Zoekresultaat: 135 artikelen

x
Jaar 2009 x
Artikel

Uitoefening van goederenrechtelijke zekerheidsrechten in de (bank)praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden zekerheidsrechten, bankpraktijk, goederenrechtelijke zekerheidsrechten
Auteurs Mr. R. van den Bosch en Prof. mr. drs. F.E.J. Beekhoven van den Boezem
SamenvattingAuteursinformatie

    In de kredietbehoefte van bedrijven en ondernemingen wordt voor het grootste deel voorzien door professionele financiers, in de regel (groot)banken. Tot zekerheid voor de nakoming van de verplichtingen van de kredietnemers is een substantieel deel van de leningen afgedekt door goederenrechtelijke zekerheidsrechten. Binnen de financiële praktijk heeft zich echter een aantal varianten ontwikkeld waarbij de in zekerheid gegeven goederen op een alternatieve wijze te gelde worden gemaakt. Een aantal rechterlijke uitspraken van de laatste jaren legt de mogelijkheden om efficiënt en vrijelijk te manoeuvreren aan banden. Aan de hand van deze uitspraken zal voor de verschillende goederenrechtelijke zekerheidsrechten de problematiek worden belicht. Daarbij worden valkuilen aangegeven en oplossingsrichtingen geschetst.


Mr. R. van den Bosch
Mr. R. van den Bosch is bedrijfsjurist bij ING.

Prof. mr. drs. F.E.J. Beekhoven van den Boezem
Prof. mr. drs. Beekhoven van den Boezem is bedrijfsjurist bij ING.

Dr. A.A.M. Schrauwen
Dr. A.A.M. Schrauwen is UHD aan de leerstoelgroep Europees recht Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Van Maatwerk, Standaard, CVOM en de kantonrechter in jeugdstrafzaken

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2009
Trefwoorden jeugdstrafrecht, kantonrechter
Auteurs Ad de Beer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de afdoening van jeugdzaken door de kantonrechter beschreven. De auteur, zelf officier van justitie, geeft een aantal voorbeelden van jeugdigen uit zijn praktijk, die geregeld overtredingen plegen. Daaruit blijkt dat bij de afdoening van die zaken verschillende beginselen onder druk staan, zoals het draagkrachtbeginsel en het concentratiebeginsel, terwijl de jeugdige, anders dan bij de berechting van misdrijven, ook het recht op rechtsbijstand ontbeert en geen verschijningsplicht heeft. De kantonrechter wordt niet geïnformeerd over de bekeuringen die via andere wegen bij de jeugdige binnenkomen (bv via de WAHV als hij onverzekerd op een scooter rijdt) en die zich vaak opstapelen. Of hij er bij de straf rekening mee kan houden of niet, berust dan ook vaak louter op toeval.


Ad de Beer
Mr. Ad de Beer is jeugdofficier van justitie te Rotterdam en redacteur van PROCES.
Artikel

Ziekenhuisfusies en publieke belangen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden ziekenhuisfusies, zorgfusies, algemeen belang in de zorg, bevoegdheden NMa, steunverlening ziekenhuizen
Auteurs Prof. dr. M.F.M. Canoy en Prof. mr. W. Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    Zorgfusies zijn een onderwerp van aanhoudend politiek debat. In het bijzonder ziekenhuisfusies houden de gemoederen bezig. Deze bijdrage bespreekt het bijzondere karakter van de ziekenhuismarkt. We betogen dat de liberalisering, de methodologie van marktafbakening, de beperkte schaalvoordelen en de publieke belangen in de zorg maken dat fusies moeilijk beoordeelbaar zijn. Daarbij gaan we in op het spanningsveld tussen de adviserende zorgtoezichthouders NZa en IGZ en de verantwoordelijke algemene mededingingstoezichthouder NMa. Ook analyseren we mogelijke oplossingsrichtingen, in het bijzonder de borging van publieke belangen middels de diensten van algemeen economisch belang, en een aanvullende zorgtoets gebaseerd op het “DNB model” uit de financiële sector.


