Zoekresultaat: 211 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2009 x Rubriek Artikel x
Artikel

Arbeid en ICMS: opbrengsten, weerstanden en intenties

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2009
Trefwoorden ICMS, Integrated Conflict Management System, arbeidsconflicten
Auteurs Mr. dr. Rob Jagtenberg en Mr. dr. Annie de Roo
SamenvattingAuteursinformatie

    In their contribution ‘Employment and ICMS’, Rob Jagtenberg and Annie de Roo discuss the yields that an integrated conflict management system may bring to individual workers, to the company or organisation, and to society as a whole. Few organisations have adopted ICMS as yet. Therefore, the authors analyse the resistance against introduction of ICMS in some detail, especially resistance on the part of management, which likely will be decisive.Recent developments in the world economy and in politics however, may change the leverage in favour of introducing ICMS still, in the years to come.


Mr. dr. Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg verricht vergelijkend onderzoek naar mediation en conflictmanagement in Europa en was rapporteur-generaal bij de Raad van Europa over het onderwerp mediation.

Mr. dr. Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD.

    CEPINA, the Belgian Centre for Arbitration and Mediation recently published special mediation rules for the resolution of IT disputes. The most important rules are discussed. Also the background of this initiative is highlighted.


Mr. Marc Taeymans
Marc Taeymans is jurist en gecertificeerd mediator te Antwerpen. Hij is lid van de Federale Bemiddelingscommisie bij de FOD Justitie en lid van CEPINA. Hij is tevens rechter in handelszaken in de Rechtbank van koophandel te Antwerpen.

Mr. Erik Valgaeren
Erik Valgaeren is advocaat-vennoot bij Stibbe te Brussel gespecialiseerd in ICT-recht.
Artikel

Effecten van de kredietcrisis op (rechtsgevolgen van) financieringsovereenkomsten

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden kredietcrisis, onvoorziene omstandigheden, redelijkheid en billijkheid, financieringsovereenkomsten, loan agreements, kredietovereenkomsten
Auteurs Mr. A.T.G.M. Venrooy en Mr. P.S. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staan Venrooy en Bakker stil bij de vraag of en in hoeverre – in het licht van de huidige kredietcrisis – de redelijkheid en billijkheid respectievelijk onvoorziene omstandigheden effect hebben op (rechtsgevolgen van) financieringsovereenkomsten. In dit verband kijken de auteurs naar zowel de eenvoudige kredietovereenkomst als de meer uitgebreide – op LMA standaard gebaseerde – loan agreement.


Mr. A.T.G.M. Venrooy
Mr. A.T.G.M. Venrooy is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

Mr. P.S. Bakker
Mr. P.S. Bakker is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Beleggingsfondsen en civielrechtelijke praktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden beleggingsfondsen, fondsvermogen, deelnemers, beheerder, bewaarder
Auteurs Mr. J.W.P.M. van der Velden
SamenvattingAuteursinformatie

    Beleggers kiezen er dikwijls voor om gezamenlijk te beleggen. Vaak gebruiken zij daarbij personenvennootschappen en fondsen voor gemene rekening. Bij dergelijke beleggingsfondsen plegen drie partijen betrokken te zijn: een beheerder, een bewaarder en deelnemers. Deze drie partijen zijn civielrechtelijk met elkaar verbonden. Daaruit vloeien vragen voort over de eigendom van het fondsvermogen, de zeggenschap en de kwalificatie van de onderlinge verhoudingen. Van der Velden behandelt dergelijke vragen in zijn recente proefschrift Beleggingsfondsen naar burgerlijk recht. In deze bijdrage zet hij een aantal bevindingen die voor de praktijk van belang zijn kort uiteen.


Mr. J.W.P.M. van der Velden
Mr. J.W.P.M. van der Velden start in september 2009 een advocatenkantoor in Nijmegen (www.keijservandervelden.nl). Hij is fellow aan het Onderzoekcentrum Onderneming en Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De voorgestelde wijziging van de Wge

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Wge, vermogensscheiding, dematerialisatie
Auteurs Mr. J.S. Polderman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet giraal effectenverkeer (Wge) heeft twee hoofddoelstellingen: de uitbreiding van de bescherming van de belegger in geval van faillissement van de instelling waar de belegger zijn effecten in bewaring heeft gegeven en het bewerkstelligen van een verdergaande vorm van dematerialisatie van het giraal effectenverkeer dan thans is voorzien in de Wge. Beoogd is het gebruik van effectenbewaarbedrijven zo veel mogelijk overbodig te maken en het aantal fysieke stukken verder te doen afnemen. Dit wordt bereikt door het toepassingsgebied van de Wge uit te breiden en door voor te schrijven dat effecten aan toonder uitsluitend door middel van verzamelbewijzen in bewaring kunnen worden gegeven. In zijn bijdrage bespreekt Polderman op welke manier de voorgestelde wijzigingen van de Wge moeten leiden tot het bereiken van deze twee hoofddoelstellingen in het licht van de huidige situatie. Tevens laat hij enkele in het oog springende voorgestelde wijzigingen van de Wge de revue passeren.


