Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 124 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht x
Artikel

Een reactie op een reactie: artikel 2:210 lid 5 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden vennootschapsrecht, faillissementsrecht, aansprakelijkheid te late deponering, artikel 2:210 lid 5 BW
Auteurs Mr. M.W. Josephus Jitta
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze reactie wordt ingegaan op de reactie van Schwarz en Wolf op de bijdrage van Van Hooff, waar het gaat om de gevolgen van artikel 2:210 lid 5 jo. artikel 2:248 lid 2 BW. Op grond van de rechtspraak van de Hoge Raad komt de auteur tot de conclusie dat de zorg van Schwarz en Wolf dat bij toepassing van artikel 2:210 lid 5 BW de sanctie van artikel 2:248 lid 2 BW eerder zou intreden dan zonder toepassing van artikel 2:210 lid 5 BW, ongegrond is.


Mr. M.W. Josephus Jitta
Mr. M.W. Josephus Jitta is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Het rechtspersoonlijk belang van het voorontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen: schijnuniformering of ware eendracht?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden uniformering, vennootschapsbelang, rechtspersoonlijk belang, Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, vennootschappelijk belang
Auteurs R.H.H. Vastmans LL.B (Hons.)
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen introduceert het geüniformeerde begrip rechtspersoonlijk belang als gedragsnorm voor bestuurders en toezichthouders. Door duiding van en vergelijking met het huidige vennootschapsbelang komt de auteur tot de conclusie dat de in de consultatieronde geuite kritiek grotendeels onjuist c.q. onterecht is.


R.H.H. Vastmans LL.B (Hons.)
R.H.H. Vastmans is masterstudent Nederlands recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Balanceren tussen een taakverdeling en collegialiteit binnen de raad

De verhouding tussen auditcommissieleden en overige commissarissen bezien in het licht van geagendeerde wet- en regelgeving

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden vennootschapsrecht, auditcommissie, raad van commissarissen, bestuurdersaansprakelijkheid, collegiaal bestuur
Auteurs Mr. drs. L. in ’t Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auditcommissie heeft een vaste positie verworven binnen het Nederlandse vennootschapsrecht. Recente ontwikkelingen accentueren de onduidelijkheid die bestaat over de verhouding tussen auditcommissieleden en overige leden van de raad. De auteur meent dat het evenwicht dient te worden bewaakt tussen een ver(der)gaande taakverdeling en het beginsel van collegialiteit binnen de raad.


Mr. drs. L. in ’t Veld
Mr. drs. L. in ’t Veld is als wetenschappelijk docent en onderzoeker verbonden aan Erasmus School of Law en verbonden aan het Instituut voor Ondernemingsrecht (IvO) en het IvO Center for Financial Law & Governance (ICFG).
Artikel

Value8: over publieke figuren en principiële vragen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden recht op alle verlangde inlichtingen, grootaandeelhouder
Auteurs Mr. A.P. Koburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 15 juni 2016 vond de jaarvergadering van Value8 N.V. plaats. Ruim een maand voorafgaande aan deze vergadering publiceerde Roel Gooskens een artikel op de website Follow The Money waarin hij zich kritisch uitlaat over de waardering van nog niet gerealiseerde waardestijgingen. Dat leidde tot veel reacties, die zijn in te delen in grofweg twee categorieën: (1) wat is de omvang van het recht op informatie van de algemene vergadering? (2) wat mag verwacht worden van grootaandeelhouder en bestuurder Peter Paul de Vries? De column besteedt kort aandacht aan beide aspecten.


Mr. A.P. Koburg
Mr. A.P. Koburg is junior docent-onderzoeker bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

‘The Law BV’: heeft het bewijsvoordeel in artikel 2:138 lid 2/248 lid 2 BW zijn langste tijd gehad?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, faillissementsaansprakelijkheid, boedeltekort, kennelijk onbehoorlijk bestuur
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 februari 2016 heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan in een bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure op grond van artikel 2:248 lid 2 BW. Uit de uitspraak komt naar voren dat het bewijsvoordeel dat de curator aan artikel 2:248 lid 2 BW kan ontlenen veel van zijn betekenis heeft verloren.


Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Collectief procederen vanuit de visie van een rechter

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden collectief procederen, regierol, forfaitaire schadeafwikkeling, claimorganisatie
Auteurs Mr. A. Hammerstein
SamenvattingAuteursinformatie

    Het is niet wenselijk dat aan de rechter een belangrijke rol wordt toegekend in de collectieve procedure. Een belangrijk hulpmiddel zou kunnen zijn dat in de procedure deskundigen worden betrokken die de soorten van schade in kaart brengen en daarbij behorende categorieën van schadevergoeding bepalen. Hoewel het belang van de toetsing van de kwaliteit van de claimorganisatie duidelijk is, past een doorlopende ontvankelijkheidskwestie niet in een effectieve procedure. Het verdient juist geen aanbeveling dat in een procedure één claimorganisatie als de leidende wordt aangewezen.


Mr. A. Hammerstein
Mr. A. Hammerstein is raadsheer in buitengewone dienst bij de Hoge Raad te Den Haag.
Artikel

Extra bescherming voor de OK-functionaris: de escrowvoorziening

Hof Amsterdam (OK) 27 oktober 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:4379 (Cunico)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Ondernemingskamer, Cunico, OK-functionaris, aansprakelijkheid, escrowvoorziening
Auteurs Mr. D.M.H. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Cunico-beschikking staat de OK een ruime escrowvoorziening toe, die mede strekt tot zekerheid van de kosten van advies en verweer in rechte tegen aansprakelijkstellingen van de door de OK benoemde functionarissen persoonlijk. De escrowvoorziening lijkt een welkome aanvulling op de middelen om de OK-functionaris te beschermen tegen (ongefundeerde) druk van de bij de rechtspersonen betrokken partijen, zolang de omvang van de escrowvoorziening niet tot onnodige extra liquiditeitskrapte bij de rechtspersoon leidt.


Mr. D.M.H. de Leeuw
Mr. D.M.H. de Leeuw is advocaat bij DLA Piper in Amsterdam.
Artikel

De verantwoordelijkheden en interne aansprakelijkheidsrisico’s van bestuurders in het kader van een due diligence-onderzoek

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden bestuurder, overname, due diligence, artikel 2:9/2:138 BW, interne aansprakelijkheid
Auteurs Mr. T. Bird
SamenvattingAuteursinformatie

    De verantwoordelijkheden van bestuurders in het kader van een due diligence-onderzoek naar een doelvennootschap worden op basis van jurisprudentie in kaart gebracht. Meestal zal van bestuurders worden verwacht een met voldoende waarborgen omgeven due diligence-onderzoek te laten uitvoeren, zodat zeker wordt gesteld dat een deugdelijke zaak wordt gekocht.


Mr. T. Bird
Mr. T. Bird is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Derdenbeslag onder de verzekeraar van een bestuurders­aansprakelijkheidsverzekering; recente ontwikkelingen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering, beslag, opheffingskortgeding, betwistingsprocedure, verzekerde som
Auteurs Mr. M.M. van Asch
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden twee verschillende procedures besproken in het kader van beslag onder een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekeraar: het opheffingskortgeding en de betwistingsprocedure. Centraal staan de belangen en de rol van bestuurder, verzekeraar en beslaglegger bij deze procedures.


Mr. M.M. van Asch
Mr. M.M. van Asch is advocaat bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Artikel

Perikelen rond de vaststelling en publicatie van de jaarrekening en aansprakelijkheid in het kader daarvan. Een reactie

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 2 2016
Trefwoorden vereenvoudigde vaststelling jaarrekening, publicatietermijn, bestuurdersaansprakelijkheid
Auteurs Prof. mr. C.A. Schwarz en Mr. dr. R.A. Wolf
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt bepleit dat de overeenkomstig artikel 2:210 lid 5 BW vereenvoudigd vastgestelde jaarrekening binnen acht dagen na haar vaststelling gedeponeerd moet worden om te voorkomen dat het onweerlegbare vermoeden van onbehoorlijk bestuur van artikel 2:248 lid 2 BW zal gelden en de bestuurder daardoor in een lastige(re) procespositie komt te verkeren. Beter zou zijn dat artikel 2:210 lid 5 BW geschrapt of gewijzigd wordt of dat statutair van deze bepaling wordt afgeweken.