Prof. dr. M.F.M. Canoy
Prof. dr. M.F.M. Canoy is als buitengewoon hoogleraar verbonden aan TILEC (Universiteit van Tilburg) en is werkzaam als chief economist bij ECORYS.

Prof. mr. W. Sauter
Prof. mr. W. Sauter buitengewoon hoogleraar verbonden aan TILEC (Universiteit van Tilburg) en is expert bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).
Artikel

Fusies van ziekenhuizen

Het beoordelingskader van de NMa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden fusies, ziekenhuiszorg, NMa, concentratiecontrole, marktafbakening
Auteurs Prof. dr. M.C.W. Janssen, Drs. K. Schep en Prof. dr. J. van Sinderen
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bevat een overzicht van de NMa-besluiten met betrekking tot fusies tussen ziekenhuizen. Het plaatst de besluiten en de commentaren daarop in perspectief van de ontwikkeling van het denken binnen de NMa. Het artikel besteedt aandacht aan wat wel en niet mogelijk is binnen het toetsingskader van de Mededingingswet. Alleen dan wanneer er sprake is van marktmacht op de relevante markt kan de NMa aspecten van kwaliteit van de zorg en efficiency voordelen mee laten wegen. In haar besluiten houdt de NMa sterk rekening met het feit dat marktwerking in de zorgmarkt nog in een pril stadium verkeert.


Prof. dr. M.C.W. Janssen
Prof. dr. M.C.W. Janssen is raadsadviseur van de NMa ten behoeve van de zorgsector, Competition Economists Group (CEG-Europe) en hoogleraar Ersamus Universiteit Rotterdam.

Drs. K. Schep
Drs. K. Schep is senior medewerker bij de NMa, cluster zorg.

Prof. dr. J. van Sinderen
Prof. dr. J. van Sinderen is Chief Economist, NMa en hoogleraar Economische Politiek, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De beoordeling van samenwerkingsvormen in de zorg onder artikel 6 Mw

Ketenzorg is geen kartel

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden VWS, ketenzorg, samenwerkingsvormen, mededinging, zorg, art. 6 Mw
Auteurs Mr. drs. B.M.M. Reuder, Dr. G. Tezel en mr. I.W. VerLoren van Themaat
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Ministerie van VWS staat in de zorg zowel meer concurrentie, als meer samenwerking voor, waaronder samenwerking in de vorm van ketenzorg. Dat lijkt op het eerste gezicht paradoxaal. Marktwerking wordt immers vaak geassocieerd met de plicht voor partijen zelfstandig strategische keuzes te maken, terwijl ketenzorg juist vergaande afstemming verlangt. Dit artikel laat zien dat het mededingingsrecht niet in de weg staat aan realisatie van beide beleidsdoelen. Het mededingingsrecht biedt voldoende ruimte voor samenwerkingen die bijdragen aan de zorgdoelen kwaliteit, betaalbaarheid en bereikbaarheid, doch verbiedt afspraken die de marktwerking verder beperken dan noodzakelijk is voor de realisatie van deze doelstellingen.


Mr. drs. B.M.M. Reuder
Mr. drs. B.M.M. Reuder is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

Dr. G. Tezel
Dr. G. Tezel is principal manager bij PricewaterhouseCoopers Advisory.

mr. I.W. VerLoren van Themaat
Mr. I.W. VerLoren van Themaat is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Marktafbakening en marktmacht in de zorgsector

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden marktafbakening, marktmacht, fusiesimulatie, ziekenhuiszorg
Auteurs Dr. R.S. Halbersma, Drs. W. Kerstholt en Dr. M.C. Mikkers
SamenvattingAuteursinformatie

    Marktmacht wordt doorgaans indirect vastgesteld door afbakening van de relevante markt, bijvoorbeeld met de Elzinga Hogarty-test. Een alternatief is het direct modelleren van marktgedragingen, bijvoorbeeld met de LOCI- en de Option Demand-methoden. Wij hebben deze drie methoden geïmplementeerd op Nederlandse ziekenhuisgegevens. Uit onze resultaten blijkt dat veel Nederlandse ziekenhuismarkten sterk geconcentreerd zijn. De geografische omvang van een Elzinga Hogarty-markt leidt tot een optimistische inschatting van de marktconcentratie ten opzichte van alternatieve methoden. Daarnaast blijken de LOCI- en Option Demand-methoden tot sterk overeenkomstige patronen te leiden. Deze robuuste conclusies zijn in overeenstemming met de internationale literatuur.