Mr. J.S. Polderman
Mr. J.S. Polderman is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Het depositogarantiestelsel in Europees perspectief

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden depositogarantiestelsel, kredietinstelling, Adviescommissie toekomst banken, Commissie Maas, Federal Deposit Insurance Corporation, De Larosière Group
Auteurs Mr. J.M. van Poelgeest en Mr. M. Kuilman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken Van Poelgeest en Kuilman het Nederlands depositogarantiestelsel en de ontwikkelingen met betrekking tot het depositogarantiestelsel vanuit Europees perspectief. Hierbij gaan zij onder meer in op de recente diverse wijzigingen en wijzigingsvoorstellen op Europees niveau en op de discussies en voorstellen op nationaal niveau. In dit verband geven zij tevens kort een beschrijving van het systeem van de depositogarantiestelsels zoals dat in de diverse lidstaten van de Europese Unie en in de Verenigde Staten geldt.


Mr. J.M. van Poelgeest
Mr. J.M. van Poelgeest is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mr. M. Kuilman
Mr. M. Kuilman is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Artikel

Over de grenzen van het ondernemingsrecht: Fortis

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Fortis, deskundigenonderzoek, enquête, algemene vergadering
Auteurs Prof. dr. C.F. van der Elst en L.S.F. van den Steen
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak Fortis hield het afgelopen jaar België en Nederland in de ban. Het Belgische hof van beroep verplichtte Fortis tot het bijeenroepen van een algemene vergadering en liet deskundigen een onderzoek uitvoeren. In deze bijdrage bespreken Van der Elst en Van den Steen het Belgische deskundigenonderzoek en trekken zij vergelijkingen met het enquêterecht. Vervolgens gaan zij in op het verloop van de algemene vergaderingen bij Fortis. Vooral de lage opkomst van aandeelhouders valt op, doch ook de talrijke agendapunten die de aandeelhouders wegstemden. Deze bevindingen nopen tot reflectie over de nood aan bijzondere reglementering voor vennootschappen met een systeemrisico eerder dan een aanpassing van het vennootschapsrecht.


Prof. dr. C.F. van der Elst
Prof. dr. C.F. van der Elst is hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg en werkzaam als onderzoeker aan het Financial Law Institute van de Universiteit van Gent.

L.S.F. van den Steen
Dr. L.S.F. van den Steen is assistent aan het Financial Law Institute van de Universiteit van Gent.
Artikel

Juridische fusie/splitsing van banken en de gevolgen daarvan voor bestaande bankhypotheken

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2009
Trefwoorden bankhypotheek, fusie, splitsing, gemeenschap, pro rata
Auteurs Mr. R. Fluit
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur wat de consequenties zijn van de juridische fusie of splitsing voor de vóór de fusie gevestigde bankhypotheken.


Mr. R. Fluit
Mr. R. Fluit is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.
Artikel

Flex BV and MoMiG – Revising the law of limited liability companies in the Netherlands and Germany

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2009
Trefwoorden limited liability, Flex BV, MoMig, BV, GmbH
Auteurs Mrs. C.E. Grundmeier, LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In the light of the ECJ case law on the freedom of establishment, both the Dutch and German governments have recently launched legislative proposals that are designed to revamp their national limited liability companies. This gives reason to take a closer look at the Dutch and German approach regarding some important issues for investors, namely minimum capital, non-voting and non-profit participating shares and shareholder instruction rights.


