Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 773 artikelen

x
Artikel

Zorgbehoefte als schade

Civiele aansprakelijkheid voor zorgschade in relatie tot het publieke zorgaanbod

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2018
Auteurs Mr. M. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. M. de Groot
Mr. M. (Melissa) de Groot is als wetenschappelijk docent verbonden aan de sectie Burgerlijk recht (Erasmus School of Law). Zij dankt prof. mr. S.D. Lindenbergh voor waardevolle suggesties bij eerdere versies.

Prof. dr. Joke Harte
Prof. dr. Joke Harte is hoogleraar bij de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit en lid van de redactie van PROCES.
Artikel

Access_open Neurowetenschappelijke kennis en de jeugdstrafrechtsketen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Neurowetenschappen, jeugdstrafrechtketen, interventie, meetmethoden
Auteurs Liza Cornet MSc en Dr. Katy de Kogel
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2017, the Research and Documentation Centre of the Ministry of Justice & Security (WODC) published the report ‘Neuroscientific application in the juvenile criminal justice system’. This report concerns an inventory of possible neuroscientific applications in the juvenile criminal justice system. The release of the report attracted attention from well-recognized national media. The positive media attention was striking for several reasons. It indicated that –in contrast to a few decades ago – it has become more accepted to study neurobiological correlates of antisocial behavior. On the other hand, the overwhelming news value indicated that the idea that antisocial behavior is also associated with neurobiological deficts has not become common knowledge yet. Based on the WODC report, in the current article the authors summarize how neuroscientific knowledge and methods could be applied in the juvenile criminal justice system.


Liza Cornet MSc
L.J.M. Cornet MSc is postdoc onderzoeker aan de Universiteit Twente. Zij was ten tijde van het schrijven van dit artikel nog werkzaam als onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum, ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Katy de Kogel
Dr. C.H. de Kogel is senior wetenschappelijk medewerker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum, ministerie van Justitie en Veiligheid.
Mededinging

Gasorba: ‘stating the obvious’ over parallelle handhaving

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden mededinging, Verordening (EG) nr. 1/2003, toezeggingsbesluit, kartelschadeclaims
Auteurs Mr. B. Nijhof
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie oordeelt dat een toezeggingsbesluit ex artikel 9 lid 1 van Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Europese Commissie in beginsel niet in de weg staat aan handhaving van Europees mededingingsrecht door nationale rechters en mededingingsautoriteiten ten aanzien van dezelfde feiten waar een toezegginsbesluit op ziet.
    HvJ 23 november 2017, zaak C-547/16, Gasorba SL e.a./Repsol Comercial de Productos Petrolíferos SA, ECLI:EU:C:2017:891


Mr. B. Nijhof
Mr. B. (Bram) Nijhof is advocaat bij Taylor Wessing te Eindhoven.
Artikel

State-corporate crime en niet-democratische regimes: betrokkenheid van bedrijven in internationale misdrijven

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2018
Trefwoorden state-corporate crime, international crimes, state crime, business and human rights
Auteurs Annika van Baar MA MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Most state-corporate crime research is focused on crime or harmful outcomes in or by democratic states. The goal of this article is to investigate the applicability of this concept to relations between economic actors and non-democratic state actors. The concept of state-corporate crime is applied to three contexts in which corporations have become involved in international crimes such as genocide, war crimes and crimes against humanity. Each representing a turning point in the academic and public perception of ‘business and human rights’, the contexts that are analysed are Nazi Germany (1993-1945), Apartheid South Africa (1948-1994) and the Democratic Republic of the Congo (DRC; 1996-now). It is concluded that in non-democratic states with totalitarian of authoritarian regimes (such as Nazi Germany and Apartheid South Africa), the concept of state-corporate crime is applicable and explanatory. In such strong states, economic and state actors make use of mutual benefits while, on the whole, state-interests prevail. As a result, the harmful outcome of the dynamics between corporations and states can best be described as corporate facilitated state crime. In weak states (such as the DRC) economic actors are generally more powerful while their involvement in international crimes also runs via non-state actors. The blurred lines between economic actors and state actors (and their interests) makes it difficult to apply the concept, in its different forms, to state-corporate cooperation in weak states and ‘new’ wars.