Prof. mr. C.A. Schwarz
Prof. mr. C.A. Schwarz is hoogleraar Handels- en Ondernemingsrecht aan het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) van de Universiteit Maastricht en partner bij Baker Tilly Berk.

Mr. dr. R.A. Wolf
Mr. dr. R.A. Wolf is advocaat te Den Haag en universitair docent aan de Universiteit Leiden en aan het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) van de Universiteit Maastricht.
Artikel

Curatorenverzet in geval van een lege boedel

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 2 2016
Trefwoorden verzet, lege boedel, turboliquidatie, misbruik van bevoegdheid, curator
Auteurs Mr. dr. S. Renssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de door de rechtspraktijk gezochte oplossing voor de legeboedelproblematiek centraal: het curatorenverzet ingevolge artikel 10 Fw. De Hoge Raad heeft zich onlangs uitgesproken over deze gangbare praktijk. Het is echter niet aan de Hoge Raad maar aan de wetgever om in dezen een oplossing te bieden.


Mr. dr. S. Renssen
Mr. dr. S. Renssen is universitair docent Insolventie- en Ondernemingsrecht aan de Universiteit Maastricht en research-fellow bij het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies.
Artikel

Wanbeleid bij Meavita?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 2 2016
Trefwoorden bestuurlijke fusie, governance, enquêterecht, wanbeleid, Meavita-zaak
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 2 november 2015 oordeelde de Ondernemingskamer dat sprake was van wanbeleid bij Meavita. Deze beslissing is gebaseerd op overwegingen over zowel de (operationele) bedrijfsvoering als de governance van het Meavita-concern. De beschikking roept de vraag op of het oordeel dat sprake was van wanbeleid in alle opzichten terecht is.


Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

De jaarrekeningplicht van een ontbonden rechtspersoon – een nadere duiding (gevraagd)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden jaarrekeningplicht, liquidatieproces, vereffening, omstandigheden voor afwijking jaarrekeningplicht
Auteurs Mr. E.H. de Wit
SamenvattingAuteursinformatie

    In de literatuur is discussie over de vraag of de jaarrekeningverplichtingen van toepassing zijn voor rechtspersonen in liquidatie. In deze bijdrage bespreekt de auteur wat deze discussie feitelijk betekent voor de praktijk, en doet voorstellen tot een nadere invulling van en aanvulling op de geldende wettelijke regelingen.


Mr. E.H. de Wit
Mr. E.H. de Wit is werkzaam als Manager Corporate Legal bij PostNL te Den Haag.
Artikel

Gefaalde scheiding

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden enquêteprocedure, geschillenregeling, ontvlechting aandeelhouders, afgeleide schade
Auteurs Mr. T.A. Keijzer en C.C. de Kluiver
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 29 september 2015 wees het Hof Den Bosch arrest over afgeleide schade. In deze bijdrage gaan de auteurs in op de bredere casus. Eerst wordt de keuze voor de enquêteprocedure en de toepassing daarvan besproken. Vervolgens wordt het aspect van vennootschappelijke concurrentie behandeld, door vergelijking met het leerstuk van corporate opportunity. Tot slot komen het leerstuk van afgeleide schade en de daarvoor belangrijke vraag of een bestuurder de opzet heeft gehad om aandeelhouders te benadelen aan bod.


Mr. T.A. Keijzer
Mr. T.A. Keijzer is als onderzoeker verbonden aan de Sectie Ondernemingsrecht en Financieel recht van de Erasmus School of Law te Rotterdam.

C.C. de Kluiver
C.C. de Kluiver is masterstudent aan de Universiteit Utrecht en de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De doorslaggevende of beslissende stem van de OK-bestuurder

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden doorslaggevende stem, beslissende stem, enquêterecht, tijdelijk bestuurder, onmiddellijke voorziening
Auteurs Mr. T. Salemink
SamenvattingAuteursinformatie

    In enquêteprocedures benoemt de Ondernemingskamer bij wijze van onmiddellijke voorziening met enige regelmaat een tijdelijk bestuurder met een doorslaggevende of beslissende stem. Uit de rechtspraak is echter niet zonder meer duidelijk wat deze begrippen inhouden. Voor de rechtspraktijk is een duidelijk(er) onderscheid van belang.