Mrs. C.E. Grundmeier, LL.M.
Mrs. C.E. Grundmeier, LL.M. is working as a trainee at Clifford Chance. The author would like to thank J.A. Lazell and T.P. van Duuren for their contributions to this article.
Artikel

De aanneming van bouwwerken in het ‘Ontwerp Gemeenschappelijk Referentiekader’ en in Nederland: toezicht tijdens de bouw en oplevering van het werk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2009
Trefwoorden bouw, bouwwerken, ontwerp gemeenschappelijk referentiekader
Auteurs Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen en Mr. ir. F.M. van Cassel
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel spitst zich toe op de aanneming van bouwwerken, meer in het bijzonder op het toezicht tijdens de bouw en oplevering van het werk in de PEL SC en in de diverse nationale (wettelijke en contractuele) regelingen. Auteurs bevelen na bestudering van verschillende regelingen ten slotte aan de Europese regelgeving niet toe te passen.


Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen
Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen is secretaris verbonden aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw.

Mr. ir. F.M. van Cassel
Mr. ir. F.M. van Cassel is secretaris verbonden aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw.
Artikel

Kanttekeningen bij de Invoeringswet-BES

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2009
Trefwoorden invoeringswet-BES, wetgever, grondwet, attributie van bevoegdheden, regelstellende bevoegdheden
Auteurs mr. M. Nap
SamenvattingAuteursinformatie

    De Invoeringswet-BES zet relevante Antilliaanse regelgeving om in Nederlandse normen. Deze omvorming vindt plaats door vermelding van de desbetreffende regelingen op de bijlage bij het wetsvoorstel. In deze bijlage wordt voor de daarin genoemde regelingen vermeld of zij de status verkrijgen van formele wet, algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling. De wetgever kan de regelstellende bevoegdheden van regering en bewindspersonen echter niet zelf uitoefenen. De wetgever is niet bevoegd om te knutselen met de grondwettelijke attributie van bevoegdheden. Bovendien levert dit problemen op in het kader van de rechterlijke toetsing en de ministeriële verantwoordelijkheid.


mr. M. Nap
Mr. M. Nap is verbonden aan de Vakgroep Staatsrecht en Internationaal recht aan de Rijksuniversiteit Groningen. m.nap@rug.nl
Artikel

Private normstelling: criteria voor toepassing van private regelgeving in de rechtszaal

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Private normstelling, private regelgeving, rechtsstaat, juridische binding, rechterlijke toetsing
Auteurs mr. A. Kristic, mr. F.A. van Tilburg en mr. P.W.J. Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie

    Private regelgeving geeft blijk van een bepaalde maatschappelijke behoefte aan normstelling door private, niet-statelijke actoren. De regels die uit deze private normstelling voortvloeien, vallen in beginsel buiten ‘het recht’ in de zin van artikel 79 Wet RO. Als gevolg blijft ook de toepassing van private regelgeving door de rechter beperkt. In deze bijdrage wordt via een analyse van de rechtsstaat een aanzet gedaan tot het formuleren van criteria aan de hand waarvan de rechter een gemotiveerd oordeel kan vormen betreffende de juridische binding van private regelgeving in een concreet geschil.


mr. A. Kristic
Mr. A. Kristic is promovenda bij de vakgroep Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit van Tilburg. a.kristic@uvt.nl

mr. F.A. van Tilburg
Mr. F.A. van Tilburg is promovenda bij de vakgroep Privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg. f.a.vantilburg@uvt.nl

mr. P.W.J. Verbruggen
Mr. P.W.J. Verbruggen is promovendus aan het Europees Universitair Instituut te Florence. paul.verbruggen@eui.eu
Artikel

Het ene buiten is het andere niet

Een reactie op Van der Burg

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2009
Trefwoorden LGO, landen en gebieden overzee, BES-eilanden, Europese Unie, Nederlandse Antillen
Auteurs mr. H.G. Hoogers
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijlage bij het verdrag waar de LGO-gebieden opgesomd worden, noemt niet slechts de Nederlandse Antillen, maar ook de onderscheiden eilandgebieden daarvan bij naam. Bonaire, St. Eustatius en Saba worden derhalve met zoveel woorden genoemd als territoria waarvoor de LGO-status geldt. De territoria die de status van LGO hebben behoren tot het grondgebied van de lidstaten van de Unie (en daarmee tot het grondgebied waarop het recht van de Unie van toepassing is), maar door de LGO-status is de werking van dat Europese recht in de Landen en Gebieden Overzee fors ingeperkt. Die inperking vindt plaats op basis van Europese normen, lidstaten kunnen niet eenzijdig een wijziging aanbrengen in de status van die aangewezen gebieden.


mr. H.G. Hoogers
Mr. H.G. Hoogers is universitair hoofddocent Staatsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. H.G.Hoogers@rechten.rug.nl
Artikel