Annika van Baar MA MSc
Annika van Baar, MA MSc, is post-doc onderzoeker Resilient Societies – Resilient Rule of Law, Faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie, Universiteit Utrecht. E-mail: a.vanbaar@uu.nl.
Artikel

Mijn excuses! – Wat jongeren kunnen leren van het excuusgesprek in de Halt-afdoening

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Young offenders, Halt, extra-judicial intervention, efficacy of offering an apology, moral norms
Auteurs Wendy Buysse en Manja Abraham
SamenvattingAuteursinformatie

    The Halt-intervention is an extra-judicial intervention for young people who have committed a minor offense. This article zooms in on the results of a literature review concerning the efficacy of offering an apology, one of the core elements of the Halt-intervention. Offering an apology leads to more insight into the consequences of their behavior and it increases the sense of moral norms. Shame and guilt play a crucial role in this process. The effect of the excuse can be increased by good mediation between perpetrator and victim, good preparation of the conversation, and the drafting of a contract. These instructions can also be applied when offering an apology in other interventions.


Wendy Buysse
Wendy Buysse is senior-onderzoeker bij onderzoeks- en adviesbureau DSP-groep in Amsterdam.

Manja Abraham
Manja Abraham is senior-onderzoeker bij onderzoeks- en adviesbureau DSP-groep in Amsterdam.
Praktijk

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2017

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2018
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. te Zwolle en redacteur van dit tijdschrift.

Ekram Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. te Zwolle.
Casus

Na AkzoNobel: meer bescherming vereist voor beursvennootschappen?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden activistische aandeelhouder, overnamedreiging, beschermingsconstructies, enquêterecht, bescherming tegen overnames
Auteurs Dr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de uitspraak van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 29 mei 2017 inzake Elliott International L.P. c.s./AkzoNobel NV bespreekt de auteur in dit artikel de stand van zaken met betrekking tot de reikwijdte van de bevoegdheden en taken van de organen van een beursvennootschap in het kader van het perspectief van een mogelijke overname en soortgelijke situaties. Daarbij wordt ook ingegaan op de recente discussie of Nederlandse beursvennootschappen meer bescherming behoeven.


Dr. H. Koster
Dr. H. (Harold) Koster is universitair hoofddocent aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open De daling in jeugddelinquentie: minder risico, meer bescherming?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2018
Trefwoorden crime drop, juvenile delinquency, risk and protective factors, ecological model, self-reported delinquency
Auteurs Dr. André van der Laan, Dr. Josja Rokven, Dr. Gijs Weijters e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    According to police statistics, juvenile crime in the Netherlands decreased annually since 2007. Explanations for the crime drop primarily focused on single macro explanations, such as increasing prosperity, focused policing or decreasing alcohol use. The prevalence of self-reported delinquency also dropped in the period 2005 till 2015. In three consecutive cohorts of the Youth Delinquency Survey (YDS; 2005, 2010, 2015) changes in exposure to risk and protective factors offered potential explanations for the drop in juvenile delinquency. Compared to previous cohorts, juveniles in the 2015-cohort were less exposed to risk factors like alcohol use and delinquent friends, and more exposed to protective factors like perceived emotional support, solicitation and monitoring by parents. Amongst serious delinquents, however, the exposure to individual risk behavior and delinquent friends was stable over time. Serious delinquents also showed stability over the cohorts in frequency and seriousness of offenses. The vulnerability for risk and protective factors was consistent amongst the three cohorts, regardless the seriousness of delinquency. Changing social cultural attitudes towards risk behavior, e.g. delinquency, could be an additional explanation for the juvenile crime drop. Implications for theory and policy are discussed.


Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker en plaatsvervangend afdelingshoofd bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Josja Rokven
Dr. J. Rokven is onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Gijs Weijters
Dr. G. Weijters is senioronderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Marinus Beerthuizen
Dr. M.G.C.J. Beerthuizen is onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Een redelijke uitkomst als leidraad voor afbakening van de Peeters/Gatzen-vordering

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden insolventierecht, Peeters/Gatzen-vordering, schuldeisersbenadeling, Rosbeek-arrest, redelijkheidstoets
Auteurs Mr. P.J. Hooghoudt en Mr. D.C. van Sisseren-Roessingh
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken naar aanleiding van het recente Rosbeek-arrest enkele onduidelijkheden over de aard en reikwijdte van de Peeters/Gatzen-vordering en betogen dat een redelijkheidstoets wenselijk is als (deel)criterium of leidraad voor toekenning van instellingsbevoegdheid daarvan aan de curator.


Mr. P.J. Hooghoudt
Mr. P.J. Hooghoudt is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.

Mr. D.C. van Sisseren-Roessingh
Mr. D.C. van Sisseren-Roessingh is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.
Artikel

Naar een non-antropocentrische criminologie

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2018
Trefwoorden green criminology, non-anthropocentric criminology, environmental crime, speciesism, animal rights
Auteurs Dr. Daan van Uhm
SamenvattingAuteursinformatie

    Changing ecological conditions in a globalizing world pose new challenges for human societies. Global warming, large-scale pollution, deforestation and species extinction have increasingly become topics on the international agenda. Even though many of these harmful activities are criminogenic, criminology pays rather little attention to environmental crimes and harms.
    Therefore, this article discusses the anthropocentric perspective within criminology and argues that a non-anthropocentric criminology can lead to new theoretical insights.