Dr. R.S. Halbersma
Dr. R.S. Halbersma is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit en is als Extramural Fellow verbonden aan TILEC van de universiteit van Tilburg.

Drs. W. Kerstholt
Drs. W. Kerstholt is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit.

Dr. M.C. Mikkers
Dr. M.C. Mikkers is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit en is als Extramural Fellow verbonden aan TILEC van de universiteit van Tilburg

Mr. H.J. van Harten
Mr. H.J. van Harten is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit van Amsterdam.

mr. M. Maassen
Mr. M. Maassen is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Insolventieprocesrecht (deel I)

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden schuldsaneringsregeling, voorontwerp Insolventiewet, WSNP-zaken
Auteurs Mevrouw mr. M.J. van der Aa
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek beslaat de periode van 1 januari 2007 tot en met 1 januari 2008 (deel 1). In TCR 2009, nr. 2 of 3 wordt de periode daarna behandeld. Ik besteed aandacht aan het voorontwerp voor een Insolventiewet, de wijziging van de Faillissementswet inzake de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen en de vernieuwde Richtlijnen van Recofa voor schuldsaneringsregelingen. Daarnaast komen de in voormelde periode gepubliceerde uitspraken van (voornamelijk) de Hoge Raad op het gebied van het insolventieprocesrecht aan de orde. Ook besteed ik aandacht aan het feit dat er met name tientallen WSNP-zaken (Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen) eindigen met een art. 81 Wet RO-beslissing (Wet op de rechterlijke organisatie).


Mevrouw mr. M.J. van der Aa
Mr. M.J. van der Aa is universitair docent privaatrecht aan de RUG.
Artikel

Een stap terug in de ontwikkeling van ons derdenbeslag

Tien vragen naar aanleiding van HR 29 oktober 2004, NJ 2006, 203 (Van den Bergh/Van der Walle en ABN Amro) en het hernieuwde perspectief van HR 11 maart 2005, NJ 2006, 362 (Rabobank/Stormpolder)

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden derdenbeslag, kredietruimte, wilsrechten, beslagene, recht tot afroep
Auteurs Mr. D.J. van der Kwaak
SamenvattingAuteursinformatie

    In HR 29 oktober 2004, NJ 2006, 203 is beslist dat een beslag op kredietruimte niet mogelijk is. De motivering van het arrest roept veel vragen op waarvan een aantal onderbelicht is gebleven. Tien daarvan komen aan de orde. Dit was niet nodig geweest: de Hoge Raad had de motivering kort en strak kunnen houden. Nu kunnen de aan het arrest klevende gebreken ingrijpende gevolgen hebben voor de ontwikkeling van het derdenbeslag. In dit verband moet echter worden gewezen op HR 11 maart 2005, NJ 2006, 362.


Mr. D.J. van der Kwaak
Mr. D.J. van der Kwaak is raadsheer in het Gerechtshof Amsterdam
Jurisprudentie

Algemene beginselen

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden procesbeginselen, toegang, hoor en wederhoor, redelijke termijn, grenzen van de rechtsstrijd
Auteurs Mevrouw mr. L.M. Coenraad
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt ingegaan op recente ontwikkelingen rond de algemene beginselen van procesrecht. Daarbij komen – in het licht van de beginselen van toegang tot de rechter, hoor en wederhoor, redelijke termijn en partijautonomie/lijdelijkheid van de rechter – onder meer de volgende onderwerpen aan de orde: het te laat indienen van stukken, de rolverdeling tussen deskundige, rechter en partijen in het (voorlopige) deskundigenonderzoek, het regime voor nieuwe grieven en feiten in alimentatiezaken, de mate van vrijheid voor de rechter bij de schadebegroting en het sinds kort verplichte ouderschapsplan in de scheidingsprocedure.


