheid en billijkheid, zorgplicht, proportionaliteit en subsidiariteit
Auteurs Mr. P.S. Bakker en Mr. dr. D. Haas
SamenvattingAuteursinformatie

    Ruim zeven jaar geleden wees het Hof Arnhem het arrest Rabobank/Aarding (JOR 2003, 267). In dit arrest oordeelde het hof onder meer dat de bijzondere zorgplicht van banken met zich brengt dat een kredietopzegging ten minste moet voldoen aan eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. In dit artikel wordt geconstateerd dat het hof daarmee een onjuiste maatstaf heeft gehanteerd ter beoordeling van kredietopzegging. Tevens wordt de invloed van art. 2 van de algemene bankvoorwaarden op de invulling van de wel te hanteren maatstaf besproken en wordt stilgestaan bij het fenomeen van de bijzondere zorgplicht.


Mr. P.S. Bakker
Mr. P.S. Bakker is als advocaat/PSL werkzaam bij Houthoff Buruma te Amsterdam en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. D. Haas
Mr. dr. D. Haas is jurist bij de AFM en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    This article analyzes how football game situations, especially those where players get injured, are posted within the law. In the Netherlands sport rules are not regulated in specific laws. An incident in the soccer pitch should be approached by the ordinary law: criminal law as well as liability. An important standard laid down in jurisdiction is that sport participants accept a certain risk to get hurt.
    A conviction on the basis of criminal law occurs not very often, because it is hard to prove that the accused in a game situation had the intention to cause injury. The author gives an outline of the disciplinary rule structure of Dutch football. The Dutch football association KNVB has an important role in this structure. Every football player is a member of his own club as well as a member of the KNVB. As a consequence the club as well as the KNVB has the authority to take disciplinary action against football players breaking the rules. The disciplinary system and rules are different for professional and amateur football.


S.F.H. Jellinghaus
Dr. mr. Steven Jellinghaus is als universitair docent sportrecht verbonden aan de vakgroep sociaal recht en sociale politiek van de Universiteit van Tilburg en als advocaat aan De Voort Hermes de Bont te Tilburg.
Artikel

‘Gij had beter toezicht op mijn overtreding moeten houden’

Het relativiteitsvereiste en toezicht op de naleving van de Woningwet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2010
Trefwoorden vermogensschade, beschermingsbereik, relativiteitsvereiste, Woningwet
Auteurs Mr. A.C. Beck
SamenvattingAuteursinformatie

    Kan de vergunninghouder die zelf in afwijking van zijn bouwvergunning bouwt, de schade op de gemeente verhalen op grond van onvoldoende toezicht? Het Hof Arnhem meent dat dit niet het geval is. Vermogensschade die is ontstaan door onvoldoende toezicht valt volgens het hof hoe dan ook niet onder het beschermingsbereik van toezicht op de Woningwet. In dit artikel wordt niet alleen het beschermingsbereik van toezicht op de Woningwet besproken, maar ook de stand van zowel de civiele als de bestuursrechtelijke rechtspraak met betrekking tot het relativiteitsvereiste en de Woningwet zelf.


Mr. A.C. Beck
Mr. A.C. Beck is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Access_open Algemene bankvoorwaarden: modernisering, maar geen vernieuwing

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Algemene Bankvoorwaarden, informatieplicht, titel 7.7B BW, zekerheidsrechten, beëindiging kredietrelatie
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 november 2009 gelden de Algemene Bankvoorwaarden 2009, die de Algemene Bankvoorwaarden 1995 vervangen. De Algemene Bankvoorwaarden 2009 bevatten een modernisering ten opzichte van de voorwaarden uit 1995. Er is rekening gehouden met de bepalingen van titel 7.7B BW. Opmerkelijk is voorts de schrapping van de aansprakelijkheidsbeperking. De belangrijkste onderdelen uit de Algemene Bankvoorwaarden 1995 zijn niet gewijzigd, zodat de onder die voorwaarden gewezen rechtspraak haar gelding blijft behouden. De reikwijdte van de voorwaarden is evenwel beperkt, omdat de specifieke bankproducten hun eigen voorwaarden kennen die boven de algemene bankvoorwaarden prevaleren.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Toont 101 - 120 van 176 gevonden teksten
1 2 3 4 6 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.