Dr. Daan van Uhm
Dr. Daan van Uhm is als universitair docent verbonden aan de sectie criminologie van het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Artikel

Sla het brein niet in de boeien

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Detentie, Zelfregulatie, executieve functies, verarmde omgeving, Imprisonment, self-regulation, executive functions, impoverished environment
Auteurs Jesse Meijers, Prof. Joke M. Harte en Prof. Erik J.A. Scherder
SamenvattingAuteursinformatie

    Executive functions (EF) are higher order brain functions that are crucial for self-regulation, which may be negatively influenced by an impoverished environment. Since prison can be characterized as an impoverished environment, we studied whether EF and self-regulation decline during imprisonment. While EF are already often impaired in antisocial and criminal populations, we found a decline in attention and self-regulation after three months of imprisonment. We discuss the implications of our findings regarding recidivism and propose to aim for an improvement in executive functions during imprisonment, by enriching the prison environment.


Jesse Meijers
Jesse Meijers deed promotieonderzoek bij de afdeling Klinische Neuro- en Ontwikkelingspsychologie van de Vrije Universiteit en is thans werkzaam als neuropsycholoog in opleiding tot GZ-psycholoog in Justitieel Complex Zaanstad.

Prof. Joke M. Harte
Prof. Joke Harte is hoogleraar Criminologie bij de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit en lid van de redactie van PROCES.

Prof. Erik J.A. Scherder
Prof. Erik Scherder is hoogleraar Klinische neuropsychologie bij de afdeling Klinische Neuro- en Ontwikkelingspsychologie van de Vrije Universiteit.
Artikel

Psychische problemen tijdens detentie: een overzicht van kernresultaten uit het Prison Project

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2018
Trefwoorden mental health, prisoners, longitudinal, Geestelijke gezondheid, Gedetineerden, Longitudinaal
Auteurs Dr. A.J.E. Dirkzwager en Prof. dr. P. Nieuwbeerta
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution summarizes findings from the Prison Project on the longitudinal course of mental health problems during imprisonment. The findings illustrate that prisoners experience high levels of mental health problems. Shortly after their arrival in detention, a quarter of them experienced a high level of mental health problems, which is five times as high as men in the general population. Prisoners’ mental health problems decreased during imprisonment. Both characteristics of the correctional environment (e.g. a fair and respectful treatment by prison staff) and pre-existing characteristics of the prisoners (e.g. personality traits) are related to the course of mental health problems in detention.


Dr. A.J.E. Dirkzwager
Dr. Anja Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Prof. dr. P. Nieuwbeerta
Prof. dr. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Verstoorde veiligheidsbeleving

In gesprek met buurtbewoners over de ‘onveiligheid’ in hun buurt naar aanleiding van gestegen ‘gevoelens van onveiligheid’

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2017
Trefwoorden fear of crime, qualitative analysis, evidence based policy
Auteurs Remco Spithoven
SamenvattingAuteursinformatie

    The ‘fear of crime’ is a buzzword among citizens, media, politicians and professionals by now. But the phenomenon seems to be as intangible as it is important. The struggle of professionals with this concept is the result of a too wide and self-evident problem definition. This article contains an alternative approach. The focus is on disturbed fear of crime: a negatively changed and problematically experienced fear of crime on the level of the neighborhood.
    Through a review of the literature and previous research, we work towards this concept and apply it to the neighborhood of Kerckebosch in the municipality of Zeist in the Netherlands. As during 2014 the local quantitative indicators for ‘the fear of crime’ rose from 7% of the local population indicating to ‘sometimes feel unsafe’ to 22%, while the rest of the municipality remained quite stable. Additionally, several local professionals received complaints of multiple local inhabitants claiming to ‘feel unsafe’ in the neighborhood. Our research question was: What explanations for their ‘disturbed fear of crime’ do local inhabitants of the neighborhood Kerckebosch give?
    It was highly plausible that this local rise of the fear in Kerckebosch was connected to the social re-engineering of the neighborhood, but the exact nature of the quantitative rise was unclear. Therefore, we have interviewed 25 local inhabitants. Qualitative analyses showed the local rise of ‘the fear of crime’ to be the result of: (I) physical characteristics of the neighborhood; (II) events of burglary and intimidation from the past; (III) the presence of loitering youths and – primarily – (VI) a backlash of social integration as a side effect of the social re-engineering of the neighborhood. These qualitative explanations to the observed quantitative discontinuity led to several policy advises, which were based on international effect studies.