Mevrouw mr. L.M. Coenraad
Mr. L.M. Coenraad is universitair hoofddocent privaatrecht aan de VU.
Jurisprudentie

Beslag- en executierecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden executierecht, beslagrecht, aansprakelijkheid beslaglegger, vernietiging opheffingsvonnis, dwangsommen
Auteurs Mr. D.M. de Knijff
SamenvattingAuteursinformatie

    In de kroniek die ziet op 2008 wordt aan de hand van een selectie van uitspraken een overzicht gegeven van de actualiteit van het beslag- en executierecht. Aan de orde komen arresten van de Hoge Raad over de aansprakelijkheid van de beslaglegger en over de gevolgen van de vernietiging van een opheffingsvonnis. Ook wordt aandacht besteed aan een arrest over misbruik van recht bij het opeisen van verbeurde dwangsommen. Verder komen uitspraken van feitenrechters aan de orde over uiteenlopende onderwerpen verband houdend met het conservatoir beslag (eis in de hoofdzaak, blokkerende werking) en executie (inschrijving rechtsmiddelenregister, schorsing).


Mr. D.M. de Knijff
Mr. D.M. de Knijff is advocaat bij Ekelmans & Meijer te ’s-Gravenhage.
Artikel

Vormerkung en een daarna gelegd beslag op een registergoed

HR 6 februari 2009, LJN BG5850 (ABN AMRO/Notaris X)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Vormerkung, beschikkingonbevoegdheid, beslag, registergoed
Auteurs Mr. C.G. Breedveld-de Voogd
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft zich in dit arrest voor de eerste keer uitgelaten over de rechtsgevolgen van de Vormerkung. Deze nieuwe rechtsfiguur leidt niet tot beschikkingsonbevoegdheid van de verkoper. De schuldeiser van de verkoper die na de Vormerkung beslag heeft gelegd op het registergoed, heeft nadat dit goed is geleverd aan de koper, geen aanspraak op uitbetaling door de notaris van een deel van het restant van de koopsom.


Mr. C.G. Breedveld-de Voogd
Mr. C.G. Breedveld-de Voogd is universitair docent notariële vakken aan de Universiteit Leiden.

    Renée Kool reageert op het artikel De komende emancipatie van het slachtoffer van Jan van Dijk.


Renée Kool
Renée Kool is als universitair hoofddocent strafrecht en strafprocesrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut te Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.

    Jan van Dijk reageert op de discussie naar aanleiding van zijn artikel De komende emancipatie van het slachtoffer.


Jan van Dijk
Jan van Dijk is als hoogleraar victimologie verbonden aan INTERVICT, Universiteit van Tilburg.

    Lode Walgrave reageert op het artikel De komende emancipatie van het slachtoffer van Jan van Dijk.


Lode Walgrave
Lode Walgrave is emeritus hoogleraar (jeugd)criminologie van de Katholieke Universiteit Leuven en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Veilig melden van incidenten in de gezondheidszorg: voorbeelden van (buitenlandse) wetgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2009
Trefwoorden patiëntenveiligheid, incidentenmelding, bescherming melder, blame free reporting
Auteurs Prof. mr. Johan Legemaate en Mr. Robinetta de Roode
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Dutch health care the importance of reporting adverse events is increasingly recognized. Reporting adverse events is seen as a valuable instrument to assess and improve the quality and safety of patient care. It is widely acknowledged that health care practitioners (physicians, nurses) should be able to report adverse events blame free, to prevent that information reported to improve the quality and safety of care is used for other purposes (e.g. to punish the reporter of other persons involved). Several parties have proposed to enact legislation to protect health care practitioners who report adverse events. In other sectors of the Dutch society, as well as in other countries, such legislation already exists. This legislation may serve as an example for legislative action in the area of Dutch health care.