Negen aanwijzingen voor wetsevaluatief onderzoek

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2009
Trefwoorden wetsevaluatie, wetsevaluatief onderzoek, beleidstheorie, ex ante evaluatie, impact assessment
Auteurs prof. dr. G.J. Veerman en dr. C.M. Klein Haarhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Wetsevaluatie staat op de wetgevingsagenda, reden om in te gaan op het wat en hoe van wetsevaluatief onderzoek. Op basis van literatuuronderzoek en eigen inzicht worden negen aanwijzingen gegeven: 1. Weet wat je wilt weten; 2. Laat altijd de beleidstheorie onderzoeken; 3. Laat de beschikbaarheid van voorzieningen onderzoeken; 4. Laat bij ex ante evaluatie primair het probleem onderzoeken; 5. Gebruik bij ‘impact assessments’ een methodenmix; 6. Doe niet louter doelbereikingsonderzoek. Omdat men 7. beter wat terughoudend kan zijn met doeltreffendheidsonderzoek (laat, als het gebeurt, de diverse betrokkenen een schatting maken van de bijdrage van de wet aan de doelbereiking) en zeker 8. met oeverloos effectonderzoek (men weet niet waar men het zoeken moet), wordt aanbevolen te kiezen voor 9. procesevaluaties: de omgang van diverse betrokkenen met de wet; laat daarbij ook kijken naar de invloed van het flankerend beleid.


prof. dr. G.J. Veerman
Prof. dr. Gert-Jan Veerman is bij de directie Wetgeving van het ministerie van Justitie belast met werkzaamheden voor het Clearing House voor Wetsevaluatie en is deeltijdhoogleraar Wetgeving en Wetgevingskwaliteit aan de Universiteit Maastricht. gertjan.veerman@maastrichtuniversity.nl

dr. C.M. Klein Haarhuis
Dr. C.M. Klein Haarhuis is onderzoeker bij het WODC en docent sociologie aan de Universiteit Utrecht. c.m.kleinhaarhuis@uu.nl
Artikel

De BES-eilanden van buiten de Europese Unie naar binnen de Europese Unie

Een reactie op H.G. Hoogers: De BES-eilanden, de Grondwet en het Europees recht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2009
Trefwoorden LGO, landen en gebieden overzee, BES-eilanden, Europese Unie, Nederlandse Antillen
Auteurs mr. F.H. van der Burg
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer de BES-eilanden worden opgenomen in het Nederlands staatsverband, krijgen zij een andere status. Zij maken nu geen deel uit van de Gemeenschap, maar door hun opname in het Nederlandse staatsverband gaan zij wel deel uitmaken van de Gemeenschap. Het Koninkrijk is niet gemachtigd eenzijdig een wijziging aan te brengen in de reikwijdte van de gelding van het Europese recht. De opneming van de BES-eilanden in het Nederlands staatsverband moet dan ook gepaard gaan met een wijziging van het EG-verdrag.


mr. F.H. van der Burg
Mr. F.H. van der Burg is emeritus-hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden. fent.burg@planet.nl
Artikel

Alle wegen leiden naar Rome (I), alle wegen vertrekken vanuit Rome (I)!?

Mogelijkheden tot opheldering van ipr-onduidelijkheden bij internationale detachering

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2009
Auteurs Prof. dr. V. Van Den Eeckhout
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nabije toekomst treedt de Rome I-Verordening in werking. De Rome I-Verordening vervangt het EVO-Verdrag. In de Rome I-Verordening worden, net zoals in het EVO-Verdrag, regels van toepasselijk recht inzake verbintenissen uit overeenkomst vastgesteld, daarin begrepen ipr-regels inzake internationale arbeidsovereenkomsten. Opzet van deze bijdrage is na te gaan in hoeverre de inwerkingtreding van de Rome I-Verordening, mét de daaraan gekoppelde uitleggingsbevoegdheid van het Hof van Justitie, (nieuwe) kansen biedt tot opheldering van ipr-onduidelijkheden bij internationale detachering.