Remco Spithoven
Remco Spithoven is hoofddocent bij het Instituut voor Veiligheid en het lectoraat Kennisanalyse Sociale Veiligheid aan de Hogeschool Utrecht. Daarnaast is hij research-fellow bij de leerstoel Veiligheid en Veerkracht aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Het sociaal netwerk van een criminele jeugdgroep

Omvang, kern en sleutelfiguren

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2017
Trefwoorden criminal youth gang, social network analysis, key players (KPP-1), police records
Auteurs Gerard Wolters MSc, Matthijs Oosterhuis MSc en Dr. Jan Kornelis Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In this study the authors examined a criminal youth gang of 35 persons in the Netherlands, using social network analysis, to answer the following questions. To what extent is it possible by means of police records to estimate the size of the complete social network of this criminal youth gang? To what extent are members of this original group part of the core of the complete network? To what extent have members of the original group a central position in the complete network (key players) and are, as such, responsible for holding the complete network together? Information is derived from police records. Results show that the size of the total network of this criminal youth gang consists of 593 individuals with a core of around hundred persons. Seven persons were identified as key players, among which six persons belonged to the original group. The social network approach in this study provides police and justice important indications for a more tailored approach regarding individuals within criminal networks.


Gerard Wolters MSc
G. Wolters MSc is werkzaam als analist bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO) binnen de eenheid Noord-Nederland van de Nationale Politie.

Matthijs Oosterhuis MSc
Mr. M. Oosterhuis is als analist werkzaam bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO), eenheid Noord-Nederland, van de Nationale Politie en bij het 1 Civiel en Militaire Interactiecommando van de Koninklijke Landmacht.

Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als universitair hoofddocent aan de faculteit Gedrags- & Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Lichamelijke integriteit bij de ontwikkeling van de medische wetenschap: elementen uit de belangenafweging

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden belangenafweging, wetgeving, lichamelijke integriteit, wetenschappelijk onderzoek, lichaamsmateriaal
Auteurs Mr. E.B. Beenakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de belangenafweging onder de loep genomen die volgens de Nederlandse wetgever moet worden gemaakt om de integriteit van het lichaam te beperken en te beschermen bij de ontwikkeling van de medische wetenschap. Het toepasselijke juridisch kader bestaat uit het vereiste van toestemming van de betrokkene, het verbod op onevenredige financiële vergoeding, de medisch-ethische toetsing van onder meer de noodzakelijkheid en de bovengrens aan de belasting en risico’s. Naast een bespreking van deze vereisten wordt ingegaan op de klaarblijkelijke wens van de wetgever om aan te sluiten bij bestaand recht en om te kiezen voor een systeem met een sterk procedureel karakter in combinatie met open normen.


Mr. E.B. Beenakker
Mr. E.B. (Emile) Beenakker is wetgevingsjurist bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en buitenpromovendus bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Realisering van het recht op onaantastbaarheid van het lichaam door middel van wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Onaantastbaarheid van het menselijk lichaam, Recht op lichamelijke integriteit, Artikel 11 Grondwet
Auteurs Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het nut en de meerwaarde van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam onderzocht, alsmede de grondrechtelijke randvoorwaarden die van belang zijn bij de realisering van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam. Dit wordt onder meer in het licht geplaatst van de rechtspraktijk en huidige en toekomstige dilemma’s en technologische ontwikkelingen. De meerwaarde van artikel 11 Grondwet wordt, met name ten opzichte van artikel 10 Grondwet (bescherming persoonlijke levenssfeer), wel als beperkt ingeschat omdat beide bepalingen ten aanzien van de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam juridisch dezelfde bescherming bieden. De vraag is echter of dat terecht is, nu artikel 11 Grondwet het menselijk lichaam expliciet als rechtsobject beschermt. Technologische ontwikkelingen, waarbij enerzijds het menselijk lichaam steeds meer maakbaar wordt en aan veranderingen kan worden onderworpen. Juist in die context heeft het recht op onaantastbaarheid van het menselijk lichaam betekenis en urgentie. Anderzijds roepen ook de steeds grotere medische mogelijkheden en de hoge kosten waarmee dat gepaard gaat vragen op. Het belang van de bescherming die artikel 11 Grondwet biedt, is daarmee juist in het huidige tijdsgewricht van belang.


Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. (Paul) van Sasse van Ysselt is waarnemend hoofd van de afdeling Constitutionele Zaken bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en verbonden aan de Afdeling staats- en bestuursrecht van de VU Amsterdam.
Toont 101 - 120 van 773 gevonden teksten
1 2 3 4 6 8 9 10 38 39
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.