Mr. T. Salemink
Mr. T. Salemink is advocaat bij Lemstra Van der Korst te Amsterdam en onderzoeker bij het Van der Heijden Instituut, Onderzoekscentrum Onderneming & Recht, van de Radboud Universiteit Nijmegen.

    Deze bijdrage gaat over de verschillen tussen de enquêteprocedure als verzoekschriftprocedure en het kort geding als dagvaardingsprocedure. In beide procedures kunnen voorlopige ordemaatregelen worden verkregen, maar er bestaan belangrijke verschillen. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld het belang dat in de procedure centraal staat alsmede de rol die belanghebbenden spelen.


Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij DVDW Advocaten te Den Haag, als universitair docent verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, research fellow bij het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) van de Universiteit Maastricht.
Artikel

Hoe vrij is de accountant als vrije beroepsbeoefenaar nog?

Een artikel over wijzigingen in wetgeving van toepassing op accountantsorganisaties

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden accountant, accountantsorganisatie, toezicht
Auteurs Mr. drs. E.V.A. Eijkelenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 juni 2016 treedt EU Verordening 537/2014 in werking en moet Richtlijn 2014/56/EU geïmplementeerd zijn in de Nederlandse wetgeving. Naast deze Europese regelgeving betreffende accountantsorganisaties en het accountantsberoep, worden ook aanvullende maatregelen op dit terrein in nationale wetgeving ingevoerd. In deze bijdrage staan de wijzigingen in wet- en regelgeving voor accountantsorganisaties centraal.


Mr. drs. E.V.A. Eijkelenboom
Mr. drs. E.V.A. Eijkelenboom is als promovendus verbonden aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Een praktijkvennootschap voor een advocaat: de nieuwe kleren van de keizer?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, beroepsaansprakelijkheid, Onrechtmatige daad, praktijkvennootschap
Auteurs Mr. B.I. Kraaipoel
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 18 september 2015 heeft de Hoge Raad een arrest gewezen over beroepsaansprakelijkheid van twee advocaten. Het artikel behandelt de vraag in hoeverre een beroepsbeoefenaar door zijn praktijkvennootschap wordt beschermd tegen persoonlijke aansprakelijkheid. Daarnaast wordt ingegaan op de vraag onder welke omstandigheden een werknemer aansprakelijk kan worden gehouden door de contractuele wederpartij van zijn werkgever.


Mr. B.I. Kraaipoel
Mr. B.I. Kraaipoel is advocaat bij RESOR te Amsterdam.
Artikel

Aansprakelijkheid voor het boedeltekort en de publicatieplicht: wat is te laat deponeren?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, artikel 2:248 BW, publicatietermijn, vereenvoudigde vaststelling, Uitvoeringswet richtlijn jaarrekening
Auteurs Mr. J.E.P.A. van Hooff
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor jaarrekeningen die zien op boekjaren die starten op of na 1 januari 2016 gaat de maximale publicatietermijn van dertien naar twaalf maanden. Deze maximale termijn is de enige relevante termijn in het kader van artikel 2:248 BW. Ook bij vereenvoudigde vaststelling van de jaarrekening op grond van artikel 2:210 lid 5 BW.


Mr. J.E.P.A. van Hooff
Mr. J.E.P.A. van Hooff is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Het informeren van crediteuren als verweer tegen Beklamel-aansprakelijkheid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, Beklamel-norm, onbehoorlijk bestuur, onrechtmatige daad, eigen schuld
Auteurs Mr. M. Mussche
SamenvattingAuteursinformatie

    De crediteur die ten tijde van het aangaan van een verbintenis met een vennootschap de financiële situatie van zijn contractuele wederpartij kende, kan de bestuurder van de vennootschap later niet succesvol aansprakelijk stellen wegens schending van de Beklamel-norm.


Mr. M. Mussche
Mr. M. Mussche is advocaat bij Höcker Advocaten te Amsterdam.
Toont 101 - 120 van 124 gevonden teksten
1 2 3 4 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.