Prof. dr. V. Van Den Eeckhout
Prof. dr. V. Van Den Eeckhout is verbonden aan de Universiteit Leiden en de Universiteit Antwerpen.
Artikel

De Maritieme Arbeidsconventie van de IAO van 2006 en de Conventie nr. 188 over de arbeid in de visserij

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2009
Trefwoorden Internationaal arbeidsrecht, maritiem arbeidsrecht, arbeid in de visserij
Auteurs Dr. A. Charbonneau, Mr. G. Proutiere-Maulion en Prof. P. Chaumette
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de ontstaansgeschiedenis en de inhoud van de IAO Maritieme Arbeidsconventie (2006) en de IAO-Conventie nr. 188 over de arbeid in de visserij in kaart gebracht. Beide conventies worden geduid als de vierde pijler van het internationaal maritiem transportrecht. Historisch volgde de arbeidsrechtelijke pijler op de veiligheidspijler, de ecologische pijler en op een pijler die gericht was op de certificering van competenties en op de organisatie van de wachtdienst. De interactie tussen de Internationale Maritieme Organisatie en de Internationale Arbeidsorganisatie wordt onderzocht. De bijdrage gaat in op de eigenheid van de arbeidsverhoudingen in de maritieme sector. Ze illustreert de dilemma’s waarmee de IAO worstelt in haar streven naar een zo ruim mogelijke toepassingssfeer en een zo optimaal mogelijk niveau van bescherming in een economische sector waarin diversiteit troef is.


Dr. A. Charbonneau
Dr. A. Charbonneau is Docteur en droit, Droit et Changement social, UMR CNRS nr. 3168.

Mr. G. Proutiere-Maulion
Mr. G. Proutiere-Maulion is Maître de Conférences, HDR, en Directrice du Centre de Droit Maritime et Océanique EA nr. 1165.

Prof. P. Chaumette
Prof. P. Chaumette is Professeur, CDMO, Maison des Sciences de l’Homme Ange Guépin aan de Universiteit te Nantes.
Artikel

De leer van de bindende eindbeslissing in dezelfde instantie, in hoger beroep en na verwijzing na HR 25 april 2008, NJ 2008, 553 (De Vries/Gemeente Voorst)

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2009
Trefwoorden burgerlijk procesrecht, bindende eindbeslissing, gemeente Voorst, gebondenheid, hoger beroep, verwijzing
Auteurs Mr. drs. P.A. Fruytier
SamenvattingAuteursinformatie

    Tot voorkort was het voor de rechter slechts mogelijk terug te komen van een bindende eindbeslissing, indien de gegeven omstandigheden het onaanvaardbaar zouden maken dat de rechter aan die eindbeslissing zou zijn gehouden. Nadat in dit leerstuk in de loop van 2006 en 2007 al beweging is gekomen, heeft de Hoge Raad in het De Vries/Gemeente Voorst-arrest (HR 25 april 2008, NJ 2008, 553) een nieuw criterium ontwikkeld dat erop neerkomt dat de rechter - mits hij partijen daaromtrent allereerst hoort - terug mag komen op een bindende eindbeslissing, indien deze berust op een onjuiste juridische of feitelijke grondslag.In dit artikel wordt ten eerste nagegaan hoever deze nieuwe maatstaf nu precies strekt en ten tweede in hoeverre het verruimde criterium ook invloed heeft op de gebondenheid van de appèlrechter en de verwijzingsrechter aan eindbeslissingen uit een eerdere instantie.


Mr. drs. P.A. Fruytier
Mr. drs. P.A. Fruytier is advocaat te Den Haag.
Artikel

Europese harmonisatie en aanknopingsovermacht in het internationaal erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden harmonisatie, aanknopingsovermacht, internationaal erfrecht
Auteurs Mr. J.G. Knot
Samenvatting

    In deze bijdrage behandelt de auteur ‘aanknopingsovermacht’: hoe reageert het Nederlandse internationaal erfrecht hierop en is het mogelijk de benadeling op enigerlei wijze te compenseren.


Mr. J.G. Knot

    ‘Icesave’, een bijkantoor van het IJslandse Landsbanki, en Indover Bank waren eind vorig jaar aan een noodregeling onderworpen die in een faillissement is omgezet. De auteur bespreekt de toepasselijk regels uit de Wet op het financieel toezicht en de Faillissementswet, alsmede hun Europese herkomst. Naar aanleiding van een aantal deelvragen worden aanbevelingen gedaan: over de grondslag van de rechterlijke bevoegdheid om een faillissement van een bank uit te spreken, het verzoek en de procedureregels bij faillietverklaring van een bank, informatie- en kennisgevingsverplichtingen van De Nederlandsche Bank en de curator, de omzetting van een noodregeling in een opvolgend faillissement en de rechtsregels die ná omzetting van toepassing zijn.


Prof. mr. B. Wessels
Prof. mr. B. Wessels is hoogleraar Internationaal Insolventierecht aan de Universiteit Leiden.
Toont 101 - 120 van 211 gevonden teksten
1 2 3 4 6 8 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.