Prof. mr. Johan Legemaate
Johan Legemaate is juridisch adviseur van de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) en bijzonder hoogleraar gezondheidsrecht aan de Vrije Universiteit. E-mail: j.legemaate@fed.knmg.nl

Mr. Robinetta de Roode
Robinetta de Roode is beleidsmedewerker bij de KNMG.
Praktijk

Kroniek concentratiecontrole 2008

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2009
Auteurs Mr. Maarten de Jong en Mr. Luke Haasbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    Ondanks de financiële crisis is het aantal concentratiemeldingen in 2008 niet afgenomen. De NMa heeft een vergelijkbaar aantal zaken behandeld als in voorgaande jaren. Deze hebben geleid tot een aantal interessante besluiten. In de zaak Telefoongids/Gouden Gids heeft de NMa voor het eerst een effectanalyse toegepast zonder de relevante markt af te bakenen. De NMa maakt een uitvoerige analyse van de te verwachten gevolgen van de fusie zonder in te gaan op de marktaandelen van de partijen. In de zaken Evean/Philadelphia/Woonzorg en KPN/Reggefiber leidden verticale effecten tot mededingingsrechtelijke bezwaren, waarvoor remedies nodig waren. De NMa gaat daarbij voor het eerst uitgebreid in op de Richtsnoeren niet-horizontale fusies van de Commissie. Bovendien heeft de NMa voor het eerst onder het nieuwe boeteregime boetes opgelegd voor het niet melden van een concentratie.


Mr. Maarten de Jong
Maarten de Jong is advocaat in Amsterdam.

Mr. Luke Haasbeek
Luke Haasbeek is advocaat in Amsterdam.
Artikel

Verplichtingen binden aan registergoederen

De kwalitatieve verplichting als precisie-instrument

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2009
Trefwoorden kwalitatieve verplichting, registergoederen
Auteurs Prof. mr. N.C. van Oostrom-Streep
SamenvattingAuteursinformatie

    Van Oostrom zet de waarde van de kwalitatieve verplichting voor de contractenrechtpraktijk uiteen. Van Oostrom meent dat de kwalitatieve verplichting – een overeenkomst-met-zakelijke-werking – voortreffelijk dienst kan doen als het gaat om de wens om met zakelijke werking verplichtingen te verbinden aan registergoederen: enerzijds is er de flexibiliteit van het contract als het gaat om de mate van binding, anderzijds de kracht van de binding wanneer deze eenmaal is overeen gekomen.


Prof. mr. N.C. van Oostrom-Streep
Prof. mr. N.C. van Oostrom-Streep is hoogleraar notarieel recht aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht, Raadsheer-Plaatsvervanger bij het Gerechtshof Arnhem en adviseur van een notariskantoor (nora.van.oostrom@vdstap.com).
Artikel

De best price rule

Interpretaties van de AFM, de SEC en het Takeover Panel

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2009
Trefwoorden AFM, SEC, Security Exchange Act, City Code, Takeover Panel, ruling
Auteurs Mr. G.R.G. Driessen en J.W. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de interpretatie van de AFM van 17 oktober 2008 over de best price rule, zoals neergelegd in de artikelen 19 Bob en 5:79 Wft. Auteurs zetten vraagtekens bij de aansluiting van die interpretatie met de economische realiteit. Daarnaast gaan zij in op het ontbreken van een formele juridische status van interpretaties van de AFM en stellen zij voor om ‘interpretaties’ te gebruiken als uitgangspunt bij de consultatieprocedure van een reguliere beleidsregel. Dit zou moeten uitmonden in kwalitatief betere en afdwingbare regelgeving.Tevens bevat het artikel een rechtsvergelijkende analyse van de toepassing van de best price rule in de VS en het Verenigd Koninkrijk. Verder wordt in de rechtsvergelijkende analyse de status en het gebruik van ‘interpretaties’ door de toezichthouders op de financiële markten in de VS en het Verenigd Koninkrijk behandeld.


Mr. G.R.G. Driessen
Mr. G.R.G. Driessen is als advocaat werkzaam bij Houthoff Buruma N.V. te Amsterdam.

J.W. de Jong
Mr. J.W. de Jong is als advocaat werkzaam bij Houthoff Buruma N.V. te Amsterdam.
Toont 101 - 120 van 135 gevonden teksten
1 2 3 4 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.